Onbetrouwbare cijfers
Te vaak moeten we in deze kolommen vraagtekens plaatsen bij dit of
dat onderzoek of marktanalyse. Vooral enquetes naar Internet-gebruik
zijn apert onbetrouwbaar, zo<->iets als dat 50% van de burgers toegang
heeft tot Internet is absoluut ongeloofwaardig, zeker in steden als
Amsterdam met veel bijstandsarmoede en minderheden. Maar ja, een paar
PC's in de recreatiezaal en je pakt weer een paar honderd bejaarden
mee in de statistiek, net zoals je iedereen die langs de (tanende,
nu al fl 3,- per uur) Easyeverything loopt ook wel kunt meetellen. Telefonische
enquetes kun je wel direct afschrijven, want de interessantste doelgroep
(de upward mobielen) hebben geen vast nummer meer en wie heeft er
een gids met mobiele nummers? Ook allochtonen, tweeverdieners en mensen
die hun brood verdienen doen niet mee, zo'n onderzoek bekijkt in werkelijkheid
waarschijnlijk vooral deeltijd-ambtenaren aan, die toch de hele dag
zitten te porno-surfen. Is er een garantie-keurmerk voor onderzoeksbureau's
en verliezen ze dat als ze er een paar keer falikant naastzitten?
De Hond zat er altijd naast en toch zit ie op een hoop centjes newConnomy?
Meestal is men te positief, waait men met de heersende wind mee en
komt het allemaal alleen uit als men er in gaat geloven. In de tachtiger
jaren was er het bedrijf Future Computing, dat een hele industrie
(de games en home-PC golf van die tijd) de mist in voorspelde. Allang
vergeten, maar Portia Isaacson veroorzaakte toen net zo'n hype als
we rond de dot.coms zien. Of het nu uit de hoek van de klassieke market-research
clubs als Dataquest of IDC komt of dat de regering weer eens een of
ander rapport laat maken om aan te tonen hoe goed ze het wel doen
(of juist niet als men weer meer geld ergens in steekt), maar te vaak
twijfelen we aan de cijfers. Je voelt dat het niet klopt, Nu is statistiek
de kunst van de presentatie, je kunt in ieder onderzoek de resultaten
wel zo opstellen dat er uit komt wat je wilt, maar eigenlijk is het
schandalig. Omdat er vaak op basis van die cijfers (of een discutabele
keuze daaruit) verstrekkende beslissingen worden genomen, met gevolgen
voor bijvoorbeeld werknemers in een bedrijf of een hele industrietak.
Om over ethiek nog maar niet te praten, Nederland gaat volop in de
genen-manipulatie omdat we anders achterlopen in vergelijking met
de internationale concurrentie. Dat hoorden we ook bij de privatisering
van de PTT (nu als de verliesgevende en armlastige KPN min of meer
in de uitverkoop), de introductie van het achteraf onnodige ISDN,
de privatisering of afsplitsing van IT-afdelingen (Origin is eindelijk
weg!) en de reeksen stimulerings-initiatieven van de overheid. Baan-brekend
zijn we er niet van geworden, eigenlijk heeft Nederland een massale
uitverkoop gezien van "eigen" bedrijven, Fokker, PTI, Hoogovens, de
kabelaars, de electriciteitsbedrijven etc. etc. en bestaan KPN, Getronics,
KLM volgend jaar nog wel?
Misschien is het wat flauw om de teloorgang van het Nederlandse zelfstandige
bedrijf terug te voeren op onnauwkeurige, tendentieuze of zelfs manipulatieve
marktinformatie, maar helaas zit daar wel vaak de angel. Je kunt het
zelden hard maken, pas als zoiets als Sport7 een falikante misser
wordt of zoals nu wanneer Intel's cijfers ingaan tegen wat door de
market-reserachers werd beweerd, maar het heeft vaak tragische gevolgen.
Als de Telco's dachten dat de mobiele UMTS-markt tot in de hemel groeide
en ze daar hun voortbestaan mee riskeren moet dat toch ergens op gebaseerd
zijn. Als UPC dacht dat ze voor Chello per abonnee tienduizenden dollars
konden vangen bij een beursgang, wie maakte ze dat dan wijs. Wie verzuimde
om gewoon aan Amsterdamse buren en vrienden te vragen of ze dachten
of ze over vijf jaar de helft van hun inkomen via een Chello aansluiting
zouden besteden, die gelooft in sprookjes. De sprookjes van Nina,
Stelios (Easyeverything) en u, de dot-com gelovige.
Luc Sala