next -index- prev

Computex: gaan we toch home media centers doen?

USB, vormfactor en audio/video integratie belangrijkste trends.

De Computex in Taipeh, dit keer twee maanden uitgesteld vanwege SARS, is de plek waar je de nieuwste trends qua vormgeving en miniaturisatie kunt zien. Hier tonen en bouwen ze een groot deel van de elektronica, kasten en de periferie, die in Nederland, maar ook in de VS in de winkels staat. Natuurlijk op basis van wat men vanuit het Westen dicteert aan de brave OEM's in Taipeh, maar dus wel een plek om een overzicht te krijgen. Hier zie je vooral de kleine multimedia kastjes, de handzame 'SFF formfactor' voor de Media Center PC, hier wordt je vooral doodgegooid met de schattigste USB-hebbedingetjes, digitale camera's, leespennen of dat allemaal gecombineerd in een nog schattiger en zoetgekleurder borstzak-apparaatje. Klein, multifunctioneel en steeds meer hangend tussen computer en audio-video en (mobiele) telefonie.

Taipeh goes Media center. Na een toch wel zware tijd voor de computer-industrie gooit men het nu op de 'convergence', de redding moet komen van de PC in de huiskamer, al ziet het ding er anders uit en wordt een soort combine van audio/video/TV/Internet. Taiwan is niet de enige kracht achter deze aanpak, ook Sony heeft nieuwe Vaio's die meer op een TV lijken en Dell ziet handel in platte schermen die zowel TV als PC-beelden weergeven. Ook Microsoft springt op deze bandwagon. Najaar 2003 moet de doorbraak gaan betekenen voor de geïntegreerde elektronische 'haard'. Maar of dat lukt is nog niet zeker, de ontvangst in de markt en door het kanaal is voorlopig lauwwarm. De belangrijke vraag hier is of dit niet meer 'technology push'is dan 'market pull'. We komen daar nog op terug.

Op uitnodiging van MyStar (MSI) mocht ik met een aantal resellers en collega-journalisten een weekje rondsnuffelen in Taipeh. Leuk, maar vermoeiend, en passend in de pogingen om de markt weer een beetje op te peppen. Een bedrijf als MSI, dat vooral bekend staat als mainboard-leverancier en daarin wereldwijd 5e en in Taiwan 3e is, moet breder, dat is de duidelijke boodschap. Het leveren van motherboards aan OEM-klanten en assemblage-huizen raakte een tikje in het slop, men moest nieuwe producten en markten aanboren. Met video-kaarten, waarmee MISI goed scoort, maar ook met zogenaamde barebones, systemen zonder CPU en geheugen zoals de Mega-PC.
Diversificatie, na een periode van specialisatie, met veel meer produkten maar daadoor ook meer behoefte aan marketing. Dat betekent ook andere klanten dan de grote OEM-afnemers; vrijwel alle grote PC-brands doen zaken met MSI, zoals IBM waarvoor we de moederborden in grote zwarte dozen klaar zagen staan in de fabriek. Met een produkt als de Mega-PC, een small footprint model barebone met multimedia appeal, moet men het reseller kanaal in en dat vereist een andere distributie aanpak. In gesprekken met Iris Li, die de channel marketing in de VS en Europa doet, werd duidelijk dat men het aanbod duidelijk breder heeft gemaakt, ook met periferie en connectivity produkten, zoals de Home-Plug lijn voor thuisnetwerken via het stopcontact en bestaande electriciteitskabels en veel leuke USB-instekers. Maar daarin staat MSI niet alleen, vrijwel iedereen in Taiwan is nieuwe markten aan het zoeken, nieuwe producten aan het ontwikkelen, maar de nadruk blijft wel liggen op hardware. Alleen voor de Chinese markt en dan met name educatieve toepassingen zie je wat originele initiatieven of software-gebied.

Taipeh is 40% hi-tech
Je struikelt over de PC-shops, de opleidingen op ICT gebied en de fabrieken en fabriekjes in Taipeh. Alles is elektronica, met misschien hier en daar wat kunstnijverheid en keramiek, maar wie omhoog wil in Taiwan, zit in de ICT of CE. En dat was nu niet de beste branche de afgelopen jaren, men doet nu z'n best die trend te keren en (misschien iets te optimistisch) praat over een herstel eind dit jaar. Bij de opening van de Computex zei de president van Taiwan (kun je je Balkenende voorstellen die een ICT-beurs opent) dat de afgelopen maanden al een duidelijke sprong in de afzet te zien gaf. Misschien iets te veel PR-pep om zo'n beurs wat vaart te geven, maar in het algemeen was er toch wel een positieve sfeer, men is klaar voor een nieuwe groeigolf.
Taiwan is al lang een heel belangrijke kracht in de PC- en de electronica-wereld, ze hebben zich de afgelopen decennia door relatief lage lonen en goed ondernemerschap naar de top van de OEM-wereld weten te werken en dat merk je vooral op zo'n Computex. Er zijn een aantal merken die zich zelfstandig presenteren op de exportmarkten zoals Acer, ATI, Microtek, MSI, BenQ (vroeger een deel van Acer), Mitac, maar het overgrote deel van de aanbieders hier doet OEM, ze maken voor leveranciers in het westen de componenten of systemen. Op de Computex laten ze hun spullen zien, voor een deel gaat het om componenten die ze sneller, beter of goedkoper kunnen maken en aanbieden, voor een deel is het ook innovatie. Merkbekendheid is voor die kleinere bedrijfjes niet zo belangrijk, maar de grote merken die wat breder willen zetten de laatste tijd juist duidelijk in op die brand-awareness. BENQ is daarbij eigenlijk het bewijs, dat je in relatief korte tijd toch een goede naamsbekendheid kunt opbouwen, deze afsplitsing van Acer is in die zin snel gestegen.
De kleine bedrijfjes, die op de Computex staan met vaak hele kleine standjes hebben allemaal iets bijzonders, qua technologie of qua vormgeving en sex-appeal. Met iets nieuws maak je meer kans om aan de grote merken te kunnen leveren. En dan hebben we het wel over hardware, voor software hoef je niet naar de Computex. Het feit, dat Microsoft hier met een uitermate lullig standje staat en niet eens echt moeite doet om haar Home Media Center concept duidelijk over het voetlicht te brengen is tekenend voor de markt hier. Zelfs het feit, dat Microsoft nu eindelijk haar Office suite in het Chinees gaat uitbrengen, kon ik niet terugvinden op de Microsoft mini-stand, maar misschien miste ik de aankondiging in het Chinees. In de honderden PC-shopjes in de stad zie je wel relatief veel nieuwe games, voor zo'n 30 tot 40 dollar, maar zakelijke software is hier nog goeddeels illegaal. Men heeft wel geprobeerd een soort software-supermarkten op te zetten, maar dat mislukte falikant. En omdat 'legale' software hier dan ook nog twee keer zo duur is, bijvoorbeeld Adobe verdedigt dat door te wijzen op de dure support (die er niet is), komt dat niet echt van de grond.

ICT-geloof
Taiwan is nog een land waar de jeugd gelooft in de computer en ICT, men ziet het nog echt als de industrie van de toekomst en eerlijk gezegd is de werkgelegenheid voor de jeugd ook voornamelijk in de elektronica. Toerisme is er wel, maar de meeste bezoekers komen hier zakelijk en erg veel is er ook niet te zien, Taipeh is zoals veel steden in Azie druk aan het bouwen, men ontleent blijkbaar status aan hogere en grotere gebouwen en indrukwekkende architectonische grapjes, maar daar maak je een stad niet mooi mee. Maar er wordt hard gewerkt, de stad is brandschoon en alles is op de business gericht, iedere agent, en dat zijn er veel, weet dat je als buitenlander zakelijk belangrijk bent en behandelt je navenant.
Prettig, veel service en het enige bezwaar is dat iedereen zo vriendelijk is dat het je uren kost om bij de belangrijkste bazen te komen. Men belt zich suf, maar er hangen in de Taiwanese bedrijven hele wolken onderknuppels rond, die zichzelf ook erg belangrijk vinden. Men doet graag 'Engels', maar je moet wel twee keer checken of ze het wel begrepen hebben, ja zeggen is de eerste reactie als ze het niet begrijpen, de klant is koning in Azië.

64 bit
Technisch gezien was het interessant om te zien in hoeverre men anticipeert op de 64 bits generatie (Intel Itanium en AMD64) CPU's, die er aankomt. Dat viel eigenlijk wel tegen, de moederboard makers praten erover in hun presentaties, maar op de beursvloer nog niet veel. Apple, dat natuurlijk qua 64 bit eigenlijk voorop loopt, telt op de Computex nauwelijks mee, het is allemaal PC. Intel wil wel graag, begint nu zelfs een Intel Developement Center in Taiwan, maar wordt gezien als de grote marktleider, iets waar men in Taiwan van nature een beetje tegen ageert. Maar de 64 bitters van Intel waren fysiek noch qua literatuur en persberichten echt aanwezig, en dat was heel anders dan in de VS, waar Intel de vendors juist onder druk zette om geen Athlon-aankodigingen te doen. AMD heeft in Taipeh duidelijk wel meer voorwerk gedaan, er waren een aantal 64bit Athlon 64 FX machines te zien bij de grote moederbord- bouwers. Tijdens de beurs en persconferentie over dat ontwikkelcentrum benadrukte Intel wel de 64 bit IA64 aankondiging, maar dat is meer voor de server-markt en dat speelt niet zo in Taiwan.
AMD heeft met haar 64-bitter duidelijk meer oog voor de desktop. Een kwestie van timing en PR, Intel is misschien ietsje arroganter dan AMD, dat hier uitpakte met de claim dat haar 64 bitter de enige is die 'windows-compatibel' is.
Microsoft liet op de AMD 64 launch in ieder geval een Windows XP 64 bit editie aankondigen, maar de Athlon is backwards compatible, dus dat zou geen probleem moeten zijn. Op langere termijn is die hele 64 bit architectuur (met nu nog 32 bit operatie vanwege de software) natuurlijk toch een gok en zou Intel wel eens een betere lange termijn visie kunnen hebben. Voor een desktop machine is 64 bit in ieder geval (te) ruim bemeten, er is nauwelijks software die er effectief gebruik van maakt.
In ieder geval, 64 bit in machines in de winkel is voor de meeste leveranciers nog wel een paar maanden of langer wachten. HP schijnt een van de eersten te zijn die in Q4 met een 64 bit machine Athlon komt, met Fujitsu-Siemens als volgende.
Maar sneller kan het wel, ook bij de 'klassieke' CPU's en ook de graphics chips makers maken hun GPU's steeds sneller en dus heter. Overal zie je wel signalen dat het nog heter gaat worden, zo waren er een stuk of vijf leveranciers van waterkoeling voor CPU's. Hele constructies en dan liefst nog met een soort airco bovenop de PC, met eigen wijzertjes en metertjes, je gaat de power-user herkennen aan z'n temperatuur-unit. De gamers, die tegenwoordig op LAN-parties elkaar beconcurreren met de snelste en hipste machines, kunnen nu hun hart ophalen aan hardware, die het uiterste uit de PC haalt. Door bijvoorbeeld de CPU sneller te laten lopen als het echt nodig is, boven de nominale kloksnelheid uit, maar dan weer langzamer als het even kan om de temperatuur weer te laten dalen. En over LAN-parties gesproken, sommige aanbieders positioneren hun SFF-modellen als meenemers, maar die kunnen qua prestaties en weer qua koeling toch niet meer met de grotere kasten. Daar kun je weer wat gewicht besparen door die van aluminium te maken, maar die trend is alweer een beetje over. Helemaal hip is het nu om doorzichtige frontjes of zelfs hele kasten te gebruiken en die met allerlei LED's en knipperlichtjes op te tuigen. Een tikkeltje absurd, van die fans en kasten met lichtjes, maar bij motorfietsen zie je dat ook, je Harley optuigen met reeksen LED's, zodat het een soort kernreactor op wielen lijkt. Maar waarom niet, een 8-core, dual processor PC is toch bijna ook een Weapon of Mass Destruction?

Koelen
Dat koelen en temperatuur- management gaan we nog nodig hebben, want de multiple cores (er zitten volgens de kenners meerdere, zelfs tot 8 separate CPU's in de 64 bit chip van Intel) gaan weer een boel warmte genereren en dat moet gekoeld worden. Nu al zie je de meest grappige oplossingen voor de koeling van graphics chips, men maakt hele aluminium kunstwerkjes of stopt geavanceerde koeltechnieken uit de ruimtevaart in het ontwerp.
Intel moet wel beseffen dat de PC-afzet een zetje nodig heeft, want het gaat nu vooral proberen om de zakelijke vervangingsmarkt te bewerken met mooie verhalen over hoe veel verouderde systemen je feitelijk kosten aan extra service en irreguliere upgrades. Op zich nuttig, de markt is toe aan wat vervangings-omzet, maar hier wreekt zich toch vooral het gebrek aan nieuwe software en nieuwe toepassingen. En of het Microsoft zal lukken om Windows tijdig en goed aan te passen aan de multi-core CPU's is ook maar de vraag, die overgang naar de echte 64 bit generatie gaat nu samenvallen met de behoefte om het rekenwerk effectief te verdelen over meerdere 'cores' en daarbij de hele zaak stabiel te houden. Met het warmteprobleem als extra complicatie, hou je computer 'cool' is geen grappige modekreet meer, maar harde noodzaak.

Home Media Center
De belangrijkste trend in Taipeh was wel dat vrijwel iedereen toch op de 'Home Media Center' toer gaat. Microsoft liet nog geen finale versie van haar XP (Home) Media Center Software 2004 editie zien (dat was op 30 september pas in New York) en was trouwens toch maar heel matig vertegenwoordigd met een minimaal standje. Geen voorproefje van de Sony of Dell huiskamer-machines die men later aankondigde dus. Maar de XPHMC interface, die met menu's werkt en meer lijkt op de aansturing van een DVD- of audiosysteem, was wel her en der te proberen.
De vormfactor van de PC wordt nog kleiner, een formaat dat door MSI als MegaPC wordt aangeduid maar misschien beter miniPC kan heten, meet ruwweg 20 x 20 x 30 cm, de Small Form Factor of Small Footprint (SFF). MSI levert die dingen al sinds mei (en XShuffle al langer), maar de handel loopt er nog niet echt warm voor. In de nieuwe modellen zit overigens wel standaard een video-out connectie, dat is toch wel essentieel als je zo'n Mega-PC als basis van de huiskamer video/audio/Internet/TV behoefte wil zien en bijvoorbeeld de huiskamer breedbeeld wilt aansturen.
Veel leveranciers kwamen met een dergelijk formaat, het toont lekker en is net genoeg om er nog een 'ouderwetse' optische drive in te kunnen stoppen, maar een floppy ontbreekt. Wel zijn er slots voor memory-cards (6 of 8-in-1 om de vele formaten daar te kunnen accepteren, en de hipste modellen hebben een hele audio/video bedieningsset voorop. Want dat is de grap, deze media center bakjes zijn zowel Hifi (Dolby 5 kanaals) audio als DVD-speler, kunnen via een tunerfunctie TV op de beeldbuis toveren en combineren zo de PC-, audio-, en TV functies. En wie de memory slots, USB of 1394 poortjes voorop handig weet te gebruiken, kan er dus z'n digitale camera op aansluiten, MP3 down- of uploaden, DVD's branden of kopiëren, het is alles-in-een. En wie z'n PC mee wil nemen naar de LAN-party, en de tasjes daarvoor zijn er al, bespaart met een aluminium kast weer wat gewicht. Neem dan wel een model met een draaghandel bovenop, voor de fervente gamers en PC-hobbyisten is op deze manier de desktop weer een stukje handzamer geworden.

Convergentie-gekte?
De vraag die bij veel bezoekers opkomt is natuurlijk of de markt zit te wachten op weer zo'n convergentie-probeersel. Hoe vaak heeft men al niet geprobeerd om de TV en PC-functies te combineren in een enkel apparaat of de bestaande TV tot PC up te graden via allerhande settop-oplossingen. Hoeveel van dat soort producten heeft het niet gehaald en staat nog weg te rotten? Wat men zich afvraagt is of de toch erg verschillende werk-'modes', de PC als actief werkding en de TV als passief recreatieding, met elkaar te verenigen zijn.
Een probleem daarbij is de kanaal-keuze, gaat zoiets nou beter verkopen via de bruingoedhandel of houden de PC-retailers hier nog een stukje markt aan over.
We gaan dit najaar zeker veel van die systemen zien, het ziet er kek en hip en lekker multifunctioneel uit, met een draaghendel bovenop lijkt het al snel een hippe boombox, maar wie moeten dit gaan aanschaffen? De student op z'n kleine huurkamertje lijkt zeker een goede target, maar zit daar ook koopkrachtige vraag achter. De huiskamerkoper in het Westen heeft vaak een aparte studeer- of werkruimte, waarom dan zo'n multifunctioneel ding neerzetten? Misschien lukt het wel, als het prijsverschil met een basis-PC niet te gek wordt. Maar dan moet wel bedacht worden, dat dit soort multi-media combi's juist bedacht zijn om weer eens wat meer marge te kunnen maken, niet om weer een ratrace met prijsdumping aan te gaan.
Wat dat betreft is de vondst om een PC te delen met twee gebruikers met twee toetsenborden en schermen misschien handiger voor de Aziatische markt, waar ruimtegebrek dwingt tot slimme oplossingen. Met dezelfde CPU-box voor twee gebruikers kunnen gezins-ruzies over wie mag internetten worden beslecht. Een oplossing die net de andere kant uitgaat als de KVM-switch.

Connectivity
Platte schermen, daar kun je niet meer omheen, maar je ziet nu toch wel erg veel TV/PC combinaties, hetzelfde scherm multifunctioneel gebruiken en via wat slimme WiFI kun je ze zelfs draadloos aansturen. Het prijsniveau van platte schermen gaat naar een 250-300 dollaar, maar dan wel inclusief die video-aansturing, en je krijgt echt superbe TV-kwaliteit op zo'n 1024 schermpje, als je een van de betere TV-tuner of videokaarten gebruikt. Wat dat betreft was ATI duidelijk aan het profiteren van de keus van Microsoft (dat NVidia liet vallen voor de XBox-2) en heeft nu even de wind mee bij de video-kaarten.
Natuurlijk was er veel WiFi te zien op de Computex, in allerlei vormen en goedkoper wordt het ook. Leuk voor de thuis-netwerker, maar niet nieuw, hoogstens wat verder in de life-cycle. Wat dat betreft is de Home-plug, een USB koppeling via het electriciteitsnet die door onder meer MSI werd getoond, ook een handige oplossing. Gewoon de USB via een adpater met het stopcontact verbinden en je hebt contact met een andere PC of zelfs een printer elders in huis.
Die USB wordt toch een soort wonderding, de kleine insteekdingen met extra geheugen, MP3 en andere media-toepassingen, maar ook een USB zaklampje gaan deze Kerst vast scoren.
Alles bij elkaar verliet ik Taipeh wel met een positief gevoel, er leeft weer wat, er wordt weer van alles geprobeerd, en in ieder geval is er dit najaar weer wat nieuws in de winkels, al gaat het misschien om oude multi-media wijn in nieuwe zakken.

L.S.


Taiwan: Computex


Men noemt het de meest prestigieuze computerbeurs in Azie en wat dat betreft de moeite van 16 ur in een vliegtuig wel waard, maar het is wel even doorbijten. Een bezoekje aan de Computex in Taipeh is hard werken, veel lopen en een behoorlijke cultuurshock overwinnen. Het tempo in Taipeh is hoog, iets te hoog misschien om snel de jetlag te overwinnen, en dat bij 35 graden en een drukkende vochtigheidgraad. Net als in New York wordt je hier snel opgenomen in een soort mallemolen van druk, druk, en snel; efficiency telt hier, maar dat wel in een stad waar de Chinese karakters je toch even van je stuk brengen, gelukkig dat de kleuren van Burger King en MacDonalds wel snel te herkennen zijn.
Dat er 3 miljoen Taiwanezen in de hoofdstad Taipeh wonen is verbazend, maar dat ze vrijwel allemaal zo'n scooterachtige motorfiets hebben is lastig, want je struikelt letterlijk over die dingen. Opgelijnd langs iedere straat en bij stoplichten lijkt het wel een horde lemmings. Maar veel parkeerruimte is er niet en dus kiest men voor zo'n motording of openbaar vervoer. Het modebeeld in de straten is iets kleuriger en iets hipper, iets zoeter misschien dan Londen of Los Angeles, er zijn weinig 'gewone' auto's, het zijn of luxe wagens van bedrijven of rijke mensen of van die mini-busjes waar de gewone man in wordt vervoerd, als ie niet op z'n scootertje rondscheurt tenminste.
Er wonen in Taiwan, dat ongeveer zo groot is als Nederland, zo'n 22 miljoen mensen, maar op straat in Taipeh zie je vooral jongeren en jong-volwassenen. Aan (goedkope) arbeidskracht geen gebrek en dat is voor een deel ook het geheim achter de economische bloei van deze Republiek China, want zo noemt men zich nog steeds hier. Hard werken, veel ambitie en bereid zijn om iedere avond nog naar een cursus te gaan, dat is hier de aanpak.
De sfeer lijkt veel op die in Japan, het relaxte afwachten dat Communistisch China vooral in het Noorden en in Peking kenmerkt, voel je hier niet. Dit is business, op straat, op het werk, Taiwanezen zijn een druk volkje, hun ambitie en energie is te vergelijken met die van de HongKong-chinezen. Taipeh is een vrij moderne stad, met 'n heel fraaie metro (die maar 55 eurocent kost, een verademing vergeleken met Amsterdam), druk verkeer, geen fietsen maar allemaal van die scootertjes, veel bussen, veel winkels en veel mensen, vooral veel mensen. Je hebt het gevoel in een moderne stad te zijn, met hier en daar indrukwekkende architectuur zoals het hoogste gebouw ter wereld bij het WTC met 101 verdiepingen, maar ook veel oudere wijken en een wat dreigende bouwstijl. Het zijn allemaal forten, organisch bouwen kennen ze hier niet, maar misschien heeft dat te maken met het feit, dat men zich feitelijk in oorlog acht met Communistisch China, dat qua schaal wel 50 keer groter is.
Taiwan is niet China, dat voel je zo, maar de regering vindt zichzelf wel China en dat is een rare paradox. Maar men doet wel grootst zaken met mainland China, investeert in fabrieken daar en gebruikt de goedkopere arbeidskracht daar heel handig. Geen taalproblemen en mainland China wil graag de Taiwanese investeerders binnenhalen.
© Dealer Info