Huis en haard aan elkaar geknoopt
Bijna iedere paar maanden is er wel weer een nieuwe aankondiging van een standaard om allerlei apparatuur aan elkaar te koppelen. Homebus zo, I2C, IDB zus, niet alleen alles thuis, maar liefst ook de spullen in de auto, op de boot en alles wat je aan mobiele electronica meedraagt via een helder systeem aan elkaar gekooppelld, het lijkt een droom. Hoe realistisch is het om te verwachten dat je met een interface of remote alles zou kunnen besturen en behersen?
Nu de meeste computers via Internet of een lokaal netwerk met elkaar kunnen communiceren is de uitdaging om nu ook de VCR, de televisie, audio en verdere apparatuur aan elkaar te koppelen. Iedere paar jaar proberen een aantal grote clubs samen tot een standaard te komen, onlangs kondigden Philips en HP weer eens aan, nu de oplossing in huis te hebben. Een paar maanden eerder op de CES in Las Vegas was het Microsoft met het zoveelste platform-voorstel, terwijl de intelligente bussen voor thuis (Homebus, I2B) of auto (IDB) ons al jaren om de oren vliegen. Voor wie het onderwerp domotica (zeg maar huisautomatisering) volgt, zijn dat echter de volgende dromen uit een reeks voornamelijk geflopte initiatieven. Het is een mooi perspectief, gebruiksvriendelijke bediening en koppeling van electrische en electronische apparatuur, de klanten staan in de rij zou je zeggen.
Jawel, maar dat verhaal vertelden Bill Gates en Kay Nishi al in het begin van de Jaren Tachtig, toen MSX (het lang vergeten Microsoft Extended Basic) ons leven zou verrijken. Er was toen een golf belangstelling, er zou een standaard komen (de HomeBus die uiteindelijk pas tien jaar later in de VS uit de verf kwam) en men zag in producten als X-10 (een signaal over het stroomnet dat echter niet zeer betrouwbaar werkt) de toekomst. In Nederland bouwde Chriet Titulaer het Huis van de Toekomst en ik had toen zelfs een internationale nieuwsbrief over Home Automation. Maar het kwam er allemaal niet van, de lampen die zouden reageren op spraakcommando's, de sprekende koelkasten, de electronische haard die als kinderoppasser of butler ons leven zou verrijken is er nog steeds niet. De integratie tussen gebruiks-apparatuur als audio/video en witgoed en de computer als centrale of distributed controller kwam niet uit de verf. Wel bleek dat de `gewone' apparatuur steeds complexer werd en moeilijker te gebruiken, de meeste VCR's, MD-spelers, DVD-spelers, maar ook radio's, telefoons en wasmachines hebben dankzij de microchip zoveel functies, dat die door de gewone gebruiker nooit begrepen worden. De stapel remote's neemt toe, het gebruik van al die functies neemt eerder af dan toe. Het is als met een faxfunctie op je PC, als je er werkelijk mee gaat werken koop je al snel een gewone fax, dat werkt tenminste.
Het is wel leuk om na te gaan hoe in de loop der jaren ook en vooral mensen als Bill Gates maar bleven hameren op gebruiksvriendelijkheid, maar met name Microsoft maakte z'n software steeds complexer, steeds minder gebruiksvriendelijk en qua hardware veeleisender. Ook wel begrijpelijk, zonder nieuwe eisen aan hardware en software zou de klant wel eens kunnen beseffen, dat Wordstar een heel praktische tekstbewerker was. En wie gebruikt er nog een spreadsheet of een database, dat soort dingen is nuttig voor bepaalde administratieve taken, maar ik persoonlijk heb sinds 1-2-3 nooit meer zo'n ding opgestart. Toen geloofde ik, als velen, dat m'n leven aan kwaliteit zou inboeten zonder die lotusbloem, nu weet ik beter.
Toch is duidelijk, dat de vrees voor verzadiging (Saturation) de makers van hardware en software dwingt verder te kijken en integratie en home-automation worden dan weer van stal gehaald.
Daarbij zijn in het algemeen twee stromingen te herkennen, namelijk voor en tegen Microsoft. Je bent voor of tegen Bill, afhankelijk van het geloof in eigen kunnen of de hoop dat er nog wel en gaatje open zal blijven onder de MS-paraplu. Dat is gebeurd met de hele Internet-golf, met de nu al bijna vergeten NC-commotie uit de Oracle/Sun hoek en met Linux en de set-top strijd. Niet het belang van de consument of de beste technologie, maar strategische posities zijn blijkbaar het belangrijkste.
Microsofts warrige integratieslag
Software-reus Microsoft, dat zoals gezegd al lang geleden bezig was met het concept om computers als centrale `controller' voor allerlei huishuidelijke en beheerstaken te gebruiken, kan zich niet permitteren om de grip op die ontwikkeling te verliezen. Want stel dat de keuken-computer niet alleen de timing van de microwave, maar ook andere taken gaat vervullen en daarmee op het terrein van de min of meer administratieve computer komt, waar blijft Microsoft dan. Op home-automation gebied was Microsoft nooit toonaangevend, maar probeert via inhaalslagen als Windows CE wel te voorkomen dat bijvoorbeeld de meeneemcomputertjes of de settop-boxen een bedreiging zouden kunnen vormen voor de Wintel-machtsbasis.
Dus zien we dat Microsoft zich aan het inkopen is in de wereld van de kabeltelevisie, de `extended TV' is namelijk een potentieel sterke basis voor b.v. e-commerce. Waarom een PC met modem gebruiken om Internet-toegang te krijgen, als het ook met een in de TV ingebouwde decoder-box kan? Dus wil Microsoft graag dat zo'n decoderbox wel met haar software (een of ander CE-derivaat) werkt en om dat te bereiken is een belang in de kabelindustrie nodig.
Communicatie en beheer
Er zijn twee belangrijke kanten aan het verder uitbouwen van ge_‹"ntegreerd beheer van apparatuur en toepassingen. Aan de ene kant is er de besturingssoftware van de apparatuur, die op elkaar afgestemd moet zijn (inclusief een begrijpelijke interface) en daar wil men Windows CE als basis pushen, maar daarnaast is ook de communicatie-infrastructuur van belang. Dat de TV kabel daarmee de communicatie met de buitenwereld net zo goed kan verzorgen als de telefoon is ondertussen duidelijk, maar hoe zorg je dat apparatuur onderling in bijvoorbeeld een huis met elkaar praat. Hardware en softwarematig zijn daar weer afspraken en protocols voor nodig. Aparte bekabeling is een optie, maar waarom niet het electriciteitsnet gebruiken (zoals X-10 doet) of werken met draadloze (radio of IR) verbindingen. Er wordt al jaren gewerkt aan standaards voor zo'n netwerk, het Amerikaanse CEMA heeft de home-bus, maar ook in de audio/video wereld zijn allerlei opties, met IEEE 1394 Firewire als een duidelijke kandidaat, terwijl bedrijven als Echelon zelfs een heel nieuw systeem hebben ontwikeld met distributed controls en een apart lokaal netwerk (LON).
Hier zien we een soort strijd tussen de traditionele regel&meet firma's zoals Honeywell die al heel lang real time beheer doen en langzamerhand ook in heel veel apparatuur zijn doorgedrongen (de chips in koelkast, wasmachines, airco en automobiel zijn bepaald niet mis) en de consumentenclubs als Sony en Philips. Met natuurlijk de computerboys van de serieuze kant (HP) en de meelopers als Microsoft die het gevaar zien. Allemaal willen ze eigen standaarden, zogenaamd heel open maar vooral bedoeld om de eigen afzet te beschermen en concurrerende technieken buiten te houden. Want als de chip in de keuken-apparatuur net zo slim is als die in je PC, waarom dan geen spraakchipje erbij en de koelkast de e-commerce bestellingen laten doen?
IDB
Voor auto's, maar ook treinen, vliegtuigen en wat al niet is er door de Society of Automotive Engineers (SAE) een nieuwe standaard ontwikkeld. Die IDB, ontwikkeld door Allan Kirson, geeft aan op welk niveau de onderhouds en besturingsfuncties van de auto maar ook van een ander voertuig (boot, vliegtuig, caravan) met elkaar verweven kunnen worden. Een initiatief waar ook de consumer electronics industrie naar kijkt, want CD-spelers, radio's, TV's voor de achterbank, navigatiesystemen en mobiele (tele)-communicatie passen ook in dat concept. En als je een auto op die manier aan de praat krijgt is de stap naar het huis niet zo groot. IDB is een peer-to-peer netwerk, de devices (onderdelen) wisselen informatie en data uit. Als voorbeeld zou de binnekomende data van een pager (zoals het telefoonnumer van de beller) via het geluidssyteem van de auto als gesproken nummer hoorbaar gemaakt kunnen worden en dan via een koppeling met de mobiele telefoon met een voice-commando kunnen leiden tot het bellen van het nummer, met niet meer dan een bevestigende grom van de bestuurder.
L.S.