Retail en e-retail 

De samenleving wordt door de hele internet- en cyberspace ontwikkeling nogal door elkaar geschud. Alles verandert, oude waarden verdwijnen en tradities gaan onderuit. Het gedoe rond V&D is kenmerkend voor wat er ook in het straatbeeld verandert, en dat is geen geVsoleerd geval. Blokker, Halfords, Schoenenreus, Harense Smid, It’s Electronics, er zijn meer stenen formules die het moeilijk hebben of ondergingen. De online verkoop, de concurrentie van e-commerce krijgt vaak de schuld, maar is dat wel zo? Er stond ergens dat V&D aan de verhuurder 10% van de omzet als huur moest afdragen, dat is misschien in de textiel nog haalbaar, maar in de ICT al lang niet meer, als je daar 10-15% marge maakt op basishardware is dat veel, alleen op accessoires is de marge hoger. Dus is het begrijpelijk dat je dat soort artikelen niet meer ziet bij V&D, dat toch een hele ICT historie heeft, denk maar aan de tijden met de MCN club van Maurice en de Vendex Headstart. Achter het hele V&D verhaal zit natuurlijk ook de afbraakpolitiek van de private equity clubs zoals KKR, maar die zijn weer gefinancierd door de pensioenfondsen en hun vehikels als AlpInvest. Daar zit de echte ellende, dat men speculeert met geld van anderen, enorme risico’s loopt, maar vooral de belanghebbenden dubbel naait, want KKR verkocht weer panden duur aan andere pensioenfondsen met mooie beloftes, die nu niet uitkomen. 

De formules die onderuit gaan zijn natuurlijk in zekere zin verouderd, hebben niet genoeg ingespeeld op de online ontwikkelingen, zijn niet meegegaan met de trends, bieden de klant niet genoeg waarde of zitten op plekken die door de weilandwinkels en buitenplaats centra beconcurreerd worden. De binnensteden verkrotten, omdat gemeentebesturen vooral geld wilden verdienen aan grond en nieuwbouw, en de leegstand niet incalculeerden. De overheid heeft ook voor zichzelf veel te wild gebouwd, en de verhuurders (vaak pensioengeld) zitten met de zeperd. 

De les is wel dat stenen en online steeds meer door elkaar groeien, dat mensen op straat en in de winkel op hun smartphone checken wat er te koop is, wat hun vrienden ervan vinden en ook wat in voorraad is, want je wilt je aankopen toch liefst nu in handen hebben. De stenen plek voor service, afhalen van online bestellingen, en het gevoel van vertrouwdheid en aanraakbaarheid van producten is belangrijk. 

Real Time Advertising : dit is een trend die zeker de retail in de gaten moet houden. Nog niet zo lang geleden konden winkelketens als de Bijenkorf met Drie Dwaze Dagen, de Maffe Marathon en Inspiration  veel volk op de been brengen, met mediacampagnes en brede kortingen. De aanpak die men in de VS ook wel gebruikt om het kerstseizoen te beginnen na Thanksgiving. Maar ook daar blijkt dat de consument zelf de cross-media koppeling maakt tussen internet met real time informatie en adviezen van experts en vrienden combineert met outlet-bezoek. De omni-channel aanpak, de klant op allerlei manieren bereiken en alle communicatiewegen gebruiken kan daar op inspringen. De nieuwe, digitaal vaardige klant surft, chat, sms-t, twittert, maar kijkt ook in de bus naar schermen, naar billboards en leest ook nog de krant of een magazine, vaak al op een tablet of smartphone. 

Men komt de winkel binnen met de nieuwste informatie (vaak op de smartphone) en bedrijven die daar niet op inspelen door zowel online als via digital signage in real time in te spelen op wat de klanten zoeken, worden minder aantrekkelijk. Een klant die denkt die rode jurk in maat 38 te komen kopen, maar merkt dat die al sinds een paar uur is uitverkocht, druipt teleurgesteld af. Met real-time en steeds up-to-date gehouden informatie kan men echter sturen, zorgen dat de klant informatie krijgt die relevant en actueel is en ook nog zorgen voor het evenwichtiger leegraken van de magazijnen. Het inspelen of zelfs manipuleren van de klantwensen is tenslotte wat marketing beoogt en sales moet waarmaken. 

Actuele informatie dient niet alleen op de websites en via tweets en mailings beschikbaar te zijn, ook op straat, in het openbaar vervoer, op de billboards (de Out of Home(OOH)-media) en in de winkel moet alles kloppen en op elkaar afgestemd zijn. Dat vereist een breed marketing denken, cross-mediaal en omni-channel promotie en publieksaandacht inkopen, genereren en aansturen, en veel coördinatie. Methodes als ‘Location Based Advertising’ en ‘Situation Based Advertising’ en inspelen op wat de klant aan devices en diensten gebruikt, identificatie van de klanten, relatiemanagement, databasebeheer en zelfs big data technieken moeten geVntegreerd worden. Met één actie overal real-time product, prijs en acties kunnen aanpassen aan de situatie en de wensen van het publiek is niet eenvoudig, er komen veel partijen bij kijken, een dergelijke vorm van geVntegreerde cross-platform informatie en reclame is voor de meeste bedrijven nog toekomstmuziek. Hier ligt een kans voor specialisten, reclamebureaus en mediabedrijven met een brede visie. Op kleinere schaal is het leveren van POS-displays waarop klanten van winkels de website kunnen benaderen en eventueel in de winkel online bestellen interessante handel voor PC-specialisten. Ook zien we steeds meer winkelpersoneel met een pad (vaak iPads) rondlopen, die via apps toegang geven tot productspecificaties en back-office informatie. 

Aan het werk, de knoet erover 

Aan het werk, de knoet erover! Het kabinet is van plan de lasten de komende jaren fors te verlagen, met in totaal zo’n 15 miljard euro. Het hoopt daarmee de werkgelegenheid aan te jagen, maar hoe en hoe gaat men dat betalen? Het Centraal Planbureau dat men daar dan advies over vraagt lijkt soms op een hondje, dat alleen de baas likt en met onderzoeken en resultaten komt, die wel erg passen in de politieke wind van het moment. 

Verlaging van de belastingtarieven zorgt er nauwelijks voor dat meer mensen gaan werken, concludeert het Centraal Planbureau. Het kost bovendien veel geld. Generieke lastenverlichting doet relatief weinig voor de arbeidsparticipatie, het eufemistische woord dat sociale bijstand vervangt, wat iedereen moet meedoen, participeren, aan het werk. Druk uitoefenen op  werkende moeders met jonge kinderen, via fiscale prikkels  is relatief effectief (dat kinderen daardoor ongelukkiger en gefrustreerde worden telt blijkbaar niet). Ook het beperken van inkomensondersteuning voor huishoudens met een laag inkomen, bijvoorbeeld het verlagen van de bijstandsuitkeringen, levert relatief veel participatie op. Daar staat dan wel een toename in de inkomensongelijkheid tegenover.  In een recente studie worden alternatieven neergesabeld,  een eenvoudiger belastingstelsel met slechts één tarief (de ‘vlaktaks’) kan, stelt men, zelfs negatief uitpakken voor de arbeidsdeelname. Een vereenvoudiging van het fiscale stelsel wat betreft de kortingen en toeslagen voor werkenden zou al gauw een prijs zal vragen in termen van arbeidsparticipatie. Beleid dat het inkomensverschil tussen werken en niet werken vergroot, zoals het verhogen van de arbeidskorting aan de onderkant of het verlagen van de uitkeringen, is effectiever in het bevorderen van de arbeidsparticipatie. Het idee, dat werk een gevolg is van behoeftes, lonen een gevolg van vraag naar arbeid, dat gezien de robotisering zoiets als basisinkomen overwogen kan worden, ambtenarensalarissen wel wat minder mogen, het CPB kijkt de andere kant uit en schrijft een rechts verkiezingspamflet. 

Real Time Advertising 

Real Time Advertising is een trend die zeker de retail in de gaten moet houden. Nog niet zo lang geleden konden winkelketens als de Bijenkorf met Dolle Dagen veel volk op de been brengen, met mediacampagnes en brede kortingen, de aanpak die men in de VS ook wel gebruikt om het kerstseizoen te beginnen na Thanksgiving. Maar ook daar blijkt dat de consument zelf de cross-media koppeling maakt tussen internet met real time informatie, adviezen van experts en vrienden combineert met outlet-bezoek. 

Men komt de winkel binnen met de nieuwste informatie (vaak op de smartphone) en bedrijven die daar niet op inspelen door zowel online als via digital signage in real time in te spelen op wat de klanten zoeken, worden minder aantrekkelijk. Een klant die denkt die rode jurk in maat 38 te komen kopen, maar merkt dat die als sinds een paar uur is uitverkocht, druipt teleurgesteld af. Met real-time en steeds up-to-date gehouden informatie kan men echter sturen, zorgen dat de klant informatie krijgt die relevant en actueel is en ook nog zorgen voor het evenwichtiger leegraken van de magazijnen. Het inspelen of zelfs manipuleren van de klantwensen is tenslotte wat marketing doet. 

Actuele informatie dient niet alleen op de websites en via tweets en mailings beschikbaar te zijn, ook op straat, in het openbaar vervoer, op de billboards (de Out of Home(OOH)-media) en in de winkel moet alles kloppen en op elkaar afgestemd zijn. Dat vereist een breed marketing denken, cross-mediaal inkopen en aansturen, en veel coördinatie. Met één actie overal real-time product, prijs en acties kunnen aanpassen aan de situatie, wensen van het publiek is niet eenvoudig, er komen veel partijen bij kijken, een dergelijke vorm van geïntegreerde cross-platform informatie en reclame is voor de meeste bedrijven nog toekomstmuziek, hier ligt een kans voor reclamebureau’s en mediabedrijven met een brede visie.Apple up, Microsoft down 

De resultaten van Apple waren weer boven verwachting, de iPhone 6 was een topper en hoewel de iPad het wat minder doet, zijn omzet en winst top. Microsoft daarentegen worstelt, wil Windows 10 gratis maken met een abonnement in het verschiet, en komt met de Hololens wat achteraan hollen nadat Google de Glass liet vallen. 

Nadella moet beseffen, dat je niet misser op misser kunt blijven stapelen, dat Windows 8 en 8.1 een te ambitieuze poging was verloren terrein (de tablets en pad markt) even binnen te roeien en dat verzadiging in de productiviteitsmarkt blijft dreigen. Microsoft is bezig met een grote koerswijziging en gratis Windows 10 verstrekken is een duidelijk signaal, men wil de OS-wereld weer binnenhalen. Een upgrade van XP naar W10 gratis verstrekken zou misschien nog meer effect hebben, de hele zakelijke wereld weer op een lijn onderd e Microsoft vlag kunnen brengen, maar zit (nog) niet in de lucht. 

Apple doet het financieel erg goed, maar gaat de Watch wel echt een nieuw terrein openen, is de afzet niet vooral bij meelopers en nakomers, die nu toch ook eens Apple willen hebben? Van echte vernieuwing is eigenlijk geen sprake meer bij Apple, het is meehobbelen met de technologie, die ook anderen al brengen. 

Update 2014 

Terugblik 2014: Het was geen echt goed jaar voor de ICT industrie, te veel ellende, te veel malware en misgelopen projecten, de opsteker door Windows 8 was een te korte stimulans voor een markt en publiek dat vooral naar goedkope tablets overstapte. 

De cloud bleek dit jaar de grote bedreiging voor de kleine ICT-specialist, die her en der de kleinere servers mocht weghalen, omdat z’n klanten overstapten op cloud-diensten. Daar wordt op termijn door de vakman niets meer aan verdiend, men zet z’n data ergens neer, gebruikt software die direct wordt afgerekend en devices die bij problemen naar de prullenbak gaan. BYOB is voor de grotere bedrijven een ramp, maar aanpassing en beveiliging op dat niveau ligt buiten het bereik van de kleinere dealer. BYOC (Bring your own cloud) gaat nog verder, de gebruiker heeft z’n data zelf ergens geparkeerd en gaat er zakelijk mee aan de gang, dan is beveiliging en bescherming tegen malware helemaal een ramp. 

De trends voor 2015: 

Cloud  overal, maar meer gelokaliseerd 

Veiligheid; de hackers en malwareniers worden nog gevaarlijker, offline backup als redmiddel 

Meer analytics en big data 

Wearables worden niche-markt 

Sociale media verliezen aan breed spectrum entertainment a la Netflix 

Overheids-ICT blijft knudde ondnaks mooie BIT plannen 

Autonome ICT en robotisering groeit 

Ongelijkheid: waarom Thomas Piketty gevaarlijk is 

Thomas Piketty is de econoom van de maand, maar zijn verhaal over inkomensongelijkeid is alleen historisch relevant, hij ziet de grote invloed van internet niet. Ik analyseerde zijn boek en geef een uitgebreide kritiek. De ontkenning van cyberspace als economische factor in de ongelijkheid tussen werk, kapitaal en talent maakt Piketty feitelijk gevaarlijk. MUST read voor CEO’s. 

Rijken worden rijker, armen armer, het middenveld verschraalt, dat is wereldwijd een trend. De Occupy beweging maakte al duidelijk dat er op onderbuikniveau iets speelt en men de groeiende ongelijkheid niet meer zomaar accepteert, de 1% is te machtig, te rijk, te geïsoleerd. De vrij plotseling erg populaire Franse politiek econoom Thomas Piketty (Capital in the 21st century, 2013) kwam met een studie die met cijfers aantoonde dat die ongelijkheid er inderdaad is (en was) en dat die trend de laatste decennia steeds erger wordt. Hij wijt dat aan het feit dat het rendement op kapitaal (dat vooral naar de rijken gaat) groter is dan de groei van de economie (R>G) en daardoor geld van de werkers naar de kapitalisten stroomt. Zijn studie en zijn waarschuwing dat dit steeds verder zal gaan omdat het mechanisme van R>G niet te stoppen is, versterkt de hype rond de vermogens- en inkomensongelijkheid. Dat er ondertussen fundamentele veranderingen aan de gang zijn en dat vooral mobiele communicatie, globalisering, internet en de transparantie daarbij een rol spelen ontgaat hem blijkbaar. De globalisering, en die is weer mede het gevolg van internet heeft als duidelijk effect dat de ongelijkheid tussen landen vermindert, maar binnen landen versterkt, dus inkomensverschillen groter worden, maar misschien op een andere manier dan historisch gebeurde en in een ander perspectief dan wat Piketty schetst. Met name de polarisatie van inkomens en de verschuiving van de macht van het kapitaal naar talent is evident, de superrijken zoals bankiers en hedgefund speculanten, de getalenteerde toppers en zwaarbetaalde CEO’s nemen een steeds grotere hap uit de koek. De oude (rentenierende en weinig bijdragende) kapitalisten worden verdrongen door werkende en aandeelhoudende ondernemers die wel rijk(er) worden doordat hun ondernemingen groeien in waarde, maar zichzelf ook via salaris, bonus en opties veel beter belonen dan de managersklasse van de vorige eeuw. De globalisering, in eerste instantie door betere logistiek, maar vooral door betere communicatie leidde tot schaalvergroting en mobiliteit van mensen, productie, bedrijven, faam, succes. Dat leidde weer tot concentratie van macht, inkomen, kennis en status bij een steeds kleinere groep. Het winner-takes-all effect is zowel in de wetenschap, de kunst, entertainment als in de financiële wereld steeds duidelijker. Er zijn nieuwe kansen, nieuwe rijken, nieuwe bedrijven, nieuwe toppers, maar als die het halen zorgt de schaalgrootte van een wereldmarkt en het bereik en de snelheid van cyberspace snel voor een kopgroep, de 1% of zelfs 0,1% elite. 


Internet is de economische factor die alles omgooit en de globalisering effectief maakte, waardoor het doortrekken van historische lijntjes qua inkomensverdeling, zoals Piketty doet, onbenullig wordt. Zijn visie sluit wel leuk aan bij het sentiment van de gefrustreerde bijna-rijken die door de crisis hun hoop, hun ‘American Dream’ in duigen zagen vallen, maar is eigenlijk niet meer dan terugkijken op de industriële revolutie en de vorige eeuwen, zonder veel waarde voor de toekomst. De politiek, ook in Nederland, springt helaas op die bandwagon en maakt er een soort agitprop van, populistische propaganda te eigen bate. 


Mijn grootste bezwaar is dat Thomas Piketty niet in gaat op de consequenties van de moderne techniek, de transparantie, arbeidsverplaatsingen, concentratietendensen; hij ziet blijkbaar internet niet als een fundamentele economische verschuiving. Internet noodzaakt ons het denken en praten over werk, inkomen, verhoudingen en ongelijkheid in zekere zin helemaal om te gooien. Piketty doet dat niet, en dat is gevaarlijk. Zijn op zich diepgaand opgraven en helder maken van historische ontwikkelingen is voor de toekomst niet echt van belang, zijn aanbevelingen en conclusies zijn niet onderbouwd en irrelevant, maar zijn observatie dat inkomen- en vermogensongelijkheid uit de hand zijn gelopen, resoneert blijkbaar goed met de tijdgeest. Andere schrijvers zoals Chrystia Freeland in ‘Plutocrats’ (2012) geven een genuanceerder beeld, zeker van de recente ontwikkelingen en de rol van de financiële wereld en vooral de ‘hedge-funds’ of hefboomfondsen waar veel van de speculatiewinsten naar toe vloeien en de superrijken met hun fascinerende maar ook bijna dorpse isolatiepatronen en clustering te vinden zijn. 


Het zijn met name de moderne financiële constructies en slecht gedekte maar steeds verlengde hefbomen (zoals hypotheekwaarden) die de crisis van 2008 veroorzaakten, maar ook voor het verder uit elkaar lopen van de inkomensverschillen zorgden. De privatisering zorgde hier en zeker in Oost-Europa voor nieuwe superrijken. In Mexico, China en India zijn de ‘rent-seeking’ plutocraten die tegen de overheid aanschurkten voor privileges, monopolies en geldmachientjes nog machtiger dan bij ons of in de VS, waar het de hedgefondsen en de internetondernemers werden die de miljarden verdienden. We zitten met een fundamenteel ander plaatje dan voorheen, de erfrijken en grootgrondbezitters zijn ingeruild voor plutocraten, met als resultaat ook nog wel groeiende ongelijkheid, maar Piketty’s analyses zijn in die zin historie. De oude landeigenaren, erfkapitalisten en renteniers bepaalden in eerdere eeuwen de verhoudingen en profiteerden van de centrifugale effecten van schaalvergroting (rijke randen, leeg midden), nu zijn het de superrijke ondernemers, vooral uit de ICT en grondstoffensfeer en ondernemende speculanten waar de inkomens en vermogensaanwas naar toe vloeien. Rendement als combinatie van dividend (of ingehouden winsten) en waardegroei (beurswaarde of private equity) is niet meer bruikbaar als economische barometer, want het zijn de 1% en hun ambitieuze en hoopvolle hulptroepen die de waarde bepalen. De beurs is een Baron van Münchausen fenomeen, trekt zichzelf aan de haren omhoog omdat de ronddolende pensioengelden nu eenmaal ergens heen moeten. De onderliggende waarde is uit het oog verloren of zelfs, met het oog op de verborgen milieukosten of kosten van bescherming tegen terreur, niet meer te bepalen is. 

Inkomens- en vermogensverdeling en ongelijkheid  

Het verschil in welvaart tussen landen neemt af door de globalisering, maar het verschil tussen rijk en arm binnen de landen neemt toe. De verhouding tussen inkomsten uit kapitaal en die uit werk begint de laatste decennia steeds onevenwichter te worden. De rijken worden rijker, de armen armer. De verhouding loopt uit de hand en simpel gezegd komt dat doordat de rijken (en steeds minder van hen met steeds meer geld) profiteren ten koste van de middengroepen en onderklasse die steeds minder verdienen en armer worden. Niks nieuws, maar vroeger waren die armen ver weg en roofden we hun bezit gewoon zonder er veel voor te betalen. 

Nu zijn de verschillen tussen rijk en arm veel directer, de confrontatie heftiger. De grotere verschillen in beloning tussen de topmensen in het bedrijfsleven en de laagste baantjes doen pijn, mede door de crisis. Men loopt te hoop tegen de ongelijkheid zoals bij Occupy en de Arabische lente. De Occupy beweging maakte ook het Westen duidelijk dat er op onderbuikniveau iets speelt en men de groeiende ongelijkheid niet meer zomaar acepteert. Dat sloeg ondanks het inzakken van Occupy toch aan bij de massa en is opgepikt door de media. Zo wordt nu de zelfverrijking van de miljardairs, maar ook van politici, bankiers en baantjesjagers breed uitgemeten en van het label zakkenvullers voorzien. 

Inkomensongelijkheid is, zeggen de economen, niet zozeer onrechtvaardig, maar tast het vertrouwen in elkaar, het systeem, de politiek en de democratie aan, en maakt het moeilijker omhoog te klimmen (social mobility). Het tast volgens de WRR ook de economische groei aan omdat rijken minder uitgeven en meer oppotten. Het is op termijn een kostbare situatie. In ‘The Spirit Level’ (2009) beschrijven Richard Wilkinson en Kate Pickett, aan de hand van allerlei vergelijkende statistieken dat grote inkomensongelijkheid correleert met: meer tienermoederschappen, meer geweld, meer gezondheidsproblemen, meer kindersterfte, meer obesitas, enzovoorts. Wat zijn de kosten daarvan, nemen we die mee in het plaatje? 

Dat het uit de hand kan lopen is duidelijk maar ik denk dat investeren noodzakelijk is voor groei en luxe uitgaven innovatie bevorderen en cultuur in beweging houden. Zonder dure winkels die bestaan van rijke klanten toch geen mode, kunst, vitaliteit. Het communisme was (aan de buitenkant) een vlakke boel vergeleken met de bruisende economie van wereldsteden waar inderdaad de rijken de toon zetten. 

De algemene indruk is nu dat het te gek is geworden en de media en de politiek maken er bijna een halszaak van, verwijzend naar wat Piketty, overigens ook samen met Emmanuel Saez, opdiepte uit de archieven. De rijken aanpakken met een zwaar progressieve vermogensbelasting gaat echter voorbij aan de veranderde verhoudingen, aan de historisch lage rentevoet (er is geen vast rendement meer te maken) en aan de volatile waardering van werkend kapitaal.  

Kapitaal versus arbeidsinkomen  

Hier komt dan geruchtmakend boek over de kapitaalsverhoudingen. ‘Capital in the 21st Century’ van Thomas Piketty in beeld. Het is een oorspronkelijk Frans boek (2013), gebaseerd op historische data van een paar eeuwen. Het is eigenlijk erg econometrisch en niet erg politiek, maar het heeft veel aandacht gekregen uit die hoek. Vooral linkse politici zoeken er steun in voor het aanpakken van het kapitaal, de vermogensongelijkheid en willen daarmee de inkomensongelijkheid verminderen, meestal ten koste van de vermogensongelijkheid, de rijken moeten bloeden. 

Het boek behandelt de vraag of het rendement op kapitaal niet steeds bepalender wordt in de economie omdat daarmee ook steeds meer het evenwicht tussen inkomen uit werk en inkomen uit kapitaal verloren gaat; meer rijken en minder beloning voor werk dus. Piketty verwacht dat ook de komende jaren de vermogens harder zullen groeien dan het inkomen, waardoor de vermogensongelijkheid fors zal toenemen. Hij toont verder aan dat groot kapitaal beter rendement (dat is wat anders dan rente, die nu historisch laag is) krijgt dan de kleinere spaarder en daardoor nog sneller groeit; er is een schaalvoordeel voor grotere vermogens. Kapitaal en groei lopen de laatste tijd dus meer uit de pas en daardoor stroomt het geld naar de kapitalisten en bedrijven die steeds meer besparen en dat weer investeren. 

Het verschil tussen wat met werk en door kapitaalsgroei en -investering wordt verdiend, groeit. Vanaf 1980 tot 2011 is de wereldwijde arbeidsinkomensquote gedaald van 63% naar 54%, dus er werd geleidelijk minder verdiend aan werk en meer aan kapitaal(groei). De trend van kapitaalsaccumulatie die begon in de vorige eeuw is door de globalisering alleen maar versterkt. In de twintigste eeuw was die volgens Pikkety onder meer door de grote oorlogen wat meer in evenwicht gekomen na de kapitalistische hoogtijdagen van de Belle Epoque (1870- 1914) en de industriële revolutie. Anderen zien de politieke opkomst van de arbeidersklasse als oorzaak van die matiging.  

Piketty gebruikt de formule R>G met R voor rendement en G voor groei. 

R is dan in procenten wat een kapitalist (of alle kapitalisten samen) aan z’n vermogen verdient en G is het percentage van de groei van de economie. Voor een nationale economie is R dus het rendement dat op alle privé kapitaal wordt gemaakt en G de groei van het nationaal product. Zijn centrale these is dat als het kapitaalsrendement groter is dan de groei (van het nationaal product, de hele economie) er geld naar het kapitaal stroomt. 

Deze formule is een simplificatie maar zet het probleem van de spanning tussen die twee begrippen wel duidelijk neer. 

Denk even aan een afgesloten economie met net zoveel kapitaal als het national inkomen, dus een simpele situatie. Als er 4% rendement wordt gemaakt op kapitaal bij een 1% groei van de economie (een situatie die vrij realistisch is) dan stroomt er 3% naar de kapitaalverstrekkers en dat gaat ten koste van de rest (werknemers, overheid). Zo zuigt het vermogen (kapitaal) dus op den duur de economie leeg. In de actualiteit is er nu veel meer kapitaal dan nationaal inkomen, dus is het leegzuig effect groter, de rijken worden nog sneller rijker. 

Het rekensommetje is niet zo moeilijk, Piketty heeft een punt en komt met cijfers die dat ook aantonen, zeker voor de grote landen. Hij schetst de verontrustende trend dat omdat het vermogen al in handen is van een zeer kleine minderheid (de 1% rijken waar de Occupy beweging op afgeeft), die ook de beste rendementen weet te vinden of af te dwingen en steeds rijker wordt. 

Dat is precies wat de laatste tijd duidelijk wordt, op wereldschaal. Omdat de economische groei ook door de crisis achterblijft bij het rendement en R dus steeds groter is dan G, wordt dat de laatste tijd steeds erger, de machtsbasis verschuift steeds meer van arbeid naar kapitaal. 

Er is een perverse situatie ontstaan, het woord roof-kapitalisme (plunder-capitalism of predative capitalism) wordt wel gebruikt. 

Hier zit de politieke angel van Piketty, want is dat ook voor de toekomst onvermijdelijk? Hij denkt van wel en dat past mooi bij de tijdgeest. Geef de rijken de schuld! Omdat die rijkdom volgens hem toch vaak door vererving is verworven (en daarna goed beheerd) heb je als arme sloeber niet veel kansen. Ongelijkheid dus, en niet alleen in geld op de bank of aandelen, maar ook in kansen. Rijke mensen spelen elkaar de bal toe en hebben ook meer over voor opleiding en netwerken, dat is sociaal kapitaal. 

Daar is dus in zijn visie weinig aan te doen, al gelooft Piketty dat je met een (wereldwijde) progressieve vermogensbelasting de zaak wel kunt rechtttrekken. Leuk voor links, maar er is echter kritiek op z’n aanpak, want pakken we zo niet de kip met de gouden eieren aan? Het probleem is namelijk dat de groei vaak veroorzaakt wordt door wat die 1% rijken (of de innovatieve ondernemers op weg daar naar toe) doen en bedenken en dat is rendementsgedreven. Zij zijn niet alleen de profiteurs, maar ook de motor van de vooruitgang en ook niet alleen op geld uit. Dat Dagobert Duck beeld van vrekkige geld stapelaars is te beperkt; veel rijken beseffen ook wel dat dit niet houdbaar is en mensen als Soros, Buffet en Gates zijn bekende filantropen die miljarden geven voor allerlei projecten, maar het systeem echt veranderen doen ze niet. 

Overigens wordt ook betwist dat overerving nog zo’n rol speelt, tegenwoordig zijn overbetaalde hedgefund beheerders, CEO’s en succesvolle ICT-ondernemers de nieuwe rijken, hoogstens zullen de erfgenamen van de huidige self-made miljardairs in de toekomst een grotere rol spelen. 

Ook het idee van groei is wat dubbelzining. Groei van de economie wordt door besparingen of groei van het aantal deelnemers aan de economie (werkenden) gerealiseerd, de instroom van vrouwen heeft de formele BNP (of BBP) groeicijfers de laatste decennia onrealistisch vertekend. 

Thomas Piketty is geen pessimist, hij voorspelt geen onvermijdelijke clash en systeemcrisis zoals Marx. Eigenlijk ziet hij, op basis van 300 jaar cijfers over de economie, een vrij stabiele (maar erg ongelijke) verhouding tussen kapitaal en inkomen en trekt die lijn (wat ongenuanceerd zeggen de critici) door. Pas in de 20e eeuw ging het door de oorlogen en crises (en de toegenomen mondigheid van de arbeiders stellen anderen) anders, maar de laatste decennia groeit het kapitaal weer ten koste van arbeidinkomen. 

Het zijn niet alleen de werkers die steeds slechter betaald worden, ook de goedkope kredietverstrekkers (spaarders) betalen het gelag. Hun pensioen worden aangevreten door beheerskosten, inflatie en claims van een overheid die de systematische gaten (vergrijzing) probeert te dichten. De rijken die hun geld niet bij de bank tegen lage rente hebben vastgezet maar actief hebben gemaakt hebben minder last van inflatie, betoogt Piketty, omdat hun bezit (aandelen, grond) meer waardevast is. 

De R>G formule is helder, maar ook in mijn visie wat te simpel. Rendement R is niet onafhankelijk van G en de groei G hangt weer van R af. De grootheden waar het om draait hangen van elkaar af. Kapitaal is ook nodig voor de economische groei, zonder investeren wordt er niemand beter van. Groei is een factor van kapitaal, maar kapitaal (verstrekken) weer een factor van (verwachte) groei. Het kapitaal aanpakken betekent ook de motor van de economie frustreren, dat mensen rijk en superrijk (kunnen) worden is ook sociaal-psychologisch een ambitie-factor. 

Bij krimp wordt overigens de verschuiving naar kapitaalsinkomsten nog groter. Neem de situatie dat een economie bespaart (op grondstoffen) en daardoor krimpt, dat gaat nog meer ten koste van de arbeidsinkomsten, want de kapitaalverstrekker zal die besparing incasseren en het verschil tussen R en G wordt nog groter.  

Ook spelen in dit spel tussen R en G de grootte van het kapitaal dat rendement zoekt en de grootte van het nationaal product mee. Want waarop maak je rendement? Toch niet over de totale waarde van een economie, zaken als grond en onroerend goed leveren wel rendement, maar overheidsbezittingen (publiek vermogen) meestal weer niet, hebben die dan geen waarde, ook niet als het om bedrijven en deelnemingen gaat? Het gaat om welk deel van het vermogen is omgezet in werkzaam kapitaal en dat zijn geaccumuleerde besparingen en gegroeide waarde (van aandelen bijvoorbeeld), maar er zijn andere waardes (vermogen) zoals grondstoffen in de bodem (ons gas is al bijna privaat kapitaal door de deals met de oliemaatschappijen) en de investeringen in onderwijs. 

Piketty gooit vermogen en kapitaal op één hoop. Hij analyseerde echter vooral het rendement van kapitaal en geeft als voorbeeld dat rijke universiteiten in de VS op hun tientallen miljarden dollars aan vermogen wel 10% maken. Maar is dat realistisch, ook voor de kapitalisten bij ons of uitzonderlijk? De grote institutionele investeerders (die vooral met pensioengelden werken) proberen welmeer rendement te maken dan 4%, maar dat lukt in ieder geval in ons land maar matig. Men gebruikt nu ook de hedgefunds om wat meer opbrengsten te scoren, maar die speculeren weer leuk mee en dekken risico’s af door deals waar de pensioenfondsen op een andere manier in zitten. 

De rijken maken hier ook niet de enorme rendementen waar Piketty het over heeft. Charlene de Carvalho-Heineken, de rijkste miljardaire van ons land met iets van 7 miljard vermogen krijgt een dividend dat de laatste jaren tussen de 1,5 en 2,5% ligt en ook Randstad stichter Frits Goldschmeding met 4,5 miljard trekt gemiddeld geen hoog dividend. Ook hier zijn de nieuwe rijken vooral werkende aandeelhouders en we kennen hier wel dikbetaalde bankiers, maar de miljarden aan salaris en bonussen van de Amerikaanse hedgefunds kennen we hier niet. 

Het probleem van simplificaties is dat de economie veel complexer in elkaar zit dan wat formules. Zo lijkt het wel, alsof Piketty de basis van veel besparingen, de behoefte aan zekerheid, niet goed inschat. Veel zogenaamd kapitaal is een oudedagsreserves, mensen willen zekerheid voor later. Wanneer die zekerheid op een andere manier is geregeld zoals bij ons AOW-omslagstelsel, zullen mensen minder sparen. Je kunt dat virtueel of zelfs emotioneel kapitaal noemen, het negeren in statistiek en tekortberekeningen zoals ook de overheid en de WRR in zekere zin nog doen is onzin. De emotionele waarde vertaalt zich in gedrag, minder oppotten en dus een vertekende kapitaal/inkomensverhouding.  

De Nederlandse situatie  

De vraag over welk kapitaal dat rendement R gemaakt wordt en wie daarvan profiteert en waarom dat kapitaal er is, blijkt met name voor ons land van belang en hier gaat de redenering van Piketty niet goed op. Het onderscheid tussen kapitaal (werkend vermogen) en totaal vermogen speelt hier mee, wat zie je als kapitaal? Zo hebben we hier al heel lang een vermogensbelasting (de ondertusssen wat achterhaalde Box 3 aanpak kijkt naar de waarde, niet of je er iets mee verdient). Bij ons zijn de inkomenverschillen niet zo ver uit de pas gaan lopen, afgezien van het verdampen van het middenveld en een paar inhalige topmannen en hebben we een stabiliserende pensioenpot. 

De vermogensverschillen lijken groot, maar vallen mee als je de pensioenaanspraken en reserves meeneemt. In Nederland, met zo’n 1100 miljard pensioenreserves, bijna twee keer zo groot als het nationaal product en bijna drie keer zo groot als de staatsschuld, is de R>G situatie dus misschien wel zorgelijk maar minder extreem. De herverdelende werking van het AOW-stelsel blijkt in Nederland zeer sterk te zijn, stelt ook de WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid), maar bepaalt dus ook de zekerheidsbehoefte en dus kapitaalsbehoefte. Neem je mee, dat AOW aanspraken zorgen voor een mindere zekerheids/ kapitaalsbehoefte bij de massa en daarmee de vermogensverhoudingen beïnvloeden, dan wordt het plaatjes anders. De AOW is virtueel kapitaal dat in de praktijk ons spaargedrag beïnvloedt en dus volgens mij kan meetellen in het vermogensplaatje. Als we die AOW aanspraken heel conservatief waarderen op 100.000 euro (14.400 euro per jaar gekapitaliseerd bij een uitkeringsduur van 20 jaar is veel meer) dan heeft iedereen dus een virtueel kapitaaltje (te goed) en rekent daar ook mee. De vermogensverhoudingen tussen rijk en arm worden, als we dat virtuele kapitaal meerekenen, dan heel anders dan wat men nu aangeeft, namelijk dat 10% van de mensen 61% van het kapitaal in handen heeft (WRR studie 2014). 

We hebben als Nederlanders en als staat ook wel schulden, maar zijn eigenlijk een enorm rijk land qua reserves. Het eigen-woning bezit hier is wat minder dan in andere Europese landen en de VS en het is zwaar belast met (aftrekbare) hypotheken, daardoor scoren we qua rijkdom niet helemaal in de top. We zijn enorm pensioenzwaar maar de waarde daarvan is helaas deels opgehangen aan te hoge waarderingen van onroerend goed. De pijn van onze economie zit in de hele manipulatie van de huur- en huizenmarkt en de hypotheekaftrek en de domme privatiseringen, die maar niet ophouden (de Amsterdamse Haven!) en niet zozeer in de R>G problematiek die wereldwijd wel aan de orde is. 

Rendement maken en speculatie 

We leven op krediet en virtuele speculatiewaardes en het kapitaal profiteert daar meer van dan de burger en werker. Maar wat is dan het kapitaal, vraag ik me af. Het bezit van de superrijken is meestal hun aandelenbezit, op basis van beurswaarde. Dat fluctueert en dan denken we dat ze rijker of armer worden, maar is dat wel waar? Ze kunnen of willen vaak die aandelen niet verkopen en hun winsten incasseren en het dividendrendement is meestal vrij beperkt. 

Het onderliggende probleem is dus ook om echt rendement maken. De 10,2% rendement bij de Amerikaanse universiteiten die Piketty aangeeft, wordt behaald door grote risico’s te nemen en heel alert te zijn om de sprongen in bijvoorbeeld de beurskoersen te gebruiken. Het is alleen haalbaar bij stevige speculatie en dus ten koste van anderen. Je kunt nooit zelfs maar 4% echt rendement maken als er niet ergens ook bespaard of verdiend wordt op werk, grondstoffen of energie of als er productiviteits-groei is, anders is het speculeren en gaat het ten koste van een ander of is het potverteren zoals we met onze gasvoorraden doen. 

Eigenlijk zou bij het denken over kapitaal een veel duidelijker onderscheid gemaakt moeten worden tussen hard rendement zoals dividend of huur en de koerswinsten. Beurskoersen hebben wel een soort basis in de intrinsieke waarde van het bedrijf en in koers/winstverhoudingen, maar juist de koersen van de grote spelers in bijvoorbeeld de ICT en daar zitten veel grote vermogens, zijn vaak erg speculatief. Investeerders, zeker degenen die per kwartaal leven en dat zijn helaas ook de grote fondsen, zoeken geen hard en stabile rendement, maar koerswinst en jagen elkaar op of juist de ellende in. Ook de winstbepaling van bedrijven houdt geen rekening met lange termijn effecten, milieuschade en de kosten van opheffing. 

Denk aan de pensioenfondsen bij ons, grote organisaties die moeite hebben 4% te realiseren en daarbij naast dividend-en obligatie-inkomsten elkaar dus maar opjagen op de beurs en dat gaat geregeld mis. De feitelijke bezitters, dus de pensioengerechtigden, moeten ook nog de kosten van het fonds betalen en zien het Piketty schaalgrootte effect, als het er al is, niet terug. Ook allerlei beleggingsconstructies zijn zo opgetuigd, dat de kleine investeerder zelden een hoog rendement ziet. De banken, verzekeraars en de financiële wereld houden meer dan hun deel als kosten in. Maar, en dat matigt de kritiek, daar wordt dus feitelijk weer werkgelegenheid mee in stand gehouden. 

Binnenlands is een hoog rendement bijna onhaalbaar, behalve dan in die onroerend goed markt, waar nu echter leegstand en vergrijzing hun tol eisen en we via huursubsidie vooral geld rondpompen. Dus zit ons geld (via de banken en fondsen) vaak in riskante avonturen in het buitenland en investeren we binnenlands maar weinig, terwijl we eigenlijk barsten van het geld, waar anderen dus profijt van hebben. 

We hebben geld, er is gespaard, we zetten geld weg voor onze oude dag, maar investeren we dat echt verstandig? Natuurlijk, we kunnen investeren in bijvoorbeeld mobiliteit, energiebesparing en milieu en dat brengt zeker rendement, we hadden al lang hogesnelheidstreinen moeten hebben die het doen en getijde-centrales op de Noordzee. Maar wat doen we, we steken geld in staatsschulden van ‘zielige’ landen en laten de EU dat garanderen. Is dat rendement in klinkende munt, iets waar we nu geld in kunnen steken met een redelijke zekerheid voor wat betreft de resultaten? Er is een financiële carrousel opgetuigd, met absurde waardes voor onroerend goed en belastingtechnische slimmigheden, maar een normale bankcultuur of zorg-economie hebben we niet kunnen afdwingen. De overheid, het bedrijfsleven en de particulier doen allemaal mee in de ratrace, die we rationele economie noemen, maar die neerkomt op een soort geldkermis. De pensioenbeheerders jagen (namens ons dus) samen de beurskoersen omhoog, de onderliggende waarde telt nauwelijks. 

Ik vóór Wij, zelf beter worden ten koste van het collectief! 

De financiële ineenstorting die in 2008 de VS en daarna de wereldmarkt zo’n enorme klap gaf, had vooral te maken met illusies, het oprekken van de virtuele waarden van zekerheden (zoals huizen) in constructies in de beleggings- en investeringsmarkt. Dat was weer het gevolg van de toenemende behoefte aan zekerheid bij een ouder wordende bevolking, die steeds meer materialistisch en dus angstiger ging denken en werd verleid door de mooie projecties van de fondsen, banken en de overheid. De tijd dat je je beloning in de hemel kreeg zijn wel voorbij, de hel is een oude dag zonder hulp of pensioen! 

Het leek zo eenvoudig, we gingen onze gespaarde welvaart, dus de pensioengelden die eigenlijk het grootste deel (80% zegt Sander Boelens) van het te investeren vermogen van banken, fondsen, bedrijven en de overheid vormen, zodanig investeren dat er rendement ontstond. Het probleem was alleen dat men dat rendement veel te beperkt zag, bijna als een virtueel spelletje, aan elkaar geknoopt met loze beloftes, verwachtingen en speculaties. Rendement werd een financiële constructie van luchtbellen, echt rendement in agrarische opbrengsten, gezondheid, milieu, in zinvol werk, energiebesparing, mobiliteit was nog wel ergens in beeld, maar niet meer bepalend. De economie werd een luchtbel, die dan ook klapte, maar hebben we wat geleerd? Het is nog steeds allemaal bonusje regelen, zakkenvullen, speculatie en luchtfietserij. 

Vooral de institutionele beleggers zoals pensioenfondsen maken elkaar gek op de beurs, geholpen door een klein clubje ego-trippende wolven die elkaar proberen de loef af te steken zonder de echte belangen te behartigen. We beschermen vooral de schijnzekerheid, de rare en afgedwongen huurverhogingen van 6,5% de laatste jaren (waarvan 2,5% via de corporaties gewoon naar de staat gaat) krikken de huizenprijzen weer wat op, maar ook de huurquote. Wie kan 50% of meer van z’n inkomen betalen voor huur? Dat gebeurt nu, een AOW-trekker kan niet meer zonder huursubsidie, huren is absurd duur en dat bij een historisch lage rente. Het is beschermingsgedrag, de hele piramide van banken, pensioenfondsen en beleggingen blijft zo in stand ten koste van de spaarcenten van particulieren en het besteedbaar inkomen van de massa. 

Echt rendement behalen is eigenlijk alleen mogelijk door te besparen op grondstof- en energieverbruik van morgen, door betere infrastructuur om vervoerskosten te drukken, maar vooral en daar zit de crux door meer ICT om in de toekomst te besparen op werk. Maar dat kost arbeidsplaatsen. 

Beperkte visie en projectie, geen oog voor zelfcorrectie 

Piketty erkent dat de belangrijkste factor in het beperken van de macht van het kapitaal de verspreiding van kennis en kunde is, maar gaat daarbij niet in op wat cyberspace daarin betekent. Hij gaat eigenlijk een beetje voorbij aan de laatste technische ontwikkelingen en eigenlijk ook aan de rol van internet, dat hij alleen noemt in relatie tot het klappen van de internet-bubble in 2001. Met name ziet hij niet dat de waarde van kennis afneemt, kennisongelijkheid is vaak de basis van de (over)winst en dus rendement(sverschillen), maar de cyberspace transparantie knaagt daar aan. 

Hij schetst dus zonder daar rekening mee te houden een positief beeld waarin de wereldeconomie terugkeert naar de stabiele ‘default modus’ van het kapitalisme, tenminste als we een progressieve belasting op vermogen invoeren. Zijn aanname van 4 à 5 procent rendement en 1,5 procent groei voor de toekomst is meer een aanname. De lijntjes uit het verleden kun je gezien de technische ontwikkking niet doortrekken, zoals hij doet, zeker niet in het licht van de internet ontwikkelingen. 

Zijn advies, progressieve vermogensbelasting, past wel in de trend om uitpuilende winsten van met name multinationals op slinkse manieren buiten de fiscus te houden. Hij lift mee op het anti-kapitaal gevoel, op het sentiment dat banken en bedrijven alleen maar op geld uit zijn. De geldwereld heeft zich, ook door de mogelijkheden snel geld weg te sluizen en online te speculeren, verscholen achter aan soort wal. Er is een soort van vesting geschapen rond het grote geld, daar kunnen buitenstaanders en zelfs regeringen niet meer bij, omdat het letterlijk in seconden weg kan schuiven. 

Dat resulteerde in een onderbuik gevoel, dat zich al manifesteerde in de Occupy beweging. Men ziet Piketty nu als een soort nieuwe profeet. Onterecht, want bij alle mooie en verantwoorde cijfertjes zijn z’n conclusies en voorspellingen wel heftig, maar ook speculatief. 

De oplossing van Piketty, progressief belasting heffen op vermogen, is zoals alle belastingen een kwestie van herverdeling en dat heeft gevolgen; de spelregels wijzigen en er zullen spelers af vallen (niet meer investeren of in niet belastbare dingen) en bij komen. Wat gebeurt er als je een bepaalde belasting heft? Vlucht het kapitaal en bij welke hoogte en waar naar toe? Het aan de economie onttrokken geld zou anders geïnvesteerd zijn in activiteiten met een rendement, dat dus ook verloren gaat. Dit soort overwegingen, die met elasticiteit, opportunity costs en draagvermogen te maken hebben en door Nobelprijswinnaar James Mirrlees ook zijn onderzocht, vertroebelen Pikketies argumenten voor vermogensbelasting als brede oplossing. 

Er wordt wel gesuggereerd dat maatregelen als belasting op speculatie, geldverkeer (Tobin Tax), milieuverontreiniging en overconsumptie een betere manier zijn om het evenwicht tussen kapitaal en werk te herstellen. Verhogen van het minimumloon, iets wat in de VS nu speelt omdat men daarmee nu eigenlijk onder de armoede grens leeft, is ook een optie. Predistributie, dus voor belasting en herverdeling de verhoudingen verbeteren, is de meest elegante oplossing. Het klinkt simpel, maak de minima wat rijker, dus minder ongelijkheid, dat helpt de consumptie en vermindert de sociale stress. 

Ook is het de vraag, of men een verder afnemende werkgelegenheid het hele economische model niet op de schop gaat, want wat zou bijvoorbeeld een basisinkomen voor iedereen betekenen voor rendementen en kapitaalsaccumulatie? 

De economie mag dan wil schijnbaar afstevenen op een crisis, maar we zijn niet helemaal hulpeloos, meestal vindt men wel wegen om te grote ongelijkheid wat in te dammen. Het zelfcorrigerende vermogen van de samenleving is groot, en de crisis als waarschuwing is wel aangekomen. We zien beperkingen in topinkomens, extra belasting voor superrijken en beperking van superpensioenen. 

Ook mis ik in het werk van Piketty kritiek op het begrip rendement, dat is namelijk geen rekenwaarde maar iets wat verankerd moet zijn in de realiteit; de meeste rendementen in de financiële wereld zijn fictief, houden geen rekening met de echte kosten en baten en lange termijn kosten qua milieu of zorg (voor werklozen bijvoorbeeld). 

Piketty heeft veel losgemaakt, maar naar mijn mening is dat ook z’n voornaamste verdienste. Z’n boek vindt ik moeilijk leesbaar, vol met kritiek op eerdere onderzoekers die zich niet op brede data baseerden, maar hoe relevant zijn zijn keuzes, ook qua databronnen? Het blijft vol zitten met aannames, maar zijn die dekkend en ingecalculeerd? Hij noemt dat door kleinere gezinnen de erfsommen groter worden en daardoor vermogensverschillen toenemen in landen met weinig kinderen, maar werkt dat niet echt uit. 

Rendement en de echte kosten 

Het grote probleem is, ik noemde dat al, dat een 4% echt rendement op gebakken lucht eigenlijk onhaalbaar is in een potverterende en vergrijzende wereld, als we het in brede zin bekijken. Een actief hedge-fonds kan (met paitaal van anderen speculerend en gebruikmaken van hefboom-constructies) door steeds koerswinsten te effectueren (door kopen en verkopen) inderdaad dubbecijferige rendementen rapporteren, maar dat is speculatiewinst, dat gaat ten kosten van anderen.  Sparen is een zekerstelling voor de toekomst, maar investeren (kapitaal verschaffen) doen we vooral omdat er rendement is. Onze investering komt terug in besparingen op kosten zoals energie of grondstoffen, maar vooral op arbeid. We steken er geld in en verwachten dat dingen beter, sneller of goedkoper gaan, dat noemen we dan vooruitgang. Maar is er nog echt rendement te verwachten van al die vooruitgang als we het breder bekijken? Niet in de zin van rente of papieren winsten, maar rendement in sociale zin en op lange termijn ook economisch. 

Want rendement in die zin is een verhaal van baten, maar ook van kosten, risico’s en lange termijn gevolgen. Wat kost een werkeloze van 18, die nooit werk zal vinden, maar wel iets van inkomen, begeleiding en zorg nodig heeft en hoe houden we hem of haar op het rechte pad of wat kost correctief ingrijpen? Dergelijke kosten vegen we nu onder het tapijt van de medische voorzieningen, bijstand, zorg en justitie, maar zijn er wel degelijk. Ontevredenheid is een kostenpost, mensen zonder doel en zinvolle bezigheden gaan amok maken, worden ziek, lastig, crimineel of opstandig, en dat kost veel geld.  

Rendement van investeringen is, in die brede visie, veel meer dan een nominale rente op vermogen, het is de totale som van kosten en opbrengsten van die investering en dat is inclusief de kosten van frustratie en opstandigheid. Lastig te bepalen, maar niet verwaarloosbaar. 

Robotisering en automatisering: rendement en bedreiging 

Wat doen we met overbodige arbeidskrachten, die we door automatisering wegbezuinigd hebben of door het verplaatsen van fabrieken naar lage lonen landen werkeloos maken? Dat is het grote probleem voor de komende jaren, misschien hebben we vanwege de vergrijzing nog wat respijt, maar het ontkennen is niet verstandig. Als we zo doorgaan ontstaat er naast de nu al rijke bovenklasse met vermogen en een superklasse van grootondernemers, plutarchen, creatieven en kenniswerkers met bijzondere talenten, ook een grote groep zonder werk, zinvolle tijdsbesteding en dus potentieel een onderklasse. Het is de schaduwkant van de vooruitgang, wat doen we om gelukkig te blijven en het gevoel te houden dat iedereen meetelt en van belang is? 

Als land en als Europa - met ook nog een gapend vergrijzingsprobleem - ligt de oplossing niet in een tweedeling (oud/jong, arm/rijk, eigen volk/vreemden) maar in beter delen en nu nadenken over wat we mensen zonder werk of met deelwerk gaan laten doen. Proberen we ze met brood en spelen zoet te houden, te hypnotiseren met wat de moderne media en wat cyberspace aan vermaak te bieden hebben of gaan we nadenken over wat menszijn en betrokken zijn eigenlijk betekent? 

En zorgen we voor vervangend werk? Nee toch, dat zijn loze verhalen, we besparen ook op cultuur, zorg, aandacht, cohesie, liefde. Cyberspace vreet marges, tast winsten en banen aan. Ook het werk van hoog opgeleiden verdwijnt, er is tegenwoordig weer meer behoefte aan vaklieden dan aan administratieve witte boorden, die door de automatisering vooral overbodig worden. 

Het argument tegen dit wat doemdenkerige scenario kan natuurlijk ook zijn dat de technologie altijd wel weer oplossingen brengt, nieuwe bezigheden en nieuwe kansen. Cyberspace is deel van het probleem, maar hopelijk ook deel van de oplossing. Is wat avonturen in cyberspace, desnoods in virtual reality, niet de ideale oplossing om mensen bezig te houden, met digitale brood en spelen, bezigheidstherapie en ‘always on’ afleiding? Dus waarom vertrouwen we niet op de vooruitgang? Zijn er geen uitdagingen qua milieu, global warming en nog steeds ongelijkheid in de wereld waar we mee aan de gang kunnen? 

De grote vraag is in hoeverre internet en de modern techniek ons het werk uit handen en uit het hoofd gaat nemen? Je kunt er positief tegenaan kijken. Want heeft de auto de koetsiers werkeloos gemaakt, de kopieermachine de drukker, de digitale foto de fotobranche? Zo is het altijd gegaan, zag de econoom Simon Kuznets en kwam met de omgekeerde U-curve die aantoonde dat het misschien even minder, maar uiteindelijk altijd beter is gegaan. Het kan allemaal worden opgelost, er komen hele nieuwe branches met werk dat we ons niet eens kunnen voorstellen (mijningenieur op de maan?), nieuwe recreatieve opties (en drugs), we kunnen onze vrije tijd leuk gaan invullen, de machines het werk laten doen en we bedenken wel weer wat, we worden creatief! Zo is het altijd gegaan, zag Kuznets en kwam met de omgekeerde U-curve die aantoond dat het misschien even minder, maar uiteindelijk altijd beter is gegaan. 

Is het leven niet stukken makkelijker geworden? Niks geen ploeteren op het veld meer, niks geen geestdodende lopende band werk, allemaal happy toch :-)? Met computers en internet zijn natuurlijk al allerlei nare routinetaken geautomatiseerd. We kunnen elektronisch bestellen, betalen en allerlei administratieve zaken afhandelen. We sparen tijd en kosten en het leven wordt makkelijker en comfortabeler, maar hier zit de angel; het is duidelijk dat dit ook werkgelegenheid heeft gekost en zal kosten. Internet is de grote werkvreter en uitvlakker. Arbeid is verschuifbaar geworden, naar lage lonen landen of machines, en de ongelijkheid tussen landen is wel minder, maar tussen armen en rijken juist toegenomen. Kennis en kunde, ooit het middel om je te onderscheiden, kun je overal inkopen, in Mumbai of Kinshasa hebben ze ook internet en slimme vogels en die kosten minder! En er zijn winnaars, die ook nog niet alleen uit rijke ouders komen, maar die laten weinig ruimte als ze eenmaal slagen, want winner-takes-all is de stille deelgenoot in het grote cyberspace globalisatiespel.Het kan allemaal meevallen, we kunnen onze vrije tijd leuk gaan invullen, de machines het werk laten doen en we bedenken wel weer wat, we worden creatief! Blijft er nog werk over, vinden we andere zinvolle bezigheden, creatieve activiteiten of wordt het luieren, de sportschool, gamen en passief genieten van wat anderen voor ons maken? 

Over het tijdsperspectief kan verschillend gedacht worden. De meest negatieve scenario’s zien massaal banen verdwijnen op termijn van een jaar of vijf. Ze wijzen dan op het verdwijnen van de secretaresses of de zelfsturende auto, die nu door verschillende fabrikanten wordt aangeboden. Misschien is dat te pessimistisch. Voorlopig is er bij een verouderende bevolking die met pensioen gaat en zorg vraagt nog wel wat te doen. Op termijn kunnen we echter niet ontkennen dat cyberspace het traditionele werken ondergraaft en daar helpt de mooie kreet ‘Het Nieuwe Werken’ (HNW) ook niet bij. Dat begrip betekent in de praktijk werk reorganiseren (=besparen), verplaatsen of uitbesteden, maakt de werker meer afhankelijk en fragmenteer en atomiseert de taakinhoud, waardoor de betrokkenheid en het plezier vermindert. 

Raakloos werk verdwijnt 

Werk voor specialisten en topexperts zal er wel blijven en ondernemers zullen nieuwe kansen zien, maar een gewoon baantje of vooral de ‘raakloze’ kantoorjob die niets fysiek meer met mensen of producten van doen heeft is in gevaar. Die wordt langzamerhand wegbespaard en geautomatiseerd. 

Laat ik dat eens praktisch maken. In Groningen bouwt Google enorme cloud-facilities, serverparken die dienen om wat anderen niet meer op hun computers willen, op te slaan en te verwerken. Dat soort investeringen worden met gejuich ontvangen; men roept over werkgelegenheid en vooruitgang, als klein land weten we dat toch maar binnen te slepen! In feite gaat het na de bouwfase (en de investering van zo’n 700 miljoen) om werk voor maar een paar honderd mensen, die zorgen voor onderhoud, schoonmaken en wat beheer, echt geen topbanen. 

Die mooie cloud-computers van Google vervangen echter wel de servers en apparatuur bij grote en kleine bedrijven, kleinere providers en particulieren. Die zien of verwachten grote besparingen omdat ze geen beheer, onderhoud, energie, vervanging, afschrijving etc. meer nodig hebben; dat laten ze nu over aan Google en de clloud en dat kost stukken minder. Vooral minder in mensen en werk, dat is duidelijk. Het gaat alleen al in ons land om al een paar honderdduizend kleinere servers, want ieder klein bedrijf, makelaar, administratiekantoor etc. heeft of had wel een server staan. Die gaan dus verdwijnen, alles naar de cloud. Maar dat kost dus het werk van de computerbedrijven die ze installeerden, verkochten en onderhielden, maar ook de inkomsten voor Microsoft waar men voor licenties betaalde, etc.. 

De cloud bespaart miljarden, maar vooral in werk. Dus tel uit je winst, dit is geen win-win verhaal. Dan mogen we blij zijn dat we aan zee liggen (want Google zit hier ook vanwege de onderzeese kabels) en nog een beetje werk overhouden! 

Nedd Ludd: weg met de machines 

Die pensioen problematiek die nu dus de beurzen weer even heeft opgejaagd, is tezamen met de dreigende automatisering/roboticagolf, aanleiding tot zorg over brede maatschappelijke onrust na 2020. De jongeren die we onredelijk zwaar belasten met premies, gesteund door werkloos geworden middengroepen en weggeautomatiseerde boeren, chauffeurs en fabrieksarbeiders gaan te hoop lopen, dat voorspelt ook onderzoeksbureau Gartner. Aggressieve protesten tegen techniek en verlies van werkgelegenheid zijn er al eerder geweest, de Luddieten (onder Nedd Ludd) hebben in Engeland tussen 1811 en 1816 weefgetouwen en machines vernield. Wie tegen computers is en ze wil vernietigen wordt wel aangeduid als neo-Luddiet. 

De komende jaren zullen we zien dat driverless logistiek (trucks zonder chauffeur), zorgrobots, mobiele data en geautomatiseerde medische monitoring en behandeling nog heel leuke investeringen in ICT vragen, maar voor chauffeurs, postbodes, lopende band werkers en boeren op de tractor is er geen werk meer. Gaan we ze dan wel betalen of stoppen we ze in kampen? Nu Google ook robotsoldaten maakt (via dochteronderneming Boston Dynamics) zijn politierobots niet ver meer. Die zien er niet uit als ‘Terminator’ cyborgs, maar als slimme automatische opzichters en buurtwachters die de zaak in gaten houden en met Bayesian logic software beslissingen nemen over ingrijpen en handhaven.  

Die camera op de hoek wordt een bijna zelfdenkende beveiligings eenheid, die via profiling en access naar grote databanken kan gaan en checken of er ergens iets niet klopt en eventueel optreden, misschien wel door je implant-chip stil te zetten of je auto of banksaldo te blokkeren. Dat er daarbij wat onschuldige slachtoffers gaan vallen, ach dat heet ‘collateral damage’, daar moet je niet over zeuren, het doel heiligt de middelen! 

Het kost allemaal wel werk, vooral werk voor handjes en routinetaken, maar ondertussen worden de rijken en slimmerds rijker en groeit de ongelijkheid. Er is wel gesuggereerd dat er geen andere oplossing voor dit probleem dan zeer brede inflatie, maar dat ligt ook niet lekker, dat is stelen van de kleine spaarders en dus weer van de pensioenreserves. Het alternatief anno 2014, zeer lage rente om de economie en investeringen te bevorderen, werkt ook niet; niemand wil geld lenen omdat er geen echt rendement meer in zicht is. We hollen onszelf uit. 

Beter met minder (angst) 

Het lijkt dus te gaan om pensioenen en het financiële kaartenhuis waar we in leven, maar eigenlijk gaat het om (on)zekerheid en angst. 

De sociaalpsychologische ontwikkeling van de laatste 50 jaar en eigenlijk de laatste paar eeuwen lijkt meer vrijheid te bieden, maar onderhuids is er meer angst, stress, onzekerheid dan men denkt. Dat is wat op een dieper niveau de sfeer en dus de economie en welzijn bepaald. We kunnen niet meer rekenen op familie en buurt, het sociale netwerk is nu virtueel, burenhulp historie, maar hoera! cyberspace moet het allemaal compenseren. 

Criminaliteit, minderheden, onderwijs, gamification (het opvlammende loterijdenken), allerlei trends zijn daar in wezen op terug te voeren, en in sociale media zien we dan wel een oplossing, maar ook dat is al over de top, e-geluk of iHappiness is maar betrekkelijk, Facebook vrienden komen niet op je verjaardag en blijken in het echt stukken minder leuk dan hun avatar in de cloud. 

Het fundamentele probleem is dat we eigenlijk geen vertrouwen meer hebben in de waarde van huizen, bedrijven, de overheid, de democratie, en langzamerhand niet meer in onszelf. Decennia van betutteling, repressie, wegnemen van vrijheid en mensen in het algemeen dwingen in het systeem te passen, hebben een volk van slaafse jaknikkers opgeleverd. Die zijn horig (onlosmakelijk verbonden) aan het kapitaal en de merken; ze vluchten in mobieltjes, platte schermen, voetbalgekte, merkkleding en materialisme. 

We geloven in onze eigen illusies, denken dat we werkelijk ons masker, onze persoonlijkheid zijn en hebben de instituten en rituelen die ons nog een beetje terugbrachten bij onze ware aard, onze ziel, in de ban gedaan of ze laten vastgroeien in het materialisme. Socialist zijn zonder je buren te kennen, religieus zijn omdat we een vangnet zoeken. 

Globalisering anders bekeken: Empire 

Je kunt de globalisering ook anders zien. In het boek ‘Empire: De nieuwe wereldorde’ (2002) van Michael Hardt en Antonio Negri en het vervolg daarop (de Menigte 2004) is het Marxistische perspectief toegepast op de globalisering. Zij zien als ideaal het bevrijden van de menselijke productiekrachten uit de kapitalistische overheersing. Die overheersing komt voort uit een structuur die zij ‘empire’ noemen, de bovenbouw van onze globale economie. Die overheersing die oude grenzen afbreekt en nieuwe schept is niet meer imperialistisch, maar mondiaal, iedereen moet er voor buigen, ook de burgers in de oude machtcentra. Globalisering betekent dus niet het einde van de natiestaat of nationale soevereiniteit, die worden ingepast in een groter systeem, het Empire, dat wereldwijd soevereiniteit uitoefent maar geen centrum heeft. De imperiale soevereiniteit werkt niet door uitsluiting zoals vroeger maar juist door gedifferentieerde insluiting, we behandelen (betalen) werkers van verschillende nationaliteiten op verschillende manieren. 

De macht van het Empire berust op biomacht (macht over het hele sociale leven, iets uit de school van Michel Foucault), gebruikmakend van de media en de communicatie-industrie en bepalend voor de economische productie, economie en politiek vallen samen in hun doelstellingen en creëren een controlemaatschappij in plaats van een normen/discipline-maatschappij. 

Hardt en Negri beschrijven verschillende lagen in het Empire model, met aan de top van de piramide de VS, dan een laag machtige natiestaten die de mondiale geldstromen en valuta’s beheersen, daaronder de netwerken die multinationals vormen om kapitaal, technologie en bevolkingen te beheersen zoals the World Trade Organization and the International Monetary Fund. De overige natiestaten dienen het Empire door de eigen bevolking ‘braaf’ te houden. Er is dan ook nog een laag die de massa, de wereldbevolking representeert met de VN, de media en de NGO’s. Het geheel wordt bijeengehouden door manipulatie van de perceptie, het spektakel dat we opgevoerd krijgen in de media (Guy Debord’s spectacle) en vooral angst schept en gebruikt als beheersinstrument. Oorlog is daarbij het middel, we verkeren in een soort van continu vijandzoeken, een bijna permanente staat van oorlogsdreiging met echte of bedachte en geconstrueerde vijanden, denk aan drugs, terroristen, Islam, ISIS. 

De gewone werkers, de multitude (menigte) die door het Empire worden gemanipuleerd, zou in de visie van Hardt en Negri een tegenkracht vormen, en zoals dat past bij een neo-Marxistische visie, uiteindelijk toch het kapitalistische bolwerk van het Empire kunnen aantasten en naar een brede democratie kunnen omvormen. De menigte wordt dan, en hier komt internet te hulp, een open, dynamisch mondiaal netwerk dat streeft naar een alternatieve samenleving en democratie. Hier zien de schrijvers een andere afloop dan Marx, want ze geloven dat uiteindelijk de liefde de democratie gaat brengen, heel optimistisch. 

Basisinkomen 

Met het oog op de verwachte ontwikkelingen, met name qua beschikbaarheid van zinvolle arbeid, zijn er wel oplossingen voorgesteld. In zijn boek ‘the second machine age’ heeft Erik Brynjolfsson geschetst hoe we het meeste routinewerk gaan verliezen aan robots en computers. Hij is niet de enige, de politiek ziet nu ook het probleem. 

Hoe gaan we dat oplossen? Dat zou kunnen met een economisch systeem, waarbij de resultaten (winsten-besparingen) van die ontwikkeling niet eenzijdig bij een kleine minderheid terecht komen en de rest in armoede storten. Het zou zinvol kunnen zijn, iedereen een basisinkomen te geven. Hoe hoog, dat is een kwestie van uitzoeken en proberen. Het zou minder moeten dan wat ze met werk zouden verdienen, want ambitie moet er wel blijven voor wie meer wil, maar genoeg om te kunnen leven. 

De website www.basisinkomen.nl formuleert het zo: ‘Het basisinkomen is een vast (maand)inkomen dat door de overheid aan iedere burger wordt verstrekt, zonder inkomenstoets of werkverplichting. Het basisinkomen is hoog genoeg om een bestaan als volwaardig lid van de samenleving te kunnen verzekeren.’ 

Een nieuw evenwicht tussen werk voor geld, werk voor anderen (mantelzorg, sociale projecten) en alle combinaties daarvan en het inkomen moet gezocht worden. Dit zou wel een heel fundamentele omschakeling van ons economisch model betekenen, en ook aan de oude ethiek van ‘wie niet werkt zal niet eten’ rammelen. 

Het is, gezien de technologische ontwikkeling echter een optie die serieus bestudeerd en misschien ook uitgeprobeerd moet worden. Daarbij moeten we ook het gevaar onderkennen dat er een nieuwe onderklasse van basisinkomentrekkers ontstaat, die buiten de orde wil en moet leven. Dat kan leiden tot uitsluiting van bijvoorbeeld wonen in de grote stad, medische topzorg, opleidingskansen, en betekent nieuwe getto’s en kansverschillen voor kinderen van basisinkomentrekkers. 

Conclusie 

Thomas Piketty heeft als wetenschapper met een duidelijk politieke en vrij linkse opinie het probleem van de inkomens- en vermogensongelijkheid op de agenda gezet, maar zijn conclusies en vooral toekomstvisie en aanbevelingen zijn minder dan z’n analyse van de historische data. Het niet betrekken van de ontwikkeling van internet en de cyberspace economie in die voorspellingen maken zijn werk irrelevant voor politieke besluitvorming, zeker in de Nederlandse situatie. In ons land is met name de pensioensituatie zo anders, dat zijn analyses hier niet opgaan. Het gevaar is dat zijn historische observaties uit andere landen worden gebruikt voor maatregelen, beleid en beïnvloeding van de publieke opinie. 

Het is nodig nieuwe inzichten te ontwikkelen in de centrifugale werking van transparantie, in hoe we het winner-takes-all effect kunnen aanpakken, en hoe we de mensen zonder werk iets te doen gaan geven zonder verdere polarisatie van de samenleving. 

Apple Watch: nieuwe richting of meehollen 

Apple Watch met Digital Crown als de nieuwe user interface. De nieuwe iPhones zijn leuk, maar niet opzienbarend, meer van hetzelfd en met wat grotere schermpjes. Het was de Apple Watch waar de meeste belangstelling naar uitging. Apple is nu ook partij in de health and fitness markt, maar is dat meehollen of pionieren. 

Met wat met natuurlijk als de volgende stap in interface beschrijft, een digitaal wieltje dat richting- en drukgevoelig is en voor scrollen en zoomen gebruikt kan worden, maar wel aan de zijkant van een horloge, wie dikke vingers heeft of een te strakke band zal daar moeite mee hebben. Tim Cook vergeleek die Digitale Kroon met de muis op de Mac en het klikwieltje op de iPod.  De Apple watch is, vergeleken met de concurrentie, een leuk ding, maar wat kunnen Samsung en LG of zelfs Microsoft in 6 maanden nog ontwikkelen? Met name het inbouwen van een sim-chip voor echte telefonie is nu de uitdaging, dat bidet de Apple Watch niet en dus zit men vast aan de koppeling aan een iPhone, erg universeel is het ding dus niet, het is voorlopig een iPhone accessoire voor sporters of mensen met een medisch probleem. 

De markt zit er al langere tijd op te wachten, maar de aankondiging van de Apple Watch op 9 september betekent niet dat het ding nu al te koop is. Het kerstseizoen wordt niet gehaald, het is een 2015 product en dat geeft te denken. Holt men een beetje achter de concurrentie aan? Samsung en LG zijn al aan de tweede en derde generatie smartwatches toe. Natuurlijk is de Apple Watch helemaal bij de tijd, met een fraai ontwerp en door de koppeling binnen iOS naar de iPhone en iPad komen allerlei nieuwe toepassingen en koppelingen in beeld. Maar is de aankondiging nu bedoeld om potentiële kopers, en er zijn altijd miljoenen ‘volgers’die alles van Apple kopen, even aan het lijntje te houden en de concurrentie wat te pesten, of zit er echt beleid en een strategische visie achter. 

Vergeleken met Jobs is Cook vast een betere ‘mensen-manager’ en accepteert een veel bredere product-differentiatie, maar mist de innovatieve visie en geniale vormgevoeligheid van Jobs. Die wist in 1997 met de iMac het toen wegzakkende Apple een nieuw elan te geven, Tim Cook past meer op de winkel en laat maken wat de markt lijkt te vragen en de techniek toelaat, ik mis de magic touch. Het klinkt allemaal te logisch, te veel doortrekken van lijntjes. Dat je bij een klein schermpje een andere interface nodig hebt, het Retina display is overigens wel aanraakgevoelig,  en dat men de iPod aansturing in een wat drukgevoeliger vorm aan de zijkant van de Watch zet als ‘digital crown’ is ingenieurswerk, geen revolutie in interfacedesign. Natuurlijk, vingertoppen zijn te groot en te onhandig, maar ik denk dat Jobs wat beters bedacht zou hebben zoals een nagel-interface, aanpasbaar aan de persoonlijke preferenties en nagelvorm. Met name vrouwen zouden dat hebben kunnen waarderen, nu is het prutsen met een interactief wieltje, waar je niet makkelijk bij kunt. Het zijn mogelijk de vrouwen, waar Apple op mikt, de veelheid kleurtjes, bandjes en uitvoeringen wijst daar op. Het ontwerp is, zeggen critici, te vrouwelijk en toch niet sexy met het vierkante dispaly en de afgeronde hoeken, maar dat kan dus juist de bedoeling zijn. 

Met een Apple Watch een mode-statement maken is blijkbaar de bedoeling in een wereld waar overigens steeds minder mensen een horloge 

Uitkeringsinstantie SVB verspilt 44 miljoen euro 

Overheids-automatisering gaat zelden goed, daar zijn ettelijke voorbeelden van zoals het mega-ERP project van de Marine met SAP dat nu tegen de miljard heeft gekost en nog steeds niet goed draait. Nu is het weer de Sociale Verzekeringsbank die bijna 44 miljoen euro afschrijft en Capgemini van het project haalt, dat werkte met Oracle technologie. 

Men hoopt nog delen van de ontwikkelde code te kunnen gebruiken, maar na grondige analyse kwam men tot de conclusie dat wat CapGemini al leverde niet aan de verwachtingen voldeed en dat kappen de beste oplossing was. De normale uitbetalingen van AOW, ANW en Kinderbijstand zijn en blijven gegarandeerd, men gaat de oude zooi nu eerst wat bijwerken en oppeppen. Het is overigens een al langer lopend verhaal over knoeierig aanbesteden en experts die het ook niet kunnen, beide partijen verwijten elkaar van alles. Capgemini is al vijf jaar bezig om een toen ook al lopend (sinds 2006) automatiseringsproject tot een goed einde te brengen. In 2008 werd besloten om niet de complete systemen te vervangen, maar een schil te bouwen om de bestaande CRM-, workflow- en database-elementen heen. Vervolgens won Capgemini een Europese aanbesteding als implementatiepartner met Oracle als basis=technologie. Capgemini ging door met eerst een kleiner systeem voor de uitkering aan vrijwillig verzekerden, dat ook is opgeleverd. In 2010 stapte men weer van het schil-idee af en schoof het hele project weer een jaar op. In juni 2013 stelt de IT-afdeling van de SVB bij het testen vast dat er problemen zitten in de door de Capgemini opgeleverde software (in India gemaakt). Oracle kan het ook niet oplossen, de infrastructuur is niet OK, maar die is weer door een ander geleverd, een klassiek verhaal. In 2014 komt KPMG ook nog even meekijken en doorlichten, maar nu valt dus het doek. Het totale traject heeft al 121 miljoen euro gekost met nu slechts een weerkend deelsysteem voor vrijwillige bijdragen als resultaat. Dit soort missers maakt vooral duidelijk dat de overhead als opdrachtgever total niet is ge-equipeerd voor dergelijke grote projecten, iets wat steeds weer blijkt in allerlei projecten, ook buiten de ICT, zoals de HSL. Dat de SVB toch stelt de beoogde besparing van 30 miljoen kosten per jaar gehaald te hebben is een gotspe. Dergelijk gerommel met budgetten en verwachtingen, maar ook de voorlichting aan het publiek (wij betalen de SVB via onze inhoudingen en AOW) betekent dat er een heleboel meer mis is. Het zoveelste mislukte project bij de overhead, waarbij zeer grote namen uit de ICT-branche betrokken zijn. Imagoverlies, maar ook een les, gewoon geen zaken doen met incompetente klanten! 

Prijzenslag bij tablets 

Het gaat niet goed met de prijsvorming op de tabletmarkt. Te veel fabrikanten, te veel OEM’s en te weinig technologische vooruitgang, dus halen de achterblijvers de A-merken snel in, die gaan mee in de prijsoorlog en zo verdampt de innovatie-marge. Je krijgt ze als weggever erbij, koop een auto, huis of keuken en ze doen er een pad of tablet bij! Een pad erbij is gewoon, voor de vakantie, voor de kids, voor in de auto, maar de branche kreunt. 

Ondertussen neemt, zeker in het Westen, de vraag wat af, we hebber genoeg en waarom een nieuwe iPad aanschaffen, die oude doet het nog goed. We laden steeds minder nieuwe apps in, dus zijn tevreden met wat we hebben. 

In Taiwan rapporteert DigiTimes dan ook paniek bij de fabrikanten, wie niet in de Apple-lijn mag leveren heeft het moeilijk, terwijl ook daar de afzet van de iPad aan het teruglopen is, met 9% vorig kwartaal. CEO Jerry Shen http://asus.com van Asustek, met 12 miljoen tablets in 2013 jaar een grote fabrikant, ziet de vraag naar tablets de komende tijd ook niet aantrekken. In het eersdte halfjaar leverde Asustek maar 4,1 miljoen tablets uit. Het segment bestaat en zal blijven bestaan, en hij ziet verdere innovatie als noodzakelijk om die populair te houden. Ook Samsung voelt de druk en laat de prijzen zakken. In de opkomende markten rekent Samsung nu nog 167 dollar voor een 7-inch tablet, iets waar het qua afzet groeide Lenovo en Asustek tegenop moeten. Toch is daar, met name in ZO-Azië nog groei te realiseren, daat is de markt nog niet verzadigd en relatief prijsgevoelig. Zeker de modellen met telefonie-optie doen het daar relatief goed, anders dan hier koopt men liever één apparaat dan zowel een smartphone als een tablet. 

Apple: OSX Yosemite, iOS 8, Healthkit, HomeKit 

Apple: OSX Yosemite, iOS 8, Healthkit, HomeKit. Vol verwachting keek ik naar de live feed op 2 juni van de Apple WWDC, maar geen hardware, vooral veel meer handigheid, comfort, integratie. De nieuwe iOS 8 werd neergezet op de WWDC als de grootste stap na iTunes, een grote revisie dus. Tim Cook zet in op comfort, gebruikservaring en synchronisatie van vooral Apple hardware maar buigend naar andere leveranciers via iCloud ook in relatief nieuwe gebieden als gezondheid en home-automation. 

De verwachte aankondigingen van hardware bleven uit, (nog) geen iWatch maar vooral veel aandacht voor developers, voor een nieuwe programmeertaal Swift en voor integratie en synchronisatie. Alle apparaten gaan, mits verbonden met iCloud, naadloss op elkaar aansluien, je kunt overstappen binnen een app van iPhone naar iPad en Mac. Apple’s WWDC was vooral gericht op het laten zien hoe je de gebruikservaring nog kunt verbeteren en hoe je de developers ruimte kunt geven om steeds meer nieuwe apps, functies en sensor-technologie zoals iBeacon te integreren in een weer verder opgepoetse software omgeving. Handig was het meest gebruikte woord in de presentatie. 

Met wat schimpscheuten over ontevreden Android gebruikers, die maar met oude versies aanmodderen en erg vaak vanwege het gebruikgemak overstappen op Apple ging Cook niet in op de teruglopende iPad verkopen, en liet eigenlijk de hele hardware kwestie in de lucht hangen. Het wordt september voor de iPhone6 en over de iWatch blijven het geruchten, Apple gaat niet mee in de armband gekte. iOS 8 werd neergezet als de grootste stap na iTunes, een grote revisie dus. Tim Cook zet in op comfort, gebruikservaring en synchronisatie van vooral Apple hardware maar buigend naar andere leveranciers via iCloud ook in relatief nieuwe gebieden als gezondheid en home-automation.  

De verwachte aankondigingen van hardware bleven uit, (nog) geen iWatch maar vooral veel aandacht voor developers, voor een nieuwe programmeertaal Swift en voor integratie en synchronisatie. Alle apparaten gaan, mits verbonden met iCloud, naadloss op elkaar aansluien, je kunt overstappen binnen een app van iPhone naar iPad en Mac. Apple’s WWDC was vooral gericht op het laten zien hoe je de gebruikservaring nog kunt verbeteren en hoe je de developers ruimte kunt geven om steeds meer nieuwe apps, functies en sensor-technologie zoals iBeacon te integreren in een weer verder opgepoetse software omgeving. Handig was het meest gebruikte woord in de presentatie. 

Met wat schimpscheuten over ontevreden Android gebruikers, die maar met oude versies aanmodderen en erg vaak vanwege het gebruikgemak overstappen op Apple ging Cook niet in op de teruglopende iPad verkopen, en liet eigenlijk de hele hardware kwestie in de lucht hangen. Het wordt september voor de iPhone6 en over de iWatch blijven het geruchten, Apple gaat niet mee in de armband gekte. 

XP-nasleep: nog geen grote paniek 

XP-nasleep; Microsoft heeft met de bangmakerij rond het beëindigen van de update service (in de praktijk vooral patching) voor Windows XP de branche en de hele ICT ongetwijfeld een dienst bewezne, want er is goed verkocht, heel wat bedrijven en particulieren stapten over op een nieuwe machine of tenminste een OS-upgrade. 

Daarnaast hebben heel veel bedrijven en organisaties, waaronder veel onderdelen van de Nederlandse overheid en semi-overheid, alsnog bakken met geld overgemaakt naar Microsoft om toch nog maar even tijdens de overbrugging support te krijgen.  Dat is tamelijk duur, tarieven van honderden euro’s per machine worden genoemd, en dat wordt bliojkbaar gewoon betaald, uit angst en vanwege de zekerheid. Maar het betekent wel dat Microsoft haar patch organistie nog steeds aan de gang houdt! 

We zijn allemaal bang gemaakt, en misschien terecht. Het is niet onredelijk om te vermoeden, dat het malware gilde het laatste jaar haar nieuwe vondsten niet heeft uitgeprobeerd, maar keurig bewaard heeft om na het sluiten van de XP verdediging op 8 april rustig de leuke gaatjes in het dan kwetsbare XP te gaan exploiteren. Of dat gebeurt of gaat gebeuren is onduidelijk, ondertussen heeft HeartBleed de gemoederen beziggehouden en is het wat rustig geworden rond XP. Verder zien we dat allerlei security aanbieders nu in het gat springen en zelf patches gaan ontwikkelen en die gaan slijten aan XP-achterbrlijvers of, als ze coulant zijn, die in hun standaard ant-malware pakketten stoppen. De boodschap dat de beste oplossing voor hen, die niet buiten XP kunnen vanwege legacy software, het gewoon de internet kabel eruit trekken is, wordt niet breed gecommuniceerd, daar verdient neiamnd iets aan. 

Het is duidelijk een slimme campagne geweest van Microsoft, en iedereen deed mee, de aanbiedingen vlogen je om de oren, de branche wreef zich in de handen, maar de gebruiker, de klant staat eigenlijk in de kou. Het is allemaal heel slim gebracht, een 12 jaar oud operating systeem (een paar generaties terug, of tellen we Vista niet meer mee) dus wat wil je nou? Maar is het ethisch wel zo verantwoord, snijdt Microsoft zich op den duur niet erg in de vingers als mocht blijken dat hier een wereldwijde ramp is veroorzaakt? Ik denk dat bij ernstige problemen er toch nog wel een patch wordt rondgestuurd, misschien via de achterdeur verspreid, want zo’n reputatieschade kan geen bedrijf zich veroorloven. 

Wel, dat is nu de vraag, want XP is wel twaalf jaar oud vanaf de eerste verkoop, maar het is gewoon als normal product verkocht tot vijf jaar geleden. En zelfs dat is de vraag. Officieel roept Microsoft dat 5.1 (Build 2600: Service Pack 3) van April 21, 2008 de laatste was, dat is dus 5 jaar geleden, de verkoop van Windows XP licenses aan OEMs stopte nog iets later, op 30 Juni . Maar hoe gaat het echt, operating systemen worden door OEM-fabrikanten op systemen gezet en dan loopt nog behoorlijk door, en dan is er nog de tijd in de winkel,  er stond nergens dat XP systemen na 21 april 2008 niet meer geleverd mochten worden. Het  operating systeem werd dus nog tot minder dan vijf jaar geleden gewoon verkocht. Voor een hele reeks netbooks liep dat zelfs nog verder door, officieel tot October 2010, dus 3,5 jaar geleden.  

Omdat met name OEM producten met XP nog een tijd in de winkel zijn blijven liggen, zijn er nu dus legale XP-kopers, die hun aankoop van misschien zelfs minder dan vier jaar oud nu gedegradeerd zien tot digijunk, rommel die Microsoft nietmeer support. Dat klinkt natuurlijk wat anders dan de verhaaltjes in de media, maar het lijkt erop, dat Microsoft de knop omdraait van een product waarvan de gewone, particuliere koper mag verwachten dat het ongeveer de levensverwachting van de hardware evenaart. Die mogen we best op vijf, zes jaar stellen. Nu hebben we in Europa een tamelijk stevige positie voor de consument, die mag eisen stellen aan wat ie koopt, de garantie en de support. 

Wat gebeur er nu, als iemand met een aankoopbon van zeg maar 2010 naar de rechter stapt en Microsoft aanklaagt wegens ontduiking van normaal te verwachten productsupport. In Amerika, waar de kleine lettertjes van de licentie, waar je op moet klikken bij installatie veel meer rechtskracht hebben, maakt zo iemand weinig kans. Maar hier, in Europa, hebben we een ander rechtssysteem, het Rijnlands/Romeinse model en zijn de normale leveringscondities belangrijker dan de lettertjes van een vaag contract. Hier moeten we ons houden aan wat ‘goed huisvaderschap’heet, een erfenis van het natuurrecht van Justinianus en Hugo de Groot, en wat in allerlei Europese regelgeving en voorwaarden ook nog is verankerd. 

Hier kan Microsoft niet terugvallen op leveringsvoorwaarden en licentieparagrafen, hier geldt de redelijkheid, niet de letter van het contract. Stel nu dat zo’n klant door kwalijke gaten echt schade heeft geleden (en daarin niet alleen staat) wat gaat een rechter hier dan afwegen. Niet de lettertjes, maar de belangen, zo werkt dat hier. Wat is het belang van Microsoft om niet een redelijke gebruikstermijn te verzekeren, wat is het afbreukrisico en wat is het belang niet alleen van die enkele consument/gebruiker, maar van de miljarden XP-gebruikers. Dat kan een interessante rechtszaak worden, en ik denk dat Microsoft het er dan niet op aan laat komen! 

In memoriam: Patrick J. McGovern 

Een van de grote mannen in de computerbladenwereld, Patrick (Pat) J. McGovern, overleed op 19 maart j.l. op 76 jarige leeftijd. Hij leidde een van de grootste uitgeverijen en marktonderzoek organisaties, IDG. 

Hoewel ik al lang niet meer betrokken ben bij IDG, was het wel in het begin van mijn carriere als bladenmaker dat ik met hem te maken kreeg. In 1983 was ik hoofdredacteur van de computerkrant, maakte voor VNU het eerste nummer van PCM en benaderde toen op een beurs in de VS de man die toen al de machtigste man in de industrie werd genoemd. Later dat jaar kwam hij naar Nederland en bood ik hem aan, een Nederlndse uitgave op te zetten voor wat toen in 1984 ook hier IDG werd. 

Het eerste blad, al lang vergeten vrees ik, heette Micro-Info en op 24 october 1984 werd dat gelanceerd. Ik heb dat een tijdje gemaakt, maar er kwam als snel een echte Computerworld organisatie en ik bleef als roving reporter voor McGovern werken. Omdat ik dezelfde beursen als hij bezocht, tot in Japan toe, kwam ik hem vaak tegen en ik heb veel van hem geleerd. Onze wegen scheidden zich toen ik met Commodore Info begon, hij zag dat als een te beperkte markt, maar voor mij was het de basis van mijn succes als uitgever. We kwamen elaar ook later geregeld tegen, ik bezocht hem in Boston en er was altijd een connectie met het alternatieve circuit in Californië, Pat had een zwak voor innovatie en was, onder z’n altijd keurige uiterlijk met een steeds grijzer wordend toepetje, zeer geïnteresseerd in de scene rond Mondo2000. Zijn zakelijke contacten met mij waren keurig, maar toen hij later echt fortuin begon te maken met IPO’s vond ik dat minder passen. Hij kon, met al z’n bladen en onderzoeksinstituten (de IDC tak)bedrijven maken en breken, Pat was een machtig man, maar had tijd voor z’n oude makkers, niet allen voor mij, ik kende heel wat journslisten van het eerste uur en ook zij spraken lovend over Pat. 

De feesten van IDG, destijds op grote ICT-beurzen was dat gebruikelijk, waren altijd groots, ik ben daar vaak geweest in Las Vegas op Comdex beurzen. Pat liet zich daar als ruimhartig kennen, niemand werd geweigerd en hij was een perfecte gastheer, die iedereen bij naam aansprak ne dat was bijzonder, hij had honderden personeelsleden en duizenden klanten. Hij was vooral internationaal sterk, begon overal uitgeverijen, met lokale mensen en kocht bij voorkeur de topmensen van de concurrentie weg. Eric Smith (Google) was een van hen. Bij veel van de internationale organisaties ben ik destijds te gast geweest, je hoorde bij de familie en Pat was ook daarin genereus, ik herinner me lunches met hem en de staf van IDG Japan in de mooiste hotels daar. 

Ik heb, als jong journalist en uitgever, veel geleerd van een man, die de opkomst van de computer-indutrie heeft meegemaakt en gemaakt. 

CeBIT 2014: rammelend 

De CeBIT, ooit de grootste ICT beurs ter wereld, is al jaren aan het krimpen en sputteren, pogend om toch overeind te blijven als fysieke ontmoetingsplek voor een branche, die wel klappen heeft gekregen, maar toch als een belangrijke motor van de economie geldt. Dit jaar was er weer, want zo wordt het eigenlijk iedere keer aangekondigd, een koerswijziging. Alleen voor professionals, geen zaterdag meer voor dagjesmensen en folderjagers, geen grote groepen jongeren die via hun school de Messe-tereinen nog een beetje moesten bevolken, hogere entree en meer focus. 

Met als gevolg dan toch weer wat meer exposanten, maar dat werd wel bereikt door heel veel gratis weg te geven en allerlei kunstgrepen, en minder maar meer gekwalificeerd bezoek.  Het motto dit jaar was ‘Datability’ en dat werd vertaald naar Big Data, Cloud en natuurlijk security, maar ook de verticale en ERP-software die in Duitsland steeds meer SAP-pig wordt kreeg de ruimte. Qua bezoek was het, op veel minder beursoppervlak, redelijk gevuld, maar volgens veel exposanten toch nog duidelijk minder dan de zeer druk bezochte MWC in Barcelona waar dit jaar 85000 bezoekers kwamen. 

Dat de CeBIT zelf als organisatie het contact met de markt aan het verliezen is blijkt onder meer uit hun website, die is zo kunstig opgezte, dat essentiele informatie als de beursdata slechts enige seconden in beeld is en daarna uitvoerig zoeken in menu’s, die deels ook niet werken, vraagt. Het opvragen van fotomateriaal is vrijwel ondoenlijk, dat heeft men zo weggestopt dat normale gebruikers er niet uit komen en zelfs zoekwoorden als robot of smartphone niks opleveren. Aangezien een website het digitale uithangbordje van een evenement is, geeft dat te denken over de kwaliteit van de klantbewustheid van de Messe AG. 

Het resultaat van de ambitieuze plannen? Veel minder gevulde hallen, grote gaten en exposanten die wel interessante, maar niet erg relevante zaken toonden. Veel stands uit de wetenschapshoek, hallen vol promotie voor de Duitse landen, universiteiten, onderzoeksinstituten en voor werken bij het leger. Eigenlijk erfenissen uit de tijd, dat in het weekend al die jongeren kwamen shoppen, maar minder relevant voor de zakelijke dealmaker, die z’n relaties wil spreken en geld wil verdienen. Leuk, maar geen scholieren en toch personeelswerving, dat spoort niet echt. Zoals eigenlijk al sinds de hoogtijdagen van de vorige eeuw is de CeBIT aan het zwalken, miste de consumententrends, de mobiele telefonie en komt wat hijgend nu met 3D printing, Smart Home, Robotica en Big Data. Men wil graag internationaal, werft buitenlandse standhouders met instapprijzen, maar de parkeerterreinen tonen steeds minder niet-Duitse nummerborden. 

Het zijn manmoedige pogingen om een enorm fysiek terrein met meer dan 30 hallen en halletjes rendabel te exploiteren, want het beurswezen heeft het moeilijk in tijden, waarin men het allemaal via Internet in Hi-Res op afstand kan beleven. Het aantal cameraploegen op het Messe terrein was opvallend, niet alleen van traditionele televisiekanalen, maar heel veel journalisten komen met videoapparatuur, standpersoneel moet tegenwoordig media-training krijgen, want de video-ploegen staan in de rij. Het Nederlandse UX, met interessante innovaties qua smartphone service, moest de Tv-interviews gaan inplannen, zo veel belangstelling was er. 

Dus waarom nog naar de CeBIT? Het fysieke contact blijft belangrijk, maar beperkt het publiek toch sterk tot het groot-Duitse zakenleven, dit jaar waren er weer minder Nederlandse auto’s op de uitgebreide parkeerplaatsen, waar een plekje vlakbij Nord-1 toch relatief makkelijk te scoren viel, dat was wel eens anders. Met zo’n vijfendertig jaar CeBIT ervaring zijn die herinneringen aan de echt drukke tijden, met een half miljoen bezoekers, en de opwinding van de eerste golven computers soms pijnlijk. Het Messe terrein is nu groter, mooier, de Messe AG huist in supermoderne gebouwen, alles is qua hardware een factor vijf mooier, moderner en efficiënter, alleen de ziel is er uit. Het is vullen en exploiteren geworden, in een industrie die niet alleen volwassen is geworden, maar de littekens draagt van inzinkingen, een paar slechte jaren achter de rug heeft en eigenlijk niet weet wat de grote trends in de toekomst zijn. De cloud, de tablets en de smartphones, dat is eigenlijk al historie en implementatie, daarvoor hoef je niet naar Hannover. Maar zit er in de robotica, in 3D printing, in Big Data dan wel een perspectief, of is het hype en modieus gedoe, technologie op zoek naar een markt. 

Het was opvallend dat op het zeer drukke en geanimeerde Planet Reseller, eigenlijk voor de branche de enige reden om naar CeBIT te gaan, de Google Glass brillen en 3D printers afwezig waren, in ieder geval niet opvielen. Dat Reseller gedeelte van de CeBIT was weer wat groter, met eigenlijk kleinere stands, maar liet zien dat de fysieke contactfunctie van een beurs waarde heeft. Een contactplek, waar leveranciers en het kanaal met elkaar konden praten, waar de grote breed-spectrum distributeurs minder prominent aanwezig waren,die bezuinigen fors,  maar iedereen wel te vinden was. Zelfs belangrijke partijen in de markt zoals WD hadden maar een minimaal standje, maar troonden de geïnteresseerde relatie snel mee naar de contactpleinen waar de koffie en broodjes smaakten en het contact olieden. Er is, qua hardware, maar ook qua door het kanaal te slijten diensten en software ook niet zoveel nieuws, wie is geïnteresseerd in welke virussen of malware een nieuwe versie van een security pakket aanpakt, men wil als reseller weten wat de marges zijn, de condities, het verdienmodel. 

Het was opvallend dat Samsung, zeker in de convergerende markten en het mobiele spul, wel groot inzette in Planet Reseller, maar andere grote hardware merken niet echt opvielen. Veel klein spul en vrij Duits gericht, naast Chinese en Aziatische aanbieders met nieuwtjes of me-too’s die distributie zochten. Nuttig om wat rond te lopen, maar dit jaar weer minder Nederlandse vertegenwoordigers op de stands, minder hallo en herkenning, dus weer meer groot-Duitse focus, al werd er wel volop Russische gesproken, waren er veel Oost- en Midden-Europese bezoekers en is Chinees de taal om zaken te doen, Japan was overduidelijk niet meer van de partij. 

Dat de Messe AG haar best doet om er nog wat van te maken is duidelijk, maar te veel vage standjes bleken te zijn weggeven, te veel politieke steun en opgeklopte publiciteitsstunts. Merkel als altijd, maar ook Neelie Kroes was er weer en sprak met een aantal Nederlandse deelnemers die zich daar zeer gezien in voelden, maar waarom Apple stichter Wozniak aan het einde van de beurs, als de meeste media al zijn vertrokken? Op de IFA in Berlijn werkte die truc met Eric Schmidt van Google, hier was de Presse-afdeling na een paar dagen vrijwel leeg en het Presse restaurant open voor het gewone publiek. 

De Code-N 

Een hele hal was ingeruimd en echt fraai aangekleed voor een contest rond Big Data, het themea van de Code_N contest dit jaar. Een vijftigtal inzendingen was geselecteerd en dat gaf een aardig beeld van wat je met Big Data en analytics methodes daarmee in de praktijk kunt doen. Kleine standjes, veel ruimte en een soort ontmoetingsplek voor avant-garde ICT, was het idee. Halvulling als je het minder optimistisch ziet. Op de muren had men fraai laten zien, hoe bijvoorbeeld bepaalde woorden in een analyse van alle geschreven teksten (en dat is inderdaad en hele berg lettertjes) in de loop der tijd opdoken, een indrukwekkend kunstproject van Kram and Weisshaar. 

Visualiseren is een van de Big Data methodes, en dat kan op allerlei manieren, hier waren creatieve oplossingen om bijvoorbeeld dataverkeer in beeld te brengen. Big data is naast opslag en beheer vooral een kwestie van ‘mining’, hoe kun je sneller, beter, meer bruikbaar spul te voorschijn toveren uit data. Een voorbeeld is het filteren van de relevante gegevens uit DNA datareeksen, dat kan met andere algoritmes  beter en sneller.  Wel was opvallend, dat vrijwel alle inzendingen te maken hadden met het filteren van persoonlijke data, het maken van profielen en dus privacy-gevoelig waren. Het ethische aspect ontbrak volkomen, het doen van diepgaande analyses van gegevens van klanten, credit checks, dataverkeer analyseren komt allemaal neer op het bewerken van gevoelige informatie. Er waren inzenders, die voor banken dergelijke credit checks ontwikkelden en dat betekent zeker in landen als de VS dat men daarmee een zwaarwegende en bijna onontkoombaar oordeel uitspreekt, want zonder krediet geen creditcard, reizen, e-commerce, abonnementen etc. De data miner gaat daarmee op de stoel van de rechter zitten, maar zonder beroepsmogelijkheid en eenmaal geweigerd gaat die info naar alle andere banken en ben je tot onderklasse gebombardeerd. Dat de Messe AG zich hiermee op uiterst riskant terrein begeeft tekent misschien de sfeer, men is riskant bezig en dat is juist in Duitsland waar privacy toch sterk leeft, gevaarlijk.  Dat men als prijswinnaar in de contest vooral een paar buitenlandse firma’s liet winnen en geen risico’s nam met privacygevoelige projecten was te verwachten, maar UK prijswinnaar Viewsy met een klantgedrag-analysetool voor de winkelier was geen echt opzienbarend innovatie. AutoGrid uit de VS was wel een analysetool, voor het electrische netwerk (grid). De Duitse Cosinus sensor was interessant, maar had met Big Data weinig van doen. 

Robots 

Opvallend en leuke aandachtstrekkers waren de robots, vooral door onderzoeksinstituten als bewijs van hun innovatiedrift getoond. Aansturing, de fijnmechnische uitwerking, de sensorfeedback en het gebruik van distributed intelligence (dus iedere gewricht heeft een eigen snel respons-systeem, net als een biologische gewricht) maken duidelijk dat robotica volwassen aan het worden is. Automatisering van eenvoudige taken is haalbaar, een zelfsturende landbouwtrekker met GPS is geen droom meer, zelfsturende auto’s zijn er, de driverless logistiek tekent zich af. De vraag is alleen hoe snel het gaat, hoe bijvoorbeeld in colonne geschakelde auto’s of vrachtwagens ingepast gaan worden in de bestaande infrastructuur.  Gaan we aparte rijbanen voor ‘moderne zelfsturende’ voertuigen reserveren, alleen op grote routes, of komen er nog verdere geautomatiseerde voertuigen die temidden van oudere voertuigen kunnen opereren.  

In ieder geval kon men zich op de CeBIT vergapen aan robots die bewogen, keken, reageerden en ook door de pers als een van de grote trends werden afgeschilderd. Nog geen handel, de consumenten robots die door Sony en anderen ooit werden ontwikkeld zijn geen succes geworden, de thuisbutler heeft het nog niet gehaald, maar we hebben wel robot stofzuigers en allerlei embedded intelligence in huis voert taken uit, met het internet of things gaat dat allemaal wel verder, maar meer in de vervangings-sfeer. Een nieuwe microwave, wasmachine etc. heeft een IP-adres en meer embedded computer power, maar de consument gaat z’n bestaande spullen niet echt voortijdig vervangen.  Op de CeBIT was het smart home een van de grote thema’s, steeds weer zien we industriebrede samenwerkingen standaardisatie pogingen maar de consument volgt slechts schoorvoetend. Dat een standaard router bij de consument nog moeizaam opengezet moet worden om zaken als IP-adres toegang, camerabewaking en toegang tot het smart home netwerk mogelijk te maken (en daardoor nieuwe veiligheidskwesties met zich brengt) is tekenend.  Op termijn opent zich een hele markt voor providers, nieuwe diensten worden mogelijk, op afstand alles regelen, bewaken en aansturen is in de brede internet of things zo’n lokkend perspectief, dat de providers dat nog voor zichzelf willen houden. Hier ligt een kwestie voor Europa, toegang tot het huisnetwerk vrijhouden van de interferentie van de providers. Die kunnen door een router update nu alles plat gooien en feitelijk toegang krijgen tot alles wat er in huis, maar dus ook qua medische monitoring, apparaatgebruik en dataverkeer speelt. 

Zeker nu de vastelijns telecommunicatie steeds meer dataverkeer omvat, de kabel of dsl verbinding is, via glas of andere breedband media vooral een dataverbinding blijft is dat de levenslijn voor providers. Mobiele data is natuurlijk de grote groeimarkt, maar blijft beperkt al was het maar omdat dar de snelheden in de praktijk beperkt zijn. Teruglopende omzetten de telecom bepaalden al het beeld op het MCW in Barcelona, maar ook in Hannover zag je Vodafone en Deutsche Telecom vooral verdedigend bezig.  

3D printing 

Een van de lonkende perspectieven is 3D printing, maar blijkbaar is ook dat nog geen massa product of product voor de massa, want het bleef bij demonstraties en relatief kleine ontwikkelaars die steeds goedkoperen en veelzijdiger 3D printers laten zien. Maar in Planet Reseller land dus geen 3D printers, het is nog niet iets waar de retail sector echt iets mee kan. Mogelijk dat die markt tot ontwikkeling komt als bijvoorbeeld HP of Apple met een goed uitgewerkt model komen, maar voorlopig ziet men het voornamelijk nog als een service business, en dat kan best leuk uipakken, je 3D ontwerpje van een kadootje even laten maken bij de Hema. De specialisten op dit gebied zijn ook minder optimistisch dan de media en de investeerders, die hier graag de grote doorbraak in willen zien. Een van de onderzoekers die liet zien hoe je bijvoorbeeld voor architectuur schaalmodellen echt al praktische 3D printers hebt, maar dan voor een beperkte doelgroep, zag dat 3D printing voor de consument vooral via de keuken zal doorbreken. Een elektrische oven met een menger, kneder en 3D printing functie voor het maken van pizza’s, taarten, toetjes kan in een behoefte voorzien, maar zelf onderdelen voor je brommer maken is misschien een stap te ver. 

In het lezingenprogramma van de CeBIT kwam wel aan de orde, dat 3D printen vanuit de Gebrauchsmuster bescherming (vormpatent) geen gemakkelijke kwestie is, zoals overigens ook software patenten, een zaak die vanuit Amerika hier naar toe komt overwaaien en problemen veroorzaakt. De ruzies en rechtszaken tussen Apple en Samsung zijn voor de handel buitengewoon lastig, wat hier mag, kan daar weer niet en omgekeerd. 

Google Glass 

Om allerlei redenen, de Google Glass units worden hier nog niet verkocht, was de verwachte golf video-enhanced devices er nog niet, een enkele exposant had er wat mee en de onderzoeksinstituten werken er mee aan nieuwe applicaties, maar er waren nauwelijks bezoekers met zo’n ding. In de VS is het helemaal in om als IT-persoonlijkheid met zo’n ding rond te lopen, in Hannover was dat nog niet echt doorgedrongen. Nu kun je ook niet veel meer dan zo’n Google Glass gebruiken voor video-opnamen, die dan qua beeldkwaliteit wel Hi-Res (720P) zijn, maar je hoofd is geen ideaal platform voor rustige opnames. Dus wat doe je met dat materiaal, met je smartphone kun je tenslotte ook filmen. De hype is er dus nog niet en misschien komt de brillenrage dan ook niet verder dan niche-toepassingen.  De gezondheids-aspecten, je wordt horendol en moe van het echte gebruiken ervan, de oog-accommodatie vraagt veel energie en zorgt makkelijk voor hoofdpijn, kunnen een rem blijken. 

Sensoren 

De sensoren in de nieuwe smartphones hebben duidelijk de poort naar nieuwe toepassingen geopend, qua sport, fitness, gezondheid en op de Cebit waren nogal wat bedrijven die met nieuwe sensoren kwamen om nog meer op te pikken, het quantified self genereert steeds meer data.  Met spierspanning sensoren kan men bijvoorbeeld het knipperen van de ogen registreren, maar sensoren voor zuurgraad, suikerspiegel en huidweerstand zijn er ook al, terwijl de eerste generatie polsbanden, die vaak te strak en eigenlijk ongemakkelijk waren, ook verbeterd worden. De Cosinus  hartslagdetector, als een soort gehoorapparaatje te dragen geeft de trend wel weer, men zoekt naar sensoren waar je weinig last van hebt. Het is nog allemaal vrij vers, maar de gang zit er in, de medische wereld gaat nog wat beleven. 

De kanaalverschuiving 

De grote distributeurs waren minder zichtbaar, breed spectrum distributie heeft met teruglopende marges, concurrentie van internet-retail en vooral het teruglopen van de prijzen geen makkelijke tijden. Ingram en Tech Data zijn Europabreed aan het herschikken, functies aan het centraliseren en kiezen ook voor goedkope plekken als Sofia voor arbeidsintensieve taken.  

Toegang 

In Duitsland hebben de providers lang een vrij sterke positie gehad, maar daar wordt nu wat aan gedaan. Zo moet men de klant eerlijk voorlichten over geleverde bandbreedte, is de router dwang (alleen routers van de provider) opgeheven en moet men een speedtest bijleveren, zodat de kalnt kan controleren wat beschikbaar is.  Wifi is nog niet zo breed ingezet als elders, providers zoals Kabel Deutschland groeien door de deel-hotspots, meer dan 300.000 klanten hebben nu overal  toegang tot gratis bandbreedte van andere Kabel-klanten, in ruil voor het zelf opgeven van wat vrije bandbreedte.  De grote providers liepen Dergelijke modellen beperken de afzet van mobiele data, men skypt of surft liever gratis, de omzetten van de grote telecom spelers liepen vorig jaar met meer dan 5% terug, ook mobiel, alleen Telekom verloor minder, maar 2% omzet. De aanbieders concurreren zoals ook bij ons, in Duitsland met complexe aanbiedingen en abonnementsconstructies, met naast mobiel en data ook televisie en vastnetbellen. Onbeperkt dataverkeer is erg duur en bijna geen praktische optie mee, maar dat beperkt het totale dataverkeer, de klantenzijn angstiger en wijken uit naar wifi-opties. 

Voor de telecommunicatie vakhandel, net als bij ons erg uitgedund, is schipperen met aanbiedingen, de nieuwste hardware promoten (daar zit de meeste kickback in) en vooral mikken op accessoires de manier om te overleven. Tasjes, audio-interfaces naar home-audio, docking stations daarvoor, en ook proberen naast smartphones ook tablets (liefst van hetzelfde merk) te slijten. Men heeft in het kanaal behoefte aan simpele methoden om smartphones te testen (hardware fouten aantonen is moeilijk), software upgrades voor de klant te regelen tegen betaling en in het algemeen apparatuur, software en methodes om minder digitaal bewuste klanten te helpen. Daar zitten de service-zoekers, die niet via het internet durven of willen kopen, omdat ze beseffen dat ze snel vastlopen in deupgrade en apps-ellende. 

Retail trends 

Op de Planet Reseller deelbeurs werden ook allerlei lezingen verzorgd, gericht op wat de reseller zou interesseren. 

Lok de klanten, zorg dat ze ter plekke via POS systemen niet alleen fysiek het product kunnen zien en aanvatten, maar ook alle informatie kunnen opvragen. Daar mankeert het nog vaak aan, en het winkelpersoneel gaat dan zelf even op internet dingen opzoeken, dat komt niet goed over. Er is behoefte aan in-store apps, waarmee een verkoper met een tablet in de hand snel op wensen van de klant kan inspelen, vragen beantwoorden en daar waar mogelijkheden voor complexere leveringen opduiken ook zelf wat kan regelen. 

Het store in store concept, ook in de trendy opzet van Apple stores, dus ruim en stijlvol en met minimalistische display opgezet is wel een trend, naast de alles naast elkaar aanpak van MediaMarkt. Het probleem is dat de klant, die bereid is voor service te betalen en de moeite neemt te gaan winkelen, vaak prijs stelt op onafhankelijk advies, het inzetten van personeel van de fabrikant is dus niet altijd effectief. 

Formaten 

Qua hardware blijft het een kwestie van experimenteren met formaten en evenwichten qua kwaliteit, gebruiksduur (batterij), processing power en beeldkwaliteit. Tablets vanaf 6 inch, maar ook naar 12,2 inch groeiend, grotere formaten aanraak en tafelschermen, en natuurlijk hele reeksen samrtphones en phablets werden getoond. Daarbij viel op, dat het vaak niet om de devices zelf ging, maar om de inpassing in bredere processen. BYOD is geaccepteerd, maar vraagt nog om implementatie, kun je met apps de historische bedrijfsprocessen wel aan, wat verlies je aan beheersbeheid, wat win je aan toegankelijkheid, wat zijn de veiligheidsrisico’s. 

Verkiezingen 

Er komen raadsverkiezingen en in mei zelfs Europese verkiezingen. The thema’s van de verkiezingen zijn weer landelijk gemaakt, zo gaat het altijd sinds de lokale raadsleden en wethouders anonieme regelaars zijn geworden, die hun fouten vooral buiten de publiciteit weten te houden. 

Dus mogen de kopstukken opdraven, maar hun lokale boodschap steekt schril af tegen wat macro-economische gewenst is. Neem de kreet “bouwen, bouwen, bouwen” van PvdA lijsttrekker Pieter Hilhorst, de man die 118 miljoen liet overschrijven omdat ie z’n ambtenaren niet hield aan hun eigen protocol.  

Als Amsterdam nog meer bouwt (leuk als stemmentrekker, want er is behoefte aan, vooral bij jongeren) gaat dat ten koste van de krimp- en zakregio’s (Groningen is nu beide). Maar verder is er geen geld in klas voor Hillhorst z’n verkiezingsbeloftes, en zou flexibilisering van de woningmarkt en sterk inperken van de corporatiemacht veel meer ruimte opleveren. Er is geen woningtekort en met zicht op de vergrijzing is wat ruilen en schuiven veel beter dan blind gaan bouwen. De echte keuzes zoals forse leegstandsheffing, sloopheffing, en totaal vernieuwen en niet renoveren want dat is goedkoper en zeker qua comfort en energieverbruik veel handiger, worden niet gemaakt.  

Ouderen willen meepraten, dat is een van de thema’s in de verkiezingen. Ze zijn ook digitaal bewust geworden, hebben een tablet en laten zich niet wegcijferen als afgeschreven stakkers, ze willen bijdragen. Ouderen kunnen niet alleen zorg vragen, maar ook zorg bieden. Van kinderoppas tot buurtvader, buurtconcierge, recreatie-steunpunt, samen met werkzoekenden hun ervaring en kennis inzetten om werk te creëren, gezelligheid te brengen. Aandacht voor elkaar, daar zijn we groot mee geworden, en nieuwe media, social media en mobiele connectiviteit bieden daar perspectief. In de Gouden Eeuw liepen rijk en arm, jong en oud samen, te voet en door het slijk, van de Singel-rand van de stad Amsterdam (wagenparken, toen al) naar het centrum, geen wagens in de stad. Wel in recordtijd schepen en gebouwen neerzetten, het monumentale Scheepvaartmuseum stond er in negen maanden, tegenwoordig is dat onhaalbaar. De ouderen serieus nemen is wat anders dan ze als bedreiging voor jongeren zien, en samen iets doen aan woningruil, buurtgezelligheid, armoede, zwerfvuil en eenzaamheidsbestrijding, daar kunnen we onze schouders onder zetten.  

Rendement in sociale, maar vooral in economische zin, dat is het grote probleem voor de komende jaren. Als land en als Europa met een gapend vergrijzingsprobleem ligt de oplossing niet in een tweedeling (oud/jong, arm/rijk, eigen volk/vreemden) maar in beter delen. Het komt er op aan, onze gespaarde welvaart, dus de pensioengelden nu zo te investeren dat er rendement komt, in milieu, in werk, energiebesparing, mobiliteit. Tegen elkaar opbieden op de beurs van pensioenfondsen heeft de koers wel opgedreven, maar de onderliggende waarde van bedrijven (afgezien van wat ICT hoogvliegers), grondstoffen en onroerend goed is niet gestegen, het is allemaal speculatie en lucht. 

Rendement door te besparen op energieverbruik van morgen, betere infrastructuur om te besparen op vervoerskosten, maar vooral ook ICT om te besparen op werk. Dat kost arbeidsplaatsen, maar er gaan echt geen horden Indiërs komen om hier te werken maar wel 60% van hun inkomen af te dragen aan pensioen voor de ouderen. En veel ouderen gaan hun centjes elders opmaken, ook geen stimulans voor de economie. 

We zijn nog lang niet uit de crisis, voorzichtig herstel is in zicht en het vertrouwen neemt wat toe, maar de echt grote problemen zijn niet opgelost en zullen ons nog een paar decennia achtervolgen. 

De financiële ineenstorting, die in 2008 de VS en daarna de wereldmarkt zo’n enorme klap gaf, had vooral te maken met het oprekken van de beleggings- en investeringsmarkt. Die was weer het gevolg van de toenemende behoefte aan zekerheid bij een ouder wordende bevolking. Men had wel fors geleden door het inklappen van de internet-bubble en de koersval aan het begin van de eeuw, maar dat was snel vergeten. 

De onderliggende behoefte aan reserves voor de oude dag, in de vorm van beleggingen en onroerend goed en dat bij een consumptieniveau dat nog nooit eerder was bereikt, zorgde in de laateeuwse jaren en na 2002 en tot 2008 voor een enorme vraag naar financiële constructies. Aan die vraag werd voldaan, banken en verzekeraars draaiden de mooiste constructies in elkaar en stapelden die liefst nog op elkaar, de risico’s gaandeweg verbergend. Een materieel onderliggende waarde werd gebruikt voor omgekeerde piramides, waarmee de banken elkaar onderling ‘hielpen’ aan de vraag naar investeringsvehikels te voldoen. Die vraag was niet irreëel want kwam voornamelijk voort uit de behoefte aan pensioenzekerheid, van individuele burgers en van pensioenfondsen die samen zo’n 80% van de aandelenmarkt in handen hebben en samen in stand houden en opslingeren. 

De pensioenbubble is in 2008 geklapt, maar toen al werd door onder meer pensioenexpert Sander Boelens al voorspeld dat er een herstel zou komen (op de beurs) omdat 80% van alle beleggingen pensioen-gerelateerd zijn (ook van particulieren is dat vaak het doel).Men maakt elaar gek,  want de binnenkomende pensioenpremies zijn te groot (en vreten te veel koopkracht weg). En inderdaad, de beurs veerde op, ging even boven de 400, maar de onderliggende waarden zijn nog steeds illusoir. De huizenmarkt is ook even door het dal, maar ook dat is  zelfbedrog gezien de vergrijzing, we moeten slopen niet bouwen. 

ICT, robotisering, automatisering  

Die pensioenbubble problematiek, want het gaat weer een keer mis, is tezamen met de dreigende automatisings/roboticagolf, aanleiding tot zorg over brede maatschappelijke onrust tegen 2020. De jongeren en werkloos geworden middengroepen gaan te hoop lopen, dat voorspelt ook Gartner. De komende jaren zullen we zien dat driverless logistiek, zorgrobots, mobiele data en geautomatiseerde gezondheidsmonitoring en behandeling nog heel leuke investeringen in ICT vragen en zal de branche wel overeind houden, maar voor chauffeurs, postbodes, lopende band werkers en boeren op de tractor is er geen werk meer.  Nu Google ook robotsoldaten maakt zijn politierobots niet ver meer, niet als Terminator cyborgs, maar als slimme buurtwachters, die de zaak in gaten houden en met Bayesian logic beslissingen nemen over ingrijpen en handhaven. Die camera op de hoek wordt een bijna zelfdenkende beveiligings-eenheid, die via profiling en access naar grote databanken kan zien of er ergens iets niet klopt. 

Het kost allemaal werk, vooral werk voor handjes, maar ondertussen worden de rijkenen slimmerds rijker en groeit de ongelijkheid. Een haperende economie helpt daar niet bij, zeker niet als echt, hard rendement alleen maar kan worden bereikt door besparen. Er is, wereldwijd, geen oplossing voor dit probleem dan zeer brede inflatie, maar dat ligt ook niet lekker,. Economisch gezien is het probleem dat een 4% rendement op illusoire prijzen (van grondstoffen, grond, gebouwen, content) onhaalbaar is in een potverterende en vergrijzende wereld. 

Denk aan Groningen, waar zo’n 160.000 huizen nu door de bevingen zo’n 16 miljard minder waard zijn. Tel uit je aardgaswinsten! 

De oplossing is investeren in wel rendabele besparingen (energie, milieu, zorg, mobiliteit, elektrificatie) zodat de onvermijdelijk lagere pensioenen voldoende zijn omdat stoken, vervoer, zorg etc. wel 4% of beter goedkoper worden. Landelijk gezien dus investeren in bv. energie, treinen, overeind houden krimpregio’s, nieuwe samenlevingsvormen/contracten etc. Beter met minder, en weer speelt ICT hier een sleutelrol, als arbeidsvreter, maar ook als middel om echt te besparen. 

Beter met minder (angst) 

Het lijkt te gaan om pensioenen en het financiële kaartenhuis waar we in leven, maar eigenlijk gaat het om (on)zekerheid en angst, de sociaalpsychologische ontwikkeling van de laatste 50 jaar en eigenlijk de laatste paar eeuwen lijkt meer vrijheid te bieden, maar onderhuids is er meer angst, stress, onzekerheid dan men denkt. Dat is wat op een dieper niveau de sfeer en dus de economie en welzijn bepaald. Criminaliteit, minderheden, onderwijs, gamification (het opvlammende loterijdenken), allerlei trends zijn daar in wezen op terug te voeren, en in sociale media zien we dan wel een oplossing, maar ook dat is al over de top, e-geluk of iHappiness is maar betrekkelijk, Facebook vrienden komen niet op je verjaardag en blijken in het echt stukken minder leuk dan hun avatar in de cloud. De jeugd beseft dat nu! 

LS 

Kerstwens 2014 

De feestdagen, met iedereen gezellig met een padje op schoot rond de buis, maken duidelijk dat de ICT niet meer weg te denken is uit het moderne leven. De een doet kruiswoordraadseltjes, de ander chat, vergelijkt oude films met wat er op de TV draait, en we praten over wat er zoal aan warrige informatie binnendruppelt. Iedereen kan even mee-googelen en bijdragen aan het gesprek, maar wie met een koptelefoon z’n eigen ding wil doen, dat mag ook. 

Nu kunnen we dit digitale degeneratie noemen, teloorgang van de kerstgedachte of het Klaas en Zwarte (sorry, politiek correct wordt het Grieten-) Piet geloof, gezelligheids-armoede, maar het is de realiteit anno 2103. We wensen elkaar geen Nieuwjaar meer, maar sturen een standaard Google berichtje of Facebook like, twitteren wat of gooien er misschien een virtuele tegoedbon voor iTunes tegenaan. 

De meer optimistische visie is dat dit de toekomst is, we zijn allemaal altijd met elkaar verbonden, niet alleen de familieleden en vrienden, maar ook via de NSA luistert er altijd iemand mee. Men weet daar waar iedereen met een mobieltje op zak zich bevindt en dus hoeven we ons niet alleen te voelen. Gaat er iets echt mis, dan wordt dat allemaal in de gaten gehouden en doorgepiept. Dan  kan Obama zelf op z’n Blackberry maatregelen nemen, hij mag geen iPhone gebruiken omdat die afgeluisterd kan worden! 

Nu is het probleem, dat bij dat gezellige digivieren er wel allerlei problemen naar voren komen, die ook wel gespreksstof bieden, zo aan de kersttafel. Een virusaanval hier, phishing daar, gekraakte website, gekeylogde betaalcodes en hardware die zo maar bluescreens ophoest. Het is me allemaal overkomen, binnen een maand nog wel, en dat heeft meer impact dan de wintertenen van ome Koos, de stormschade, het natte weer of de nare ziektes die her en der opduiken. Ik ben een vrij standaard gebruiker van al het digitale moois, en dus gemiddeld kwetsbaar voor ellende. Maar het is eigenlijk meer ellende dan ik aan kan, en dan moet ik ook nog kiezen welk abonnement ik moet nemen op m’n nieuwe smartphone, welk model en welke apps, wat ik moet doen met m’n oude XP-beestjes en hoe ik m’n langzamerhand allemaal illegaal (not genuine) geworden Microsoft zooi, die ooit zo mooi legaal begon, weer in orde krijg. Bellen met de diverse leveranciers helpt niet, dat weet je na eindeloze wachtpartijen, jouw probleem is altijd net niet standaard en dus niet oplosbaar. Het ligt altijd aan jezelf en Europa doet wel invallen, maar niks aan consumentenfrustratie. 

Als er stapels HP systemen uitvallen omdat er door een rare IE11 update van Microsoft (KB2670838) bluescreens komen kun je nergens terecht. Na zelf prutsen met hardware, toch even nieuw geheugen proberen, krijg ik dan via insiders bericht dat dat veel vaker voorkomt, maar de service balie bij m’n discounter wijst eerst op de net verstreken 2-jaars garantie en wil niks weten van de EU garantie die veel langer loopt. 

Irritant, de ICT komt al decennia weg met het leveren van meuk, halfklare programma’s, eindeloze update cycli en onbetrouwbare diensten en producten. Gelukkig, roepen dan veel van de lezers van Dealer-Info, want dat is onze handel, we leven van krikkemikkige hardware, haperende diensten, malware en bluescreens, Microsoft is onze heiland met die XP-begrafenis. Het is toch nog een goed jaar geworden omdat al die ouwe troep nu eindelijk eens vervangen moet worden. En Winows 8 en 8.1, laten ze het niet te mooi maken, niet te duidelijk en zeker niet al te automatisch, we leven van de fouten en missers, spul moet kapot, anders hebben we niks te doen en te factureren. Het ICT-ecosysteem dankt z’n bestaan aan wat er mis gaat, aan onduidelijkheid, aan maar vervangen in plaats van repareren. De economie is gebaat bij deze kringloop, vraag het maar aan Rutte! 

Het zal wel, maar het valt me op dat zelfs een kleine software-ontwikkelaar tegenwoordig naast z’n technische kennis welhaast ICT jurist moet zijn en liefst ook nog een graad in computer-security moet hebben. Een computer dealer moet niet alleen z’n eigen producten kennen, maar ook weer de kwetsbaarheid ervan, de security en de weg kunnen wijzen in het doolhof van diensten, abonnementen en licenties. Ik zie dan ook steeds meer de noodzaak van een nieuwe vorm van dienstverlening, de ICT-coach zoals Dae Punt die noemt.  

Ik pleit voor een nieuw soort professional, de ICT-coach, die gebruikers helpt bij de keuze, aanscaf en gebruik van al dat digitale moois, hardware, software en diensten. Zo iemand moet goed opgeleid zijn, maar we moeten ook kunnen vertrouwen op de actuele kennis, dus een stevige certificering en bijscholingsverplichting is wel nodig. Gezien het belang van deze functie lijkt het me, dat hier stevige toetsing en misschien zelfs door de overheid gereguleerde registratie gewenst is. De register ICT-coach, waar je op kunt rekenen en die je eventueel kunt aanspreken op kunstfouten. Fout advies op dit gebied of nalatig fouten verhelpen kan nare gevolgen hebben. We zijn zo afhankelijk geworden van al deze technologie, dat we dit niet kunnen overlaten aan prutsers. 

Dus waarom de ROC’s, HBO’s, Hogescholen niet voorzien van een opleidingstraject ICT-coaching, met niveau’s en specialisaties, een consument kan andere wensen en eisen hebben dan een bedrijf. Het zal geen gemakkelijke opleiding worden, juist omdat het allemaal zo snel verandert. De nadruk zal moeten liggen op zelf informatie vergaren, gebruik maken van allerlei hulpbronnen en logisch denken, en op gevolgen leren koppelen aan oorzaken. 

Overal en altijd online 

Mijn email is de laatste tijd overladen met niet alleen nare phishing mails - en sommige zijn echt heel slim, je trapt er bijna in - maar ook steeds meer verzoeken van Google+. Vroeger was het Facebook dat me belaagde, maar Google is ook lastig en ik wil het ook niet uitschakelen, want soms is er toch dat verloren gewaande contact dat ik waardeer. Maar wat een brei moet ik daarvoor doorworstelen. 

Wat ik op m’n Facebook pagina’s allemaal aan onzin binnenkrijg is helemaal verbazend. Sommige toch nette en intelligente mensen zien het als een soort psychotherapeutisch toilet en sturen foto’s, berichten en onzin zonder enige waarde. Het zijn vaak de jongere ouderen, de laatkomers die nu enthousiast worden en bijna kinderlijk enthousiast gaan inhaal-hyven (jammer, het zijn vaak Telegraaf lezers). Ze worden even gezien, dat is waarschijnlijk de kick, het niveau is ongeveer dat van twitteren onder zesjarigen, die net zelfstandig naar het toilet kunnen en dat met iedereen willen delen. 

Het leuke is nu, dat juist de jongeren dit steeds minder doen en blijkbaar gewend raken aan de online meeleef-trend, maar dat de oudere nakomers nu in dezelfde kuil vallen. Ik hoop maar dat over een paar jaar iedereen een beetje digitaal en online volwassen wordt, al zal dat wel betekenen dat sociale media minder maar wel gerichter gebruikt gaan worden. Misschien gaan er dan ook een paar onderuit, en verdwijnt er wat digitaal erfgoed. Er wordt nu wel geklaagd over het teloorgaan van Hyves content, maar hoeveel kids zijn blij dat die exuberante foto’s en andere uitingen nu toch mooi verdwijnen. Je digitale rugzakje duikt anders bij iedere sollicitatie weer op. 

Ik ben persoonlijk geen grote gelovige in de ultieme sociale network ervaring, en de recente terugval in Facebook gebruik onder jongeren ondersteunt mijn twijfel, maar online zijn terwijl je vervoerd wordt is toch wel mooi. Dat merk je pas als het er niet is, zoals in de Eurostar trein naar Londen. Geen wifi aan boord, erg druk en zitplaatsen die benauwend veel op die van een cheapo vluchtje lijken. Het voordeel is dat je in twee uur midden in Londen staat (vanaf Brussel). Warom die lijn niet doorgetrokken kan worden naar Amsterdam blijft me verbazen. Maar geen wifi dus, wat moet je dan doen behalve wat krantjes lezen? 

Ook in vliegtuigen mis ik de online verbinding, maar dat gaat veranderen. Om te beginnen mag je nu je smartphone en zo wel aan hebben en kan je vanaf de grond dus nog even bellen. De KLM (en Air France) hebben voorzichtig een pilot opgezet, in enkele Boeing 777-300 toestellen is er nu wifi. Niet goedkoop, EUR 10.95 per uur of EUR 19.95 voor de hele vlucht, maar het komt er dus aan. In de VS begint men nu al veel breder met wifi aan boord, en dat maakt zeker zakelijk vliegen een stuk aantrekkelijker. 

Onder meer JetBlue biedt het daar aan, het heet Fly-Fi en die in-flight wifi lijkt een echte trekker te worden. De verbinding is, zeggen de gebruikers, redelijk, al zijn er staten waar er geen verbinding is om technische redenen. Het is gratis, wie echt snel wil internetten kan via Fly-Fi plus naar 20 mbps upgraden Dat kost dan 9 dollar per uur, maar je kunt pauzeren, je betaalt dus voor 60 minuten echt gebruik. 

Ondertussen zijn we met de site www.dealerinfo.nl ook mooi slachtoffer geworden van serieuze hacking. Op een of andere manier zijn er echt duizenden files ergens via een achterdeur voorzien van een stukje extra doorverwijscode. Gelukkig knapte de SQL-server daarop af en kreeg men alleen een foutmelding, maar het was gevaarlijk spul dat ook anderen kon besmetten. Het was Google die dat het al binnen 24 uur in de gaten had en een waarschuwing bij haar zoekresultaten plaatste. Provider Tele2 deed helemaal niks, er zou wel via een toets-tracker een wachtwoord uitgevist zijn, de fout lag bij ons. Ze hebben wel een backup, maar die is er niet voor de klanten, alleen voor intern gebruik. Nou blijkt dat de fout niet via een wachtwoord lek was ontstaan, maar doordat er hele oude php en SQL scripts gebruikt werden, die blijkbaar door een of andere malware-engine waren opgespoord. Dat merkten we natuurlijk niet, aan een werkende site ga je niet zitten prutsen, en de oorspronkelijke files bleven dus al jarenlang onaangeraakt en ook qua backup deden we alleen de variabele content en databases. Dat ging dus mis en zonder complete backup. Een kleine ramp dus, maar slim gedaan. De malwareniers haalden files binnen, deden daar 3 maanden niks mee, en zetten toen in één klap de hele site vol met rommel. Niet afgevangen door Tele2, die verder nog wel het wachtwoord wilden wijzigen (niet online, vanwege die mogelijke key-logger) maar verder niks wilde doen. 

Jammer, ervaringen bij andere providers zijn beter. Waarom Tele2 niet gewoon geld vraagt voor het herstellen van een gehackte site lijkt me vooral een aanwijzing dat ze er daar niet veel van begrijpen. Kwalijk, zeker omdat er steeds minder onafhankelijke providers met deskundigheid zijn. Alles wordt bij elkaar geveegd, door overnames etc. vermindert de concurrentie en heb je als klant nog maar één keus, namelijk stikken of slikken. 

Weinig concurrentie, het idee dat je met drie partijen in de markt nog een eerlijke kans hebt als klant is een illusie, dat blijkt steeds weer in de telecom. De meeste aanbieders zijn halve of hele doorverkopers. 

Nog een wens voor 2014. Kan onze Eurocommissaris niet eens wat doen aan de verdoezeling van de feiten door aanbieders en vergelijkingssites? Een soort rekenkamer instellen die de vergelijkingssites en hun verdienmodellen aanpakt. Misschien is dat een mooi idee voor 2014, want ook komend jaar wens ik de lezers een plezierig, voorspoedig en digitaal rustig jaar, zonder malware, hacks of een overheid die met de ene hand rustig neemt wat ze aan de andere kant pretendeert te geven. 

Innovatie: hoe komt verandering tot stand 

Innovatie: hoe komt verandering tot stand? “Tom Poes, bedenk ’n list” is Heer Bommel’s manier om problemen op te lossen, maar waar is de Tom Poes in uw organisatie te vinden? Het vinden en steunen van die innovaties die echt een verschil gaan maken is waar het eigenlijk om draait. Venture capitalists, innovatiecoaches en, hopelijk, de sturende krachten in wetenschap en bij de overheid willen juist dergelijke vernieuwingen tijdig sonderen. Want juist in de beginfase is steun relatief goedkoop en kun je de uitgroei stimuleren. Het is belangrijk is het om de mensen die dergelijke ideeën kunnen hebben te traceren, vanwege wat epigeneticus Bruce Lipton het “Butterfly gen” van de pioniers noemt. 

Verandering bewerkstelligen in wetenschap, kunst en de samenleving, het change agent zijn en out-of-the-box denken, het is namelijk geen universele eigenschap en is ook maar beperkt gerelateerd aan intelligentie. Dat talent is moeilijk te meten of te voorspellen. 

Er zijn zogenaamde disruptive inzichten of uitvindingen, die zo veel kracht hebben, dat ze een eigen leven gaan leiden en tot bloei komen. Ze hebben iets unieks en aanstekelijks, waardoor ze zich verspreiden als virussen, nauwelijks geremd door de normale barrières en met een eigen energie. Juist nu door de toegenomen connectiviteit bijzondere vindingen (goede en kwade) zich razendsnel verspreiden is het determineren van innovatie en innovatoren essentieel voor iedere organisatie die wil overleven. Maar hoe kun je verandertalent vinden? 

Vooruitgang of chaos 

Veranderingen die op termijn de gang der dingen wezenlijk gaan veranderen zijn er altijd geweest. De geschiedenis van de wetenschap gaat er prat op. Meestal waren het uitvindingen, die voortkwamen uit oorlogvoering of door harde noodzaak door klimaatveranderingen of rampen. Ze pasten in het tijdsgewricht zoals de ontdekking van de boekdrukkunst maar zijn ook heel vaak zijn terug te voeren op een of enkele geïnspireerde individuen. Aristoteles, Ptolemeus, Archimedes, Newton, Einstein, von Neumann, Josephson of de nieuwe Nobelprijswinnaar Peter Higgs zijn zulke figuren en er zijn er veel meer, in alle sectoren en disciplines. 

De wereld verandert en doet dat al heel lang, we zijn al vijf miljard jaar op weg naar de toekomst. De biologische evolutie, leven dus, zou in een materialistische visie het gevolg zijn van random mutaties en selectiemechanismen. Dat verklaart nauwelijks de richting en het ontwikkelen van structuren en informatie die tegen de entropie (vergrijzing-afvlakking)  tendens ingaan. Nu lijkt de vraag naar de oorzaak van verandering een filosofische kwestie. In de praktijk is het echter wel van belang te bekijken hoe nieuwe ontwikkelingen, innovatie en verandering eigenlijk ontstaan. 

Innovatie wordt (zonder veel realiteitszin overigens) vaak gelijkgesteld aan vooruitgang en dat sturen is een soort heilige graal aan het worden. Verandering, liefst een verbetering qua comfort, kosten, ecologische belasting of winst is waar men naar streeft, maar een brede visie op wat dat ook nog veroorzaakt begint pas door te breken. De vraag of we gelukkiger worden van al dat moois en dat ook op termijn blijft meestal onbeantwoord. 

Ondernemers, NGO’s, de overheid, ze gooien er grof geld tegenaan, in incubatie- of cooperatie-opzetjes, via venture capital en in private-public samenwerking. Het lijkt erop dat net als bij reclame het grootste deel van de er aan bestede energie niets oplevert. 

In de huidige groeispurt van connectiviteit door digitale media gaat die verandering soms heel snel, internet heeft zich als een virus verspreid en dringt diep door, ook in de machinale wereld met M2M communicatie. Er ontvouwt zich een wereld, waar alles met alles verbonden is, waar transparantie de norm is, privacy een illusie en netwerken de modus operandi. 

Dat die transparantie op den duur de speculatieve winsten verkleint, de verschillen elimineert, schaalgrootte benadrukt en vergrijzend (entropisch) werkt in allerlei opzichten wordt nog niet als serieus probleem gezien. Dat internet en real-time communicatie ook de terugkoppellussen in de techniek, economie en de politiek verkort, minder dempt en daardoor instabiel kan maken wordt al helemaal genegeerd. De rust is uit het systeem, we zweven van crisis naar crisis, de publieke opinie is een windvaan; lange termijn denken en doen worden opgeofferd aan de waan van de dag, de beurs en de media. 

Bij die versnelde en versnellende ontwikkeling zijn we niet veel opgeschoten bij het begrijpen van de oorzaken van verandering, van innovatie of van het leven zelf. We meten van alles, weten hoe het zich ontwikkeld, zien de invloed van omgevingsfactoren en kunnen wat meer sturen, in de genetica, in incubatie van leven buiten de baarmoeder, maar een “Godsdeeltje der Verandering”, een evolutionair stuurmechanisme boven random mutatiemechanismen en chaosmechanismen is nog niet ontdekt. Dat laten we aan de theologen en het geloof. De wetenschap heeft zich wat dat betreft geïsoleerd van het leven en de werkelijkheid. Ik denk persoonlijk dat we juist in het extradimensionale, het niet meetbare moeten zoeken. Richting en doel vinden we niet in de materiële dimensies maar daar waar informatie, complexiteit en negentropie (negatieve entropie) vandaan komt. Dat is die andere wereld, die de wetenschap ontkent. 

Ontdekken of uitvinden? 

De oude Grieken waren wat dat betreft duidelijker, Plato sprak niet over uitvinden, maar zag alles als ontdekken of kopiëren, als komend vanuit een andere (ideale) wereld. 

Toch valt er wel wat af te zeggen (misschien niet meer dan speculeren) over mutaties, over filtering van mutaties en het ontstaan van bijzondere ideeën (singulariteiten). Inzichten in de psychologie, met name in de ontwikkelingspsychologie, in persoonlijkheidskenmerken en de invloed van omstandigheden (de epigenetica in brede zin) vertellen wel iets over hoe vindingen ontstaan, gedijen en uitgroeien tot change agents. Met name het analyseren van succesvolle innovatoren en ontwikkelingen heeft geleid tot een wetenschap en discipline die we “verandermanagement” kunnen noemen. 

We weten nog steeds niet waarom deze of gene geniale gedachte ontstaat, maar begrijpen wel beter hoe je optimaal zou kunnen omgaan met nieuwe inzichten die opkomen en hoe we ze kunnen helpen verder te ontwikkelen. Het conservatisme van vroeger is, zeker in het bedrijfsleven en aan het front van de veranderingen veel minder geworden. De wetenschap en academia zijn daar helaas nu eerder een remmende factor in. Ook de manier waarop de politiek met innovatie omgaat is een aanfluiting, mislukken is bij overheidsprojecten bijna ingebakken. Het inzicht, dat innovatie en kleinschaligheid (of is het ruimte voor individueel afwijken) samenhangen, is wel gegroeid. 

Alles verandert, zei Heraklitus al. In de levenscyclus van ieder idee, product of organisme (ook de mens) zijn er verschillende stadia en invloeden. Alles wat bestaat is tijdgebonden is, zelfs het universum zoals we dat denken te kennen. Tijd in die zin is het kenmerk van manifestatie, de brug tussen het zichtbare en onzichtbare. Alles is daarnaast onderhevig aan externe invloeden. Hoe meer iets verbonden is en afhankelijk van andere zaken, des te instabieler wordt het, des te meer gaat de ontwikkeling afwijken. In biologische termen gaat het fenotype afwijken van het genotype, in cyberspace zien we dat ideeën sneller een eigen leven gaan leiden. Het oorspronkelijke idee wordt aangepast, ontwikkelt zich. Dat wordt gemakkelijk ook als innovatie of creatie aangeduid, maar is als proces meer ontwikkeling en aanpassing en ook makkelijker te sturen. Van simpele producten maken we varianten en opvolgers, aanpassingen aan de mode, zelfs de iPhone kun je nu in kleurtjes krijgen. Aan die aanpassingen zijn wel grenzen aan, schapruimte bijvoorbeeld en het kosten/opbrengsten plaatje, maar meestal groeit men tot dergelijke grenzen overschreden zijn. Net als dat het “Peter-principle” aangeeft dat men in carrières meestal doorgroeit tot het niveau van incompetentie is bereikt zien we ook bij productontwikkeling dat men vaak te ver doorschiet in het aantal variaties en versies. 

Het is mogelijk de ontwikkeling van een idee (naar product, dienst, onderneming, wetenschap, etc.) te vergelijken met de ontwikkeling van de mens (en andere organismen). Er is een soort begin, de echte innovatie, een genotype dat ontstaat in de geest van een enkeling en dat gaat groeien en zich ontwikkelen, maar dat ook aanpassingen gaat vertonen aan de omgeving. Er ontwikkelt zich een persoonlijkheid of fenotype dat de oorspronkelijke bedoeling (de genen) nog wel in zich draagt maar een eigen gezicht heeft. 

De echte vonk 

Het geniale van mensen als Steve Jobs was dat ze, natuurlijk geïnspireerd door wat ze oppikten (bij Apple kwam  dat vaak van Xerox’ PARC) een eigen en eigenzinnig concept durfden en konden neerzetten. Anderen gingen daarmee verder en nu is Jobs’ visie al bijna verwaterd door variatie en fenotypische aanpassingen, maar de energie is nog voelbaar. Nu was Jobs geen standaard mannetje, hij stond open voor alternatieve inzichten, gaf zelf toe dat LSD hem de ogen opende voor een andere werkelijkheid en was gepekeld in het new age denken en esoterische inzichten. Daarbij was hij een lastige en eigenlijk slechte baas. Je zou kunnen stellen, dat zijn niet zo positieve jeugdervaringen (hij werd opgevoed door vrij eng denkende pleegouders) hem de drive gaven om verandering te zoeken. Dat zien we bij meer innovatoren, ze zijn gegroeid en gelouterd door de tegenwind, die hun vlieger deed stijgen. Het blijkt ook dat ‘affective disorders’, zoals depressie en autisme en ‘mood disorders’ soms tot bovenmatige creativiteit kunnen leiden, net zoals niet normale links-rechts coordinatie in de hersenen. Vreemd genoeg wordt ‘openstaan’ voor andermans ideeën vaak geassocieerd met creativiteit, maar blijken hypercreatieven zich toch zeker innerlijk te verzetten tegen de gangbare opvattingen. 

Er zijn er (op basis van neurologische research) aanwijzingen dat zowel positieve als negatieve gevoelens en stemmingen (affects) de creativiteit positief kunnen beïnvloeden. Dat zou kunnen inhouden dat creatief denken een reactie is op emotioneel uit balans zijn, een manier om daarmee te dealen. 

Creativiteit in die zin is, net als de ontwikkeling van symbolische taal, mogelijk een logische component van evolutionaire ontwikkeling in de zin van het natuurlijk reageren op veranderende omstandigheden en het zoeken naar mogelijke antwoorden daarop. 

Van frustratie naar innovatie 

Nu zou je uit de creatieve impuls gebaseerd op negatief affect (gevoelssituaties) kunnen afleiden, dat bijvoorbeeld onderwijs (voor zover dat ten doel heeft vooruitgang te bevorderen) helemaal niet zo makkelijk moet zijn. Je moet het juist extra moeilijk maken. Dat zou een factor kunnen zijn die echte (genotypische) innovatie bevordert. Dat is wel wat anders dan wat er nu wordt gedacht. Weg met subsidies, steun, pamperen en stimuleren, laat de besten maar boven komen drijven. Dat is marktdenken, concurrentie zien als de beste filtering, de overlevers hebben hun talenten onder druk moeten ontwikkelen, de achterblijvers worden de onderklasse. 

Niet erg sociaal, maar in zekere zin ook wel wat aan de basis ligt van Silicon Valley. Het lijkt misschien dat alles daar ging om steun en een positief klimaat, maar in feite is het daar een grotere ratrace dan elders, een pressure cooker waarin de besten overleven. De imitaties van dat model zijn dan ook voor het grootste deel vastgelopen, drijven op overheidssteun en zijn leuke netwerk werkverschaffers. Meer kijkers en begeleiders dan initiatiefnemers, meer behendige subsidieverkrijgers dan innovators, helaas veel weggegooid geld en energie, terwijl de echte uitvindingen weer ergens in een achteraf garage plaatsvinden. Bovendien maakt makkelijk reizen, cyberspace en internet communicatie de uitwisseling zo makkelijk, dat fysieke concentratie en het idee van superuniversiteiten of incubatie-instituten zoals Amsterdam dat nu weer wil, misschien wel achterhaald is. 

Op dit moment wordt in landen als China en India, maar ook in Afrika met indrukwekkende groeicijfers gescoord, maar blijkt dat toch weer vooral een kwestie te zijn van kleinschalige initiatieven. De overheid kan stimuleren, grote bedrijven maken luxe en communicatie bereikbaar, maar het zijn de kleine mannetjes en vrouwtjes die de welvaart echt dragen. Winkeliers die zakenmensen worden, sociale ondernemers die hun situatie uitbuiten, politici die wat meer doen dan hun boekje voorschrijft, niet alleen zakkenvullers maar ook idealisten die met oplossingen komen en samen die groei veroorzaken en hun achterstand inhalen en meer. 

Origineel en adaptief 

Een origineel en diep idee met verstrekkende gevolgen is zeldzaam. Meestal gaat het om aanpassingen, langzaam veranderende inzichten. Die zijn misschien gebaseerd op dat oorspronkelijke idee, maar het is meer vormgedreven, meer buigend naar specifieke toepassingen. Dat betekent dat in de latere fasen (waar meer development en minder research aan de orde is) de veranderingen een geleidelijker en meer permanent karakter krijgen en daarin ook meer te sturen zijn. 

Het onderscheid tussen echt originele ideeën en het verder ontwikkelen ervan is ook fundamenteel in het gebruik van allerlei zogenaamde creativiteits-verbeterende technieken. Problem solving workshops, brainstorming sessies, vrije associatie, prototyping, reverse engineering, gestructureerde probleemanalyse, er is van alles qua creativity technieken om verder te komen met individuen of groepen. Het is opvallend dat men daarbij technieken als LSD of drugsgebruik, meditatie, bidden, lucid dreaming, hypnose en dergelijke, wel gebruikelijk in de kunst- en muziekwereld, in zakelijke omgevingen uit de weg gaat. Als creativiteit in wezen niets anders is dan toegang krijgen tot een onderbewuste werkelijkheid zou daar een meer productieve aanpak gevonden kunnen worden.  

Creativiteit 

De theoretische visies op creativiteit als basis van nieuwe ideeën en producten zijn velerlei, de meeste hebben te maken met de “4 P’s” - proces, product, persoon en plaats. Hoe ontstaat creativiteit, wat is het resultaat in welke vorm, door wie of welk soort persoon en in welke setting. Natuurlijk is ook kritiek geven op een idee, het verbreden, versmallen, kaderen of integreren en relateren creatief, maar anders en minder uniek. De essentie van echt revolutionaire (genotypische) innovatie boven fenotypische ontwikkeling is toch dat een heel nieuw idee ontstaat. Creativiteit is dus gevarieerd, ook qua niveau, er is kleine c en grote C creativiteit, niet alles hoeft wereldschokkend te zijn. 

Wat in dit soort analyses, die set en setting benadrukken, ontbreekt is de magische factor. Welke externe maar fundamentele factor is de basis van een idee, wat maakt dat iemand zich überhaupt ergens druk over maakt en ergens een klik ziet. 

Hangen creativiteit en innovatie met elkaar samen? Dat is een interessante vraag. Net als het IQ van iemand, gebaseerd op een mengsel van verschillende gebieden en niet altijd relevant, is ook creativiteit een eigenschap met verschillende pijlers. Je kunt creatief zijn in tegenspoed, om uit moeilijkheden te geraken, maar ook vanuit een soort mystieke verbinding met het al en wat is het meest relevant in een gegeven situatie? En is het jezelf opzadelen met een moeilijk probleem niet een soort interne foltering, die oplossingen vanuit een dieper niveau oproept? Heel veel uitvindingen en inzichten komen voort uit dromen, het onderbewuste verwerkt de impuls en de frustraties en draagt een beeld of inzicht aan. In die visie is innovatie dus gekoppeld aan een oplossing en is het idee dat mooie visies of inzichten vanzelf komen dus minder logisch. 

Wat is dan wel het geheim, de verborgen formule voor innovatie? Daar is nog geen eensluidend antwoord op, de HR (personeels) goeroes praten over selectie, stimulering en begeleiding, de venture capital mensen praten over worsten en beloning, de psychologen over personality types, de netwerkgelovigen over uitwisseling en community effecten. In retrospect (kijkend naar gelukte innovatie) hebben ze allemaal een beetje gelijk, maar wat ontbreekt is een brede visie op het hoe en waarom van verandering en hoe die samenhangt met leven, groeien, bestaan. Dat klinkt wat vaag, in de praktijk zien we echter dat de successen in venture capital, in technologie en in ondernemen veel meer samenhangen met intuïtie en gevoel dan met planmatige analyse en begeleiding. Structuurbegeleiding en businessplannen zijn zoethouders, het gaat om de mensen, dat blijkt iedere keer weer. De intuïtieve aanpak en dat betekent toelaten van niet wetenschappelijke, niet logische en irrationele factoren werkt het beste. Misschien zou de les moeten zijn, dat innovatiebeleid en change management veel meer te maken hebben met het contact (van individuen, organisaties, bewegingen) met het andere, onderbewuste en virtuele dat zich onder al dat rationele afspeelt. 

Change- en innovatie-management is een mensenvak, en omdat mensen vooral irrationeel opereren niet makkelijk te vatten in regels, structuren en matrices. Wie bedenkt een methode om het change (innovatie) quotient van mensen en organisaties reproduceerbaar in kaart te brengen? Zo’n INQ indicatie of Creativity Quotient zou voor change management (en dat is wat anders dan een organisatie leiden en op de winkel passen) zeer waardevol zijn. Er zijn wel een aantal tests zoals de Torrance Tests of Creative Thinking en verschillende Divergent Thinking tests en andere psychometrische manieren om via divergentie, associatie indices een indruk te krijgen, maar die gaan voorbij aan wat voor mij de essentie is van echte innovatie, toegang tot de onzichtbare wereld via het onderbewuste. nov 2013 LS 

MS top: Elop terug ?? 

De opvolging van Ballmer staat nu ter discussie en Nokia overname ‘paard van Troje’ Elop staat op de nominatie. 

Hij incasseerde bijna 20 miljoen door de aankoop van Nokia Telecom door Microsoft en heeft een brede ervaring in de Microsoft sfeer, waar hij vandaan kwam om Nokia te leiden. Het lijkt allemaal opgezet, behalve dan dat Nokia de grote doorbraak in mobiel ook niet gerealiseerd heeft en Windows Phone 8 niet echt op de kaart staat, zeker niet in de VS waar men mikte op een betere positie dan het oude Nokia er had. 

Verder blijkt Apple, mede door de NSA afluistertechnieken, haar ‘sleutelring/keychain’ wachtwoorden database die in iOS6 zat, wat aangepast te hebben en eigenlijk af te raden. Men wil de keychain uit de cloud te halen en alleen op de devices te zetten zodat afluisteren niet meer kan en alleen via de op het device staande vingerafdruk (iOS7) geactiveerd kan worden. Men werkt aan dit nieuwe systeem en geeft aan, dat men beter even kan wachten. Een interessante ontwikkeling, waarbij VS bedrijven dus eigenlijk tegen de overheid ingaat en helpt aflusiteren of scannen tegengaan. Keychain zou alle passwords van iemand kunnen bevatten, als dat ergens in de cloud staat is dat ook door anderen af te luisteren of via een rechterlijk bevel op te vragen. De vingerafdruk methode is overigens juridisch moeilijk, men kan wel weigeren een password te geven, maar niet een vingerafdruk. 

KPN Teloorgang: de privatisering ontmaskerd 

Het ooit puur Nederlandse KPN, het telecom deel van de geprivatiseerde PTT van weleer, was de afgelopen tijd druk in het nieuws. Via een wat versluierd bod van Carlos Slim van America Movil leek het er op, dat KPN grotendeels of zelfs geheel in Mexicaanse handen zou komen. 

In eerste instantie is daar, afgezien van wat beursberichten nauwelijks opwinding over ontstaan. Maar toen begon men te begrijpen wat er aan de hand was, er was de kans dat KPN via het opkopen van alle aandelen in handen zou komen van een buitenlandse partij, misschien van de beurs gehaald kon worden en daarmee redelijk ongrijpbaar worden. Toen kwam er actie, er werd een oude stichting geactiveerd die via een zogenaamde gifpilconstructie met optierechten voor miljarden extra stemgerechtigde aandelen bedoeld was om een vijandige overname tegen te houden. De politiek en iedereen ging zich er (wel vrij laat allemaal en publiciteitsgeil) mee bemoeien, zelfs de Nationaal Coordinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) onderzoekt nu wat de eventuele gevolgen zijn van een eventuele verkoop van KPN (KPN.AE) aan America Movil (AMX.MX) in het kader van de nationale veiligheid. Carlos Slim voelde de tegenwind en ging z’n plannen bijstellen en de stakeholders pappen, hij heeft geen belang bij ruzie met werknemers, klanten, de overheid en de media. 

Privatisering ter discussie 

De hele kwestie stelt de wijsheid van de hele privatiseringsgolf van de afgelopen decennia weer ter discussie en dat werd hoog tijd. Sinds eind jaren zeventig heeft, nadat in de VS de overheid ging ingrijpen in te machtige semi-monopolies (van met name IBM en AT&T) en meer concurrentie afdwong, het vrije marktdenken zich als een soort virus verspreid. Gedragen door eigenlijk achteraf nauwelijks verborgen eigenbelang van ambtenaren en politici, die leuke baantjes en persoonlijke status zagen kreeg de neo-liberale deregulering de ruimte. Het idee van meer concurrentie door minder overheidsinvloed en het privatiseren van alles wat maar even losgeweekt kon worden kreeg vaart, vooral in landen waar het Amerikaanse voorbeeld slaafs werd gevolgd, zoals in Nederland. Dat het in de VS veel meer ging om politiek gemotiveerde anti-trust en anti-monopolie gebaren om de gevolgen van duurdere olie en koopkrachtverlies bij de middenklasse te verbloemen werd niet opgemerkt, we gingen hier volop in de privatisering. De overheid zag het grote geld, gemeenten verkochten alles wat los en vast zat, zoals energiebedrijven, kabelnetwerken, vervoersbedrijven, banken (de postgiro), grote delen van het zorgstelsel, de woningcorporaties werden vrijgelaten, het kon niet op. Het tafelzilver werd verpatst, privatisering was de grote hype, we zouden er allemaal beter van worden, de consument zou betere diensten krijgen, goedkoper, beter, en de overheid zou via , o wonder, meer regulering, de zaak wel in de gaten houden. Er werden instanties opgetuigd, baantjes uitgedeeld, politici beloond voor hun medewerking aan dit potverteren, een nieuwe klasse van zakkenvullers kon zich verrijken, de burger betaalde wel. Ondertussen zijn de Consumentenautoriteit, de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) en de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA) samengebracht in de nieuwe toezichthouder Autoriteit Consument & Markt) maar is de les niet geleerd, pas door de KPN dreiging schrikt men weer wakker. Er is nooit een brede discussie geweest over wat die privatisering allemaal heeft stukgemaakt. De ellende bleef verborgen, werd goedgepraat, de enorme missers, domme verkopen, beursgangen en incompetentie van vrijwel alle betrokkenen, inclusief de pers, met de mantel der gedeelde verantwoordelijkheid mooi afgedekt. Geleerd is er weinig, de Amsterdamse gemeenteraad die zich met de verkoop van de kabel in 1995 zo liet naaien, privatiseerde begin 2013 nog vrolijk de Amsterdamse haven, de totale 23 Ha van haven ging onlangs nog voor 6 euro per m2 over naar wat uiteindelijk de vrije markt is, rijp gemaakt voor Chinese investeerders, net zoals dat met de nu afgebroken containerterminal gebeurde. Dat ondertussen de grootste huurder Vopak zich uit Amsterdam terugtrekt maar wel samen met de havendirectie de raad, dapper voorloog tijdens de hoorzittingen en de beloofde groei en inkomsten een illusie blijken, drukt niet het ministeriabele salarisniveau van de nieuwe directie.  

Nu blijkt echter, dat die mooie privatisering eigenlijk een leegverkoop inhoudt en we in de vrije markteconomie van Neelie eigenlijk formeel niets kunnen doen tegen Slim (de gifpil constructie is Europees gezien niet houdbaar) schrikt men wakker. Zou er nu dan toch, misschien, eens een balans worden opgemaakt, de privatisering in het brede kader van de afbraak van de welvaartsstaat werden beoordeeld? 

De privatiseringswoede ligt nu schijnbaar in een ver verleden, denk aan mensen als Neelie Kroes destijds en de hele dereguleringshype van de jaren tachtig, mede gedragen door een regenteske PvdA-elite. Nu vecht Neelie tegen de macht van het vrijgemaakte tafelzilver, maar zij was het die de PTT, Schiphol en KLM destijd enorme bevoordeelde, omdat ze na haar ministerschap zo graag een topjob bij een van die clubs wilde. Haar privatiseringsneigingen hadden wel degelijk een persoonlijk voordeeltintje. Maar de hele politiek is er achter gaan hangen, we hebben ons wild geprivatiseerd en doen dat nog steeds. Het eigenbelang van bestuurders en politici die ook wel een baantje wilden in energiebedrijven, woningcorporaties, openbaar vervoer, kabel, telecom, gezondheidszorg lag aan de basis van wat we nu en de komende jaren zullen kenschetsen als de grote uitverkoop. Die bestuurders, minister, wethouders komen vrijwel altijd goed weg, het circuit zorgt voor haar vazallen, de burger betaalt wel. 

KPN weer veilig? 

Want wat er ook gebeurd, KPN (en andere geprivatiseerde kernactiviteiten) krijgen we niet meer terug, tenzij Rutte net als Bos destijds bij ABN/Fortis in de paniek meegaat en het zootje opkoopt. De rust is weer ven teruggekeerd, Carlos Slim kreeg deels z’n zin, wist de verkoop van E-Plus wat op te peppen, deed vage beloftes aan andere stakeholders zoals de ondernemingsraad en wacht verder even af. Maar als de beurskoer verder zakt (en Slim is door die gifpil constructie vrij op de beurs bij te kopen tegen ene lagere koers dan in z’n overnamebod) blijft KPN het snoepje van de week voor speculanten. Nou ja, snoepje, het is een slecht gerunde toko, die z’n kroonjuwelen verpatst om te overleven, qua imago steeds verder wegzakt en geen idee heeft waar het qua ICT, domotica en cloud diensten naar toe gaat. KPN overleeft alleen, omdat de oligopolie die de overheid heeft gecreëerd toelaat dat de burger het gelag blijft betalen. De interne motivatie binnen het bedrijf zal er allemaal niet beter op worden, managers kiezen voor een exit, de klant is zeker niet tevreden, de 4G leuterkoek te spijt. De signalen, dat het mis aan het gaan was met KPN en men daar met man en macht probeerde het schip drijvend te houden en vooral de koers wat op te krikken waren natuurlijk al langer duidelijk. Toen men onlangs begon in de innovatieve competentie van het bedrijf te kappen, de ontslagen van de Xs4All ‘baarden’, was voor de kenners het emotionele failliet van de Koninklijke ‘PTT’ duidelijk.  

De totale waarde van KPN zou nu iets van 10 miljard zijn, een fooi gezien de investeringen in frequentiebanden, naamsbekendheid en infrastructuur, maar zo werkt beurswaarde nu eenmaal. Het is ook niet fair Carlos Slim te zien als een soort raider. Slim’s motieven voor z’n bod waren meer ingegeven door wat er in het wereldwijde telecomspel gebeurt en met name de positie van America Movil tegenover het Spaanse Telefonica en de Duitse markt, dan door de belabberde situatie van KPN zelf. Telefonica Deutschland wil E-Plus kopen van KPN, maar Movil wilde die landingsplaats in de Duitse markt zelf hebben. Slim heeft nu die deal wat laten oppoetsen met nog een achterdeurbelangetje als toekomstzekerheid. 

KPN, dat bedrijf is van kroonjuweel toch wel akelig snel tot zorgenkindje gedegradeerd. Het gevaar was dat als Carlos Slim mocht besluiten het bedrijf niet alleen van de beurs te halen, maar ook juridisch in te lijven bij z’n Mexicaanse imperium, we de zeggenschap over een belangrijk deel van ons telecom netwerk, infrastructuur en met name de zogenaamde outside plant, het koper en glasvezel in de grond, helemaal kwijt zouden raken. De diensten, die over dat netwerk worden aangeboden zijn namelijk grotendeels virtueel, dat wil zeggen dat ze ook door wat grote computers en helpdesk-organisaties in India, Suriname of Turkije kunnen worden uitgevoerd. Dat zou onze nationale (dus economische) rol op het cyber-wereldtoneel op termijn enorm beperken.  

Wereldschaal 

Maar eerst even wat er nu op wereldschaal aan de gang is. AT&T neemt het toch voornamelijk Britse Vodafone over, T-Mobile probeerde net als KPN ook buitenlandse dochters kwijt te raken (In de VS aan AT&T en dat mocht niet) en nu zijn het Spaanse Telefonica en America Movil aan het oprukken. Met groeimarkten in de rug rapen ze de slecht draaiende geprivatiseerde PTT’s en kleine lokale probeersels op en dat betekent dat we in een situatie belanden dat de telecom hier aangestuurd kan worden door wat gezellige onderonsjes van magnaten waar we helemaal geen invloed op hebben. Slim kan, als hij KPN helemaal in handen zou krijgen (en dat idee is echt nog niet begraven) morgen de helft van het personeel van het oude KPN vervangen door off-shore operators, de lokale graaf en kabelactiviteiten uitbesteden aan kleine ondernemers en zzp-ers en die, net als die andere PTT-oerwortel de post al doet, uitknijpen in ons moderne slavernijsysteem. Ook kan hij dan beslissen de investeringen in nieuwe routers, 4G, diensten, veiligheid maar even wat uit te stellen of de prijzen even wat op te hogen (en als grootaandeelhouder kan hij dat natuurlijk nu ook al wel afdwingen). Als ie dat samen met Vodafone (AT&T) doet, even een intern-Amerikaanse onderonsje in een vliegtuig boven internationale wateren, gaat ook zwakke broeder T-Mobile graag stilzwijgend mee. Daar heeft niemand hier wat over te zeggen, aandeelhouders, raden van bestuur, commissarissen als ze er al zijn, worden door hem gecontroleerd en als KPN geen beursfonds meer is zijn zelfs de cijfers geheim. En de politiek, die heeft er in zo’n situatie helemaal niets meer over te zeggen. En wie kan dan de vinger leggen op wat uitgestelde plannen, wat trager uitgevoerde updates en het langzaam laten verwateren van onze kabelvoorsprong (de we wel degelijk te danken hadden aan initiatieven lang voor de privatiseringsgolf)? Niemand, dat voorrecht laten we aan Carlos Slim en zelfs als een klokkenluider over een tijdje zou kunnen aantonen dat we bewust tot achterblijvers in de cyberontwikkeling worden gemaakt, dan kan niemand er wat aan doen. Want er is geen echte concurrentie, een te inhalige overheid wilde te veel verdienen aan licenties, veilde frequenties met condities die echte concurrentie uitsloot en dus worden we nu gewoon een wingewestje voor wat multinationals waar geen enkele controle op is. De toezichthoudende clubs als voorheen NMA, OPTA en dergelijk zijn tenslotte bevolkt door dezelfde oud-politici, old boys en regenten die aan de basis stonden van de hele uitverkoop. 

Ik ben geen aanhanger van de samenzweringstheorieën, de Bilderberg groep onzin (ons koninklijk huis is zo ongeveer de stomste investeerder die je je kunt voorstellen) of dat extraterrestrials al alles in de hand hebben, maar ik geloof wel in auto-conspiracies, samenwerkingen op ad hoc basis zoals die altijd en overal voorkomen. Ik zie wel corruptie, het regenteske balletje gooien naar elkaar, zelfverrijking, maar vooral zie domheid. Niet alleen bij de politici en zogenaamde ondernemers (die tegenwoordig vooral zelf geen risico lopen en eerder zelfverheerlijkende winkeloppassers zijn) maar bij ons, het volk, de kiezer. Wij zijn verantwoordelijk voor die overgelopen hypotheekellende, wij gingen naar de bank om toch maar wat meer te lenen, voor dat vakantiehuis, die auto, die boot en staken ons te diep in de schulden. Dat was de fout van Occupy, die wezen naar de uitvoerders van onze blinde graaizucht en daar gedienstig constructies voor bedachten, gesanctioneerd door politici, die ook graag een tweede huisje wilden en een leuk baantje later. 

We zijn, met een doorsudderende onroerend goed crisis en een Euro aan een draadje, op weg naar een toekomst als tuinbouwers en doorvoernatie die als grappige vakantiebestemming voor rijke Chinezen en Indiërs nog wat kan bijverdienen. Nederland wordt een franchise, zonder originele identiteit, onze musea, universiteiten, winkels en identiteit mogen we inkopen, we worden consumptieslaven op minimumniveau. Thatcher ging ons voor, verkocht het meeste Britse erfgoed en degradeerde haar wereldrijk(je) tot een dienstenmaatschappij zonder productie waar alleen nog werk is als vakkenvuller of kassamedewerker.  

KPN weg uit Nederlandse handen en buiten iedere politieke invloed, het gaat nog even niet door. Maar de mini-crisis is wel een signaal, we zagen even de mijlpaal op een weg naar identiteitsverlies als natie, en de geschiedenis leert ons, dat zoiets uiteindelijk niet goed afloopt. Identiteitsverlies leidt tot angst en men zoekt weer invulling. Zo’n vacuum gaat weer ingevuld worden en niet altijd op de meest menselijke manier. 

HUB Failliet 

Het hakt er in in bladenland. Het Haarlemse HUB Uitgevers heeft faillissement aangevraagd, het is de de uitgever van computerbladen als Computer Idee, Hardware.info Magazine, Power Unlimited, PC-Active en PCM. De curator bekijkt of er doorstartmogelijkheden zijn, een aantal online activiteiten gaat waarschijnlijk wel verder. 

NSA: Alles is bekend 

Na de eerdere onthullingen over wat er door de NSA  in de VS allemaal wordt afgeluisterd en hoe dat ook doodleuk wordt doorgespeeld naar gehieme diensten en god weet wie hier in Europa is nu ook bekend geworden dat men Android telefoons kan gebruiken als afluisterstation, zonder dat er gebeld wordt en de microfoon dan gewoon op afstand wordt opengezet. Alles ligt dus op straat, en nu beginnen in de VS zelfs de politici zich af te vragen waar dat goed voor is. 54 aanslagen voorkomen, maar hoe serieus was dat dan, er wordt nu weer even hard op de angsttrom geslagen om dat waar te maken. 9/11 komt er weer aan, dus is afluisteren verantwoord, worden ambassades gewaarschuwd en wordt het weer even heel eng. Dat de VS zelf door haar ingrijpen in Afghanistan (dat nu weer wordt prijsgegeven aan de Taliban) en het gedroon agressie over zich afroept ontgaat de publieke opinie. 

Medio 2013: De crisis zet door 

In de vakantietijd had ik de kans om wat door Engeland te reizen en te kijken naar wat daar aan ICT retail aan de hand is. Er blijven een paar grote ketens zoals PCWorld die vaak in combinatie met vaste partners, maar de hype is er duidelijk af. Ook binnen voel je, dat men niet goed meer weet waarop te focusses, gaan het de tablets worden, en dan wel of niet met 3 of 4G, maar daarmee zit men toch wel dicht tegen de telecom providers aan, die met aanbiedingen en heel veel outlets in the zgn. high street klanten lokken, of blijft er toch iets van een laptop/desktop markt over. Dat is in de hele markt de grote vraag, waar gaat het naar toe, moeten we die hele hardware maar vergeten? Men ziet de tablets en thin client devices steeds goedkoper worden, tablets van 60 euro vindt je bij de kruidenier en de drogist, wie kan daar nog aan verdienen? Het gaat er nu om, diensten te verkopen en access via kabel, mobiele data, wifi punten of het stroomnet is waar nog rendement gemaaktkan worden, maar ook daar neemt de concurrentie toe. net als in Nederlands struikel je in de winkelstarten over aanbiedingen, het unlimited access en de mooiste hardware voor niks maar er is een soort angstige ondertoon. De economie hersteld zich niet voldoende, in Engeland is dat angstig duidelijk in de retail. Nasst de grote steden en toplokaties is het armoe, kleinere stadjes zijn retailgatenkaas geworden, veel leegstand en veel nepwinkeltjes (Oxfam tweedehandskleding) en poundstores met rommel. En als er dan een segment is waar even wat handel is, schieten de concullega’s zo uit de grond. In het Lake-district, met grote stadsagglomeraties als Mancester en Liverpool in de buurt en dus nog een gewilde vakantiebestemming, is er dus een enorme overdaad aan kampeer-wandel-trek-klim winkels. Eind juli beginnen die al aan de uitverkoop en was 50% korting al bijna standaard, er waren ketens die tot 70& discount gaven. Nu is gezien de crisis vakantie in eigen land wel iets populairder, en wandelen is typisch Engels, dus er zal wel wat zijn afgezet, maar nu zijn er te veel dezelfde soort winkels.  

Voor wat betreft de kleinere computerzaakjes, net als in Nederland is een echte winkel met bijpassende huur niet meer rendabel te maken, dus blijven de kleine krabbelaars, buirtwinkeltjes met eenpitter en achterkamerdienstverleners over. Die doen hun best, dank zij de virussen de Windows onzekerheid en eindeloze updates hebben ze wat te doen in het aan de praat houden van oudere hardware, maar investeren in retail is er niet meer bij in de ICT. Men besteld hardware per internet, laat geen marge meer en voor de tablet en smartphones komen de providers met zulke zachte aanbieidngen, dat de gewone retail daar niet tegenop kan. Geld en krediet is schaars in de UK, dus men accepteert te dure abonnementen als de iPhone of pad maar gratis is, een situatie die we ook hier wel kennen. Het resultaat is dat in de toch al lege winkelstraten in de kleinere stadjes en dorpen je alleen nog maar hele kleine computerzaakjes ziet, indrukwekkende puien en grote demonstratie showrooms zijn verleden tijd. De branche is onzeker, maar dat vooral in een land dat onzeker is.  Gelukkig hielp het vruchtbare koningshuis deze zomer een handje, baby George hield het volk en de media bezig en zo kon bijvoorbeeld de aankondiging dat Ford alle UK fabrieken sluit en naar Turkije gaat vrijwel onopgemerkt blijven. 


De grote pad en de koffietafel metafoor 

HP, Lenovo en Sony brengen grote tafelpads, van 20 inch of meer en dat betekent een nieuwe categorie en vormfactor. Naast de meeneempads dus nu tablepads, tablets van superformaat, die met meerdere mensen bediedn kunnen worden. Qua user interface nog in de startblokken, want zo’n groot ding kun je niet draaien, en dus moet er een mogelijkheid zijn om net als bij een bordspel, voor iedereen een eigen zichtstukje en interactieplek te realiseren. 

Vooralsnog komt men met Monopoly als de interessante speltoepassing voor de huiskamer, maar dat is wel erg beperkt, er kan veel meer. Qua software en vooral interface design moet hier nog heel wat gebeuren en kan met spraakbesturing (onderscheid maken naar spreker bijvoorbeeld en dan het beeld draaien) of aanraken of zelfs Kinect-achtige bewegingssensors hier een nieuwe terrein worden opengelgd. Microsoft was wel langer bezig met de overgang van verticaal (het beeldscherm voor je) naar horizontaal, het scherm play en dan met aanraakscherm besturen, maar Apple bracht de doorbraak met de iPad en Microsoft hobbelde er te laat achteraan met de surface, maar dan in kleiner pad formaat. Dat platte touch screen was op zich met de iPad geen nieuw idee, de diverse tablets met verschillende Microsoft operating systemen waren er al en faalden in de markt, maar Apple bracht een zo aantrekkelijk design en een voor de consument aantrekkelijke  interface, die werkelijk was toegespitst op aanraakscherm en horizontaal gebruik, dat de iPad de wereld snel veroverde. De iPad bracht dus een hele nieuwe manier van computeren naar het grote publiek, de eerdere pogingen van Microsoft in die richting faalden. Was de tijd en de techniek er rijp voor, of was het vooral de aantrekkingskracht van het i-denken, dat deze ommekeer bracht, en speelde het genie van Jobs, die vooral goed was in het vervolmaken van concepten, hier niet een grote rol? Hij bracht de computer op tafel, het woord koffietafel-gebruik is wel passend, maar gaat voorbij aan wat er werkelijk aan de hand is, een echte omschakeling qua interface. 

We gaan anders om met een pad dan met een laptop, desktop systeem of de huiskamer-TV en dat is fundamenteel en iets waar Microsoft wel mee bezig was, maar qua markt nu hijgend achteraan komt, nadat de kleien pads en de tablet het allemaal mogelijk maakten en het publiek went aan W8 en platte schermen plat. Heel lang was de desktop-metafoor met muis en toetsenbord de standaard manier van mens-computer interactie, en dan liefst in de van Xerox (Parc) overgenomen varianten van Microsoft en Apple. Voor spelletjes waren er wat meer mogelijkheden, maar bijna twee decennia lang zaten we vast aan dat verticale beeldscherm en voor de meeste gebruikers de Windows of Mac aanpak met icoontjes die uit de papieren bureau-wereld kwamen zoals een prullenbak en file-folders. 

Pogingen om met virtual reality brillen of spraaktechnologie de interface-aanpak te veranderen waren kortstondig nieuws, maar zijn blijven steken in niche-toepassingen. Men belooft steeds doorbraken op dat gebied, maar spraakbesturing en herkenning blijven prutserig, 3D en virtual reality wordne steeds weer gepusht, maar het lukt niet echt. Een eerste duidelijke verandering kwam met het aanraakscherm, maar het was de stap van verticaal naar horizontal die de hele gebruiksmodus van de computer op z’n kop zet. 

De mogelijkheden van een horizontaal of anders gericht scherm worden nu ook serieus genomen, de Apple iPad ontwikkelde zich, maar dan wel van andere fabrikanten en zelfs zonder Micrsoft als Surface meespelers in dit formaat tot een tabletop-device, men legt het ding plat op de koffietafel of de kantinetafel en gaat alleen of met meerdere mensen surfen, spelen, emailen en daarbij draait de iPad naar de diverse gebruikers toe. Dat is een heel andere manier van werken en spelen, meer eenbordspel interface zal ook wel leiden tot een ander interface design, de aanpassingen gaan nog verder dan het wisselen tussen staand en liggend beeldformaat. 

De platte touch-schermen brengen dus ook een paradigma-verandering in het ICT-gebruik, we gaan van ook qua communicatiepatronenen van verticaal naar horizontaal. Dat is een andere manier van toegang en gebruik van data, maar ook een andere manier om samen met de computer te werken. Ook organisatorisch is de iPad dus een overgang van verticaal/hierarchisch naar een horizontale organisatie, dat had men eerst niet in de gaten, maar vanaf de werkvloer is die trend binnengedrongen. Plotseling kon iedereen niet alleen indrukwekkende presentaties maken (en met het retina-scherm van de nieuwe iPad zeer indrukwekkende qua beeldkwaliteit, maar dat paste in een andere werksfeer, samen rond een vlak beeldscherm, draaien, kijken, niemand de baas, allemaal meedoen.  iPads binnenhalen betekent dus meer dan wat andere hardware, er komt een andere werkmodus mee, een andere manier om informatie en werk te delen. Dit gaat zeker voor grotere organisaties een enorme cultuurschok betekenen, die langzaam maar zeker de hele machts-piramide van de bedrijfshierarchie zal aantasten.. Minder managementlagen, andere communicatievormen, naast sociale media zijn ook horizontale overlegstructuren via tablets een bedreiging voor de oude garde aan de top, van piramide-organisatie naar teamwerk, matrix-structuren en projecten in plaats van afgebakende taken. 

Televisie 2013 

Televisie 2013 april 21 en 22 in The Boxx : Dit jaar was het aloude MCC gevoel nu echt vervangen door de Tech Data Mobile aanpak, de overname door de breedspectrum distributeur van wat ooit Pon’s eiland in de mobiele markt was is nu duidelijk. Het blijft nog een aparte divisie en de goede initiatieven blijven behouden, zoals de Televisiebeurs in Nieuwegein ieder jaar, maar er waait een andere wind, meer focus en minder toevalllig aanpalende productgroepen. 

Luc van Huystee is de nieuwe aanvoerder en legt een heldere visie neer. Niet alleen over distributie, maar ook hoe mobiel past in de hele ICT. Daarin kan Tech Data Mobile nog een iets andere rol spelen, door het samenbrengen van diensten en producten voor het kanaal, dat daarmee ook de klanten een overzichtelijk pakket kan aanbieden. Niet alleen de standaard hardware, maar zeker ook de link naar de providers en dienstverleners en met inzicht in de margeverhoudingen, zeker ook de accessoire-sector en reparatie. Integratie van clouddiensten en inspelen op trends als BYOD vragen deskundigheid en dat kan Tech Data Mobile nog enige tijd een eigen positie geven, op de duur zal de convergentie van mobile en ICT een verdere integratie van deze divisie in de grotere Tech Data structuur onvermijdelijk zijn. 

Op de Televisie 2013 bleek echter, dat men de oude MCC-erfenis toch leuk beheert en zeker de band met de brede klantenkring en de traditie waardeert. Het was al het 17e event op rij, de formule is duidelijk, men wil de brede branche in twee dagen welkom heten, met leuke entertainment en ruimhartige catering kan ook het winkelpersoneel tot in de vroege avond komen kijken naar wat er niet alleen aan hardware maar ook aan bijkomend spul op de markt is. Met 32 deelnemende organisatie bood de Televisie 2013 dan ook een breed overzicht, met de nieuwste spullen van bijvoorbeeld Blackberry, Huawei en Alcatel. Met 3000 bezoekers en de zeer slimme combi met parallel lopende trainingen (900 man) heeft men echt een ijzersterke aanpak, die goed gebruik maakt van de lokatie, alleen qua parkeren loopt men wel tegen de grens van het Nieuwegeinse complex aan. Het lijkt erop, dat de focus iets meer verschuift naar de zakelijke markt, de Apple arrogantie met haar duidelijke consumenten-insteek is ook voor de branche en veel retailers een signaal om meer te kijken naar altrnatieven in de markt, en zeker Blackberry scoort daar goed in met BB10. Nu laat Apple de laatste tijd weer iets meer marge voor het onafhankelijke kanaal, jarenlang viel er niet te verdienen als je niet van de familie was, maar de opkomst van Samsung en Android heeft wel duidelijk gemaakt, dat de i-filosofie toch niet iedereen aanspreekt.  

Wat minder goed naar buiten kwam, misschien ook omdat Nokia toch minde breed dan voorheen in de markt hangt, is de positie van Windows Phone. Men doet z’n best, met veel reclame en zakelijk gezien de Office-integratie tussen mobiel en desktop, maar Windows 8 blijkt een lastige stap. Voor wat betreft Windows Phone, de eerste pogingen met Windows Phone 7 en 7,5 blijven nu al nare herinneringen hangen, ontevreden gebruikers van een Lumia 800 zijn deels sfeerbepalend. Het uitbrengen van halfgare OS-versies, remember Vista, brengt imagoschade met zich mee.Die oudere 7 en 7,5 waren en zijn beperkt, onvriendelijk, werken alleen via de Zune brug gebrekkig samen met de desktop of laptop en leverden geen breed enthousiasme op. Met Windows 8 dreigt overigens een soortgelijke situatie, het is een stabiel en technisch goed oS, maar de stap is te groot, het is net iets te eigenzinnig, Microsoft moet stappen terug gaan doen met Blue en laat eigenlijk, zeker in de mobiele sector, te veel ruimte voor Blackberry en Android. 

Focus: smart is de standaard 

De focus op de mobiele sector van Tech Data Mobile klinkt overtuigend en heeft de wind mee, desktop spul wordt gezien als achterhaald, de hele ICT wordt met Cloud en MDM meegenomen in een vlucht voorwaarts. Het Nieuwe Werken speelt daarbij een rol, al ziet Luc van Huystee daar wel de beperkingen van in. Als men een dag per week thuis wil werken heeft dat zeker voordelen, zegt hij, maar dan wat hem betreft wel op dezelfde dag, het moet geen duiventil worden, onderling contact en het netwerken binnen het bedrijf vragen toch wel om duidelijke fysieke aanwezigheid. Dat de mobiele branche steeds meer ICT-taken gaat inpalmen, wordt ook onderstreept doordat men steeds grote smartphones uitbrengt. De trend is naar 4,5 inch en groter, en de Phablets van 6 inch en meer komen nu van alle kanten, terwijl blijkbaar de meeneembaarheid van pad daar ook de 7 en 8 inch pad populair zien worden. 

Onoverzichtelijk 

Even langswandelen bij de providers op zo’n branchevent maakt helaas duidelijk, dat men vooral oog heft voor korte termijn winstmaximalisatie, abonnementen slijten al dan niet samen met telefoons, maar dat het belang van de gebruiker daarbij niet voorop staat. Ongelooflijk complexe constructies, onoverzichtelijke combinaties van bellen, sms en data, met wat extra winstpakkers als beveiligingsdiensten, cloud-opslag maar vooral verborgen winstpakkers voor de providers domineren het aanbod. Er zijn ook wel weer tegenkrachten die wel proberen daar dan weer van te profiteren met simpel gemaakt aanbod, maar in het algemeen is het een moeras aan mogelijkheden met veel drijfzand. Buitenlandkosten, belsecondes, bundeloverschrijdingen de uit de hand lopen, apps en content alleen via een gekokerde constructie (Apple, Microsoft) kunnen men bereiken, te grove loktarieven voor een paar maanden, gemeen beperkte databundels, men verbergt het leuk met lokkers als gratis bellen met beperkte groepen of bij dezelfde providers, maar het komt allemaal neer op uitmelken. De gebruikers voelt zich te vaak belazerd, ziet na de vakantie vreemd hoge rekeningen, maar slechts een kleine groep begrijpt het hele spel. Heel veel gebruikers zijn overgeleverd aan de kwalijke praktijken, dan helpt het niet als je zoals nu met Vodafone Red hele paginagrote advertenties moet doorworstelen om uit te vinden wat nu voor jou ideaal is. Dat daarbij de vergelijkingssites zoals Bellen.com steeds meer advertentiefuiken zijn begint ook door te dringen, maar de “gewone”, minder digibewuste consument kan het echt niet meer aan, laat zich wel verleiden door mooie kreten en sluwe verkooppraatjes, maar is uiteindelijk teleurgesteld omdat ie veel minder gebruik maakt dan voorgespiegeld van al dat moois en er meer voor betaalt dan verwacht. 

Het rondlopen op z’n Televisie beurs is wat dat betreft ontnuchterend, als zelf de branche, die klanten moet adviseren, voor het lapje wordt gehouden en met gimmicks en aanbiedingen gelokt moet worden door standbemanningen (geselecteerd op mooi en hip en of ze Maxima leuk kunnen nadoen lijkt wel) die ook niet in twee woorden kunnen uitleggen welk dataverkeer er hangt aan Office365 en Skype gebruik en hoeveel nieuwe email accounts je wel niet opgedrongen krijgt bij dergelijke diensten, hoe kan de eindklant dan vertrouwen krijgen in z’n adviseur, z’n dealer, z’n vertrouwde winkelier? De focus op toegevoegde waarde, zeker voor de kleinere retailer en etailer in de storm van discount outlet en megastores de enige reddingsboei, wordt door het bewust ondoorzichtig maken van het aanbod wel moeilijk. Korte termijn winst, maar op lange termijn zie je bedrijven als KPN toch verliezen, overgenomen worden en dat is leuk voor deaandeelhouders zoals bij Vodafone, maar jammer voor klanten en personeel. 

Mobiliteit: de echte concurrentie 

De Chinese fabrikanten rukken op, niet alleen Lenovo ,naar ook ZTE en Huawei hebben de ambitie naar een derde plaats in de mobiele markt te groeien, en een leverancier als Alcatel (nu ook een puur Chinese fabrikant) heeft haar aanbod zodanig uitgebreid, dat men qua hardware zeker mee kan met de grote merken. Wat opvalt, is de relatief beperkte focus, men kijk naar wat andere merken doen, experimenteert nog wat verder met draagbare mobiele devices in kleren, als armbandhorloge en in brillen, maar de echte concurrent herkent men niet. Dat is namelijk het vervoer, de gebruiker (en de organisaties waar die gebruikers werken) wordt geconfronteerd met de keuze tussen fysiek en virtuele mobiliteit. Neem ik vandaag het vliegtuig, de auto of de trein of doe ik het via een videoconferentie of sharesessie, skype ik of reis ik? Daar ontstaan ook tussenvormen, auto’s worden uitgerust met steeds meer telecom en spraak en aanraaktechnologie zorgen dan ook voor steeds effectievere interfaces. Maar ook de trein groeit als werkplek, emailen in het vliegtuig krijgt ruimte, onderweg werken en communiceren maakt ook fileleed draaglijker. Op termijn is het dus niet de concurrentie tussen Apple en Samsung die bepalend zal zijn, maar die tussen GM, Ford en de telecom branche. 

Blackberry 

Met de nieuwe modellen van de Canadese eigenheimer gaat het goed, de grote klanten komen weer terug, zoals de Duitse overheid, de strikte scheiding tussen privé en zakelijk en de goede beveiliging tellen daar zeker mee. Of de Z danwel de Q10 het helemaal gaan maken blijft de vraag, wel zie je Blackberry wat terugkomen van de consumenten-insteek, het wordt weer BB10 voor de CEO. Verstandig, de enorme marketing karavanen en acties van Samsung en Apple richting consument kan misschien Microsoft nog even aan, maar een vette niche opzoeken zoals Blackberry is niet onverstandig. Met enterprise servers (BES10) en nu een toenemend aantal apps wil men de zakelijke klant bedienen en ook helpen met de ontwikkeling van MDM-aps in verticale applicaties en markten. 

4G 

Zelfs Alcatel komt met 4G, maar er blijkt, in ieder geval volgens Huawei dat ook ambitieus haar kracht als grote leverancier van professionele telecom naar de mobiele markt wil richten, zijn de pad-gebruikers en de phablet-fans (6,1 inch meet de wat grotere 3G unit, naast de P2 met kleiner scherm maar wel 4G, allebei 449 euro) verschillende gebruikersgroepen. Van alle kanten zijn er 4G modellen, die er goed uitzien, steeds dunner en met steeds wat grotere schermpjes (we gaan naar de 4,6 tot 5 voor smartphones) maar hoe onderscheid je je van de concurrentie. Huawei doet dat met 3x3 deal met langer garantie, pick up & return service en data removal security voor drie jaar. De verschillend zijn klein, ze 4 G smartphones zitten wel boven de 450 euro, maar het is de vraag of de providers hier echt mee gaan scoren. Via WiFi wil men zeker content bekijken en snel werken, maar de onduidelijkheid over de bundellimieten heeft de markt zeer gedaan, daar plukt men nu met 4G de zure vruchten van. 

Kroning of inhuldiging 

We krijgen een koning, koningsdag en dat is een heel spektakel, en iedere cent waard, want we staan weer even op de kaart, veel effectiever dan die hele IAmsterdam campagne, waar alleen de organisatie er achter rijk van wordt. Maar rijk zijn we, met Rijksmuseum, de Rijksappel en een kroon die blijkbaar erg zwaar en groot is. Dus wordt ie mooi niet opgezet, en dat voor een ding dat alleen al aan goudwaarde een kleine ton kan opbrengen.  

Maar even afgezien van alle speculaties over de rol van Oranje in de Bilderberg samenzweringen en als geïllumineerde wereldregelaars, dit laat vooral zien dat onze majesteiten er niet veel van begrepen hebben. Blijkbaar te druk met onroerend goed aankopen op de foute plekken. 

Hoort een koning gekroond te zijn? 

Het lijkt me wel, maar onze Willem IV Alexander dus niet, want in het kroningsritueel blijft de koningskroon op tafel en wordt hem niet opgezet (het heet daarom ook inhuldiging). Nu lijkt het alsof dergelijke rituelen alleen maar een soort toneelstukje zijn, maar de gouden kroon houdt het al een paar millennia vol als blijkbaar effectief deel van het koningschap. Geen koning zonder kroon en kroning, een wijding en ritueel dat in de historie blijkbaar erg belangrijk werd gevonden. Dat komt, omdat goud de bijzondere eigenschap heeft, gedachtengolven af te weren. Dat lijkt een rare bewering, maar kan iedereen zelf uitproberen door even wat goud en muntjes te kopen en die op een kartonnen kroontje te plakken, ha ha. Ik heb dat overigens wel geprobeerd en een gouden kroon(tje) blijkt erg goed te werken bij migraine en overgevoeligheid. Je gedachten worden zuiverder lijkt wel. 

Bij belangrijke beslissingen (van een koning, keizer, paus of bij een Hindoe-huwelijk) is dus die kroon niet alleen mooi, duur, glimmend, maar ook functioneel. Goud is heel bijzonder, niet alleen chemisch, het heeft blijkbaar ook andere functies. Ook tovenaars in de oudheid bleken gouden hoeden te hebben.
In Berlijn ligt er een van 1500 vChr. met honderden astrologische symbolen. Die logarithmische tabellen bleken die zonsverduisteringen voorspelden. In esoterische zin is goud dus een antenne of afscherming en zien we het gebruikt in allerlei rituelen. 

Nu is het Koningschap in spirituele zin, en zoals dat mooi heet bij de Gratie Gods, iets bijzonders, maar in de Nieuwe Kerk wordt de diepere betekenis blijkbaar afgedaan als onhandig of zo. De kroon zou te groot en te zwaar zijn. Maar so what? Genoeg prinsen, ministers en clerus, die dat ding wel even vast willen houden boven z’n hoofd. Door de kroon naast zich neer te laten liggen laat Willem IV Alexander dus de gelegenheid voorbij gaan om, al is het maar voor een kort moment, zich volledig bewust te worden van z’n eigen zelf, zonder de ruis van andermans gedachten. Een kroning zou een initiatie moeten zijn, een spiritueel moment zoals een doop, maar nu is het theater. 

Wereldwijd uitgezonden Oranje en Nederland promotie maar zonder echte eerbied voor de traditie en zonder begrip voor wat een kroon betekent en doet. Jammer. In de magische traditie van Amsterdam zou iemand hem dit toch hebben moeten vertellen. Of zijn al die historici, adviseurs, intendanten en hofhouders gewoon onnozelaars? Of is het juist de bedoeling dat dit de laatste erfelijke vorst der lage landen is? De zee stijgt en het land daalt (we zakken langzaam de modder in) dus misschien weet onze Willem dat het eind in zicht is?  

Nog even mijn suggesties voor wie wil scoren op de vrijmarkten. Er komen massa’s Engelse Royalty fans en me dunkt dat een stevig hashkoekje met wat oranje glazuur een prima handeltje zou zijn. Mijn naam ervoor: de “Willem-Pie” en dan met z’n allen Oranje Boven, sorry, Orange High. 

Het Nieuwe Werken: opnieuw funderen in de draagkantoor visie 

HNW heeft wat krasjes opgelopen, er is twijfel gezaaid over deze wonderolie. Het was een soort belofte, een toekomstvisie waar je in kon geloven, het nieuwe werken (HNW) en dat wil zeggen thuiswerken, maar ook telewerken, flexwerken, sturen op resultaat, vrije toegang tot resources en flexibele arbeidsrelaties. Wow, dat zou alles oplossen, files, stress, ruimtelijke ordening, de hierarchische onderdrukking door baas en bovenbaas, eigenlijk ging het niet om het nieuwe werken, maar om de nieuwe horizon, een soort geloof in de toekomst. Alleen op kantoor als het je uitkomt of in de kernuren, verder je eigen werkplek thuis of in de tas, op je eigen draagkantoor (laptop, tablet, smartphone) en lekker vrij, alles mooi in de cloud en werken kan toch overal, het resultaat telt! Je wordt gezien en beoordeeld op wat je produceert, niet op wat men meent dat je doet! 

Het Nieuwe Werken, druk gepromoot door Microsoft en innovatiegeile politici, met de vakbonden hijgerig erachteraan, draait zeker niet alleen om flexibel werken. 

Waar het wel om gaat volgens de voorstanders? Om de verschuiving van de standaard gang van zaken waarbij managers hun medewerkers afrekenen op tijd/aanwezigheid naar een nieuwe tijd, waarbij er enkel afgerekend wordt op resultaten. Stukloon heette dat vroeger, prestatie-gerelateerde beloning. De voordelen zouden evident zijn: HNW brengt een flexibeler organisatie, een efficiëntere organisatie, stimulatie van innovatie, het bindt het personeel aan de organisatie en brengt kostenbesparing, ik citeer maar even de sterk MS-ruikende site www.smartcompanies.nl, maar ik vrees dat die argumenten tweesnijdend zijn. Ook past het bij de BYOD-trend, touch screens, horizontaal en dus niet-hiërarchisch met de vingertjes wat schuiven, geen files, geen oppasmoeders, geen dure crèches, geen tijdsdruk, niet parkeren, sociale vaardigheden achterhaald, een lonkend perspectief waar je win-win over kan dromen. Daar kon je in mee gaan, via websites, conferenties, boeken, het nieuwe werken werd snel een geloof, met internet als nieuwe religie en facebook, twitter en buienradar als rituelen. De ‘Consumerization of IT’ en de ‘It’s about ME-attitude’ van gebruikers, die zich gedragen als consumenten, speelt hierin mee, de band met het bedrijf is ook al minder, ontslag dreigt continu, levenslang bij een organisatie werken is achterhaald of, zeggen de aanhangers, zelfs ongezond en ongewenst. Loonslaaf, verhuur uzelf, virtualiseer uzelf en als dat niet goed lukt, noem uzelf ZZp-er en omarm de armoede van HNW zonder vaste baan. 

Zakkenvul-optie 

Er is en wordt leuk verdiend aan HNW, in samenhang met BYOD, flexwerken, de cloud, virtualisatie en de ICT heeft er flink werk aan, en zeker de consultants, nieuwe kantoorbouwers en trainers varen er wel bij. De klassieke desktopinfrastructuur met persoonsgebonden PC’s op vaste werkplekken lijkt achterhaald, dynamische werkplekken in niet-hiërarchische kantoortuinen wil men nu, vast geplaatste eigen plekken voldoen steeds minder. Men is op zoek naar flexibiliteit, werkt steeds vaker in verschillende teams en tijd- en plaatsongebonden. Dat vraagt ook een nieuwe, betere, snellere dynamische infrastructuur en dat wordt aangesmeerd onder het mom dat het uiteindelijk ook de productiviteit en tevredenheid van de werknemer ten goede komt. Weinig echt onderzoek, veel aannames en veel case-histories die dit onderschrijven, vergetend dat er wel onderzoek is dat aangeeft dat het zogenaamde multitasking niet tot betere taakuitoefening van de kerntaak leidt. Dat wil niet zeggen dat in veel organisaties HNW niet tot besparingen kan leiden en meer resultaat. De overheid, nogal een promotor van HNW, wil beter en effectiever werken en ziet in HNW een marsroute, zie http://www.hnwbijhetrijk.nl. Maar het is allemaal wat eenzijdig, voorbijgaand aan de realiteit, wie is die ambtenaar 2.0. Zo staat er ergens “Mensen hebben geen supervisie nodig. Ze hebben een duidelijk beeld nodig over wat ze moeten doen en wanneer dit werk klaar moet zijn.” Prachtig, maar onwerkelijk, Montessori-praat, als dit mooie mensbeeld waar was dan is communisme een heilstaat en zijn er geen scholen, politie en handhaving nodig, slechts voorlichting. Bovendien is duidelijk dat er belangenconflicten zijn, makelaars en bouwers en ambitieuze willen nieuwe HNW kantoren, de nieuwbouw brengt echter leegstand mee, met name de overheid en semi-overheid heeft miljoenen meters achtergelaten en de kantoor onroerend goed markt ontworteld. 

Onderzoek door NYFER in het in het kader van de Week van Het Nieuwe Werken in november 2012 (betaald door de bonden die het allemaal wel zien zitten, ze hebben weer wat te doen en hun leden zien het wel zitten) geeft aan dat Het Nieuwe Werken in de zorg professionals meer ruimte biedt om zorg op maat te leveren aan de cliënt. Zelfsturing leidt tot een grotere inzetbaarheid van medewerkers, meer arbeidsvreugde en positieve effecten op de kwaliteit van de zorg, stellen zorginstellingen die zelfsturing succesvol hebben ingevoerd. Bijkomend effect is een verschuiving van managementfuncties naar handen aan het bed en een forse besparing op overhead, samen goed voor honderden miljoenen euro’s per jaar. Men wijst op financiële baten, maar met zeer grove schattingen zoals dat een half procent minder ziekteverzuim jaarlijks 125 miljoen euro oplevert en op reistijd kan ook wel 100 miljoen euro bespaard worden. Minder woon-werkverkeer levert daarnaast nog eens minder uitstoot op van CO2 , fijnstof en files plus minder slachtoffers van ernstige verkeersongevallen. Ook op huisvesting zijn forse besparingen mogelijk. Instellingen die met HNW zijn begonnen, rapporteren 20 tot 40 procent minder huisvestingskosten. Het klinkt allemaal mooi, wij van WC-eend vinden WC-eend het allerbeste! Zeker in de zorg en de medische wereld zijn er te veel lagen, te veel red tape, te veel gedoe en kan meer zeggenschap over timing en inzet tot betere resultaten leiden, maar dat komt eerder door wegsnijden van overbodig toezicht en vergaderen dan door HNW. Er is overigens een soort zelftest http://www.benchmarkrijk.nl/zelftesten/hnw-zelftest-2.0 van het rijk (de werkmaatschappij, min. BiZ, de website sucks) met vragen over Bricks, Bytes en Behaviour om te analyseren of HNW zinvol zou zijn binnen een organisatie. De naïviteit van dit soort initiatieven is ongekend, mensen geven zelden eerlijke antwoorden over indringende vragen over zichzelf, zelfs anoniem. Negatieve effecten worden niet gemeld op dit soort websites, men komt met mooie grafiekjes, de onderzoeken die aangeven over een voldoend lange termijn, hoeveel verloop er is in een organisatie, hoeveel echte productiviteitswinst, hoeveel verborgen kosten in begeleiding, hoeveel meer virussen, hoeveel meer ict-kosten, die kan ik niet vinden. 

Het is opvallend, dat veel ICT bedrijven zo kritiekloos achter HNW zijn gaan staan, het profijt druipt er af. Bill Gates gaf in 2005 mooi een voorzet met the New World of Work". Het was vooral handel, meer licentiedenken dan pakketten, meer cloud en virtualisatie dan betrouwbaarheid en juridische aansprakelijkheid. En kijk, voorloper Microsoft zelf krimpt in ons land, lokale afdelingen verdwijnen, HNW is een mooie reorganisatietruc. HNW is dus, lijkt het, vaak geen sociale innovatie, maar een handige manier om snel kosten te besparen, prestaties meetbaar te maken en zo te selecteren qua personeel. Voor de overheid bij zware bezuinigingen dus een ideaal excuus. Men maakte er snel een cultuurtje van, zoals met de de Factor 4 index (F4I) die is door Boer & Croon NeXtrategy en Microsoft Nederland ontwikkeld als meetinstrument voor HNW. In de index zijn vier verschillende factoren van productiviteit opgenomen, waaraan getoetst kan worden of een organisatie klaar is om op een andere manier te gaan werken. 

Omslag in zicht? 

Maar de crisis kwam en bleef en het nieuwe werken krijgt klappen, HNW raakt in diskrediet. Grote Amerikaanse bedrijven zoals Yahoo halen de teugels aan, want thuis werken is wel leuk, maar niet effectief. We luieren maar wat, dat is de ontnuchterende boodschap van Yahoo-bazin Marissa Mayer, die haar personeel niet meer thuis wil laten werken, maar voor zichzelf (en haar kind) wel even een prive-crèche naast haar kantoor liet inrichten. Ze had natuurlijk wel een punt, het Yahoo parkeerterrein was ‘s morgens leeg, rond de lunch kwam men even babbelen en snacken en tegen drie uur ging men weer op huis aan, de kinderen halen of shoppen. Nu zal de werksfeer bij Yahoo daar een rol in gespeeld hebben, het bedrijf was nogal geschonden in de strijd met Google en eeuwig overnamekandidaat zijn is ook geen stimulans. Maar we kennen allemaal de problematiek, zelfdiscipline is moeilijk, en heel makkelijk hebben we meer aandacht voor vrienden, gezin, de tuin en het vertier dan voor het werk. Dus het signaal van Yahoo kreeg een stevige echo, we schrokken even wakker en de discussies barstten los. 

Het was even doordenken, maar de tegenstanders van BYOD, de bazige bazen, de criticasters van die al te gekke oppasvergoedingen, de vastgoedbezitters die hun leegstaande kantoren wilden slijten grijpen nu hun kans. Zij willen werknemers, geen halve ondernemers die als het hun belieft wel even wat willen doen en privé en bedrijf niet goed uit elkaar kunnen houden, sorry de baby huilt nu. Het nieuwe werken is onzin, het werkt niet, de productiviteit loopt terug, de sociale controle verdwijnt, de veelgeroemde innovatie en creatieve impulsen wil men helemaal niet in de meeste jobs en komen ook niet voort uit luiers wassen en de koters naar school brengen in de baas z’n tijd. Terug naar kantoor, plotseling mag dat weer gezegd worden en daarmee is de magie er direct een beetje vanaf. Het nieuwe werken is zo telefoonboek, zo uit, net als de sociale media mag je het aan de toog weer als mode en voorbij betitelen. 

Dat slaat natuurlijk ook te ver door, mobiliteit heeft voordelen en HNW kan goed uitpakken, maar het is goed dat er weer discussie is. 

De vraag is natuurlijk of dit meer dan even een hobbeltje is, of dat er werkelijk een herijking komt. Gaat het om het stroomlijnen van het idee, dat je overal kunt werken of het besef, dat we hier tegen een fundamentele denkfout zijn opgelopen en werk en thuis beter gescheiden kunnen blijven. Evolutionair antropologisch is het fysiek uit elkaar houden van arbeid en wonen natuurlijk onzin, in ieder geval in samenlevingen met een agrarische grondslag, want de boer woonde en woont bij z’n werk, bij de jager/verzamelaar kun je misschien wel van een scheiding tussen die twee spreken. En voor de specialistische functies, die zich ontwikkelden zoals smid, dokter, notaris en advocaat is werken aan huis ook heel lang de norm geweest, de klant moest zich maar naar hen schikken en dat is er gewoon spreekuur en afspraak. Maar dat is wat anders dan de diensten en de aanpak, waar de consument nu om vraagt en z’n keuzes op baseert. Die wil nu antwoord, nu z’n hamburger, nu service, dat heeft de hele samenleving veranderd in een organisatie waar “just-in-time”, nu reageren, call centers, 24/7 vooral tellen, er is massale personalisatie van producten en het herdefiniëren van relaties tussen leveranciers, fabrikanten en de consument en dan is HNW met z’n vrij tijdloze aanpak niet optimaal. Wel als dat in India gerealiseerd kan worden, met de knoet en hongerloontjes, maar dat is niet HNW, maar modern neoliberaal kapitalisme. 

De overheid heeft geen geweten 

Ik vind het wel opmerkelijk, dat zo kort na het inklappen van de Maya profetie gekte eind 2012, voor de alternativo’s net zo’n issue als het nieuwe werken en ook de basis voor een hele industrie qua boeken, seminars en visies, ook het nieuwe werken aan de kaak gesteld werd. Allebei hypes met invloed, waar slimme lieden veel geld aan verdiend hebben, maar niet echt doordacht. Het klonk indrukwekkend, doemdenkerig en ook hyperoptimistisch, zoiets als global warming waar ik nog geen kop koffie minder om gedronken heb. Dit is de toekomst, dit gaat gebeuren, oogkleppen op en er achteraan. De overheid, die in het algemeen geen geweten heeft, en politici die nooit worden aangesproken op de fouten die ze maakten, zagen in het nieuwe werken een leuke oplossing voor de dreigende problemen, zoals files, krimpregio’s, vergrijzing en ontgroening en een teruglopende productiviteit en aarzelend BNP (de recessie). Vooral die productiviteit, we moeten bijblijven, concurreren en dus is meer arbeidsparticipatie gewenst. Dat men daarvoor al sinds de tweede wereldoorlog de vrouwen de arbeidsmarkt heeft ingemanipuleerd, en dus gezinszorg (schoonmaken, oppassen) binnen het BNP heeft weten te krijgen en onze zogenaamde welvaartsgroei niet veel anders is dan verschuiven naar economisch statistisch relevante categorieën valt niemand op. Welvaart als welzijn is iets voor idealisten en dromers, leuk voor Bhutan, voor ons en het IMF telt geluk niet, alleen productiecijfers en BNP-groei. Nou, in dat kader leek het zinnig, het nieuwe werken flink te promoten, dan bespaar je op KM-vergoedingen, kantoorlocaties, wegen, vervoer, CO2 uitstoot, meer vrouwen kunnen meedoen, minder behoefte aan oppas, de e-commerce afleveringen gaan een stuk makkelijker als er weer iemand thuis is, de waarde van afgelegen locaties en onroerend goed in krimpregio’s blijft overeind, dus was Den Haag vóór. Wel nadat de meeste ministeries nieuwe, indrukwekkende en dure panden hadden betrokken, want dat moest natuurlijk ook. Het nieuwe werken was een goed excuus, een panacee voor alle kwalen en de nadelen, die waren er toch niet? 

De rollen van werknemer en werkgever draaien om 

Ik ken veel evangelisten van het nieuwe werken, die daar een mooie taak in zien maar eigenlijk aartsluie profiteurs zijn die op een kantoor of in een bedrijf niet te handhaven zouden zijn (datzelfde geldt voor politici, bankiers, notarissen, toezichthouders en veel ondernemers). Ik ken ook veel jonge werknemers bij belfabrieken die er ook helemaal voor zijn, maar thuis zonder toezicht, competitie en sociale omgeving niks zouden klaarmaken. Ik ken ook ontwerpers, artiesten, schrijvers, journalisten en ondernemers, die het prima doen thuis, maar dat ook al deden voordat het nieuwe werken als zodanig bestond. En ik heb lang genoeg meegedraaid om te weten, dat heel veel werknemers eigenlijk maar al te graag de sleur en de leegte van hun thuis verruilen voor hun werk, waar ze wat te doen hebben, vrienden en collega’s hebben, respect en een uitdaging, en misschien geen zeurderige partner die ze maar wat graag 8 uur per dag ontlopen. Is HNW wel zo leuk, zo echt gewenst en is dat op basis van ervaring of praten we de propagandisten na, HRM professionals die een nieuwe hobby en paradepaardje hebben. 

De rollen van werknemer en werkgever draaien om 

Ik ken veel evangelisten van het nieuwe werken, die daar een mooie taak in zien maar eigenlijk aartsluie profiteurs zijn die op een kantoor of in een bedrijf niet te handhaven zouden zijn (datzelfde geldt voor politici, bankiers, notarissen, toezichthouders en veel ondernemers). Ik ken ook veel jonge werknemers bij belfabrieken die er ook helemaal voor zijn, maar thuis zonder toezicht, competitie en sociale omgeving niks zouden klaarmaken. Ik ken ook ontwerpers, artiesten, schrijvers, journalisten en ondernemers, die het prima doen thuis, maar dat ook al deden voordat het nieuwe werken als zodanig bestond. En ik heb lang genoeg meegedraaid om te weten, dat heel veel werknemers eigenlijk maar al te graag de sleur en de leegte van hun thuis verruilen voor hun werk, waar ze wat te doen hebben, vrienden en collega’s hebben, respect en een uitdaging, en misschien geen zeurderige partner die ze maar wat graag 8 uur per dag ontlopen. Is HNW wel zo leuk, zo echt gewenst en is dat op basis van ervaring of praten we de propagandisten na, HRM professionals die een nieuwe hobby en paradepaardje hebben. 

Nou ja, dat je thuis je moeilijk kunt concentreren, dat je het sociale contact en dus de interne en externe netwerk contacten mist, je baas niet meer kan inschatten of en hoe je werkt, dat er minder emotionele binding met het bedrijf of de organisatie is, je uiteindelijk op rare uren toch maar aan het werk gaat, de werksituatie ergonomisch belabberd is (een laptop is een onding), ach dat is van alter zorg. Stimuleren van clouddiensten en bijvoorbeeld zorgen dat iedereen glasvezel krijgt, dat is toch stimuleren van het nieuwe werken, of is het alleen een slimme manier om technologie te slijten, dienstverlening te digitaliseren en het menselijk contact te elimineren? Ik vertrouw de politiek en de overheid al lang niet meer, ze zijn niet slecht maar dom en kortzichtig, corrupt in de zin dat ze graag populair willen zijn, bij kiezers maar ook lobbyisten en potentiële post-politieke baantjesgevers. 

Kosten leegstand 

Kortebaan denkers, zo valt me op dat het aantal geheel of gedeeltelijk uit de overheidsruif etende organisaties qua nieuwbouw oppervlakte veel meer beslaan dat er nu kantorenleegstand is. In Amsterdam verhuist men maar raak, ook de gemeente, en is de binnenstad vol gaten en vage vulactiviteiten die anderen (ondernemers) weer in gevaar brengen. In veel grote steden ontstaan ghetto’s en verkrottende wijken, die met veel geld weer opgepept moeten worden. De waardedaling daardoor en de kosten worden niet meegenomen in de berekeningen. O ja, dat nieuwe gebouw is efficiënter, is beter geïsoleerd, flexibeler, heeft een zichtlocatie, beter internet, lagere huur, meer parkeerplekken. Dus verhuist men, maar de macro-economische kosten van leegstand, ruimtebeslag, verkrotting, het kapot gaan van de supportbedrijfjes, lunch-café’s, de computershop, de fietsenzaak etc. in de buurt wordt niet meegenomen. 

In die zin is ook het nieuwe werken veel ingrijpender dan wat verplaatsing van arbeid, de bijkomende en resulterende kosten worden niet goed meegenomen. Werken aan de keukentafel is niet gezond, maar wat kost dat op den duur aan gezondheid, scheidingen, slecht functionerende gezinnen, therapie, arbeidsongeschiktheid, interneteverslaving of gewoon ongelukkig zijn. Dat los je niet op met wat leuke apps, een hometrainer of gratis lid van de fitness club. 

Nieuw perspectief 

Ik zal niet ontkennen dat het nieuwe werken aantrekkelijk kan zijn, dat er ook voordelen zijn, argumenten zijn die hout snijden. Destijds bij het klappen van de dotcom bubble, die ik vanaf 1993 zag aankomen omdat men geen onderscheid kon maken tussen data en informatie, ging het ook niet aan om het hele internet maar te verketteren. Ook nu is een betere verdeling qua tijdsbesteding op kantoor, thuis, in de caravan of op de boot in veel gevallen te overwegen, alleen zullen we veel kritischer moeten zijn. Het nieuwe werken is geen Haarlemmer Olie, het werkt niet voor iedereen, in alle situaties en misschien zelfs niet als we het opdelen en customizen; Kees mag twee dagen, Ansje drie maar niet op vrijdag, Barend alleen in juni. Het soort werk, de werksituatie, de individuele capaciteiten, zelfdiscipline, situatie thuis, faciliteiten thuis en de gewenste mate van persoonlijk contact spelen een rol en maken generieke maatregelen bijna onmogelijk. De afwegingen zijn zo complex en beslaan zo’n breed terrein van economie, psychologie, sociologie en effciencyleer, dat er eigenlijk vakmensen voor moeten worden opgeleid. De thuiswerk-counselor, de “nieuwe werken” coach, KPN’s “hoeders van het nieuwe werken”, binnen de HR afdeling zie ik een heel specialisme ontstaan. Geen makkelijk vak, hoe ga je Piet vertellen dat ie niet thuis mag werken omdat z’n vrouw hypomaan of z’n hobbykamer te rommelig is, of dat je te veel porno op Jan z’n laptop hebt ontdekt. Hoort iemand bij welke generatie, is ie een multitasker of geconcentreerd werker, zijn er al psychologische tests om te bepalen wie het kan en wie niet, of is dat een app die iemands internetverkeer en smartphone gebruik even analyseert via een ongemerkte bluetooth connectie? Welke inbreuken op de privacy of vergaande controlemaatregelen zijn nodig om een gemiddelde werknemer ook thuis productief, betrokken en gelukkig te houden. Tijdsregistratie, een enkelbandje, nieuwe werken controleurs of mystery jobcheckers, apps die het hele process monitoren, de computer thuis helemaal onder controle van de zaak, alles in de cloud en daarmee controleerbaar, maar werkt dat wel als motivatie en wat vindt de rechter daarvan in een ontslagzaak? Vertrouwen in de werknemers is essentieel voor een goed lopend bedrijf, maar hoe bouw je dat op, of komt er een wettelijke non-HNW proeftijd om een werkrelatie op te bouwen op basis van fysieke nabijheid van leidinggevenden, collega’s en de werknemers. 

Nu ben ik natuurlijk niet onpartijdig, ik werk al bijna m’n hele leven in m’n eigen tijd, meestal thuis, dertig jaar zonder eigen bureau of kantoor op de zaak, management by walking around is me op het lijf geschreven, een agenda heb ik nooit gehad, maar ik ken de nadelen. Zonder deadlines (en die zijn voor een journalist, uitgever en belastingbetaler altijd heel duidelijk en strikt) ga ik makkelijk freewheelen, verlies ik me in details, ontsnap in simpele klussen als afwassen of de tuin doen, en ontloop ik m’n verantwoordelijkheden. Ik moet altijd een helder doel voor ogen hebben, een artikel klaar, een nieuw blad of boek, en zonder dat ga ik snel onderuit. Ik zou geen ideale thuiswerker zijn, psychologisch gezien, maar heb een slim stelsel van verplichtingen laten ontstaan waardoor het toch functioneert. Ik weet echter dat ik als vader en echtgenoot beter functioneerde, lang geleden, toen ik nog gewoon 9-5 werkte buiten de deur, ja en toen ook al in matrixteams, en ik de zaak de zaak kon laten als de deur achter me dichtviel. HNW is voor mij dus een beladen afkorting, een hype waar we nog heel wat aan moeten sleutelen en die qua arbeidsomstandigheden, arbeidsrecht, en zeker in economische, sociale en psychologische en dus uiteindelijk zorgtermen nog lang niet helder is. Goed dat er discussie is en komt! 

Virtualisatie 

Het uitbesteden van werk, of dat nu gaat via outsourcing, via virtualisatie van ICT taken en servers, via het in afdelingen en mini-koninkrijkjes atomiseren van taken, leidt ogenschijnlijk tot efficiency maar ook tot verkokering en deeldoelen die soms strijdig zijn met elkaar. Het nieuwe werken is een soort virtualisatie van taken, uit het oog, uit het hart en hopelijk wordt er hetzelfde of beter geproduceerd. Net als bij andere beslissingen in een bedrijf gaan we daar dan ROI berekeningen op loslaten, wat kost het en wat levert het op. Zelden met het oog op de lange termijn, want een plan met een ROI of terugverdientijd van meer dan 4 jaar komt er toch niet doorheen. 

Apps 

De hele Apps mode is wat aan het wegzakken, waarom toch nog een stukje software op je mobieltje (als client) als dat veel makkelijker via een website kan, met goede toegangscontrole en betaalmogelijkheden. 

We zien dat de superbeveiligde communicatie (overheid, top bedrijfsleven) daar nu ook steeds meer naar toe gaat, eigenlijk meer controle by de centrale software neerlegt, de gebruiker kan via ’n browser halen wat nodig is, maar wel goed gescheiden qua gebeied en applicaties, dus bijvoorbeeld privé en zakelijk uit elkaar. 

Thuiskopie 

De rechterlijke uitspraak over het onterecht laten betalen van de thuiskopieheffing voor zakelijke gebruikers heeft nogal wat losgemaakt. De Stichting Thuiskopie krijgt enorme claims aan haar broek, ten koste van de rechthebbenden en hiermee wordt ook duidelijk, dat het hele systeem onhandig en onterecht is. Fiscalisering van de heffing, zoals in andere landen gebeurt, is veel duidelijker. De hele rechtenkwestie met organisaties als Buma Stemra gaat nu hopelijk op de helling, kosten en baten zijn onduidelijk, de organisaties zelf zijn overvet en hebben veel te dure directies, en staan niet open voor controle door belanghebbenden of pers. 

BlackBerry 10: eindelijk 

BB10, BlackBerry terug in de race. Terug van weg geweest, zou je bijna zeggen en dan hebben we het niet over Nokia dat weer wat winst draait, maar over de Canadese maker van de BlackBerry, die een paar jaar geleden vooral in de volwassen markten (USA en Europa) zo goed scoorde en vervolgens  wegzakte. 

Na lang aarzelen en uitstel nu toch een nieuw OS en daarmee weer terug in de race, want men heeft werkelijk een stap verder gezet. Onder een andere naam, nou ja, BlackBerry-fabrikant Research In Motion gaat nu gewoon BlackBerry heten en laat het RIM-imago achter zich en met het lang verwachte besturingssysteem BlackBerry 10 is men er weer. Dat moet de redding worden van het bedrijf, dat z’n marktaandeel zag kelderen tot beneden de 5%, maar nog steeds een brede en vrij trouwe gebruikersgroep heeft. In de zakelijke markt is dat aandeel wel 15% en ook veel overheden hebben hun ambtenaren uitgerust met een BlackBerry vanwege de push-mail en de wereldwijde toegang tot email zonder lokale datatarieven en meer recent voor de gratis ping berichtenoptie waar ook jongeren op tippelden. 

De twee nieuwe toestellen zijn de Q10, met een fysiek toetsenbord dat lijkt op de eerdere BlackBerry Bold-serie, en de Z10 die een groot scherm heeft. Beide met 4G/LTE en dus duidelijk premium modellen. Spraakcontrole, NFC uitwisseling, scherp scherm, de hardware is goed verzorgd. Het 4,2 inch scherm heeft een 1280 x 768 resolutie, er is 16 GB opslag, tot 10 uur spreektijd en tot 13 dagen stand-by-tijd. De 8MP camera is geschikt voor 1080p HD video opnamen en er past een MicroSD geheugenkaart in. De Nederlandse BlackBerry site vermeldt echter alleen 3G telefonie, geen LTE die hier nu wordt uitgerold. 

Marktkeuze 

Het bedrijf wil graag de consument binnenhalen, maar in de premium markt is de concurrentie groot en de instapmarkt wordt overspoeld door kleinere Chinese producten. Aan de onderkant zijn een paar grote spelers als Amazon (Kindle Fire) en Google - ook met lage prijzen -  al stevig bezig, zeker in de VS. Te veel en te breed de consumentenmarkt ingaan, waar Samsung en Apple maar ook Microsoft/Nokia met veel geld en relaties zich al breed manifesteren, lijkt een te zware opgave voor RIM en zou de beschikbare middelen snel uitputten. Men kan hopen op een hype, mond-op-mond reclame van de oude BlackBerry aanhangers. Maar het wordt niet eenvoudig, ook al omdat men zich vrij vast aan de operators bindt voor abonnementendeals. De echt hippe crowd wil steeds het nieuwste en dat is de BlackBerry nu, maar wil vrij zijn om weer verder te gaan. 

Bovendien is er een verschuiving naar enerzijds de 7 inch mini pads en de phablets zoals de 5 tot 6 inch grotere smartphones ook wel worden genoemd en anderzijds naar goedkope budget modellen voor de late adopters in de markt. Het is overigens aardig dat met ook de oudere Playbook kan upgraden naar BB10. 

Met BB10 moet BlackBerry daarom - wil men echt scoren - vooral de serieuze gebruiker behagen. Die is vaak multitasking en daar speelt het nieuwe operatingsysteem op in met de ‘peek’ functie, waarmee gebruikers snel kunnen switchen tussen verschillende taken. De aloude push-functie (direct je email binnenkrijgen) is nu binnen beeld gebracht: in een hoekje van een lopend programma kun je zien wat voor bericht er ook nog binnenstroomt. BlackBerry Hub is de communicatie interface, maar ook een agenda. Alles wat belangrijk is, staat dicht bij elkaar, emails maar ook facebook en andere communicaties. De BlackBerry Hub is vanuit elke app met een veegbeweging te benaderen. 

De interface is enerzijds erg touch (alles kan met gebaren en vegen), anderzijds maakt men het typen en opstellen van berichten makkelijk door slimme edit- en verbeterfuncties. Bij de smartphone zonder toetsen kan men door woorden bij elkaar te schuiven snel zinnen  schrijven zonder echt te tikken. De telefoon gist welke zin men wil tikken op basis van kleine woordjes bovenin, die door te swipen in het bericht komen. Er zijn veel automatische correctiefuncties - zoals spaties - die automatisch worden toegevoegd. Als je de neiging hebt om bepaalde letters verkeerd te typen, onthoudt het toetsenbord dit en maakt subtiele aanpassingen om ervoor te zorgen dat je de juiste toets aanslaat. 

De camera wordt bediend door het scherm aan te raken. Tevens is het mogelijk om even terug te gaan in de tijd (de timeshift functie) om een beter shot te kiezen. Na het maken van de foto’s is het mogelijk om deze te bewerken met de geïntegreerde fotobewerkingssoftware. 

Dat men heeft nagedacht over wat een serieuze gebruiker wil met z’n smartphone blijkt uit het bestandbeheer. Dat is bij andere mobiele systemen heel beperkt, alles op een hoop en moeilijk om iets te vinden. Bij BlackBerry kunnen documenten nu gesorteerd worden in de remember-app. Zo is het mogelijk om notities, websites, voicememo’s en emails per onderwerp te bookmarken in één map. 

Ook een andere applicatieverbetering mikt op de zakelijke gebruikers: Tijdens videoconferenties kan niet alleen het beeld gedeeld worden, maar ook het scherm van de telefoon zelf. Daardoor is het mogelijk om tijdens het videobellen een document of spreadsheet te laten zien of foto’s (screen-share). Ook kan men direct van chat naar videobellen overschakelen.  Dit soort multitasking en snel wisselen van applicatie kan een belangrijk verkoopargument worden voor een BlackBerry. 

Beveiliging is altijd een zorgpunt en BlackBerry had al goede beveiligingsfuncties die nu nog zijn verbeterd. Het opdelen van data in zakelijk en privé is daarbij zowel voor de gebruiker als voor de werkgever van belang; dingen blijven gescheiden. 

Apps 

Omdat apps voor mobiele gebruikers belangrijk zijn en voor een deel het succes van smartphones als handige alleskunners bepalen, heeft BlackBerry ook gewerkt aan een breed aanbod aan apps en content. Er zijn er bij de introductie al 70.000. Dat zijn allemaal nieuwe apps. BB10 is wat dat betreft niet compatibel met de oude BlackBerry. De Appstore BlackBerry World bevat games, video’s, muziek en apps. Er zijn ook een aantal Nederlandse apps aanwezig. Bij het aanbod zitten de meestgebruikte zoals Skype, WhatsApp en Facebook, maar ook Kindle (ebooks) en Angry Birds Star Wars. Het is overigens de vraag of zakelijke gebruikers echt veel meer willen, veel apps zijn immers voor recreatief gebruik en de categorie waar BlackBerry het zakelijk gezien van moet hebben vragen om custom apps die voor bedrijven toegang geven tot centrale opslag en diensten. Android apps zijn deels bruikbaar, er is een achterdeurtje om ze te kunnen gebruiken. 

In de zakelijke markt speelt ook dat men een eigen mailserver wil hebben. De cloud is leuk maar ook riskant en emails zijn, dat blijkt steeds weer, gevoelig omdat ze veel vertrouwelijke informatie bevatten. In eigen beheer regelen van het verkeer is dus een duidelijke wens in de zakelijke markt. BlackBerry heeft daarom ook een nieuwe bedrijfsserver uitgebracht  en men kan een jaar lang de gebruikerslicentie van een bestaande BES-server upgraden. De nieuwe server speelt in op de trend dat er allerlei mobiele devices worden gebruikt binnen de organisatie en kan daarom ook iOS en Android aan, Windows (nog) niet. De mate van integratie en toch ook scheiding van privé en zakelijk verkeer die BlackBerry hiermee biedt en de concurrentie daarmee duidelijk overtreft, is voor grotere organisaties en de overheden een belangrijk punt. De balance-functie maakt het mogelijk dat de zakelijke mail centraal (op afstand) beheerd wordt en zelfs van het (bijvoorbeeld verloren of gestolen) toestel centraal gewist kan worden. Microsoft kan hier ook scoren, maar is traag, de porting van Office naar iOS en Android is er nog steeds niet. 

Na iOS en Android gaat BlackBerry proberen weer mee te tellen. De kleinere concurrenten zoals Firefox OS, Ubuntu en Sailfish hebben geen grote installed base, maar zijn vaak wel kleiner en sneller en dus meer passend voor de instap smartphones. Firefox OS is de stap van Mozilla naar de mobiele markt. Men mikt op de opkomende markten met een mager, maar goed ogend OS, dat via de Spaanse hardwarefabrikant Geeksphone ook in Europa wordt uitgebracht.  

De uitrol van de nieuwe Blackberries heeft in de VS te maken met de LTE situatie daar. Verizon Wireless gaat ze brengen en vraagt naast een tweejarig abonnement 199.99 dollar voor de aankoop. In Engeland zijn er diverse providers, maar het lijkt erop dat BlackBerry alleen in combinatie met contracten wordt aangeboden. In Dubai kost een lock-free BlackBerry 10 ongeveer 510 euro. In Nederland gaat onder andere Vodafone de BlackBerry Z10 leveren.  

Emotie economie 

Emotie-economie met Apple als pionier. Economen zijn lang uitgegaan van het idee, dat de mens een home economicus was, een rationele beslisser die planmatig winstmaximalisatie nastreeft. Dat idee blijkt niet helemaal correct, ons gedrag is eerder emotioneel, impulsief, we kopen en beslissen (meestal) niet rationeel. 

Dat is onder meer door Nobelprijswinnaar (2002) Kahneman aangetoond en we spreken daarom wel van de emotie-economie. Dat inzicht tast het idee van een rationele marktwerking aan en heeft allerlei gevolgen, maar geeft ook een verklaring waarom bepaalde producten, merken en diensten het beter doen dan andere. 

In de marketing spelen de inzichten van de emotie-economie dan ook steeds meer mee, men kijkt breder dan een goede prijs-prestatieverhouding, men houdt rekening met de asymmetrische tijdshorizon (nu consumeren is beter dan morgen sparen, morgen of volgend jaar betalen beter dan vandaag) . We besteden veel tijd aan het vinden van informatie, maar rekenen die tijd niet mee en rijden hele stukken om ergens een paar euro goedkoper uit te zijn. En voor financiële diensten en producten zijn we al helemaal niet meer rationeel meer en speelt onze emotionele tijdshorizon krachtig mee bij beslissingen. En als het om overleven gaat, zoals bij medische beslissingen, dan zijn mensen helemaal niet zo berekenend, maar wel heel emotioneel. Eigenlijk komt het er op neer, dat aankoopbeslissingen vaak afhnagen van de psychologische waarde, boven de rationeel economische waarde. We kopen dit of dat merk auto eerder vanwege image en uitstraling dan vanwege een heldere afweging van technische factoren. 

Apple is een bedrijf, dat bewust of onbewust (Jobs was een intuïtief talent, en niet erg rationeel) heel goed gebruik maakt van de zeven wetten van de emotie-economie. Laten we eens kijken in hoeverre Apple gebruik maakt van die wetten: 

1.De wet van de verliesaversie.
Het psychologisch aspect van verlies is meer dan twee keer zo groot als het psychologisch aspect van winst. Met Apple producten kun je niet fout gaan, want ze zijn gebruiksvriendelijk, niet goedkoop en je hoort weinig over malware en virussen op Apple. Dat is goed gebruikt in de imagevorming, een Apple is veilig, een Windows ding kwetsbaar. 

2. Mensen hebben een asymmetrische risicohouding. In het winstdomein zijn mensen risicomijdend. In het verliesdomein heeft een individu juist een voorkeur voor risico. Apple kopers zien zichzelf graag in het winstdomein, zijn risicomijdend en willen daarvoor betalen. 

3.Mensen prefereren de middenweg. Apple heeft altijd vrij dure en vrij goedkope oplossingen, maar weet dat haar klanten meestal een middenoplossing kiezen. De vrij grote verschillend en stappen in pricing voor iPhone en iPad (voor geheugen) sturen mensen naar een middenkeus. 

4. Mensen hebben een zelfbeheersingprobleem, en maken emotionele keuzes, impulsaankopen die misschien niet verstandig zijn. Apple levert leuke diensten en accessoires die duur zijn, maar makkelijk mee verkocht worden. Dat men de interfaces en kabels exclusief houdt en dus de klant voor hogere kosten komt te staan bij accessoires wordt Apple blijkbaar vergeven. 

5.Mensen zijn financieel analfabeet en kunnen niet rekenen, de deals die Apple via providers aanbiedt zijn soms helemaal niet handig of goed, en Apple knijpt de providers, maar ook de app-aanbieders (met 30%) behoorlijk uit. Ook de relatief hoge prijzen voor de uitlopende modellen bij Apple spelen slim in op de niet rationele waarde-oordelen die mensen hebben over Apple. Dat oudere modellen qua batterijkwaliteit misschien al deels minder zijn, daar hoor je iemand over, men wil een Apple ding hebben, en als nieuw te duur is dan maar een winkeldochterje of tweedehandsje. 

6.Mensen zijn rampbijziend en ontkennen de mogelijkheid van een ramp, wie maakt nou echt consciëntieus backups. 

7.Mensen filteren informatie asymmetrisch. Mensen horen graag informatie die bevestigt wat ze toch al denken, en sluiten hun ogen voor informatie die indruist tegen hun opinie. Appelaars zijn gaan geloven dat Apple de beste producten levert, en willen het tegendeel niet aannemen. 

En is echter nog meer, en dat is waar de emotie-economen nog niet goed naar kijken. Zo exploiteert Apple heel behendig het us-them gevoel, je hoort er bij of niet. Dat hebben ze overigens geleerd van de eerste PR-adviseur Regis McKenna, die achter de befaamde Mac-commercials zat, maar ook het Apple-logo als een soort subliminal verplicht in beeld liet houden. Het omruilen van het minderwaardigheidsgevoel van haar klanten door een meerwaardigheidsomgeving c.q. productimage speelt een duidelijke rol in de Apple aanpak, en dat is in de terminologie van Wilhelm Reich aan te duiden als fascistoïde. Dat Apple klanten, die meestal een enneagram 3 profiel hebben, daar gevoelig voor zijn, komt omdat ze hun eigen emoties ontkennen, maar wel gevoelig zijn voor vorm, boven de inhoud die we meer bij IBM en grootzakelijke klanten als belangrijke factor herkennen. In een eerder artikel (nr 7-8 van 2012) ging ik hier al op in. Voor Apple kopers is status, maar dan vooral in de ogen van hun peer-groep, erg belangrijk. Ze hoeven niet zoals de harde gamers te kunnen bewijzen dat hun ding sneller of krachtiger is, de jaloerse blikken van de omgeving zijn voldoende bevestiging, heb jij al een iPad4? Daarvoor gaan ze in de rij staan om een nieuwe iPhone5 of binnenkort 5S als eerste te bemachtigen, hebben (en tonen) is belangrijker dan gebruiken! 

Als we nog een stap verder gaan, en gaan denken in termen van een gevoelseconomie zoals prof. Henriette Prast of zelfs in termen van wat er bij koopbeslissingen gebeurt in onze hersenen (neuroeconomie) dan gaat de psychologie een wel heel duidelijke rol spelen. Dan gaan we niet alleen beslissingen nemen omdat ze passen in onze behoeften (denk aan de Maslow hierarchy) maar ook omdat er psychologische processen meespelen. Dat kan tegenwoordig met MRI-scnas onderzocht worden, vroeger deed men dat als met eye-scans, en ziet dan bijvoorbeeld verschillen in beslisprocessen in de linker- en de rechterhersenhelft. De rol bij beslissingen van innerlijke conflicten, tussen wat ik subpersoonlijkheden noem, werden al door George W. Ainslie in 1972 aangegeven in zijn boek Pico-economics. Hij baseerde zich op Freud’s id, ego en superego, in wat later behavioural economics (multiple selves) is gaan heten (Richard Thaler). Dat wordt niet door iedereen als normaal verschijnsel gezien, Prof. Prast geeft het de aanduiding seriële schizofrenie. Ik denk dat we dat allemaal min of meer hebben, denk aan onze “bewustzijnsstaat”als kind, waar we in bepaalde omstandigheden naar terug gaan, bijvoorbeeld omdat de kerstsfeer ons herinnert aan onze jeugd.  Het kan er toe leiden, dan we op verschillende momenten verschillende beslissingen nemen vanuit een ander tijdsperspectief, een kind denkt bijvoorbeeld niet zo na over morgen. In ieder geval geeft het een mogelijke verklaring voor het verschijnsel, dat we liever onmiddellijke resultaten (kortingen, rendementen) zien dan iets wat later komt, als dat op de goede manier wordt aangedragen. Daar komen de talenten van de marketeers en reclamemakers dan weer naar boven, lukt het hen ons in zo’n niet rationele staat te krijgen, waarin we sneller ja zeggen tegen een aanbieding? 

Dell in de etalage 

Het kan verkeren, ook PC-topper Dell blijkt in de etalage te staan en er is sprake van verkoop, voor 13-14 dollar per share, leuke prijs van in totaal iets van 19 miljard dollar, maar wel een teken dat het goed mis is in de ouderwetse PC-markt. De winst van Dell was al gehalveerd, men heeft in het derde kwartaal 2012 de winst bijna zien halveren tot 475 miljoen dollar. De omzet daalde met 11 procent tot 13,7 miljard dollar. De gesprekken tussen Dell en onder meer Silver Lake Partners om de computerfabrikant van de beurs te halen zijn in een gevorderd stadium. Ten minste vier banken zijn bereid om de transactie te financieren, meldt het persbureau Reuters.
Michael Dell bezit 14 procent van de aandelen in het bedrijf ofwel 244 miljoen aandelen en zou dus nog maar 3,5 tot 4 miljard of zo incasseren, arme Michael. 

Dat ook Apple rare sprongen maakt, blijkt uit de verkoopdeal met Philips over de Hue lampen, die men in Apple stores gaat verkopen. Met de Hue Bridge en aangesloten
gloeilampen kun je volledig je belichting vanaf iPhone of iPad bedienen. 

2013: moeilijk jaar voor de boeg 

De beurskoersen eindigden eind 2012 niet ongunstig, het was een goed beursjaar, en gingen begin 2013 verder omhoog dat zou enige hoop mogen geven op een herstel van de wereldwijde economie. Er zit ook wel wat beweging in, in de VS gaat het wat beter, de euro blijft overeind, in Duitsland stijgen de onroerend goed prijzen weer wat, maar voor de ICT ziet het er nog niet erg goed uit. Bezuinigen, ooit betekende dat vooral meer automatisering en omzet voor de ICT branche, maar anno 2013 gaat dat niet meer op. Nu wordt, in de massale bezuinigingsdrift, ook de ICT meegetrokken. Niet alleen het bedrijfsleven, maar ook de overheid bespaart, projecten en upgrades worden uitgesteld, de overstap naar Microsoft Windows 8 is wat dat betreft zeker geen stimulans, en inhuren van deskundige ICT-ers wordt aanzienlijk beperkt. Dat voorgenomen besparingen dan vaak door onkunde en mismanagement juist niet worden gerealiseerd, omdat men de deskundigheid qua advies en overzicht uitschakelt, valt niet op. Een klein voorbeeldje, in Amsterdam tekende een gemeentelijke dienst DMO  voor een kleine 200 iPads een contract met een provider voor 2 jaar tegen 80 euro per maand (1920 euro per unit), terwijl men de iPads voor iets meer dan 500 euro kon inkopen en voor 10 euro per maand een datalink kon geven (kosten 740 euro), een verspilling van zo’n 200.000 euro. En er kraait geen haan naar, zeker niet de nieuwe columnist-wethouder van financiën die bij z’n intredetoespraak blijk gaf van economie en boekhouden geen kaas te hebben gegeten.  Zo’n voorbeeld geeft wel aan, dat in een stad als Amsterdam nog veel geld verspild wordt, terwijl men wel tegen een wet HOF (overheidsfinanciën) aanloopt met een schuldquote plafond van 60%, terwijl Amsterdam door het beleid van de huidige vice-premier Asscher rap naar de 140% schuldquote gaat.  Er moeten niet alleen honderden ambtenaren ontslagen worden, maar de inkomsten moeten fors omhoog, dus de burger gaat betalen voor het ongebreidelde optimisme en het financiële onbenul van B&W en een raad die daar ook niks van snapt. De recente beslissing om de Amsterdamse Haven te verzelfstandigen verhoogt de schuld van de gemeente nog eens met 417 miljoen. Alleen via het referenduminitiatief probeerde ik daar wat aan te doen. 

Game-ification 

Gamification en Loyalty 2.0, ook wel Badge-ification is een trend die met het opduiken van spelformaten en virtuele beloningen zoals badges, eretitels, goud en platinum vermeldingen en beloningen in natura of kortingen van doen heeft. Het snel populair wordende Groupon, waarmee men lokaal kortingen kan verwerven, rukt snel op, in Amsterdam kun je als Grouponner al op veel plekken goedkoper uit zijn. Foursqaure, dat vaak naar dezelfde plek gaan beloont, werkt vanuit dezelfde gedachte. 

Ondertussen is het eind van de wereld niet gekomen, de maya’s hebben zich verrekend en de wereld haalde even opgelucht adem. Toch zijn er wel veranderingen aan de gang, we gaan door deze crisis meer kijken naar de echte verhoudingen tussen landen en in de maatschappij. Voor ons land zien we vooral een overstap van de verzorgingsstaat naar een participatiemaatschappij, meer naar Amerikaans model, zorg eerst maar voor jezelf. De kosten van zorg lopen zodanig uit de hand, bij steeds hogere ouderdom (al komt daar wel een eind aan, we leefden niet zo gezond) en meer mediische opties. De hele structuur van banken, pensioenfondsen en verzekeringen verschuift, niet alleen gelooft men hun sprookjes niet meer, maar de afhankelijkheid van vage organisaties is het punt waar men zich steeds meer tegen verzet. De burger begrijpt ondertussen dat privatisering niet veel goeds heeft gebracht, en gaat zich heroriënteren, een nieuwe golf onderlinge regelingen, waarborgkringen en corporaties is niet ondenkbaar. 

Voor 2013 verwacht ik een zekere teruggang in de sociale netwerken, natuurlijk nog meer security issues en business, nog minder desktop systemen en groeiende afhankelijkheid van de cloud, maar ook een paar stevige klappers op dat gebied, het gaat nog een keer flink mis. Voor de ICT geen goed jaar, bezuinigingen overal en de kosten van hardware gevoegd bij een overstap op mobiele devcies en opslag in de cloud zal de investeringen per werknemer in ICT nog wat omlaag brengen. 

Microsoft: de grote verschuiving naar het gouden lijntje. 

De strategie van Microsoft is duidelijk, men wil zoveel mogelijk producten omzetten in diensten, van kopen naar huren, van eenmalig omzetten naar een abonneemodel. Diensten leveren een continu inkomensstroom op, maken updates makkelijker en omdat er een online betalingsrelatie ontstaat kunnen ook andere diensten en producten van Microsoft of anderen makkelijker worden aangeboden. 

Dat Microsoft met deze aanpak een deel van haar oorspronkelijke partners, die op basis van Microsoft producten als wederverkoper, system integrator of service-aanbieders, vaak in verticale markten, jarenlang het bedrijf steunden, van zich vervreemd, blijkt men te accepteren. Ook voor hardware lijkt dat te gelden, nu de mobiele slag in eerste instantie verloren is (aan Apple en Android) komt Microsoft met hardware (de Surface tablets) die het hele OEM-model onderuit halen. Hardware fabrikanten waren partners, kregen voorinformatie over nieuwe software an konden samen met Microsoft de Wintel-hegemonie opbouwen, maar krijgen nu op eigen terrein concurrentie 

Blackberry: dood of klaar voor een nieuwe sprong 

Research In Motion heeft, vooral met de email functionaliteit van haar Blackberries, in de afgelopen decade een behroolijk marktaandeel in de smartphones gehad, maar de laatste jaren gaat het helemaal mis met het bedrijf. Het wordt allerwegen als een van de grote verliezers gezien, maar is dat terecht? Het marktaandeel in weggezakt, maar er zijn nog ontzettend veel Blackberries in gebruik, vooral in de zakelijke wereld en bij de overheid, al is de overstap naar iPhones en Android ook daar duidelijk. Er komt begim volgend jaar een nieuw model uit, de Blackberry 10, en dat is veel te laat, maar misschien verrast RIM de wereld, met een nieuwe combinatie van hardware en software die biedt wat anderen niet hebben. Er zijn nu testmodellen van de nieuwe Blackberry uitgezet en er is weer wat hoop op herstel. De infrastructuur en de aanpak om wereldwijd overal email te kunnen zenden en ontvangen zonder de restricties van bundels en roaming kosten was altijd een echt pluspunt, en kan opnieuw een USP worden. Een tijdlang werd Blackberry juist vanwege die mogelijkheid weggedrukt door de providers, die liever hoge roaming-inkomsten wilden en daar unlimited bundels voor nationaal gebruik tegenover stelden. Maar die trend is ook voorbij, bundels zijn gelimiteerd, er zijn international beperkingen zoals in de EU voor roaming, dus de infrastructurele waarde van Blackberry en de RIM-diensten neemt weer wat toe. De waarde van het bedrijf zit in de bestaande klantenkring en in de email diensten, er is gesproken over overname door Microsoft, Nokia en Samsung, maar ook IBM is genoemd en zelfs Amazon was in het nieuws als mogelijke overname kandidaat. 

RIM heeft, overigens net als Nokia, de boot behoorlijk gemist, beloofde toen, net als Nokia nieuwe modellen maar dat kwam er niet van. Hun uitstapje met de Playbook (tablet) was geen groot succes. Nokia had met de Lumia 900 in 2011 al wel nieuwe hardware, maar met halfhartige software en moet nu met Windows 8 echt gaan bewijzen mee te tellen, met name de zakelijke gebruikers die ook Blackberry zo snel oppikten, zijn de target van Nokia/Microsoft. Blackberry moet nu vanuit het dal terugvechten. RIM CEO Thorsten Heins stelde echter dat de providers het nieuwe model 10 testen en waarderen en is positief over de deals die daar uit voortkomen. Het ziet er naar uit, dat Blackberry 10 software op een beperkt aantal modellen gaat draaien, de enorme reeks devices die bijvoorbeeld Samsung in de markt zet (en daarbij steeds tegen patentkwesties en vormzaken aanloopt) maakt het voor providers niet makkelijker. Apple, met in principe slechts een enkel “current” model, doet het anders en daar trekt RIM lering uit. Wel zou het nieuwe RIM OS ook Android compatibel zijn voor wat betreft apps, dat is in de huidige situatie een belangrijk gegeven. 

De vraag is natuurlijk of een smartphone nog veel verbeterd kan worden, afgezien van snellere processing en betere batterijprestaties. Is er verzadiging qua functionaliteit, de nieuwe iPhone 5 bijvoorbeeld biedt eigenlijk niet veel meer dan de voorganger, afgezien van de snelheid. Dat de nieuwe Blackberry dus een goede camera, snelle browser en integratie van sociale netwerktoegang zal bieden is dus geen geheim, maar lukt het RIM om de email functionaliteit nog echt te verbeteren. Dat zou men bereiken door email toegang vanuit iedere app mogelijk te maken met eenzelfde “swipe” en door een duidelijke scheiding maar ook integratie van zakelijke en persoonlijke emails. Het managen van emails wordt steeds meer een belasting voor de gebruiker, niet alleen het elimineren van spam en onzin mail, maar het goed classificeren en toegankelijk opslaan van mails is nu de bottleneck. De meeste power-users zijn per dag uren bezig met emails, raken vaak belangrijke dingen kwijt, hebben moeite om de diverse mailingbestanden en adreslijsten te beheren, hier kan Blackberry mogelijk een doorbraak brengen. Microsoft heeft in Windows 8 te veel gebogen naar een complete integratie van touch en de oude Windows interface, en is dus in feite te veel compromissen aangegaan. De aarzeling om over te stappen naar Window 8 voor corporate mobiel kan een kans bieden aan RIM als men in dat opzicht werkelijk iets meer kan bieden, qua beheer, separatie van verkeersstromen en natuurlijk veiligheid. Bijvoorbeeld een geavanceerd systeem om passwords en codes op te slaan op de smartphone, maar zodanig dat de gebruiker er geen last van heeft en met een enkele code of biometrische methode (vingerafdruk, iris etc.) toch een breed spectrum van verschillende toegangscodes kan bewaren en gebruiken. Te veel mensen gebruiken maar een paar codes voor al hun activiteiten, hun pincode voor betalen of toegang tot bedrijfsgegevens gebruiken ze ook voor spelletjes en dating sites. 

Blackberry Back? 

Het bedrijf moet natuurlijk software-ontwikkelaars zover krijgen om apps te ontwikkelen, maar ook in die hoek is er het probleem van de remmende voorsprong van Apple en misschien Android. Blackberry 10 zou Android apps kunnen draaien, maar de vraag is welke en kan men dat beperken. Er zijn te veel apps, te veel onzin, te veel gevaarlijk spul dat men maar download en misschien nauwelijks gebruikt, maar wel gaten laat qua veiligheid en gegevens.  Door het aantal downloadable apps streng te selecteren en te beperken en een geselecteerd aantal als basisvoorziening mee te leveren kan men misschien een minder flexibel, maar wel veel veiliger systeem aanbieden, iets waar grotere organisaties wel op zitten te wachten. Die willen helemaal niet dat hun personeel ook games peelt, porno bekijkt of dating sites bezoekt met apparatuur die ook toegang geeft tot de bedrijfsgegevens in de cloud of op de corporate servers. De BYOD trend is niet te stoppen, maar als er duidelijke voordelen zouden zitten aan een beperkt systeem, of aan een systeem dat a priori beperkt kan worden door het bedrijf door het uitschakelen van bijvoorbeeld toegang tot games of bepaalde sites, dan zou dat wel eens enorm kunnen aanslaan. Overheden en bedrijven met gevoelige informatie zien nu te veel gaten en lekken en zijn bezorgd over de integriteit van hun data. 

Waar men via de “policies” in Windows omgevingen nog wel kan regelen en beperken, zijn voorlopig mobiele smartphones niet makkelijk te controleren of te beheersen door de zakelijke “administrator” van een organisatie, tenminste voor de externe apps. Dat is een behoorlijke beperking, want bijvoorbeeld allemaal dezelfde nieuwe versie van een app laden is dan handwerk per unit. Het gebrek aan externe “administrator” toegang voor zakelijk gebruikte smartphones is dus een gat, waar bijvoorbeeld RIM in kan springen, en dat zou goed kunnen vallen bij grotere organisaties. Het klinkt allemaal leuk, dat we via een webinterface van alles kunnen afhandelen, maar willen we geen meer complexe mailomgeving dan wat gmail en hotmail nu bieden, ook daar kan RIM weer wat ruimte pakken. Smartphones zijn nu nog vrij domme clients binnen apps, die erg beperkt zijn, Excel draaien binnen een app gaat niet goed. Wat dat betreft zijn apps in wezen niet meer dan de widgets die we ooit kregen voorgeschoteld zoals in de Mediacenter aanpak, in een nieuwe uitvoering, maar in feite zijn het interfaces naar één ding tegelijk doen, de multifunctionaliteit van bijvoorbeeld een Windows scherm met allerlei functies die tegelijk open staan en draaien is er niet, dat zou je als een stap terug kunnen zien. 

Thuiskopieheffing 

Nogal wat grijze importeurs worden getroffen door torenhoge rekeningen van Thuiskopie betreffende leveringenin voorbije jaren vanuit Duitsland van CD’s en DVD’s. Thuiskopie heeft de admonistratie van Duitse leveranciers boven water gekregen en stuurt naheffingen, die in vele gevallen tot een faillisement zullen leiden, soms 30.000 euro en meer. Verweer ligt moeilijk, tenzij men kan aantonen de dragers gebruikt te hebben voor eigen backup of als levering bij vele systemen. 

Thuiskopie, onder vuur vanwege trage uitbetalingen en omdat men veel te veel vraagt en zoals gebruikelijk weinig inzicht geeft in hoe het geld wordt verdeeld, krijgt weer meer ruimte om te heffen, voor meer gegevensdragers. De prijzen van de iPads en smartphones gaan vanaf 1 januari 2013 met 5 euro omhoog vanwege de thuiskopieheffing. De 5 euro heffing zit op grote dragers als HDD-recorders die meer dan 160 Gig aan data kunnen opslaan, de smartphones met meer dan 16 Gig opslag, tablets met meer dan 8 GB en alle pc’s en laptops. De heffing is 2,50 euro voor elektronische apparaten met minder opslagruimte dan aangegeven. Daarnaast komt er een heffing van 2 euro op audio/videospelers met meer dan 2 GB opslag, daaronder wordt 1 euro extra op de prijs gedaan. Ook 1 euro wordt voortaan geheven op externe HDD’s. DVD’s en CD-R’s gaan 3 cent duurder worden. Geheugenkaarten, usb-sticks en spelcomputers vallen er niet onder, ook E-readers vallen niet onder de regeling. “De reden hiervoor is dat de SONT de omvang van het privékopiëren op e-readers thans nog als marginaal inschat en de markt voor e-readers - in tegenstelling tot bijvoorbeeld de markt voor tablets - nog in een pril stadium verkeert”, meent Teeven naar aanleiding van het advies van SONT, de branchevereniging. Winkelketens en andere wederverkopers worden aansprakelijk gesteld als zij niet kunnen aantonen dat de heffing al is betaald door de fabrikant of de importeur. 

Verkiezingen sept 2012: terug naar het midden 

Na een hele rustige zomer - de ellende rond de euro en de overheidstekorten waren blijkbaar geen politiek vuurwerk waard - zijn we nu weer klaar voor de grote sprong. De nieuwe iPhone 5 kunnen we even laten rusten, pas bij effectieve 4G diensten zoals LTE heeft een overstap zin. Daarmee is er voor de concurrentie weer wat lucht gekomen. 

Begin september ging de politiek weer aan de slag, verkiezingsgekte, weer op markten het publiek vermaken, elkaar voor van alles uitmaken en vooral inhoudelijk niks zeggen. De uitslag, VDD en PvdA als grotere blokken rechts en links maakt wel duidelijk dat de burger er ook niet veel van begreep en dus maar veilig, dicht bij het midden, koos, maar de kleinere mededingers min of meer negeerde. Toch zal men een derde partij erbij moeten halen, want anders is er geen meerderheid in de Eerste Kamer en het CDA is dan de meest logische keus. D66 is daar te klein. 

Helaas was er in de verkiezingstijd weer erg weinig aandacht voor de ICT, wat vage kreten over meer digitale democratie en stimulering van innovatie (Verhagen kwam weer met een potje van 90 miljoen) maar een grootse visie missen we, zeker bij de grote partijen. Men maakt zich druk over pensioenen, staatsschuld en kwam met prachtige door het CPB doorgerekende alternatieven, die na de verkiezingen in de compromissenstrijd zeker gaan sneuvelen. Wat opvalt is dat de partijen soms gewoon wegkomen met klinkklare onzin, zoals het plan om AOW uit te keren na 40 jaar werken, mede als een pleister op de pensioenwonde van de zware beroepen. Maar helaas, noch de belastingdienst, noch de Sociale Verzekeringsbank hebben bijgehouden wie er belasting hebben betaald in het verleden, ergens voor 1990. De overheid weet alleen of iemand was ingeschreven en daar kan men recht op AOW aan ontlenen. Als ik dus beweer, dat ik op 16-jarige leeftijd met vrienden een bedrijfje ben begonnen en belasting heb betaald, of dat ik werkte voor een nu failliet gegaan bedrijf, is dat niet meer te controleren. Dat wordt dan weer een bron van claims en ongein. Maar het lijkt wel haast of niemand dat soort dingen checkt en de politiek  komt zo weg met onzinnige plannen, die dan achteraf nergens op blijken te slaan. Men gaat er maar mee door. In Amsterdam bij voorbeeld gaan ze de hele haven privatiseren en maken er een N.V. van met een eigen kapitaal van 150 miljoen, oftewel Amsterdam verkoopt 2650 hectare havengrond voor 6 euro per vierkante meter. Niemand wordt wakker, want zo hebben we de P.T.T, de N.S., de K.L.M., Fokker en de Postgiro toch ook leuk kwijt gespeeld. 

Ook in de V.S. is er verkiezingsstrijd. Daar blijkt in debatten behoorlijk gelogen en geneuzeld te worden. Obama ging naar Burning Man, een soort massaal hippiefestival waar drugs, seks en muziek zodanig door elkaar lopen, dat de president van de V.S. vast een snuifje van dit of dat zal hebben meegekregen. Hoezo geen gedogen? Of gaat het hem om de stemmen van de Californische alternativo’s? Obama is qua “change” natuurlijk hard tegengevallen: meer mensen in de gevangenis, oorlogen halfslachtig beëindigd of vervangen door drone-aanvallen op burgers, en de aanslag op onze digitale vrijheid gaat maar door. De Amerikaanse overheid (en zij niet alleen) bespioneert iedereen en alles, doet aan cyberwar en dat is een soort guerrilla aan het worden, anonymous en co. is overal. 

Digitale veiligheid, privacy, internetdemocratie, het waren twintigste-eeuwse dromen. In deze eeuw is security big business en is spam, malware, social engineering, cyberwar en snuffelen in andermans gegevens gewoonweg een deel van onze cultuur geworden. Het wachten is op de echte grote klap, een echte cyberramp. Iets zo verschrikkelijks, dat er wel internationale samenwerking moet komen, en de dubbelhartige houding van overheden en de digitale superbedrijven echt duidelijk wordt.  Of die ramp komt door zonnevlekken, kabelbreuken of malware maakt niet zoveel uit, maar we zijn zo cruciaal afhankelijk aan het worden van ICT en internet, dat het echt tijd wordt voor een effectief noodscenario in internationale context. 

De W8 kernvragen 

Met wat opluchting blijkt de iPhone 5 en iOS 6 geen grote Android en Windows Phone killer. Leuke dingen als NFC zitten er niet in en de nieuwe Lightning connector is klein, maar niet downwards compatibel. Dus dat opent perspectieven voor Android en zeker voor Microsoft. 

Gaat het lukken met Windows 8? En wat betekent het voor de markt als Microsoft haar leidende positie in de steeds mobielere OS-markt verliest? Microsoft heeft na het toch wel slecht afgelopen Vista-avontuur met Windows 7 een relatief traditionele koers gelopen. Met vooral de OEM-verkopen als trekker is Windows 7 een geaccepteerd OS aan het worden, nu groter dan XP. Een nieuwe aanschaf door de consument betekende automatisch Windows 7 en een geleidelijke overgang door de zakelijke klanten, men moet wel want de support voor XP houdt op. Men is intussen ook wel gewend aan Windows 7 en begint erop te vertrouwen. Maar nu wil Microsoft relatief snel toch Windows 8 in de markt zetten en tegelijk ook een brug naar de nieuwe mobiele devices zoals tablets en smartphones slaan. Dus heeft men een geheel nieuwe interface opgezet, die zowel op de tablets als de desktop moet draaien en is bezig die in de markt te zetten. 

De telefonie-aanpak van Microsoft was nooit een echt succes. Het bleef bij meedoen en meesloffen in een markt waar anderen het tempo aangaven. Windows 8 moet dat allemaal veranderen, maar het is geen gelopen race. Ik hoop dat men beseft, dat het ICT-kanaal nog altijd een belangrijke factor is en wat meer steun (en marge) biedt voor de mannen en vrouwen, die al die dichtslibbende OS-troep aan de praat moeten houden. Zij moeten gaan geloven in de Microsoft grote Windows 8 regie, dan gaan hun klanten dat ook doen. 

Nazomeren 

Eerst nat en daarna toch een mooie zomer, maar de hele ICT leek wel vanaf mei met vakantie, weinig nieuws, weinig handel, gedoe over de euro en komkommers, en we hingen achter de buis voor voetbal en Olympia. Pas eind augustus kwam er weer beweging in, kwamen er nieuwe spullen in de winkels, ging de prijs van harde schijven eindelijk wat omlaag en kwam Microsoft met de verhalen over Windows 8 de handel weer even verpesten. De insiders weten ondertussen, dat nog even vasthouden aan Windows 7 of desnoods XP verstandig is, maar de massa aarzelt zoals gebruikelijk, onzekerheid qua OS is slecht voor de business. Het is niet alleen wachten op Windows 8, maar ook Apple zou 12 september met wat nieuws kunnen komen, de % of de new iPhone de iPhone 4S krijgt te veel concurrentie, de Kindle wordt volwassen,  en bij Android valt er een beetje een gat bij de grotere pads en tablets, terwijl er rond Linux en Linus nogal wat te doen is. Linux en afgeleiden zoals Ubuntu breken niet echt door, al blijkt Google zelf voor haar werknemers niet met Chrome, maar met Linux te werken. 

De grote golf nieuwe produkten kwam los toen de IFA in de lucht hing, men viel over elkaar heen met nieuwe smartphones en tablets, alleen Nokia miste die kans en kwam pas op 5 november met haar Windows 8 in New York, terwijl toch de Europese thuismarkt voor de sterk afgeslankte telefoonfabrikant veel belangrijker was, maar men loopt niet voor niets aan de leiband van Microswoft. Dat bedrijf  heeft zichzelf met Windows 8 een stevige uitdaging geschapen, men wil met een grote slag de verloren schaapjes (telefonie, tablets, pads, netbooks) weer onder de Windows-paraplu brengen. Je ruikt de paniek, ook bij de PC makers, want de afzet van desktop systemen en laptops loopt terug, men stapt over op de mobiele horizontals. Dat begint bij bedrijven door te dringen, maar ook in de onderwijsmarkt, waar Apple z’n iPads via de schooltas binnenloodst en dan volgen de iPads voor leraren en de Macs vanzelf, in de VS verstevigt Apple haar positie in de schoolmarkt duidelijk. 

Met nieuwe aankondigingen gaan de oudere devices soms fors in prijs omlaag, Apple loopt hierin voorop en weet oudere modellen iPads nog leuk neer te zetten, en dat werkt prijsdrukken. We zien dan ook dat concurrenten soms ook diep door de knieën moeten. De Fujitsu STYLISTIC M532 bijvoorbeeld, toch wel een leuk Android 4 mediatablet met een zakelijke insteek, GPS en goede quadcore prestaties, ging van 494 naar 377 euro. De komende maanden verwacht ik een prijsslag, in de desktop systemen die overstocked zijn, maar ook in het draagbare spul. De ontwikkelingen gaan snel, de trends naar super-HD weergave, meer batterijvermogen, LTE en vooral eenvoudiger app-connectivity zijn duidelijk, en de fabrikanten doen van alles om marktaandeel te behouden. 

Begin september ging ook de politiek weer aan de slag, met helaas weer erg weinig aandacht voor de ICT, wat vage kreten over meer digitale democratie en stimulering van innovatie (Verhagen kwam weer met een potje van 90 miljoen) maar een grootste visie missen we, zeker bij de grote partijen. Men maakt zich druk over pensioenen, staatsschuld en komt met prachtige door het CPB doorgerekende alternatieven, die na de verkieizngen in de compromissenstrijd zeker gaan sneuvelen. Wat opvalt is dat de partijen soms gewoon wegkomen met klinkklare onzin, zoals het plan om AOW uit te keren na 40 jaar werken, mede een pleister op de pensioen-wonde van de zware beroepen. Maar helaas, noch de belastingdienst, noch de Sociale Verzekeringsbank hebben bijgehouden wie er belasting hebben betaald in het verleden, ergens voor 1990, de overheid weet alleen of iemand was ingeschreven en daar kan men recht op AOW aan ontlenen. Als ik dus beweer, dat ik op 16-jarige leeftijd met vrienden een bedrijfje ben begonnen en belasting heb betaald, of dat ik werkte voor een nu failliet gegaan bedrijf, is dat niet meer te controleren, dat wordt dan weer een bron van claims en ongein. Maar het lijkt wel, of niemand dat soort dingen checkt, de politiek komt weg met de meest onzinnige plannen, die dan achteraf nergens op blijken te slaan. Men gaat er maar mee door, in Amsterdam gaan ze de hele haven privatiseren en maken er een NV van met een eigen kapitaal van 150 miljoen, ofwel Amsterdam verkoopt 2650 hecater voor 6 euro/m2. Niemand wordt wakker, want zo hebben we PTT, NS, KLM, Fokker en de Postgiro toch ook leuk kwijtgespeeld. 

Ook in Amerika is er verkiezingsstrijd, daar blijkt in debatten behoorlijk gelogen en geneuzeld te worden, maar Obama ging naar Burning Man, een soort massaal hippie festival waar drugs, sex en muziek zo door elkaar lopen, dat de president van de VS vast een snuifje van dit of dat zal hebben meegekregen. Hoezo geen gedogen, of gaat het hem om de stemmen van de Californische alternativo’s? 

Op de IFA waren vooral veel smartphones en tablets, dat verkoopt en zoals ook op de IBC in Amsterdam bleek, het “second screen” concept slaat aan, tegelijk op je smartphone (die ook afstandsbediening is) internetten en op een groter scherm (de huiskamer-TV, liefst HD of beter) films, video of internet-content bekijken. De accessoires voor de smartphones zijn ook goede handel, van tasjes en beschermhoezen tot andere skins en er komt een hele golf nieuwe hulp-apparaatjes voor opladen. Draadloos opladen kan nu met de nieuwste modellen (onder meer Nokia 920) en waarom dan geen kussens, audio-units, luidsprekers, WC-rol houders, ijskasten, wekkers of andere huishoudelijke apparaten uitrusten met een laadvlakje. Overal waar men even rustig zit of ergens mee bezig is, kan zoiets worden toegevoegd en ingebouwd. En dat je dan overal niet alleen WiFi in huis hebt (en de frequentiebanden daarvoor beginnen vol te raken, maar ook schermpjes of luidsprekers om boeken en kranten te lezen, voor muziek, video, TV, de voordeur of je kantoor in de gaten te houden, daar ligt nog een wereld aan handel. Of die via de traditionele CE-winkels, de elektronica warenhuizen zoals Media Markt of de PC-dealers en telefoonwinkels verkocht gaan worden, of dat de e-commerce hier het leeuwendeel van de handel gaat pakken, is de vraag. Alternatieve kanalen zijn er genoeg, NRC bijvoorbeeld biedt nu een Sony e-reader aan in combinatie met een abonnement. Het betaalmodel is in veel gevallen beslissend, wie de kredietstatus en rekeninginfo van de consument in handen heeft, heeft de beste startpositie. Een krant kan via piggybacking op een abonnement, ook digitaal, allerlei extra’s gaan verkopen. Zo is de Volkskrant al tijden bezig om boeken en video te slijten, en de klant vindt zo’n krant mogelijk wat betrouwbaarder dan buitenlandse e-commerce bedrijvers. Dat alternatieve verkoopkanalen ook in de VS worden uitgeprobeerd, blijkt uit het Chromebook project van Google, met een soort huurkoop-abonnement met Google Drive opslag, met als premium zelfs 100 GB opslag bij Google. Daar blijkt ook een andere trend uit, namelijk het ontwikkelen van relatief goedkope en eenvoudige thin clients, die niet veel meer kunnen dan via een browser allerlei diensten kunnen benaderen, eigen opslag en veel eigen rekencapaciteit is dan niet meer nodig. 

HP maakt webOS open source 

Het lot van Palm is treurig, ooit voorloper op de PDA-markt, succesvol met leuke ontwerpen, maar te laat in de mobiele telefonie gestapt en ook ook de naviagtiemarkt gemist, en nu door HP aan de deur gezet. Nou ja, vrijgegeven als beta in open source, een soort kringloopwinkel-idee, misschien gaat er nog iemand iets leuks mee doen. Dat uitbrengen van de beta heeft wel 8 maanden gekost, maar ze geven ook aan dat het liefdewerk was van de oude staf, die hun kindje toch nog graag een tweede leven gunden. HP zelf geeft hiermee wel aan, ook fors geblunderd te hebben, hun TouchPad visie en probeersels hebben het niet gehaald en ze moeten verder achter de troepen aanhollen met Android en Windows 8. Ze stoppen webOS nu in een aparte onderneming, die Gram heet en ook Enyo and Cloud services zou gaan doen, maar er is geen compatibiliteit van Open webOS met de oudere versies die wel commercieel door HP en daarvoor Palm werden uitgebracht. 

ASML met Intel in bed 

Heel leuke deal, lijkt het. ASML krijgt een kapitaalinjectie voor 15% (er is nog 10% ruimte), overigens ook angeboden aan TSMC en Samsung in ruil voor 10% aandelen. Maar is dit nu beter voor Intel, op zoek naar steeds kleinere (nm) sporentrekkers of grotere siliconenschijven (45cm) of voor onze vaderlandse chipsbakker. Ik heb enige twijfel, eigenlijk is ASML dus druk bezig geld te zoeken, en is bereid daat stevige zeggenschap voor op te geven. Ondertussen is AMD toch wel erg onzeker over de toekomst, ze hebben net als Intel te veel gemikt op de desktop en laptop, terwijl nu mobiele chips veel belangrijker blijkt qua marktgroei. 

Microsoft in de hoek 

Volgens de NYT heeft Microsoft door te veel te vragen voor Windows haar afnemers (de fabrikanten) zo in de hoek gedwongen, dat ze qua innovatie op hardware gebied zijn achtergebleven en feitelijk te veel ruimte aan Apple hebben gelaten. Gevolg, Apple groeit door, heeft de beste materialen en assemblage en design, en Microsoft moet nu zelf met Surface tablets haar voormalige partners (HP, Dell) gaan beconcurreren. Op termijn heeft men dus door te veel winst te pakken zichzelf in de voeten geschoten. 

Gaan we allemaal aan de tablet en dan vooral Apple ? In de eerste helft van 2012 is het aantal tabletgebruikers gestegen tot ruim 2,8 miljoen Nederlanders volgens Gfk Intomart en dat is 23% van de internettende PC’s. Het gaat hard, in december 2011 waren er nog maar 1,7 miljoen tabletgebruikers. Het onderzoek geeft verder inzicht in de manier van gebruik: tablets worden meestal thuis gebruikt. 96 procent geeft als locatie binnenshuis op als plek waar de tablet het meest wordt gebruikt. Ook de gebruiksfrequentie van de tablet neemt toe: 73 procent gebruikt de tablet één of meer keer per dag.
Ook bij smartphones is sprake van groei, van 5,4 miljoen smartphone-bezitters in december 2011 tot 6 miljoen smartphone-bezitters in juni 2012. 

Politiegeweld en Microsoft tablet 

Ook Microsoft heeft een notebook/tablet, maar gaat dat lukken, denk aan de Zune. Microsoft is natuurlijk erg me-too, maar gaan ze nu Nokia niet onderuit halen, want is de tablet niet de logische mobiele opvolger of meenemer. Mooi plat ding, alleen een scherm, met covers die eroverheen gaan en toetsenbord vormen. Maar Microsoft heeft geen echte dealersteun, geen distributie die onafhankelijk is van andere hardwaremakers. Gaat niet lukken, lijkt me, maar is als Windows8 demomachine natuurlijk prachtig. Dat Microsoft voor een licentie (OEM) voor een ARM versie van W8 (RT) maar liefst 85 dolar vraagt geeft wel aan, dat men graag de markt tegen zich in het harnas jaagt. Windows Phone 8 is er nu officieel, maar veel mediaandacht kreeg dat niet. 

Ondertussen blijkt Youtube een behoorlijke verdediging tegen politiegeweld, gezien de ophef over de Rotterdamse situatie, maar kijk even naar wat er verder te vinden is via zoeken naar politiegeweld, arrestaties etc. Ook in Amsterdam weten ze er raad mee, ook door verkeersregelaars die er duidelijk niet mee om kunnen gaan, met egweld dus. De transparantie van openbaar optreden door de overheid zal ten satdhuize wel een zorg zijn. 

De computer en zeker het internet zijn angstige dingen aan het worden. Je voelt je als gebruiker enerzijds afhankelijk, anderzijds bedreigd. Angst en paniek. Bijna iedere week is er wel weer ergens een grote kraak, hack of internet lekkage te melden De zogenaamd meest veilige portals, sites of diensten blijken dan, ondanks mooie certificaten, toch de achterdeur open te hebben staan, worden slachtoffer van overheidsgeknoei dat uit de hand loopt of er doet iemand gewoon iets stoms. 

Je verweren lijkt een illusie. Je hebt geluk als je toevallig niet bij die tig-miljoen gekraakte accounts, passwords of afgeluisterde gesprekken zat. 

De meeste gebruikers menen achter een al dan niet gratis virusprogramma redelijk safe te zijn, maar de jongste LinkedIn lekkage schudde menigeen wakker, ook al blijkt de schade dan mee te vallen en is het ondertussen een FBI-zaak geworden. Ook de Flame malware, terug te voeren op cyberwar activiteiten van de Amerikaanse regering houd je niet tegen met een normaal beveiligingspakket. Gelukkig hebben de Flamemakers zelf hun losgebroken onheilware gereset, maar het is wel een signaal. 

Of andere huishoudelijke apparaten uitrusten met een laadvlakje. Overal waar men even rustig zit of ergens mee bezig is, kan zoiets worden toegevoegd en ingebouwd. En dat je dan overal niet alleen WiFi in huis hebt (en de frequentiebanden daarvoor beginnen vol te raken, maar ook schermpjes of luidsprekers om boeken en kranten te lezen, voor muziek, video, TV, de voordeur of je kantoor in de gaten te houden, daar ligt nog een wereld aan handel. Of die via de traditionele CE-winkels, de elektronica warenhuizen zoals Media Markt of de PC-dealers en telefoonwinkels verkocht gaan worden, of dat de e-commerce hier het leeuwendeel van de handel gaat pakken, is de vraag. Alternatieve kanalen zijn er genoeg, NRC bijvoorbeeld biedt nu een Sony e-reader aan in combinatie met een abonnement. Het betaalmodel is in veel gevallen beslissend, wie de kredietstatus en rekeninginfo van de consument in handen heeft, heeft de beste startpositie. Een krant kan via piggybacking op een abonnement, ook digitaal, allerlei extra’s gaan verkopen. Zo is de Volkskrant al tijden bezig om boeken en video te slijten, en de klant vindt zo’n krant mogelijk wat betrouwbaarder dan buitenlandse e-commerce bedrijvers. Dat alternatieve verkoopkanalen ook in de VS worden uitgeprobeerd, blijkt uit het Chromebook project van Google, met een soort huurkoop-abonnement met Google Drive opslag, met als premium zelfs 100 GB opslag bij Google. Daar blijkt ook een andere trend uit, namelijk het ontwikkelen van relatief goedkope en eenvoudige thin clients, die niet veel meer kunnen dan via een browser allerlei diensten kunnen benaderen, eigen opslag en veel eigen rekencapaciteit is dan niet meer nodig. 

Ellende dus, ongerustheid. Mensen die beseffen dat ze voor veel activiteiten hetzelfde password gebruiken en nu die (zoals bij LinkedIn) deels op straat liggen, ook hun Paypal, Facebook en andere accounts misschien misbruikt kunnen worden. 

ICT, ook op het vlak van de retail en service, wordt steeds meer een beveiligingsbranche, we leven van de onveiligheid. Iedere keer dat er ergens iets goed mis gaat, tikken de kassa’s - niet alleen bij de securitybedrijven maar ook bij de dealer of retailer. Ongeruste klanten brengen hun vastgelopen machines, willen ontzorgd worden en betalen daar uurtje factuurtje ook voor. Onderhoud betekent tegenwoordig in de ICT vooral legale (bloatware) en illegale software schonen, en het probleem ligt echt niet alleen aan de hackers en cybercriminelen. We worden bestookt met rommel, met lokware, met updates, met legaal ogende verzoeken en vragen, geen dag voorbij zonder een stukje irritatie. 

Perfect legale machines worden door slordige Microsoft updates, plotseling illegitieme lastpakken, met steeds maar terugkerende, dreigend gestelde boodschappen. Er iets aan doen betekent bellen, in de wacht staan, zoeken naar de aankoopbon of ergens een sticker vinden, onnodig gedoe, maar eerlijk gezegd leuke handel voor de telefoonbedrijven, de helpdesks en de hele ICT. 

Als het ooit zover mocht komen, dat Microsoft een pijnloos, gebruiksvriendelijk, robuust en onkraakbaar operating systeem uitbrengt, is dat waarschijnlijk ook de laatste windowsronde, dus waarom zouden ze? 

Moeilijke tijden 

Dat de wereldwijde economie in een crisis zit en nu aan z’n tweede of derde dip toe is, valt niet te ontkennen, maar als de crisis erg dichtbij komt, is dat toch een onprettig gevoel. In de ICT-retail is dat helaaas iets wat veel bedrijven kennen, we zijn eigenlijk al jaren aan het krimpen, reorganiseren en overleven. Dat merk je aan het aantal winkels en outlets, ons mailingbestand moeten we iedere keer weer wat indikken omdat er gewoon heel veel zaken opgeheven, failliet of gefuseerd zijn. De tijden dat je soms een heel rijtje computerwinkels naast elkaar zag, zijn voorbij. De overlevenden moeten er nog steeds hard aan trekken met lagere marges, systeemprijzen die steeds verder wegzakken en alleen de accessoires als reddingsboei.Ik heb dat allemaal meegemaakt via de PC-Dumpdagen en ooit had ik ook een redelijk bloeiende retailzaak. In een moeilijk proces is die verkocht, overgedragen maar tenslotte ook teloor gegaan. Zo’n proces brengt veel zorgen, kost veel tijd en pensioencentjes en dus ook nog ongelukkig personeel, stress en frustratie. Ik kan er over meepraten. Het opstarten van een nieuwe toko is stukken eenvoudiger dan het ordentelijk en netjes opdoeken van een bedrijf, zeker als dat een jaar of twintig bestaan heeft en het personeel je al lange tijd trouw was. Het ontslagrecht wordt nu zogenaamd soepeler, maar je gaat wel opdraaien voor de WW-uitkering, dus het blijft een enorm dure grap als je niet drastisch de stop eruit wilt trekken door een faillissement. Veel bedrijven in onze sector hebben een zwaar negatief eigen vermogen, als ze afwikkelingskosten, ontslagregelingen en dergelijke eens even gaan meerekenen. En dan ook even rekenen dat je soms vast zit aan jarenlange contracten (kopieermachines waren in dat opzicht lastige dingen), ook voor diensten, de accountant, een boekhoudpakket en telecom, die je niet zomaar kunt opzeggen. En als ik in mijn kelder kijk naar de kasten vol ordners en mappen, die ik om het netjes te doen ook zeven jaar dien te bewaren, dan zit ook daar nog een leuke kostenpost. 

Waar de computerspecialist, mede dank zij de nog steeds voortgaande ontwikkeling van hardware, software en diensten nog wel wat te doen heeft, is het voor uitgevers gespecialiseerd in de ICT geen makkelijke tijd. We glijden langzaam weg uit het papieren tijdperk, maar geld verdienen met je website is niet eenvoudig. Het kost een boel mankracht om een leuke site op te zetten en vooral in bedrijf te houden, als je tenminste nieuws en relevant commentaar wilt brengen. Dat werk vertalen in duidelijke inkomsten is moeilijk. Natuurlijk, Google en Facebook hebben miljarden inkomsten, maar reken dat eens om. Op 900 miljoen gebruikers verdiende Facebook vorig jaar iets van 1 miljard dollar, per gebruiker dus iets meer dan 1 dollar per jaar, geen vetpot. 

We zien dan ook de laatste jaren blad na blad fuseren, verdwijnen, kleiner worden. Zeker in ons segment, waar Dealer Info echt de oudste was (eind 1989 de eerste uitgave)  is de spoeling steeds dunner. We zagen al heel wat concurrenten heen gaan. Minder adverteerders, minder abonnees. Ik verklap geen groot bedrijfsgeheim als ik wijs op ons steeds dunner en minder regelmatig uitkomende magazine. Ook voor ons moeilijke tijden dus en daar kun je een uitdaging in zien, maar is dat realistisch? Zijn we langzamerhand geen blaadje aan het maken voor de laatste der Mohikanen, de overlevers waarvan ik vermoed dat ze net als ik wel eens aan hun pensioen denken? We zijn er nog, ook dit nummer weer en eigenlijk met veel plezier, maar het kan zomaar het laatste zijn. 

De nieuwe golf: supergoedkope minimum-computers: Raspberry Pi 

De miniaturisatie van computer-componenten en met name de SoI (Silicon on Insulator) en SoC (system on a chip) ontwikkeling maakt het mogelijk, complete computersystemen te maken die niet groter zijn dan een visitekaartje en toch vrijwel alle functies van de desktop-PC van eerdere generaties bieden. Als dergelijke systemen ook nog voor een bodemprijs worden aangeboden, zoals nu met de Raspberry Pi voor 35 euro, tekent zich een hele nieuwe golf hobbycomputeren af. 

Voor de computerhandel, die voorlopig nog buitenspel staat, er wordt alleen direct geleverd, zit hier toch een lonkend perspectief in. De zakelijke klant en de gemiddelde consument zal hier niet op tippelen, maar net als bij de gamers zal er wel degelijk een niche-markt ontstaan. Accessoires, tasjes, interfaces, wie zich hier in specialiseert kan een interessante klantenkring bereiken. Maar ook voor uitgevers van boeken, organisatoren van computerbeurzen en andere evenementen zijn hier kansen. Daarom wat meer over een nieuwe trend. 

In zekere zin doet het enthousiasme van de Raspberry gemeenschap me denken aan wat er eind zeverntiger jaren gebuerde, toen de eerste microcomputers op de markt kwamen, eerst als zelfbouwkits, maar met de Sinclair, de Vic20 en de Philips 2000 en later de C64 zette toen de opkomst van het computerhobbyisme in. Homebrew computer clubs, in ons land de HCC kregen enorme aantallen leden, men leerde programmeren en sleutelen en bouwde de meeste fantastische applicaties, binnen de zeer beperkte geheugenruimte van maar enige tientallen KB’s en interfaces die in Bauds rekenden. Toen werd wel de basis gelegd voor een hele ICT-branche, want veel van die hobbyisten vonden uiteindelijk werk en levensvervulling in wat later de PC werd. Zij leerden automatisering en computeren vanaf de basis, begrepen hoe hardware en software werkte en groeiden mee, vanaf Basic naar C++, van MegaHertzen en KiloBytes naar GigaHertzen en Terabytes. Mooie tijden, maar ook vakmanschap dat ondertussen achterhaald is, de oorspronkelijk programmeurs zijn er niet meer, hun trucjes en foefjes vergeten of ingebed in code die niemand meer echt begrijpt. Dat de grote mainframes van banken en verzekeraars nog draaien op oeroude software in Cobol weten alleen de insiders, die dergelijke cruciale systemen nog overeind houden maar ook beseffen, dat ze eigenlijk met dinosaurische systemen werken die hoognodig aan vervanging toe zijn. De stap naar totale vervanging, overgaan op de cloud en moderne programmering is echter zo riskant (en duur) dat men de oude zooi maar zo goed mogelijk, met moderne hardware en opslag, in de lucht houdt.  Programmeren anno 2012 is op een ander niveau gekomen, werken met meer met high level talen, libraries en met heel andere interfaces, met vooral meer beveiligingsproblemen en overwegingen als privacy, die in 1980 nog niet aan de orde waren. 

Maar nu komt er dan, bijna via de achterdeur, een nieuw perspectief, de zelfbouw computer anno 2012 kost qua hardware bijna niks, via internet kun je software downloaden en via een kaartje binnen het systeem brengen en zie, voor een paar tientjes (en de aansluiting op een monitor en toetsenbord die een veelvoud kosten van het rekenhartje, maar je kunt natuurlijk ook een oud dingetje gebruiken), kun je HD-TV kijken. 

Raspberry Pi 

De primaire insteek van de Raspberry-ontwikkelaars was het ontwikkelen van een goedkope computer voor alle kinderen over de hele wereld, die dus niet alleen goedkoop, maar ook universeel moest zijn, niet afhankelijk van dure (OS) software en qua stroomverbruik en aansluitingen moest aansluiten bij wat beschikbaar is. Oude toetsenborden, gebruikte monitoren, en een paar Watt stroomverbruik, dat is zelfs in ontwikkelingslanden nog wel haalbaar.  

Dit Britse initiatief bouwt voort op een traditie daar om op brede schaal ICT-technologie uit te dragen, goedkope modelletjes als destijds de Sinclair hebben heel veel latere ICT-experts op weg geholpen. De BBC heeft daar in het verleden ook zeer veel aan gedaan, in de begintijd van de thuiscomputer was de BBC-micro echt een factor in de acceptatie van computers in het onderwijs en het BBC-literacy project zet dat nog steeds voort. 

De nu in enige honderdduizenden uitgeleverde minimum-computer (de vraag overtreft de produktie) werd in eerste instantie door David Braben  en Eben Upton ontwikkeld voor alle kinderen over de hele wereld. Een vergelijkbaar doel als het project OLPC (One Laptop Per Child), computer onderwijs voor de brede massa. Ondertussen zijn ook andere soortgelijke projecten, maar blijkt de Raspberry een heel nieuwe groep aan te spreken, de hobbyisten en zelf-ontwikkelaars, die geen kant-en-klare tablet of netbook willen, maar zelf gaan sleutelen, ontdekken en programmeren. Een uitdaging, dat is dit supergoedkope dingetje en het slaat aan in onderwijs en bij de knutselaars, waarvan vele ook gewoon een PC hebben en bekend zijn met de gewone applicaties, maar gewoon op een dieper niveau willen knutselen met de digitale basistechnologie. En er kan al heel wat met de Rapsberry Pi, er komen ook steeds nieuwe dingen bij. Dit soort ontwikkelingen moet het vooral hebben van enthousiaste gebruikers en hobbyisten, die hun kennis delen, kortom een community die de verdere ontwikkeling stimuleert en voedt. De Raspberry community (zie http://www.raspberrypi.org/ ) is heel actief, er is een online blad (Magpi) en er is steun vanuit de bredere ICT-industrie. 

Eric Schmidt (Google) “The success of the BBC Micro in the 1980s shows what’s possible. There’s no reason why Raspberry Pi shouldn’t have the same impact, with the right support,” he said. ”It’s vital to expose kids to this early if they’re to have the chance of a career in computing. Only 2% of Google engineers say they weren’t exposed to computer science at high school. While not every child is going to become a programmer, those with aptitude shouldn’t be denied the chance.” 

Innovatie-stimulatie 

Er is al een paar jaar een ontwikkeling, om zeer goedkope computers te ontwikkelen. Naast het idee, dat daarmee de digitale achterstand van kinderen in ontwikkelingslanden kan worden ingehaald (het one laptop per child initiatief) en veel meer mensen toegang tot internet zouden kunnen krijgen, is het ook gewoon een leuke uitdaging. 25 dollar per computer, die dan ook nog standaard taken kan uitvoeren, het is een soort droom voor techneuten, een prestatie op zich. Dat zoiets ook een hele nieuwe golf van ontwikkelingen kan brengen, is dan leuk meegenomen.  Uiteindelijk zijn dergelijke systemen niet erg geschikt als embedded (ingebouwde) controllers, maar voor het ontwikkelen van systemen voor allerlei nieuwe taken zijn ze wel geschikt. Je huis bewaken, de temperatuur van je zwembad, minikasje, bewatering van je tuin, allerlei handigheidjes in huis, robotarmpjes besturen, een keyboard aansturen, allerlei sensors aansluiten en gegevens doorsturen, bewakingstaken op allerlei gebied, ook medisch, met een energiebehoefte van 3 watt of minder en een solarcelletje kun je leuke dingen doen. Nu men ook een camera-module via de CSI-aansluiting heeft laten zien, vergroot dat de toepassingsmogelijkheden, want beeldjes binnenhalen maakt ook beeldanalyse, bewegingsdetectie en nog veel meer mogelijk. 

Men ziet nu, in de industrie en in het onderwijs, ook in dat op een basis-niveau leren spelen met techniek erg belangrijk is voor innovatie, het steeds maar herschrijven van hoog niveau toepassingen zoals Office is leuk maar loopt ook tegen verzadiging op, echt nieuwe dingen moeten komen van toepassingen in heel andere richtingen. Spelen, leren, experimenteren met kleine en flexibele systemen als de Raspberry geeft ontwikkelaars de ruimte zelf op zoek te gaan en nieuwe dingen te ontdekken en te bedenken. 

Historie 

Een handig goedkoop computertje voor iedereen is natuurlijk geen echt nieuw idee. Alan Kay beschreef reeds in 1968 de Dynabook, iets waar we met de pad’s en tablets qua hardware wel naar toe groeien, maar qua software nog steeds niet zijn. Het gedachtegoed van Ted Nelson (de vader van Hypertext) over koppeling en linking van data op een intuïtieve en effectieve manier is met de moderne zoekmachines (nog) niet echt gerealiseerd. Mede door de commercialisering van de zoekmachines zijn die zo “vervuild” dat de “return per click” steeds minder wordt en de ruis toeneemt. Ook echt effectieve educatieve software is er nog nauwelijks, kunnen surfen en tekstverwerken is niet genoeg voor creatief en inovatief computergebruik. 

Ontwikkeling 

De Raspberry is nog in ontwikkeling, nieuwe modules zoals een camera worden aangekondigd, maar er is nog veel te doen. Ontwerpen voor een kastje, maar ook het aansluiten van externe media zoals harde schijven, USB-hubs, WiFi dongles, printers, het porten van applicaties zoals Skype, het oppeppen door overklokken, via de websites en forums wordt er aan gewerkt en wordt de Raspberry eigenlijk met de dag beter inzetbaar. Nieuwe hardware versies zullen ongetwijfeld zaken als PoE (Power over Ethernet), meer geheugen en nog meer HD-kwaliteit gaan brengen, maar op dit moment is het een soort ontdekkingstocht. Die doet sterk denken aan wat er destijds met de Sinclair en de C64 gebeurde, niet alleen ontstond er een hele industrie, maar heel veel gebruikers groeiden uit tot ICT-experts. Ook voor de verdere ontwikkeling van open source software (de Raspberry hardware is niet open source) is deze ontwikkeling van belang. Het systeem is in wezen een GNU/Linux box (die kan draaien met Fedora, Debian, ArchLinux en Ubuntu), maar ook  varianten zoals Python worden geport, waarbij een Windows 8 port overigens onwaarschijnlijk is. 

Alternatieven 

Er zijn andere goedkope computertjes, zelfbouwsystemen en initiatieven voor breed inzetbare onderwijssystemen. Voor een deel zijn die echter vooral gericht op beschikbaar stellen van min of meer standaard (Westerse) technologie en toepassingen tegen een lage prijs, zoals de initiatieven rond de OLPC en de Indiase initiatieven voor goedkope tablets.  Een andere ontwikkeling is verdere miniaturisatie, daar vallen de computer-on-a-usb-stick zoals de Cotton Candy van FXI-Technologies zeker onder. Niet zo goedkoop als de Raspberry, maar dan ook eerder bedoeld voor nieuwe mobiele toepassingen met hardwrae, die veel krachtiger is en vergelijkbaar met die van smartphones en tablets, met een prijskaartje van 200 $ of meer. In China doken als dergelijke stick-computertjes met HDMI-interface op voor 74 $, draaiend onder Android 4.0. 

Zelfbouwsystemen met wat meer pit en opties dan de Raspberry zijn er ook, zoals de PandaBoard ES van 180$, meer een ontwikkel-kaart die Linux en Android kan draaien en via on-board uitbreidingskaartjes allerlei interface biedt, zoals voor robots, onbemande voertuigen of installaties besturen en A/D conversie. De BeagleBoard-xM is weer wat goedkoper, 149 $ en krijgt net als de Raspberry z’n power via usb en kan naast Linux ook Windows CE draaien.  Ook de Gumstix Overo boards zijn bedoeld voor zelfbouwer en experimenten, zijn zeer flexibel te combineren en te koppelen, maar nog meer zijn het bouwstenen voor complexere systemen. 

OLPC 

Een Brits-Amerikaans initiatief is al langer bezig om systemen te ontwikkelen voor het onderwijs, met name in armere landen. De non-profit One Laptop per Child. In het digitale online tijdperk verandert veel, maar de behoefte aan een persoonlijk referentiekader blijft, en dat gaat nu ook via de sociale netwerken, vergelijkingssites, chatten en andere informele communicatie via het internet. In een recent rapport,  ‘The End of Silent Retailing’, deel van de uitgebreide studie van Jones Lang LaSalle’s over Retail 2020, gaat men in op de rol van die sociale media. De dialoog tussen consumenten onderling wordt een wordt voorspeld dat retailmarketing zich in de toekomst meer gaat richten op het betrokken raken bij de dialoog tussen consumenten. Het gebruik van X!\pard\plain {@Body Text = Perfect legale machines worden door slordige Microsoft updates, plotseling illegitieme lastpakken, met steeds maar terugkerende, dreigend gestelde boodschappen. Er iets aan doen betekent bellen, in de wacht staan, zoeken naar de aankoopbon of ergens een sticker vinden, onnodig gedoe, maar eerlijk gezegd leuke handel voor de telefoonbedrijven, de helpdesks en de hele ICT 

Als het ooit zover mocht komen, dat Microsoft een pijnloos, gebruiksvriendelijk, robuust en onkraakbaar operating systeem uitbrengt, is dat waarschijnlijk ook de laatste windowsronde, dus waarom zouden ze?
@H3 = 27 dec 2011 CIA Wikileaks 

De CIA heeft nu een Wikileaks task force opgezet, wel wat laat, want het lekken van gevoelige informatie, foto’s etc. is al jaren aan de gang. Men neemt het nu blijkbaar serieus en gaat volgens de Washington Post nu bekijken welke schade er is aangericht. Assange gaat ondertussen z’n memoires schrijven, leuke kost voor wie de overheden te veel vertrouwde, zonder twijfel gaan we binnenkort ook de Wikileaks musical en film wel zien. De hele kwestie van lekken, klokkenluiders en digitale transparantie vraagt eigenlijk om een heel nieuw rechtssysteem, dat is aangepast aan internet, de internet-economie, de globaliserings tendensen en de kwesties rond auteursrechten. Ooit, nu al 15 jaar geleden, schreef ik daar al eens een artikel over, want zelfs het onderscheid tussen click en clip is juridisch nooit helder geworden. http://www.lucsala.nl/ci/kolom/cliprecht.htm, ik kreeg destijds positief commentaar van Hirsch Ballin, toen minister van justitie. 


27 dec 2011 

De CIA heeft nu een Wikileaks task force opgezet, wel wat laat, want het lekken van gevoelige informatie, foto’s etc. is al jaren aan de gang. Men neemt het nu blijkbaar serieus en gaat volgens de Washington Post nu bekijken welke schade er is aangericht. Assange gaat ondertussen z’n memoires schrijven, leuke kost voor wie de overheden te veel vertrouwde, zonder twijfel gaan we binnenkort ook de Wikileaks musical en film wel zien. De hele kwestie van lekken, klokkenluiders en digitale transparantie vraagt eigenlijk om een heel nieuw rechtssysteem, dat is aangepast aan internet, de internet-economie, de globaliserings tendensen en de kwesties rond auteursrechten. Ooit, nu al 15 jaar geleden, schreef ik daar al eens een artikel over, want zelfs het onderscheid tussen click en clip is juridisch nooit helder geworden. zie 

In de praktijk valt het feitelijke gebruik in het onderwijs tegen, de lokale onderwijssystemen en leerkrachten zijn er niet op ingesteld, het blijft een soort goedbedoelde ontwikkelingshulp die niet aansluit bij de werkelijke behoeften van de rurale bevolking. Het digitale utopisme van de initiatiefnemers haalt de media en trok sponsors aan, maar past niet in de mindset van bijvoorbeeld Afrikaanse moeders, die voedsel en gezondheid als grotere prioriteit hebben dan digitale vaardigheden. 

Van verschillende kanten is het idee van een betaalbare en nuttige kleine computer voor onderwijs en de brede bevolking opgepakt. Bedrijven als VIA kwamen met specs voor minimum-PC’s (VIA-PC1) gebaseerd op eigen technologie en chipsets, maar ook overheden namen initiatieven. In India zijn nu goedkope tablets ontwikkeld, met open source software. De Aakash is zo’n project, geproduceerd door Quad en ontwikkeld door DataWind, draaiend onder Android en ook onder de naam Ubislate op de markt gebracht voor 70$, maar in India gesubsidieerd geleverd aan studenten voor 35 $ of zelfs gratis. Het is een 7 inch, ARM-11, 256 MB Ram ding dat draait onder Android 2.2. 

Mooi binnenlopen en toch onderuit 

Facebook ging naar de beurs en kreeg even een gekapitaliseerde marktwaarde van 96 miljard $, er werden even wat mensen erg rijk, maar dat klapte behoorlijk in, na een week nog maar 30 beurskeurs ipv 38, teleurstelling alom. Speculanten voorop, die snelden natuurlijk naar de beurs, er zou voorkennis zijn, de insiders verdienden wel, de sukkels krgen de citroenen. 

Maar ook in de brede ICT is de te veel gehypte beursgang van Facebook een signaal, men ziet een tweede internet bubble al klappen, ook andere beursgangen zoals van Groupon waren overdreven en zakten weg, omdat men de zaak bleek te hebben opgeblazen. Daar werkte iedereen mooi aan mee, want er viel wat te verdienen en nu zijn de druiven zuur, voor de beurs, de speculaten en de pers, die het mee omhoog blies. Ook in ons land waren er journalisten die niet helemaal zonder eigenbelang, Facebook de hemel in prezen, maar nu komt de terugslag. De vraag is of de nieuwe internet-bedrijven zoals Facebook wel staying power hebben. Voor Google, dat concurrenten als Yahoo wel wegblies, is dat minder de vraag, maar Facebook is een specifiek social networking fenomeen, met een beperkt verdien model. Vorig jaar kwam er 1 miljard binnen aan advertenties, maar bij een beurswaarde van 60 miljard is dat maar net 1,4% rendement. Bij 900 miljoen Facebookers is de gekapitaliseerde waarde nog wel zo’n 65 dollar per Facebooker, en was de verwachting dat die op termijn zo’n 10 tot 12 dollar per jaar aan winst gaan opleveren, bij een omzet van missschien 15-20 dollar als Facebook zich niet te dik maakt, maar dat zou dan 10-15 miljard omzet betekenen en dat haalt men nu nog lang niet. Het gaat op termijn om de omzet aan clicks, advertentieinkomsten, directe verkoop van Facebook spul, marketinginformatie etc. Dat is eigenlijk niet zo veel, voor een krant, waar adverteerders ongeveer 1/3 tot de helft betalen, is dat per jaar al gauw honderd euro of meer, dus misschien is die beurswaarde van Facebook wel realistisch. Het hang af van het ontwikkelen van het business model en in feite van de ontwikkleing van de marktverhoudingen, zeker met Google en Amazon, die allemaal in dezelfde vijver wissen en persoonlijke data als handel zien, om meer te verkopen of die gegevens door te stoten. 

De diepere vraag is of Facebook (of Hyves etc.) iets biedt, waar men op termijn belangstelling heeft en daarvoor zou een diepgaande analyse van de gebruikspatronen van faebookers nodig zijn. Op basis van eigen ervaring denk ik, dat na een half jaartje fanatiek Facebooken voor de wat oudere gebruiker de lol er wel van af is, voor jongeren kan het wat langer duren. Maar is er na zeg 24 maanden nog wel een echte band met je Faecbook identiteit, of verveelt het dan. Zoland er nu nog groei is in nieuwe gebruikers (en die is er nog steeds), kan Facebook mooie cijfers laten zien, maar blijft dat doorgaan? Zijn de volgende miljard facebookers ook zo actief en wat kalft er af aan de achterkant? Eigenlijk dus de vraag, of sociale netwerken wel echt in een blijvende behoefte voorzien, ik persoonlijk heb daar altijd aan getwijfeld. Dat ook Facebook nu bezig lijkt een eigen smartphone te ontwikkelen, is ook wel een signaal, dat men daar druk over een ander verdienmodel nadenkt. 

Heen en weer 

De economie gaat op en neer, de beurs zoemt rond de 300 en lager, over de Griekenland exit alleen geheime nota’s, maar het gaat natuurlijk een keer fout, en dat betekent een klap voor de euro, terwijl de dollar en de VS economie het niet slecht doet. In ons landje gaan we nu de crisis te lijf met een huizenpact, dat komt neer op hogere huren en dus minder besteedbaar inkomen, de consument geeft al 2,5% minder uit, maar dat gaat heus verder, vakantie, eten, cultuur en ict, we gaan besparen. Het verhaal van de marktconforme huren is totale onzin, de woningcorporaties proberen alleen hun speculatieverliezen af te schermen. Een nieuwe huis kan gebouwd worden voor 100.000 (klein) tot 150.000 (eensgezins) (net als in Polen, Belgie etc.) alleen hebben de gemeenten, de corporaties en de aannemers allemaal te veel mee willen eten. Dan is een basishuur bij 5% iets van 450-650 euro en niet de 700-900 die men nu marktconform vindt. Want een Aow-trekker kan dat niet meer betalen, werkelozen niet en bijstandtrekkers al helemaal niet. Dus gaan we weer toeslagen en subsidies bedenken, maar de huizenmarkt is gewoon fundamenteel opgekrikt door enerzijds die corporaties die niet bouwden en door de banken die maar hypotheken gaven. Dus is de oplossing? Accepeteren dat de huizenprijzen nog eens met 25% omlaag gaan (en meer), voor de grote kasten is dat al realistsich sinds de wet Bos de aftrek al om zeep hielp. Allemaal slikken, de banken afboeken, maar dan is er weer een gezonde situatie. De corporaties moeten beginnen, met goedkopere huizen aanbieden, dan klapt de markt wel, en gaat de hele zaak schuiven en weer op gang komen.En niet denken over meer bouwen, een sloopbelasting, die moet er komen, over 5 jaar is het huizenoverschot anders dramatisch en de prijzen geen 25, maar 60% lager. De zaak is uit balans, net zoals nu met de winkelleegstand en zakelijke panden die maar leeg staan. 

Niet alleen de consument is het moe en zat en begrint nu seriues te bokken, de stemming onder ondernemers in de industrie is volgens het CBS in mei verder verslechterd. Het producentenvertrouwen kwam uit op -5,0 tegen -3,3 in april. Het sentiment is in de eerste vijf maanden van 2012 gestaag verslechterd. Het oordeel over de orderpositie verslechterde aanzienlijk. Deze indicator zakte tot de laagste stand in twee jaar tijd. Daarnaast verslechterde het oordeel over de voorraden iets. De verwachting over de productie in de komende drie maanden was net zo somber als vorige maand.
Het aantal ondernemers dat de waarde van hun orderontvangsten in de afgelopen drie maanden zag toenemen was, net als vorige maanden, kleiner dan het aantal dat de waarde zag afnemen. De index orderpositie (orders uitgedrukt in maanden werk) nam af en kwam uit op 100,1. Het aantal ondernemers dat verwacht dat de personeelssterkte in de komende drie maanden zal afnemen was beduidend groter dan het aantal dat een toename voorziet. Nou, geen opwekkend beeld dus, dat wordt een hete zomer!! 

De Poppetjes in de politiek 

Let op, dit is een informele maar tamelijk verstrekkende ranking van de politici! Het gedoe over verkiezingen doet de broodnodige versobering en beperking van de staatsschuld helaas geen goed, we gaan weer poppetjes kijken, zien wie zich profileert, wie de media het leukst bespeelt, hoe de hazen lopen. De politici roepen nu nog dat er eerst nog even orde op zaken gesteld moet worden, maar daarom klapte de zaak nu juist. 

Ik vind het altijd jammer, dat we eigenlijk niet weten wie die kandidaten nou eigenlijk zijn, in de media zien we voorgekookte peptalk, iedereen houdt z’n masker op. Iedereen die een baantje wil wordt getest, hier is er alleen een soort intern onderzoekje van de partijen. Waarom is er geen lijstje met wat meer persoonlijke gegevens? 

Laat ik een poging doen, schattenderwijs natuurlijk en intuïtief, IQ is intelligentie, EQ is emotionele (en sociale) intelligentie en invoelen, PQ is politiek gevoel (onderhandelen, inschatten, steun krijgen), MQ is management kwaliteit (denk aan functioneren als minister). De cijfertjes zijn relatief, maar geven een indicatie en zijn natuurlijk mijn persoonlijke mening, ik heb de heren en dames niet op de testbank mogen leggen. 

Rutte IQ 132 EQ 190 PQ 120 MQ 40, 

Wilders IQ 138 EQ 40 PQ 200 MQ 30, 

Verhagen IQ 129 EQ 55 PQ 90 MQ 70, 

Samsom IQ 131 EQ 105 PQ 30 MQ 110, 

Roemer IQ 129 EQ 205 PQ 110 MQ 120, 

Pechtold IQ 132 EQ 105 PQ 100 MQ 50, 

Sap IQ 129 EQ 110, PQ 40 MQ 35. 

en vooruit: 

Asscher  IQ 134 EQ 70 PQ 110 MQ 90. 

Vage cijfertjes misschien, maar dacht u ook niet  dat Wilders niet de domste van de klas was en Roemer ook wel een sociaal mannetje? Het gaat om de relatieve scores, vergelijk ze maar eens! Conclusies trekken is moeilijk, maar Samson gaat het niet echt redden, lijkt me, Sap mist ook politiek gevoel, Verhagen met z’n politieke kunstjes kan stuk lopen op z’n gemis aan sociaal gevoel, en Wilders kan beter geen minister worden en dat aan anderen overlaten. 

Sloopbelasting 

De zaak is geklapt, Wilders haakte af, schatte z’n kansen in en heeft waarschijnlijk een hele zomer ingepland met opzienbarend acties. Anti-Europa wordt een hot item, niet alleen in Nederland, ook in Frankrijk speelt dat heftig. De vraag is alleen of Wilders de “Piraten” goed inschat, dat zijn ook ontevredenen en in Duitland slaat die beweging aardig aan. 

Maar vooruit, er komen verkiezingen en dus tijd voor nieuwe inzichten. Mijn suggestie is om een sloopbelasting in te voeren. Op termijn hebben we in Nederland te veel huizen en kantoren, en leegstand leidt tot verkrotting en een ongezonde onroerend goed markt. Dus waarom huiseigenaren en woningcorporaties geen sloopbelasting opleggen, bijvoorbeeld vanaf  75 jaar oplopend en voor kantoren 50 jaar, maar ook met een slooppremie als men dan of eerder afbreekt of fundamenteel renoveert danwel qua bestemming wijzigt (kantoren naar studentenflats b.v.). Wie niet sloopt betaalt, wie sloopt maakt ruimte voor ecozuinige nieuwbouw of groen. 

Zo’n maatregel kan begrotingsneutraal, kosten en baten gelijk, maar wel met een stimulans voor de bouw en betere afstemming van bouwmaterialen, het hoeft niet meer voor de eeuwigheid. Afschrijven in 75 jaar en dus het opnemen van onroerend goedwaarde in balansen is dan een neveneffect, in Duitsland werkt dat goed en in ons hypotheekrente aftrekmoeras zou het ook helpen. Uitzonderingen zijn natuurlijk monumenten en bijzondere gebouwen. Die sloopregeling kan per regio nog worden aangepast, en zeker voor leegstaande kantoren dan snel effectief worden. In een stad als Amsterdam met hele verouderde wijken, zonder liften en niet passend bij onze vergrijzende alleenwonerscultuur zou zo’n regeling verfrissend kunnen werken. Opruimen en waarom dan niet wat meer parken, seniorenvriendelijke woningen en herbouw vooral voor de urgentiegroepen. Nu wordt er niet gebouwd, alleen verschoven en verkopen de corporaties vooral de woningen (parterre met tuin) die het meest gevraagd (en nodig) zijn. 

Een dergelijke regeling, die dus uit belasting én premie bestaat, vraagt een fundamentele beslissing, een omdenken qua woningbouw en ruimtelijke ordening beleid. Maar is dat niet hard nodig, nu in het Oosten en Zuiden van ons Land dorpen en steden leeglopen, en de steden steeds duurder en onleefbaarder worden? Eerst slopen voor bouwen, een mooi devies voor de wie durft in de verkiezingstijd! 

Telecom ellende 

Zo, ze kregen het niet voor elkaar, in het Catshuis en nu dreigen verkiezingen, en verlies van de triple AAA-status voor onze staatleningen en dus nog meer ellende en tekorten. We zitten nu al op 4,6% en zijn dus Europees flink over de schreef. Maar we zullen zien, Wilders houdt wel van wegloop-onderhandelen en komt vaak weer terug, even de polls afwachten. 

Wat betreft onze branche. De mobiele operators zijn in paniek, proberen stukjes te verkopen, zoals KPN nu in Belgie, terwijl T-Mobile (Deutsche Telekom) na het mislopen van de AT&T deal in de VS nu ook haar nederlandse operatie te koop zette. Er gingen al heel wat topmanagers weg, maar er blijkt dus meer aan de hand. Voeg daar de ellendige storingen van mobiel internet en andere diensten van de providers aan toe, en de crisis begint zich af te tekenen. Bespaart men te veel op onderhoud, vallen d einkomsten uit mobiele data nog meer tegen, zijn de kabelaars (met door het opgeven van analoge TV doorgifte flink wat bandbreedte) via Wifi te lastig, in ieder geval zit het goed fout. Het is wel grappig, dat de managers die deze scheefgroei hebben laten ontstaan, ondertussen met dikke bonussen weg zijn. En ach, als Eric Scmidt van Google over 2011 maar even 77 miljoen euro incasseerde, wat zeuten wij dan over een miljoentje hier of daar aan bonussen. 

Aan de kant van de fabrikanten is het ook ellende, behalve voor Apple dan, Nokia maakt miljardenverliezen, verkoopt niet genoeg (zo’n 30% terugval in geld) en ontsloeg dan ook VP sales Colin Giles., terwijl Microsoft juist boven verwachting lekker door blijft verdienen en met Windows8 en een nieuwe Office naar een nieuwe cyclus toegaat, dus nog vettere omzet en winst in het vooruitzicht heeft. 

Jack Tramiel 

Jack Tramiel is op 83 jarige leeftijd overleden.Dat doet herinneringen bovenkomen, aan de gloriejaren van de C64 en de Amiga, aan Atrai daarna, aan de tijden van de homecomputer en de hobbyisten.  Ik heb Jack Tramiel vele malen ontmoet, ben ook op z’n ranch geweest en naast z’n egotrip als Commodore (en Atari) baas waarbij hij op persconferenties en beurzen nogal nadrukkelijk de baas was, heb ik ook een andere kant van Jack mogen zien.  

Hij was zeer begaan met de ziel van zijn nieuwe thuisland, Amerika en betreurde het, dat in de Amerikaanse huiskamer steeds minder Amerikaanse produkten waren. Hij zag in, dat het zelfvertrouwen en de eigenwaarde van een natie gevoed moest worden, en probeerde met zijn producten daar iets aan te doen. Dat inzicht, gaf hij toe, had te maken met z’n oorlogservaringen (als jonge jongen overleefde hij Auschwitz) en hoe het mis was gegaan in Duitsland en Polen. Hij was daar zeer bewogen over, was zeer genereus (in stilte) in het steunen van eigenwaarde initiatieven in Amerika en Israel, betreurde de overdreven materiele instelling van z’n zoons (die vooral Ferrari’s kapot reden) en was de eerste grootindustrieel die ik tegenkwam, die echt had nagedacht over de grote filosofische vragen, en daar ook naar probeerde te leven. Jack Tramiel heeft me meer gegeven dan z’n computertjes (waar ik eerlijk gezegd zeer goed aan verdiend heb via Commodore Info), hij liet zien dat hij een ‘mensch’ was, iemand met hart en ziel, gelouterd door z’n ervaringen, maar niet verbitterd. Vergeleken met Steve Jobs, nu de cyberhero, was Jack ook een mega-ondernemer, maar zeker niet minder qua inzicht en succes, twee keer een miljard dollar bedrijf in de markt zetten, hij was een ware pionier in de home-computertijd. 

Luc Sala (ooit hoofdredacteur van Commodore Info, Atari Info etc.) 

Gaat in 2012 alles onderuit? 

De business verandert en dat gaat soms veel sneller dan men denkt, de sprongen die de beurs maakt geven wel aan, dat het snel kan gaan, vooruit en ook achteruit. Bedrijven als KPN, Nokia, TNT Post, TomTom en RIM merken dat, soms met zeer pijnlijke gevolgen. Maar ook de supernova’s van het cybertijdperk moeten oppassen, zo zien we Groupon onderuit gaan, en wie denkt dat iedere Facebook gebruiker zo’n honderd dollaar waard is (want daar komt een beurs waarde van 100 niljard op neer) en dus een winst van zo’n netto 5 dollar zou moeten opleveren krijgt misschien een andere perspectief dan de IPO-speculant, die alleen naar de koerswinst op korte termijn kijkt. 

Kleine verbeteringen of veranderingen kunnen het business-model van een bedrijf snel aantasten, ten goede zoals destijds de opgang van de sms voor de telco’s, maar nu blijkt dat apps zoals Whatsapp, Facebook Messenger en Kakotalk enorm veel sms-omzet gaan kosten, volgens Ovum 23 miljard dollar wereldwijd. Zo’n hap uit de omzet, in een industrie waar alle vette grapjes zoals intenrtionaal bellen en roamen ook al worden aangepakt of weglekken naar Skype-achtige diensten, vreet de basis weg van het hele telco-spelletje. De privatisering van de telecom-industrie was toch al een zeperd en opgezet en gefaciliteerd door politici die er zelf voordeel in zagen, zoals toen minsiter Neelie Smit-Kroes, maar nu zien we echt een fundamentele aantatsing van het businessmodel. Met slinkse maatregelen, zoals beperken van het datadebiet, verhogen van datatarieven, afronden van belminuten, moeilijk maken van overstappen of opzeggen, en het aanbieden van ondoorzichtige extra-diensten probeert men het tij te keren, maar gaat dat werken. KPN moet toch wel voelen dat de markt dat gedoe zat is, en laat dochter Telfort nu zogenaamd “eerlijke” abonnementen aanbieden zonder subsidies en verkapte kosten. Dat zou een golf ontevreden gebruikers kunnen lokken, maar echt eerlijk wordt het pas, als we zouden weten welke rekenmodellen de telco’s gebruiken bij hun zogenaamde subsidie-bundels, wat is de rekenrente, welke echte looptijd bereikt men omdat veel mensen vergeten op te zeggen, wat is de restwaarde van de hardware, hoeveel extra inkomsten pakt men per abonnement door bundeloverschrijding, fair use opzeggingen, internationaal verkeer, roaming, of het woud aan zogenaamde slimme deals? Ik ken alleen maar teleurgestelde gebruikers, als men gaat uitrkenene wat er echt is betaald over zo’n tweejarig abonnement, maar ook veel, vaak wat oudere sukkels die al vijf jaar blj met een “gratis” telefoon bellen en niet beseffen, dat ze per maand twintig euro of meer voor niks betalen. 

De beurs gaat op en neer, maar de economie, zeker op MKB niveau, wil maar niet doorstarten. In Duitsland gaat het iets beter, maar hier houdt iedereen de adem in, bespaart en bezuinigt en zeker nu de overheid nog eens heel hard gaat snijden, betekent dat voor de ICT zeker geen goed 2012. Het optimisme aan de beurs, mede gebaseerd op goede cijfers van grote bedrijven, zegt volgens mij niet zoveel over wat er op straat gebuert, en de huizenmarkt is zeker nog niet aan het herstellen, en dat is de kurk waarop we de afgelopen twintig jaar lekker hebben uitgegeven. Nu de rente langzaam stijgt gaat daar meer pijn komen, vrees ik, en nog minder beweging in die markt. Dat gedoe over d ehypotheekrenteaftrek, begrijpt nou werkelijk niemand (behalve de accountants) dat die aftrek via het huurwwaardeforfait (wet Bos) boven het miljoen al helemaal is afgeknepen (langzaam oplopend tot 2,35%, dan is er geen aftrekvoordeel meer). En de politiek? Die rommelt lekker door, Wildersje pesten, maar dat helpt de economie toch niet? 

De PvdA heeft Samson op het schild geheven, maar weer op zo’n halfslachtige manier, dat ook hij eigenlijk geen faire kans maakt ook echt als leider van de bedreigde sociaal-democratie erkend te worden. De theedrinker is weg, ik suggereerde al toen hij aantrad als beoogd premier dat een baantje als staatsraad hem beter paste, maar de warrige regentengeest van onze toch tot in de onderbuik erg Amsterdamse sociaaldemocraten is gebleven. Wie hees hem op het schild, wie liet Bos daarmee (en met een hele hoop andere ellende) wegkomen, wie liet meester van der Laan z’n gang gaan? Nu hebben we naast Samson ook Asscher als bejubeld, maar onbewezen schaduwleider, Eberhard zelf als best geklasseerde en ervaren spielmacher, maar het zijn would-be admiraals op zinkend bootjes van een stuurloze vloot. Door niet te erkennen welke negatieve ellende, zeker in Amsterdam, generaties regenteske egotrippers hebben veroorzaakt, maakt men alleen maar de weg vrij voor de wijzers, niet de wijzen, voor de schuldschuivers die naar de ander wijzen. De stembus geeft hen gelijk, maar dat komt vooral omdat er geen alternatief is, geen heldere lijn in wat men nu de oppositie, en ooit de macht van het volk noemde. 

Ontzorgen 

Het klinkt mooi, de basis van de dienstverlening is ontzorgen, daar kun je van alles aan ophangen. Even afgezien van het foute Germanisme, entsorgen is heel iets anders, is het een begrip dat wel aanspreekt, en in ieder geval weer eens doet nadenken over de functie van niet alleen de retailer, maar ook van het hele distributiekanaal en de providers. We zitten langzamerhand in de IT en zeker in de Telecom met een zo gecompliceerd aanbod aan hardware, software en diensten, dat de gebruiker of klant het spoor bijster is. Een recent onderzoek onder het MKB gaf aan dat meer dan de helft van de bedrijven geen overzicht meer heeft en niet weet of ze nog wel een zinvolle deal hebben betreffende de telecomdiensten, mobiel en internet. Kansen dus voor de onafhankelijke telecom expert en als de retailer die rol op zich kan nemen is dat toegevoegde waarde. Helaas zijn de ketens tegenwoordig allemaal direct of indirect gerelateerd aan specifieke providers en is de klant terecht wat wantrouwig geworden. Is het tijd voor een gilde van onafhankelijke telecom-adviseurs? 

Ontzorgen, het klinkt leuk, maar de klant staat wel erg vaak in de kou. KPN maakte het bont, moest noodgedwongen email verkeer aflsuiten, maar ook Vodafone had door brandschade nogal wat problemen. We moeten het accepteren, want het is overmacht, maar net zoals bij de NS worden we het wel zat, en wordt het langzamerhand een politiek verhaal. Onze afhankelijkheid van cyberspace is zodanig, dat het overlaten aan de vrije markt van dergelijke cruciale diensten weer een discussiepunt wordt. De collateral damage, het feit dat je webwinkel omzet verliest, medische afspraken in het honderd lopen, je emails in rook opgaan of je gewoon dagen niet kunt werken wordt steeds meer een probleem, waar de overheid ongetwijfeld iets aan moet gaan doen. Net als bij stroomstoringen, ernstige trein- en vluchtvertragingen moet er een helder systeem komen van vergoedingen bij dienstenuitval, en daardoor meer aandacht bij de providers voor ongestoorde dienstverlening. De reputatie van de providers, die hun afnemende sms- en spraakinkomsten proberen te compenseren met steeds duurdere data, beperkingen van fair use en slimme constructies, wordt steeds slechter, niet alleen op de beurs. Men zakt af naar het UPC-niveau van een decennium geleden, terwijl het nu juist de Ziggo’s en UPC’s zijn die profiteren van het uitwijkgedrag van smart gebruikers, die liever een Wifi plekje opzoeken dan dataverbruik te generen via hun 3G abonnement. Het ontwijkend gedrag van de consument, die als water naar de goedkoopste (laagste) kosten vloeit, is ingrijpend voor de providers. Whatsapp kost al enorm veel sms-verkeer, maar het free for all xmpp protocol dat daarvoor gebruikt wordt zien we terug in allerlei diensten zoals Skype of facebook, die ook texting/messaging bieden en dus text-verkeer terugbrengen tot datapakketjes en zo de sms-tik vermijden. Data versturen wordt steeds goedkoper, en kan sneller, de glasvezel-aanbieders verdubbelen al de aangeboden transmissiesnelheden  Daarmee wordt ook de behoefte aan 4G of LTE minder, logisch dat in Europa de providers aarzelen om te investeren in LTE, gaat dat nog wel opleveren? Overal gratis wifi is geen droom, via het fon-systeem waarbij een wifi-router een deel van de capaciteit als gratis publieke wifi aanbiedt kan de behoefte aan mobiele 4G verbindingen afnemen. In ons land wordt fon op een of andere manier tegengehouden, maar in Belgie, Franrijk en Scandinavie is het vrij populair en kun je via fon-routers op veel plaatsen gratis internetten, als je tenminste zelf ook fon-aanbieder bent. 

Ontzorgen, het klinkt leuk, maar het lijkt haast wel alsof de industrie juist de andere kant uitgaat. Microsoft bijvoorbeeld stuurt leuke automatische updates rond voor Windows 7, maar daardoor komt het vaak voor, dat bij kleine aanpassingen zoals een extra harde schijf, het OS daarna illegitiem wordt, met nare boodschappen in beeld. Daar kun je niet zomaar iets aan doen, dat wordt bellen en gedoe, maar in feite verstoort Microsoft op afstand je perfect legale systeem. En als je dat overkomt op vakantie, in een verland plotseling je laptop raar gaat doen, dan heb je een probleem. Neem HP, dat is zo’n geval keurig aangeeft dat je via een 0900 nummer de zaak kunt aankaarten en laten oplossen, maar helaas, vanuit het buitenland werken 0900 nummers niet. Laat je dan iemand in Nederland voor je bellen, even skypen kan nog wel, en om een normaal nummer (landlijn) voor de service te vragen, dan past dat niet in het protocol en laat men je stikken. We geven geen ander nummer, bel maar met HP in Bali, India, Spanje etc. Ja, ja, in welke taal dan wel? Dit soort lastige kwesties, die neerkomen op een onflexibele klantbenadering, leiden tot imagoschade. Zo iemand koopt geen HP meer, vertelt het rond, schrijft er over, en dat kost uiteindelijk meer dan wat flexibiliteit in de call-center problematiek. Niet of niet goed werkende systemen blijven namelijk wel staan, en vormen een soort stille aanklacht. Zo ontstond ook het imagoprobleem van Dell in het onderwijs waarbij er her en der hopen niet goed werkende Dell hardware de boodschap uitdragen, dat Dell niet te vertrouwen is. Die boodschap wordt mee naar huis genomen en het leuke direct-aan-de-consument model van Dell brokkelt zo steeds meer af, wie wil spullen waar de garantie niks voorstelt en reparaties blijkbaar te moeilijk te regelen zijn. Dat heeft niet zozeer met de kwaliteit van de Dell hardware te maken als met hun service- en garantie-aanpak. 

Ontzorgen, we krijgen weer de vakantietijd en heel veel mensen willen dan toch hun email overeind houden en gaan via allerlei devices, internet cafe’s en hotelbakkies zitten webmailen. Maar wat blijkt, de providers vinden het weer tijd voor een update, passen hun webmail-programma’s aan aan de nieuwste browsers en met steeds meer beveiliging, maar vergeten dat die bakkies in Katmandu of op Bali nog draaien op hele oude browsers en OS-en. Dat gaat dus leuk mis, zo paste Tele-2 onlangs wat aan, maar stuurde daarmee de netbook-Ubuntu gebruikers het bos in. Wel email lezen, maar niet meer kunnen sturen en denk dan niet, dat er ergens op de website van Tele-2 een normaal telefoonnummer te vinden is. Dood-spoor, ontevreden klanten, dat is niet ontzorgen, maar zorgen bezorgen. 

Onze quasi gedienstige help-desk organisaties blijken vaak extreem star, geven geen ontsnappingsmogelijkheid, het protocol staat vast en de vriendelijke jongeman aan het toestel mag daar niet van afwijken, durft dat niet of is feitelijk een moderne technoslaaf ergens in een vreemd land. Hier protesteren we daar nog niet erg tegen, in Frankrijk waar men veel service-desk werk uitbesteedde aan Franssprekende landen als Marokko en Algerije, weigeren de klanten nu vaak zaken te doen met medewerkers met een accent, alleen echte Fransen worden geaccepteert. Ontzorgen, ik vind het een mooie kreet, al was het maar omdat we in onze samenleving met dat zogenaamd ontzorgen het meestal alleen maar moeilijker maken, de belastingdienst voorop. 

Het lonkende Oosten 

Valt er in verre landen, met name Azië nog wat te verdienen voor de blanke industrialisten? Dat is een vraag die bij een stagnerend Westers neoliberaal model gesteld mag worden. Kunnen we nog wat afzetten, in goederen, diensten of entertainment, of is het tijd om juist een dam op te werpen en weer lekker protectionistisch de actuele, virtuele of online werkkracht uit het Oosten buiten te houden?  Convergeren we naar een globale economie, of divergeren we en ontstaan (of groeien) er  cultureel-economische sferen die minder consumptief en materialistisch opereren. 

De opkomende markten, het is een mooi perspectief en ongetwijfeld zullen de miljarden die nog niet zijn ingelijfd in het neo-liberale kapitalistische systeem nog heel wat auto’s, televisies, computers en andere goederen gaan afnemen, dat valt niet tegen te houden. Wel maken ze het liever en goedkoper zelf,  en omdat daar ook olie, gas, zeldzame aarden en andere grondstoffen voor nodig zijn, zullen de prijzen daarvan ongetwijfeld nog flink stijgen. China, India, het waren en blijven voorlopig wel groeiende economieën, maar blijven het afzetmakten voor ons, en hoe staat het met de kleinere landen. In hoeverre zijn de verhalen, dat we de verzadiging in de Westerse markten kunnen compenseren door de afzet daar een illusie? Bedrijven als Nokia, die toch duidelijk de Westerse touch-boot misten, willen nu de laatste miljard smartphones gaan verkopen in India, Indonesië, Birma en natuurlijk China. Dat klinkt mooi, en omdat het gaat om Verweggistan geloven wij, de media, de aandeelhouders en de banken, dat misschien wat al te gemakkelijk. Natuurlijk is het logisch, denken we, dat ook in Azië hele velden windmolens neergezet kunnen worden, atoomcentrales nog een plek kunnen krijgen en de jongens en meisjes die bij Foxconn de iPad’s in elkaar zetten, zelf ook zo’n ding willen hebben. De goedkope werkkracht van de miljoenen daar is nog steeds aantrekkelijk, offshoring en sweatshopping blijft booming, maar daarmee besparen we alleen op werk hier, en maken de industrie hier niet sterker en verarmen onze eigen dienstensector. 

Vergelijken 

Ik maakte dit voorjaar een reis door Azië, bezocht Maleisië, Bali, maar ook de Emiraten en probeerde in te schatten hoeveel handel er nu eigenlijk nog in het verschiet ligt, of er nog wat neo-koloniale mogelijkheden zijn en waar de beperkingen liggen. Valt er nog wat te regelen, wat Westerse know-how te exporteren, die arme luitjes nog wat moderniteit bij te brengen, in ruil voor goedkope arbeidskracht en misschien wat exotisch vakantieplezier? Ik weet dat ondertussen kleren, computers, elektrische fietsen, iPads en smartphones van daar komen, Kmart haalt het merendeel van z’n spullen uit China, maar Mercedes en Porche lukt het toch ook daar goede zaken te doen, welke kansen liggen er nog? In uitbuiterige zin is er natuurlijk nog wat te versieren, seks, drugs, sweatshops, slim de tekortkomingen van de lokalo’s exploiteren. Wij Nederlanders waren er altijd goed in en een bestaan als neo- danwel smart-kolonialist in Abu Dhabi, Kuala Lumpur of op Bali is nog steeds mogelijk, de toean besar leeft! Neem de software, de organisatiestructuren, de financieringsmodellen of de bouwtechnieken van het Westen mee, zet die daar handig in, en er is nog grof geld te verdienen. Vooral waar de Westerse sfeer overlapt met de exotische, zoals in het toerisme of de bouw van ultra-indrukwekkende projecten (zoals de toch wat zielige Palm in Dubai) rolt het geld nog wel. De vraag is of er fundamenteel een omslag is, en welke richting die dan uitgaat. Is er sprake van convergentie of divergentie, niet aan de oppervlakte, maar in de sociaal-psychologische diepte. Alleen naar de materiële oppervlakte kijken, het aantal scooters, smartphones en legale Windows licenties tellen klinkt leuk, maar zegt niet veel. Als je dan in zo’n super shopping mall in Dubai gaat kijken welke hardware men gebruikt in de internet-cafe’s, dan is dat paradoxaal, daar zitten emirati (de Arabieren van de UAE) met dure (of valse) Rolexen naast zwartgejurkte boerkadraagsters te werken op echt achterlijke hardware, draaiend onder Windows 98 of Millenium Edition. Facebook, surfen, chatten, Skypen, maar echt werken of leuk aandelen (ver)-kopen is er niet bij, daar heb je toch een kantoor voor met Westerse huurlingen. Ook in hotels is de hardware gebrekkig, waar de kamers allemaal digitale platschermen hebben, is het backoffice tevreden met wat werkt, met af en toe een schop of klap op het systeem als dat hapert. De luxe hotels hebben moderne spullen, maar het merendeel van het MKB weet van computers, werkt er ook mee, maar zijn zeker niet de gebruikers van de nieuwste software of hardware. Het is rommelen en er zijn ook geen echte computerzaken of dealers, het is allemaal een kwestie van mannetjes en kennissen en ritselen. In de grote shopping malls zijn wel outlets voor CE, mobiel/smart en computers, maar de clientèle daar is vooral de toerist, dus er zijn geen desktops te vinden. Dan valt ook op dat eind maart Nokia nog geen Windows 7 smartphones verkoopt, want er was nog geen Arabische software en ook de nieuwe iPad moet daarom nog even wachten. Voor de verkoop aan toeristen zijn ze er wel, maar geen lokaal aangepaste modellen. Dan vraag ik me af, hoe serieus is Nokia, want een groot deel van de volgende 1 miljard smartphones zal toch lokaal aangepast moeten zijn, in schrift en taal. Zouden die duizenden Nokia werknemers die nu op straat staan, daar niet nuttig kunnen worden ingezet? Of is dat verhaal over opkomende markten leuk voor de bankiers, media en analisten, maar gelooft men er zelf niet echt in? 

Golf-overmoed 

De Emiraten zijn steeds vaker een vakantiebestemming, maar wat men te bieden heeft is erg Las Vegas plat vertier, minus de seks dan. Enorme hotels, waar je voor een kwart van de listprice ook terecht kunt via internet, met veel familievertier en musea en aquaria en koopparadijzen in-house, zoals het tegenvallende Atlantis op de Palm. Amerikaans, plat, alles gericht op uitgeven, en dat liefst alles gekoppeld en door elkaar lopend. Zoiets als een publiek strand is er niet op de Palm, je kunt langs de heel blauwe zee rijden, meer niet. Overdreven bouwwoede, veel leegstand, geruchten over een financiële Golf-crisis omdat er te veel geleend is (vooral Dubai staat in die zin onder water), bijna lachwekkende pogingen om het beetje historie op te peppen tot bezienswaardigheden en musea; kunst als investering en niet als ervaring, gaat dat zien! Niet om nog eens terug te komen, want in de Burj Khalifa naar de hemel liften op de 110e verdieping of nog hoger doe je ook maar één keer.  De Emiraten zijn een typische elitocratie. De rechthebbende Arabieren zijn arrogant, de rest is werkvolk of erger en alleen als ze duur Westers gekleed zijn een blik waardig. Corruptie is er van hoog tot laag, de moeilijk opeisbare miljarden die de heersers te overmoedig investeerden zijn de top van een wankele ijsberg. Je krijgt een beetje een Spaans Costa gevoel als je in Dubai de Sheikh Zayed hoofdweg met die enorme wolkenkrabbers afrijdt, want te veel staat leeg, te huur of wordt niet afgemaakt. 

Abu Dhabi, waar ze veel meer olie-inkomsten hebben dan in Dubai, is wat rustiger, minder heftig gericht op business, en eigenlijk een veel aardiger stad. Ruim opgezet, maar minder karakteristiek. Die paar grote moskeeën zijn indrukwekkend, maar van staatswege is er iedere paar honderd meter wel een gebedshuis neergezet, de muezzins kun je niet ontkomen. Er is een vriendelijker sfeer dan in Dubai, de minderheden hebben meer hun eigen plekken en je kunt er dus leuk Indisch of Philippijns eten. Het is een winkelparadijs qua prijzen en aanbod, en wie goud wil kopen trekt dat even uit een automaat. Gouden sieraden in welke vorm dan ook krijg je tegen gramsprijs, heel redelijk, alleen in de twee grote malls proberen de juweliers de toeristen net iets te duidelijk te naaien. Abu Dhabi heeft ook grote en hoge gebouwen, een majestueus paleis en overluxueuze hotels, maar met een meer regulier en zeer wijd uitgelegd stratenplan. Men probeert toeristen te trekken met festivals en kunstbeurzen, maar het is allemaal kunstmatig, niet gebaseerd op een diepe traditie. De rijke filantropen en kunstmaecenassen doen dat als investering of als trekker voor hotels of onroerend goed projecten. De Golf-kunstscene is dus tamelijk hol, men gaat kunst kopen als men al een jacht, huizen, paarden en een vliegtuig heeft, dus pure decadentie. Dat kan ook weer inzakken, de kunstmarkt is wat dat betreft een kanarie-mijnvogeltje, een waarderingscrisis in de kunst gaat vaak vooraf aan een bredere crisis.  

Wat ontbreekt in de Emiraten, ondanks doorzichtige pogingen dat er in te brengen, is de authenticiteit. Dertig jaar geleden mocht ik (via Philips) Saudi-Arabie van binnenuit bekijken, de oorverdovende stilte van de nachtelijke woestijn en de immense leegte maakten indruk, van toerisme was toen geen sprake. De sfeer van de soekhs van Ryaadh en de innemende hartelijkheid van de Arabier die gastvrijheid als erezaak voelt, bleven me bij, alleen in oud-Dubai bij de Creek is daar nog iets van te merken. 

De Emiraten zijn een gelaagde maatschappij, met heersers en heel veel ingehuurde werkers, weinig vrouwen en dat beperkt een wezenlijke doorbraak naar het Westerse democratische en sociaal mobiele klimaat. Neoliberaal in de kapitalistische zin zijn ze zeker, maar met een eigen kleur; er is bij alle uitbuiting van de werknemers toch die charitatieve ondertoon die Islamitische culturen kenmerkt, anders dan bij het Hinduistische karma-denken, dat de ander z’n lijden laat. Openlijk onrecht is er dus niet in het vooral als rechtssysteem (regels en voorschriften, de Hadith en Sharia) opererende geloof, maar iedereen moet wel z’n plaats weten, moeilijk doen betekent vertrekken. Opvallend is dat de laatste tijd de banken steeds meer op islamitische grondslag opereren (geen rente, wel risico-opslag) en daar in de emiraten ook fors mee adverteren in de publieke ruimte. Dit gaat ten kosten van de Westerse bankwereld, en dat is ook een van de doelen van de UAE, om bovenregionaal financieel centrum te worden. 

Wie zaken wil doen, in de schaduw van de olie is nog wel wat te verdienen, maar een oorlog tegen Iran (toch de overkant en niet te ver weg) kan de stabiliteit in de regio aardig overhoop halen. Het aloude Soenni (anti-magische, streng in de leer) en Sjia (meer magisch, meer ritueel) schisma speelt hier een rol, maar dat hier ook twee (olie-)concurrenten tegenover elkaar staan mag niet vergeten worden. Olie-denken is complex, het gaat niet alleen om pompen en de prijs nu, maar over voorraden, de prijs op termijn, de waarde van olietegoeden in dollars, euro’s of goud, het risico van alternatieve energiebronnen, niet voor niets staan met name in Abu-Dhabi zo veel kantoren die zich bezighouden met vermogensbeheer. Hordes slimme analisten uit het Westen verdienen daar flink aan, maar het is wel de plek waar vele miljarden, zelfs biljoenen, zomaar even worden verschoven en de instabiliteit van de wereldwijde monetaire en financiële markten zichtbaar kan worden. Plannen voor een transactietaks of Tobin-tax hier moeten terdege rekening houden met de financiële rekenmeesters daar. 

Maleisie 

Kuala Lumpur is nog steeds een van de groeikernen in Azië, je voelt de bedrijvigheid van de stad overal, veel jonge mensen, die hard werken, hard studeren, opleiding is alles in KL. Ze hebben allemaal een mobieltje, maar veel minder dan bij ons gebruiken ze die, in het vrij goede openbaar vervoer praat men met elkaar. KL is geen homogene cultuur, er zijn grote minderheden zoals de Chinezen die vasthouden aan hun cultuur, en er zijn nog steeds raciale spanningen. Het democratische systeem staat bol van vriendjes en corruptie, maar omdat er nog steeds groei is, er nog volop gebouwd wordt en de economie draait wordt iedereen er (tenminste) een beetje beter van. Het kale toerisme naar KL is een beetje uit, het is ook een verrekt warme stad met cultureel nou niet echt indrukwekkende trekkers, wel weer veel shopping centers en superhoge gebouwen (Petronas Towers) maar vooral dat hitsige gevoel van actie, dat ook New York heeft. Qua toerisme mikt men nu meer op congressen, cursussen en zakelijke events, overigens een uitwijkmogelijkheid die alle grote toeristensteden in het vaandel voeren. Omdat het achterland, Birma, Thailand en het Indonesische Sumatra aan de overkant nog een enorm afzet- en arbeidspotentieel heeft kan KL nog wel even vooruit. De ICT markt is net als elders in Azië chaotisch, veel kleine winkeltjes en slimme eenpitters, er is wat offshore, maar dat past toch minder bij de meer ondernemende Chinese kids, die willen zelf aan het stuur zitten. KL is een prima basis, overigens net als Singapore, voor wie zaken wil doen in Azië, juist omdat er zoveel culturen bij elkaar komen, maar zit net als veel andere moslim landen toch in een spagaat qua bankwezen, ook in KL neemt het islamitisch bankeren enorm toe, men wil daarin ook bovenregionaal voorop lopen. 

Verandering  

In het verleden heb ik veel gereisd in Azië, en dan merk je, dat afgezien van de enorme gebouwen, de overgang van toek-toeks naar ecologisch wat vriendelijker vervoermiddelen en de mobieltjes en internet als communicatiemiddel, er fundamenteel niet veel veranderd is. Raciale spanningen, uitbuiting, corruptie, religieuze tegenstellingen, diepgewortelde haatgevoelens van de arme minderheden tegen de machthebbers en het leger, daar hebben Facebook en Google niet echt verandering in gebracht. De culturele eigenheden zijn niet aangetast, de emirati weet dat ie in het verkeer z’n gang kan gaan tegenover de  Pakistaanse of Philippijnse taxichauffeur, omdat de politie hem a priori gelijk geeft, de Indonesische politie geeft altijd de schuld aan de westerse toerist, want die kan betalen. 

Natuurlijk, hotels worden via internet geboekt, creditcards werken overal, restaurants werken overal met touchscreens, maar beperkt dat het gerommel, het zwarte geld circuit, de corruptie? Probeer in Azië of in Dubai eens ergens legale DVD’s of software te kopen, men kijkt je meedelijdend aan, dat past nog lang niet in hun cultuur, hoezo Acta of Sopa. Globalisme betekent vooral dat men graag de technologische wonderdingen overneemt, dat ieder café met gratis wifi probeert te scoren, maar dat wil nog niet zeggen dat men het Westerse denkmodel, dat bol staat van angst, ambitie, materialisme en competitie, ook maar accepteert. Denken dat het neoliberale denken de enige weg is, berust op niet meer dan de angstige projectie van hen (wij dus) die erin gevangen zitten. Als je bedenkt dat die driekwart van de wereldbevolking buiten onze sfeer helemaal geen spaartegoeden, pensioenplannen of ziekteverzekering kent, en ze er toch gemiddeld genomen gelukkig uitzien, is het dan geen arrogantie of angstprojectie om te denken dat ze dat nodig hebben? Het pensioenplan van de Balinese rijstboer is kinderen hebben, dagelijks offeren aan de Goden en Demonen van z’n akker, de familietempel te eren en zorgen dat z’n sociale netwerk overeind blijft door deel te nemen aan de dorpsfeesten, rituelen en vooral niet af te wijken door stiekem te gaan sparen. Overleven is daar nog delen, beperkt tot familie en dorp, het egocentrisme van onze cultuur is daar een zonde. 

De Westerse sfeer 

Ik ben geen fan van de Duitse filosoof-antropoloog Peter Sloterdijk, zijn warrige theorieën zijn vooral anders en de aansluiting bij vroegere filosofen als Heidegger is gekunsteld, maar zijn analyse van ons Westerse kapitalisme als een “sphaere”, een cultureel-economische bubbel waar een kwart van de wereldbevolking in leeft, maar waar driekwart buiten valt, is toch interessant. Wij denken dat ons neoliberale, kapitalistische wereldbeeld een soort kroon op de menselijke ontwikkeling is, maar zijn behoorlijk blind voor wat die anderen dan beleven. Die zijn niet primitief, onderontwikkeld, ze zijn vooral nog niet in de Westerse Sfeer/bubbel en doen hun ding, zoals ze dat al altijd deden. Het idee, dat op den duur de Chinezen ook quasi-westers worden, en dan in een soort reciproke beweging ons gaan overheersen in economische zin, is goeddeels projectie. China zal, en heeft daar een lange historie in, een eigen model ontwikkelen en dat ongetwijfeld uitventen. Dat hebben ze altijd gedaan, Chinezen hebben zich, zeker in Azië, overal gevestigd, integreren niet veel, maar zijn ijverig, handig en hun andersoortige onderlinge cohesie heeft ze in veel landen tot een herkenbare, welvarende, machtige en soms gehate minderheid gemaakt. 

Toen ik daar was kwam de new iPad in de VS uit, maar afgezien van de toeristen met een Apple-fetish was dat geen issue, en een Balinese/Bahasa versie is er nog lang niet. Op Bali probeer ik wel in te schatten waar de volgende 1 miljard smartphones heen gaan, waar de industrie het over heeft. Nu is Bali relatief welvarend dankzij het toerisme (2,6 miljoen toeristen per jaar op 4 miljoen Balinezen) en heeft iedereen die iets met toerisme te maken heeft een mobiele telefoon, maar je ziet veel minder dat iedereen overal en altijd zit te toetsen, zoals in Amsterdam. Er is, voor de toeristen, wel heel veel gratis Wifi, maar de lokalo’s maken daar veel minder gebruik van. Dat heeft ook te maken met de hele economie hier, mooie spullen hebben is één ding, geld om er iets mee te doen een tweede. Mensen in de toeristenindustrie werken voor 70 tot 100 dollar per maand, maar geven daar dan 45 tot 55 dollar van uit aan hun scooter (1,5% rente/maand, 48 maanden, inflatie tot 10%) plus zo’n 10 dollar voor benzine (gesubsidieerd) en wat voor hun mobieltje. De rest is voor eten en kleren, iedereen woont in het ouderlijk huis met de hele familie, dat kost niks en er groeit van alles om te eten, oma, oom of neef heeft wel een rijstveldje. Sparen gaat op aan de kosten van trouwfeest (500 gasten, 5000 dollar) en rituelen, die hier enorm belangrijk zijn, maar veel geld voor een dik data-abonnement is er niet. Er worden smartphones verkocht, Samsung is duidelijk marktleider met 42%, Apple en HTC ieder 28%, er wordt wat gefacebooked, maar veel minder dan bij ons. Ook in Dubai en Kuala Lumpur is dat minder (beide moslim-culturen), in ieder geval in het openbaar, de Philippijnen en vooral de jeugd daar zitten wel op de totale online toer, net als Taiwan, Korea en Japan, met voor China een onderscheid tussen rurale en stadsculturen. De nieuwe opkomende landen, zoals Myanmar met 50 miljoen Birmezen, Vietnam met steeds meer toerisme en een nijvere bevolking, het zeer langzaam herstellende en vrij kleine Cambodja, trekken weer werk (textiel, elektronica) weg van al tamelijk welvarende regio’s zoals Thailand, Maleisië, Singapore en Taiwan. 

Bali is vrij uniek, het toerisme is echt een basisindustrie, het brengt zo’n 250 miljoen dollar per maand binnen (nog maar 60 dollar per kop), heeft een duidelijk andere en veel exotischer uitstraling dan bijvoorbeeld Java, en een eigen cultuur die echter weinig creatief en eerder handvaardig is. Verandering is geen volkseigen, het diep religieuze is eerder een ontsnapping aan een beperkte en verstikkende alledaagse realiteit van werk, familie en dorp. Het geritualiseerde is wel een fundament, maar mist de geëngageerde focus van de Islam. Je zelf en de wereld in praktische zin verbeteren, uitgangspunt van de Islam en middels regels en voorschriften vastgelegd in de Koran, past niet bij die rustige en onveranderlijke Balinese aard, die voorkomend, vriendelijk, maar niet ondernemend is. Met de Islamitische minderheid (minder dan 5%) valt dan ook beter zaken te doen, en zij voelen zich gesteund door het Javaanse Indonesische gezag, hetgeen de Balinees dan weer als bedreigend ervaart. De bommen en terroristische dreiging op Bali lijken anti-westers, maar zijn eerder een clash tussen een traditioneel onafhankelijk en tolerant Hindu-Dharma Bali en het omringende Moslim-eilandenrijk.  

Toerist-afhankelijk 

Bali verwestert wel, maar vrij langzaam. Er is op Bali dus wel een geleidelijke groei van mobiele data, computergebruik en cybereconomie te verwachten, maar geen quantum-jump; daar is gewoon geen geld voor. Alle (bank) geld zit in de scooters en auto’s, alleen buitenlanders en Javanen kopen en ontwikkelen vastgoed, maar de lokale banken geven niet makkelijk hypotheken. En terecht, nog even wat crisis of een bom en deze toeristische luchtballon klapt, ze schieten ook nog geregeld terroristen af. 

Bali is mooi, zeer spiritueel voor wie dat zoekt en daar dik voor betaalt, maar de Australiërs komen vooral vanwege het goedkopere bier, surf en zon hebben ze zelf wel. Europeanen komen overwinteren of even Azië-sfeer proeven, maar erg goedkoop is Bali ook niet, met name de blanke en de Chinese ondernemers draaien je meer dan een poot uit, prijzen kleren en sieraden tot 10 keer de waarde. Opdringerige commercie maakt zeker de strandgebieden steeds vlakker, het is vooral een Costa-winkel-vreet-flaneerdrukte. Corruptie is als vanouds, voor alles moet betaald worden, en het gevaar loert dat de toeristen en zeker de overwinteraars dat zat worden, als de westerse economie verder afzakt. Voor westerse (import-)goederen moet westers betaald worden, rijst kost 1 dollar per kilo, maar Coca Cola of een kip is net zo duur als bij ons. De keuze aan elektronica is zeer beperkt, daarvoor is Singapore of HongKong handiger, het eten is op Bali fabuleus en soms erg goedkoop, maar de duurdere hotels rekenen fors en doen quasi-westers, maar wel met MSG en daar krijg ik last van. 

Wie denkt hier nog leuk desktop PC’s te slijten, helaas, in de hotels staan ouwe bakken en computerzaken verkopen vooral tablets, laptops en smartphones, ook hier is de aloude dealer op z’n retour. Illegale DVD’s en software zijn standaard, maar dat is voor de toeristen, de lokalo’s kijken naar vreselijke TV of gokken bij illegale hanengevechten (de dorpsagent krijgt wat toegestopt) en hun vrouwen besteden een groot deel van hun tijd aan offeren, want er zijn meer heiligdommen en kleine en grote tempels en altaartjes dan mensen op Bali. Wat me ook opvalt is dat alles nieuw en schoon moet zijn, na 4 jaar afbetalen van de scooter gelijk een nieuwe, de oude gaan naar arme eilanden als Lombok en Flores, Bali is het rijke eiland hier. 

Zaken doen 

Als ondernemer heb ik toch de neiging, eens te kijken of in die verre landen m’n euro’s niet wat harden kunnen werken dan die paar procentjes die ik hier vang (en deels weer afdraag), maar afgezien van toeristische investeringen waar je dan wel bij moet gaan zitten zag ik niet veel. Inflatie is een blijvend probleem, juridische en belastingzekerheid is er in de Emiraten wel, maar elders in Azië nauwelijks, ik vrees dat mijn verkenningstocht in dat opzicht weinig opleverde. De mooie verhalen van de handige jongens, die tien, vijftien jaar geleden via directe contacten met Aziatische fabrikanten en OEM-leveranciers zo leuk binnenliepen, zijn achterhaald. Tenzij je een taxivloot van een paar honderd units in Denpasar wil runnen of diepzeeduikboten bij Flores wil exploiteren is er weinig te beleven, zeker niet voor de ICT-er. Hoogstens kun je als pensionado-ICT-er wat onderwijs en training opzetten, daar is wel behoefte aan, maar dat is hoogstens een AOW-aanvulling. Uitgekiende en volwassen systemen zoals voor restaurants en basisdiensten zijn zeker te slijten, maar er blijft de taalbarrière en je storten in de omkoopellende door te gaan concurreren met de SAP’s en CA’s van deze wereld is vragen om ellende, vroeg of laat ga je voor de bijl en een paar maandjes zitten daar kan ik niemand aanraden. Bali is leuk voor een vakantie, maar het airco-leven daar is toch niks voor mij. 

Facebook 

Facebook wil 10 miljard ophalen komende maand met een beursgang, waarmee de totale waarde van het bedrijf rond de 100 miljard zou komen te liggen. Kassa, en dat niet slecht getimed nu de beurzen weer wat aantrekken, Zuckerber komt in een klap bij de rijksten ter wereld te staan. Zullen we hem net als Jobs ooit tot digiheld en profeet van de nieuwe tijd uitroepen? 

De supermiljardairs van deze eeuw worden dat meestal in vrij korte tijd, maar ze zijn er nog steeds, de superrijken met een superidee. Facebook’s Zuckerberg wist 845 miljoen wereldburgers te lokken, dat is wel een duidelijk voorbeeld van een global internet hit. Hij nam toch nog 8 jaar, eigenlijk een vrij late IPO. Internet is wat dat betreft een soort zakelijke multiplier. Slaagt iets, dan wordt het ook snel wereldwijd groot en dan is een beursgang de manier om dat om te zetten in echt geld. Nu is Facebook wel een top-IPO, heel wat anders dan het toch wat vage Groupon, maar is zeker niet onbedrigd. Google+ is al een aanval op Fabook, maar wat als Apple een groot iMate offensief inzet? Facebook is wel erg Zuckerberg en met 5 miljard als eerste verkoopronde-opbrengst worden niet alleen de aandeelhouders nu echt rijk (Bono onder meer) maar kan Facebook ook wat investeren en dat zonder privaat kapitaal te hoeven aantreken. Dat ging de afgelopen jaren wel vrij makkelijk, allerlei grootinvesteerders namen als een aandeel, reden waarom men 8 jaar lang niet naar de beurs hoefde te gaan. Maar nu dus echt naar de beurs, wat meer ruimte.. Men verdient wel 1 miljard dollar per jaar en zet 3,7 miljard om, maar voor overnames is er nu wat meer in kas. Zuckerberg heeft 57% zeggenschap (zijn geldaandeel is kleiner) en dat wordt als bezwaar gezien, hij kan nog steeds zelf de koers bepalen. In het prospectus staat zelfs dat hij z’n opvolger na z’n dood kan bepalen. 

Stemming ondernemers industrie verslechterd 

De beurs gaat goed, maar de economie, zeker op MKB niveau, wil maar niet doorstarten. In Duitsland gaat het iets beter, maar hier houdt iedereen de adem in, bespaart en bezuinigt en zeker nu de overheid nog eens heel hard gaat snijden, betekent dat voor de ICT zeker geen goed 2012. Het optimisme aan de beurs, mede gebaseerd op goede cijfers van grote bedrijven, zegt volgens mij niet zoveel over wat er op straat gebuert, en de huizenmarkt is zeker nog niet aan het herstellen, en dat is de kurk waarop we de afgelopen twintig jaar lekker hebben uitgegeven. Nu de rente langzaam stijgt gaat daar meer pijn komen, vrees ik, en nog minder beweging in die markt. Dat gedoe over d ehypotheekrenteaftrek, begrijpt nou werkelijk niemand (behalve de accountants) dat die aftrek via het huurwwaardeforfait (wet Bos) boven het miljoen al helemaal is afgeknepen (langzaam oplopend tot 2,35%, dan is er geen aftrekvoordeel meer). En de politiek? Die rommelt lekker door, Wildersje pesten, maar dat helpt de economie toch niet? 

De PvdA heeft Samson op het schild geheven, maar weer op zo’n halfslachtige manier, dat ook hij eigenlijk geen faire kans maakt ook echt als leider van de bedreigde sociaal-democratie erkend te worden. De theedrinker is weg, ik suggereerde al toen hij aantrad als beoogd premier dat een baantje als staatsraad hem beter paste, maar de warrige regentengeest van onze toch tot in de onderbuik erg Amsterdamse sociaaldemocraten is gebleven. Wie hees hem op het schild, wie liet Bos daarmee (en met een hele hoop andere ellende) wegkomen, wie liet meester van der Laan z’n gang gaan? Nu hebben we naast Samson ook Asscher als bejubeld, maar onbewezen schaduwleider, Eberhard zelf als best geklasseerde en ervaren spielmacher, maar het zijn would-be admiraals op zinkend bootjes van een stuurloze vloot. Door niet te erkennen welke negatieve ellende, zeker in Amsterdam, generaties regenteske egotrippers hebben veroorzaakt, maakt men alleen maar de weg vrij voor de wijzers, niet de wijzen, voor de schuldschuivers die naar de ander wijzen. De stembus geeft hen gelijk, maar dat komt vooral omdat er geen alternatief is, geen heldere lijn in wat men nu de oppositie, en ooit de macht van het volk noemde. 

De stemming onder ondernemers in de industrie is volgens het CBS in maart verslechterd. Het producentenvertrouwen kwam uit op -2,6 tegen -1,5 in februari. Vooral over de orderpositie waren de ondernemers pessimistischer. In de voorgaande twee maanden veranderde het producentenvertrouwen nauwelijks.

Het producentenvertrouwen is samengesteld uit drie deelindicatoren: het oordeel over de orderpositie, de verwachte productie in de komende drie maanden en het oordeel over de voorraden gereed product.

Het oordeel over de orderpositie verslechterde flink. Daarnaast waren de ondernemers iets somberder over de toekomstige productie dan in februari. Het oordeel over de voorraden veranderde nauwelijks.

Het aantal ondernemers dat de waarde van hun orderontvangsten in de afgelopen drie maanden zag toenemen was kleiner dan het aantal dat de waarde zag afnemen. Wel was de index orderpositie (orders uitgedrukt in maanden werk) met 103,5 iets hoger dan in februari (102,9).

Net als in de voorgaande maanden was het aantal ondernemers dat dacht hun personeelsbestand in de komende drie maanden in te krimpen groter dan het aantal dat een uitbreiding voorzag. Wel is de groep die een krimp voorziet voor de derde maand op rij kleiner geworden. 

Metro tikt, Android ook al 

Nieuwe upgrades en versies Operating systemen, ze blijven maar komen, nu weer geruchten over Android 5.0 Jelly Bean. En ook Windows Phone 7 is er nog maar net en nu al begint de speculatie over wat Windows 8 dan zou brengen. Zou Microsoft zelf te weinig vertrouwen hebben in haar poging om de markt voor mobiele devices terug te pakken van Apple en Android of Nokia toch niet voor vol aanzien? De “Apollo” upgrade - die al als “Windows Phone 8" is betiteld, maar dat nog niet is, zou meer security, on-device encryptie, betere integratie met het desktop Windows 8 met de Metro UI interface en bredere ondersteuning van hardware bieden, zoals voor de generieke SD-kaarten. Eerst zou er nog een Tango upgrade komen, als vervolg op Mango, de 7.5 versie van WP7 met wat meer sociale netwerk grapjes. Verder zou integratie van Skype en Zune-achtige media-software in de plannen zitten. 

Ellende met updates 

Als toch min of meer gemiddeld gebruiker van computers ben ik iedere keer weer verbaasd hoe ellendig het is om zelfs simpele bewerkingen uit te voeren. Neem het installeren van een nieuwe virusscanner, ik probeerde een legaal Kaspersky pakketje te installeren op een systeem, waar eerder een Norton pakket op draaide. 

Dat zou makkelijk moeten zijn, maar draaide uit op een urenlange ellende, want wat bleek; Norton laat lastige registry sporen na. Die worden door Kaspersky opgemerkt, die geven wel aan hoe je Norton moet ontinstalleren, wijzen op een blijkbaar bekend probleem en verwijzen naar de de Norton Removal tool. Helaas wel met een foute link, dus ga je zelf op zoek en wat blijkt, de Removal Tool op de Norton site is corrupt. Na veel zoeken en googlen ten einde raad maar chatten met de Norton helpdesk, die ook aanlopen tegen dezelfde corrupte file op hun eigen site en uiteindelijk maar op afstand (met een angstig opgeven van toegangscodes aan een meneer in India) gaan proberen. Na een half uur prutsen dan toch maar handmatig de registry gaan schoonvegen, zodat uiteindelijk Norton en Symantec rommel weg is en Kaspersky regulier installeert. Bedankt Norton, maar geen aanbeveling om nog ooit software uit dat huis te gebruiken, zelfs al deed de meneer in India het keurig, maar anderhalf uur weg is niet acceptabel. Nou ja, dan het nieuwe jaar maar eens beginnen met Internet Explorer 8 eens te installeren op m’n XP-bak. Ook weer zo’n leuke verrassing, ik draai om een ooit zinvolle reden een Engelse versie met een Nederlandse EI7, en dan werkt de standaard download niet. Moet je weer gaan zoeken, en zelf blijkbaar begrijpen dat je dan een Engelse IE8 nodig hebt. Die downloaden met de bijbehorende virusscan duurt ook weer een tijdje en als er dan uiteindelijke de mededeling komt, dat het niet lukt, en je weer mag opstarten om de installatierommel te verwijderen, is dat vloeken. Blijkbaar wil IE8 niet draaien, dat oplossen vraagt weer gezoek en vage aanwijzingen, en uiteindelijk na nog een keer proberen geef je het dan maar op. Geen IE8 endus maar Chrome of Firefox gebruiken, nou ja, Flash van Adobe installeren ging ook al tijden niet, ik heb nog een laptop en wat andere PC’s, het zal wel. Ik vraag me alleen af, ben ik nou zo’n sukkel en hoeveel andere teleurgestelde gebruikers werken met half-lamme systemen, omdat ze er niet uitkomen. Anno 2012 zijn we blijkbaar nog niet toe aan foutvrije systemen, en praat me niet over m’n vrij nieuwe HP Windows 7 systeem, dat is een rampbak zo vol met onzin, utilities en troep, dat ik daar alleen in uiterste nood nog mee werk. 

Pijnloos computeren, ooit dacht ik dat het in de eenentwintigste eeuw wel zou lukken, maar helaas, naast uren per dag kwijt aan onzinmails, spam en phishing zooi is het up-to-date houden van m’n systemen ook geen pretje. 

Content en de toekomst van de TV (of de PC) 

De trend is dat content steeds vrijer wordt, steeds makkelijker te vinden en binnen te halen. Kan de overheid, de rechter of de wetgever hier iets mee, behalve afknijpen en vervolgen wat wat men dan als illegaal bestempeld? Zijn er alternatieven voor SOPA, ACTA of BREIN. 

Muziek, eboeken, video; we kunnen het legaal of illegaal downloaden, peer-level delen, zelf maken en op Flickr, YouTube of onze Facebook pagina zetten. Het draait om content, om inhoud, liefst in een aantrekkelijke vorm. De grote sociaaal-culturel omslag of overgang van de Facebook generatie is die van product naar proces. Die omslag vertaalt men wel als de trend naar de beleefeconomie, de ervaring is wat telt en is belangrijker dan het product. Maar content blijft een factor, vaak gaat het chatten, mailen, facebooken toch over een bepaalde tv-uitzending, een muzieknummer, een foto of deze of gene film. Ook verschuift de verdeling producent-consument, we worden steeds meer allemaal ook producent, niet alleen van content-producties, maar onze meningen, commentaren en feedback worden ook een product, waarmee we kleinere of grotere groep om ons heen beïnvloeden. Zelfs ons surfgedrag is al handel, wij zijn zelf product aan het worden. 

Content is king 

Het blijft een basisprincipe. Wie de content in handen heeft, kan geld verdienen mits men een distributiemodel ontwikkelt dat snel, gemakkelijk en naar vele platformen de betreffende  content toegankelijk maakt. 

Apple liet ons die wijsheid met iTunes weer pijnlijk voelen. Apple kreeg  zo greep op de muziekcontent die op cd’s aan z’n eind begon te komen. Maar Apple’s voorbeeld werd gevolgd. Google, Amazon, YouTube, Sony, Nokia; iedereen wil content bieden, liefst zo dat men er wat aan verdient. Dat laatste lijkt (haast) overbodig, maar YouTube bijvoorbeeld is nog steeds geen moneymaker, mar lift mee met Google. 

Daarbij lijkt het erop, dat wie het alleen probeert, snel in de problemen komt, samen doen en met partners werken werkt beter. Apple had zelf geen muziek, maar maakte deals met de studio’s en zette een prijspeil dat voor kopers en verkopers van de content acceptabel was. 

De toekomst van de moderne media - en daar hoort de televisie nog steeds bij, zij het dan digtaal en als IPTV en VOD - draait dus nog steeds om content. De aloude dvd-speler raakt achterop, BluRay en 3D schieten niet op. Nieuwe vormen en vooral alternatieve videoservices via het internet komen wel op. YouTube, Netflix, Pandora, Hulu, ze bieden snel en makkelijk wat de consument vraagt, niet gevangen in omroep, uitzendschema’s of televisienetten, maar on demand en nu! De zogenaamde over-the-top (OTT) videoservices gaan via internet naar een kastje bovenop de TV (de settop in vele vormen) en de TV kan ook een PC, tablet, gameconsole of mobieltje zijn. OTT is een hele nieuwe manier om content te vermarkten, met inkomsten uit abonnementen, pay-per-view, maar ook uit meer gerichte commercials. Disney, met een enorme bibliotheek aan content, maakte net een tienjarige deal met Comcast en gaat haar “content-kapitaal” meer gericht commercialiseren via onder meer OTT, maar dan betaald en niet free-to-air zoals via Hulu. Disney is een traditionele contentstudio, maar ook nieuwkomers zoals Google proberen hier een marktpositie te ontwikkelen. YouTube wil meer originele content, stopt 100 miljoen in producties, maar dat blijft relatief gering vergeleken met wat de game- en filmindustrie investeren in nieuwe content. 

Facebook naar de beurs 

De supermiljardairs van deze eeuw worden dat meestal in vrij korte tijd, maar ze zijn er nog steeds, de superrijken met een superidee. Facebook’s Zuckerberg wist 845 miljoen wereldburgers te lokken, dat is wel een duidelijk voorbeeld van een global internet hit. Hij nam toch nog 8 jaar, eigenlijk een vrij late IPO. Internet is wat dat betreft een soort zakelijke multiplier. Slaagt iets, dan wordt het ook snel wereldwijd groot en dan is een beursgang de manier om dat om te zetten in echt geld. Nu is Facebook wel een top-IPO, heel wat anders dan het toch wat vage Groupon, maar is zeker niet onbedrigd. Google+ is al een aanval op Fabook, maar wat als Apple een groot iMate offensief inzet? Facebook is wel erg Zuckerberg en met 5 miljard als eerste verkoopronde-opbrengst worden niet alleen de aandeelhouders nu echt rijk (Bono onder meer) maar kan Facebook ook wat investeren en dat zonder privaat kapitaal te hoeven aantreken. Dat ging de afgelopen jaren wel vrij makkelijk, allerlei grootinvesteerders namen als een aandeel, reden waarom men 8 jaar lang niet naar de beurs hoefde te gaan. Maar nu dus echt naar de beurs, wat meer ruimte.. Men verdient wel 1 miljard dollar per jaar en zet 3,7 miljard om, maar voor overnames is er nu wat meer in kas. Zuckerberg heeft 57% zeggenschap (zijn geldaandeel is kleiner) en dat wordt als bezwaar gezien, hij kan nog steeds zelf de koers bepalen. In het prospectus staat zelfs dat hij z’n opvolger na z’n dood kan bepalen. 

Profielen en privacy: de noodzaak van en cyberspace filosofie 

Bent u ook tegen SOPA, PIPA en inperking van uw (digitale) vrijheid of zal het u worst wezen wie wat over u weet en wat ze daar mee doen? Vindt u dat het steeds gerichter toesturen van berichten wel een positieve trend, acht u dergelijke profiling eerder praktische personalisatie van uw berichtenstroom dan een digitale beperking van uw vrijheid? Wereldwijd zijn kwesties en acties rond digitale vrijheid voorpaginanieuws, maar we weten of vermoeden wel dat sluipenderwijs de mooie cyberdemocratische impuls van vrije informatie wordt afgeknepen en omgeturnd in de verstikkende dictatuur van cyberonderdrukking. Sluipende digitale identiteitsslavernij is hoe ik de steeds voortgaande inkapseling van wie we (echt) zijn zou willen karakteriseren. 

Internet, privacy, identiteitsverlies, intellectuele eigendom, vrijheid en veiligheid zijn de laatste tijd tot een bijna onontwarbare kluwen in en door elkaar gegroeid. Bij discussies over de digitale samenleving willen we aan de ene kant het veilige comfort van alles altijd overal en aan de andere voelen we ook wel dat onze privacy en daarmee onze vrijheid steeds meer wordt aangetast. Wat ontbreekt is meer fundamenteel inzicht in hoe onze geest werkt, hoe externalisatie van onze binnenwereld en projectiemechanismen in onze expressie terugslaan en gespiegeld worden en hoe dat samenhangt met conformeren en de overgang van product naar proces als basis van onze samenleving. Waar Plato nog een vrij helder beeld kon gebruiken van de psyche die twee paarden ment, een vrij en speels paard naast een tam en braaf paard (in de Phaedrus) zijn wij ondertussen als mensen speelbal aan het worden van onze digitale voetsporen, is onze identiteit en steeds meer ook onze handelingsvrijheid bepaald door wat het en der is vastgelegd. Dat proces van voortgaande “profiling”, het uit min of meer harde gegevens filteren van een profiel of identiteit die dan gekoppeld is aan een doel, maar dat doel is niet altijd helder of duidelijk, vaak weet je niet eens dat er ergens een computerprogramma op jouw gegevens is losgelaten. Er zijn vele doelen, zoals het opsporen van misdadigers of potentiële terroristen, je iets verkopen of opdringen, je politiek beïnvloeden, je een visum geven of weigeren, een hypotheek gunnen, bepalen of je een levenreddende operatie mag ondergaan, een uitkering krijgt, ergens mag wonen of werken. We zien dat organisaties als Google steeds meer van je weten, je gedrag continu analyseren en daarmee een digitale identiteit bepalen, waar je zelf geen weet van hebt en waar je ook geen invloed op hebt of kunt veranderen. Met de beste bedoelingen, geeft men voor, zo kun je beter geholpen worden, bespaar je tijd met zoeken, krijg je de juiste commercials en aanbiedingen en ontmoet je de juiste “vrienden”, allemaal voor je eigen bestwil! En je hebt toch niks te verbergen, dus waarom zou je zelfs maar denken over opt-outs, daarmee maak je jezelf toch alleen maar verdacht. Dat we ondertussen allemaal digitale profielen krijgen opgeplakt, en daarmee steeds meer in het keurslijf van dergelijke “profiling” met een digitale schaduw waar we niets (meer) aan kunnen doen, worden gedrukt, voelt men her en der wel aan, maar harde en duidelijke argumenten daartegen worden zelden gegeven. Die argumenten zijn naar mijn mening te vinden in een beter begrip van hoe onze psyche werkt en hoe we in de loop der tijden onze binnenwereld hebben ge-externaliseerd. Het simpelweg constateren dat we steeds meer leven in persoonlijke en sociale bubbels (Sloterdijk) met grenzen en interactiemodellen en het deconstrueren van onze realiteit bieden geen oplossing, we zullen moeten analyseren waarom we die bubbels zelf maken en in stand houden. Waarom stellen we grenzen, hoe veranderen die en waardoor en hoe snel, en welke gevolgen heeft dat. Zijn we niet meer dan zich aanpassend DNA, dat leuk gebruik maakt van nieuwe omgevingsfactoren (zoals multitasking ontwikkelen) of is er een richting, vragen die te maken hebben met ons begrip van evolutie. 

Het toekomstbeeld, waarin beslissingen over ons leven steeds meer gaan afhangen van de profielen die over ons kunnen worden opgesteld, zonder ons, buiten ons en over ons, is angstwekkend. We worden afhankelijk van de algorithmes die zogenaamd ons gedrag kunnen voorspellen, van de profielen ten dienste van veiligheid, commercie of politieke beïnvloeding die over en voor ons dingen regelen, hoezo vrije wil, vrijheid, steeds meer worden we geleefd door onze digitale voetsporen, onze cyber schaduw. Over die profielen en de technologie er achter hebben we niks te zeggen, dat we geleidelijk van een rechtsbasis van onschuld naar een a-priori aanname van schuld zijn verschoven, wordt nauwelijks opgemerkt. Je moet je onschuld tegenwoordig bewijzen, de overheid of de organisaties die ons belagen (iets willen verkopen) streven er niet naar de onschuldigen vrij te waren, maar willen de schuldigen (de terrorist, de klant met geld) vinden en inpakken, ongeacht de collateral damage, die ontstaat. Maar de onschuldigen die in dit proces tussen de wielen kunnen komen, zijn we allemaal, daarin schuilt het gevaar van profiling. Zeker nu niet alleen Google en faebook, maar ook overheden steeds meer “echte” gebruikers willen zien, geen avatars, aliassen of dynamische IP-adressen, maar de internetter als persoon willen kunnen herkennen en indien nodig aanpakken, wordt dat profiling een echte bedreiging, een gevangenis die je niet kunt ontsnappen. Niet alleen jezelf, maar ook al je vrienden, want je relatiepatroon is deel van je profiel, een paar nare sterretjes bij jouw naam besmet ook als je vrienden, likes of email contacten. Met elkaar praten, emailen, sms-en over bijvoorbeeld de Koran is al aangevoerd (Hofstad-proces) als bewijs van terroristische plannen. Juist omdat we via sociale media steeds meer informatie uitwisselen, oordelen en vooroordelen laten blijken (the wisdom of friends-Sheryl Sandberg) zitten daar meer aanwijzingen in over je profiel. Steeds meer worden we van consumenten ook producenten, van meningen, reviews, tweets, youtube video’s, content en daarmee geven we onszelf bloot, herkenbaar, analyseerbaar en schrijven we ons eigen profiel digitaal dicht. 

Externaliseren van ons zelfbeeld 

Wie we zijn is steeds minder een kwestie van hoe we dat zelf zien of voelen, maar omdat we gewild of ongewild steeds meer van onszelf naar buiten brengen, worden we in de buitenwereld gedefinieerd door wat we in publicaties, op facebook, youtube en in allerlei databestanden van bedrijven en overheid zijn. Het overdragen en projecteren van onze identiteit is niet nieuwe, met de eerste verhalen rond het vuur en rotstekeningen is de mens een pad van externalisatie opgegaan, we zijn onszelf gaan uitdrukken, niet voor onszelf, maar voor de ander. Dat externalisatieproces lijkt positief, van rots naar perkament naar papier naar foto, via film naar digitale dragers en VR en nu naar internet is een geleidelijk proces geweest en heeft zeker de onderlinge communicatie en de “vooruitgang” geholpen, maar we hebben wel steeds meer uit ons hart (in veel talen is hart en geheugen hetzelfde woord) extern gebracht. In dat proces kregen we steeds meer een persoonlijkheid of ego, omdat we onze binnenwereld moesten beschermen tegen een steeds opdringerige buitenwereld. De meeste mensen hebben zich zo geïdentificeerd met dat ego, dat we denken dat zelf te zijn, het contact met de diepere binnenwereld (ziel, innerlijk kind, hogere zelf) zijn we vaak kwijt, we zijn de automaten waarover Gurdieff sprak. Eigenlijk alle traditionele religies en spirituele tradities en de moderne psychiatrie en psychologie wijzen op de noodzaak, contact te maken met dat innerlijk kind en het masker van het ego met z’n vaak alleen materiële behoeftes te laten vallen. De vraag is nu of de moderne techniek en dan vooral het digitaal vastleggen van steeds meer persoonlijke details en het daarmee extreem externaliseren van ons (zelf) beeld en het proces van confirmeren aan dat buitenwereldbeeld geen gevaarlijke kanten heeft. Gaan we ons niet steeds meer gedragen als onze facebook avatar, gaan we ons zelfbeeld tot slaaf van ons image, tot slaaf van wat onderen over ons denken maken? Ik vrees dat dit niet alleen al heel lang aan de gang is, maar dat we het proces bijna niet meer kunnen stoppen, omdat de voordelen voor de grotere entiteiten zoals de overheid, de (semi-)monopolistische dienstenverleners en bedrijven te duidelijk zijn. Die worden wel bedreigd, door terroristen, hackers, mondige burgers en artiesten, maar verdedigen zich vooral door de schroeven aan te draaien, door vrijwel ongeremd en deels ongemerkt de vrijheid af te romen, met veiligheid als argument, en angst als werktuig. We doen dit voor u, kleedt u maar even uit of laat u digitaal in uw blote kont zien, want zo maken we reizen (werken, kopen, leven) veiliger. De dictatuur van de angst hangt in mijn visie sterk samen met het externaliseren van onze identiteit, want je echte zelf, je ziel telt niet meer mee, de metafysische werkelijkheid van je innerlijke kosmos is toch maar vol van overtuigingen, bijgeloof en non-rationele projecties, weg ermee, leve de verlichting. Dat die zogenaamde verlichting niet meer is dan rationalisatie en mutilatie van je verbeeldingskracht is niet alleen de wetenschap, maar langzamerhand de hele samenleving ontgaan.  

Er is veel te doen over SOPA, PIPA, ACTA en meer van dat soort overheidsingrijpen en voor een deel gaat dat dan nog over auteursrechten, intellectuele eigendom en het verdedigen van verdienmodellen uit de predigitale tijd. Een ander aspect is de neiging van grote internetpartijen om databestanden te koppelen en de daarin begrepen profileringsinformatie te commercialiseren, de gebruiker, emailer, surfer wordt z’n eigen product, z’n gedrag is verkoopbare handel geworden. We zijn nog niet zover, dat uit zo’n profiel openlijk levensverwachtingen, persoonlijkheidstype, IQ of criminaliteitstendenzen worden gehaald, maar dat is een kwestie van tijd (of uitlekken van het feit dat dit al op grote schaal gebeurt, hetgeen me niet zou verbazen). Ons gedrag is meestentijds zeer voorspelbaar, we zwermen leuk mee met onze programmering en die van ons sociale umfelt, maar dat zijn we, in esoterische termen, niet. We zijn onze vrije wil, we zijn echt wanneer we uit het programma stappen en dus de profilering in zekere zin ontduiken, iedere traditie leert ons dat. Profilering beperkt zo onze vrije wil, ons anders-zijn, is in wezen sterk discriminerend en het beperken of ontduiken ervan (opt-out) zou een grondrecht moeten zijn. In die zin is er nu ook breed verzet tegen wat Google en Facebook doen en de Amerikaanse regering wil met haar cyber-maatregelen, maar in dat protest klinkt helaas nog een forse dosis eigenbelang door, vrije meningsuiting wordt makkelijk gebruikt als dekmantel voor lekker gratis entertainment of ongeremd schelden. 

Cyberspace interdependentie 

Daaronder ligt echter de fundamentele kwestie hoe we recht en wet in cyberspace zien. Cyberspace is geen aparte en van de realiteit onafhankelijke wereld, John Perry Barlow’s Declaration of Independency uit 1996 was wat dat betreft een mooi ideaal, maar wat naïef in het voorbijgaan aan de belangen die er spelen. Ik zou liever een Cyberspace Interdependentie Verklaring zien, waarin duidelijk wordt in hoeverre cyberspace met allerlei terreinen verweven is en zal raken. Nu cyberspace niet alleen de bibliotheek, marktplaats en recreatieplatform voor steeds meer gebruikers is, maar ook criminelen zich er op richten en ook het oorlogvoeren en de politiek bedrijven (de publieke opinie bewerken) cyberactiviteiten worden, is het nodig een gedegen rechtsgrond te formuleren en van daar uit internationale wetten en wetshandhaving te organiseren. Die is er niet, wat vage internet-organisaties waaien met vooral commerciële belangen mee, maar er is geen handhavende instantie. Bij gebrek daaraan eigent de VS zich die rol toe, met of zonder wettelijke basis, maar eigenlijk is het grote probleem dat er geen goed begrip is van wat de diepere invloed en werkingssfeer van cyberspace eigenlijk is. Dat wil zeggen dat we wel braaf de techniek hebben omarmd, die ons is aangereikt via de verbeeldingskracht van filosofen en schrijvers (van Jules Verne via Huxley, Orwell, Leary, Lanier tot Bill Gibson) maar hun waarschuwingen in de wind sloegen. Big Brother, 1984, Cyberspace, het is allemaal al bedacht in soms angstaanjagende detaillering, “maar we hebben het laten gebeuren, hebben de consequenties niet doordacht en afgedekt in “checks and balances”, in een afwegingskader tussen individueel en collectief belang, tussen vrijheid en veiligheid, tussen de twee paarden van Plato, het wilde en het tamme. De ruzies en kwesties van vandaag hadden we kunnen zien aankomen, als we Barlow’s inzichten (die deels weer van Leary en uit de hacker en NewEdge movement voorkomen, de Digitale Stad in Amsterdam was ook zo’n voortrekker) hadden gebruikt om internationaal tot afspraken en rechtsvinding te komen, zaten we nu niet met dit soort belangenkwesties. Een simpel juridisch onderscheid tussen clip en clickrecht, iets waar ik al 20 jaar geleden op aandrong, heeft het bewustzijn van de politieke arena die zich nu druk maakt over SOPA, illegaal downloaden en peering, nog niet bereikt. 

Het is tijd voor een nieuw soort organisatie, een soort volkerenbond of verenigde naties, een platform waar recht en wet in cyberspace vorm krijgen, niet als compromis tussen belangen, maar omdat er begrip komt voor wat cyberspace werkelijk betekent of kan betekenen. Recht dan breed gezien als een overbrugging of paraplu van het normatieve natuurrecht (met een religieuze of filosofische basis) en het meer materiële contractenprincipe, en ruimte latend voor breder gedefinieerde doelen als veiligheid en vrijheid, de ontplooiing van de mens en zelfrealisatie mogen niet ontbreken. Cyberspace is in zekere zin een nieuwe dimensie, het is ook steeds meer het platform voor de verbeeldingskracht, de artistieke en filosofische activiteit. Daarbij mogen we het metafysische niet uit het oog verliezen, of we dat nu religie of magie noemen, cyberspace filosofie en infotheïsme (de religieuze interpretatie van bewustzijn en informatie als een oerdimensie die aan alles ten grondslag ligt) liggen dicht tegen elkaar aan Dat zoeken naar een cyberspace grondslag heeft veel materiële aspecten, maar ook dieptepsychologische en sociaalpsychologische consequenties. 

Ik heb het gevoel, dat Nederland, waar Hugo de Groot ooit ten gunste van de handelsgeest (en z’n opdrachtgevers) een juridische basis formuleerde voor de Vrije Zee (Mare Librum) en Spinoza de vrijheid als het essentiële doel van de staat zag, zich in dit opzicht kan profileren. We zijn internationaal, internet-technisch koploper, filosofisch en juridisch een makkelijke brug tussen het Angelsaksische en Rheinlands/Romeinse model , hebben genoeg hackers, vrijdenkers en onafhankelijke geesten in huis, dus waarom niet wat geld van al die vrij zinloze innovatieprojecten steken in wat werkelijk telt, cyberspace filosofie en rechtsgrond. Het bij elkaar brengen van de hedendaagse denkers en vooral activisten rond cyberspace zou al een aardig begin zijn. 

Sopa/Pipa 

Tientallen miljoenen protesteerden tegen de Amerikaanse usurpatieplannen, bedrijven gingen plat, Google en Facebook wierven tegenstanders, en nu gaat de wet het waarschijnlijk niet halen. Maar wat een wereldwijde actie, het internet is een politiek drukmiddel van formaat geworden. Nu nog gedrven door eigenbelang en de kwestie van intellectuele eigendom blijft spelen, de studio’s en de Amerikaanse veiligheidsdiensten die graag mee rijden op die kar om ongestraft meer te kunnen afzoeken en filteren, zijn nog niet knock-out. 

CES 

CES 2012 Las Vegas:  serieus in hebbedingen. Nu Microsoft haar laatste keynote op de CES heeft gehouden (maar wel speculeert op een tablet achtige opvolger van de Xbox) lijkt het erop, alsof de status van deze toch belangrijke beurs is gedegradeerd tot gadget-beurs. Dat is gezien het aanbod aan elektronische hebbedingen misschien leuk bedacht, maar het zijn toch de producten die voor de audio/video, bruingoed en steeds meer ook de grijsgoedhandel de omzet brengen. 

Voor een aantal productgroepen zit daar de klad in, omdat nieuwe productvormen en de convergentie van gebruiksdelen, met name van informatie en ontspanning de meer specifieke producten overbodig of minder gevraagd maken. Zo worden de aloude Hifi installaties steeds minder gevraagd, maar wil men nu wel goede geluidskwaliteit aan een iPod of MP3/4 speler ontlokken. De Consumer Electronics Show is in die zin ook een graadmeter voor de voortschrijdende kannibalisering van de oude bruingoedhandel door convergentie-producten. Een televisie is tegenwoordig, plat, digitaal, met internet-toegang en liefst nog wat extra functies als koppeling aan de media-server, besturing van het smart-home systeem en gaming opties. Een computer is niet meer een productiviteitstoestel, maar ook een basis voor entertainment en content-downloaden, en krijgt steeds meer CE-trekjes. De combinatie van TV en computer was er al als all-in-one, maar rukt steeds meer op met opties voor al dan niet thin clients achterop het steeds grotere, meer energiezuinige, plattere en qua kleur en beeldhoek verbeterde beeldscherm. Op zich is de vraag naar televisies stabiel en zelfs teruglopend, maar schermen en dan vooral multi-inzetbare schermen blijven gevraagd, zij het dat er een duidelijke prijsdruk is. Gewone platte televisieschermen (wel met digitale tuner) gingen al  massaal in uitverkoop.  Er is overigens wel sprake van een nieuwe generatie televisies, Apple werkt aan iets en Lenovo, toch eerder een Chinese ICT-fabrikant, kwam met een 55 inch 3D TV met Google-TV, ingebouwde webcam en eigen CPU, dus eigenlijk al een thin-client Internet TV voor breed huiskamergemak. Lenovo wil blijkbaar breder, men kwam ook met een game-laptop, een 15,6 inch model met full HD, I7 Intel en Nvidia GeForce GTX660M grahics. 

Er komt ook een breed aanbod in Ultrabooks, de snellere en steeds goedkopere grotere broertjes van de netbook, die Intel druk promoot. Er komen iets van 60 modellen op de markt, meest met 14 en 15 inch schermen, het zijn dus gewoon middenmoot notebooks. 

Grote CE-merken 

Microsoft en Apple dus niet, maar de andere grote CE-merken kunnen de CES niet laten lopen. De Aziatische fabrikanten, grote en kleine, komen gemakkelijker naar Las vegas dan naar Berlijn (IFA), de pacifische handelsbetrekkingen en verbindingen zijn steeds beter, de supersnelle Maersk containerschepen doen er met 30 mijl/uur nog maar 5 dagen over, laden en lossen in 2 uur.  Zeker Chinese goederen komen zo veel sneller in de VS dan de Azie-Europa verbinding, grote supermarktketens als K-Mart halen al 93% van hun spullen op die manier uit China. Op de CES was dus het nieuws vooral Aziatisch, met merken als LG en Lenovo, Asus, Acer, Sharp en Huawei komen met nieuwe modellen en daar zitten vooral veel tablets tussen, want tablets en pads zijn in. Dunner, sneller en met de nieuwste software, met realtief nog weinig Microsoft en vooral veel Android. Ze worden dunner (Huawei), sneller, quadcore en goedkoper, want er komt een stevige prijzenslag, van klein tot groter mobiel wordt goedkoper. Dat de beeldschermen nog groter worden en home-theater ook wel aanslaat, probeert Sharp met extreem grote beeldschermen te ondersteunen. Sony gokt op de games en gaat de Playstation Vita groots promoten, terwijl Nintendo in de achterkamer de Wii U laat zien.  Na een paar jaar proberen is de vaart wel een beetje uit de 3D hype, LG, Panasonic en Sharp gaan er nog vol voor, maar het lijkt er op dat 3D op z’n best een luxe-ding voor het topsegment is, en dan praten we over 80 inch super-schermen. Met speciale consoles zoals die van Nintendo is er nog wel wat mee te doen in de games markt, maar niet als mainstream. 

Gadgets 

Las Vegas is altijd vol met slimme vondsten, de smartphone en koffie-optie is er nog niet, maar men probeert steeds weer nieuwe combinaties te ontwikkelen. De virtual reality bril, in de negentiger jaren even een hit, maar verdwenen omdat er epilepsie-gevaar was, is weer terug, maar nu voor 3D televisie en gaming. Sony heeft zo’n bril, maar er is nu ook een bril met eigen intelligentie en Android waarmee 3D a la Nintendo mogelijk is. 

Behoefte aan ontmoetingsplek 

Het distributiekanaal heeft steeds minder behoefte aan grootschalige evenementen, ze zijn duur en de bezoekers blijven liever thuis en kijken op internet wat er aan nieuws is.  Het is daarom ook de vraag of langzamerhand dit soort beurzen niet beter virtueel kan worden. Aan de andere kant, de CES (zomer én winter versie)  is qua product-lanceringen altijd een hoogtepunt, heeft wel concurrentie van de IFA en beurzen in Azië, maar voor de VS is ht nog altijd een belangrijk trefpunt en mediacirus. Het verandert wel, in de loop der jaren hebben we heel wat producten en productgroepen zien komen en gaan, zo was de CES voor de goedkopere huiscomputers zoals de Commodore 64 wel degelijk een goed platform, destijds was er een macht aan accessoires en software te vinden op de CES. De wat serieuzere computer haalde het echter niet als CES-categorie, destijds pakte de Comdex die markt. Maar ook de Comdex is verleden tijd, Shelley Adelson is tegenwoordig groot-ondernemer in Casino’s en pakt zo  leuk wat mee van de CES, maar echt grote computerbeurzen zijn er niet meer. Wel is de Comdex er nu virtueel, 15 en 16 november 2011 was er weer een, een alternatieve ontmoetingsplek voor de industrie. 

Smartphone-jaar 2012 

De mobiele telefoon was ooit ook een groot item op de CES, maar verloor die positie aan gespecialiseerde events, overigens net als de Hannover CeBIT, het Barcelona MWC pakte die markt. Nu echter het distributie en retail-model voor smartphones weer wat verschuift en het steeds meer dozenschuiven wordt, iets waar de CE-branche beter in is dan de gespecialiseerde IT- en Telecom-zaken, komt de Smartphone weer terug op de CES., met bergen tablets en pads, tegen steeds lagere prijzen en met steeds nieuwere versies van Android, nu in 4.0.  Vrij algemeen wordt 2012 aangeduid als het jaar van de smartphone, er wordt in 2012 volgens onder meer GfK meer omgezet in smartphones dan in notebooks. Dat gaat zeker op in de VS, waar na behoorlijke aanloopproblemen met 4G dit jaar een brede overstap wordt verwacht en de nieuwe modellen staan al te dringen. De Amerikaanse CEA verwacht een duidelijke groei, in 2012 gaan de samrtphones 22% van de CE-omzet uitmaken, tegen 15% voor notebooks. 

In Europa lopen we iets voor, met name in Duitsland is de overstap naar de internet-capabele handy snel gegaan, en ook in ons land breekt de smartphone nu door en verdringt de oudere simpele mobiele telefoon.  Bij die overgang is de rol van de providers wel cruciaal, na een tijdje unlimited data-aanbiedingen zien we nu in de hele wereld beperkingen, maximering van het debiet, en slimme trucjes om vooral via internationaal dataverkeer de klant te melken. Amerikanen, die met hun iPhone naar Europa komen en niet opletten, betalen bijna 20 dollaar per MB en dat loopt snel op als je wat surft. Binnen Europa zijn daar nu wel beperkingen aan, maar ook hier zijn de providers geneigd nog even via de achterdeur de klant te melken. Het zou kunnen zijn, dat de nu nog niet smartphonende bellers daardoor juist niet overstappen naar 4G. Ze willen wel internetten en mailen, maar doen dat dan via Wifi, in de trein of ergens op een plek waar wifi hotspots zijn.  Het is dus zinnig een onderscheid te maken naar wel en niet 3G/4G en alleen wifi toestellen, of dat nu smartphones, smarttablets, pads, netbooks, ultrabooks of laptops zijn. 

Dat er dit jaar zowel in de smartphones als in de pads een prijzenslag aagt ontstaan is te verwachten. Nokia moet haar Windows 7 modellen in de markt zetten RIM verliest marktaandeel met de Blackberries en de Playbook (ondertussen met een upgrade) is al aanzienlij afgeprijsd. De markt blijkt zeer prijsgevoelig, een heel goedkope tablet in ons land van The Phone House voor 119 euro raakte (te) snel uitverkocht en er waren heel wat teleurgestelde kopers, die het nu met een Archos moeten doen. Archos heeft overigens ook een wat beter uitzeind model op de markt gebracht, nog steeds in het budget-segment.  

Dat ook de ereaders goed lopen, maar mogelijk te veel investeringen vragen om mee te kunnen doen, bleek uit de plannen van Barnes&Noble, de grootste boekenketen in de VS en met de Nook ook een speler van formaat, om haar ereader business af te splitsen. Die heeft tot nu toe alleen maar grote verliezen opgeleverd, verkocht niet erg goed, maar het bedrijf denkt zelf dat men daarmee een goede digitale basis heeft opgezet in het boekenvak. Er komen ook nieuwe fabrikanten in beeld, Huawei, een grote fabrikant van telecom apparatuur, gaat ook in smartphones en ook LG komt met high-end modellen zoals de LG Spectrum met een zeer scherp 4,5-inch True HD IPS-scherm van 1280x720 pixels. 

Tablets 

Er komt vast wel een iPad3 dit jaar, maar ondertussen rukt de concurrentie op. Sneller, dunner, minder energiegebruik, met Android 4.0.  Acer geeft een beetje de richting aan met de eerste quad-core tablet (Iconia Tab A700) met een Full HD 1080p-scherm. Qua uiterlijk niet echt anders, maar dus met een snellere CPU waardoor ook HD video bereikbaar en acceptabel wordt. 

Apple 

Je kunt er niet omheen, Apple is trendpionier in de CE en hoewel de concurrentie stevig z’n best doet en qua marktaandeel ook wel wat wint,  zijn de iPhones en Ipads en in hun kielzog ook de Mac en vooral de fraaie Airbooks de paradepaardjes van de markt. Ze zijn dus ook op de CES te vinden, niet zozeer als eigen product van Apple, maar als basis voor talloze accessoires, extra’s, apps en audio-video-systemen die het beeld/geluid van de i-apparatuur dan nog groter-breder-beter maken. Tasjes, houders, combinaties met andere apparaten, laders, batterijen, laat het maar aan de Taiwanese ondernemers over om steeds wat nieuws en leuks te bedenken. Apple vaart er wel bij, de handel verkoopt graag wat extra’s met een leuke marge, het bevrucht elkaar best aardig. Dat het aandeel Apple ondertussen na de dip afgelopen zomer zo’n 30% beter is en boven de 320 beweegt is leuk voor de aandeelhouders, maar geeft ook aan dat men nog heel wat nieuws verwacht dit jaar. Dat kan de Jobs erfenis zijn, het duurt even voor zijn invloed verdwenen is en de nieuwe leuke dingen die hij bedacht uitgelopen, maar in 2012 gaat het vast nog erg goed met Apple. Vaan Apple wordt dit jaar een brede aanval op de consumentenmarkt verwacht met eigen televisietoestellen (met natuurlijk de extra diensten en mogelijkheden van iTunes) maar op de CES ontbreekt de leider in CE helaas, Apple is qua beursdeelname traditioneel uitgesproken zuinig en in zekere zin arrogant. 

Ellende met updates 

Als toch min of meer standaard gebruiker van computers ben ik iedere keer weer verbaasd hoe ellendig het is om zelfs simpele bewerkingen uit te voeren. Neem het installeren van een nieuwe virusscanner, ik probeerde een legaal Kaspersky pakketje te installeren op een systeem, waar eerder een Norton pakket draaide. 

Dat zou makkelijk moeten zijn, maar draaide uit op een urenlange ellende, want wat bleek; Norton laat lastige registry sporen na. Die worden door Kaspersky opgemerkt, die geven wel aan hoe je Norton moet ontinstalleren, maar wijzen op een blijkbaar bekedn probleem en verwijzen naar de de Norton Removal tool. Helaas wel met een foute link, dus gan je zelf op zoek en wat blijkt, de Removal Tool op de Norton site is corrupt. Na veel zoeken en googlen ten einde raad maar cahtten met de Norton helpdesk, die ook aanlopen tegen dezelfde corrupte file op hun eigen site en uiteindelijk maar op afstand (met een angstig opgeven van toegeangscode aan een meneer in India) gaan proberen en na een half uur prutsen toch maar de registry gaan schoonvegen, zodat uiteindelijk Norton en Symantec rommel weg is en Kaspersky regulier installeert. Bedankt Norton, maar geen aanbeveling om nog ooit software uit dat huis te gebruiken, zelfs al deed de meneer in India het keurig, maar anderhalf uur weg is niet acceptabel. Nou ja, dan het nieuwe jaar maar eens beginnen met Internet Explorer 8 eens te installeren op m’n XP-bak. Ook weer zo’n leuke verrassing, ik draai om een ooit zinvolle reden een Engelse versie met een Nederlandse EI7, en dan werkt de standaard download niet. Moet je weer gaan zoeken, en zelf blijkbaar begrijpen dat je dan een Engelse IE8 nodig hebt. Die downloaden met de bijbehorende virusscan duurt ook weer een tijdje en als er dan uiteindelijke de mededeling komt, dat het niet lukt, en je weer mag opstarten om de installatierommel te verwijderen, is dat vloeken. Blijkbaar wil IE8 niet draaien, dat oplossen vraagt weer gezoek en vage aanwijzingen, en uiteindelijk na nog een keer proberen geef je het dan maar op. Geen IE8 endus maar Chrome of Firefox gebruiken, nou ja, Flsh van Adobe installeren ging ook al tijden niet, ik heb nog een laptop en wat andere PC’s, het zal wel. Ik vraag me alleen af, ben ik nou zo’n sukkel en hoeveel andere teleurgestelde gebruikers werken met half-lamme systemen, omdat ze er niet uitkomen. Anno 2012 zijn we blijkbaar nog niet toe aan foutvrije systemen, en praat me niet over m’n vrij nieuwe HP Windows 7 systeem, dat is een rampbak zo vol met onzin utilities en troep, dat ik daar alleen in uiterste nood nog mee werk. 

Maar verder de beste wensen, in 2012 gaat het vast beter met de user-friendliness!! 

Spectaculaire toename tablet-gebruikers 

Nederland stapt breed over op horizontale media zoals tablets. Dat is wereldwijd het geval, zelfs zodanig dat trendsetter Apple nu marktaandeel verlies aan de nieuwe generatie, met name android. Smart was de grote kerst-trend, in phones, TV, tablets en of we daar slimmer van worden is de grote vraag.  

Het aantal bezitters van iPads en andere tablets is per december 2011 gestegen tot 1,7 miljoen Nederlanders (14% van de internettende bevolking), zeggen de onderzoeker. Dat is nogal heftig, en misschien wat te optimistisch, maar de trend is duidelijk. In de tweede helft van 2011 zijn er bijna een miljoen gebruikers bijgekomen. In juni 2011 waren 725.000 personen in het bezit van een tablet (6% van de internettende bevolking). Daarnaast zijn er nog eens 1,7 miljoen Nederlanders van plan binnen afzienbare tijd een tablet aan te schaffen. 266.000 Nederlanders zijn van plan met Sinterklaas of Kerstmis een tablet cadeau te doen. De eerste iPad kwam pas anderhalf jaar geleden, medio 2010, op de markt en maakt een spectaculaire opmars door. Een groot aandeel van de gebruikers betreft een iPad van Apple. Een aanzienlijk deel van de tablets is inmiddels al van een ander merk. 

Dit blijkt uit het onderzoek Trends in Digitale Media van Intomart GfK dat vandaag verschijnt. In dit onderzoek worden de ontwikkelingen in het gebruik van PC’s, laptops, smartphones en tablets in kaart gebracht. De PC en laptop worden het meest gebruikt, maar smartphones en tablets winnen snel aan belang voor TV, Radio en Dagbladen. 

De tablet wordt door de meeste bezitters dagelijks gebruikt. Het gebruik is vaak gedeeld met anderen in het gezin, gemiddeld heeft een tablet 2,3 gebruikers. Gemiddeld zijn er 20-25 apps gedownload. Het meest wordt het tablet gebruikt voor internetten, e-mailen en social media. Daarnaast zijn spelletjes en video/televisiekijken populaire bezigheden. De top 3 media-apps op de tablet zijn YouTube, UitzendingGemist en NU HD. 

Ook de smartphone laat een sterke opmars zien. In december 2011 zijn er bijna 5,5 miljoen bezitters (45% penetratie onder de internetpopulatie), een toename van bijna 820.000 ten opzichte van een half jaar geleden in juni 2011. De smartphone wordt veel gebruikt voor internet, social media en e-mailen. De smartphone wordt vaker dan de tablet gebruikt voor het maken van foto’s en radio luisteren. Op de smartphone zijn gemiddeld 15 apps binnengehaald. De top 3 van gebruikte media-apps op smartphones bestaat uit NU, YouTube en Telegraaf. Op de vierde plaats staat Teletekst. Het is opvallend hoe een klassiek product als Teletekst zo dominant aanwezig blijft in de nieuwe digitale omgeving. 

Het onderzoek Trends in Digitale Media is uitgevoerd door Intomart GfK in samenwerking met Cebuco, RAB en SPOT. De steekproef bestaat uit 850 Nederlanders 13+ die gebruik maken van internet en is representatief voor deze groep (87% van de Nederlandse bevolking 13+). Het onderzoek wordt twee keer per jaar uitgevoerd. 

Jaareinde 

We zijn moe, depri, ongelukkig en de ellende zat, tenminste als we de recente twitter-mood analyse mogen gelover. Die analyseert woorden en uitdrukking op twitter en signaliseert dus minder vertrouwen en meer angst. Klopt wel een beetje, ultimo 2011 staan we er niet erg goed voor. De kerstverkopen waren matig, de crisis blijft doorsukkeen en voor 2012 zijn de verwachtingen bepaald donker. Nu gaan we ook individueel merken dat er bezuinigd moet gaan worden, en dat zou weleens een sneeuwbaleffect kunnen geven. Eerst maar 2012 halen, 29 december 2011 is een nare dag roep ik al sinds 2004, dus voorzichtig die dag. Verder natuurlijk wel de beste wensen voor 20122, maar nog even voorzichtig! 

Dat ondertussen KPN qua image steeds verder wegzakt verwondert me niks, de hele liberalisering (waar Neelie wel degelijk een cruciale rol in speelde) is een misser, PTT delen als KPN en TNT zijn nieuwe half-monopolisten egworden, slecht gerund en steeds meer bezuinigen, maar is er een alternatief? De politiek durft het niet echt toe te geven, maar privatisering van kerndiensten was dom, corrupt (de baantjesjagers in de politiek zagen hun kansen) en niet in het belang van de burger. Dat men nog steeds doorgaat, en nu met de bezuinigingen op die manier quasi overheidspersoneel kwijt raakt bewijst het plan de Amsterdams Haven (2650 hectare voor 150 miljoen, een fooi) te verkopen. 

2012 wordt het jaar van de grote tablet-overstap. Die dingen worden steeds goedkoper, en over een paar maanden koop je een redelijk ding voor 100 euro. In India zijn ze al goedkoper, het overheidsproject  “Aakash” met een heel goedkope tablet van 35 euro is een succes, de eerste versie is al uitverkocht en nu komt de opvolger, de “UbiSlate 7" voor 42 euro, met iets meer vermogen (700 MHz Cortex A8 cpu) en meer connectiviteit. Voldoende voor schoolgebruik, dat is ook het doel van dit project, maar het geeft wel aan, dat het nog veel goedkoper kan. 

Navigatie 

Prijzenslag in navi’s: TomTom met ontslagen. Navigatieapparaatjes zijn nog steeds veelgevraagd, maar de tijden van vette marges en maar een paar merken zijn voorbij. Ook het distributiesysteem verandert, het zijn nu supermarkten (Aldi!) en grootgrutters die zo’n dingetjes in de aanbieding doen als leuk kadootje. 

Verder worden steeds meer nieuwe auto’s uitgerust met navigatieschermpjes, en ook op de smartphone of tablet kun jeGogle maps, Nika maps,  kaarten, routeplanners, en met 3G ook actuele informatie binnenhalen. Slecht nieuws dus voor de Garmins en TomTom van deze wereld, die moeten uitwijken naar bredere verkeersinformatie-systemen, nichemarkten (wandelaars/fietsers/invaliden), fleet maanagement en verkeersinfo verkopen aan overheid en radiostations. Dat nu de overheid haar digitale kaartenmateriaal openbaar gaat maken, is een extra tegenvaller, zeker voor TomTom, dat met kaartenmaker TeleAtlas toch een leuke positie had in het maken en uitventen van de kaartinfo, de basis van al die navigatie. 

De kerstverkopen moeten voor TomTom en andere topmerken zijn tegengevallen, bij zeker snel verkrappende marges want een navigator ligt nu voor 75 euro overal in het schap. TomTom gaat nu 457 medewerkers ontslaan, dat is 10 procent van het totale personeelsbestand, de klap treft vooral bij de Nederlandse organisatie. Men wil 50 miljoen besparen   Zwaartepunt van de gedwongen ontslagen ligt bij de afdelingen administratie en marketing, er is een afvloeiingsregeling voor de ontslagen werknemers. TomTom gaat ook de R&D-afdeling opsplitsen voor een betere time-to-market, elk van de tien productdivisies - Maps, Traffic, Navigation, Automotive Systems, PND’s, Fleetservices, Fitness, Mobile, POIs en Speedcams - krijgt een eigen R&D faciliteit. TomTom wil zich aanpassen aan de veranderingen in de aard van de navigatie- en kaartenindustrie, waarin de vraag naar losse navigatieapparatuur vermindert door de opkomst van de smartphone en ingebouwde autonavigatie. Daarom wil het bedrijf zich meer gaan richten op het aanbieden van verkeersinformatie en wegennetsoftware en overweegt het in te spelen op de vraag naar technologie voor het inbouwen van simkaarten in auto’s, waarmee bestuurders onder meer informatie over hun rijgedrag kunnen krijgen. 

Videobewaking: kans voor de vakhandel 

Een categorie producten, waar nog wel behoefte is aan voorlichting, advies en zelfs installatiehulp en after-sales servcie zijn de IP-camera’s en het hele assortiment aan beveiligingsapparatuur dat daar achter hangt en steeds meer via internet werkt.  Er is een redelijk breed aanbod aan camera’s, met of zonder bedrading en met verschillende niveau’s van veiligheid en communicatie-opties. Voor een normaal huis is de optie, om vanaf een browser elders te kunnen kijken naar de kinderkamer, de tuin of de huiskamer al voldoende, voor meer complexe objecten is meer nodig, meerdere camera’s, liever bedrading dan WiFi, beveiligde voeding, maar ook dienstverlening qua monitoring, doorverbinden en on-site controle. 

Dit is eigenlijk het gebied, waar de traditionele bewakingsdiensten en specialisten in bewakingsapparatuur opereren, maar door het alomtegenwoordige internet verschuift de handel naar een kanaal dat breder, meer open en toegankelijker is voor de gewone consument en het MKB. Er blijft echter wel behoefte aan vakkundige ondersteuning en omdat dergelijke systemen via de internet-connectie heel dicht tegen het vakgebied van de ICT-specialist raken, ligt daar een kans. 

Een kans die wel moet worden aangegrepen en van de kant van de retailer investeringen in kennis, schapruimte en focus vraagt. Alleen een IP-camera in het rek is niet voldoende, dan mist men de kans om de integratie ervan in het thuisnetwerk en in het hele computerbewustzijn van de klant te benutten. Daar liggen relatie- en omzetkansen. 

Net als de computer en internet nu deel uitmaken van het dagelijks leven van de (meeste) burgers, zal het smarthome, intelligent building, interconnected house of hoe men het ook maar wil noemen langzamerhand voor iedereen gaan spelen.  Nu hebben we het nog over een visuele controle en contact met de babykamer, de tuin, brandkast of de grootouders, maar de interconnectie van al die IP-apparten die nu met IPv6 ons huis en omgeving gaan bevolken houdt daar niet mee op. Het is nu de tijd om als vakhandel daar op in te spelen, zich te profileren en deskundigheid en een klantenkring op te bouwen. Er zijn concurrenten, want niet alleen proberen de providers en kabelaars hun beveiligingssystemen nu breed uit te zetten, die werken met wat traditionele sensors en bieden geen r eal-time video, maar er wordt ook door dienstenaanbieders zoals 2ihome.com gewerkt aan systemen waarbij de retailer nauwelijks een rol kan spelen. 

De problemen: bandbreedte, Vast ip-adres, stroom en veiligheid 

De IP-generatie is technisch geavanceerd, steeds makkelijker te installeren en ook steeds betaalbaarder voor het brede publiek. Er zijn echter een paar problemen. Het eerste is de bandbreedte, een goede video connectie die constant aan staat vreet bandbreedte en de providers zijn daar niet dol op, gaan dus knijpen of proberen door het veranderen van IP-nummer of het op afstand resetten van de router zo’n verbinding te boycotten. Begrijpelijk, als iedereen een paar honderd kbps continu zou gebruiken is het netwerk snel overbelast.  Dat er een vast IP-adres nodig is voor een continu verbinding, is ook zo’n belemmering, want hoewel het lijkt alsof moderne kabel/dsl internet routers een vast nummer hebben, verandert dat bij uitzetten van de zouter, dan krijgt het een ander IP nummer, maar gaan ook de aangesloten apparaten zoals computers en ip-camera’s, brandmelders, mediaservers, ijskasten etc. een ander adres krijgen.  Je kunt een vast IP-adres krijgen, maar de provider rekent daar extra voor, en er zijn trucjes om via een aanpassing toch overal je camerabeelden te kunnen bekijken, zoals via DynDNS, die een uniek adres genereert voor je router. 

Stroom is ook zo’n probleem, een IP-camera met wifi kun je leuk in een boom hangen, maar zo’n ding heeft stroom nodig en dat kan alleen via een kabel (of een batterij maar dan wel een hele stevige, bij continu gebruik) of een stroompunt in de buurt. Hier is Power over Ethernet  PoE de oplossing, hier verdring de UTP kabel ook de traditionele coax. Vaste bekabeling is bij beveiligingssystemen toch al wat zekerder en minder kraakgevoelig dan WiFi/Wlan, waar storing, signaalkwaliteit en beveiliging samen dit voor professionele bewaking minder geschikt maken. Maar dat betekent dus bekabelen of, als er ergens een stroompunt is, er met een homeplug systeem toch een intenret-connectie mogelijk is (tenminste als het stroomnet geen grote scheidingen kent, het basis probleem van communicatie via het 220 volt netwerk). 

Het stroomverbruik speelt ook een rol, een bewakingssysteem dat maar 50 watt verbruikt is toch goed, bij 24 uurs gebruik voor ruim 800 kw per jaar, ofwel een paar honder d euro. Zuinigheid in de aanschaf van een systeem kan zich hier in de stroomkosten wreken. Ook voor camera’s en andere apparatuur speelt dat mee, een thuiscomputer continu laten draaien zonder beparingssstand kost gauw 100 W per uur, ook dat is per jaar een leuk bedrag op de rekening. 

Beveiliging van het beveiligingssysteem lijkt overbodig, maar bedenk dat wanneer een externe partij, met slechte bedoelingen (of de overheid) kan inbreken in het netwerk thuis (via Wifi of via de router) of bij de dienstverlener of provider die zorgt dat bijvoorbeeld alarmboodschappen via telefoon, sms of internet worden verstuurd, dan kan het nog goed mis gaan. Als een alarmsysteem via een simpele afstandsbediening al vanuit je auto uitgeschakeld kan worden, dan staat je voordeur voor enigszins technisch kundige inbrekers feitelijk al open.  Als je in plaats van nieuwe realtime beelden wat oudere opnames via je security-app op je smartphone krijgt toegestuurd, kan men ondertussen de boel leuk leeghalen. En virussen, die zich richten op beveiligingssystemen zijn ook niet ondenkbaar. Veiligheid op diverse niveau’s is dus zeker een aandachtspunt, helaas blijkt dat vrijwel geen enkel systeem echt kraak-bestand is. 

Een aspect dat bij veel bewakingssystemen wordt overgeslagen is de privacy.  Wil je dat beelden uit je huis- of slaapkamer het internet opgaan en via een provider worden doorgestuurd, maar misschien ook gecheckt? Mogen beelden van buiten, de openbare weg of zelfs je winkel zomaar worden opgenomen, bewaard (24 uur is een wettelijk maximum in veel gevallen) of geanalysteerd? Ook thuissystemen slaan vaak beelden op, via een kaartje in de camera, of via aparte opslag ergens op een server in huis of elders, maar wat doe je met die beelden, wie kan er bij, wat mag je en wat is eigenlijk niet behoorlijk. Voor winkeliers en bedrijven geldt dat ze moeten aangeven als er een video loopt, maar ergens duidelijk een beeldscherm hangen waarop men zichzelf kan zien is ook goed en waarschijnlijk ook meer afschrikwekkend. Ook dergelijke beelden mogen maar beperkt bewaard worden, en dat geldt  ook voor de camera die u ophangt in uw magazijn om interne diefstal te voorkomen of daders te betrappen.  Professionele assistentie bij de inzet van dergelijke middelen is niet onverstandig. 

Het al dan niet zichtbaar zijn van het video-bewakingssysteem is ook zo’n keuze, die met privacy maar ook met afschrikken samenhangt. Er zijn hele kleine, onopvallende systemen, maar ook fake-camera’s die met een rood lichtje net echt lijken, maar niet echt werken, vaak met stickers die zogenaamd duidelijk maken dat deze plek bewaakt is. 

Functionaliteit 

Bewaken is een breed begrip, want wat wil je bewaken en bereiken? Wil je alleen video, of ook geluid en moet dat tweeweg zijn? Is een alarmfunctie voldoende, en wat gebeurt er met zo’n alarmsignaal van een sensor (beweging, geluid, brand), resulteert dat in een afschriksysteem (lichten, sirenes, in de hoop dat de inbreker weggaat), in een sms naar je mobieltje, beelden naar je smartphone, een signaal naar een beveiligingsdienst en via hen naar brandweer of politie (directe koppeling is vanwege de vele valse alarms allang niet meer mogelijk). En de beelden (of geluiden), worden die opgeslagen en waar, in de camera (en hoe?) of op een server of NAS , verstuurd, gestreamd, gaan ze naar een extern analyse-systeem, filter je zelf bijvoorbeeld de poes of de muizen uit, is er patroonherkenning, koppeling aan toegangsystemen, biometrische verificatie, de sky is de limit in beveiligingsland, maar 100% zekerheid is er nooit. Coninu beelden opslaan of streamen loopt tegen beperkingen op, niet alleen technisch, maar wie wil uren aan video bekijken om een incident van een paar minuten op te sporen? Het continu bekijken van real-time beelden is een nare job, duur en je mist snel een gebeurtenis als je zoals bij object of stedelijke beveiliging hele batterijen schermen in de gaten moet houden. De opslag van beelden wordt dus meestal met intervals gedaan (stills vastleggen) of gekoppeld aan sensoren die reageren op beweging, licht, geluid of rook. Daar is dus filtering nodig, het sensorsignaal wordt bewerkt, patroonherkenningssoftware ingezet, er worden minima bepaald, reactietijden, reactieprotocollen, en dat vereist vaak een heleboel tuning en valse alarms. 

Wil je goede beelden krijgen, dan is er ook licht nodig, ook ’s nachts en daarvoor wordt steeds meer naar infrarood gegrepen, dan valt het niet zo op, maar er zijn ook steeds meer camera’s met eigen lichtbron (Led’s) die aanslaat via een bewegingsmelder. De lux-waarde van een camera (lichtgevoeligheid) is daarom een factor, naast zaken als pixelgrootte (resolutie), vastleggingsformaat (Mjpeg, MPEG4,H264), transmissiedebiet, zoommogelijkheid (digitaal of analoog), beeldhoek, pan/tilt bewegingsaansturing, lenskeuze, uiterlijk, waterdichtheid, molestbestendigheid en stroomverbruik. 

Geluid 

Voor veel professionele toepassingen is geluid niet zo interessant, maar juist thuis is het een nuttige aanvulling, zeker als met via tweeweg ook iets kan laten horen, aan de baby, aan de bezoekers of inbrekers, die zo op de vlucht gejaagd kunnen worden. De meeste consumentensystemen bieden dan ook een microfoon en soms een luidspreker. Handig, denk maar eens aan het contact met de baby, de hond en het beheer van vakantiehuisjes, wanneer men op afstand de zaak in de gaten kan houden en zonodig aanwijzingen kan geven voelt het allemaal wat beter aan. 

Complete home-control 

Een aantal leveranciers gaat veel verder dan het leveren van een IP-camera, dan maakt de camera deel uit van een heel systeem voor home-control, voor verwarming, airco, licht en apparatuur naast beveiliging. De uitbreidingsmogelijkheden tellen gezien het brede perspectief naar energiebesparing en comfort zeker mee en maken het ook vboor de retailer aantrekkelijk zich te verdiepen in dergelijke systemen, van bedrijven als Marmitek bijvoorbeeld. 

Software 

Zeker nu de cloud als opslagmedium steeds meer wordt ingezte, en zeker voor dit soort toepassingen de bereikbaar verbeterd, komen er meer diensten, apps om die te gebruiken en interfaces en accesoires op de markt. Je beelden via de cloud opslaan, zodat je niet alleen realtime, maar ook achteraf iets kunt bestuderen, is echter een dient die geld kost, Logitech levert bijvoorbeeld niet alleen camera’s maar ook de cloud diensten ervoor, maar dat wel wat geld. 

In de meeste gevallen wordt een systeem (camera) geleverd met sensors en software om bij beweging de zaak op te starten en een bericht te versturen. Bewegingsanalyse is voornamelijk patroonherkenning en dat kan heel gedetailleerd, met meerdere sensorvlakken in een beeld, verschillende sensorsystemen (geluid, beeld, rook/gas) maar men kan ook extern die analyse laten lopen. Hier komen vast nieuwe diensten voor beschikbaar, die op basis van beelden (de H264 kwaliteit is dan wel gewenst) zaken als gezichtsherkenning gaan bieden en allerlei reactieopties bieden. 

Er wordt meestal  wel software meegeleverd, maar de kwaliteit daarvan verschilt. Een probleem is dat er zoveel opties komen, dat de gebruiker verwart raakt in wat er allemaal ingesteld kan of moet worden. Ook hier is de hulp van de vakman dan een interessante optie voor de vakhandel, die installatie en afregeling kan aanbieden. Gebruiksonvriendelijkheid betekent meestal “kassa!”voor de specialist. 

Systemen: het begint met de baby 

De traditionele babyfoon met alleen geluid werkte met radio en had een beperkt bereik, leuk als je bij de buren zit of ergens in huis bezig bent. De nieuwe generatie is qua geluid tweeweg (walkietalkie), werkt ook via internet en biedt ook video, het is dus eigenlijk een bewakingssysteem in een vriendelijk jasje, de Panasonic –BB serie is een goed voorbeeld.  

Het aanbod nu: vanaf de IP camera 

Bewaking als deel van de IP-infrastructuur begint meestal met een camera, en de eenvoudigste manier is de usb-camera of de webcam van een laptop te gebruiken, een skype verbinding open laten staan is al vrij makkelijk, alleen slaat het scherm meestal snel op zwart en ook de thuiscomputer heeft de neiging in spaarstand te gaan. En continu videobeelden oversturen kost bandbreedte, het is maar de vraag of de provider daar niets tegen doet (en waarschijnlijk zelf zo’n dienst betaald wil aanbieden als alternatief).  

Er is een breed aanbod aan systemen en camera’s, van minder dan 100 euro tot enorm dure en kwalitatief hoogwaardige professionele systemen.  De verschillen in beeldkwaliteit, software-vriendelijkheid en effectiviteit zijn enorm, en niet direct duidelijk aan de specs. Hier is goed advies en up-to-date houden van de kennis qua aangeboden en beschikbare systemen van belang. 

Wat wil de klant weten? 

Het is de moeite waard, iemand in de zaak wat specialistische kennis te laten opdoen op dit gebied. De keuze qua systeem, camera, lenskeuze, zoom/pan/tilt, bekabeling, qua software, apps en aanvullende diensten is niet simpel en gelukkig maar, hier kan de vakhandel zich bewijzen.  Geen eenvoudige zaak, waarin men zelf ervaring moet opdoen, de fabrikanten en providers zijn hier nog niet goed ingesprongen, maar dat is precies waar een alerte retailer zich kan bewijzen. 

Goed advies op dit gebied betekent tevreden klanten, die terugkomen voor meer camera’s, betere installatie, bekabeling en ook steeds meer voor aanvullende diensten. Wie eenmaal gewend is aan een overzicht van z’n huis op z’n smartphone wil dat ook op vakantie of op reis, maar wie moet er benaderd worden bij onraad. Ook opslag van beelden in de cloud en daarmee overal toegang is een optie, die om advies vraagt. De leveranciers en providers hebben hier de handel nog niet echt goed ingeschakeld, maar als cloud-bewakingsdiensten zoals die door Logitech worden aangeboden ook wat inkomsten voor de retailer zouden genereren, zou dat ongetwijfeld de verkoop bevorderen. Nu willen providers en dienstverleners dat nog voor zichzelf houden, maar juist het indirecte kanaal kan hier een positieve functie vervullen. 

Verder is de koppeling van het bewakingssysteem aan bijvoorbeeld de verwarming/energiehuishouding erg interessant, op afstand dat regelen kan veel geld besparen bij gelijkblijvend comfort. Het intelligente huis omvat verder verlichting, apparatuur, communicatie met diensten en voorzieningen, monitoring van allerlei functies en beheer van al dat moois, ook op afstand. 

Hier opent zich een enorm terrein aan diensten, denk maar eens aan senioren- of babysitting op afstand, maar met meer en betere video wordt ook medische supervisie en monitoring steeds meer realiteit. Niet meer naar de dokter met een wondje, maar even skypen is al mogelijk, maar hoe lan duurt het nog voor zorginstellingen een webcam bij zorgbehoevende clienten verplicht gaan stellen? 

2iHome 

Een van de nieuwere beveiligingssystemen op IP-basis dat op de markt komt uit Amsterdam, waar BeNext een compleet beveiligings en beheersysteem 2iHome ontwikkelde, dat tegemoet komt aan de bezwaren van bestaande systemen qua bandbreedte gebruik, veiligheid en beheersbaarheid.  Bij de gebruiker komt een YourHouse Gateway, waarop camera en andere sensor kunnen worden aangesloten, vanuit de basis-set kan men uitbreiden met WiFi en RF sensoren. De Gateway maakt contact met de server en stuur versleutelde gegevesn door over de stand van het systeem. Anders dan bij systemen die gebruik maken van de cloud-functies en daarvoor jaarlijks een abonnementsbedrag vragen, zijn de diensten van 2iHome na aanschaf (160 euro voor de startset en basisdienst) gratis. Er wordt wel gebruikt gemaakt van een externe server, maar die is goed beveiligd en zorgt er voor, dat ongeacht het dynamische ip-adres van de router toch het contact met het beveiligde object steeds intact blijft. 

De startset bevat geen camera, maar wel de gateway en een aantal sensors, zodat er direct een werkend systeem geconfigureerd kan wordne met behulp van de setup-wizard op het internet, met foto’s van het eigen interieur om het beheer en de installatie makkelijker te maken. In de basisset is er geen IP-camera, die kost 99,95 euro extra, maar die is dan wel eenvoudig aan te sluiten en maakt slim gebruik van intervals en compressie, maar is vooral alarmgestuurd, zodat geen onnodige belasting van het net optreedt.  

2iHome werkt via een web browser applicatie, , die draait op elke computer of draagbaar apparaat met een internetverbinding. Dit kan een (laptop) computer, een iPad of een mobiele telefoon zijn. De server herkent de mogelijkheden, in geval van beperkingen (zoals bij mobiele telefoon) de functionaliteit beperkt zal zijn. De 2iHome website is opgesplitst in een algemeen deel dat werkt met elke web browser en achtergrondinformatie en ook Help-informatie bevat. Het beveiligde gedeelte kan alleen worden uitgevoerd met Firefox en maakt de echte verbinding met yourHouse, de server-dienst die alle data verwerkt en zichtbaar maakt. 

Het beveiligde gedeelte van 2iHome heeft functies die nodig zijn voor set-up en yourHouse controle. Na het instellen en activeren van het systeem kan men gebruik maken www.2myhome.eu om direct in te loggen. De web browser communiceert met een beveiligde back-end server, dus niemand kan rechtsreeks in de de YourHouse Gateway komen. Alle informatie wordt veilig opgeslagen op deze server. 

Dit systeem is meer dan een simpele video-connectie, het is de basis van een compleet smart-home netwerk met onder meer alarmerings-apparaten, klimaatcontrole, brandalarm en besturing van sensors en apparaten. MoLiTe Sensor is een Motion sensor met extra licht en temperatuursensor om verwarming of ventilatie te beheren. De Deur sensor voor 19,95 euro is een toegangsdeur sensor met temperatuurmeting aan de binnenkant. 

Harddisk prijzen 

De overtromingen in Thailand hebben voor een enorme prijstijging voor harde schijven gezorgd. De levering van bepaalde onderdelen voor harddisk drives en de assemblage van een aantal grote merken stagneert met als gevolg dat harde schijven soms 3 tot 4 keer zo duur zijn geworden. Dat is niet het gevolg van directe tekorten, maar een speculatie-effect. De leveranciers, distributeurs en winkeliers verhoogden direct hun prijzen, in paniek gingen sommigen zelf zo ver, maar even de HD van hun prijslijst te halen. Dat is voor velen in de branche een meevaller, wat in het schap ligt of in de voorraad is plotseling klappen meer waard, en de klant betaalt wel,  noodgedwongen, al zal menigeen toch even wachten met vervanging of investeren. Bedrijven met een stevige vooraad hebben hier leuk kunn profiteren, verkopen wat er lag en kopen zeer zuinig in, nu vooraaad in HD’s opbouwen is gekkenwerk. Want iedereen begrijpt, dat overal snel productiecapaciteit wordt opgebouwd om de onderdelen of de hele drives buiten Thailand of in ieder geval in een droog gebied te kunnen maken. Harddisk motoren zijn fijnmechanisch precisiewerk, maar er zijn genoeg fabrieken en leveranciers die dat ook aankunnen en dei nu aan het ombouwen zijn. Over een paar maanden, dus ergens in maart zijn daarom niet alleen de dan weer droge fabrieken in Thailand weer operationeel, maar  is er overcapaciteit ontstaan. Met als gevolg dat de prijzen dan snel weer gaan zakken en mogelijk een echte dumpmarkt voor harde schijven zal ontstaan. Dat er door de hoge prijzen een overstap naar SSD en andere opslagvormen (in de cloud kost het ook steeds minder) is gekomen, gata dat effect alleen nog maar versterken. 

Ergo, pak je vooraadwinst, verkoop wat je kan tegen die hoge prijs, maar dit is een tijdelijke situatie en het komt wel weer goed. 

App-Event 15 november; applicatie-ontwikkeling 

Met name mobiele applicaties zijn nu de grote groeimarkt en bieden kansen, ook voor ontwikkelaars in lokale en verticale markten. Het is goed dat er nu voor deze nieuwe markt ook events komen en daarom wat aandacht voor het app-event op 15 november. 

De kleine VAR met verticale software in kleine niche-markten wordt nu bedreigd door mobiele applicaties, die bijvoorbeeld besturingsdata en productiegegevens via de mobiele smartphone direct naar een database-app in de (private of public) cloud sturen en daarmee buiten de bestaande administratieve systemen blijft. Het snel ontwikkelen van apps, die dat wel integreren is daarom van levensbelang voor de kleinschalige software-branche. De kans bestaat, dat een hele branche buiten spel komt te staan en daarom is voor VAR’s en reseller inzicht in de mogelijkheden van apps erg belangrijk. Door de opkomst van de apps is er er een verschuiving aan het optreden naar meer vraag-gericht organiseren en interacteren. Iedereen loopt rond met draagbare devices, die via wifi of 3/4G zijn gekoppeld aan de cloud. 

Veel organisaties denken op dit moment na over een eigen applicatie (app) op een smartphone/tablet, maar lopen tegen de volgende knelpunten en vragen op. 

Heb ik een app strategie nodig, en hoe combineer ik dat met mijn online en offline strategie? 

Brengt een app omzet, kostenbesparing/efficiency. 

Wat wordt het doel van mijn app? 

Wat betekent dit voor mijn organisatie? 

Wie kan zo’n app voor mij ontwikkelen, en wat kost de ontwikkeling van een app? 

Voor welke OS platformen moet ik apps ontwikkelen? 

Informatie over zakelijke apps en hoe bedrijven deze strategisch en tactisch toe (gaan) passen is nog nauwelijks te vinden. Op 15 november is er een speciaal event over app-ontwikkeling. Het ‘bedrijf zoekt app’ event in Eindhoven is bedoeld voor bedrijven (profit en non-profit) om antwoorden te zoeken en te vinden. Met lezingen en een beurs is een breed scala aan sprekers en bedrijven aanwezig die hun  diensten en producten tonen op het gebied van app ontwikkeling, mobile device management, app enterprise stores en tools.
Tijdens het ‘Bedrijf zoekt app’ event wordt de award uitgereikt voor de beste B2B (Business to Business) app van 2011. Voor meer informatie over het event en aanmelden: www.bedrijfzoektapp.nl 

Het event vindt op 15 november 2011 plaats. Locatie High Tech Campus, Eindhoven. 

ICT dip 

We gaan een moeilijke kerst tegemoet, waarin ongetwijfeld het publiek en masse de tablets en de ereaders zal aanschaffen, maar niet breed zal investeren in traditionele ICT via het ICT-dealerkanaal. Het wordt vechten om een stukje van de tablet-koek, goede en eerlijke voorlichting zijn cruciaal, en op termijn het enige echte wapen van de vakhandel. Die moet wel zorgen om naast de hardware ook de diensten, en dan met name de data-abonnementen, te kunnen aanbieden. De wifi-only pads kunnen nog via de massa-discounters, wie ook 3G data wil op z’n zakplat wil wat meer weten en klopt bij de specialist aan. Maar hier liggen de providers op de loer, ook zij willen een stuk van de koek en komen tegen december met zeer aantrekkelijke acties. Jammer genoeg spelen de rechtszaken, die de grote spelers ook in ons land tegen elkaar voeren, door het hele marketing verhaal heen, wie kan en mag wat verkopen? 

Nieuwe harwdare is leuk, maar ook het aantal manieren en diensten om content en apps binnen te halen, legaal en illegaal, neemt steeds toe. Het wordt steeds makkelijker on content via het internet binnen te halen, vrijwel alle grote spelers bieden daartoe sites en diensten aan. Een tsunami aan content, in de tijd dat veel al snel meer en teveel wordt, want hoeveel uur kunnen we per dag facebooken, emailen, internetten en dat nog leuk blijven vinden? Als we Apple en Steve Jobs ergens voor moeten bedanken is het wel het opbouwen van een wereldwijd functionerend afnamesysteem voor content, muziek, films, apps, want dat is de kracht van Apple. Ze maken leuke apparaatjes, maar die dienen allemaal het doel, je verbonden (voelen) maken met de motherlode, de ultieme portal, iTunes. Apple maakte betalen voor content weer fatsoenlijk, en de opmars van Apple als consumenten supermerk begint pas. Met relatief simpele AppleTV nu al iTunes en YouTube in de huiskamer. En met wat er als huiskamerbeeldscherm nog uit Cupertino op ons afkomt wordt ook kiezen uit beeldcontent net zo eenvoudig wordt als een iPad, is het gerucht. Op tijd, want waar UPC, Ziggo en de kabelboeren jaren de tijd hebben gehad hun digitale poppenkast gebruiksvriendelijk te maken, is dat nog knudde en is het weer aan de interface-tovenaars om daar een nieuwe stap in te maken. 

Microsoft visie 

In een nieuwe video laat Microsoft weer haar toekomstvisie zien, waarin met vooral ingaat op wat real-time kan gaan inhouden. De video toont dat elk apparaat realtime informatie geeft om mensen te helpen met winkelen, reizen en zaken doen, bijvoorbeeld door een vertaalfunctie, die in een bril is ingebouwd. In elk elektronisch device, werktuig of huishoudelijk  voorwerp is een touchinterface geïntegreerd die weer in verbinding staat met andere apparaten, zodat informatie overal en altijd opvraagbaar is. Reizen, afspraken, overal zijn digital signage systemen die beelden projecteren, die actueel en realtime informatie geven over waar men is, de agenda en andere zinvolle gegevens voor de gebruiker op dat moment. Beelden overal en bediening door spraak en handbewegingen, een toetsenbord wordt overbodig. Voorts laat men zien dat werken met driedimensionale hologrammen en besturing door het maken van gebaren mogelijk wordt. Computers krijgen in de visie van Microsoft niet langer alleen een passief ondersteunende taak voor dataverwerking en doorgifte naar de gebruiker van externe signalen, maar zullen zelf ook suggesties maken voor activiteiten, aankopen en vertier door verbanden te leggen tussen verschillende datasets. We krijgen de informatie aangeleverd waar en wanneer nodig, via verschillende devices en interfaces, goeddeels embedded technologie die we niet meer als zodanig kunnen herkennen. 

Het blijft overigens bij technische wondertjes. Dat die ons productiever, effectiever en gerichter maken is mooi, dat ze ons helpen betere relaties met anderen te bouwen klinkt ook leuk. De basisvraag, wat is informatie, blijft echter onbeantwoord. Het is allemaal doortrekken van de nu bekende technische lijntjes, echt anders denken is er nog niet bij, filosofisch gezien is het dus geen doorbraak en over eventuele nadelen zwijgt men ook maar. 

Apple werkt aan TV 

Na de iPod, iPhone en iPad zit er nu misschien een iSee of iTV aan te komen, want Apple zou werken aan de ontwikkeling van een TV-toestel. Nog meer Apple in de huiskamer, is de opzet en natuurlijk ook een dienst om daar meer films en content te brengen. De man achter iTunes en IPod, Jeff Robbin zou het project leiden. 

De TV, met een simpele user-interface en spraakbesturing a la Siri, zou ook draadloos content synchroniseren met andere Apple devices en iCloud accounts. Apple heeft op dit moment de Apple TV, een apparaatje dat in de TV gaat en toegang geeft tot iTunes, NetFlix en YouTube. Onder de nieuwe opperkok Cook moet Apple nu z’n positie als marktleider en innovatie-vulkaan gaan waarmaken zonder de inspiratie van Steve Jobs. Zijn laatste iGo move sluit een periode af van ongekende groei en merkbekendheid voor Apple. Jobs was geen aardige man, eerder een eigenwijze tiran die z’n mensen stevig aanpakte en weinig tegenspraak duldde, maar kreeg postuum toch een soort digitale heldenstatus. Een nieuwe biografie laat echter ook zien, dat bijvoorbeld z’n ruzie met Eric Schmidt en Google heftige vormen aannam. 

Steve Jobs 

Met het overlijden van Steve Jobs verliezen wij (én Apple) één van de pioniers van de computerindustrie, maar ook een geniale marketeer die goede begreep wat de klant zoekt en wil. Hij was een typische Californische ondernemer, tamelijk new-age georienteerd en iemand die het psychedelische LSD wel als grote inspiratiebron durfde te neomen. Een beetje een vreemde man dus, die ook flink op z’n bek ging, maar terugkwam en bewees dat ie vooral de psychologie van de markt goed begreep. 

Apple moet verder, maar zijn er nog nieuwe geniale producten onderweg, of gaat men nu wat prutsen en upgraden van wat er ligt. Men stelde onder de nieuwe leider Cook met de iPhone 4s toch wat teleur, terwijl Samsung nu wereldwijd meer smartphones verkoopt dan Apple. De wel verwachte iPhone 5 kwam er niet, bij geruchte omdat de ingebouwde projector in het nieuwe model te veel warmteproblemen gaf en men dus maar een upgrade uitbracht van het 4 model met snellere hardware. 

Als we kijken naar de opstelling van Apple de laatste maanden, waarin met name veel energie is gestoken in rechtszaken, claims en ruzies met andere fabrikanten, dan zou het erop kunnen duiden dat er een andere sfeer heerst bij Apple. Van fabrikanten en ontwikkelaars horen we over claims en tegenclaims, maar ook dat de nieuwe iPhone5 al bij een aantal ontwikkelaars en partners lag en vrij breed tenminste een aantal details bekend waren, zoals de mogelijkheid van een projector. Er ging wat fout, plan B kwam er, en de 4S kwam later dan verwacht. Het model  lijkt op een patch met wel snellere hardware en wel een nieuwe iOS5 versie, maar niet echt wat men oorspronkelijk wilde. De 4s verkoopt goed, 4 miljoen in drie dagen, maar mist wel de LTE (snel 4G telefoneren) aansluiting, iets wat Samsung en Google met de nieuwe Galaxy Nexus wel gaan bieden. En met het spraakcommando-speeltje Siri van iOS5 bleek iets mis, ook als de telefoon uit staat kan een ander er berichten mee versturen. 

Tablet-markt, van verticaal naar horizontaal 

De iPad bracht een hele nieuwe manier van computeren naar het grote publiek, eerdere pogingen van Microsoft in die richting faalden. Was de tijd en de techniek er rijp voor, of was het vooral de aantrekkingskracht van het i-denken, dat deze ommekeer bracht. De platte touch-schermen brengen (en dat is nog niet echt opgemerkt door de pers)  ook een paradigma-verandering in het ICT-gebruik, we gaan van verticaal naar horizontaal. dat is een andere manier van toegang en gebruik van data, maar ook een andere manier om samen met de computer te werken. Ook organisatorisch is de iPad een overgang van verticaal/hierarchisch naar een horizontale organisatie. IPads binnenhalen betekent dus meer dan wat andere hardware, er komt een andere werkmodus mee, een andere manier om informatie en werk te delen. Dit gaat zeker voor grotere organisaties een enorme cultuurschok betekenen. Minder managementlagen, andere communicatievormen, naast sociale media zijn ook horizontale overlegstructuren via tablets een bedreiging voor de piramide-organisatie.  

Wereldwijd komen nu de pads via de onderkant van de organisatie binnen, de behoefte aan desktops neemt af, wel vraagt de overgang naar de cloud en office overal forse investeringen in netwerk-resources, servers, routers en opslag. Daardoor kan Intel nog omzetwinst boeken, maar zien we de paniek bij bedrijven als HP, Dell en ook software-giganten als Oracle toeslaan.  

Meer concurentie 

Apple kan, ondanks de juridische gevechten, niet voorkomen dat anderen de tablet-markt opgaan en met name qua prijs lager gaan zitten. In Nederland, waar we met die subsidie-cultuur zitten, valt dat niet erg op, maar elders ziet de consument die 600Îvoor een tablet wel. 

Apple scoorde in de smartphones goed, maar wel in een mobiele markt die in Nederland en het Westen vrijwel vlak ligt, en waarin anderen zoals Samsung wel actiever worden. Voor de tablets is de positie van Apple nog   die van onbetwist marktleider is, maar het marktaandeel loopt terug, ofwel met name Samsung begint echt te groeien. Dit terwijl aan de onderkant de goedkope tablets via Blokker en mass-merchandisers en in de VS via Amazon de markt opkomen en stevige prijsdruk veroorzaken. Dat zijn wel beperkte dingen, met oudere Android en minder mogelijkheden, maar ze liggen qua inkoop veel lager, vanaf 60 dollar en voor de consument is een prijs van 150 euro of minder wel aantrekkelijk, dat brengt een nieuwe klantengroep binnen. De ICT-retail, waar nu veel non-Apple tablets verkocht worden, moet oppassen dat ze hier de boot niet gaan missen en met name moeten ze zelf bundels en abonnementen gaan aanbieden. 

De jongste ontwikkelingen in de smartphone en mobiele wereld komen echter niet van Apple, maar uit een andere hoek. Niet alleen de stap naar 4G en het inbouwen van nieuwe hardware als video-beamers, maar ook virtualisatie.  

Meerdere profielen of touchtops 

Mobiele virtualisatie, waarbij de gebruiker op dezelfde hardware andere “touchtops” laat draaien is een noodzaak, nu men steeds meer de tablet zowel voor zakelijk als voor privé doeleinden gaat gebruiken. Die werelden moeten gescheiden worden, uit privacy en veiligheidsoverwegingen, maar ook omdat het gebruik sterk verschilt. Aan de ene kant een profiel met toegang tot databases en zakelijke toepassingen binnen een strakke, maar veilige opzet. Aan de andere kant de wirwar van creatieve media-speler en social netwerk applicaties, volgeladen met apps en vertier. Verizon en Telefonica zijn al, samen met VMware, bezig een dergelijke virtualisatie te implementeren, op basis van Android. 

Steun van de operators 

In veel markten, zeker waar subsidies zoals wij die ook hier kennen een bepalende factor zijn in de markt, is het niet de klant maar de operator die feitelijk bepaalt wat verkocht wordt. Een mooie deal tussen operator en fabrikant betekent ook een leuk aanbod voor de klant, maar minder voor de fabrikant. De eigenschappen van het apparaat tellen minder mee, de gemiddelde bundelklant let daar minder op dan op z’n maandkosten en gaat mee met de promotiekreten van de provider. Natuurlijk telt merkbekendheid mee, dat geldt zeker voor Blackberry en Apple, die zo goed lagen bij het publiek, dat de operator hen niet kon passeren. Maar de tijden veranderen, een grote storing van Blackberry kost niet alleen de steun van de gebruiker, ook de operators gaan aarzelen. Blackberry was al, met vooral voor zakelijke gebuikers een interessante wereldwijde email-dienst zonder extra roaming kosten, door de operators wat weggeschoven. Die willen geen onbeperkte deals meer, maar flink verdienen aan internationaal dataverkeer, zolang dat nog kan. 

Apple, dat tot nu toe tamelijk arrogant de providers kon dicteren wat ze mochten verkopen, moet het hebben van innovaties die de klant doen vragen om de i-producten. Als de innovatie wat stilvalt, en die indruk bestaat, dan zullen de providers direct naar alternatieven kijken en dat gaat Apple marge en marktpositie kosten. 

De providers hebben het toch al moeilijk, omdat de klant die ze eerst met onbeperkte data-bundels lekker hebben gemaakt, nu oploopt tegen behoorlijk geknepen debiet-maxima voor digitale downloads en wie nog wel quasi onbeperkt is loopt tegen geniepige fair use limieten aan. De mooie tijd van onbeperkt surfen en downloaden is voorbij, en de klant beseft dat en voelt zich bedrogen.    Men gaat tellen en ziet in dat de subsidiedeals feitelijk duurder zijn dan sim-only. Die trend dat kan voordelig zijn voor de onafhankelijke retailers, die de tabelts en smartphones kunnen leveren, installeren en helpen een goed abonnement te kiezen uit het onoverzichtelijke aanbod. En wie zelf apps kan maken of aanbieden, liefst in verticale markten, is nu spekkoper. 

De cyberrevolutie: materialisme in digitaal masker 

Na de Arabische lente, en de Lybische onzinoorlog is het nu de hete herfst van de Occupy-beweging, die de cultural creatives motiveert tot actievoeren, op straat in Wall Street en in vele steden in de wereld, maar vooral in cyberspace. 

De mainstream media negeren het of brengen het als vrij onbelangrijk nieuws, en doen het af als onbezonnen activisme en ontevredenheid over de banken en het systeem, maar op de blogs, in tweets en op youtube bezingt men het als de grote cyberrevolutie. De occupy beweging trekt wel de aandacht van de alternativo’s, de quasi-verlichtten zoals Deepak Chopra, Paul Krugman, Slavoj Zizek, Lawrence Lessig, Naomi Klein en andere nieuwlichters vertonen zich, opzichtig, bij de bezetters, chanten wat en gaan mee in het koor der beschuldigers. Het kapitaal, de rijken, de 1%, de zakkenvullers, de profiteurs, de rij der victims zingt vooral het lied der projectie. Geef een ander de schuld, dan hoef je zelf niet echt wat te doen, maar kun je lekker samen wijzen naar de ander. Dat banken, grootkapitaal, politiek, woekerpolissen, niet de oorzaak, maar een symptoom zijn, het resultaat zijn van ons collectief materialisme en bezitsdrang, en die weer voortkomt uit angst ontgaat onze brave occupyers. Wij zelf, allen en iedereen, zijn de oorzaak, wij hebben ons bang laten maken, zijn gaan zoeken naar materiële zekerheid, veiligheid en hebben de vrijheid daartoe geofferd. De schuld bij een ander leggen is escapisme, een vlucht voor de harde werkelijkheid, dat wij tenminste medeschuldig zijn. Het klinkt zo mooi, we zijn gevallen voor de verleidingen, het slachtoffer van de slechte bedoelingen van verzekeraars, kredietinstellingen, banken, politici; aan het kruis ermee. 

De filosofen gaan er graag in mee, het neoliberalisme, ooit gezien als het eindspel van de beschaving, kan zo mooi worden bijgezet, maar wat is het alternatief? Terug naar een mooi en idealistisch socialisme, de rijken pakken en als Robin Hood de armen helpen, marxisme in de nieuw jasje, vechten tegen das Kapital? Dat model ging in de 20-e eeuw ook onderuit, maar brengt het kapitalisme in een schijn-democratisch jasje wel meer geluk, meer gelijkheid, vrijheid en broederschap? 

Dit soort vragen kan alleen beantwoord worden als we de grote trends van de laatste paar honderd jaar duidelijk krijgen. Dat zijn een toenemende virtualisatie, een afnemende verbinding met het andere en de ander (individuatie) en een overgang van product naar proces met als kenmerk steeds kortere terugkoppeling en meer opslingering, met als gevolg meer angst, meer kwaadheid en meer projectie, de ander heeft het gedaan. Het gaat dus eigenlijk om psychologische of sociaal-psychologische ontwikkelingen, die de individuele mens en de samenleving steeds verder tegen elkaar opzetten. We weten steeds meer, maar begrijpen steeds minder, wijsheid ingeruild tegen materialisme, egocentrisme en wetenschap. De oeroude wijsheid dat wij zelf onze wereld scheppen, dat Thou art That (Tat Svam Asi), dat het leven een les is om liefde en waarheid met elkaar te verbinden; we offeren dat op aan de zelfbestemming en ambitie van Facebook, onze iPhone, creditcard en wereldreizen. Het magische en miraculeuze gereduceerd tot een wilsuiting, toveren een trucje uit The Secret, ervaren een voorgeleefde werkelijkheid van film, game of winkelen. 

Ons zijn, ons hart en ons geheugen is gevirtualiseerd, ontdaan van het leven en weggegeven aan de cloud, waar onze identiteit nu resideert , want wat zijn we zonder onze website, flickr of facebook avatar. De individuatie, een mooi ideaal van de vroege psychologen, is verworden tot een digitaal masker, je bent wat je op internet voorstelt, je digitale cv is bepalend. De externalisatie en daarmee maskering van onze echte binnenwereld, die begon met rotstekeningen en verhalen is nu zover, dat we allemaal geloven ons ego te zijn, maar feitelijk zijn we goeddeels gevangen in de energie en ankering van ons masker in opgedrongen beelden en hypnotische suggesties, met meestal de schuldige voor wat we beleven buiten ons. Kerk, geloof, verbinding met het andere, liefde, bewustzijn, allemaal gereduceerd tot niet bewijsbare illusies, wetenschappelijk gezien onzin; geluk gereduceerd tot vragenformulier of het aantal Facebook-vrienden of dates. 

Een levensdoel, voorbij de materiële optelsom en fysiek overleven, is een anachronisme geworden, iets voor simpletons die niet begrijpen dat alles proces is, alles flow, alles ervaren, dat waarden maar afspraken en contractitems zijn, en geluk de optelsom van wat je hebt. Bewustzijn in de zin van zelfkennis, ach dat is toch voor de stakkers die het leven niet aankunnen, uit de race willen stappen, antidepressiva moeten slikken. Dat het ontbreken van een doel, het niet aanvaarden van een richting in deze schepping tot grote leegte leidt, angst en kwaadheid brengt en isoleert, dat inzicht laten we maar bij de primitieven, de spirituele zonderlingen en de gelovigen, die we toch niet serieus kunnen nemen. Dat verder alleen leven in en voor het proces steeds sneller gaat, steeds minder rust en demping in de steeds digitalere terugkoppellus toelaat en we daardoor instabieler worden, merken we niet eens, zwelgend in onze welvaart hebben we toch ook niet gevoeld dat onze wereld, onze aarde overvraagd begint te raken. Voorwaartskoppeling, waarbij een doel of waarde in de toekomst ons helpt en leidt, past niet in de enge causaliteit van oorzaak en gevolg, van meten is weten. Dat we de toekomst op enig niveau kunnen kennen, dat er een causale/gedetermineerde tijdsdimensie is maar ook een vrije wil en magische tijddimensie, dat tijd en ruimte maakbare illusies zijn, dat natuurwetten veranderlijk en veranderbaar, daar denken we hoogstens even over na als iemand aantoont dat de lichtsnelheid misschien niet constant is. 

Het is tijd voor een nieuwe filosofie, een nieuw besef van de verbinding van alles en overal en altijd, een nieuw inzicht in de relatie tussen de mens en z’n omgeving, waarbij echte informatie, de bewustzijnsdimensie waar de wetenschap nu toch echt aan moet, centraal moet komen te staan. Vragen over veiligheid en vrijheid, de twee paarden van Plato’s Phaedrus die onze geest moet mennen, zijn alleen op te lossen als we weer uitgaan van een zinvol doel. Het uit haat en tekort aanvallen en afbreken van de structuren die niets anders zijn dan cumulatieve projecties van onze eigen angst en kwaadheid lost niets op, in die zin is de hele Occupy golf niets anders dan een stuiptrekking van het materialisme, dat we allemaal omarmd hebben. LS oct 2011 

De straat op! 

Wereldwijd gaan jonge mensen de straat op om te protesteren tegen de banken, de instituties en de belegering van Wall Street is ondertussen voorpaginanieuws. De Arabische lente zou overslaan naar het Westen en de hete herfst zou het begin worden van de afbraak van het neoliberalisme, de zelfverrijking van een toplaag. Dat hier sprake is van de schuld elders leggen en deze demonstranten zelf ook verantwoordleijkheid dragen voor hun hebzucht, hoge hypotheken en schulden valt blijkbaar niemand op. Men ziet het als een revolutie, een einde aan het neoliberalisme.
Helaas, de winter komt er aan, de kou gaat hier z’n werk doen, want het is te vroeg, de wereld is naar mijn gevoel nog niet toe aan de grote opstand der creatieve horden. Pas volgend jaar, als Obama mogelijk niet voor herverkiezing wordt voorgedragen en een veel radicalere democraat het moet opnemen tegen Perry of een andere ook al wat gematigder republikein gaat de vlam echt in de pam. Obama wordt afgerekend o de crisis, het niet nakomen van z’n beloften (Quantanamo, Afghanistan) en de etegen die tijd uit de hand gelopen Pakistan connectie, maar vooral op z’n niet ingrijpen in de financiele zakkenvullerij en het feit, dat onder Obama veel meer mensen voor marihuan zijn gearresteerd dan onder Bush. De afro-amerikanen zullen zich dan dienfranchised gaan voelen, de moslims zijn al rijp voor revolutie en de kids zullen internet, Facebook, en twitter gaan gebruiken om zich te organiseren, met de cultural creatives achter hen. Het worden nog interessante tijden, daar hoef je de maya 2012 verhalen niet voor te geloven, het systeem is instablei en dat weten we al een tijdje, maar nu gaat het echt pijn doen en slaat de vlam in de pan. Nu nog een schoorsteenbrandje, volgend jaar vrees ik het ergste. 

Steve Jobs overleden 

Steve Jobs is overleden en daarmee verliezen we een van de pioniers van de computerindustrie, maar ook een geniale marketeer die goede begreep wat de klant zoekt en wil en daarbij LSD wel als grote inspiratiebron durfde te nomen. Zijn aftreden onlangs was dus inderdaad een signaal dat het niet goed ging met z’n gezondheid. Terwijl Apple onder de niewue leider Cook met de iPhone 4s toch wat teleurstelde, de 5 kwam er niet, bij geruchte omdat de ingebouwde projector in het nieuwe model te veel warmteproblemen gaf en men dus maar een upgrade uitbracht van het 4 model met snellere hardware. 

Als we kijken naar de opstelling van Apple de laatste maanden, waarin met name veel energie is gestoken in rechtszaken, claims en ruzies met andere fabrikanten, dan zou het erop kunnen duiden dat er een andere sfeer heerst bij Apple. Van fabrikanten en ontwikkelaars horen we over claims en tegenclaims, maar ook dat de nieuwe iPhone5 al bij een aantal ontwikkelaars en partners lag en vrij breed tenminste een aantal details bekend waren, zoals de mogelijkheid van een projector. Er ging wat fout, plan B kwam er, en de 4S kwam veel later dan verwacht, het lijkt op een patch met wel snellere hardwrae, maar verder niet wat men oorspronkelijk wilde. 

Apple ka, ondanks de juridische gevechten, niet voorkomen dat andere de tablet-markt opgaan en met name qua prijs lager gaan zitten. In Nederland, waar we met die subsidie-cultuur zitten, valt dat niet erg op, maar elders betaalt de consument toch liever wat minder voor z’n 600 of meer euro tablet.  

Nu zien we wel dat Apple in de smartphones goed scoort, maar wel in een mobiele markt die in Nederland en het Westen vrijwel vlak ligt, maar waarin anderen zoals Samsung wel actiever worden, ten koste van Nokia. Voor de tablets is de positie van Apple echter minder, men verkoopt wel meer omdat de iPad2 echt onbetwist marktleider is, maar het marktaandeel loopt terug, ofwel met name Samsung begint echt te groeien, terwijl aan de onderkant de goedkope tablets via Blokker en mass-merchandisers en in de VS via Amazon de markt opkomen en stevige prijsdruk veroorzaken. Dat zijn wel beperkte dingen, met oudere Android en minder mogelijkheden, maar ze liggen qua inkoop veel lager, vanaf 60 dollar en voor de consument is een prijs van 150 euro wel aantrekkelijk, dat brengt een nieuwe klantengroep binnen. De ICT-retail, waar nu veel non-Apple tablets verkocht worden, moet oppassen dat ze hier de boot niet gaan missen en met name moeten ze abonnemneten gaan bieden, WeCompany biedt hier pasklare oplossingen (wel alleen met KPN). 

Bing, Microsoft 

Ook grote bedrijven gaan soms fors de mist in, maar dat Microsoft nog steeds meer dan een miljard per kwartaal verliest aan zoekmachine Bing is opvallend (5,5 billion $ sinds juni 2009). 

Bing groeit qua marktaandeel nog wel, nu 14,7% maar het lukt niet er aan te verdienen, anders dan Google pakt men het blijkbaar niet handig aan, en er wordt gesproken over het sluiten. Nu heeft Microsoft geld genoeg, maar een lekkende kraan van dit formaat is niet handig. Zijn dit fouten of bewuste risico’s en wie gaat hier de zwarte Piet krijgen. Want het is weer de tijd van de vallende CEO’s, Apotheker mag oprotten bij HP met 7 miljoen premie, z’n opvolger doet het voor 1 dollar, as je het gelooft. 

Dat je marktaandeel kunt kopen gelooft ook Amazon, dat een iPad concurrent neerzet met de Kindle Fire, een Android pad voor 199 dollar waar Amazon dan 50 dollar op zou verliezen, maar dat blijkbaar doet om marktaandeel te pakken. Amazon heeft met de eboeken natuurlijk wel de kans wat terug te verdienen, maar dat doet Apple ook met iTunes. 

Verder valt me op dat email 2.0 sterk richting intranet en private social networks gaat, Yammer is al een soort wegwijzer, maar er zijn veel meer nieuwe communicatiemodellen, want dat email enorm veel tijd opslok door spam, rommel, slordige berichten en onzin is langzamerhand wel duidelijk. Er zijn al bedrijven die de interne email willen uitbannen en dan komen video-chats en open verbindingen tussen werkplekken in beeld. Email 2.0 is hard nodig, maar hoe het er precies uit gaat zien is nog onduidelijk. Verbeteringen in bv Google waarbij het ontbreken van bijlagen, spelfouten, te grote files en andere problemen al wordt gefilterd en aangegeven is een stap naar efficientere email, maar er gaat nog veel meer komen. 

Meer samen 

Allerwege sluiten de rijen zich, soms over de juridische gevechten over octrooien  heen. Bedrijven gaan samenwerking aan om trends als cloud, BYOD en tablets beter te kunnen volgen. Zo maakten Intel en Google hun plannen bekend om toekomstige versies van het Android-platform te optimaliseren voor Intels energiezuinige Atom-processorfamilie. 

Dit samenwerkingsinitiatief is bedoeld om Intels smartphoneactiviteiten te stimuleren. Nu werken nog veel devices met ARM-chips, die favoriet zijn voor het Android platform. Otellini onthulde ook een veel zuiniger  ‘Haswell’ chip voor Ultrabooks (2013). Zuiniger is natuurlijk betrekkelijk, hangt van de applicaties op, video vraagt gewoon veel batterijstroom. 

De trend naar lichter is overigens op veel gebieden merkbaar, dat Windows 8 veel “dunner” en  “lichter” wordt is niet alleen om de tablets met hun wat mindere rekenkracht en opslag te accommoderen, maar het lijkt er ook op, dat men de core wat minder breed gaat maken, om dat aan te vullen met apps. Daar kun je geld aan verdienen, functies ergens vanuit de cloud betaald laten gebruiken is ook voor Microsoft het nieuwe business model. 

Zwaar weer 

De economie, de euro en daarmee de rust ligt de laatste maanden zwaar onder vuur en dat we volgend jaar gaan inleveren, daar heb ik Beatrix en de troonrede niet voor nodig. Het wordt zwaar. Minder ruimte qua bestedingen en of de banken het redden is ook nog maar de vraag, dus mijn pensioen is ook allerminst zeker. De dubbele dip is er op de beurs in ieder geval al. Ook in de ICT is er paniek. Intel en Microsoft (met Nokia in touw) beseffen dat er een echte verschuiving heeft plaatsgevonden en dat ze die trend aan het missen zijn, te lang hebben gekeken naar de desktop. HP praat over herschikking van haar divisies en wil ook meer cloud en diensten. Daarnaast rolt men over elkaar heen in de patentenoorlog (octrooien heet dat formeel), iedereen tegen iedereen; haal de spullen maar weer uit de winkel. 

De tablet heeft het ‘kantoor overal’ vrij plotseling opportuun gemaakt. De echte gevolgen voor providers, onroerend goed, economie, organisatiestructuren en het juridische systeem zijn zo diepgaand, dat vrijwel niemand het echt kan overzien. 

De overheid en helaas ook de meeste bedrijven lopen achterop. Het is niet alleen de beveiliging, men is het overzicht kwijt met paniekvoetbal als gevolg. DigiNotar was nog maar een voorbode. Alles digitaal is alles kwetsbaar, dat gaan we nog wel merken. 

Anti-trust 

In de VS ligt de voorgenomen overname door AT&T van het T-Mobile netwerk van Deutsche Telekom nu onder vuur. De autoriteiten hebben bezwaren en de concurrentie ziet het ook niet zitten. Dat de klant bij een te beperkt aantal spelers in een markt de dupe wordt, kan iedere mobiele gebruiker en zeker de mobiele data-user in ons land beamen. De grote boys hebben na wat waarschuwende woorden en slachtofferberichten over teruglopende inkomsten door teveel dataverkeer, een einde gemaakt aan onbeperkt mobiel dataverkeer. Wie dat wil, betaalt nu stukken meer, de meeste abonnementen en deals zijn zwaar beperkt. Bestaande contracten lijken zeker, maar via het fair-use regeltje worden ook daar de dataschroeven aangedraaid. Fabrikanten als Blackberry die ook internationaal onbeperkt dataverkeer gebruikten, verdwijnen uit de catalogi en websiteaanbiedingen. De veelgeprezen BES-optie wordt nu weggestopt. 

Waarom heeft men die versmalling van de concurrentie toch laten gebeuren? Telfort had nooit naar de KPN mogen gaan. Welke belangen maakten dat toen mogelijk? Waar de politiek nu toch beseft, dat de hele privatiseringswaanzin van de afgelopen eeuw niet heeft geresulteerd in lagere prijzen en betere service, maar vooral een paar mensen ongelooflijk rijk heeft gemaakt, neemt men hier nog geen duidelijke maatregelen. Integendeel, men gaat rustig door zoals met de privatisering van de Amsterdamse haven (2.650 hectare voor 6 euro/m2). 

Het is weer de tijd van de grote beurzen. De mooie gadgets overal: IPV6, robots, mobiel, 3D. Ook hier geldt dat meer digitale koppeling meer kwetsbaarheid betekent. Op afstand de medische apparatuur van opa ontregelen, wordt actueel! 

Een trend, die me opvalt is Social TV: het koppelen van het televisieprogramma op de grote (huiskamerbuis) aan andere devices, aan interactieve opties via de remote (ook al bijna een computer op zich), aan internet voor directe reacties (en aankopen) en via Skype praten met wat bekenden of familie. De sociale mediaberichten die inhoudelijk vaak nergens over gaan, krijgen zo een quasi zinvolle inhoud: samen kritiek geven op die quiz, een voetbalmatch, bijna net zo goed als samen op de bank bij de F-side. 

Digital divide 

Rijke mensen doen meer met internet, letten beter op digitale aanbiedingen en gebruiken de nuttige en handige diensten van internet meer dan mensen uit lagere inkomensgroepen. Die digitale kloof groeit en hangt niet alleen af van de economische situatie maar ook van de leeftijd en - in ons land - van de etnische achtergrond. 

Het gevaar bestaat, dat de ‘digital divide’ zo groot wordt, dat hele groepen in de samenleving feitelijk buitengesloten raken. Ze doen niet meer mee, kunnen de nu steeds vaker digitale vereisten wat betreft burgerparticipatie, betalingsverkeer, medische- en andere zorg gewoon niet aan en vallen zo buiten de boot. En laten we eerlijk zijn, wie kan wel wijs uit de wirwar, de al dan niet betrouwbare, digitale certificaten, inlogcodes, spamberichten, en je computer die geregeld ‘raar’ doet. 

De overheid heeft ook de neiging om onder de noemer van de efficiëntie steeds meer digitale verplichtingen op te leggen. Maar men neemt geen maatregelen om de volgers, de achterblijvers en de digitaal armen erbij te betrekken. Dat gaat soms heel geniepig. Zo is er voor het digitaal invullen van BTW aangiften en bedrijfsaangiften geen helpdesk meer. Wie het niet begrijpt, moet maar een accountant nemen. Dat daarmee hele groepen ondernemers aan de rand van de digitale arena worden buitengesloten of op voor hen onoverkomelijke kosten worden gejaagd, daar maakt men zich niet druk over. We krijgen naast de scheiding in digitaal mondige burgers en de achterblijvers ook een scheiding in ondernemers met en zonder digitale vaardigheid. Dat is gevaarlijk, want die sector (en die wordt door de economische voortsleepcrisis alleen maar groter) zal dan vrijwel zeker blijven werken met contant geld, schoenendozen en onderling vertrouwen. 

Diginotar: paniek bij de overheid 

DigiNotar: wie had gedacht dat een op zich nieteens als aanval op de Nederlandse overheid bedoelde hack zo’n paniek zou veroorzaken. Zelfs Microsoft, dat via een (automatisch elders, hier aanvinken) update probeerde de schade door niet meer betrouwbare certificaathouders af te schermen, raakte in de knel. Want de Nederlandse overheid blijkt zoveel DigiNotar koppelingen her en der te gebruiken, dat een brede afscherming hele diensten zou (kunnen) platleggen.  werd gehackt. 

Diginotar is een Nederlands bedrijf dat beveiligingscertificaten verkoopt, maar juridisch nu deel uitmaakt van Vasco Data Security International. 

Diginotar is gehackt door een Iraanse partij, al maanden geleden, maar merkte dat pas op 19 juli en maakte dat pas op 30 augustus bekend. Te laat, en toen bleek ook dat DigiNotar zichzelf nogal prutserig beveiligd had. De hack betrof het genereren van valse veiligheidscertificaten (die garanderen dat verkeer niet afgeluisterd of onderschept kan worden) genereren en dat is ook gebeurd, onder meer voor google.com en vele honderden andere diensten zoals Skype, Twitter, Facebook. Ook zijn certificaten voor andere certificatenuitgevers zoals Verisign en die voor websites van inlichtingendiensten (CIA ,  Mossad) nagemaakt. Op die manier zouden gegevens en communicatie onderschept kunnen worden, blijkbaar wilde iemand (de Iraanse overheid?) meer weten over bepaalde berichten van of naar Iran, want een abnormaal groot deel van de veilighiedschecks de afgelopen tijd kwam uit Iran. 

Nu zeggen de experts dat het niet zo’n vaart zal lopen, maar de paniek sloeg toe. Alle DigiNotar certificaten zijn nu verdacht en daar wringt de schoen, want in Nederland wordt op ruime schaal en ook door de overheid en met name de belastingdient gebruik gemaakt van DigiNotar. Ook DigiD werkt er mee ein dat zou gekraakt zijn volgens een paar van de vele secirity-bedrijven die zich ondertussen mee bemoeien. De overheid probeerde nog even te sussen, maar blijkbaar is het inderdaad fout gegaan en dat levert dus een probleem op, want hiermee zou niet alleen vertrouwelijk info op staart komen, maar DigiD inlogcodes etc. misbruikt kunnen worden. 

Het overstappen op andere certificaten en diensten door de overheid blijkt nu een hele operatie en daar vonkte Microsoft leuk tussendoor met een (half)-automatische update, die browser verteld dat bepaalde sites niet te vertrouwen zijn en ook daarbij ging weer van alles mis. DigiNotar, net als de echte notarissen ook niet meer te vertrouwen. Misschien is dit wel een duidelijk signaal, dat de overheid het vertrouwen van de burger aan het verspelen is, gepruts op alle fronten de laatste jaren. 

Anti-trust 

In de VS ligt de voorgenomen overname door AT&T van het T-Mobile netwerk van Deutsche Telekom nu onder vuur. De autoriteiten hebben bezwaren en de concurrentie ziet het ook niet zitten. Dat de klant bij een te beperkt aantal spelers in een markt de dupe wordt, kan iedere mobiele gebruiker en zeker de mobiele data-users in ons land be-amen. De grote boys hebben, na wat waarschuwende woorden en slachtofferberichten over teruglopende inkomsten door te veel dataverkeer, een einde gemaakt aan onbeperkt mobiel dataverkeer. Wie dat wil, betaald nu stukken meer, de meeste abonnementen en deals zijn zwaar beperkt. Bestaande contracten lijken zeker, maar via het fair-use regeltje worden ook daar de dataschroeven aangedraaid. Fabrikanten zoals Blackberry, die ook internationaal onbeperkt data-verkeer gebruikten, verdwijnen uit de catalogi en website-aanbiedingen, de veelgeprezen BES-optie wordt nu weggestopt. 

Waarom heeft men die versmalling van de concurrentie toch laten gebueren, telfort had nooit naar de KPN mogen gaan, welke belangen maakten dat toen mogelijk? Waar de politiek nu toch beseft, dat de hele privatiserings-waanzin van de afgelopen eeuw niet heeft geresulteerd in lagere prijzen en betere service, maar vooral een paar mensen ongelooflijk rijk heeft gemaakt, neemt men hier nog geen duidelijke maatregelen.Integendeel, men gaat rustig door.  De privatisering van de Amsterdamse haven, (2650 hectare voor 6 euro/m2) is nu, mede door een burgerinitiatief van mijn kant wat uitgesteld, maar ook daar werd weer wat moois vernield! 

Een trend, die me opvalt is Social T, het koppelen van het TV-programma op de grote (huiskamer-buis) aan andere devices, aan interactieve opties via de remote (ook al bijna een computer op zich), aan internet voor directe reacties (en aankopen) en vai skype aan wat bekenden, familie ook net zitten te bekijken. De social media berichten, die inhoudelijk vaak nergens over gaan, krijgen zo een quasi-zinvolle inhoud, samen kritiek geven op die quiz, die voetbal match, bijna net zo goed als samen op de bank bij de F-side. 

Jobs vertrekt 

Steve Jobs weg als CEO bij Apple. Het zat er natuurlijk aan te komen, het herhaaldelijk ziekteverzuim van Steve Jobs gaf wel aan, dat de oprichter en inspirator van Apple zich zou gaan terugtrekken. Zijn opvolger is Tim Cook, overigens met de blessing van Jobs. Het vertrek is nu officieel aangekondigd, waarschijnlijk mede vanwege de gezondheistoestand van Jobs; en een golf reacties geeft wel aan, dat dit voor Apple en de hele ICT een belangrijk moment is. Zeker de laatste jaren groeide Jobs uit tot de profeet van de i-golf, de apparatuur die sterk persoongebonden alle diensten en mogelijkheden van internet en de hele content-industie binnen vinger-, hand-, oog- en oorbereik brengt. Zelfs al kan hij beschouwd worden als een tikje alternatief, een echte new-age californier, zijn talent en visie op wat de gebruiker belangrijk vindt zijn ongeëvenaard, alleen Jack Tramiel (Commodore en Atari) is vergelijkbaar, hij probeerde overigens ooit het nog jonge Apple over te nemen. 

Steve Jobs heeft met iPod, iPhone en iPad de user-interface naar de digitale wereld drastisch veranderd, niet alleen door het gebruik van aanraakschermen, maar door een revolutionaire en innovatieve aanpak van de hele interface. Met name de iPad markeert de overstap van een verticale (beeldscherm) interface naar een horizontale (tafel) interface, waardoor ook het hele paradigma van de tot nu toe bekende toegang via een venster er tenminste een volwaardige concurrent heeft bijgekregen. Ondertussen zijn andere interfaces dan Microsoft Windows, op zich al een beetje namaak van de Mac, nu zeker in de mobiele wereld al groter met Android en Apple’s iOS aan de top. 

Apple deed het goed, vooral omdat men (met Jobs aan de leiding)  inzag dan content, platform en OS samenhangen en die als één pakket aanbood, veel beter dan IBM of Microsoft, de giganten van de vorige ICT-golven. Het zijn nu Google en Apple, die vechten om de toppositie in de ICT, CE en content-access markt. Dat de beurswaarde van Apple een paar maanden geleden die van Microft overtrof, was wat dat betreft een signaal. 

De positie van Jobs wordt als cruciaal gezien, dat bleek al bij eerder verzuim wegens ziekte, ook bij deze aankondiging gingen de aandelen van het concern direct omlaag op de beurzen. Natuurlijk heeft het bedrijf al rekening gehouden met het vertrek, het is niet helemaal onverwacht, maar het blijft de vraag of echte grote stappen, zoals die met de iPhone gemaakt zijn, mogelijk zijn onder management, dat niet het charisma en de op zich niet erg tolerante leidersschapsstijl van Jobs heeft. Hij leidde Apple niet op een erg menselijke manier, vanaf het begin draaide het bij Apple om het product en de omzet, menselijke verhoudingen kwamen pas daarna. De interne structuur van Apple is dan ook altijd vrij hard en gericht geweest, geen echt open bedrijf, je ging ervoor of je ging weg, was de opzet. Niet lekken naar buiten, een stevige interne controle en werken zoals Jobs dat wil, anders opzouten. Het heeft wel gewerkt, de resultaten indrukwekken, Jobs heeft in feite twee mal Apple groot gemaakt, eerst met de Hobby computers en de eerste Mac, na een (vrij langdurig) vertrek kwam hij via een overnamedeal van z’n nieuwe bedrijf terug om de zaak weer uit de modder te trekken en deed dat met veel aplomb, onder meer met de iMac. 

Na de comeback heeft  Steve Jobs 14 jaar als CEO van Apple gefuntioneerd, dat hij in de jaren zeventig met Steve Wozniak oprichtte (1976) en toen in 1977 met de Apple II-computer aan de basis stond van de computers thuis en in het onderwijs. Zeker in de VS werd de Apple II de eerste computer voor velen, in de rest van de wereld was dat vaak de Commodore 64, die wat goedkoper was. De zakelijke AppleIII was te laat en te beperkt, IBM pakte die markt met de IBM PC. Apple kwam in 1984 met de Macintosh, waarmee een hele nieuwe grafische (muis)-interface werd geïntroduceerd, die men wel deels had afgekeken van wat Xerox Parc ontwikkelde en op de Lisa al had uitgeprobeerd. De Lisa, die een jaar voor de Mac uitkwam, was echter te duur was voor de massmarkt. Met de Mac kwam ook het thema us-and-them naar boven, ook in de reclame met de befaamde clip. De Mac was de computer voor “the rest of us” en dat thema heeft men steeds doorgezet, de Mac (en later de i-producten) was voor de creatieven, degenen die vorm en interface waardeerden. mac waren nooit echt goedkoop, maar men betaalde voor het imageo, om er ook bij te horen. Think Different was de marketing leus, die duidelijk aansprak bij de creatieven en van daaruit ook een breder en vooral modebewust publiek bereikte.Design stond en staat voorop, een esthetisch uiterlijk en interface zijn Apple’s handelsmerk geworden, de doelgroep is wel breder geworden dan wat wel aangeduid wordt als Enneagram 3 types, maar de zakelijke markt blijft een moeilijk punt voor Apple, men heeft meer op met de consument en dan vooral de mondige, creatieve en individualistische klant met een ruime portemonnaie.. 

Na de succesvolle introductie van de Mac bleek de visie en vrij eigenwijze stijl van leidinggeven van Jobs niet meer helemaal te passen bij wat de toenmalige Raad van Bestuur wilde en vertrok Jobs. Hij ging een eigen computer ontwikkelen, met een eigen OS, dat meer naar Unix neigde.Met NeXT wilde hij de onderwijsmarkt en de zakelijke gebruikers bereiken, maar dat luke niet helemaal. Hij had, doordat z’n aandelen Apple gignatisch meer waard waren geworden, echter tijd en geld genoeg, en NeXT bleek een interessant speeltje, dat voor op OS gebied wel iets betekende. Jobs kocht ook nog de computer graphics divisie van LucasFilm, dat werd Pixar en daar werd Jobs CEO tot Pixar in 2006 verkocht werd aan Disney, Jobs kwam toen in de RvC van Disney. 

Apple ging zonder Jobs wel bergafwaarts, met een aantal topmannen die blijkbaar toch niet helemaal begrepen hoe de markt in elkaar zat, missers zoals de Newton uit 1993 waren duidelijke signalen en ook het mac-marktaandeel zakte weg. Apple verloop z’n positie, de Mac en de Mac portables bleven wel verkopen, maar er zat geen vaart meer in het bedrijf. Na twaalf jaar kwam Jobs in 1997 terug, toen Apple NeXT kocht vanwege het OS, dat later als OSX ook langzaam iOS werd, maar waarschijnlijk ook vanwege het aandel dat Jobs nog steeds had in Apple.Apple had toen geld nodig, Jobs peuterde 150 miljoen dollar los van Microsoft en ging aan de slag. De iMac was de eerste treffer en bracht Apple weer in beeld, maar met de iPod (2001), de iPhone en iPad maakt Job Apple tot een CE-topper voor mobiele devices. 

Apple-stores 

Voor de retailer is natuurlijk belangrijk of Apple nu doorgaat met de Apple-stores. Distributie lag altijd moeilijk bij Apple. Je hoorde erbij of niet, Apple een beetje doen was en is eigenlijk niet haalbaar, je ziet dat ook ketens als Mediamarkt vrij groot zijn meegegaan, na de iPhone werd Apple ook voor hen een A-merk qua schapruimte.
Apple is ondertussen gegroeid tot brede CE-aanbieder, en op mobiel gebied feitelijk marktleider, en heeft ook eigen Apple stores, in Amsterdam zou er één op het Leidseplein komen. Fysieke aanwezigheid, vooral op hippe plekken met een mono-merk presentatie is wat Apple nu nastreeft, en de productlijn groeit nog steeds, behalve de logische opvolgers als de iPhone 5 dit najaar komen er vast nog meer i-producten en diensten. Apple is ondertussen een zeer sterk merk, meer een levensstijl icoon dan een product, met Apple tel je mee in de creatieve kringen, en daarbij komt ook, dat alle i-producten met elkaar samenwerken, de lijnen en diensten vormen een samenhangend geheel, met een vrij grote compatibiliteit.  

Voor de gemiddelde ICT-retailers is Apple dus een keus, je moet er helemaal voor gaan en dat is vaak lastig, veel kleinere bedrijven zitten te dicht in de Wintel-wereld. 

De prestaties van Jobs zijn ook te vertalen in kentallen. Hij wist het marktaandeel in de VS van Apple in de PC-markt, met moeilijke aanvangsjaren, van 4,4% in 1998 naar 9,1% in 2011 te brengen, ook wereldwijd maakt Apple met de Macs een comeback. Met de iPhone, niet de eerste maar zeker de meest opzienbarende smartphone, is het VS marktaandeel nu 25,1% en hebben Nokia en Motorola zware tegenwind, terwijl Samsung tegen octrooikwesties met Apple is opgelopen. Apple heeft nu een omzet van boven de 100 miljard dollar op jaarbasis en maakt 25% winst op die omzet. De aandelen Apple zijn ongeveer 70 keer meer waard geworden sinds Jobs terugkwam in 1997. 

Motorola 

Google koopt de mobiele divisie van Motorola en wordt daarmee ook een hardware speler met ongetwijfeld naast handsets ook een positie in de pads. Door deze overname wordt steeds duidelijker, dat de grote spelers in de ICT en de CE duidelijk Google en Apple zijn, die nu beiden in dezelfde markt opereren, met hardware en software, al blijft Apple wat betreft iOS wel het proprietary pad bewandelen. 

Afgezien van de financiële consequenties, Google kan dit allemaal makkelijk betalen, het is in feite een uitverkoopje, al kwam Motorola wel iets terug van de dip van de voorbije jaren, is dit strategisch interessant en ook gevaarlijk. De eerdere hardware pogingen van Google met de Nexus handsets waren geen echte bedreigingen voor andere gebruikers en partners in Android, maar met Motorola als grote fabrikant wordt dat anders. Zelfs als men de naam en de organisatie van Motorola gescheiden houdt is het voor HTC, Samsung en andere fabrikanten toch een gevaarlijke situatie, wat doet Google verder met Android, bouwen ze slimme achterdeurtjes in om Motorola te bevoordelen. Hoe zit het met de hele octrooikwestie, die nu zo hoog wordt opgespeeld door Apple, maar eigenlijk als een virus door de hele industrie heen begint op te spelen. 

Double Dip 

De paniek heeft toegeslagen en is al een paar weken bepalend voor de beurs, de koersen gingen onderuit, en daarmee gaat het economisch herstel in de laagste versnelling, zo niet in de achteruit. Geen vertrouwen mee, goud huizenhoog, grondstoffen onderuit, en dat gaat allemaal nog veel meer bezuinigingen brengen, zakelijk en bij de overheid. Ook ICT gaat klappen krijgen, zeker de grote klanten zullen niet fors gaan investeren. 

Het schuldplfond van de VS is nu 14,300 miljard Dollar, zo’n 10.000 miljard euro, ofwel 20 keer ons BNP Nationale produkt in NL. De grootste schuldeisers zijn China met 1150 miljard $ en Japan met 900 miljard $, de olielanden hebben 200 miljard uitstaan. Veel te hoog en nu wordt men wakker, Amerika is topzwaar door de staatsschuld men nu forse klappen op de beurs. Ik zag het aankomen, zelfs m’n astrologen waarschuwden voor een moeilijke maand augustus en dat de AEX nu door de 300 en zelfs de 280 zakt is dus geen verrassing. De crisis in de VS heeft ook hier z’n gevolgen en met de Griekse ellende on top, het net afgewende faillisement van de Amerikaanse overheid heeft de beurzen fors in de min gedrukt, naar een niveau dat doet denken aan de dubbele dip grafiekjes. De komende weken zal het wel onrustig blijven en voor de handel is het allemaal een ramp, de broekriem wordt weer allerwegen aangehaald. 

Schaalvergroting 

De overname van Dixons en Dynabyte is een stevige hap voor Steven Bakker van Bas Group, het aantal outlets gaat van 64 naar 260 en dat is even schakelen. Nu heeft Bas als distributeur met ook een leuke brede portefeuille de laatste jaren wel geleerd hoe die toch verticaal geïntegreerde kanaal-positie effectief gebruikt kan worden, bijvoorbeeld om winkeldochters te lozen, inkoopvoordelen te behalen en ook hoe de balans tussen online en retail verkoop te vinden.  

Dat mag men nu nog een stapje breder gaan toepassen, en dan gaat het vooral om meer CE in het assortiment. Dixons is meer CE dan ICT en na het omvallen van ketens als It’s is duidelijk, dat de convergentie van CE en ICT onvermijdelijk is, ook in het kanaal. De grote discounters, met name Mediamarkt-Saturn hebben die deelmarkten al bij elkaar geharkt, en de productontwikkeling die tendeert naar mobiele alleskunners en brede thuis-servers voor ICT and AV onderstreept de noodzaak. Voor de Bas-winkels (Vobis-MyCom) krijgt men door deze overname dus waarschijnlijk wat meer grip op CE producten, en voor Dixons dus meer ICT in het schap. 

Het gat dat nu voor Bas valt is natuurlijk de mobiele telefonie, gaat men dat ook via een overname (van een van de noodlijdende telecom-ketens) invullen, of zoekt men aansluiting bij een distributeur. MCC en  de Triade Holding (Quote, Hakro en MCC) zitten in die hoek, zijn relatief sterk nationaal (net als Bas) en het zou me niet verbazen als daar wat synergie te winnen valt. Maar Bas kan, nu met zoveel outlets, ook eigen deals gaan maken met de grote providers en MVNO’s en denk eens aan Apple, dat qua retail-outlets best wat breder zou kunnen gaan, en nu met een grote partij vrij strikte afspraken kan maken. De relatieve positie van Apple in met name de Mediamarkt formule is behoorlijk gegroeid de laatste jaren, maar nu kan Bas een dekking aanbieden met wel kleinere outlets, maar met een grote spreiding en een centrale distributie die behoorlijk goed is geregeld. 

We zullen zien, voor de onafhankelijke retailers betekent dit een sterke concurrent, die met prijzen en aanbieidngen kan stunten, en daarmee op het niveau van Mediamarkt mee gaat draaien, in CE, ICT en dus misschien ook mobiel. 

Applepads  toch minder 

Zijn we er toch weer ingetrapt? De iPad verkopen vallen wat tegen en dat is nieuws. Produktieproblemen zoals beperkte aanvoer van beeldschermen, een niet helemaal vlot gelopen introductie van de iPad2 en de door de crisis aarzelende consument deden de verkoop van de iPad in Q1 van 2011 geen goed, rapporteert IDC. 

Apple blijft de duidelijk dominante aanbieder op de tabletmarkt, de concurrentie zet niet echt door, maar er is wat aarzeling. Het aantal tablets dat in het eerste kwartaal van dit jaar werd geproduceerd, was 28 procent minder dan in het laatste kwartaal vorig jaar en dat valt tegen, zelfs als men rekening houdt met de kerstgolf. IDC waarschuwt voor te overspannen verwachtingen voor de pad-markt, en spreekt over een overdreven  mediahype. De media spelen een grote rol in het aankoopgedrag en het niet vlot kunnen leveren van de iPad2 deed de afzet even hikken, zelfs bij behoorlijke kortingen op de oudere iPad modellen. Wel schat IDC in, dat nieuwe modellen van de concurrentie de afzet van pads en tablets dit jaar toch nog iets meer zullen stimuleren en schat nu op jaarbasis een verkoop van 53,5 miljoen tablets in. Nog een leuke stapel, maar toch niet de enorme bedreiging voor de desktop en laptop markt die men de laatste maanden meende te moeten verwachten.  

Ook van andere kanten ziet men de opkomst van de tablet niet als een langdurig fenomeen. Intel denkt dat de nog steeds toenemende capaciteit en snelheid van ICT apparatuur zal leiden tot een soort universele Persconal Comapnion, die alles doet wat nu desktop, tablet en laptop nog aan gebruiksmodi delen. Dus een soort universeel ding, dat voor iedereen alles biedt, maar zo breed, dat specialisatie niet meer nodig is. Kortom, het Zwitserse zakmes in een andere vorm, ik denk dat zo’n convergentie er niet in zit, en dat met name het vershcil tussne verticaal en horizontaal gebruik van schermen nog een echte scheiding in de markt gaat brengen. 

Tabletgolf 

HP stapt in de tabletmarkt met Touchpad; De grote leveranciers zoals Dell en HP beginnen in te zien dat hun afhankelijkheid van de pc markt (voor HP ongeveer een derde van de omzet) bij een teruglopende afzet in de klassieke vormfactor riskant kan zijn. Er wordt zelfs gespeculeerd over afstoten, iets wat IBM overigens al jaren geleden deed met z’n pc divisie die Lenovo overnam. De andere koers is meegaan in de tablets, pads en slates. Daar wil HP een onafhankelijke koers kunnen varen. Met de overname van Palm maakte men dat duidelijk, maar het heeft even geduurd voor er iets uitkwam. 

PalmOS werd webOS en dat is nu klaar en er is een eerste webOS tablet onthuld de TouchPad tablet met een 1,2 GHz Qualcomm processor en 1 GB RAM voor een 9,7 inch scherm. 

webOS is het onderscheidende en HP probeert dat mobiele besturingssysteem nu te slijten aan andere fabrikanten zoals Samsung. HP baas Leo Apotheker liet weten dat men in ieder geval met partijen hierover praat, maar noemde geen namen. Omdat Microsoft een vrij hechte deal met Nokia heeft en daar dit najaar wel eens forse acties in de markt kunnen volgen, is een derde alternatief voor de niet-Apple fabrikanten (naast Windows 7 Phone 2.0 dat pas als W8P echt geoptimaliseerd zal zijn voor tablets) en Android misschien aantrekkelijk. RIM met de proprietary Blackberry OS (en QNX voor de Playbook) dat nog steeds een stevige positie heeft in de zakelijke markt maar wat wegzakt, komt daarvoor niet echt in aanmerking. Er zijn speculaties dat RIM wordt overgenomen vanwege haar wereldwijde en vrij goed beveiligde netwerk. 

Overdrachtsbelasting 

Eindelijk heeft de regering de overdrachtsbelasting fors teruggeschroefd, van 6 naar 2 procent, en hopelijk zal die impuls ook in den brede de economie een zetje geven. Milieutechnisch (dichter naar het werk) en financieel (de markt weer laten draaien) is dit erg positief, maar ook andere branches gaan profiteren. 

Google + 

Facebook, dat toch ook iets teruggang in het gebruik en de groei ziet, is een ernstige concurrent voor Google aan het worden, dus gaat Google als beta ook een soortgelijke social netwerk functie aanbieden, die Google+ heet. In de testfase blijkt het echter nog geen goed afgerond geheel. Volgens Google zelf is Google+ meer afgestemd op het echte leven en kan men makkelijker delen met kleinere groepen, omdat men het brede kenmerk “vrienden” heeft verfijnd via “circles”.Dat kan in Facebook ook via groepen en in Duitsland heeft Facebook zelfs al een gerichte “Groops” aanpak, maar Google ziet hier een gaatje. Verder biedt Google+ via “Sparks” een contactmogelijkheid naar gelijkgerichte content en contacten. Dat vanwege onder meer privacy-angst facebook in de VS al weer wat begint terug te lopen, mag de pret niet drukken. Ook dat eerdere diensten in deze richting zoals Buzz en Google Wave, niet aansloegen, weerhoudt Google niet van een nieuwe poging, die nu in de testfase is en niet erg pijnloos van start is gegaan. 

De onderliggende problematiek van sociale netwerken, namelijk hoe krijg ik nieuwe contacten, maar blijf ik interessant en in contact met de bestaande “vrienden”, waarvoor Facebook en nu dus Google steeds nieuwe concepten ontwikkelen en aanpassen, draait om de privacy. Ongevraagd en automatisch een hele berg vrienden aandragen is voor sommigen erg leuk, maar de ervaren gebruiker wil dat zelf regelen en wie veel vrienden heeft, wil de verre en de naaste vrienden kunnen scheiden, iets wat nu door de Google+ circles iets makkelijker wordt. 

Moeilijke tweede helft 

De angst voor een Grieks failisement verlamt de hele markt en raakt dus ook de ICT, want men aarzelt met investeren en geld uitgeven, want wat gaat er gebeuren als Grieken en dan de hele PIGS groep onderuit gaat. 

De ontwikkeling op de aandelenmarkten is niet bepaald rooskleurig, de Europese problemen hangen dreigend boven de markt en dat verlamt de hele economie, bepaalt olieprijzen en die vreemde oorlog in LIbië is ook onrustbarend.  

Voor de ICT is er vooral sprake van een formfactor omslag. De problemen in de desktop markt zijn bekend, daar is sprake van stagnatie en zeker qua omzet krimp, men kijkt met zorg naar de vraag vanuit de zakelijke markt. Nu begint ook de notebook markt te hakkelen, grootfabrikant Foxconn zegt geen last te hebben, maar andere fabrikanten zoals Flextronics trekken zich terug uit deze markt. Traditioneel is het tweede halfjaar altijd wat beter in de notebook markt, door het back-to-school seizoen en Kerstmis, maar dit jaar zijn de verwachtingen vrij matig. De tablets, pads en andere meenemers worden steeds meer ingezet als vervanger van de traditionele notebooks, dat process zette eind 2010 in, toen de iPad een echte dip veroorzaakte in de afzet van zowel desktops als notebooks. De nieuwste tablets, slates en pads zijn weer krachtiger, krijgen interfaces zoals USB 3.0 die koppeling aan harde schijven en randapparatuur makkelijker maakt, en trekken door de hele app-mode veel nieuwe klanten aan, naast consumenten ook steeds meer professionals die met een iPad goed uit de voeten kunnen. Dat is weer remmend voor de notebook verkopen. De grote merken worden voorzichtig bij het plaatsen van orders, meldt Digitimes, en sommigen zols Acer hebben vrij grote voorden die gedumpt worden. Intel, dat bij de tablets de concurrentie van de ARM vreest, probeert met haar Ultrabook aanpak de notebook een nieuwe impuls te geven. Heel dun en met een lange batterijleven moeten de ultrabooks de consument een soort bruig tussen notebooks en tablets bieden. 

De “empowered” consument: betalen door doorhalen 

De consument anno 2011, met toch iets van een stevige recessie nog steeds in de lucht om over na te denken, is voorzichtig, maar vooral digitaal gaan denken. Tegelijk met al het gedoe rond de banken en pensioenen is er een niewe lichting kleinere, draagbare, aanraakschermapparaten op de markt gekomen, die het denken over computers, ict, internet en cyberspace ingrijpend heeft verandert, vooral bij het grote publeik. Zonder internet kun je niet leven, niet als burger meedoen, niet betalen en niet genieten. Vooral dat laatste hakt er in, want als je niet ieder moment je favoriete muziek kunt beluisteren, je eigen hippe newsfeed, twitter of blog aan het staan, dan tel je niet meer mee. De digitaal bewuste burger loopt nu rond in z’n eigen digitale wolkje en over PAN’s of personal digital networks spreekt niemand meer, maar we hebben allemaal een smartphone of iPad onder handbereik. 

De entertainment en media industrie is door die ontwikkeling deels verrast, deels zag men nieuwe kansen. Jammer van de BlueRay, die heeft de plek van de DVD niet kunnen overnemen, maar zinkt weg in de online content aanbieidngen. Jammer van de CD en de fysieke muziekretail, maar muziek haal je nu van het net en muziekwinkels hebben een heel andere rol gekregen, ze zijn nu meer ontmoetingsplek en fan-trefpunt. De hele CE-retail is eigenlijk verandert, er zijn nog steeds hardware kanalen, waarin grote ketens als MediaMarkt de toon zetten, en de kleine specialist zich vooral op dat specialist zijn moet toeleggen, maar de rol van bijvoorbeeld telefoonwinkels is helemaal veranderd. Niet meer jagen op abonnementen, maar meer een aanraakplek voor de nieuwste modellen smartphones, en een fysiek contactpunt voor de providers, die steeds meer telefoonwinkels en ketens overnemen. De consument weet ondertussen wat ie wil, begrijpt wat sim-only betekent en zal vooral bij gebrek aan krediet te verleiden zijn tot de aanschaf van een duur abonnement met (bijna) gratis tostel, want wie legt nou 600 euro plus neer voor een iPhone, Gamebook of Blackberry? 

De providers hebben het ook steeds moeilijker, T-Mobile moet fors inkrimpen, KPN preekt paniek over onmatig datagebruik, maar het is vooral het knabbelen an leuke winstpakkers als internationaal dataverkeer waardoor men de pijn voelt van een afbrokkelende markt, die vaste lijnen steeds meer vergeet en de glasvezel alleen nog ziet als een combinatiemedium voor IP-net en Telefonie en TV. 

Er gloort hoop voor de providers, want met de NFC-functionaliteit (betalen door doorhalen) van de volgende generatie smartphones gaan we met het mobieltje betalen, en dan willen de providers wel leuk even meedoen met een klein percentje, ze zien de massale geldstromen van Visa etc. hun kant opkomen. De rol van de banken als digitale betalingsinstantie, in ons land door de Giro eigenlijk veel eerder dan elders gestandaardiseerd, wordt bedreigd door betaalsystemen, die zijn geïntegreerd met de samrtphone en zaken als credit-cards overbodig maken. DE vraag is of de providers dat aankunnen, qua veiligheid, qua image, qua techniek. De overwinsten die providers hebben weten te genereren door sms-tarieven, slimme trucjes als ellenlange spraak bij een bezette verbinding, extreem hoge tariven voor buitenlands verkeer, slechte toegankelijkheid bij klachten en problemen, het heeft veel kwaad bloed gezet. Men wantrouwt providers nog meer dan banken, dus er zal duidelijke aarzeling zijn bij de NGC-acceptatie voor betaalverkeer in de retail. De consument is wantrouwig, is goed geïnformeerd en “empowered” door zijn eerdere ervaringen en gaat niet zomaar mee met de nieuwste trucjes en techniekjes.  

Dat kan in andere landen misschien anders gaan, in de VS is betalen met papieren cheques nog gebruikelijk en dan is even doorhalen natuurlijk een stuk makkelijker. Hier, waar iedereen pint, is de winst in gemak maar beperkt, en moet worden afgewogen tegen het wantrouwen in een systeem, waar geen fysieke handeling meer bij nodig is. We hebben bij de OV-chip gezien dat de invoering toch veel tijd neemt, dat men het niet helemaal vertrouwt en er enige druk nodig is om de overgang te bewerkstelligen. 

De Meta-app 

De vlucht van de apps (downloadable applications) gaat maar door. Een ontwikkelaar die geen apps maakt voor iOS, Android, Windows Phone 7 of PalmOs telt niet meer mee. Voor de kleine verticale softwareontwikkelaar die jarenlang leuk kon draaien op zijn klantenkring en expertise in een bepaalde branche is dat een zorgelijke ontwikkeling. Hoe lang gaat het duren voor het houtzaagpakket, de koppeling tussen een productiemachine en de boekhouding die er in al die jaren met zoveel zorg is ingebracht, achterhaald wordt door een app op de iPhone van de mensen op de vloer? Hoe lang voor de scannertechnologie, nu geïntegreerd in het bedrijfsproces en de administratie, een functie wordt van zo’n klein zakwondertje dat die gegevens doorstuurt naar een externe administratie die dat allemaal online verwerkt? 

Apps overal is nu het devies en met de cloud en draadloze communicatie kan dat vrij letterlijk genomen worden. Je teksten, opdrachtbevestigingen, standaardcontracten en balans kunnen net zo goed ergens op een systeem in Verweggistan als om de hoek bij dat datacenter draaien. Weet de gebruiker veel, hij betaalt de rekening wel, ook al komt die niet meer van z’n vertrouwde computermannetje om de hoek. 

Nu zijn de meeste apps nog vrij triviaal, hip, multimediaal en erg ik-gericht. Het komt nog veel neer op het personaliseren van de toegang- en datastromen waar je toch al mee werkt, zoals je agenda, muziek, je foto’s, je favoriete contacten en sociale netwerken. Leuk allemaal en tijdbesparend maar niet al te ver verwijderd van het ‘normale’ gebruik van dergelijke resources, het gaat sneller, leuker, maar functioneel niet meer beter geautomatiseerde bekende functies. Als je kijkt naar de lijstjes van meest verkochte apps dan zitten die meestal in die hoek. Er zijn wat grappige apps die je wekker vervangen of leuke beeldschermgrapjes,  maar echt serieuze doorbraken qua gebruik van gegevens zijn er nauwelijks. Toch zit dat wel in de lucht want steeds meer sensors in de draagbare devices brengen nieuwe toepassingen mee, zoals de bewegingsensor of de locatie GPS sensor. Beeldherkenning via de camera(s) gaat ook steeds verder en met de NFC-chips waarmee directe communicatie op korte afstand mogelijk wordt, zullen dingen als betalen, scannen, contact maken en location based services weer gemakkelijker worden en komt er vast ook weer een hele nieuwe golf applicaties aan. Ook de koppeling van medische sensors (voor het meten van de hartslag, het bloedsuikerniveau of de bloeddruk) direct of via NFC of bluetooth opent een nieuwe horizon. De dokter op afstand is geen droom meer en verzekeraars gaan daar vast flink mee aan de slag want een besparing op de zorgkosten komt daarmee in beeld. 

De belofte ligt in de uitbreiding van de apps naar gebieden die nog vrijwel onaangeroerd zijn gebleven. Emotie, intiemere vormen van contact, de mogelijkheden via bijvoorbeeld sociale netwerken zijn nog relatief beperkt, maar er begint zich naast de vrij steriele communicatie naar soms duizenden Facebook vrienden of Twitter volgers ook een diepere en meer gevoelde vorm van digitale uitwisseling te ontwikkelen. We raken vertrouwd met het medium en net zoals telefoonseks nu toch voor velen een soort bevredigende manier van contact is geworden (Alexander Graham Bell zou dat vast hebben afgekeurd), gaan we nieuwe contactvormen zoeken en ontwikkelen binnen de bandbreedte die er is en die nog steeds groeiend is. Interactief (samen) dichten, Cybersex en cloud-dildonics zijn geen illusie meer en heel langzaam komen er ook psychologische apps, psychotherapie met een ‘echt’ mens of een met AI-verfijnd programma is inmiddels vrij ver ontwikkeld sinds Joseph Weizenbaumsbaum’s Eliza. Waar we ons ergeren aan de automatische telefoon-kies menu’s beginnen zich alternatieven te ontwikkelen en de virtuele account manager, die namens een bedrijf contact onderhoud via twitter, Facebook en email begint zich af te tekenen.  Maar draai dat eens om; ook individuen kunnen zich zo’n virtuele “persoon” aanmeten, die min of meer automatisch reageert. Denk aan een app, die schoonmoeders altijd direct en poeslief antwoordt en scant of er echt iets aan de hand is en “echt”contact nodig is. 

De meta-apps, applicaties die meer bieden dan de alfanumerieke en beeldgebonden behoeften die we al een paar decennia via de computer doen, beginnen zich af te tekenen. De “ervaring” of het emotiemoment, toch al het marketing verhaal van de afgelopen jaren, kan worden uitgebreid tot ver voorbij de 3D en HD megapixel technische kwaliteit. Het is de emotionele impact, die telt, en daar komt de kunst, maar ook de wetenschap te hulp, we weten nu heel wat meer over wat bijvoorbeeld een geluksgevoel veroorzaakt.  De aloude contactpatroontrucs, die Dale Carnegie al leerde en door deur-aan-deur verkopers soms zo effectief worden benut, worden nu deel van het digitale instrumentarium.  De overheid leert, soms met vallen en opstaan, om te gaan met media als twitter om in rampsituaties psychologisch juist te reageren, maar een app, die tips geeft om in een contactmoment de juiste spiegeling, mimicking en de juiste woorden te gebruiken is goed denkbaar.  Dit zijn allemaal technieken, die in de telemarketing wereld al lang als scenario’s en menu’s zijn ingevoerd, maar die nu omgekeerd de eindgebruiker gaan helpen zijn relaties adequaat te “bedienen”. 

De nieuwe generatie apps  bieden functies die inspelen op andere gebieden, andere behoeftes; dingen als kunst, voorstellingen, zelfs religieuze overdracht. Een voorbeeld zijn darshans en satsangs die door geestelijke leiders eerst via YouTube en steeds meer ook via sociale media of multiplayer omgevingen als Second Life worden gegeven. Vanaf een conferentie of vanuit hun plek ergens in hun retreat of in India kunnen ze zo toch de hele wereld bereiken. In zekere zin niets nieuws, videotelefonie en video-vergaderen kennen we al langer maar het krijgt door de gewenning aan deze communicatievorm en de verfijning die we in ons gedrag gaan aanbrengen krijgen ze nu pas emotioneel gewicht. De cyberpriester, biechtvader of psychiater komt er aan, maar ook mind-altering technologie als app is denkbaar, denk maar eens aan hoe brainmachines werken met licht en geluidspulsjes. Veel therapievormen zoals Tomatis geluidstherapie, Binaural en hypnotische suggestie lenen zich zeker voor toepassing via en met een smartphone. Het compenseren van gehoorstoringen, in het verlengde van de equalizer-functie die er nu al op MP3-spelers en smartphones zit, kan de luisterervaring verbeteren, maar ook helpen bij sociale gedragsstoornissen. Luistertherapie, suggestie en mantra-achtige subliminale boodschappen, technisch gezien vrij eenvoudig te realiseren, kunnen een nieuwe markt worden. Electronische drugs, ten tijde van de VR-mode twintig jaar geleden werd er veel over gepraat, zijn geen illusie, zoals iedere bezoeker van een dance-festival ondertussen wel weet. Het zijn de DJ’s, die daar door werken met beat-frequenties, mengen en mixen de stemming kunnen bepalen en veranderen. Dat kan ook via je mobiele zakhulp als een app, die qua customizing nog veel verder kan gaan en met muziek en andere effecten je stemming kan (helpen) veranderen. Feedback van de gebruiker via sensors kan dat proces nog indringender maken en als we denken aan actuators (devices die kunnen bewegen, trillen, warm worden etc.) dan opent zich een heel interessant perspectief. 

Het steeds persoonlijker maken van de apps, steeds meer inspelen op de behoeftes van het moment,  steeds meer de kwaliteiten van de plek, de tijd en de gebruiker een rol laten spelen, steeds meer terugkoppelen is geen visioen, maar een duidelijke richting. Dat daarbij de echte meta-app, de app die alle andere in de schaduw zal stellen, misschien nog ver weg is, is niet erg. Ook het ultieme muziekstuk zullen we misschien nooit horen, maar de artiest zal proberen het steeds beter te benaderen. 

Emoties, creativiteit en kunst, maar ook verdieping van de ervaring zijn dus de nieuwe uitdaging aan de app-ontwikkelaars. Niet meer de harde feiten, de links en de zakelijke uitwisseling maar meer inspelen op een emotionele uitwisseling. In die zin is natuurlijk de kunst altijd het voertuig geweest en als er een richting is voor de App van 2012 en verder is dat het verdiepen van de gebruikservaring.  Dat is misschien meer kunst dan kunde, de artistieke dimensie in apps begint door te breken! 

Kunst en de app, een mooi thema voor een conferentie van ICT~Office of minister Verhagen, om eens echt mee vooruit te lopen. 

Virtuele legers, economie 

Alles word virtueel, ook legers gaan virtueel vechten via op afstand bestuurde wapens, vliegtuigen en robots. Virtueel geld, hoewel de virtuele munt Bitcoin ook weer niet blijkt te kloppen, maar ook cyberverzekeringen blijken nodig en handel. 

De gameification of war is niet alleen een angstig toekomstbeeld, het is realiteit en is dat een wonder, als vrijwel alle andere activiteiten op en rond computers en in cyberspace draaien. We virtualiseren en terrorisme, oorlog is een kwestie van hacken en kraken aan het worden. Amerika beschuldigt China van het plaatsen van cyberbommen in belangrijke systemen, die naar wens tot actie kunnen worden geroepen, Amerika ziet dit dan weer als oorlogsacties. Voor de consument en ICT-sector is veiligheid steeds meer een kernpunt, er worden steeds vaker wachtwoorden gestolen, sites en systemen gekraakt, emails vertrouwen is waanzin aan het worden, steeds meer encryptie is nodig, maar ook wordt beveiliging steeds meer de hoofdmoot van ICT-bestedingen.  

Angstig allemaal, terwijl we ondertussen de beurzen zien wegzakken, Griekenlands redding nog niet rond is, en de wereldeconomie weer wegzakt. 

Betalingsverkeer: de Achillespees van internet 

We zijn er aan gewend geraakt, electronische betalen, met creditcard, via Paypal, door thuisbankieren of Ideal. Een aantal grote hacks de laatste maanden, zoals van het Sony Playstation en de Citigroup maken echter duidelijk, dat hier qua beveiliging nog geregeld grote gaten in vallen en dat de strijd tegen de hackers nog steeds niet is gestreden. 

Dat hacktivisten om politieke redenen ook banken en betaalsystemen bedreigen is maar één kant van de zaak, het grootste gevaar komt van criminelen en criminele organisaties die welbewust de virtuele centjes willen stelen en omzetten in harde munt elders. Ook loert nog het gevaar, dat regeringen of regeringsinstanties ook gaan rommelen in de betalingssystemen of dat als deel van een openlijke of geheime oorlog gaan gebruiken. Het is volstrekt duidelijk, dat ernstige aantasting van het betalingsverkeer zeker de Westerse economiën in vrij korte tijd op de knieën kan krijgen. 

Verborgen 

Dat er al veel langer geprobeerd wordt gaten in het systeem te vinden en dat men daar ook vrij vaak in geslaagd is, maken zeker de banken niet graag bekend, ze proberen dergelijk nieuws intern te houden, vergoeden vaak de benadeelden zonder veel commentaar, en doen er het liefst het zwijgen toe. 

Zwijgen 

Toen in mei bij de Citbank ten gevolge van een cyberaanval de gegevens van 210.000 creditcard-bezitters waren gestolen, duurde het bijna een maand voordat men naar buiten kwam met het nieuws. Sony was wat eerlijker, maar dat ging om nog grotere aantallen gegevens van gamers, die echter anders dan bij de City-bank niet direct bruikbaar waren voor frauduleus misbruik. Het dichtplakken van de gaten door Sony bleek echter weken te kosten, terwijl tegelijk de hackers koortsachtig bezig waren nieuwe bressen te slaan en daar ook in zijn geslaagd. Dat geeft te denken, want zijn bijvoorbeeld organisaties als Amazon, Paypal, de banken, de telefoonmaatschappijen  wel in staat om zich te beschermen, zowel preventief door goede bescherming, encryptie, als achteraf om de gaten te dichten en de schade adequaat te regelen. 

Dat grote instellingen hun mond houden over inbreuken is een kwestie van afwegen, zijn ze bereid de schade intern te dragen, dan is dat hun beslissing, al zouden ze wel de politie moeten inseinen. Een meldingsplicht voor cyberhacks is onderdeel van het beleid, ook in ons land. Maar is de overheid zelf daarin wel te vertrouwen. Op basis van een aantal vreemde fouten verdenk ik de belastingdienst er van, dat ergens in 2010 iets behoorlijk fout is gegaan en men moest teruggrijpen op oude en feitelijk verouderde files, maar daarover is naar buiten toe nooit iets over losgelaten. De overheid is overigens helemaal niet duidelijk over wat ze weten en bewaren, zo ontbreekt de vastlegging van de AOW-betalingen door particulieren in de vorige eeuw, men kan dus nooit een pensioensysteem op basis van gewerkte jaren invoeren.  

Basisrecht 

Hoewel het in sommige landen niet zo wordt gezien, wil de Verenigde Naties nu toch internet-aansluiting gaan zien als een grondrecht. Het afsluiten van iemand van het internet, zoals door Frankrijk en Engeland gebeurt bij overtreding van auteursrechtwetten, is dan een aantatsing avn de mensenrechten. Ook roept de UN op niet bij politieke onrust tot afsluiten van internet over te gaan, bericht Wired. Dit soort berichten lijkt heel positief, maar de VN is een vrij krachteloze organisatie als het gaat om het afdwingen van dit soort zaken. Amerika met name heeft juist gesteld dat ze tegen cyber-aanvallen alle middelen zullen inzetten, die ze ook in oorlogen kunnen gebruiken, en dan is het afsluiten, filteren en anderszins manipuleren van internet toegang al een heel gemakkelijke stap. Pas als er harde VN-resoluties komen, er heldere toevoegingen komen inde universele verklaring van de Rechten van de Mens krijgt zoiets rechtskracht en kan er worden opgetreden.  

Beurs-paniek of manisch optimisme 

Temidden van een brede terugval van de beurs besluit het nu 2,5 jaar oude bonuskortingsite Groupon toch tot een IPO en hoopt iets van 20 miljard waard te worden en 750 miljoen in kas te krijgen, en dat past in wat men in de VS de IPO-mania noemt, een race om blijkbaar nog snel voor de bui binnen te zijn. LinkedIn ging voor, en dat lukte wonderwel, en nu spreekt men over de herleving van de 1999 Internet-bubble van 1999. Even snel binnenlopen met bedrijven, die eigenlijk alleen maar verlies hebben gedraaid, en dan hopen dat het goed gaat. Groupon zette vorig jaar  $713.3 miljon om, maar het eerste kwartaal van dit jaar groeide men al naar $644.7 miljoen, fenomenale groei dus. Men zegt deals te hebben 57,000 meest lokale ondernemers. 

Mijn persoonlijke ervaring met groupon is ook allesbehalve positief, ze willen dat je kortingen van 50% of meer geeft, krijgen daar dan weer 50% van, dus wie wil echt klanten trekken voor 25% van de normale prijs? Men krijgt de neiging, zeker wanneer het onm kortdurende events en acties gata, de prijs eerst maar wat op te hogen, anders verdien je helemaal niks. Het is een heel gedoe, veel werk om de juiste tekst en referenties op de eigen site zo op te tuigen, dat die eenmalige korting geen standaard wordt of andere klanten gaan klagen, Groupon is voor mij geen zinvolle manier om dingen te promoten, dus tenminste 1 van die 57000 klanten is niet tevreden. Ook acht ik de waarde van 20 miljard, gedeeld door 57.000 klanten = 350.000 waarde per intermediaire klant, tamelijk absurd. 

Deze (te) snelle beursgang is eigenlijk geen goed nieuws, want IPO’s  in een in den brede onzekere en zakkende markt, dat is paniekgedrag en geeft aan dat men weinig vertrouwen heeft in de lange termijn. De wereldeconomie merkt nu pas goed, dat we een crisis hadden en hebben, de Europese Euro-ellende is echt niet van vandaag of gisteren, maar broeit al langer en wordt nu alleen manifester. 

Droogte 

In ons natte kikkerlandje is droogte vrij plotseling een echt zorgpunt, niet alleen de boeren maar ook de media springen er op in en zelfs de politiek neemt droogte nu serieus. Terecht, want water is klimaattechnisch een veel dringender kwestie van CO2. Zonder regen komt er honger, van teveel regen wordt ook niemand blij. 

Klimaat neutraal bouwen en ondernemen zou dus moeten beginnen met watertechnisch conserveren en dat doen we helemaal niet, we asfalteren, bouwen en laten hemelwater liefst zo snel mogelijk weer de zee invloeien. Dom, want over heel Europa gerekend is maar 30% van de regen afkomstig uit zee-verdamping, 70% is secondaire verdamping, uw grasveldje verdampt zo’n 60% of meer van de regen die er op valt weer terug, en dat wordt dan meestal weer regen ergens meer naar het Oosten. Er wordt wel gesteld dat 1 hectare verstenen hier 2 hectare verdroging elders betekent. Als we op Europese schaal niet alleen CO2 neutraal, maar waterneutraal zouden rekenen, dan zijn wij hier enorme verkwisters en zouden we voor ieder groot bouwproject of rijkswegverdubbeling miljarden moeten storten in een waterfonds (dat er –nog- niet is). Voor een stad als Amsterdam zijn daarom parken, watervlakken, maar ook grasdaken en daktuinen watertechnisch in echte termen steun voor de boeren (en de mensen en dieren) tot in Wit-Rusland en verder. Welke politieke partij neemt de waterschuld op zich of laten we dat aan onze kroonprins over en doen we lekker niks? 

ICT-economie en huizen 

De laatste maanden zijn het naast de Europese problemen met torenhoge schulden van verschillende landen ook de structurele problemen met de huizenmarkt die weer opspelen en de beurs en grondstoffenmarkten neer- en soms opjagen. Het zijn niet zozeer conjuncturele als wel structurele problemen, die soms op verrassend snelle wijze, en daar is de wereldwijde transparantie door internet mede een factor, tot de paniek van de dag bijdragen.  Een paniek, die zich vaak vertaald in aarzeling bij de consument om toch maar een nieuwe x,y,z aan te schaffen. Besparen op eten, de borrel of de kroeg is niet echt aan de orde, maar die nieuwe PC, dat stelt men dan weer wat uit. 

Het consumentenvertrouwen blijkt ook een bepalende factor en daarbij spelen naast toevallige factoren, onrust , oorlogen en rampen ook de situatie op de huizenmarkt mee. In de VS, waar de samenleving wat minder tolerant en sociaal is, wordt dat steeds duidelijker. Daar zijn de huizen, als we de Zillow Home Value Index volgen, dramatische goedkoper geworden. De ZHV index gaf op 1 juni 2006 een prijs van $241.000 aan en op 1 maart 2011 bedroeg die prijs nog maar $170.000, dat is 70% van de waarde 5 jaar eerder, of nog erger de huizen moeten 42% in waarde stijgen om weer dat niveau te bereiken. Er waren periodes met een licht herstel, zoals eind 2010, maar het afgelopen jaar daalde de prijs toch nog met 8%. Steed meer huiseigenaren zitten dus onder water, hun huis is minder waard dan de hypotheek. Dat is niet de enige factor in de economie, maar de waarde en vooral de overwaarde van huizen was de afgelopen decennia wel de basis voor veel bestedingen, in auto’s, vakanties, computers, meubels. Ook spaarde men veel minder of belegde voor pensioenopbouw, want het huis gaf toch zekerheid. De huizenprijs zakte echter in, verkopen is moeilijk en alleen tegen lage prijzen, het aantal gedwongen verkopen nam dramatisch toe en de banken worden steeds meer aarzelend om hypotheken te vertrekken. De financiële crisis begon met de handel in junkhypotheken, die tot speculatieobject werden en uiteindelijk de kredietwaardigheid van zelfs de grootste banken aantastte. Zelfs bij een extreem lage hypotheekrente (in de VS nu 3,7% ook voor langlopende hypotheken) blijft de huizenmarkt op slot. Voeg daarbij dat de beperking van immigratie, het aarzelen bij kinderen krijgen en een algemene voorzichtigheid bij het investeren de huizenvraag ook niet helpen. Het aantal nieuwe huishoudens in de VS is ook 70% gedaald, en alle signalen staan dus op rood. 

In ons land is de situatie eigenlijk niet veel beter, de hypotheekrente-aftrek heeft de prijzen kunstmatig omhoog gejaagd, en onzekerheid op dat gebied heeft de huizenmarkt geen goed gedaan. Dat in feite door de forfait-aanpassingen van Bos de duurdere huizenmark helemaal onderuit is gegaan, werd met name door de politiek en de media eigenlijk niet goed opgepakt. Huizen in de 1,5 tot 3 miljoen en meer klasse zijn bijna onverkoopbaar, omdat geleidelijk het huurwaardeforfait boven het miljoen WOZ-waarde naar 2,35% gaat, en het hypotheekrentevoordeel daarmee vrijwel geheel verdwijnt in die prijsklasse. Die WOZ waardering is ondertussen een aanfluiting geworden, de echte waardedaling van tientallen procenten wordt door leuk samenspel tussen makelaars/taxateurs en gemeenten onder de tafel gepoetst. dat in combinatie met de box 3 belastingsystematiek is een wurggreep voor dure huizen, en zal leiden tot grote belastingvlucht, zeker als het “grote (st)erven” van de babyboomers gaat doortikken.  Successie betalen over een te hoge WOZ-waarde voor onverkoopbare panden leidt tot executies (die slim niet meetellen in de WOZ-waardering)  en verder wegzakken van de huizenmarkt. Dat effect sijpelt door naar goedkopere huizen, wel getemperd, maar structureel hebben we toch te veel huizen, zeker in de provincie en leegstand maakt de zaak niet beter. 

Dit alles gaat zich ook vertalen in bestedingen, de consument gaat verder bezuinigen, bedrijven gaan de druk voelen, de investeringen gaan teruglopen. Dat geldt ook in de ICT, nog steeds de motor van de innovatie en productiviteits-stijging, maar de ROI begint terug te lopen. Veel is al geautomatiseerd, de overheid stumpert wat af en grote infrastructurele stappen, zoals ftth (glasvezel) blijken niet echt rendabel. Verder is er voor wat betreft klassieke desktop automatisering sprake van verzadiging, zeker op softwaregebied, men vindt het wel mooi zo. De overstap van een compleet desktop systeem met router, printer, opslag etc. van zo’n 1500 euro naar een meenemer van 400 betekent zeker niet meer omzet voor de ICT-branche. De gelden die nu nog naar software gaan, vloeien in de cloud-aanpak naar SaaS en diensten-provider, waar de nationale partijen op z’n best een partje van krijgen, de bulk gaat over de grens naar Apple, Google, Amazon etc. 

Er is natuurlijk aan de innovatieve kant van de ICT nog van alles te doen, apps hebben de toekomst, tablets bieden nieuwe perspectieven, maar de 30% Apple-salestax (boven wat de overheid nog wil hebben van die omzet de komend tijd) is natuurlijk geen vetpot. Voeg daarbij de trend naar offshoring of verplaatsing van diensten naar goedkoper werkende regio’s en het ziet er ook voor de ICT niet echt goed uit op termijn. We zullen wat tussenhandel zien, fysieke logistiek en transmissiediensten, maar de tijd van de Asters (weet u nog!), Tulips of zelfs Philips computers is voorbij, TomTom mag nog wat in China gemaakte navigators verkopen, maar we zijn klant aan het worden op de wereldmarkt, geen producent of ontwikkelaar meer. 

Nu kunnen we dat de overheid verwijten, of Europa, of de expansiedrift van het Amerikaanse bedrijfsleven, maar ik vrees dat we daar niet verder mee komen. We zullen, zoals iedere grote organisatie die tegen structurele ontwikkelingen van deze omvang aanloopt, ons moeten bezinnen op onze core-business en core-competenties. Dat niet meer in termen van chips, bollen, groenten, lampen of fietsen, maar van behoeften in onze eigen en de wereldmarkt. Plezier, entertainment, geluk, medische zorg, pensionado-voorzieningen, informatie, schone lucht, schoon water, veiligheid, maar vooral vrijheid zijn de handelsgoederen waar het echt om draait.  Ik pleit niet voor een minister van geluk of plezier, maar wat meer aandacht voor de relaties tussen informatica en welzijn zou op z’n plaats zijn. De game-industrie is de film-industrie al aan het verdringen, maar moeten we niet verder kijken en zijn bijvoorbeeld ouderenzorg, domotica en opvoeding geen betere speerpunten dan dat domme geleuter over meer van hetzelfde in de ICT. 

Gaming 

Nederlanders besteden zeventig procent meer tijd aan games. Gaming of spelletjes spelen op de computer, de PlayStation, Wii of Xbox, maar ook op de mobiele smartphones, iPad’s en dergelijk meeneemspul neemt fors toe. 

Dat is leuk, en voor sommigen goede handel, maar ook een heel snelle handel, het topspel van vandaag is morgen al oud, gekraakt of de leverancier liet z’n site even slippen zoals Sony overkwam. Wie wil weten hoe snel, een bezoek aan de oude games bak bij MediaMarkt zegt voldoende. 

Volgens een recent onderzoek van het niet helemaal onafhankelijke Newzoo besteden we 70% meer tijd aan gamen dan voorheen, nu gemiddeld 4,5 uur per week en doen iets minder TV en radio. Dat komt mede omdat er meer mobiele apparaten zijn, maar ook omdat we op sociale netwerken als Facebook vooral gamen, alleen of tegen en met anderen.  Dat is wereldwijd een trend, maar ook in ons land komt men met dergelijke toch wel verrassende cijfers. Voor een stad als Amsterdam, waar nogal wat game-designers werken en we ook wereldwijd beginnen mee te tellen, is dat goed nieuws. Want games vragen werk, net als de filmindustrie die men aan het voorbijstreven is, is het een industrie aan het worden. Er stromen hordes studenten van de opleidingen voor game design, interaction design etc. en die zoeken ook werk, dus meer gamen is meer business. Gamen is overal, roepen de experts zoals Jesse Schell en het begrip game-ification geeft aan dat het spel en interactieve competitie-element, vaak in de vorm van bonussen of punten, langzaam overal in doordringt.  Ik wacht op de publieke game-consoles in het Vondelpark, vroeger schaakten of damden we, nu doen we massive multiplayer games overal en altijd. 

De laatste weken is er natuurlijk weer veel te doen geweest over het gevaar van al dat spelen, waarbij vaak online persoonlijke gegevens worden gevraagd, om te spelen of om spellen te kopen. Sony heeft een lelijke buil opgelopen doordat miljoenen accounts van spelers in gevaar kwamen, maar ook het feit, dat Facebook door de politie, CIA c.s. wordt gebruikt voor speurwerk is tekenend. 

Er is steeds meer zorg over privacy en veiligheid en wat gebeurt er met al die informatie, wie heeft en daar toegang toe. Games zijn zeker niet altijd onschuldig, ze planten beelden van agressie en geweld in ons onderbewustzijn en de techniek wordt al gebruikt voor echte oorlogvoering. In Libie  en Afghanistan wordt al gebruik gemaakt van onbemande vliegtuigen, die op afstand door een “soldaat/gamer” bediend worden en al lang niet meer alleen maar verkenningswerk doen.  Op dezelfde manier kun je tanks en onderzeeërs bedienen, een leger kan binnenkort alleen maar bestaan uit op afstand bediende wapens, de soldaten zitten comfortabel in een bunker ver weg. 

Ondertussen is het ook voor de retail steeds minder interessant om een assortiment games aan te bieden, er zijn wat gespecialiseerde distributeurs die ook wel leuke deals aanbieden, maar je moet vrij diep gaan om de echte spelers te bereiken, die dan ook wel interesse hebben in de snelste en vooral overklokbare hardware, maar het is een niche-markt. Verder is er behoorlijk wat gratis spelsoftware en zijn er voor games ook andere verdienmodellen ontwikkeld, zoals de verkoop van game-punten en tools via virtueel geld, waar de tussenhandel ook buiten staat. 

Nationaal Gaming Onderzoek 2011 

De resultaten van het Nationaal Gaming Onderzoek 2011, uitgevoerd door Newzoo en ondersteund door Zylom, illustreren hoe de gamingmarkt aan het veranderen is en laten de opmars van het spelen van games als tijdbesteding zien. Een Nederlandse consument besteedt gemiddeld zeventig procent meer tijd aan het spelen dan games dan twee jaar geleden. In 2009 spendeerden Nederlanders 2,9 uur per week en in 2011 4,5 uur per week. 

Gaming is populair en ook op mobiele devices neemt het spelen toe, ook door de social networks zoals Facebook waar gamen een van de meestgebruikte toepassingen is. De stijging is met name te danken aan de explosieve groei in het spelen van games op mobiele telefoons, tablets en sociale netwerken zoals Hyves en Facebook. Gezamenlijk zijn deze nieuwe game-platforms in Nederland al verantwoordelijk voor bijna een kwart van de totale gamingtijd. Het totaal aantal gamers is met 8,5 miljoen de afgelopen jaren ongeveer gelijk gebleven. Dat is overigens een aantal waar we (red) wel wat vraagtekens bij kunnen zetten, want dan telt men de toevallige patience-speler ook mee, het aantal echte game-fanaten is veel geringer. 

Games versus media 

Nederlanders zijn volgens het onderzoek hun tijdbesteding anders gaan indelen. Zo zijn zij negen procent minder televisie gaan kijken en twaalf procent minder naar radio gaan luisteren ten opzichte van 2009. De grootste daling zien we bij het lezen van kranten en tijdschriften met maar liefst 33 procent tot 1,8 uur per Nederlander per week. We zijn dan wel weer actiever op het internet met een stijging van tien procent. 

Van de tien uur per week die we gemiddeld op internet zijn, besteden we twintig procent aan het spelen van online games.Het spelen op de casual gaming website Zylom.nl is daarbij het meest populair met 66 procent van alle casual gamers (vijf miljoen in totaal). Binnen de doelgroep vrouwen alleen, geeft tachtig procent aan het liefst op Zylom te spelen. Overigens een accent dat wel aangeeft dat dit onderzoek wat eenzijdig is. 

Geld uitgeven 

De meeste mobiele en online games zijn gratis te spelen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat “zuinige” Nederlanders hier het meeste gebruik van maken. Het percentage Nederlanders dat betaalt voor games is daardoor gedaald naar 39 procent van alle gamers, ofwel iets meer dan drie miljoen mensen. Vergeleken met de andere negen landen waar Newzoo het onderzoek heeft uitgevoerd, scoren we hier het laagste in. We geven aan console games nog steeds het meeste geld uit, al is dat dit jaar voor het eerst minder dan de helft van de totale uitgaven aan games. 

Nieuwe markten 

Dit jaar zijn ook Brazilië, Rusland en Mexico in het onderzoek onder de loep genomen, met respectievelijk 35, 38 en 16 miljoen gamers. Traditioneel werd in die landen veel games gespeeld en niets uitgegeven c.q. betaald. Dat is nu veranderd. De mogelijkheid om gratis te starten en in kleine beetjes te betalen zoals met mobiele en online games, slaat daar enorm aan. Nu dat de grootte van deze markten, in geld uitgedrukt, vergelijkbaar is met grote Europese landen, verleggen veel gamebedrijven hun aandacht naar deze landen. 

Games vooruit? 

Toch vrees ik, dat veel gamen niet meer is dan tijdverdrijf en een manier om de zinloosheid van veel van die sociale netwerken te ontlopen. Want het spijt me, maar de gemiddelde tweet, ping, chat of Facebook pagina is net als de sms van een paar jaar geleden bepaald geen hoogstandje of intellectuele stimulans, het is tijd doden en dus gaan we maar wat gamen, dat is wat spannender. Dat we daarmee een slaaf van die moderne media worden, net als van de TV, dat valt niemand op. Je kunt nu al de executie van Bin Laden naspelen, dat is toch supervet! Ik vrees dus, dat de toename in gamen ook een afname in verbondenheid met zich brengt, met minder “echte” contacten en minder menselijkheid. Verslaving aan een beeldscherm en wat daar wordt aangeboden wordt steeds meer een probleem, bij de opvoeding en later, en dat is moeilijk tegen te houden, parental control klinkt leuk, maar de meeste kids zijn heel wat meer thuis op PC of internet dan hun ouders en laten zich echt niet weghouden van wat ze willen zien of spelen. 

Toch vrees ik, dat veel gamen niet meer is dan tijdverdrijf en een manier om de zinloosheid van veel van die sociale netwerken te ontlopen. Want het spijt me, maar de gemiddelde tweet, ping, chat of Facebook pagina is net als de sms van een paar jaar geleden bepaald geen hoogstandje of intellectuele stimulans, het is tijd doden en dus gaan we maar wat gamen, dat is wat spannender. Dat we daarmee een slaaf van die moderne media worden, net als van de TV, dat valt niemand op. Je kunt nu al de executie van Bin Laden naspelen, dat is toch supervet! Ik vrees dus, dat de toename in gamen ook een afname in verbondenheid met zich brengt, met minder “echte” contacten en minder menselijkheid. Spelen is, Huizinga stelde het al, een zeer menselijke en nodige activiteit, spelen is leren, ontdekken en groeien, maar dienen de computergames dat doel wel of worden de kids er alleen maar vingervlug en ADHD van? 

L.S. 


Over Zylom by RealGames 

Zylom ziet zichzelf als de Europese marktleider op het gebied van casual games. Deze games worden ook in Latijns-Amerika en Azië aangeboden. Ze zijn casual van opzet, wat betekent dat ze relatief snel te spelen zijn. Zylom biedt meer dan 200 gratis online spelletjes aan, waaronder actie- & restaurantgames en Mahjong. Bovendien distibueert de gamingaanbieder ruim 500 downloadbare spellen, zoals Zoek-en-Vind, 3-op-een-rij en actiegames, die gratis te proberen zijn en daarna gekocht kunnen worden. Houders van een FunPass kunnen alle downloadspellen onbeperkt spelen. Zylom is tevens producent van casual games: de inhouse gamestudio ontwikkelde populaire spellen zoals Campfire Legends - The Hookman, Heart’s Medicine en de Delicious-serie. Maandelijks spelen ruim 20 miljoen mensen in Europa - van wie het merendeel vrouwen in de leeftijdscategorie 20 tot 49 jaar - op zylom.com. Zylom is onderdeel van het Amerikaanse RealGames. 

Innovatie en ICT op één hoop 

Meer aandacht voor ICT wil de tweede kamer, maar hoe dan? Implementatie of Innovatie, en als dat voordeel oplevert, waarom is er dan steun nodig? De denkfout, die het parlement en de regering maakt is dat ze ICT en innovatie als een aandachtsgebied gaan zien, als er maar een computer aan te pas komt dan is het toch nieuwe, beter, sneller, goedkoper. 

Dat is ongeveer hetzelfde als beweren dat de essentiele voorwaarde voor innovatie de beschikbaarheid van pennen en papier is of dat bij 92% van vernieuwende inzichten pen en papier een rol spelen, vaak in vreemde situaties zoals in restaurants en dan zou de subsidie van bierviltjes misschien wel verstandig zijn(!). ICT innovatie en ICT implementatie zijn twee verschillende dingen, daar komt nog onderhoud bij, en tegenwoordig beveiliging van systemen en data. 

Wanneer men dan spreekt over stimulering van ICT, wat bedoelt men dan? Meer overheidsgeld naar achterstallig onderhoud, maatregelen om sectoren met slimme lobbyisten wat toe te schuiven, generieke belastingregelingen zoals snellere afschrijvingen, first user aankopen om ontwikkelingen te stimuleren, innovatiesteun, het aantal mogelijkheden is groot, de effectiviteit altijd moeilijk aantoonbaar. 

De toekomst voor Windows Phone-toestellen 

Gaat het lukken om met vereende krachten toch nog Windows Phone in de markt te houden tegenover Apple en met vooral steeds meer steun voor Google’s Android. Aan geld zal het niet ontbreken, Microsoft heeft genoeg in kas, maar wil de markt nog wel, want een paar grote partijen in de markt zoals HP (met Palm) en RIM(Blackberry) varen hun eigen koers en ook concurrenten van Nokia zoals HTC en de Taiwanese mobieltjesmakers, tabletbouwers en niet te vergeten de Koreanen, Samsung voorop, zullen door de nu definitieve Nokia-Microsoft as minder geneigd zijn nog serieus naar Windows Phone te kijken. 

Nokia maakte met de deal een noodsprong, want de Finse fabrikant van mobiele telefoons verliest in rap tempo marktaandeel. Nokia had een jaar geleden nog een marktaandeel van 41%, dit was in januari nog maar 31% en inmiddels nog maar 26%. Men heeft Symbian zelfs maar uitbesteed, zo graag wil men op de Microsoft kar meerijden. Maar rijdt die kar wel, de definitieve versie die met iOS moet concurreren is te laat, pas na de zomer gaat men daarmee echt de winkel in. Nu krijgt Nokia naar zeggen miljarden van Microsoft om maar WP7 toestellen in de markt te zetten (maar gaat bij verkoop wel weer royalties terugbetalen) en via deals met de operators zou dat moeten lukken, maar er zijn productieproblemen, het wordt overigens voor meer bedrijven een spannende tijd, vanwege leveringsproblemen van componenten door de ramp in Japan. De grote vraag is of men klaar zal zijn voor het Kerstseizoen met wat aantrekkelijke produkten, zowel in de smartphone als tabletsfeer. 

Ondertussen is ook de core-business van Microsoft niet helemaal op koers, want zowel Apple’s iOS als Linux groeien sneller dan Windows, zegt Gartner. De hele OS business groeide in 2010 met 7,8% tot 30,4 miljard dollar, waarvan Microsoft 78,6% in handen heeft. Maar Linux en Mac’s doen het niet gek en groeien sneller dan de markt, vooral in de server- en client-markt, de Mac als client is nu goed voor 520 miljoen$ in OS-sales, en groeide 15,8%, tegenover Microsoft’s 9,2% in dat segment. 

Paul Allen 

In de biografie Idea Man: A Memoir by the Cofounder of Microsoft  van Microsoft mede-oprichter Paul Gardner Allen (1953) zet hij zich nogal af tegen Bil Gates, en lijkt het meer op het verhaal van het verongelijkte jongetjes dan het succesverhaal van toch een van de rijkste mannen terwereld, met iets van 14 miljard vermogen.  Op de middelbare school leerde hij de twee jaar jongere Bill Gates kennen. Beiden waren al snel computerfreak. Hij stopte na twee jaar met zijn studie aan de universiteit in Washigton State, om software voor personal computers te gaan schrijven. Jeugdvriend Bill volgde hem en ze richtten in 1975 Microsoft op, dat Paul na wat ongenoegen met Gates in 82 verliet, naar hij beschrijft omdat Ballmer en Gates achter z’n rug bezig waren hem eruit te werken. Hij heeft een anatal keren kanker gekregen, dat ook overwonnen, maar dat kostte hem veel energie en tijd, ook al toen hij nog bij Microsoft was. 

Paul Allen zorgde voor een deal waarbij Microsoft voor 50.000 dollar Q-DOS kon kopen, dat later als MS-DOS als besturingssysteem op de PC’s van IBM kwam en daarmee CP/M van Digital Research eigenlijk versloeg.  Dat was het begin van de Microsoft succes-story. 

Wat ontbreekt in de meeste beschrijvingen van Paul Allen, maar wel doorschijnt in de biografie, is z’n ambitie. Hij zocht overal naar nieuwe wondertechnieken, heeft daarin ook veel bijgedragen, maar deed dat op een wat slinkse manier. Ik herinner me hoe halverwege de negentiger jaren alle techneuten en uitvinders van enig formaat in California plotseling onbereikbaar werden, omdat ze werkten voor Interval Reserach Corp, een technologie thinktank die Allen samen met David Liddle (Digital) had opgezte in 92. Bijna angstig viel de normaal geanimeerde speculatie over uitvindingen en nieuwe technieken in Silicon Valley, waar ik veel kwam, bijna stil. Oude vrienden uit de begintijd van de computer, die ik daarvoor vaak had gesproken en interviews mee had gedaan, wilden niet meer over hun werk praten, want Interval deed en was erg geheimzinnig. Uiteindelijk kwamne er wel zo’n 300 octrooien uit het project, maar geen echt grote doorbraken en in 2000 stopte men met ermee. Dat project blijft echter in mijn herinnering als een wat ondergronds en particulier wetenschapsproject waarvan ik de diepere doeleinden wantrouwde. De recente biografie van Paul Allen geeft daar weer wat voeding aan, het was en is een gefrustreerde man, die z’n gelijk wil halen en kostte wat kost z’n stempel wil achterlaten. Mijn vraag is of dat weer iets met z’n herhaalde kanker-problemen te maken heeft. 

W8 

Wie kan het nog bijhouden, IE9 is nog maar nauwelijks beschikbaar of men praat alweer over IE10 (er is al een download) en de snelle (blijkbaar voortijdig uitgelekte) komst van W8 is een soort kannibaliseren van de W7 acceptatieslag, de XP migratieslag is nog niet gewonnen. De uitgelekte versie van Windows 8 is nog niet rijp, maar het geeft wel extra onrust. Maar blijkbaar heeft men haast, voor de zomer nog even scoren. Office 365 is er nu en moet vooral abonneegelden gaan binnenbrengen en Google Apps op afstand houden en tijdens de MIX conferentie presenteerde Microsoft IE10 en Mango, de nieuwe versie van Windows Phone 7. Maar die is laat, en de grote boys zoals HP gaan hun eigen weg, zou Nokia dan de redder zijn dit najaar met Windows 7 Mango tablets? Microsoft verloor de slag om de mobieltjes, kan niet mee met de smartphones en is nu te laat voor de tablets. De managers die door hun personeel tot tablet-implementatie in de organisatie gedwongen worden kunnen alleen Apple (iOS) en Google (Android) kiezen, overigens iets waar ook RIM zich een buil aan begint te vallen. Maar de druk van de werkvloer, de salesforce, de vertegenwoordigers en buitendienstmensen, maar ook van de thuiswerkers is onmiskenbaar, waarom kan ik m’n iPad niet gewoon gebruiken om ook m’n werk te doen? Grappig dat Apple nu toch via de tuintafel een echte bedreiging voor Microsoft gaat worden, met de steun van Google die steeds meer diensten voor mobiele ICT weet te ontwikkelen.  

Het Pad-pad 

Ondertussen is door de enorme opgang van de mobiele devices de belangstelling en ook de verkoop van desktop-systemen gestabiliseerd of zelfs over de top heen. Men kiest voor smartphones en pads en zeker de iPad (1 en 2) hebben de gebruikers bewust gemaakt van een alternatief voor een Windows laptop. 

Het begint erop te lijken, dat Ballmer persoonlijk en Microsoft als bedrijf in de verdediging is gedwongen en niet beter weet dan de oude update/release motor nog een tandje hoger te schakelen. Of dat verstandig is, valt te betwijfelen, de kaarten vallen de laatste tijd niet echt uit in het voordeel van Microsoft en de “oude” methodes om omzet en marktmacht te genereren zijn misschien aan herziening toe. 

Ballmer is nog niet weg en kan misschien niet weg, z’n kroonprinsen werken voor nu voor anderen zoals Elop. Hij bevindt zich met zijn bedrijf wel in een zeer lastige positie waarin het moeilijk om kan gaan met de paradigma-verschuivingen die de technologische industrie de laatste jaren raken, de horizontale touch-schermen voorop en de open source aanpak als donderwolken boven het bedrijf. Maar men stoomt maar door, in dezelfde richting en die loopt steeds meer door. Microsoft is al druk bezig met Windows 8, terwijl de gebruikers - zeker in de zakelijke sfeer - nog worstelen met de overstap (het migratiepad) van XP naar Windows 7. Vista kunnen we helemaal vergeten, maar de haast, die Microsoft blijkbaar wil maken met weer een nieuwe versie van Windows maakt het er voor velen niet makkelijke rop. wil de levensduur van Windows versies 

Er is binnen en buiten het bedrijf stevige kritiek op Ballmer, altijd al een schreeuwlelijk, die met z’n enthousiasme echter wel een duidelijk boegbeeld was, met Gates veel meer op de achtergrond. Maar z’n stijl van leidinggeven, die meer besturend dan innoverend was, heeft volgens velen z’n tijd gehad. Nu Microsoft in de verdediging is, gaat men meer vitten op concurrenten zoals Google dat qua beveiliging met name voor overheidsgebruik (FISMA) niet helemaal correct te vroeg iets riep, maar dat begint allemaal op Amerikaanse verkiezingsmethodes te lijken. Microsoft wordt snel de dinosaur van de desktop, ooit een leuke aanpak, maar nu snel overvleugeld door de metafoor van de mobiele alleskunner. De cloud is dan de redding, dus dat wordt groots gepusht, maar daar zitten stevige risico’s. Want hoe betrouwbaar is de cloud, wie heeft er juridisch wat te zeggen, wie meent te mogen spitten in de data (de FBI? Of Wikileaks) en wie kun je aanspreken als het mis gaat. De cloud is wel een logische ontwikkeling, maar nog niet echt volwassen, daar moeten eerst nog wat dingen goed misgaan voordat men de gaten echt in beeld heeft. 

e-warenhuis 

Iedereen z’n eigen e-winkeltjes was lange tijd het devies, zorg dat naast je bakstenen winkel er ook een website en e-commerce mogelijkheden zijn. Dus bouwden we allemaal leuke websites, koppelden die al dan niet aan de vooraadsystemen van onze distributeurs en zagen inderdaad een soort kruisbestuiving tussen fysieke en virtuele verkoopplekken. 

Maar net zoals de buurtkruideniers al lang verdwenen zijn, en alleen in allochtonenwijeken nog die we-hebben-alles zaakjes kunnen bestaan, is ook de virtuele cyberwinkelontwikkeling verder gegaan. Sommige kleine winkeltjes werden groot, gingen concurreren met prijzen die geen fysieke winkel kon evenaren, dat trok klanten aan, de opkomst van de e-shop was beangstigend voor de traditionele shopkeepers, die het moesten hebben van vertrouwen, specialisatie, vakmanschap en binding met de klant. Er was even het gevoel, dat de fysieke winkels, de bakstenen pui, niet meer nodig zouden zijn. Alles via internet, dat was toch makkelijker, de transparantie van het wereldwijde web zou dat ouderwetse idee van een winkel met fysieke, aanraakbare en demonstreerbare wel achterhalen, zeiden de trendwatchers. Doorzichtige prijzen, vergelijker-sites, in web 2.0 zouden de consumenten elkaar wel gaan helpen en zouden alleen de e-commerce overblijven.Direct zaken doen was het devies, de Dell ging er in voorop, waarom winkels, waarom een distributiekanaal, een website was toch genoeg. 

We weten ondertussen beter, fysiek en virtueel blijven naast elkaar bestaan, al was het alleen maar omdat de brievenbus te klein is voor wat grotere dingen. Ook Dell schoof van direct naar telefonische push-marketing en is ondertussen net zo indirect als andere grote A-merken. De informatiebandbreedte van het web is deel van het orienterings en zoekproces, maar veel klanten, zeker voor een eerste aankoop, preferen toch een “echte” winkel, een plek waar produkten zijn, mensen die je helpen, verkopers, adviseurs, mensen die je kunt aanspreken of tenminste bellen als je aankoop niet werkt. 

Vertrouwen, we zijn weer terug bij waar de middenstander het vijftig jaar geleden van moest hebben. In sommige landen is dat nog sterker dan bij ons, in Duitsland bijvoorbeeld is men wat angstig met electronisch betalen, maar ook dat heeft alles te maken met vertrouwen. Zomaar ergens een of andere website vertrouwen, dat is moeilijker dan afgaan op hoe een fysieke winkel er uit ziet, voelen hoe je behandeld wordt, touch&feel, de winkelervaring kunnen we niet uitvlakken. 

Dat vertrouwen of juist het gebrek aan vertrouwen is waarom we nu grote portals zien, Amazon is een goed voorbeeld maar ook Neckermann doet steeds meer, en we zien dat dergelijke grote portals steeds breder gaan en ruimte bieden aan derden, die als het ware een shop-in-shop krijgen binnen wat we dan een e-warenh De site is een protest tegen de koop uis kunnen noemen. Niet iedereen lukt dat, Microsoft probeerde het met reizen (Expedia), maar verkocht dat al grotendeels aan USA Networks in 2001. Google is vanuit de zoekmachinebasis wel een machtige speler in de portals en heeft bijvoorbeeld in de reiswereld door de overname van ITA ook een toppositie (gekocht). 

Dwars door de fysieke-virtuele tegenstelling loopt nog de rubrieksadvertentie. Dat was ooit een hoeksteen van het krantenvak, maar verschoof wel helemaal naar het web.  eBay is wat dat betreft een echte marktplaats, maar verliest het qua vertrouwen van GraigsList, terwijl de positie van bijvoorbeeld marktplaats in ons land wat afkalft. Te veel commercie en verlies van vertrouwen in het medium zijn killing. 

Dat vertrouwen opbouwen kost tijd, geld en zorg, en je bent dat vertrouwen snel kwijt in cyberspace, want wanneer de klant het niet meer vertrouwt of slechte ervaringen heeft staat dat zo op een site en wordt publiek. Ook hier weer is de transparantie van internet een bepalende factor, prijs en reputatie worden publiek domein. 

In die zin zijn dus de grote clubs, als ze het vroorzichtig spelen, in het voordeel. Zij hebben de naam, de traffic en kunnen die gaan uitponden aan andere producenten en marketeers, die onder de vleugels van een grote, sterke en betrouwbare portal hun waren gaan slijten, maar wel marge moeten inleveren. 

De super-portals of ik noem ze graag e-warenhuizen, hebben dus toekomst, het zijn de Bijenkorven van het komende decennium. Voor de kleine specialist is er de optie, zijn assortiment ook onder te brengen bij zo’n grote club of zelfs bij meerdere grote portales, gebruik te maken van het vertrouwen dat daarmee wordt gewonnen, maar wel tegen inlevering van wat procentjes. 

Aanvallen op het internet 

Veiligheid is steeds meer een kernprobleem in de ICT. Malware, virussen, achterdeurtjes, social engineering, iedere dag krijg ik wel aanbiedingen, lokker, emails van m’n banken en meer van dergelijke irritante en soms gevaarlijke troep. 

G Data zette de gevaren van internet op een rij in nieuwe whitepaper, waar ik even wat uit overneem. De meeste infecties van computers worden tegenwoordig opgelopen door eenvoudigweg op internet te surfen. De recente aanval Liza-moon, waarbij miljoenen legitieme websites door middel van een SQL-injectie werden besmet met schadelijke code, is daar een goed voorbeeld van. Het besmetten van websites kan ook op andere manieren. G Data zet alle mogelijkheden en daarmee de gevaren voor internetgebruikers uiteen in zijn nieuwste whitepaper “Aanvallen op internet”. 

Een leven zonder internet is bijna niet meer voor te stellen. Het web levert ons veel diensten en mogelijkheden waar wij nauwelijks meer zonder zouden kunnen of willen. Maar cybercriminelen weten het internet ook goed te gebruiken voor hun doelen. Zij kapen computers, stelen data en identiteiten en gebruiken populaire internetdiensten om malware en spam te verspreiden. Enkele jaren geleden werd de meeste malware verspreid via bijlagen in e-mails. Nu hebben de bedreigingen zich grotendeels verplaatst naar het internet. 

Ralf Benzmüller, Hoofd van het G Data SecurityLab: ”De recente aanval Lizamoon, waarbij schadelijke scripts werden geïnjecteerd in SQL-databases is één van de grootste in zijn soort. Het toont heel duidelijk aan hoe kwetsbaar internet, en in het bijzonder webservers zijn. Slechteconfiguraties, onregelmatige update systemen, onzorgvuldige webmasters die hun wachtwoord prijsgeven door in phishingtrucs te trappen, of door het standaardwachtwoord niet te vervangen, het zijn allemaal factoren die ertoe kunnen leiden dat de internetgebruiker wordt blootgesteld aan malware. Om het internet op te schonen, zouden alle gebruikers goede security-software moeten gebruiken. Daarnaast zouden webmasters en webhosts zich actiever 

moeten inzetten voor het beveiligen van websites.” In de whitepaper “Aanvallen op internet”, beschrijft G Data dat er niet een bepaald soort website is dat een groter risico vormt dan andere. “Sociale netwerksites, blogs, nieuwssites, etc. Het onderwerp van  de website geeft geen enkele garantie voor immuniteit voor SQL-injecties , cross scripting of geïnfecteerde banners,” zegt Benzmüller. 

Web exploit kits om webservers te infecteren 

Het blijkt niet nodig om een expert te zijn om websites te kunnen infecteren met malware. Op de ondergrondse zwarte markt zijn web exploit kits te koop voor $500,-. Met deze kits kan een aanvaller op geautomatiseerde wijze webservers analyseren op beveiligingslekken en het systeem infecteren. Als de site eenmaal geïnfecteerd is, hoeft de aanvaller alleen maar te wachten op zijn slachtoffers. In het geval van Lizamoon dienden bezoekers van de geïnfecteerde websites een nepsecurity-product (scareware) op hun systeem te installeren. Maar bij andere technieken is alleen al het laden van een website genoeg om ongemerkt schadelijke code in het besturingssysteem van de bezoeker te injecteren (drive-by-download). 

Voorzorgsmaatregelen 

Omdat internetgebruikers er niet vanuit kunnen gaan dat de websites die zij bezoeken veilig zijn, kunnen zij het beste zelf alle mogelijke voorzorgsmaatregelen treffen om hun pc te beschermen. Het gebruik van een degelijke beveiligingssuite is van essentieel belang, maar niet afdoende. Het is ook nodig om het besturingssysteem, de internetbrowser en alle andere software op de pc (flash player, PDF reader, etc.) regelmatig te updaten. 

Jodium of iPad2 

25 maart Vandaag kunnen de gadgetliefhebbers op pad. Kiezen ze voor een iPad2, die ligt bij Mediamarkt voor dezelfde 499 als de eerste iPad, die daar nu 120 euro minder kost. Naast de  de nieuwe iPad is er vandaag ook de Nintendo 3DS, een draagbare spelcomputer die beelden ook driedimensionaal kan weergeven. De Nintendo 3DS is de opvolger van de DS en biedt een 3D ervaring zonder dat daarvoor een speciale bril nodig is. Verder verwacht ik een run op Jodium pillen, samen met Foliumzuur vrij makkelijk te krijgen, want die radioactiviteit uit Japan komt de komende maanden wel hier overwaaien en je jodium-intake zo hoog houden, dat je lichaam geen jodium naar de schildklier gaat halen uit de omgeveing, is wel verstandig. 

Atoompaniek 

17 maart Smelten ze wel, smelten ze niet, en wat zijn de gevolgen? Zullen grote delen van Japan onbewoonbaar worden, hoe zit het met lange termijn effecten, ik moet steeds aan Hiroshima en Nagasaki denken. De atoomproblemen en de tsunami in Japan zijn wereldwijd zorgpunten, menselijk en economisch en zal ongetwijfeld ook voor de ICT gevolgen hebben, maar mogelijk ook een nieuwe golf Japanse innovatie-energie doen loskomen, dat volk klimt snel uit ellende is wel gebleken, maar de laatste jaren waren ze wat ingeslapen. 

Het grote nieuws in de kranten en bladen over ICT gaat tegenwoordig vooral over gadgets en hebbedingen en natuurlijk is zo’n iPad een leuk ding, maar stevenen we niet af op een quasi-monopolie fuik? Daar zijn we goed in in de ICT-wereld, Intel was en is oppermachtig en rekent voor z’n nieuwste chips geen kinderachtige prijzen. Qua harde schijven zijn er nog maar een paar fabrikanten. Nu Western Digital Western concurrent Hitachi GST gaat overnemen is dat weer minder en viel het u niet op, dat harde schijven de laatste jaren niet meer zo snel in prijs dalen als daarvoor? In de telecommunicatie transmissie sector (de communicatie-internet abonnementen, de tikken, MB’s en de dikke datapijpen), waar ongeveer de helft van de wereldwijde ICT omzet zit, is ook sprake van maar een paar aanbieders en een vrij onduidelijke marktwerking. 

Natuurlijk, mooi die iPad2, en met de oude modelletjes drukt Apple de concurrentie leuk weg, want wie kan een iPad-workalike ontwikkelen en op de markt brengen voor rond de 300 dollar? De schaalgrootte van de productieruns van Apple is zodanig, dat ze niet alleen de beste prijzen krijgen, maar ook concurrenten weg kunnen houden. Dat is niet alleen op wereldschaal, de retailer in Nederland merkt het ook, verdienen aan Apple is een exclusief kunstje. Maar is op termijn allemaal een iPad, iPhone of iGame wel zo’n goed idee? Net zoals we sinds midden jaren 80, remember CP/M, allemaal door Gate’s z’n vensters naar data en content turen, dreigt nu een verappeling van de interface. Die is misschien stukken vriendelijker dan Windows, maar in brede zin ook net zo beperkend, want we werken dan volgens Jobs z’n aanpak. En die is, net als die van Microsoft, net zo min altruïstisch en humaan, maar gewoon gericht op geld verdienen en marktmacht. Jobs stevent snel af op een echte machtspositie voor Apple in devices, content delivery en online-advertentie exploitatie. Dat vertaald zich in miljarden, waarschijnlijk tientallen miljarden persoonlijk vermogen, overigens geldt dat ook voor de mensen achter Google, Facebook, Amazon en eBay. Daar worden, op basis van feitelijke monopolies of half-monopolies, schatten verdiend, via de beurs of gewoon als winst op omzet. Cyberspace is wat dat betreft voor sommigen echt een goudmijn gebleken, mede omdat de overheid er weinig invloed op had, het is nog steeds een soort Wilde Westen, we zijn afhankelijk van de media en de publieke opinie om bijvoorbeeld Google in toom te houden. De nieuwe rijken zijn wat dat betreft ongrijpbaar geworden, ze kunnen kiezen wat en waar ze met hun fortuinen doen, veel kans op een opstand der gebruikers is er niet. 

Het is mooi dat Bill Gates en z’n vrouw hun geld nu besteden aan wereldwijde gezondheidsprojecten, maar z’n filantropische stichting investeerde wel in Monsante (van de genetische gemodificeerde zaden, die na een keer oogsten verder onvruchtbaar zijn) en is ook de vaccinatie-aanpak niet onomstreden. 

Nu heeft alles z’n tijd, en niemand leeft eeuwig, dus ooit zal de wal het schip Apple ook wel gaan keren, de gezondheid van Jobs blijkt een belangrijke factor, de man is toch de grote kracht achter het bedrijf. De houding van Apple met betrekking tot Adobe Flash is veelzeggend, Jobs zei nee en dat was het. Via de Wallaby Flash-to-HTML conversie van Adobe is daar nu een omweg gevonden, maar het was wel een staaltje powerplay van Apple. Nu zijn er best signalen, dat Apple het niet helemaal voor het zeggen heeft, met name Google met Android is goed bezig en daarbij speelt vooral mee hoe de ontwikkelaars van apps varen. Bij Apple moeten ze fors laten meedelen, en het is leuk dat er enorme markt is opengegaan, maar bij Android hebben ze meer ruimte. App-ontwikkelaars zijn de basis van het succes van Apple, de app en vooral de App Store heeft het hele denken over software-as-a-service een andere wending gegeven. Maar nu zijn, door de wat hebebrige 30% houding van Apple, de ontwikkelaars verder aan het kijken, maken apps voor Android en ook de uitgevers zoeken naar alternatieven. Er zijn signalen, dat de populariteit van Android ook dat platform tot een geldmachientje kan maken, het MMO spel Pocket Legens van Spacetime Studio heeft twee keer zoveel spelers via Android dan via iOS. Apple heeft nog een voorsprong, vooral het betaalsysteem is nog soepeler, maar dat is tijdelijk, neem ik aan. 

iPad2;  niet verrassend, wel op koers 

De reacties op de iPad2 aankondiging waren enerzijds lovend, anderzijds zag men geen al te grote stap, het gaat om verbeteringen die logisch en mogelijk zijn, zoals de camera’s. De indutrie blijkt wel wat geschrokken te zijn, door de verkoopcijfers so far van de iPad, maar ook omdat de dual core iPad2 toch net weer iets vooruitloopt op wat de andere fabrikanten in de kast hadden staan als nieuwe modellen. Dus stelt men die uit, gaat nog wat sleutelen zoals HP, wacht op de Windows Phone 7 update die na de zomer wordt verwacht zoals Nokia, of stelt de prognoses wat bij, zoals Samsung blijkbaar doet. Volgens Digitimes zijn in Taiwan de productieverwachtingen voor altenratieve tablets dan ook al wat teruggedraaid, en je ziet dat ook marktonderzoekers Apple een erg sterke positie op de tabletmarkt in 2011 toeschrijven. 

Steve Jobs presenteerde zelf , vanwege z’n ziekteverlof onverwachts, de tweede versie van de tablet iPad, de iPad2 die 33% dunner, dubbel zo snel is, multitasking heeft, en er weer wat hipper, dunner en sexier uitziet. De iPad2 is al vanaf 25 maart in ons land verkrijgbaar en in de VS bij AT&T en Verizon. Die laatste provider heeft met de iPhone4 afgelopen weken enorm gescoord. 

De aankondiging was goed getimed, en de CeBIT verloor flink wat media-aandacht door de Apple aankondiging, men wist de topjournalisten uit Hannover weg te houden. 

De iPad 2 heeft 2 camera’s, geen flash, iets gtroter scherm, maar de schermresolutie is met 1024 x 768 pixels onveranderd en er is een nieuwe iOS 4.3 versie (initieel als beta), ook voor andere Apple mobiele devices. De camera aan de ene kant is voor FaceTime-gesprekken met andere appelaars. Er kunnen meerdere videofeeds tegelijk worden bekeken. iMovie (5 dollar) wordt een universele appvoor videobewerken op de iPad2. 

Het vernieuwde iOS besturingssysteem verbetert deprestaties van Safari en brengt iTunes home sharing; een soort mini WiFizender om met andere Apples te communiceren en contentte delen, je krijgt dus een Personal hotspot, Android heeft dat overigens ook al. Een 16GB WiFi iPad2 kost 499 $ in de VS.De iPad was een wereldhit, alleen al in ons land was de Apple tablet in december vorig jaar goed voor zo’n 25% van alle consumenten PC-verkopen (laptops, desktops, All-in-Ones) en dat loopt behoorlijk door. 

Dit jaar is doorstoten naar een 35% marktaadeel voor alle Tablets met daarvan 70-80% voor Apple niet onmogelijk en dat zou dan neerkomen op zo’n 250.000 stuks. Dat is natuurlijk sterk afhankelijk van de appreciatie in de zakelijke gebruikssfeer van de tablet en met name de IPad, die naturulijk jiet echt past in de corporate ICT-structuur. Hier kan ook meespelen, dat de distributie vrij vast door Apple gestuurd wordt, grote keten mogen meedraaien, maar zo maar even Apple dealer worden is niet zo simpel en er wat aan verdienen is helemaal een kunst, dan moet je als retailer behoorlijk wat wegzetten wil je in aanmerking komen voor uiteindelijk een redelijke marge. 

Maar Apple zit vooraan in de populariteitscurve, en het is werkelijk de vraga of het bijvoorbeeld Samsung lukt met de Galaxies bij te blijven; de gebruikersreacties in de VS waren niet onverdeeld positief. De Motorola Xoom zou ook een kanshebben kunnen zijn, maar mist de distributie in ons land, tenzij een grote provider hier met een leuke deal komt. 

Het blijkt dat verschillen in bundel- en kostenopzet voor dit soort produkten in de markt erg belangrijk kunnen zijn. Verizon heeft met een iets andere en ogenschijnlijk betere deal dan AT&T toch flink wat klanten weten te trekken. 

Apple zelf claimt 15 miljoen iPad’s verkocht te hebben in 2010, dat zullen er tot de iPad2 misschien een 19 tot 20 miljoen worden, de oude iPad wordt nu voor 380 dollaar uitverkocht. 

Het gebruik van de iPad als eReader slaat ook heel goed aan, de goedkopere Amazon Kindle heeft het in aantallen beter gedaan (in de VS), maar heel veel gebruikers zien de iPad toch als een handige meenemer waar ze ook boeken op kunnen downloaden en lezen, er zijn nu meer dan 100 miljoen iBooks downloads en 200 miljoen accounts, dus ook daar zit de vaart er in. 

Dat apps maken voor iOS voor de ontwikkelaars, zelfs bij de heftige 30% heffing die Apple claimt, een goede zaak is, blijkt uit de 2 miljard dollar die in 2010 is verdiend door app ontwikkelaars door hun apps te verkopen in de AppStore. In 2011 zal dat zeker toenemen, nu ook de traditionele uitgevers van kranten en bladen steeds meer overstappen op apps om hun waren digitaal te slijten. Daar zit een gok in, want via gewone PDF’s en Paypal en andere micropayments is er een alternatief voor de uitgevers (zonder die 30%) maar Apple heeft wel de naam als platform.
 

De nieuwe iPad2 is zoals verwacht weer wat mooier, 33% dunner, 680 gram licht, daarbij niet onzuiniger en toch krachtiger door de Dual-Core processor en de A5 chip met dubbele CPU prestaties en grafisch negen keer sneller, is ook leverbaar in wit, favoriet bij de dames. Dat de batterijduur van 10 uur wat optimistisch is, moeten we voor lief nemen, de prestaties zijn duidelijk beter en dat kost gewoon stroom, dus technisch heeft men wel wat bereikt. 

Wat blijft zijn de Apple eigenaardigheden, een eigen stroomconnector, een vreemde HDMI connector, waarvoor dan weer een adapter (39$) nodig is, maar vooruit, de retailer wil ook wat verdienen aan dat soort dingetjes. 

Op de iPad2 komt ook iOS 4.3 (voor de overige Apple meeneem producten via download) Deze nieuwe versie zal als een gratis update beschikbaar komen voor de oudere iPhone, iPad of iPod Touch. Nieuw zijn de hotspot functionaliteit, een soort WiFi repeater naar andere iOS-devices (net als Android) en een nog snellere browser. 

De personal HotSpot mogelijkheid is handig, want zo kun je een dataverbinding via een iPhone 4 gebruiken om bijvoorbeeld via je iPad 2 middels Wifi toch te kunnen internetten. Ook andere devices kunnen een HotSpot verbinding krijgen via Wifi connect, Bluetooth en USB. De  verbinding is beveiligd met een wachtwoord. 

De Nitro Javascript engine van de Mac computers is nu deel van de WebKit. WebKit is onderdeel van Safari en zo wordt die browser nog sneller zelfs bij complexe websites. De interface is ook weer verbeterd, maar mist nog Flash. De camera’s voor en achter maken natuurlijk leuke dingen mogelijk, FaceTime bellen met beeld, PhotoBooth komt er ook op, de iPad 2 kan zelfs 9 videos tegelijk laten zien. 

De iPad is nog geen echte spelconsole, maar recreatie staat hoog in het vaandel en de user –interface met bewegingssensor en impact-gevoelige touch-screen biedt leuke innovatieve mogelijkheden. Muziekmaak app GarageBand van de Mac is er nu ook voor de iPad. Allerlei muziekinstrumenten zijn (na) te spelen, bij drummen voelt de iPad 2 weet hoe hard je op je drum slaat. 

De beginner kan snel en quasi professioneel gitaar spelen met Garageband Smartguitar,  instrumenten-tracks zijn te mixen, muzikale creaties al la iPad en dat voor 4,99 dollar. 

iTunes Home Sharing biedt de optie alle gedownloade muziek en video via het eigen lokale Wifi netwerk te bekijken en beluisteren, dus de de iTunes bibliotheek op PC of Mac streamen naar een iPad, iPhone of iPod Touch. 

Verkiezingen onduidelijk 

4 maart De provinciale staten verkiezingen zijn voorlopig onbeslist geeindigd, de coalitie heeft misschien wel niet de meerderheid, het handmatig tellen van de stemmen duurde langer, verder hangt het van het stemgedrag van de statenleden af, een zeer ingewikkelde ruilhandel met zeker rond de PVV misschien weglopende statenleden, hoe de eerste kamer en daarmee de steun voor het gedoogkabinet er uit gaat zien. Wel kan de zetel voor de 50Plus partij misschien als pro-Wilders gezien worden. In iedere geval is Wilders niet de grote winnaar, eerder is de PvdA overeind gebleven met brekebeen Cohen dan toch als leider bevestigd, de Afhanistan keus lijkt belangrijk, maar heeft aan de andere kant GL niet echt geschaad, D66 is wel weer helemaal terug. We gaan zien welke statenleden fout gaan stemmen en misschien de colaitie toch aan 38 zetels kan helpen. In ieder geval is de opmars van Wilders iets afgeremd, als Wilders wel was doorgestoten, zou dit kabinet zeker blijven zitten, omdat dan de oppositie het risico van een verkieizng niet zou durven lopen. 

Nieuwe spelcomputer Nintendo in Japan te koop 

27 febr De nieuwe 3DS driedimensionale spelcomputer van Nintendo is te koop in Japan, er waren lange rijen, soms 1500 mensen wilden een 3DS hebben. De 3DS staat tegenover de nieuwe Sony PSP2, die meer op een tablet begint te lijken en biedt een heel bijzondere 3D ervaring, zonder bril. Door de camera inde 3DS wordt de oogpositie van de speler gevolgd en wordt een aan die positie aangepast perspectief getoond, een kleine verschuiving in de stand van de 3DS doet dat beeld veranderen en geeft zo de illusie van een 3D beeld. Nintendo gaat hiermee een hele nieuwe richting uit in games en wil hiermee de teruglopende verkopen weer opvijzelen. In Europa en de Verenigde Staten komt de 3DS volgende maand op de markt. In Nederland is hij vanaf 25 maart te koop. De timing van de nieuwe 3DS valt samen met de GDC Game developers conferentie in San Francisco, die de 28 begon, en waar duidelijk moet worden, in hoeverre developers kiezen voor deze nieuwe uitdaging. Die steun is essentieel, de 3D generatie games in deze vorm kunnen een nieuwe golf game-ethousiasme veroorzaken, maar dat hang ook af van de voorwaarden en de technische moeilijkheden en voorzieningen, en hoeveel steun Nintendo gaat geven. 

Cyberspace Security Raad 

25 Febr In tegenstelling tot elektriciteit is internettoegang geen primaire levensbehoefte. Maxime Verhagen heeft gesteld, dat internet geen primaire levensbehoefte is, in het kader van voorgestelde wijzigingen van de telecomwet. Het is belangrijk, maar minder essentieel voor het dagelijks functioneren. Daarom mogen isp’s wanbetalers blijven afsluiten, terwijl dat bij aanbieders van elektriciteit anders ligt. Maar dan Cyberspace Security, daar is een nota over die rammelt. 

Het kabinet heeft plannen, maatregelen en organisaties aangekondigd om de veiligheid van internet te bevorderen. Dat behelst een aantal maatregelen, die logisch en verantwoord zijn, de probleemgebieden worden aangeduid en doelen en initiatieven geformuleerd. Daarbij valt op, dat men veel mooie plannen heeft, indrukwekkende namen geeft aan bijvoorbeeld het coördinerend centrum instituut en de Cyber Security Raad, maar erg leunt op wat het bedrijfsleven en private partijen kunnen inbrengen. Het optuigen van nieuwe instanties en het versterken van bestaande organisaties kan echter niet verhelen, dat dit vrij nieuwe gebied iedere keer weer voor verrassingen zorgt en dat dus vooral flexibiliteit van belang is. Hoe complexer de afweer-organisatie, hoe kwetsbaarder voor interne en externe verstoringen, de vernetting van het probleem, met veel connecties met private partijen, brengt risico’s met zich mee die niet goed worden aangeduid. 

De schaalgrootte van de plannen, met andere woorden, geven wel de illusie van grotere veiligheid, maar is kleiner, sneller en meer geconcentreerde expertise niet effectiever? Flexibilieit en echte geheimhouding is gebaat bij een kleine organisatie, zonder enorme bureaucratische afscherming van bijvoorbeeld tipgevers. In terrorismebestrijding blijkt de menselijke informant nog steeds het belangrijkst, eigenlijk geldt dat ook voor cyberspace, de eenling/zonderling vinden is ook een kwestie van psychologie en niet alleen van technologie. 

Het lijkt erop, dat het idee, dat ons land ook wat kan verdienen aan cyber-security in zekere zin dwars staat op het primaire doel van dit initiatief, security. Dat het ministerie van EZL&I hier in mee praat, is misschien minder verstandig. Security bedrijven en organisaties, en dat is een behoorlijke bedrijfstak, hebben primair geen belang bij veiligheid, hun business groeit door onveiligheid. Er is dus een interne belangentegenstelling. De nadruk op samenwerking met providers, onderzoekers, security bedrijven en de private sector met liever zelfregulering dan repressie en opgelegde maatregelen klinkt liberaal en ondernemersvriendelijk, maar veiligheid is geen “level playing field”, een kreet die iets te vaak opduikt in de strategienota. Als er al sprake is van afweging tussen vrijheid en veiligheid, dan komt het belang van de burger in deze opzet niet uit de verf, over representatie van de klant, burger en cybercrime slachtoffers in de Cyber Security Raad geen woord. De openheid van internet, waar men op hamert, is een tweesnijdend zwaard, dat de burger vroeg of laat z’n in alle vrijheid van meningsuiting weggeven privé-informatie kan tegenkomen laat men in het midden. 

De aanpak van deze nota en de maatregelen is verder typisch een terugkoppelingsverhaal, er gingen dingen fout, die gaat men aanpakken, maar echt naar de toekomst kijken, het gevaar van een overheid die de vrijheid en de zogenaamde openheid misbruikt of kan misbruiken als middel voor repressie en het aanzetten tot angstdenken komt niet aan de orde. 

Zoals uit de trendrapportage (rapport Faber van 2010) al bleek, is de focus op repressieve maatregelen, het aanpakken van misstanden, meer afscherming van kwetsbare systemen, maar daarmee ook verdere aantatsing van de privacy. Een overheid, die en masse toegang heeft tot vertrouwelijke informatie, en Nederland gaat in afluisteren, scannen en opslaan al veel verder dan andere landen, draagt niet bij aan het vertrouwen, waar de nota over praat. Bovendien maakt koppeling van bestanden uit zowel overheid als private partijen als providers de kwetsbaarheid alleen maar groter en de aantrekkingskracht op de diverse “freeriders” om dat aan te vallen alleen maar groter. Dit plan geeft veel energie aan een tegenpartij, die daardoor alleen maar groter wordt. Veel maatregelen zijn nodig en nuttig, maar een voorzichtige ethische afweging mist in het geheel. Het noemen van hacktivisme is wel actueel, maar op de ethische vragen rond cyberspace morality wordt niet ingegaan. Het span veiligheid-vrijheid wordt niet gerelateerd aan de onderliggende doelen, zoals maximaliseren van het menselijk geluk, de overheidstaak als menner van dat span komt niet uit de verf, behalve in repressieve zin.  

Identiteit is het grote probleem van cyberspace, wie is wie en waar, het beperken van de anonimiteit (en dat staat weer haaks op privacy) zou meer aandacht hebben kunnen krijgen, het invoeren van een digitale burgeridentiteit en het beschermen daarvan zou een prioriteit moeten zijn, maar vraagt weer zeer duidelijke ethische stellingname. 

Een belangrijke vraag, die in deze plannen niet aan de orde komt, is ook of een nationale internet-stopknop nodig of wenselijk is. Die discussie wordt nu gevoerd in de VS en elders en tenminste een studie aankondigen naar deze optie zou ook hier op z’n plaats geweest zijn. 

Ook gaat de nota niet specifiek in op de cloud problematiek, waarbij data en applicaties overal en nergesn en dus in principe buiten de EU kunnen staan, gebackupped worden en daarmee dus de rechtsmacht over wat er met die data gebeurt op z’n minst onduidelijk wordt. Een duidelijke handhaving-aanpak van het principe dat privacy-gevoelige en anderszins (economisch) gevoelige data niet buiten de EU mogen worden opgeslagen, ontbreekt. 

Cybercrime en Cyberwar zijn begrippen, die steeds vaker in het nieuws opduiken en ook veel burgers weten door spamoverlast, virussen, pogingen om bankgegevens en dergelijke aan hen te ontfutselen wel dat de automatisering niet alleen gunstige dingen heeft meegebracht. De Stuxnet malware, die op internationale schaal als botnet in een semi-cyberwar opzet procesautomatisering bedreigt en de recente aanval op de website Overheid.nl zijn tekenen dat cybercrime een groeiende bedreiging is, ook het hacktivisme rond Wikileaks en de kraakbaarheid van de OV-chipkaart heeft veel beroering gegeven en het platleggen van Internet in Egypte tijdens de omwenteling heeft ook wereldwijd de aandacht gevestigd op de zwakke kanten van internet en cyberspace. In 2010 verscheen al het rapport Faber, waarin werd aanbevolen via vergaande “profiling” de Cybercrime problematiek aan te pakken. Dat rapport werd niet goed ontvangen, maar gaf wel een breed overzicht van de probleemgebieden. Nu gaat men qua opsporing en handhaving toch maatregelen nemen, onder regie van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Vanaf begin volgend jaar heeft Nederland een Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC). Overheid en bedrijfsleven gaan zich daarin samen tegen internetcriminaliteit weren. Het zal zich verder bezig gaan houden met incidentafhandeling en crisisbesluitvorming en bredere samenwerkingsverbanden, zoals met AIVD en MIVD. Het NCSC, een uitbreiding van het huidige Govcert.nl, is een onderdeel van de Nationale Cyber Security Strategie die door minister Opstelten naar de Kamer is gestuurd, mede namens zijn collega’s van EZL&I en BZK. Naast het NCSC komt er ook een Cyber Security Raad waarin partijen uit zowel overheid als bedrijfsleven zijn vertegenwoordigd. Gezamenlijk zullen zij zich richten op het tegengaan van ICT-verstoringen, maar vooral ook op de bestrijding van spionage, misdaad, vandalisme en terrorisme via het internet. Er zijn ook een aantal punten waarop de regelgeving zal worden aangescherpt. Zo moet bijvoorbeeld tachtig procent van de vitale organisaties in het openbaar bestuur en Openbare Orde en Veiligheid eind 2011 jaar beschikken over een continuïteitsplan dat een antwoord biedt op grootschalige electriciteits- en ICT-verstoringen. Ook komt er een meldplicht voor datalekken in de telecomsector. 

Tweesnijdend zwaard 

24 febr. De omwentelingen in de Arabische landen zouden mede te danken zijn aan de moderne media en internet, maar in bijvoorbeeld Iran gebruikt het niet omvergeworpen regime Facebook en internet-verkeer om tegenstanders te traceren en op te pakken. 

De door Hillary Clinton geprezen moderne internet en mobiele media zouden goed zijn voor de democratie, maar dat is maar betrekkelijk, want de VS zelf willen een totale internet-stopknop, zogenaamd om cyberaanvallen af te kunnen slaan. Ook behoudt de VS zich het recht voor, overal en altijd haar normen en waarden en de inbreuken daarop wereldwijd aan te kunnen pakken, een soort cyberimperialisme dat paradoxaal staat tegenover het gejuich over “vrij” internet en democratie. Nu blijkt, dat niet alleen in Egypte, maar ook in Birma en andere landen vrij makkelijk de stop uit het hele internet-verkeer getrokken kan worden en de telecom bedrijven in staatshanden medewerking verlenen aan het traceren van “subversief” verkeer en sites, kan datzelfde internet zeer gevaarlijk zijn. Net zoals in WOII de bevolkinsgregisters de basis waren voor de Jodenvervolging, kan nu emailverkeer, chatberichten, tweets en posting op b.v. Facebook gebruikt worden om tegenstanders van het regiem te traceren, in Iran zijn al cyberactivisten onthoofd. Deze schaduwkant van internet, de digitale schaduw, is een dreigend gevaar, mede omdat content in principe eeuwig bewaard kan worden en vaak ook wordt, en dus jaren later iemand in het nauw kan brengen. Ook in Nederland gebruiken niet alleen werkgevers, maar ook de overheid al social media sites als LinkedIn, Hybes en Facebook om naspeuringen te doen, bijvoorbeeld naar wat uitkeringstrekkers uitspoken. 

MWC 

18 febr Het Mobile World Congres is weer voorbij (en komt niet naar Amsterdam in 2013) en in de overvloed van aankondigingen, nieuwe connecties, nieuwe hardware en diensten de grote lijnen herkennen is niet gemakkelijk. Ieder bedrijf vindt z’n eigen nieuwtje van wereldbelang, de persberichten zijn meestal zeer eenzijdig, de commentaren van de journalistiek veelal getint door sensatiezucht en gadgetterij. 

Wat opvalt is dat het hele mobiele veld convergeert naar enerzijds kleinere smartphones, gewoon weer zakdingetjes die natuurlijk sneller, mooier en beter zijn, en anderzijds het nieuwe tablet-format omarmt, maar qua diensten nog geen grote differentiatie vertoont en vooral meer van hetzelfde biedt. De industrie is wel bezorgd over de capaciteitsproblemen die al die smartphones veroorzaken, files en vertragingen zijn nu al een probleem, de bijna een half miljard nu al verkochte smartphones en de massale overstap naar mobiel internetten is soms te veel voor de netwerken van telecombedrijven. 

Van PC naar tablet 

Er is sprake van een overgang qua gebruik. Wat men vroeger thuis op de PC deed, ging eerst over naar de laptop, dat werd mobiel en sluipt nu naar de tablets en smartphones. Of het al zover is om de PC voor dood te verklaren, iets waar de uitgaande Google chef Eric Schmidt op doelde, is de vraag. Hij verwacht dat LTE een nieuwe golf applicaties gaat veroorzaken, en daarmee nog meer diensten, commercie en business, maar dan wel op snelle mobiele devices. Schmidt werd bijna profetisch, hij zag de cloud als een grote “unifying force” voor alles, een device-agnostische (apparaat-onafhankelijke) ruimte waarin “you really can do magic”. Schmidt zei “everything’s changing again” maar om een total nieuw ecosystem. Vooral sociale netwerken gaan voorbij de normale communicatie helpen om toevalstreffers en toevallige contacten te scheppen, zo’n “serendipity platform” gaat, als de gebruikers daar toestemming voor geven, nieuwe connectives leggen. Het klinkt een beetje als georganiseerde synchroniciteit, en bijna religieus, dergelijke techo-paganistische kretologie doet me denken aan John Barlow’s infotheïstische “Declaration of Cyberspace Independence” uit 1996. Schmidt stelde dat de strategie van Google neerkomt op dienstverlening “to make our offerings better through using social information.” Hij noemde NFC near-field communication een “mega-scale opportunity” en verwacht dat e-commerce en betalingsmodellen door gepersonaliseerde informative nog een grote ontwikkeling zullen doormaken, “location, personalisation and advertising” zijn de drijvende krachten. 

Er zijn overigens genoeg ergonomische en veiligheid argumenten om de PC toch een plek te gunnen, maar het tekende de sfeer in Barcelona, waar men maar blijft geloven in groei, innovatie en vooruitgang. Dat feitelijk, afgezien van de smartphone golf, mobiel voor veel Westerse markten het verzadigingspunt heeft bereikt en het alleen maar gaat om een platform-overstap wil men niet horen. Dat die platform overstap ook een verplaatsing van gegevens en software naar de cloud en apps betekent is wel duidelijk, in hoeverre dat ook nadelen heeft zoals voor betrouwbaarheid, integriteit en toegang tot gebruiksgegevens laat men in de lucht hangen. 

Google  

Qua platforms was Android natuurlijk het meest zichtbaar, Apple’s iOS was er vooral als basis voor apps en accesoires (Apple zelf was er niet), en Windows Phone 7 vooral een luchtballon die nog opgeblazen moet worden. Android was overal, al wordt er nu wel toegegeven dat de 2.2 versie niet helmaal lekker4 draait op tablets, daar moet 3.0 Honeycomb het gaan maken. Google gaat iTunes achterna en komt met een muziekdienst voor het mobiele besturingssysteem Android . Google heeft met de daaraan gekoppelde Google One Pass betalingsoptie via Google Checkout niet alleen een alternatief voor content-download marketing, maar gaat dat ook veel goedkoper doen, men vraagt maar 10% commissie voor content, terwijl Apple vasthoudt aan 30% en daarmee mogelijk de uitgevers naar Google jaagt. Die willen niet te veel marge kwijt en vooral zeggenschap over hun abonneegegevens, waar Apple niet aan wil voor de iApps. Apple probeert haar positie op de download markt te beschermen, kreeg kwestie met uitgevers over digitale diensten als deel van een print-abonnement en deed wat water bij de wijn, maar Google’s initiatief hakt daar fors op in en kan Android een stevige duw omhoog geven. Eenvoudige betalingsmodellen gaan in 2011 ongetwijfeld de hele uitgeefwereld en dus de online marketing van muziek, boeken en kranten veranderen, Paypal van EBay stapt ook over op micro-payments en nu Google ook meedoet zal Apple met meer concessies moeten komen. 

ICT paniek 

15 febr In Amsterdam is weer paniek, de hele ICT en de reddingsopertaie ligt stil, het blijkt een zootje met te veel verschillende applicaties en geen overzicht, wethouders hebben zitten slapen, ik vraag me af of ze Van Poelgeest er nu eens uit gaan gooien, die kostte Amsterdam al genoeg ellende. Maar ook de OV Chip blijkt kraakbaar en manipuleerbaar, te goedkope technologie blijkt kwetsbaar, maar gratis reizen is in de crisis misschien een grandioos gebaar om het probleem op te lossen. 

Nokia ommezwaai 

13 febr Nokia maakt, via de nieuwe topman Elop die van Microsoft afkomstig is, een dramatische zwaai richting Windows Phone 7 en dus Microsoft, net aan de vooravond van de belangrijkste mobiele beurs WMC in Barcelona. Het zat er natuurlijk in, een topman van Microsoft die Nokia gaat redden en dan maar teruggrijpt op z’n oude relatie. De Finse mobieltjesfabrikant Nokia en softwaregigant Microsoft gaan intensief samenwerken. Dat hebben de ondernemingen vrijdag gezamenlijk bekendgemaakt. Nokia maakt voortaan gebruik van het besturingssysteem van Microsoft voor mobiele telefoons. Het Finse concern en de softwaregigant gaan ook nauw samenwerken om nieuwe mobiele producten te ontwikkelen en in de markt te zetten. Verder zullen de smartphones van Nokia gebruikmaken van de zoekmachine Bing van Microsoft.  

In zekere zin was Nokia wel gedwongen tot een grote stap, het bedrijf verloor zienderogen marktaandeel en vooral status in de smartphone markt, vasthouden aan het eigen Symbian bij toenemnde concurrentie van Android, Blackberry en Apple was geen optie meer. Nokia is een ook qua cultuur erg Fins bedrijf, vooral groot geworden met mobieltjes, waar openheid, innovatie en intern overleg niet afwezig waren, maar een bepaalde kleur had. Nokia had een zekere eigenzinnigheid die jarenlang goed heeft gewerkt, maar in de globale concurrentieslag in de verzadigde mobiel-markt niet meer voldoende was. Elop ging daar in z’n persconferentie op 11 febr. ook niet aan voorbij, bureaucratie en een ingeslapen management vroegen om een cultuuromslag en niet helemaal onbegrijpelijk keek hij naar Microsoft. Dat is, zonder dat hij dat zo aangaf, eigenlijk voor wat betreft de mobiele markt in eenzelfde positie als Nokia geraakt, namelijk volgend en niet meer leidend. Microsoft moet ook aanzien dat Google, Apple en Blackberry in smartphones en mobiele devices blijkbaar veel beter begrijpen wat de markt wil, en Microsoft feitelijk de grip op de markt verloren heeft. Te veel halfhartige mobiele initiatieven, te weinig samenwerking met fabrikanten en telecom-bedrijven, en te lang vasthouden aan wat toch in wezen een “proprietary” OS is, ook voor Microsoft is de mobiele markt een pijnlijk avontuur. Misschien wat minder dan voor Nokia, dat geen andere grote cash-cow heeft dan de mobiele markt, en in het aangezicht van de marktsituatie wel moet springen, maar Microsoft moet ook zien dat met name in de tablet-markt ze terrein verliest en dat mobiel steeds meer de desktop verdrijft. 

Door de aangekondigde samenwerking krijgt Microsoft dus een behoorlijke stimulans voor Windows Phone 7, geeft Nokia zijn softwareontwikkeling deels uit handen, maar blijft het probleem van het “open” platform. Ook zal de impact voor de Noord-Amerikaanse markt, waar Nokia relatief zwak is, relatief gering zijn. De hoop is natuurlijk dat Nokia ook daar beter zal gaan draaien, maar ju ist in de VS is de combinatie van allernieuwste hardware, operating software en applicaties plus een apps/content interface en een deal met een grote telecom-aanbieder bepalend voor marktsucces en daar heeft Microsoft zeker voor mobieltjes niet mee kunnen scoren. Bovendien zijn er andere hardware partners zoals HTC, Samsung en LG die ook gepaaid moeten worden door Microsoft, dat zich geen eenzijdige deal met Nokia kan veroorloven.  

In feite wordt de deal met Microsoft pas marktbepalend als men met verrassende betere en nieuwe devices komt, die Apple en Android in de schaduw stellen. Maar ook dan is de relatie met de telecom-aanbieders van groot belang, de ophef over het nu door Verizon aanbieden van een iPod 4 deal (tegenover AT&T) maakt duidelijk dat de consument niet alleen een hip dingetje wil bezitten, maar ook gebruiken en de problemen met bellen via de iPod bij AT&T zijn nu voor Verizon een opsteker, al loopt het nog niet storm voor een (CDMA, dus niet universeel bruikbare) Verzon iPhone, veel Apple-fans hebben al een deal bij AT&T lopen. In de  VS gaat deze zomer de overstap naar 4G spelen, met nog snellere datacommunicatie, video-telefonie en videostreaming, dat is nu de grote uitdaging, ook voor de hardware naast de mogelijkheden voor hele nieuwe diensten. 

Kerstverkopen 

10 febr Het duurt altijd even, maar nu komen de echte verkoopcijfers van de kerst binnen en dat valt niet mee, zeker niet in Europa. In Engeland werden er het vierde kwartaal volgens Gartner maar 3.7 miljoen PC’s verkocht, dat is 2,7% minder dan in 2009 en in geld is het nog stukken slechter.  

Over het hele jaar realiseerde men in Engeland nog een 5.4 procent groei. Dat kwam door de onzekerheden in de economie en de werkeloosheid, met stelde aankopen uit of was gewoon zuinig, stelde Ranjit Atwal van Gartner. Verder verliest de PC terrein aan andere CE-produckten zoals smartphones en tablets en is er weinig nieuws, het gaat om vervanging met wel wat snellere, maar verder weinig opzienbarende hardware. Ook de zakelijke markt in Engeland ging 3,1% omlaag voor PC’s, men rekt de gebruiksduur van bestaande PC’s steeds verder op. HP is in Engeland nr 1 met 23,1% (groei vanaf 18,9% in 2009 Q4), Acer met 16,7% (wat terugval door netbooks), Dell met 16,4% zowat vlak en Toshiba met 8,5% wat terugval. Apple is nu vijfde met 6,2% marktaandeel, dat was 5,4% een jaar geleden. Vooral de MacBook Air deed het goed. 

Ook in Frankrijk stoomde Apple op naar de vijfde plaats, in een PC-markt die 5,2% kromp in Q4, en over het hele jaar 10% groeide. Daarmee wordt weer duidelijk, dat het vierde kwartaal tamelijk rampzalig was, de klap kwam hard aan na een verder redelijk jaar.  De consument kocht 14% minder PC’s in Q4, de verschuiving naar laptops en mobiele devices ging door, dat is nu 67% van de PC markt in Frankrijk. All-in-one models deden het nog het beste. De zakelijke markt in Frankrijk groeide wel met 10%, mede door overheidsprojecten. 

Wikipedia 

Ik strijd al jaren tegen wikipedia, met Jaron Lanier ben ik van mening dat dit soort systemen leiden tot een quasi-autoriteit, die in wezen niets anders is dan digitaal maoisme, de kleine man legt als digitale aanhouder  z’n middelmatige wil op aan het geheel. 

Zoals altijd, baseer ik die mening op persoonlijke ervaringen. Al jaren zijn een aantal mensen bezig mijn lemma Luc Sala steeds maar weer zodanig aan te passen, dat een zeer beperkt en zelfs negatief beeld ontstaat, informatie over mijn brede activiteiten niet alleen op IT gebied, maar ook elders worden consequent weggehaald en als ik zelf iets wijzig, mag dat niet wat je bent betrokkene. Dit is al eerder gebeurd met anderen, maar daarmee wordt Wikipedia dus een platform voor smaad, laster en misinformatie. Het is eigenlijk tijd eens wat van die prutsers die rommelen op deze manier, voor de rechter te dagen, de wikipedia organisatie zelf geeft niet thuis. Wikipedia is dus oncontroleerbaar en gevaarlijk, en iemand die daardoor getroffen wordt kan er niets aan doen, dat is geen democratie, dat is de macht van de minkukels. Het zogenaamde freerider principe uit de filosofie wordt hier pregnant duidelijk, bij gebrek aan centrale autoriteit die normen en waarden bewaakt. De zogenaamde vrijheid van Wikipedia is dus een ongeremde vrijheid, die anderen (kan) schaden. Zie www.lucsala.nl/klikrecht.htm 

Game-ification en Loyalty 2.0 

31 jan Loyalty 2.0 De klant aan je binden is ook in cyberspace het devies  Het hippe modewoord op internet en in de media-wereld is game-ification. 

Het is een begrip van T. Chang dat door o.a. Jesse Schell bekendheid verwierf (zie youtube, zeer interessante TED lezing). 

Game-ification en Loyalty 2.0, ook wel Badge-ification is een trend die met het opduiken van spelformaten en virtuele beloningen zoals badges, eretitels, goud en platinum vermeldingen en beloningen in natura of kortingen van doen heeft. Het snel populair wordende Groupon, waarmee men lokaal kortingen kan verwerven, rukt snel op, in Amsterdam kun je als Grouponner al op veel plekken goedkoper uit zijn. Foursqaure, dat vaak naar dezelfde plek gaan beloont, werkt vanuit dezelfde gedachte. 

Spelletjes rukken op, het is een soort olievlek, honderden miljoenen Facebookers die Farmville spelen is nog maar het begin, de alomtegenwoordigheid van internet maakt het spelen van casual games, MMO’s, Skill en Fantasy games, social games en gokspelletjes overal en altijd mogelijk. Games zijn er in allerlei varianten en steeds vaker worden ze gebruikt voor promotie of lead-generation, organisaties en bedrijven die op zich niets met games van doen hebben gebruiken games om zich te profileren. 

Computer games en games in het algemeen worden steeds vaker gebruikt, ze betrekken de kijker/surfer/klant meer bij het aangebodene, triggeren de competitie-instincten en voeden het erbij horen gevoel. Door media-goeroes als Jesse Schell wordt dan gesproken over Game-ification, hij ziet dat spellen en spelachtige constructies steeds meer ons leven gaan bepalen, via zgn. badging (reputatie zichtbaar maken), bonus-methoden, punten, rewards (denk aan airmiles) en in het algemeen virtueel-reel koppelingen, dus vanuit de spelomgeving kan men echt geld, echte voordelen en echte reputatie binnenhalen, en omgekeerd. Een opzet als Foursquare, waarbij herhaald bezoek aan een specifieke locatie de basis kan zijn voor een loyalty programma en men zelf de web-burgemeester van bijvoorbeeld een bar of restaurant kan worden, maar ook kortingen kan scoren, illustreert hoe virtueel en reëel elkaar helpen, want het genereert meer bezoek, meer trouw aan de lokatie en dus geld. 

Game-ification van allerlei activiteiten levert meer site- of brand-loyalty op, verhoogt de betrokkenheid en dus de bereidheid te investeren/betalen, en kan zelfs het consumentengedrag ingrijpend veranderen, om nog maar niet te spreken over subliminale en dieptepsychologische beïnvloeding, Apple is een prachtig voorbeeld met verplichte icoontjes, het us-them thema en het Apple-tribe gevoel. 

Dit gaat veel verder dan het platte verkopen van spullen of diensten, game-ification van de gezondheidszorg, met rewards voor ezxercise, sport, ontspanning, medische check-ups, gezonder eten is duidelijk een trend. Verzekeraars of de overheid kunnen hier gedragsveranderingen bewerkstelligen door “gezonde” activiteiten te belonen met lagere premies of belastingvoordelen. 

Het draait er om de real-life ervaringen een spel-karakter te geven, kopen of bezoeken wordt een spel, met een spelopdracht, targets en een rangschikking, met meerdere levels en een “reward potential” in termen van aanzien en harde voordelen zoals korting of specials. Omgekeerd zien we in computergames steeds meer links naar de realiteit, er komen advertenties en links in spelletjes, er is zelfs een hele categorie en branche ontstaan die men advergames noemt. Game-designers verdienen soms meer aan de links en “leads” naar b.v. credit-card aanbieders of e-marketeers dan aan directe betalingen voor het spel via abonnementen fo de verkoop van virtuele goederen. Dat laatste neemt ook steeds toe, een betere avatar of een hoger spelniveau is business geworden, betaald met virtueel spelgeld, dat echter ook omgezet kan worden in harde valuta. 

Nu is het principe van voordeeltjes, sparen, punten, airmiles natuurlijk al veel ouder, wie knipte niet de bonnetjes van de Douwe-Egbertspakken dertig jaar geleden, verzamelde punten en plakte spaarkaarten. Dat gaat allemaal digitaal en met websites, aanlokkelijke thema’s en amusante spelletjes, maar het idee blijft de binding van de klant. De combinatie van tastbare en fysieke acties met spelletjes, status-badges en virtuele beloningen is echter karakteristiek voor Loyalty 2.0. 

In dit alles zit ook een les voor de retailer, die kan meedoen met dergelijke akties van distributeurs of vendors, maar ook z’n eigen opzet maken. Begin eens met een oplopend kortingspercentage, voor iedere keer dat men iets koopt komt er een procentje bij (tot 10 maximaal oid) en maak daar een leuke email cmapagne voor, met een beloning voor de eerste klant die reageert.En je klanten uitnodigen voor een spelletje in 3D met weer zo’n compettie-element, het werkte vroeger voor de friettent op de hoek, waarom anno 2011 niet via een internet-oproep? 

Overheid en visie 

28 jan ICT en overheid, het is een soort gokspel met vooral verliezers, want wie betaalt uiteindelijk voor de ellende en het afblazen van stemcomputers, C1000 politiecommunicatie, politie-automatisering, patiëntendossiers, rekeningrijden en nu weer de OV-chipkaart? Ik heb zelfs het idee, dat de belastingdienst ergens in 2010 gigantisch onderuit is gegaan en een oude backup heeft moeten gebruiken, want ik krijg voor verschillende bedrijven totaal achterhaalde gegevens, tenaamstellingen etc. voorgeschoteld. 

Aan alle kanten gepruts, missers, budgetoverschrijdingen, het werkt niet of nauwelijks, er is geen overzicht, geen visie, en de oplossingen zijn pleisterwerk, fundamenteel blijft het probleem. 

Ik denk dat het tijd wordt dat er fundamenteel een visie ontwikkeld wordt waarin de rol van ICT in de hele maatschappelijke ontwikkeling in beeld wordt gebracht, niet met allerlei vage scenario’s en prutsmaatregelen, maar werkelijk kijken naar wat ICT en Cyberspace betekenen en al teweeg gebracht hebben. Dat is deels een ethisch-filosofische en sociaal-psychologische kwestie, deels zullen we de basis van de cybernetica en met name wat transparantie en steeds kortere terugkoppeling betreft moeten analyseren. Zo’n analyse moet bovennationaal worden aangepakt, maar waarom kan dit land met Spinoza en Grotius als ankers en een reeks internationale gerechtshoven, daarin niet de leiding nemen? Het is tijd voor een nieuwe ronde “verlichtingsdenken” en ik vrees dat we dan heel wat stokpaardjes van de twintigste eeuw zoals rationeel materialisme, de soevereiniteit van de vrije markt en de illusie van de Homo Economics, het neo-liberalisme, de privatiseringsdrang en de anti-monopolie tendenzen kunnen vergeten. De manier waarop de mens, de economie en de natuur werkt is blijkbaar toch iets anders dan wat we twee eeuwen hebben aangenomen, hou dan op met symptoombestrijding. 

De ontwikkelingen gaan namelijk heel snel nu, Wikileaks is pas de eerste slag in de cyberwars, het ontbreken van een moraal of duidelijke wetgeving in cyberspace is evident en vraagt om maatregelen die verder gaan dan wat zelfregulering en het gebruiken van “vaste” hardware en fysieke identiteit om juridisch nog wat uit te kunnen richten. 

Privacy met als tegenhanger identiteit vormt het grootste probleem, want hoe pak je dat aan? Dat er gegevens zijn die aan de ene kant levensreddend en essentieel zijn, maar ook erg gevaarlijk bewijst het volgende hypothetische geval. Stel iemand met een behoefte aan een donornier kan gaat spitten in de patiëntendossiers, lokaliseert een potentiële donor en dan? Geld, geweld, blackmail, vul maar in hoe u dit zou aanpakken. 

Het virtualiseren van opslag, rekenkracht en programmatuur gaat zeer snel en gaat ingrijpende gevolgen hebben. Neem de Amazon dienst Elastic Compute Cloud EC2 waarmee scalable, pay-as-you-go compute capacity in de cloud mogelijk is, nu nog een gratis experiment, maar in de betaalde vorm goedkoper en handiger dan een eigen server ergens in het rek. Amazon laat het virtueel optuigen van eigen OS-systemen toe, een Linux mailserver, maar ook een virtuele telefooncentrale kan dan ergens in Ierland of op Togo draaien. Wie heeft dan zeggenschap over welke gegevens waar staan, wie er toegang toe heeft, welke overheid wel of niet iets mag opvragen. Nu kan iedereen zo’n virtuele dienst opzetten, maar je hebt er wel een stevig serverpark voor nodig en dan zijn Amazon, Google, Microsoft, Facebook en IBM logischer partijen dan Jansens Computerdienstje in Tietjerkstraveen. De duidelijke ontwikkeling naar nieuwe monopolies in cyberspace lijkt in dat opzicht eerder een chaostheoretisch attractor-fenomeen dan het gevolg van economische factoren en gaten in de wetgeving. 

De web-economie heeft eigen wetten, maar wat zijn die, hoe werkt het echt, waarom kiezen bedrijven voor deze of gene aanpak, welke rol zal de app-ificatie van recreëren, consumeren en ontspannen hebben, speelt retail of fysieke lokatie nog een rol? Diensten worden een globale commodity, je boekhouding kan net zo goed ergens in India worden afgewikkeld als om de hoek bij een achterkamer-boekhouder of een dure accountant, hetzelfde geldt voor de notaris en ook andere specialismen als medische zorg, advocatuur of psychotherapie kunnen met wat sensors en breedband overal worden verleend, misschien niet beter maar wel goedkoper en sneller. 

De wereld gaat veranderen, de badgeification en gameification van Jesse Schell, een ontwikkeling naar bonusmodellen en coupon-jagend consumentengedrag heeft al ingezet, maar wat betekent dat voor bijvoorbeeld de retail en de onroerend goed markt. Wie nu via Groupon, een coupon-aggregrator die leuke deals aanbiedt voor restaurant, hotels etc. gaat consumeren, doet al mee aan die trend en waarom zou je niet, we zijn toch al consumeervee, dat achter de marketeers aanloopt. Dat wil zeggen, de marketeers die het begrijpen, dat Steve Jobs nu weer ziek is zou in dat opzicht wel eens een ramp kunnen betekenen voor de CE en ICT-wereld. 

ICT-opleving 

25 jan Er blijkt weer vraag naar ICT-ers, uit Amsterdam komen berichten dat men duizenden ICT-jobs niet kan vullen, en nu vanuit het buitenland weer krachten wil aantrekken. Maar ook van elders zien we een toenemende vraag. In West-Duitsland, waar toch een behoorlijke werkeloosheid is, blijkt er een sterke vraag naar vakkrachten, ook in de ICT in de economisch sterkste gebieden, dus in Baden-W en NRW. 

DNA en Trends 2011 

18 jan Is Homeopathie nu toch te bewijzen? Die conclusie trek ik uit het nu rondzingende teleportatie experiment van befaamde bioloog en (voor de Aids-virus ontdekking) Nobelprijswinnaar Luc Montagnier. 

Bij een experiment met DNA is waargenomen dat de informatie van de DNA overgedragen is van een glas met echt DNA naar een met alleen maar water, door enzymreacties blijkt dan in het “lege” water ook DNA aantoonbaar. Er is sprake van een zwak EM-veld en verdunning, het geheel doet denken aan radionics, een diagnose en behandelingssysteem dat niet serieus wordt genomen door de wetenschap, maar in veel gevallen wel werkt. Men spreekt nu over quantumeffecten, maar in homeopatie werkt men al heel lang met een dergelijke overdracht. In mijn theorie over hypercommunicatie en DNA als antenne van de toekomst (zie www.lucsala.nl) is dit allemaal niet uitzonderlijk. Dat een vooraanstaand Nobelprijswinnaar hier mee komt, is wel erg belangrijk en kan veel sceptici overtuigen. Ik vrees echter, dat zal blijken dat dit effect niet bij iedere onderzoeker zal optreden, want Montagnier is nog niet toe aan het incalculeren van zgn. intentieveld effecten, die hierbij mogelijk een rol spelen. In ieder geval, de magie is terug, en wie gaat bewijzen dat sommige mensen ook zonder ze aan te raken computers en chips kunnen beïnvloeden? Er komen nog verrassingen aan, misschien is dit toch wel een 2012 effect! 

Iets anders, Nederlandse hackers uitleveren naar de VS, zou Amsterdam dan toch de cyberhoofstad van de wereld zijn? We zeuren hier veel over privacy, maar blijkbaar lukt het de echte hackers dus toch om onder de radar van alles te regelen. We zullen zien, Gongrijp is voorlopig hackerman! 

De IP revolutie rukt op, alle nieuwe auto’s hebben of krijgen een IP-adres. Dus iedere auto wordt volgbaar, maar hoever gaat die trend, IP-adres in je NIke-schoenen, je horloge met medische sensors, hoelang duurt het voordat we een chip met IP-adres ingeplant krijgen. 

Google Analytics slaat IP-adressen en surfgedrag op, en wel in de VS en nu protesteert de Duitse Overheid omdat persoonlijke gegevens wettelijk niet buiten het land of de EU mogen worden opgeslagen, dat is mede omdat privacy en zo in de VS wat anders wordt gezien. In feite wordt er al heel wat informatie via redundant backup ook in de VS kan staan. 

Wat digitale trends voor 2011 van Steve Rubel 

Attentionomics – Marketers begin to realize the value of attention and not just reach in driving conversion  

Digital Curation – The plethora of content will give rise to digital curators who can separate art from junk  

Developer Engagement – Marketers typically don’t try to court developers, but that’s all about to change <$[Strong> 

Transmedia Storytelling – If there’s one constant it’s that humans crave stories. Technology creates new expectations  

Thought Leadership – Companies recognize they must activate credible individual expert voices who can create content  

The Integration Economy – Social media efforts can no longer exist in fragmented, non-formal initiatives. They begin to integrate  

Ubiquitous Social Computing – As competition heats up mobile devices, consumers closer to being socially connected anywhere 

Location, Location, Facebook – If 2010 belonged to solely Foursquare, it’s likely that Facebook will rain on their parade in 2011 

Social Media Schizophrenia – Social overload is no longer a problem for tech mavens, but a broader population 

Google Strikes Back – Google proves that the best way to beat Facebook & Twitter is to do what they do best: index them to pieces 

Viva La Social Web Site – Businesses realize that integrating social functionality into their existing web sites is what users now expect 

CES tagging 

13 jan Leuke vondsten, die ook nog nuttig zijn, maken indruk. Op de CES kreeg een zgn. tagging device, waarmee de smart-phone een link krijgt met eigendommen (of personen) die een Bluetooth identificatie dragen, zoals een portfeuille, laptop, uit zichzelf of met een apart Bluetooth tagging apparaatje. 

Cobra’s new Bluetooth tracking system is powered by Phone Halo Technology that links a smartphone to a person or their tagged belongings. It functions as a two-way alarm and loss prevention device between Android, BlackBerry or iPhone smartphones and you or your valuable items, such as keys, laptop bags, purses, or other tagged items. The system pairs the downloadable smartphone app to the Bluetooth device, which is attached to an item that you want to protect. The software monitors the distance between the phone and tagged items and alerts the owner if the smartphone and the Bluetooth device become separated 

CES Tabletop 

12 jan De tabletop interface revolutie is op de CES echt doorgebroken, platte beeldschermen horizontaal gebruiken is de nieuwe trend. Heel lang was de desktop-metafoor met muis en toetsenbord de standaard manier van mens-computer interactie. Voor spelletjes waren er wat meer mogelijkheden, maar bijna twee decennia lang zaten we vast aan dat verticale beeldscherm en voor de meeste gebruikers de Windows of Mac desktop met icoontjes die uit de papieren bureau-wereld kwamen zoals een prullenbak en file-folders.  

Pogingen om met virtual reality brillen of spraaktechnologie de interface-aanpak te veranderen waren kortstondig nieuws, maar zijn blijven steken in niche-toepassingen. Dat gaat veranderen, een eerste duidelijke verandering kwam met het aanraakscherm, maar nu is er (beperkt) 3 D en gaat de hele gebruiksmodus van de computer op z’n kop. Een van de belangrijkste trends is dat men de mogelijkheden van een horizontaal of anders gericht scherm nu serieus neemt, de Apple iPad ontwikkelt zich steeds meer tot een tabletop-device, men legt het ding plat op de koffietafel en gaat alleen of met meerdere mensen surfen, spelen, emailen en daarbij draait de iPad naar de diverse gebruikers toe. Dat is een heel andere manier van werken en zal ook wel leiden tot een ander interface design, de aanpassingen gaan nog verder dan het wisselen tussen staand en liggend beeldformaat. Microsoft is al langer bezig met dat liggende formaat en tabletop computing, maar dat werd, anders dan de iPad, geen consumentensucces. Dat zou wel eens kunnen veranderen met de nieuwe Surface 2.0, de multitouch aanraaktafel van Microsoft, die op de CES-beurs in Las Vegas werd onthuld. De nieuwe utvoering is vrij dun, maar zo’n 10 cm. De multitouchinterface van de Surface is al behoorlijk aangepast aan horizontaal werken, en herkent niet alleen vingers en handen, maar ook objecten. Helaas blijft het een Windows 7 systeem, eigenlijk zou een compleet nieuwe interface beter passen, maar ik neem aan dat Apple hier wel mee komt, zodra ze beseffen, dat de iPad geen grote iPhone is, maar een heel ander gebruik stimuleert. Een ander voorbeeld van nieuw soort interface is de HUD ofwel heads-up dispaly, waarbij het beeld op de voorruit van de auto wordt geprojecteerd. 

Game-ification en Loyalty 2.0 

Spelletjes rukken op, het is een soort olievlek, honderden miljoenen Facebookers die Farmville spelen is nog maar het begin, de alomtegenwoordigheid van internet maakt het spelen van casual games, MMO’s, Skill en Fantasy games, social games en gokspelletjes overal en altijd mogelijk. Games zijn er in allerlei varianten en steeds vaker worden ze gebruikt voor promotie of lead-generation, organisaties en bedrijven die op zich niets met games van doen hebben gebruiken games om zich te profileren. Computer games en games in het algemeen worden steeds vaker gebruikt, ze betrekken de kijker/surfer/klant meer bij het aangebodene, triggeren de competitie-instincten en voeden het erbij horen gevoel. Door media-goeroe’s als Jesse Schell wordt zelfs gesproken over Game-ification, hij ziet dat spellen en spelachtige constructies steeds meer ons leven gaan bepalen, via zgn. badging (reputatie zichtbaar maken), bonus-methoden, punten, rewards (denk aan airmiles) en in het algemeen virtueel-reel koppelingen, dus vanuit de spelomgeving kan men echt geld, echte voordelen en echte reputatie binnenhalen, en omgekeerd. Een opzet als Foursquare, waarbij herhaald bezoek aan een specifieke locatie de basis kan zijn voor een loyalty programma en men zelf de web-burgemeester van bijvoorbeeld een bar of restaurant kan worden, maar ook kortingen kan scoren, illustreert hoe virtueel en reëel elkaar helpen, want het genereert meer bezoek, meer trouw aan de lokatie en dus geld. Game-ification van allerlei activiteiten levert meer site- of brand-loyalty op, verhoogt de betrokkenheid en dus de bereidheid te investeren/betalen, en kan zelfs het consumentengedrag ingrijpend veranderen, om nog maar niet te spreken over subliminale en dieptepsychologische beïnvloeding, Apple is een prachtig voorbeeld met verplichte icoontjes, het us-them thema en het Apple-tribe gevoel. Dit gaat veel verder dan het platte verkopen van spullen of diensten, game-ification van de gezondheidszorg, met rewards voor ezxercise, sport, ontspanning, medische check-ups, gezonder eten is duidelijk een trend. Verzekeraars of de overheid kunnen hier gedragsveranderingen bewerkstelligen door “gezonde” activiteiten te belonen met lagere premies of belastingvoordelen. 

Het draait er om de real-life ervaringen een spel-karakter te geven, kopen of bezoeken wordt een spel, met een spelopdracht, targets en een rangschikking, met meerdere levels en een “reward potential” in termen van aanzien en harde voordelen zoals korting of specials.  Omgekeerd zien we in computergames steeds meer links naar de realiteit, er komen advertenties en links in spelletjes, er is zelfs een hele categorie en branche ontstaan die men advergames noemt. Game-designers verdienen soms meer aan de links en “leads” naar b.v. credit-card aanbieders of e-marketeers dan aan directe betalingen voor het spel via abonnementen fo de verkoop van virtuele goederen. Dat laatste neemt ook steeds toe, een betere avatar of een hoger spelniveau is business geworden, betaald met virtueel spelgeld, dat echter ook omgezet kan worden in harde valuta. 

CES 

10 jan De belangrijkste trend op de CES is de stap naar desktop, zeg maar coffetable desktop gebruik van tablets, een heel andere manier van informatie benaderen en delen. De vloed tablets van alle grote merken maakt duidelijk, dat men wel inziet, dat een deel van de laptop markt naar de tablets verschuift, of men beseft dat de user-mode ook gaat veranderen, is de vraag. Ik zie dat als een belangrijke trend. Andere ontwikkelingen zijn natuurlijk 4G, Verizon gaat daar nu mee aan de slag, we gaan dat ook hier krijgen en dan is video on mobile haalbaar, maar ook videochatten. 

Verder is Google met Honeycomb 3.0 Android wel bezig, een zwaardere versie van dat OS in de wereld te schoppen, de oudere hardware en smartphones kunnen de eisen van Honeycomb niet aan, er moeten dus twee smaken Android komen en is dat wel verstandig? Natuurlijk, “refined multi-tasking, elegant notifications, home screen customisation en een quasi 3D experience” klinkt mooi en met Google Talk kun je video en  voice chatten met andere Android devices.Samsung, HTC en Motorola komen met tablets onder Honeycomb. 

Oudere blogs zijn ook nog te lezen. 

-Voor oudere blogs zie http://www.dealerinfo.nl/blog2.htm en http://www.dealerinfo.nl/blog3.htm