Kleurenblind
Het aantal megapixels is niet langer het enige zaligmakende. Drie jaar geleden keken we nog op van 2 tot 3 megepixels, tegenwoordig is het al 5 tot 8 mp wat de klok slaat en er zullen nog veel meer megapixels volgen. Grote vraag is wie straks het verschil tussen 8 en 10 MPs nog ziet.
Veel belangrijker is de recente ontwikkeling van het opname-element, de CCD of CMOS-sensor, in de camera. Dat gaat met name om natuurgetrouwe registratie van kleuren, een beter dynamisch contrastbereik, minder beeldfouten en bovenal een snellere werking van de camera-CPU. Ook andere ontwikkelingen zoals optische of elektronische beeldstabilisatie, betere prestaties bij slecht licht, het bestrijden van stof op de sensor en het beschikbaar komen van een scala aan speciale digitale fotografische accessoires verhogen de fotovreugde. Een basis CCD- of CMOS-chip ziet alleen zwart-wit. Een digitale fotocamera is in feite kleurenblind. Om toch de basiskleuren Rood, Groen en Blauw aan de sensor te ontlokken worden trucs gebruikt. Ten eerste een mozaiek-patroon van gekleurde punten (dots) op de afzonderlijke pixels om R, G en B apart te registreren. Veelal wordt een masker bovenop de opnamechip geplaatst waarmee individuele pixels kleurgevoelig gemaakt worden. Bij de registratie van het fotobeeld produceert de sensor een apart Rood-, Groen- en blauw-beeld. Omdat groen vaak oververtegenwoordigd is gebruiken de meeste camera's twee groene op elke rode en blauwe pixel. Bij een beeldsensor van 6 megapixel krijgt je zo 3 miljoen groene pixels op 1,5 miljoen blauwe en 1,5 miljoen rode pixels. Vervolgens wordt er een speciale vorm van interpolatie (Bayer-type) op losgelaten om een kleurenbeeld samen te stellen. Een vrij gecompliceerde techniek waarbij de RGB-waarde van elke pixel wordt bepaald door de intensiteit van de buur-pixels te analyseren. Uiteindelijk ontstaat er dan weer een kleurenbeeld van 6 MPs. Helaas veroorzaakt de interpolatie tevens artefacten en ruis. Berucht zijn traplijntjes, kleur-aliasing en het doorlopen van kleurvlakken;
Verder worden aanvullende kleurfilters toegepast. Zo gebruikt Sony in de nieuwe 8 mp Cybershot DSC-F828 een turqoise Emerald Filter wat een natuurlijker rood garandeert. Canon, Olympus, Nikon en Fuji zoeken het meer in verbeterde Bayer-sensoren en snelle beeldcorrectie via de camera-CPU. Van geheel ander kaliber is de Foveon X3 Pro 10 M sensor. Net als de klassieke chemische film ist de X3 kleurgevoelig voor 100% Rood, Groen en Blauw. Niets geen geinterpoleer meer, wel de pure capture-waarden. Van deze technische zaken hoeft een dealer niet meer te onthouden dan dat een correcte kleurweergave gewoon zwaar telt. Met name goedkope no-name toestellen laten hierbij dikwijls een flinke steek vallen.
Dynamic range
Kenmerkend voor de oude film was het grote dynamische bereik voor contrast- en kleurverschillen. De kleurennegatief film was relatief tolerant bij overbelichting, onderbelichting, scherpe contrasten en kleurzwemen (door een mix van hoog- en minder lichtgevoelige kristallen per kleurlaag). Bij de digitale camera's bestaat de dynamische range uit een aantal stappen tussen het lichtste en donkerste deel van de opname. Het ligt voor de hand dat een camera met een beperkte dynamic range moeite heeft met details in de lichte en donkere partijen. Dat wordt ruis, prutsen en bijschatten door de camera-CPU om er nog iets van te kunnen maken. Merken als Fuji en Kodak proberen dit te ondervangen met een zogenaamde super-CCD. Daarbij wordt, anders dan bij een conventionele rechthoekige CCD met vierkante p ixels, een honingraat-structuur met achtkantige pixels toegepast. Daardoor worden de pixels lichtgevoeliger, het dynamisch bereik stijgt en beeldruis neemt af. Een stap verder gaat het aanbrengen van grotere S-pixels die lichtgevoeliger zijn en kleinere, minder gevoelige R-pixels. Daarmee is de oude mix van de negatieffilm in het digitale tijdperk gekomen. In de meeste gevallen wordt er ook software geleverd om de dynamic range op te vijzelen.
Betere optiek
'Een wat vlak beeld', is een veel gehoorde klacht bij digitale camera's. Dat is het gevolg van een te laag contrast en onverzadigde kleuren. Of het uitbleken van een heldere lucht, sneeuw en zandvlakten. Daar valt met PhotoShop wel veel aan te doen maar de consument wil direct een goed resultaat kunnen uitprinten. Beide zaken kunnen met de huidige digitale fototechniek redelijk worden opgelost. Als eerste de simpele flits, doet wonderen bij het wegwerken van te hoge contrasten en het opfleuren van kleuren. Nog meer als de camera optimaal met de flitser samenwerkt en er een 'door de lens'-lichtmeting wordt toegepast. HP kent zelfs twee typen invulflitsen: een voor onderwerpen met een gemiddeld en een voor onderwerpen met een hoog contrast. HP noemt dit proces Adaptive Lighting Technology. Sigma met de Foveon-chip en Kodak mikken op de softwarematige nabewerking met speciaal voor hun camera's ontworpen programma's. Bij Sigma heet dat Fill Flash voor eigen RAW-format en Kodak levert SHO als photoshop plug-in.
Wellicht de grootste technische vooruitgang zijn de komst van speciaal digitale camera's ontworpen zoom-objectieven. Omdat het zoombereik steeds groter wordt, dreigt bij lange brandpuntsafstanden (flink inzoomen) onscherpte door beweging. Hiervoor kan in het objectief zelf een optische beeldstabilisator en in het CCD/CMOS-CPU deel een elektronische correctie worden ingebouwd. Canon en Nikon gebruiken een extra corrigerend lenselement (mini-motortjes die signalen van bewegingssensoren ontvangen), Minolta doet in de CCD-sensor zelf via een piÙzo-elektrisch element.
Goed en solide, stof eruit
Een behoorlijke omslag is dat er nu ook in de middenklasse aparte en solide ontwerpen worden gemaakt. Voorheen werd gewoon een analoge body aangepast voor digitaal gebruik. Dat de objectieven niet pasten en de bediening niet spoorde, het maakte fabrikanten in de begindagen niet uit, als men maar kon scoren met tijdig een nieuw modelletje. Tegenwoordig zijn er gelukkig steeds meer digitale camera's die van de grond af ontworpen zijn. De componenten worden optimaal op elkaar afgesteld en bovendien is de body van duurdere modellen redelijk tot heel robuust, spatwater-dicht en een stuk gebruiksvriendelijker te bedienen. Wieltjes werken nu eenmaal een stuk intuitiever dan allerlei knopjes en onlogische menu's.
Een probleem bij een spiegelreflex met verwisselbare optiek is het binnendringen van stof. Lens er af, stofje er in en vervolgens een lelijk puntje in de fotografische afbeelding van de CCD/CMOS. Zelfs een enkel bestofte pixel kan al hinderlijk zichtbaar zijn. Dat betekende in het verleden duur onderhoud. Olympus veegt in haar E1 met geluid de CCD schoon en vangt het afvallende stof op met een stukje hoogwaardige kleefband. Andere merken proberen het met dust seals en luchtverplaatsing via de spiegel. Nooit en te nimmer lucht op een CCD spuiten, de boel gaat onherstelbaar kapot, alleen speciale reinigingssetjes zijn toegelaten!
Snel doorschieten
Net geschoten en een goeie shot gemist omdat de camera nog aan het opslaan is? Dat kwam bij het film-fototoestel niet voor, die was na elke opname onmiddellijk weer gereed. Bij de oudere generaties digitale camera's kon opslaan wel 5 seconden in beslag nemen en het opstarten van een toestel duurde nog langer. Die ergernissen zijn er bij de huidige generaties niet meer. Alle fabrikanten hebben hun boot- en doorstarttijden aanmerkelijk verbeterd. Voor winder- en (semi-)motordrive shooting wordt regelmatig intern burst-geheugen toegepast. Een andere benadering is een snellere CPU al dan in combinatie met een inmiddels 40x snellere geheugenkaart. Speciaal is de (prijswinnende) Rapid Tuning technologie (Rtune) van Kyocera. Een slim samenwerkingsverband van analoge en digitale processoren handelt het hele opnametraject (ruisreductie, A/D-conversie, JPEG-compressie en het beheer van het geheugen) als afzonderlijke taken af, waardoor de camera binnen 0,33 seconden vrij is voor de volgende foto.
'Accessoires maken de camera' is tot slot niet teveel gezegd. Een volwassen camera kenmerkt zich door de beschikbaarheid van aanvullingen. Daaronder vallen extra objectieven of voorzetlenzen, filters, ringlights en -flitsen, statieven, handgrepen, zwaardere accu's en batterijhouders. Door de snelle groei van de digitale fotografie zijn zulke accessoires nu ruimschoots voor handen, en van goede technische kwaliteit voor handen, geschikt als nevenmarkt en kassakoopjes.
U.S.