Profielen en privacy: de noodzaak van en cyberspace filosofie 

Bent u ook tegen SOPA, PIPA en inperking van uw (digitale) vrijheid of zal het u worst wezen wie wat over u weet en wat ze daar mee doen? Vindt u dat het steeds gerichter toesturen van berichten wel een positieve trend, acht u dergelijke profiling eerder praktische personalisatie van uw berichtenstroom dan een digitale beperking van uw vrijheid? Wereldwijd zijn kwesties en acties rond digitale vrijheid voorpaginanieuws, maar we weten of vermoeden wel dat sluipenderwijs de mooie cyberdemocratische impuls van vrije informatie wordt afgeknepen en omgeturnd in de verstikkende dictatuur van cyberonderdrukking. Sluipende digitale identiteitsslavernij is hoe ik de steeds voortgaande inkapseling van wie we (echt) zijn zou willen karakteriseren. 

Internet, privacy, identiteitsverlies, intellectuele eigendom, vrijheid en veiligheid zijn de laatste tijd tot een bijna onontwarbare kluwen in en door elkaar gegroeid. Bij discussies over de digitale samenleving willen we aan de ene kant het veilige comfort van alles altijd overal en aan de andere voelen we ook wel dat onze privacy en daarmee onze vrijheid steeds meer wordt aangetast. Wat ontbreekt is meer fundamenteel inzicht in hoe onze geest werkt, hoe externalisatie van onze binnenwereld en projectiemechanismen in onze expressie terugslaan en gespiegeld worden en hoe dat samenhangt met conformeren en de overgang van product naar proces als basis van onze samenleving. Waar Plato nog een vrij helder beeld kon gebruiken van de psyche die twee paarden ment, een vrij en speels paard naast een tam en braaf paard (in de Phaedrus) zijn wij ondertussen als mensen speelbal aan het worden van onze digitale voetsporen, is onze identiteit en steeds meer ook onze handelingsvrijheid bepaald door wat het en der is vastgelegd. Dat proces van voortgaande “profiling”, het uit min of meer harde gegevens filteren van een profiel of identiteit die dan gekoppeld is aan een doel, maar dat doel is niet altijd helder of duidelijk, vaak weet je niet eens dat er ergens een computerprogramma op jouw gegevens is losgelaten. Er zijn vele doelen, zoals het opsporen van misdadigers of potentiële terroristen, je iets verkopen of opdringen, je politiek beïnvloeden, je een visum geven of weigeren, een hypotheek gunnen, bepalen of je een levenreddende operatie mag ondergaan, een uitkering krijgt, ergens mag wonen of werken. We zien dat organisaties als Google steeds meer van je weten, je gedrag continu analyseren en daarmee een digitale identiteit bepalen, waar je zelf geen weet van hebt en waar je ook geen invloed op hebt of kunt veranderen. Met de beste bedoelingen, geeft men voor, zo kun je beter geholpen worden, bespaar je tijd met zoeken, krijg je de juiste commercials en aanbiedingen en ontmoet je de juiste “vrienden”, allemaal voor je eigen bestwil! En je hebt toch niks te verbergen, dus waarom zou je zelfs maar denken over opt-outs, daarmee maak je jezelf toch alleen maar verdacht. Dat we ondertussen allemaal digitale profielen krijgen opgeplakt, en daarmee steeds meer in het keurslijf van dergelijke “profiling” met een digitale schaduw waar we niets (meer) aan kunnen doen, worden gedrukt, voelt men her en der wel aan, maar harde en duidelijke argumenten daartegen worden zelden gegeven. Die argumenten zijn naar mijn mening te vinden in een beter begrip van hoe onze psyche werkt en hoe we in de loop der tijden onze binnenwereld hebben ge-externaliseerd. Het simpelweg constateren dat we steeds meer leven in persoonlijke en sociale bubbels (Sloterdijk) met grenzen en interactiemodellen en het deconstrueren van onze realiteit bieden geen oplossing, we zullen moeten analyseren waarom we die bubbels zelf maken en in stand houden. Waarom stellen we grenzen, hoe veranderen die en waardoor en hoe snel, en welke gevolgen heeft dat. Zijn we niet meer dan zich aanpassend DNA, dat leuk gebruik maakt van nieuwe omgevingsfactoren (zoals multitasking ontwikkelen) of is er een richting, vragen die te maken hebben met ons begrip van evolutie. 

Het toekomstbeeld, waarin beslissingen over ons leven steeds meer gaan afhangen van de profielen die over ons kunnen worden opgesteld, zonder ons, buiten ons en over ons, is angstwekkend. We worden afhankelijk van de algorithmes die zogenaamd ons gedrag kunnen voorspellen, van de profielen ten dienste van veiligheid, commercie of politieke beïnvloeding die over en voor ons dingen regelen, hoezo vrije wil, vrijheid, steeds meer worden we geleefd door onze digitale voetsporen, onze cyber schaduw. Over die profielen en de technologie er achter hebben we niks te zeggen, dat we geleidelijk van een rechtsbasis van onschuld naar een a-priori aanname van schuld zijn verschoven, wordt nauwelijks opgemerkt. Je moet je onschuld tegenwoordig bewijzen, de overheid of de organisaties die ons belagen (iets willen verkopen) streven er niet naar de onschuldigen vrij te waren, maar willen de schuldigen (de terrorist, de klant met geld) vinden en inpakken, ongeacht de collateral damage, die ontstaat. Maar de onschuldigen die in dit proces tussen de wielen kunnen komen, zijn we allemaal, daarin schuilt het gevaar van profiling. Zeker nu niet alleen Google en faebook, maar ook overheden steeds meer “echte” gebruikers willen zien, geen avatars, aliassen of dynamische IP-adressen, maar de internetter als persoon willen kunnen herkennen en indien nodig aanpakken, wordt dat profiling een echte bedreiging, een gevangenis die je niet kunt ontsnappen. Niet alleen jezelf, maar ook al je vrienden, want je relatiepatroon is deel van je profiel, een paar nare sterretjes bij jouw naam besmet ook als je vrienden, likes of email contacten. Met elkaar praten, emailen, sms-en over bijvoorbeeld de Koran is al aangevoerd (Hofstad-proces) als bewijs van terroristische plannen. Juist omdat we via sociale media steeds meer informatie uitwisselen, oordelen en vooroordelen laten blijken (the wisdom of friends-Sheryl Sandberg) zitten daar meer aanwijzingen in over je profiel. Steeds meer worden we van consumenten ook producenten, van meningen, reviews, tweets, youtube video’s, content en daarmee geven we onszelf bloot, herkenbaar, analyseerbaar en schrijven we ons eigen profiel digitaal dicht. 

Externaliseren van ons zelfbeeld 

Wie we zijn is steeds minder een kwestie van hoe we dat zelf zien of voelen, maar omdat we gewild of ongewild steeds meer van onszelf naar buiten brengen, worden we in de buitenwereld gedefinieerd door wat we in publicaties, op facebook, youtube en in allerlei databestanden van bedrijven en overheid zijn. Het overdragen en projecteren van onze identiteit is niet nieuwe, met de eerste verhalen rond het vuur en rotstekeningen is de mens een pad van externalisatie opgegaan, we zijn onszelf gaan uitdrukken, niet voor onszelf, maar voor de ander. Dat externalisatieproces lijkt positief, van rots naar perkament naar papier naar foto, via film naar digitale dragers en VR en nu naar internet is een geleidelijk proces geweest en heeft zeker de onderlinge communicatie en de “vooruitgang” geholpen, maar we hebben wel steeds meer uit ons hart (in veel talen is hart en geheugen hetzelfde woord) extern gebracht. In dat proces kregen we steeds meer een persoonlijkheid of ego, omdat we onze binnenwereld moesten beschermen tegen een steeds opdringerige buitenwereld. De meeste mensen hebben zich zo geïdentificeerd met dat ego, dat we denken dat zelf te zijn, het contact met de diepere binnenwereld (ziel, innerlijk kind, hogere zelf) zijn we vaak kwijt, we zijn de automaten waarover Gurdieff sprak. Eigenlijk alle traditionele religies en spirituele tradities en de moderne psychiatrie en psychologie wijzen op de noodzaak, contact te maken met dat innerlijk kind en het masker van het ego met z’n vaak alleen materiële behoeftes te laten vallen. De vraag is nu of de moderne techniek en dan vooral het digitaal vastleggen van steeds meer persoonlijke details en het daarmee extreem externaliseren van ons (zelf) beeld en het proces van confirmeren aan dat buitenwereldbeeld geen gevaarlijke kanten heeft. Gaan we ons niet steeds meer gedragen als onze facebook avatar, gaan we ons zelfbeeld tot slaaf van ons image, tot slaaf van wat onderen over ons denken maken? Ik vrees dat dit niet alleen al heel lang aan de gang is, maar dat we het proces bijna niet meer kunnen stoppen, omdat de voordelen voor de grotere entiteiten zoals de overheid, de (semi-)monopolistische dienstenverleners en bedrijven te duidelijk zijn. Die worden wel bedreigd, door terroristen, hackers, mondige burgers en artiesten, maar verdedigen zich vooral door de schroeven aan te draaien, door vrijwel ongeremd en deels ongemerkt de vrijheid af te romen, met veiligheid als argument, en angst als werktuig. We doen dit voor u, kleedt u maar even uit of laat u digitaal in uw blote kont zien, want zo maken we reizen (werken, kopen, leven) veiliger. De dictatuur van de angst hangt in mijn visie sterk samen met het externaliseren van onze identiteit, want je echte zelf, je ziel telt niet meer mee, de metafysische werkelijkheid van je innerlijke kosmos is toch maar vol van overtuigingen, bijgeloof en non-rationele projecties, weg ermee, leve de verlichting. Dat die zogenaamde verlichting niet meer is dan rationalisatie en mutilatie van je verbeeldingskracht is niet alleen de wetenschap, maar langzamerhand de hele samenleving ontgaan.  

Er is veel te doen over SOPA, PIPA, ACTA en meer van dat soort overheidsingrijpen en voor een deel gaat dat dan nog over auteursrechten, intellectuele eigendom en het verdedigen van verdienmodellen uit de predigitale tijd. Een ander aspect is de neiging van grote internetpartijen om databestanden te koppelen en de daarin begrepen profileringsinformatie te commercialiseren, de gebruiker, emailer, surfer wordt z’n eigen product, z’n gedrag is verkoopbare handel geworden. We zijn nog niet zover, dat uit zo’n profiel openlijk levensverwachtingen, persoonlijkheidstype, IQ of criminaliteitstendenzen worden gehaald, maar dat is een kwestie van tijd (of uitlekken van het feit dat dit al op grote schaal gebeurt, hetgeen me niet zou verbazen). Ons gedrag is meestentijds zeer voorspelbaar, we zwermen leuk mee met onze programmering en die van ons sociale umfelt, maar dat zijn we, in esoterische termen, niet. We zijn onze vrije wil, we zijn echt wanneer we uit het programma stappen en dus de profilering in zekere zin ontduiken, iedere traditie leert ons dat. Profilering beperkt zo onze vrije wil, ons anders-zijn, is in wezen sterk discriminerend en het beperken of ontduiken ervan (opt-out) zou een grondrecht moeten zijn. In die zin is er nu ook breed verzet tegen wat Google en Facebook doen en de Amerikaanse regering wil met haar cyber-maatregelen, maar in dat protest klinkt helaas nog een forse dosis eigenbelang door, vrije meningsuiting wordt makkelijk gebruikt als dekmantel voor lekker gratis entertainment of ongeremd schelden. 

Cyberspace interdependentie 

Daaronder ligt echter de fundamentele kwestie hoe we recht en wet in cyberspace zien. Cyberspace is geen aparte en van de realiteit onafhankelijke wereld, John Perry Barlow’s Declaration of Independency uit 1996 was wat dat betreft een mooi ideaal, maar wat naïef in het voorbijgaan aan de belangen die er spelen. Ik zou liever een Cyberspace Interdependentie Verklaring zien, waarin duidelijk wordt in hoeverre cyberspace met allerlei terreinen verweven is en zal raken. Nu cyberspace niet alleen de bibliotheek, marktplaats en recreatieplatform voor steeds meer gebruikers is, maar ook criminelen zich er op richten en ook het oorlogvoeren en de politiek bedrijven (de publieke opinie bewerken) cyberactiviteiten worden, is het nodig een gedegen rechtsgrond te formuleren en van daar uit internationale wetten en wetshandhaving te organiseren. Die is er niet, wat vage internet-organisaties waaien met vooral commerciële belangen mee, maar er is geen handhavende instantie. Bij gebrek daaraan eigent de VS zich die rol toe, met of zonder wettelijke basis, maar eigenlijk is het grote probleem dat er geen goed begrip is van wat de diepere invloed en werkingssfeer van cyberspace eigenlijk is. Dat wil zeggen dat we wel braaf de techniek hebben omarmd, die ons is aangereikt via de verbeeldingskracht van filosofen en schrijvers (van Jules Verne via Huxley, Orwell, Leary, Lanier tot Bill Gibson) maar hun waarschuwingen in de wind sloegen. Big Brother, 1984, Cyberspace, het is allemaal al bedacht in soms angstaanjagende detaillering, “maar we hebben het laten gebeuren, hebben de consequenties niet doordacht en afgedekt in “checks and balances”, in een afwegingskader tussen individueel en collectief belang, tussen vrijheid en veiligheid, tussen de twee paarden van Plato, het wilde en het tamme. De ruzies en kwesties van vandaag hadden we kunnen zien aankomen, als we Barlow’s inzichten (die deels weer van Leary en uit de hacker en NewEdge movement voorkomen, de Digitale Stad in Amsterdam was ook zo’n voortrekker) hadden gebruikt om internationaal tot afspraken en rechtsvinding te komen, zaten we nu niet met dit soort belangenkwesties. Een simpel juridisch onderscheid tussen clip en clickrecht, iets waar ik al 20 jaar geleden op aandrong, heeft het bewustzijn van de politieke arena die zich nu druk maakt over SOPA, illegaal downloaden en peering, nog niet bereikt. 

Het is tijd voor een nieuw soort organisatie, een soort volkerenbond of verenigde naties, een platform waar recht en wet in cyberspace vorm krijgen, niet als compromis tussen belangen, maar omdat er begrip komt voor wat cyberspace werkelijk betekent of kan betekenen. Recht dan breed gezien als een overbrugging of paraplu van het normatieve natuurrecht (met een religieuze of filosofische basis) en het meer materiële contractenprincipe, en ruimte latend voor breder gedefinieerde doelen als veiligheid en vrijheid, de ontplooiing van de mens en zelfrealisatie mogen niet ontbreken. Cyberspace is in zekere zin een nieuwe dimensie, het is ook steeds meer het platform voor de verbeeldingskracht, de artistieke en filosofische activiteit. Daarbij mogen we het metafysische niet uit het oog verliezen, of we dat nu religie of magie noemen, cyberspace filosofie en infotheïsme (de religieuze interpretatie van bewustzijn en informatie als een oerdimensie die aan alles ten grondslag ligt) liggen dicht tegen elkaar aan Dat zoeken naar een cyberspace grondslag heeft veel materiële aspecten, maar ook dieptepsychologische en sociaalpsychologische consequenties. 

Ik heb het gevoel, dat Nederland, waar Hugo de Groot ooit ten gunste van de handelsgeest (en z’n opdrachtgevers) een juridische basis formuleerde voor de Vrije Zee (Mare Librum) en Spinoza de vrijheid als het essentiële doel van de staat zag, zich in dit opzicht kan profileren. We zijn internationaal, internet-technisch koploper, filosofisch en juridisch een makkelijke brug tussen het Angelsaksische en Rheinlands/Romeinse model , hebben genoeg hackers, vrijdenkers en onafhankelijke geesten in huis, dus waarom niet wat geld van al die vrij zinloze innovatieprojecten steken in wat werkelijk telt, cyberspace filosofie en rechtsgrond. Het bij elkaar brengen van de hedendaagse denkers en vooral activisten rond cyberspace zou al een aardig begin zijn. 

Sopa/Pipa 

Tientallen miljoenen protesteerden tegen de Amerikaanse usurpatieplannen, bedrijven gingen plat, Google en Facebook wierven tegenstanders, en nu gaat de wet het waarschijnlijk niet halen. Maar wat een wereldwijde actie, het internet is een politiek drukmiddel van formaat geworden. Nu nog gedrven door eigenbelang en de kwestie van intellectuele eigendom blijft spelen, de studio’s en de Amerikaanse veiligheidsdiensten die graag mee rijden op die kar om ongestraft meer te kunnen afzoeken en filteren, zijn nog niet knock-out. 

CES 

CES 2012 Las Vegas:  serieus in hebbedingen. Nu Microsoft haar laatste keynote op de CES heeft gehouden (maar wel speculeert op een tablet achtige opvolger van de Xbox) lijkt het erop, alsof de status van deze toch belangrijke beurs is gedegradeerd tot gadget-beurs. Dat is gezien het aanbod aan elektronische hebbedingen misschien leuk bedacht, maar het zijn toch de producten die voor de audio/video, bruingoed en steeds meer ook de grijsgoedhandel de omzet brengen. 

Voor een aantal productgroepen zit daar de klad in, omdat nieuwe productvormen en de convergentie van gebruiksdelen, met name van informatie en ontspanning de meer specifieke producten overbodig of minder gevraagd maken. Zo worden de aloude Hifi installaties steeds minder gevraagd, maar wil men nu wel goede geluidskwaliteit aan een iPod of MP3/4 speler ontlokken. De Consumer Electronics Show is in die zin ook een graadmeter voor de voortschrijdende kannibalisering van de oude bruingoedhandel door convergentie-producten. Een televisie is tegenwoordig, plat, digitaal, met internet-toegang en liefst nog wat extra functies als koppeling aan de media-server, besturing van het smart-home systeem en gaming opties. Een computer is niet meer een productiviteitstoestel, maar ook een basis voor entertainment en content-downloaden, en krijgt steeds meer CE-trekjes. De combinatie van TV en computer was er al als all-in-one, maar rukt steeds meer op met opties voor al dan niet thin clients achterop het steeds grotere, meer energiezuinige, plattere en qua kleur en beeldhoek verbeterde beeldscherm. Op zich is de vraag naar televisies stabiel en zelfs teruglopend, maar schermen en dan vooral multi-inzetbare schermen blijven gevraagd, zij het dat er een duidelijke prijsdruk is. Gewone platte televisieschermen (wel met digitale tuner) gingen al  massaal in uitverkoop.  Er is overigens wel sprake van een nieuwe generatie televisies, Apple werkt aan iets en Lenovo, toch eerder een Chinese ICT-fabrikant, kwam met een 55 inch 3D TV met Google-TV, ingebouwde webcam en eigen CPU, dus eigenlijk al een thin-client Internet TV voor breed huiskamergemak. Lenovo wil blijkbaar breder, men kwam ook met een game-laptop, een 15,6 inch model met full HD, I7 Intel en Nvidia GeForce GTX660M grahics. 

Er komt ook een breed aanbod in Ultrabooks, de snellere en steeds goedkopere grotere broertjes van de netbook, die Intel druk promoot. Er komen iets van 60 modellen op de markt, meest met 14 en 15 inch schermen, het zijn dus gewoon middenmoot notebooks. 

Grote CE-merken 

Microsoft en Apple dus niet, maar de andere grote CE-merken kunnen de CES niet laten lopen. De Aziatische fabrikanten, grote en kleine, komen gemakkelijker naar Las vegas dan naar Berlijn (IFA), de pacifische handelsbetrekkingen en verbindingen zijn steeds beter, de supersnelle Maersk containerschepen doen er met 30 mijl/uur nog maar 5 dagen over, laden en lossen in 2 uur.  Zeker Chinese goederen komen zo veel sneller in de VS dan de Azie-Europa verbinding, grote supermarktketens als K-Mart halen al 93% van hun spullen op die manier uit China. Op de CES was dus het nieuws vooral Aziatisch, met merken als LG en Lenovo, Asus, Acer, Sharp en Huawei komen met nieuwe modellen en daar zitten vooral veel tablets tussen, want tablets en pads zijn in. Dunner, sneller en met de nieuwste software, met realtief nog weinig Microsoft en vooral veel Android. Ze worden dunner (Huawei), sneller, quadcore en goedkoper, want er komt een stevige prijzenslag, van klein tot groter mobiel wordt goedkoper. Dat de beeldschermen nog groter worden en home-theater ook wel aanslaat, probeert Sharp met extreem grote beeldschermen te ondersteunen. Sony gokt op de games en gaat de Playstation Vita groots promoten, terwijl Nintendo in de achterkamer de Wii U laat zien.  Na een paar jaar proberen is de vaart wel een beetje uit de 3D hype, LG, Panasonic en Sharp gaan er nog vol voor, maar het lijkt er op dat 3D op z’n best een luxe-ding voor het topsegment is, en dan praten we over 80 inch super-schermen. Met speciale consoles zoals die van Nintendo is er nog wel wat mee te doen in de games markt, maar niet als mainstream. 

Gadgets 

Las Vegas is altijd vol met slimme vondsten, de smartphone en koffie-optie is er nog niet, maar men probeert steeds weer nieuwe combinaties te ontwikkelen. De virtual reality bril, in de negentiger jaren even een hit, maar verdwenen omdat er epilepsie-gevaar was, is weer terug, maar nu voor 3D televisie en gaming. Sony heeft zo’n bril, maar er is nu ook een bril met eigen intelligentie en Android waarmee 3D a la Nintendo mogelijk is. 

Behoefte aan ontmoetingsplek 

Het distributiekanaal heeft steeds minder behoefte aan grootschalige evenementen, ze zijn duur en de bezoekers blijven liever thuis en kijken op internet wat er aan nieuws is.  Het is daarom ook de vraag of langzamerhand dit soort beurzen niet beter virtueel kan worden. Aan de andere kant, de CES (zomer én winter versie)  is qua product-lanceringen altijd een hoogtepunt, heeft wel concurrentie van de IFA en beurzen in Azië, maar voor de VS is ht nog altijd een belangrijk trefpunt en mediacirus. Het verandert wel, in de loop der jaren hebben we heel wat producten en productgroepen zien komen en gaan, zo was de CES voor de goedkopere huiscomputers zoals de Commodore 64 wel degelijk een goed platform, destijds was er een macht aan accessoires en software te vinden op de CES. De wat serieuzere computer haalde het echter niet als CES-categorie, destijds pakte de Comdex die markt. Maar ook de Comdex is verleden tijd, Shelley Adelson is tegenwoordig groot-ondernemer in Casino’s en pakt zo  leuk wat mee van de CES, maar echt grote computerbeurzen zijn er niet meer. Wel is de Comdex er nu virtueel, 15 en 16 november 2011 was er weer een, een alternatieve ontmoetingsplek voor de industrie. 

Smartphone-jaar 2012 

De mobiele telefoon was ooit ook een groot item op de CES, maar verloor die positie aan gespecialiseerde events, overigens net als de Hannover CeBIT, het Barcelona MWC pakte die markt. Nu echter het distributie en retail-model voor smartphones weer wat verschuift en het steeds meer dozenschuiven wordt, iets waar de CE-branche beter in is dan de gespecialiseerde IT- en Telecom-zaken, komt de Smartphone weer terug op de CES., met bergen tablets en pads, tegen steeds lagere prijzen en met steeds nieuwere versies van Android, nu in 4.0.  Vrij algemeen wordt 2012 aangeduid als het jaar van de smartphone, er wordt in 2012 volgens onder meer GfK meer omgezet in smartphones dan in notebooks. Dat gaat zeker op in de VS, waar na behoorlijke aanloopproblemen met 4G dit jaar een brede overstap wordt verwacht en de nieuwe modellen staan al te dringen. De Amerikaanse CEA verwacht een duidelijke groei, in 2012 gaan de samrtphones 22% van de CE-omzet uitmaken, tegen 15% voor notebooks. 

In Europa lopen we iets voor, met name in Duitsland is de overstap naar de internet-capabele handy snel gegaan, en ook in ons land breekt de smartphone nu door en verdringt de oudere simpele mobiele telefoon.  Bij die overgang is de rol van de providers wel cruciaal, na een tijdje unlimited data-aanbiedingen zien we nu in de hele wereld beperkingen, maximering van het debiet, en slimme trucjes om vooral via internationaal dataverkeer de klant te melken. Amerikanen, die met hun iPhone naar Europa komen en niet opletten, betalen bijna 20 dollaar per MB en dat loopt snel op als je wat surft. Binnen Europa zijn daar nu wel beperkingen aan, maar ook hier zijn de providers geneigd nog even via de achterdeur de klant te melken. Het zou kunnen zijn, dat de nu nog niet smartphonende bellers daardoor juist niet overstappen naar 4G. Ze willen wel internetten en mailen, maar doen dat dan via Wifi, in de trein of ergens op een plek waar wifi hotspots zijn.  Het is dus zinnig een onderscheid te maken naar wel en niet 3G/4G en alleen wifi toestellen, of dat nu smartphones, smarttablets, pads, netbooks, ultrabooks of laptops zijn. 

Dat er dit jaar zowel in de smartphones als in de pads een prijzenslag aagt ontstaan is te verwachten. Nokia moet haar Windows 7 modellen in de markt zetten RIM verliest marktaandeel met de Blackberries en de Playbook (ondertussen met een upgrade) is al aanzienlij afgeprijsd. De markt blijkt zeer prijsgevoelig, een heel goedkope tablet in ons land van The Phone House voor 119 euro raakte (te) snel uitverkocht en er waren heel wat teleurgestelde kopers, die het nu met een Archos moeten doen. Archos heeft overigens ook een wat beter uitzeind model op de markt gebracht, nog steeds in het budget-segment.  

Dat ook de ereaders goed lopen, maar mogelijk te veel investeringen vragen om mee te kunnen doen, bleek uit de plannen van Barnes&Noble, de grootste boekenketen in de VS en met de Nook ook een speler van formaat, om haar ereader business af te splitsen. Die heeft tot nu toe alleen maar grote verliezen opgeleverd, verkocht niet erg goed, maar het bedrijf denkt zelf dat men daarmee een goede digitale basis heeft opgezet in het boekenvak. Er komen ook nieuwe fabrikanten in beeld, Huawei, een grote fabrikant van telecom apparatuur, gaat ook in smartphones en ook LG komt met high-end modellen zoals de LG Spectrum met een zeer scherp 4,5-inch True HD IPS-scherm van 1280x720 pixels. 

Tablets 

Er komt vast wel een iPad3 dit jaar, maar ondertussen rukt de concurrentie op. Sneller, dunner, minder energiegebruik, met Android 4.0.  Acer geeft een beetje de richting aan met de eerste quad-core tablet (Iconia Tab A700) met een Full HD 1080p-scherm. Qua uiterlijk niet echt anders, maar dus met een snellere CPU waardoor ook HD video bereikbaar en acceptabel wordt. 

Apple 

Je kunt er niet omheen, Apple is trendpionier in de CE en hoewel de concurrentie stevig z’n best doet en qua marktaandeel ook wel wat wint,  zijn de iPhones en Ipads en in hun kielzog ook de Mac en vooral de fraaie Airbooks de paradepaardjes van de markt. Ze zijn dus ook op de CES te vinden, niet zozeer als eigen product van Apple, maar als basis voor talloze accessoires, extra’s, apps en audio-video-systemen die het beeld/geluid van de i-apparatuur dan nog groter-breder-beter maken. Tasjes, houders, combinaties met andere apparaten, laders, batterijen, laat het maar aan de Taiwanese ondernemers over om steeds wat nieuws en leuks te bedenken. Apple vaart er wel bij, de handel verkoopt graag wat extra’s met een leuke marge, het bevrucht elkaar best aardig. Dat het aandeel Apple ondertussen na de dip afgelopen zomer zo’n 30% beter is en boven de 320 beweegt is leuk voor de aandeelhouders, maar geeft ook aan dat men nog heel wat nieuws verwacht dit jaar. Dat kan de Jobs erfenis zijn, het duurt even voor zijn invloed verdwenen is en de nieuwe leuke dingen die hij bedacht uitgelopen, maar in 2012 gaat het vast nog erg goed met Apple. Vaan Apple wordt dit jaar een brede aanval op de consumentenmarkt verwacht met eigen televisietoestellen (met natuurlijk de extra diensten en mogelijkheden van iTunes) maar op de CES ontbreekt de leider in CE helaas, Apple is qua beursdeelname traditioneel uitgesproken zuinig en in zekere zin arrogant. 

Ellende met updates 

Als toch min of meer standaard gebruiker van computers ben ik iedere keer weer verbaasd hoe ellendig het is om zelfs simpele bewerkingen uit te voeren. Neem het installeren van een nieuwe virusscanner, ik probeerde een legaal Kaspersky pakketje te installeren op een systeem, waar eerder een Norton pakket draaide. 

Dat zou makkelijk moeten zijn, maar draaide uit op een urenlange ellende, want wat bleek; Norton laat lastige registry sporen na. Die worden door Kaspersky opgemerkt, die geven wel aan hoe je Norton moet ontinstalleren, maar wijzen op een blijkbaar bekedn probleem en verwijzen naar de de Norton Removal tool. Helaas wel met een foute link, dus gan je zelf op zoek en wat blijkt, de Removal Tool op de Norton site is corrupt. Na veel zoeken en googlen ten einde raad maar cahtten met de Norton helpdesk, die ook aanlopen tegen dezelfde corrupte file op hun eigen site en uiteindelijk maar op afstand (met een angstig opgeven van toegeangscode aan een meneer in India) gaan proberen en na een half uur prutsen toch maar de registry gaan schoonvegen, zodat uiteindelijk Norton en Symantec rommel weg is en Kaspersky regulier installeert. Bedankt Norton, maar geen aanbeveling om nog ooit software uit dat huis te gebruiken, zelfs al deed de meneer in India het keurig, maar anderhalf uur weg is niet acceptabel. Nou ja, dan het nieuwe jaar maar eens beginnen met Internet Explorer 8 eens te installeren op m’n XP-bak. Ook weer zo’n leuke verrassing, ik draai om een ooit zinvolle reden een Engelse versie met een Nederlandse EI7, en dan werkt de standaard download niet. Moet je weer gaan zoeken, en zelf blijkbaar begrijpen dat je dan een Engelse IE8 nodig hebt. Die downloaden met de bijbehorende virusscan duurt ook weer een tijdje en als er dan uiteindelijke de mededeling komt, dat het niet lukt, en je weer mag opstarten om de installatierommel te verwijderen, is dat vloeken. Blijkbaar wil IE8 niet draaien, dat oplossen vraagt weer gezoek en vage aanwijzingen, en uiteindelijk na nog een keer proberen geef je het dan maar op. Geen IE8 endus maar Chrome of Firefox gebruiken, nou ja, Flsh van Adobe installeren ging ook al tijden niet, ik heb nog een laptop en wat andere PC’s, het zal wel. Ik vraag me alleen af, ben ik nou zo’n sukkel en hoeveel andere teleurgestelde gebruikers werken met half-lamme systemen, omdat ze er niet uitkomen. Anno 2012 zijn we blijkbaar nog niet toe aan foutvrije systemen, en praat me niet over m’n vrij nieuwe HP Windows 7 systeem, dat is een rampbak zo vol met onzin utilities en troep, dat ik daar alleen in uiterste nood nog mee werk. 

Maar verder de beste wensen, in 2012 gaat het vast beter met de user-friendliness!! 

Spectaculaire toename tablet-gebruikers 

Nederland stapt breed over op horizontale media zoals tablets. Dat is wereldwijd het geval, zelfs zodanig dat trendsetter Apple nu marktaandeel verlies aan de nieuwe generatie, met name android. Smart was de grote kerst-trend, in phones, TV, tablets en of we daar slimmer van worden is de grote vraag.  

Het aantal bezitters van iPads en andere tablets is per december 2011 gestegen tot 1,7 miljoen Nederlanders (14% van de internettende bevolking), zeggen de onderzoeker. Dat is nogal heftig, en misschien wat te optimistisch, maar de trend is duidelijk. In de tweede helft van 2011 zijn er bijna een miljoen gebruikers bijgekomen. In juni 2011 waren 725.000 personen in het bezit van een tablet (6% van de internettende bevolking). Daarnaast zijn er nog eens 1,7 miljoen Nederlanders van plan binnen afzienbare tijd een tablet aan te schaffen. 266.000 Nederlanders zijn van plan met Sinterklaas of Kerstmis een tablet cadeau te doen. De eerste iPad kwam pas anderhalf jaar geleden, medio 2010, op de markt en maakt een spectaculaire opmars door. Een groot aandeel van de gebruikers betreft een iPad van Apple. Een aanzienlijk deel van de tablets is inmiddels al van een ander merk. 

Dit blijkt uit het onderzoek Trends in Digitale Media van Intomart GfK dat vandaag verschijnt. In dit onderzoek worden de ontwikkelingen in het gebruik van PC’s, laptops, smartphones en tablets in kaart gebracht. De PC en laptop worden het meest gebruikt, maar smartphones en tablets winnen snel aan belang voor TV, Radio en Dagbladen. 

De tablet wordt door de meeste bezitters dagelijks gebruikt. Het gebruik is vaak gedeeld met anderen in het gezin, gemiddeld heeft een tablet 2,3 gebruikers. Gemiddeld zijn er 20-25 apps gedownload. Het meest wordt het tablet gebruikt voor internetten, e-mailen en social media. Daarnaast zijn spelletjes en video/televisiekijken populaire bezigheden. De top 3 media-apps op de tablet zijn YouTube, UitzendingGemist en NU HD. 

Ook de smartphone laat een sterke opmars zien. In december 2011 zijn er bijna 5,5 miljoen bezitters (45% penetratie onder de internetpopulatie), een toename van bijna 820.000 ten opzichte van een half jaar geleden in juni 2011. De smartphone wordt veel gebruikt voor internet, social media en e-mailen. De smartphone wordt vaker dan de tablet gebruikt voor het maken van foto’s en radio luisteren. Op de smartphone zijn gemiddeld 15 apps binnengehaald. De top 3 van gebruikte media-apps op smartphones bestaat uit NU, YouTube en Telegraaf. Op de vierde plaats staat Teletekst. Het is opvallend hoe een klassiek product als Teletekst zo dominant aanwezig blijft in de nieuwe digitale omgeving. 

Het onderzoek Trends in Digitale Media is uitgevoerd door Intomart GfK in samenwerking met Cebuco, RAB en SPOT. De steekproef bestaat uit 850 Nederlanders 13+ die gebruik maken van internet en is representatief voor deze groep (87% van de Nederlandse bevolking 13+). Het onderzoek wordt twee keer per jaar uitgevoerd. 

Jaareinde 

We zijn moe, depri, ongelukkig en de ellende zat, tenminste als we de recente twitter-mood analyse mogen gelover. Die analyseert woorden en uitdrukking op twitter en signaliseert dus minder vertrouwen en meer angst. Klopt wel een beetje, ultimo 2011 staan we er niet erg goed voor. De kerstverkopen waren matig, de crisis blijft doorsukkeen en voor 2012 zijn de verwachtingen bepaald donker. Nu gaan we ook individueel merken dat er bezuinigd moet gaan worden, en dat zou weleens een sneeuwbaleffect kunnen geven. Eerst maar 2012 halen, 29 december 2011 is een nare dag roep ik al sinds 2004, dus voorzichtig die dag. Verder natuurlijk wel de beste wensen voor 20122, maar nog even voorzichtig! 

Dat ondertussen KPN qua image steeds verder wegzakt verwondert me niks, de hele liberalisering (waar Neelie wel degelijk een cruciale rol in speelde) is een misser, PTT delen als KPN en TNT zijn nieuwe half-monopolisten egworden, slecht gerund en steeds meer bezuinigen, maar is er een alternatief? De politiek durft het niet echt toe te geven, maar privatisering van kerndiensten was dom, corrupt (de baantjesjagers in de politiek zagen hun kansen) en niet in het belang van de burger. Dat men nog steeds doorgaat, en nu met de bezuinigingen op die manier quasi overheidspersoneel kwijt raakt bewijst het plan de Amsterdams Haven (2650 hectare voor 150 miljoen, een fooi) te verkopen. 

2012 wordt het jaar van de grote tablet-overstap. Die dingen worden steeds goedkoper, en over een paar maanden koop je een redelijk ding voor 100 euro. In India zijn ze al goedkoper, het overheidsproject  “Aakash” met een heel goedkope tablet van 35 euro is een succes, de eerste versie is al uitverkocht en nu komt de opvolger, de “UbiSlate 7" voor 42 euro, met iets meer vermogen (700 MHz Cortex A8 cpu) en meer connectiviteit. Voldoende voor schoolgebruik, dat is ook het doel van dit project, maar het geeft wel aan, dat het nog veel goedkoper kan. 

Navigatie 

Prijzenslag in navi’s: TomTom met ontslagen. Navigatieapparaatjes zijn nog steeds veelgevraagd, maar de tijden van vette marges en maar een paar merken zijn voorbij. Ook het distributiesysteem verandert, het zijn nu supermarkten (Aldi!) en grootgrutters die zo’n dingetjes in de aanbieding doen als leuk kadootje. 

Verder worden steeds meer nieuwe auto’s uitgerust met navigatieschermpjes, en ook op de smartphone of tablet kun jeGogle maps, Nika maps,  kaarten, routeplanners, en met 3G ook actuele informatie binnenhalen. Slecht nieuws dus voor de Garmins en TomTom van deze wereld, die moeten uitwijken naar bredere verkeersinformatie-systemen, nichemarkten (wandelaars/fietsers/invaliden), fleet maanagement en verkeersinfo verkopen aan overheid en radiostations. Dat nu de overheid haar digitale kaartenmateriaal openbaar gaat maken, is een extra tegenvaller, zeker voor TomTom, dat met kaartenmaker TeleAtlas toch een leuke positie had in het maken en uitventen van de kaartinfo, de basis van al die navigatie. 

De kerstverkopen moeten voor TomTom en andere topmerken zijn tegengevallen, bij zeker snel verkrappende marges want een navigator ligt nu voor 75 euro overal in het schap. TomTom gaat nu 457 medewerkers ontslaan, dat is 10 procent van het totale personeelsbestand, de klap treft vooral bij de Nederlandse organisatie. Men wil 50 miljoen besparen   Zwaartepunt van de gedwongen ontslagen ligt bij de afdelingen administratie en marketing, er is een afvloeiingsregeling voor de ontslagen werknemers. TomTom gaat ook de R&D-afdeling opsplitsen voor een betere time-to-market, elk van de tien productdivisies - Maps, Traffic, Navigation, Automotive Systems, PND’s, Fleetservices, Fitness, Mobile, POIs en Speedcams - krijgt een eigen R&D faciliteit. TomTom wil zich aanpassen aan de veranderingen in de aard van de navigatie- en kaartenindustrie, waarin de vraag naar losse navigatieapparatuur vermindert door de opkomst van de smartphone en ingebouwde autonavigatie. Daarom wil het bedrijf zich meer gaan richten op het aanbieden van verkeersinformatie en wegennetsoftware en overweegt het in te spelen op de vraag naar technologie voor het inbouwen van simkaarten in auto’s, waarmee bestuurders onder meer informatie over hun rijgedrag kunnen krijgen. 

Videobewaking: kans voor de vakhandel 

Een categorie producten, waar nog wel behoefte is aan voorlichting, advies en zelfs installatiehulp en after-sales servcie zijn de IP-camera’s en het hele assortiment aan beveiligingsapparatuur dat daar achter hangt en steeds meer via internet werkt.  Er is een redelijk breed aanbod aan camera’s, met of zonder bedrading en met verschillende niveau’s van veiligheid en communicatie-opties. Voor een normaal huis is de optie, om vanaf een browser elders te kunnen kijken naar de kinderkamer, de tuin of de huiskamer al voldoende, voor meer complexe objecten is meer nodig, meerdere camera’s, liever bedrading dan WiFi, beveiligde voeding, maar ook dienstverlening qua monitoring, doorverbinden en on-site controle. 

Dit is eigenlijk het gebied, waar de traditionele bewakingsdiensten en specialisten in bewakingsapparatuur opereren, maar door het alomtegenwoordige internet verschuift de handel naar een kanaal dat breder, meer open en toegankelijker is voor de gewone consument en het MKB. Er blijft echter wel behoefte aan vakkundige ondersteuning en omdat dergelijke systemen via de internet-connectie heel dicht tegen het vakgebied van de ICT-specialist raken, ligt daar een kans. 

Een kans die wel moet worden aangegrepen en van de kant van de retailer investeringen in kennis, schapruimte en focus vraagt. Alleen een IP-camera in het rek is niet voldoende, dan mist men de kans om de integratie ervan in het thuisnetwerk en in het hele computerbewustzijn van de klant te benutten. Daar liggen relatie- en omzetkansen. 

Net als de computer en internet nu deel uitmaken van het dagelijks leven van de (meeste) burgers, zal het smarthome, intelligent building, interconnected house of hoe men het ook maar wil noemen langzamerhand voor iedereen gaan spelen.  Nu hebben we het nog over een visuele controle en contact met de babykamer, de tuin, brandkast of de grootouders, maar de interconnectie van al die IP-apparten die nu met IPv6 ons huis en omgeving gaan bevolken houdt daar niet mee op. Het is nu de tijd om als vakhandel daar op in te spelen, zich te profileren en deskundigheid en een klantenkring op te bouwen. Er zijn concurrenten, want niet alleen proberen de providers en kabelaars hun beveiligingssystemen nu breed uit te zetten, die werken met wat traditionele sensors en bieden geen r eal-time video, maar er wordt ook door dienstenaanbieders zoals 2ihome.com gewerkt aan systemen waarbij de retailer nauwelijks een rol kan spelen. 

De problemen: bandbreedte, Vast ip-adres, stroom en veiligheid 

De IP-generatie is technisch geavanceerd, steeds makkelijker te installeren en ook steeds betaalbaarder voor het brede publiek. Er zijn echter een paar problemen. Het eerste is de bandbreedte, een goede video connectie die constant aan staat vreet bandbreedte en de providers zijn daar niet dol op, gaan dus knijpen of proberen door het veranderen van IP-nummer of het op afstand resetten van de router zo’n verbinding te boycotten. Begrijpelijk, als iedereen een paar honderd kbps continu zou gebruiken is het netwerk snel overbelast.  Dat er een vast IP-adres nodig is voor een continu verbinding, is ook zo’n belemmering, want hoewel het lijkt alsof moderne kabel/dsl internet routers een vast nummer hebben, verandert dat bij uitzetten van de zouter, dan krijgt het een ander IP nummer, maar gaan ook de aangesloten apparaten zoals computers en ip-camera’s, brandmelders, mediaservers, ijskasten etc. een ander adres krijgen.  Je kunt een vast IP-adres krijgen, maar de provider rekent daar extra voor, en er zijn trucjes om via een aanpassing toch overal je camerabeelden te kunnen bekijken, zoals via DynDNS, die een uniek adres genereert voor je router. 

Stroom is ook zo’n probleem, een IP-camera met wifi kun je leuk in een boom hangen, maar zo’n ding heeft stroom nodig en dat kan alleen via een kabel (of een batterij maar dan wel een hele stevige, bij continu gebruik) of een stroompunt in de buurt. Hier is Power over Ethernet  PoE de oplossing, hier verdring de UTP kabel ook de traditionele coax. Vaste bekabeling is bij beveiligingssystemen toch al wat zekerder en minder kraakgevoelig dan WiFi/Wlan, waar storing, signaalkwaliteit en beveiliging samen dit voor professionele bewaking minder geschikt maken. Maar dat betekent dus bekabelen of, als er ergens een stroompunt is, er met een homeplug systeem toch een intenret-connectie mogelijk is (tenminste als het stroomnet geen grote scheidingen kent, het basis probleem van communicatie via het 220 volt netwerk). 

Het stroomverbruik speelt ook een rol, een bewakingssysteem dat maar 50 watt verbruikt is toch goed, bij 24 uurs gebruik voor ruim 800 kw per jaar, ofwel een paar honder d euro. Zuinigheid in de aanschaf van een systeem kan zich hier in de stroomkosten wreken. Ook voor camera’s en andere apparatuur speelt dat mee, een thuiscomputer continu laten draaien zonder beparingssstand kost gauw 100 W per uur, ook dat is per jaar een leuk bedrag op de rekening. 

Beveiliging van het beveiligingssysteem lijkt overbodig, maar bedenk dat wanneer een externe partij, met slechte bedoelingen (of de overheid) kan inbreken in het netwerk thuis (via Wifi of via de router) of bij de dienstverlener of provider die zorgt dat bijvoorbeeld alarmboodschappen via telefoon, sms of internet worden verstuurd, dan kan het nog goed mis gaan. Als een alarmsysteem via een simpele afstandsbediening al vanuit je auto uitgeschakeld kan worden, dan staat je voordeur voor enigszins technisch kundige inbrekers feitelijk al open.  Als je in plaats van nieuwe realtime beelden wat oudere opnames via je security-app op je smartphone krijgt toegestuurd, kan men ondertussen de boel leuk leeghalen. En virussen, die zich richten op beveiligingssystemen zijn ook niet ondenkbaar. Veiligheid op diverse niveau’s is dus zeker een aandachtspunt, helaas blijkt dat vrijwel geen enkel systeem echt kraak-bestand is. 

Een aspect dat bij veel bewakingssystemen wordt overgeslagen is de privacy.  Wil je dat beelden uit je huis- of slaapkamer het internet opgaan en via een provider worden doorgestuurd, maar misschien ook gecheckt? Mogen beelden van buiten, de openbare weg of zelfs je winkel zomaar worden opgenomen, bewaard (24 uur is een wettelijk maximum in veel gevallen) of geanalysteerd? Ook thuissystemen slaan vaak beelden op, via een kaartje in de camera, of via aparte opslag ergens op een server in huis of elders, maar wat doe je met die beelden, wie kan er bij, wat mag je en wat is eigenlijk niet behoorlijk. Voor winkeliers en bedrijven geldt dat ze moeten aangeven als er een video loopt, maar ergens duidelijk een beeldscherm hangen waarop men zichzelf kan zien is ook goed en waarschijnlijk ook meer afschrikwekkend. Ook dergelijke beelden mogen maar beperkt bewaard worden, en dat geldt  ook voor de camera die u ophangt in uw magazijn om interne diefstal te voorkomen of daders te betrappen.  Professionele assistentie bij de inzet van dergelijke middelen is niet onverstandig. 

Het al dan niet zichtbaar zijn van het video-bewakingssysteem is ook zo’n keuze, die met privacy maar ook met afschrikken samenhangt. Er zijn hele kleine, onopvallende systemen, maar ook fake-camera’s die met een rood lichtje net echt lijken, maar niet echt werken, vaak met stickers die zogenaamd duidelijk maken dat deze plek bewaakt is. 

Functionaliteit 

Bewaken is een breed begrip, want wat wil je bewaken en bereiken? Wil je alleen video, of ook geluid en moet dat tweeweg zijn? Is een alarmfunctie voldoende, en wat gebeurt er met zo’n alarmsignaal van een sensor (beweging, geluid, brand), resulteert dat in een afschriksysteem (lichten, sirenes, in de hoop dat de inbreker weggaat), in een sms naar je mobieltje, beelden naar je smartphone, een signaal naar een beveiligingsdienst en via hen naar brandweer of politie (directe koppeling is vanwege de vele valse alarms allang niet meer mogelijk). En de beelden (of geluiden), worden die opgeslagen en waar, in de camera (en hoe?) of op een server of NAS , verstuurd, gestreamd, gaan ze naar een extern analyse-systeem, filter je zelf bijvoorbeeld de poes of de muizen uit, is er patroonherkenning, koppeling aan toegangsystemen, biometrische verificatie, de sky is de limit in beveiligingsland, maar 100% zekerheid is er nooit. Coninu beelden opslaan of streamen loopt tegen beperkingen op, niet alleen technisch, maar wie wil uren aan video bekijken om een incident van een paar minuten op te sporen? Het continu bekijken van real-time beelden is een nare job, duur en je mist snel een gebeurtenis als je zoals bij object of stedelijke beveiliging hele batterijen schermen in de gaten moet houden. De opslag van beelden wordt dus meestal met intervals gedaan (stills vastleggen) of gekoppeld aan sensoren die reageren op beweging, licht, geluid of rook. Daar is dus filtering nodig, het sensorsignaal wordt bewerkt, patroonherkenningssoftware ingezet, er worden minima bepaald, reactietijden, reactieprotocollen, en dat vereist vaak een heleboel tuning en valse alarms. 

Wil je goede beelden krijgen, dan is er ook licht nodig, ook ’s nachts en daarvoor wordt steeds meer naar infrarood gegrepen, dan valt het niet zo op, maar er zijn ook steeds meer camera’s met eigen lichtbron (Led’s) die aanslaat via een bewegingsmelder. De lux-waarde van een camera (lichtgevoeligheid) is daarom een factor, naast zaken als pixelgrootte (resolutie), vastleggingsformaat (Mjpeg, MPEG4,H264), transmissiedebiet, zoommogelijkheid (digitaal of analoog), beeldhoek, pan/tilt bewegingsaansturing, lenskeuze, uiterlijk, waterdichtheid, molestbestendigheid en stroomverbruik. 

Geluid 

Voor veel professionele toepassingen is geluid niet zo interessant, maar juist thuis is het een nuttige aanvulling, zeker als met via tweeweg ook iets kan laten horen, aan de baby, aan de bezoekers of inbrekers, die zo op de vlucht gejaagd kunnen worden. De meeste consumentensystemen bieden dan ook een microfoon en soms een luidspreker. Handig, denk maar eens aan het contact met de baby, de hond en het beheer van vakantiehuisjes, wanneer men op afstand de zaak in de gaten kan houden en zonodig aanwijzingen kan geven voelt het allemaal wat beter aan. 

Complete home-control 

Een aantal leveranciers gaat veel verder dan het leveren van een IP-camera, dan maakt de camera deel uit van een heel systeem voor home-control, voor verwarming, airco, licht en apparatuur naast beveiliging. De uitbreidingsmogelijkheden tellen gezien het brede perspectief naar energiebesparing en comfort zeker mee en maken het ook vboor de retailer aantrekkelijk zich te verdiepen in dergelijke systemen, van bedrijven als Marmitek bijvoorbeeld. 

Software 

Zeker nu de cloud als opslagmedium steeds meer wordt ingezte, en zeker voor dit soort toepassingen de bereikbaar verbeterd, komen er meer diensten, apps om die te gebruiken en interfaces en accesoires op de markt. Je beelden via de cloud opslaan, zodat je niet alleen realtime, maar ook achteraf iets kunt bestuderen, is echter een dient die geld kost, Logitech levert bijvoorbeeld niet alleen camera’s maar ook de cloud diensten ervoor, maar dat wel wat geld. 

In de meeste gevallen wordt een systeem (camera) geleverd met sensors en software om bij beweging de zaak op te starten en een bericht te versturen. Bewegingsanalyse is voornamelijk patroonherkenning en dat kan heel gedetailleerd, met meerdere sensorvlakken in een beeld, verschillende sensorsystemen (geluid, beeld, rook/gas) maar men kan ook extern die analyse laten lopen. Hier komen vast nieuwe diensten voor beschikbaar, die op basis van beelden (de H264 kwaliteit is dan wel gewenst) zaken als gezichtsherkenning gaan bieden en allerlei reactieopties bieden. 

Er wordt meestal  wel software meegeleverd, maar de kwaliteit daarvan verschilt. Een probleem is dat er zoveel opties komen, dat de gebruiker verwart raakt in wat er allemaal ingesteld kan of moet worden. Ook hier is de hulp van de vakman dan een interessante optie voor de vakhandel, die installatie en afregeling kan aanbieden. Gebruiksonvriendelijkheid betekent meestal “kassa!”voor de specialist. 

Systemen: het begint met de baby 

De traditionele babyfoon met alleen geluid werkte met radio en had een beperkt bereik, leuk als je bij de buren zit of ergens in huis bezig bent. De nieuwe generatie is qua geluid tweeweg (walkietalkie), werkt ook via internet en biedt ook video, het is dus eigenlijk een bewakingssysteem in een vriendelijk jasje, de Panasonic –BB serie is een goed voorbeeld.  

Het aanbod nu: vanaf de IP camera 

Bewaking als deel van de IP-infrastructuur begint meestal met een camera, en de eenvoudigste manier is de usb-camera of de webcam van een laptop te gebruiken, een skype verbinding open laten staan is al vrij makkelijk, alleen slaat het scherm meestal snel op zwart en ook de thuiscomputer heeft de neiging in spaarstand te gaan. En continu videobeelden oversturen kost bandbreedte, het is maar de vraag of de provider daar niets tegen doet (en waarschijnlijk zelf zo’n dienst betaald wil aanbieden als alternatief).  

Er is een breed aanbod aan systemen en camera’s, van minder dan 100 euro tot enorm dure en kwalitatief hoogwaardige professionele systemen.  De verschillen in beeldkwaliteit, software-vriendelijkheid en effectiviteit zijn enorm, en niet direct duidelijk aan de specs. Hier is goed advies en up-to-date houden van de kennis qua aangeboden en beschikbare systemen van belang. 

Wat wil de klant weten? 

Het is de moeite waard, iemand in de zaak wat specialistische kennis te laten opdoen op dit gebied. De keuze qua systeem, camera, lenskeuze, zoom/pan/tilt, bekabeling, qua software, apps en aanvullende diensten is niet simpel en gelukkig maar, hier kan de vakhandel zich bewijzen.  Geen eenvoudige zaak, waarin men zelf ervaring moet opdoen, de fabrikanten en providers zijn hier nog niet goed ingesprongen, maar dat is precies waar een alerte retailer zich kan bewijzen. 

Goed advies op dit gebied betekent tevreden klanten, die terugkomen voor meer camera’s, betere installatie, bekabeling en ook steeds meer voor aanvullende diensten. Wie eenmaal gewend is aan een overzicht van z’n huis op z’n smartphone wil dat ook op vakantie of op reis, maar wie moet er benaderd worden bij onraad. Ook opslag van beelden in de cloud en daarmee overal toegang is een optie, die om advies vraagt. De leveranciers en providers hebben hier de handel nog niet echt goed ingeschakeld, maar als cloud-bewakingsdiensten zoals die door Logitech worden aangeboden ook wat inkomsten voor de retailer zouden genereren, zou dat ongetwijfeld de verkoop bevorderen. Nu willen providers en dienstverleners dat nog voor zichzelf houden, maar juist het indirecte kanaal kan hier een positieve functie vervullen. 

Verder is de koppeling van het bewakingssysteem aan bijvoorbeeld de verwarming/energiehuishouding erg interessant, op afstand dat regelen kan veel geld besparen bij gelijkblijvend comfort. Het intelligente huis omvat verder verlichting, apparatuur, communicatie met diensten en voorzieningen, monitoring van allerlei functies en beheer van al dat moois, ook op afstand. 

Hier opent zich een enorm terrein aan diensten, denk maar eens aan senioren- of babysitting op afstand, maar met meer en betere video wordt ook medische supervisie en monitoring steeds meer realiteit. Niet meer naar de dokter met een wondje, maar even skypen is al mogelijk, maar hoe lan duurt het nog voor zorginstellingen een webcam bij zorgbehoevende clienten verplicht gaan stellen? 


2iHome 

Een van de nieuwere beveiligingssystemen op IP-basis dat op de markt komt uit Amsterdam, waar BeNext een compleet beveiligings en beheersysteem 2iHome ontwikkelde, dat tegemoet komt aan de bezwaren van bestaande systemen qua bandbreedte gebruik, veiligheid en beheersbaarheid.  Bij de gebruiker komt een YourHouse Gateway, waarop camera en andere sensor kunnen worden aangesloten, vanuit de basis-set kan men uitbreiden met WiFi en RF sensoren. De Gateway maakt contact met de server en stuur versleutelde gegevesn door over de stand van het systeem. Anders dan bij systemen die gebruik maken van de cloud-functies en daarvoor jaarlijks een abonnementsbedrag vragen, zijn de diensten van 2iHome na aanschaf (160 euro voor de startset en basisdienst) gratis. Er wordt wel gebruikt gemaakt van een externe server, maar die is goed beveiligd en zorgt er voor, dat ongeacht het dynamische ip-adres van de router toch het contact met het beveiligde object steeds intact blijft. 

De startset bevat geen camera, maar wel de gateway en een aantal sensors, zodat er direct een werkend systeem geconfigureerd kan wordne met behulp van de setup-wizard op het internet, met foto’s van het eigen interieur om het beheer en de installatie makkelijker te maken. In de basisset is er geen IP-camera, die kost 99,95 euro extra, maar die is dan wel eenvoudig aan te sluiten en maakt slim gebruik van intervals en compressie, maar is vooral alarmgestuurd, zodat geen onnodige belasting van het net optreedt.  

2iHome werkt via een web browser applicatie, , die draait op elke computer of draagbaar apparaat met een internetverbinding. Dit kan een (laptop) computer, een iPad of een mobiele telefoon zijn. De server herkent de mogelijkheden, in geval van beperkingen (zoals bij mobiele telefoon) de functionaliteit beperkt zal zijn. De 2iHome website is opgesplitst in een algemeen deel dat werkt met elke web browser en achtergrondinformatie en ook Help-informatie bevat. Het beveiligde gedeelte kan alleen worden uitgevoerd met Firefox en maakt de echte verbinding met yourHouse, de server-dienst die alle data verwerkt en zichtbaar maakt. 

Het beveiligde gedeelte van 2iHome heeft functies die nodig zijn voor set-up en yourHouse controle. Na het instellen en activeren van het systeem kan men gebruik maken www.2myhome.eu om direct in te loggen. De web browser communiceert met een beveiligde back-end server, dus niemand kan rechtsreeks in de de YourHouse Gateway komen. Alle informatie wordt veilig opgeslagen op deze server. 

Dit systeem is meer dan een simpele video-connectie, het is de basis van een compleet smart-home netwerk met onder meer alarmerings-apparaten, klimaatcontrole, brandalarm en besturing van sensors en apparaten. MoLiTe Sensor is een Motion sensor met extra licht en temperatuursensor om verwarming of ventilatie te beheren. De Deur sensor voor 19,95 euro is een toegangsdeur sensor met temperatuurmeting aan de binnenkant. 

Harddisk prijzen 

De overtromingen in Thailand hebben voor een enorme prijstijging voor harde schijven gezorgd. De levering van bepaalde onderdelen voor harddisk drives en de assemblage van een aantal grote merken stagneert met als gevolg dat harde schijven soms 3 tot 4 keer zo duur zijn geworden. Dat is niet het gevolg van directe tekorten, maar een speculatie-effect. De leveranciers, distributeurs en winkeliers verhoogden direct hun prijzen, in paniek gingen sommigen zelf zo ver, maar even de HD van hun prijslijst te halen. Dat is voor velen in de branche een meevaller, wat in het schap ligt of in de voorraad is plotseling klappen meer waard, en de klant betaalt wel,  noodgedwongen, al zal menigeen toch even wachten met vervanging of investeren. Bedrijven met een stevige vooraad hebben hier leuk kunn profiteren, verkopen wat er lag en kopen zeer zuinig in, nu vooraaad in HD’s opbouwen is gekkenwerk. Want iedereen begrijpt, dat overal snel productiecapaciteit wordt opgebouwd om de onderdelen of de hele drives buiten Thailand of in ieder geval in een droog gebied te kunnen maken. Harddisk motoren zijn fijnmechanisch precisiewerk, maar er zijn genoeg fabrieken en leveranciers die dat ook aankunnen en dei nu aan het ombouwen zijn. Over een paar maanden, dus ergens in maart zijn daarom niet alleen de dan weer droge fabrieken in Thailand weer operationeel, maar  is er overcapaciteit ontstaan. Met als gevolg dat de prijzen dan snel weer gaan zakken en mogelijk een echte dumpmarkt voor harde schijven zal ontstaan. Dat er door de hoge prijzen een overstap naar SSD en andere opslagvormen (in de cloud kost het ook steeds minder) is gekomen, gata dat effect alleen nog maar versterken. 

Ergo, pak je vooraadwinst, verkoop wat je kan tegen die hoge prijs, maar dit is een tijdelijke situatie en het komt wel weer goed. 

App-Event 15 november; applicatie-ontwikkeling 

Met name mobiele applicaties zijn nu de grote groeimarkt en bieden kansen, ook voor ontwikkelaars in lokale en verticale markten. Het is goed dat er nu voor deze nieuwe markt ook events komen en daarom wat aandacht voor het app-event op 15 november. 

De kleine VAR met verticale software in kleine niche-markten wordt nu bedreigd door mobiele applicaties, die bijvoorbeeld besturingsdata en productiegegevens via de mobiele smartphone direct naar een database-app in de (private of public) cloud sturen en daarmee buiten de bestaande administratieve systemen blijft. Het snel ontwikkelen van apps, die dat wel integreren is daarom van levensbelang voor de kleinschalige software-branche. De kans bestaat, dat een hele branche buiten spel komt te staan en daarom is voor VAR’s en reseller inzicht in de mogelijkheden van apps erg belangrijk. Door de opkomst van de apps is er er een verschuiving aan het optreden naar meer vraag-gericht organiseren en interacteren. Iedereen loopt rond met draagbare devices, die via wifi of 3/4G zijn gekoppeld aan de cloud. 

Veel organisaties denken op dit moment na over een eigen applicatie (app) op een smartphone/tablet, maar lopen tegen de volgende knelpunten en vragen op. 

Heb ik een app strategie nodig, en hoe combineer ik dat met mijn online en offline strategie? 

Brengt een app omzet, kostenbesparing/efficiency. 

Wat wordt het doel van mijn app? 

Wat betekent dit voor mijn organisatie? 

Wie kan zo’n app voor mij ontwikkelen, en wat kost de ontwikkeling van een app? 

Voor welke OS platformen moet ik apps ontwikkelen? 

Informatie over zakelijke apps en hoe bedrijven deze strategisch en tactisch toe (gaan) passen is nog nauwelijks te vinden. Op 15 november is er een speciaal event over app-ontwikkeling. Het ‘bedrijf zoekt app’ event in Eindhoven is bedoeld voor bedrijven (profit en non-profit) om antwoorden te zoeken en te vinden. Met lezingen en een beurs is een breed scala aan sprekers en bedrijven aanwezig die hun  diensten en producten tonen op het gebied van app ontwikkeling, mobile device management, app enterprise stores en tools.
Tijdens het ‘Bedrijf zoekt app’ event wordt de award uitgereikt voor de beste B2B (Business to Business) app van 2011. Voor meer informatie over het event en aanmelden: www.bedrijfzoektapp.nl 

Het event vindt op 15 november 2011 plaats. Locatie High Tech Campus, Eindhoven. 

ICT dip 

We gaan een moeilijke kerst tegemoet, waarin ongetwijfeld het publiek en masse de tablets en de ereaders zal aanschaffen, maar niet breed zal investeren in traditionele ICT via het ICT-dealerkanaal. Het wordt vechten om een stukje van de tablet-koek, goede en eerlijke voorlichting zijn cruciaal, en op termijn het enige echte wapen van de vakhandel. Die moet wel zorgen om naast de hardware ook de diensten, en dan met name de data-abonnementen, te kunnen aanbieden. De wifi-only pads kunnen nog via de massa-discounters, wie ook 3G data wil op z’n zakplat wil wat meer weten en klopt bij de specialist aan. Maar hier liggen de providers op de loer, ook zij willen een stuk van de koek en komen tegen december met zeer aantrekkelijke acties. Jammer genoeg spelen de rechtszaken, die de grote spelers ook in ons land tegen elkaar voeren, door het hele marketing verhaal heen, wie kan en mag wat verkopen? 

Nieuwe harwdare is leuk, maar ook het aantal manieren en diensten om content en apps binnen te halen, legaal en illegaal, neemt steeds toe. Het wordt steeds makkelijker on content via het internet binnen te halen, vrijwel alle grote spelers bieden daartoe sites en diensten aan. Een tsunami aan content, in de tijd dat veel al snel meer en teveel wordt, want hoeveel uur kunnen we per dag facebooken, emailen, internetten en dat nog leuk blijven vinden? Als we Apple en Steve Jobs ergens voor moeten bedanken is het wel het opbouwen van een wereldwijd functionerend afnamesysteem voor content, muziek, films, apps, want dat is de kracht van Apple. Ze maken leuke apparaatjes, maar die dienen allemaal het doel, je verbonden (voelen) maken met de motherlode, de ultieme portal, iTunes. Apple maakte betalen voor content weer fatsoenlijk, en de opmars van Apple als consumenten supermerk begint pas. Met relatief simpele AppleTV nu al iTunes en YouTube in de huiskamer. En met wat er als huiskamerbeeldscherm nog uit Cupertino op ons afkomt wordt ook kiezen uit beeldcontent net zo eenvoudig wordt als een iPad, is het gerucht. Op tijd, want waar UPC, Ziggo en de kabelboeren jaren de tijd hebben gehad hun digitale poppenkast gebruiksvriendelijk te maken, is dat nog knudde en is het weer aan de interface-tovenaars om daar een nieuwe stap in te maken. 

Microsoft visie 

In een nieuwe video laat Microsoft weer haar toekomstvisie zien, waarin met vooral ingaat op wat real-time kan gaan inhouden. De video toont dat elk apparaat realtime informatie geeft om mensen te helpen met winkelen, reizen en zaken doen, bijvoorbeeld door een vertaalfunctie, die in een bril is ingebouwd. In elk elektronisch device, werktuig of huishoudelijk  voorwerp is een touchinterface geïntegreerd die weer in verbinding staat met andere apparaten, zodat informatie overal en altijd opvraagbaar is. Reizen, afspraken, overal zijn digital signage systemen die beelden projecteren, die actueel en realtime informatie geven over waar men is, de agenda en andere zinvolle gegevens voor de gebruiker op dat moment. Beelden overal en bediening door spraak en handbewegingen, een toetsenbord wordt overbodig. Voorts laat men zien dat werken met driedimensionale hologrammen en besturing door het maken van gebaren mogelijk wordt. Computers krijgen in de visie van Microsoft niet langer alleen een passief ondersteunende taak voor dataverwerking en doorgifte naar de gebruiker van externe signalen, maar zullen zelf ook suggesties maken voor activiteiten, aankopen en vertier door verbanden te leggen tussen verschillende datasets. We krijgen de informatie aangeleverd waar en wanneer nodig, via verschillende devices en interfaces, goeddeels embedded technologie die we niet meer als zodanig kunnen herkennen. 

Het blijft overigens bij technische wondertjes. Dat die ons productiever, effectiever en gerichter maken is mooi, dat ze ons helpen betere relaties met anderen te bouwen klinkt ook leuk. De basisvraag, wat is informatie, blijft echter onbeantwoord. Het is allemaal doortrekken van de nu bekende technische lijntjes, echt anders denken is er nog niet bij, filosofisch gezien is het dus geen doorbraak en over eventuele nadelen zwijgt men ook maar. 

Apple werkt aan TV 

Na de iPod, iPhone en iPad zit er nu misschien een iSee of iTV aan te komen, want Apple zou werken aan de ontwikkeling van een TV-toestel. Nog meer Apple in de huiskamer, is de opzet en natuurlijk ook een dienst om daar meer films en content te brengen. De man achter iTunes en IPod, Jeff Robbin zou het project leiden. 

De TV, met een simpele user-interface en spraakbesturing a la Siri, zou ook draadloos content synchroniseren met andere Apple devices en iCloud accounts. Apple heeft op dit moment de Apple TV, een apparaatje dat in de TV gaat en toegang geeft tot iTunes, NetFlix en YouTube. Onder de nieuwe opperkok Cook moet Apple nu z’n positie als marktleider en innovatie-vulkaan gaan waarmaken zonder de inspiratie van Steve Jobs. Zijn laatste iGo move sluit een periode af van ongekende groei en merkbekendheid voor Apple. Jobs was geen aardige man, eerder een eigenwijze tiran die z’n mensen stevig aanpakte en weinig tegenspraak duldde, maar kreeg postuum toch een soort digitale heldenstatus. Een nieuwe biografie laat echter ook zien, dat bijvoorbeld z’n ruzie met Eric Schmidt en Google heftige vormen aannam. 

Steve Jobs 

Met het overlijden van Steve Jobs verliezen wij (én Apple) één van de pioniers van de computerindustrie, maar ook een geniale marketeer die goede begreep wat de klant zoekt en wil. Hij was een typische Californische ondernemer, tamelijk new-age georienteerd en iemand die het psychedelische LSD wel als grote inspiratiebron durfde te neomen. Een beetje een vreemde man dus, die ook flink op z’n bek ging, maar terugkwam en bewees dat ie vooral de psychologie van de markt goed begreep. 

Apple moet verder, maar zijn er nog nieuwe geniale producten onderweg, of gaat men nu wat prutsen en upgraden van wat er ligt. Men stelde onder de nieuwe leider Cook met de iPhone 4s toch wat teleur, terwijl Samsung nu wereldwijd meer smartphones verkoopt dan Apple. De wel verwachte iPhone 5 kwam er niet, bij geruchte omdat de ingebouwde projector in het nieuwe model te veel warmteproblemen gaf en men dus maar een upgrade uitbracht van het 4 model met snellere hardware. 

Als we kijken naar de opstelling van Apple de laatste maanden, waarin met name veel energie is gestoken in rechtszaken, claims en ruzies met andere fabrikanten, dan zou het erop kunnen duiden dat er een andere sfeer heerst bij Apple. Van fabrikanten en ontwikkelaars horen we over claims en tegenclaims, maar ook dat de nieuwe iPhone5 al bij een aantal ontwikkelaars en partners lag en vrij breed tenminste een aantal details bekend waren, zoals de mogelijkheid van een projector. Er ging wat fout, plan B kwam er, en de 4S kwam later dan verwacht. Het model  lijkt op een patch met wel snellere hardware en wel een nieuwe iOS5 versie, maar niet echt wat men oorspronkelijk wilde. De 4s verkoopt goed, 4 miljoen in drie dagen, maar mist wel de LTE (snel 4G telefoneren) aansluiting, iets wat Samsung en Google met de nieuwe Galaxy Nexus wel gaan bieden. En met het spraakcommando-speeltje Siri van iOS5 bleek iets mis, ook als de telefoon uit staat kan een ander er berichten mee versturen. 

Tablet-markt, van verticaal naar horizontaal 

De iPad bracht een hele nieuwe manier van computeren naar het grote publiek, eerdere pogingen van Microsoft in die richting faalden. Was de tijd en de techniek er rijp voor, of was het vooral de aantrekkingskracht van het i-denken, dat deze ommekeer bracht. De platte touch-schermen brengen (en dat is nog niet echt opgemerkt door de pers)  ook een paradigma-verandering in het ICT-gebruik, we gaan van verticaal naar horizontaal. dat is een andere manier van toegang en gebruik van data, maar ook een andere manier om samen met de computer te werken. Ook organisatorisch is de iPad een overgang van verticaal/hierarchisch naar een horizontale organisatie. IPads binnenhalen betekent dus meer dan wat andere hardware, er komt een andere werkmodus mee, een andere manier om informatie en werk te delen. Dit gaat zeker voor grotere organisaties een enorme cultuurschok betekenen. Minder managementlagen, andere communicatievormen, naast sociale media zijn ook horizontale overlegstructuren via tablets een bedreiging voor de piramide-organisatie.  

Wereldwijd komen nu de pads via de onderkant van de organisatie binnen, de behoefte aan desktops neemt af, wel vraagt de overgang naar de cloud en office overal forse investeringen in netwerk-resources, servers, routers en opslag. Daardoor kan Intel nog omzetwinst boeken, maar zien we de paniek bij bedrijven als HP, Dell en ook software-giganten als Oracle toeslaan.  

Meer concurentie 

Apple kan, ondanks de juridische gevechten, niet voorkomen dat anderen de tablet-markt opgaan en met name qua prijs lager gaan zitten. In Nederland, waar we met die subsidie-cultuur zitten, valt dat niet erg op, maar elders ziet de consument die 600Îvoor een tablet wel. 

Apple scoorde in de smartphones goed, maar wel in een mobiele markt die in Nederland en het Westen vrijwel vlak ligt, en waarin anderen zoals Samsung wel actiever worden. Voor de tablets is de positie van Apple nog   die van onbetwist marktleider is, maar het marktaandeel loopt terug, ofwel met name Samsung begint echt te groeien. Dit terwijl aan de onderkant de goedkope tablets via Blokker en mass-merchandisers en in de VS via Amazon de markt opkomen en stevige prijsdruk veroorzaken. Dat zijn wel beperkte dingen, met oudere Android en minder mogelijkheden, maar ze liggen qua inkoop veel lager, vanaf 60 dollar en voor de consument is een prijs van 150 euro of minder wel aantrekkelijk, dat brengt een nieuwe klantengroep binnen. De ICT-retail, waar nu veel non-Apple tablets verkocht worden, moet oppassen dat ze hier de boot niet gaan missen en met name moeten ze zelf bundels en abonnementen gaan aanbieden. 

De jongste ontwikkelingen in de smartphone en mobiele wereld komen echter niet van Apple, maar uit een andere hoek. Niet alleen de stap naar 4G en het inbouwen van nieuwe hardware als video-beamers, maar ook virtualisatie.  

Meerdere profielen of touchtops 

Mobiele virtualisatie, waarbij de gebruiker op dezelfde hardware andere “touchtops” laat draaien is een noodzaak, nu men steeds meer de tablet zowel voor zakelijk als voor privé doeleinden gaat gebruiken. Die werelden moeten gescheiden worden, uit privacy en veiligheidsoverwegingen, maar ook omdat het gebruik sterk verschilt. Aan de ene kant een profiel met toegang tot databases en zakelijke toepassingen binnen een strakke, maar veilige opzet. Aan de andere kant de wirwar van creatieve media-speler en social netwerk applicaties, volgeladen met apps en vertier. Verizon en Telefonica zijn al, samen met VMware, bezig een dergelijke virtualisatie te implementeren, op basis van Android. 

Steun van de operators 

In veel markten, zeker waar subsidies zoals wij die ook hier kennen een bepalende factor zijn in de markt, is het niet de klant maar de operator die feitelijk bepaalt wat verkocht wordt. Een mooie deal tussen operator en fabrikant betekent ook een leuk aanbod voor de klant, maar minder voor de fabrikant. De eigenschappen van het apparaat tellen minder mee, de gemiddelde bundelklant let daar minder op dan op z’n maandkosten en gaat mee met de promotiekreten van de provider. Natuurlijk telt merkbekendheid mee, dat geldt zeker voor Blackberry en Apple, die zo goed lagen bij het publiek, dat de operator hen niet kon passeren. Maar de tijden veranderen, een grote storing van Blackberry kost niet alleen de steun van de gebruiker, ook de operators gaan aarzelen. Blackberry was al, met vooral voor zakelijke gebuikers een interessante wereldwijde email-dienst zonder extra roaming kosten, door de operators wat weggeschoven. Die willen geen onbeperkte deals meer, maar flink verdienen aan internationaal dataverkeer, zolang dat nog kan. 

Apple, dat tot nu toe tamelijk arrogant de providers kon dicteren wat ze mochten verkopen, moet het hebben van innovaties die de klant doen vragen om de i-producten. Als de innovatie wat stilvalt, en die indruk bestaat, dan zullen de providers direct naar alternatieven kijken en dat gaat Apple marge en marktpositie kosten. 

De providers hebben het toch al moeilijk, omdat de klant die ze eerst met onbeperkte data-bundels lekker hebben gemaakt, nu oploopt tegen behoorlijk geknepen debiet-maxima voor digitale downloads en wie nog wel quasi onbeperkt is loopt tegen geniepige fair use limieten aan. De mooie tijd van onbeperkt surfen en downloaden is voorbij, en de klant beseft dat en voelt zich bedrogen.    Men gaat tellen en ziet in dat de subsidiedeals feitelijk duurder zijn dan sim-only. Die trend dat kan voordelig zijn voor de onafhankelijke retailers, die de tabelts en smartphones kunnen leveren, installeren en helpen een goed abonnement te kiezen uit het onoverzichtelijke aanbod. En wie zelf apps kan maken of aanbieden, liefst in verticale markten, is nu spekkoper. 

De cyberrevolutie: materialisme in digitaal masker 

Na de Arabische lente, en de Lybische onzinoorlog is het nu de hete herfst van de Occupy-beweging, die de cultural creatives motiveert tot actievoeren, op straat in Wall Street en in vele steden in de wereld, maar vooral in cyberspace. 

De mainstream media negeren het of brengen het als vrij onbelangrijk nieuws, en doen het af als onbezonnen activisme en ontevredenheid over de banken en het systeem, maar op de blogs, in tweets en op youtube bezingt men het als de grote cyberrevolutie. De occupy beweging trekt wel de aandacht van de alternativo’s, de quasi-verlichtten zoals Deepak Chopra, Paul Krugman, Slavoj Zizek, Lawrence Lessig, Naomi Klein en andere nieuwlichters vertonen zich, opzichtig, bij de bezetters, chanten wat en gaan mee in het koor der beschuldigers. Het kapitaal, de rijken, de 1%, de zakkenvullers, de profiteurs, de rij der victims zingt vooral het lied der projectie. Geef een ander de schuld, dan hoef je zelf niet echt wat te doen, maar kun je lekker samen wijzen naar de ander. Dat banken, grootkapitaal, politiek, woekerpolissen, niet de oorzaak, maar een symptoom zijn, het resultaat zijn van ons collectief materialisme en bezitsdrang, en die weer voortkomt uit angst ontgaat onze brave occupyers. Wij zelf, allen en iedereen, zijn de oorzaak, wij hebben ons bang laten maken, zijn gaan zoeken naar materiële zekerheid, veiligheid en hebben de vrijheid daartoe geofferd. De schuld bij een ander leggen is escapisme, een vlucht voor de harde werkelijkheid, dat wij tenminste medeschuldig zijn. Het klinkt zo mooi, we zijn gevallen voor de verleidingen, het slachtoffer van de slechte bedoelingen van verzekeraars, kredietinstellingen, banken, politici; aan het kruis ermee. 

De filosofen gaan er graag in mee, het neoliberalisme, ooit gezien als het eindspel van de beschaving, kan zo mooi worden bijgezet, maar wat is het alternatief? Terug naar een mooi en idealistisch socialisme, de rijken pakken en als Robin Hood de armen helpen, marxisme in de nieuw jasje, vechten tegen das Kapital? Dat model ging in de 20-e eeuw ook onderuit, maar brengt het kapitalisme in een schijn-democratisch jasje wel meer geluk, meer gelijkheid, vrijheid en broederschap? 

Dit soort vragen kan alleen beantwoord worden als we de grote trends van de laatste paar honderd jaar duidelijk krijgen. Dat zijn een toenemende virtualisatie, een afnemende verbinding met het andere en de ander (individuatie) en een overgang van product naar proces met als kenmerk steeds kortere terugkoppeling en meer opslingering, met als gevolg meer angst, meer kwaadheid en meer projectie, de ander heeft het gedaan. Het gaat dus eigenlijk om psychologische of sociaal-psychologische ontwikkelingen, die de individuele mens en de samenleving steeds verder tegen elkaar opzetten. We weten steeds meer, maar begrijpen steeds minder, wijsheid ingeruild tegen materialisme, egocentrisme en wetenschap. De oeroude wijsheid dat wij zelf onze wereld scheppen, dat Thou art That (Tat Svam Asi), dat het leven een les is om liefde en waarheid met elkaar te verbinden; we offeren dat op aan de zelfbestemming en ambitie van Facebook, onze iPhone, creditcard en wereldreizen. Het magische en miraculeuze gereduceerd tot een wilsuiting, toveren een trucje uit The Secret, ervaren een voorgeleefde werkelijkheid van film, game of winkelen. 

Ons zijn, ons hart en ons geheugen is gevirtualiseerd, ontdaan van het leven en weggegeven aan de cloud, waar onze identiteit nu resideert , want wat zijn we zonder onze website, flickr of facebook avatar. De individuatie, een mooi ideaal van de vroege psychologen, is verworden tot een digitaal masker, je bent wat je op internet voorstelt, je digitale cv is bepalend. De externalisatie en daarmee maskering van onze echte binnenwereld, die begon met rotstekeningen en verhalen is nu zover, dat we allemaal geloven ons ego te zijn, maar feitelijk zijn we goeddeels gevangen in de energie en ankering van ons masker in opgedrongen beelden en hypnotische suggesties, met meestal de schuldige voor wat we beleven buiten ons. Kerk, geloof, verbinding met het andere, liefde, bewustzijn, allemaal gereduceerd tot niet bewijsbare illusies, wetenschappelijk gezien onzin; geluk gereduceerd tot vragenformulier of het aantal Facebook-vrienden of dates. 

Een levensdoel, voorbij de materiële optelsom en fysiek overleven, is een anachronisme geworden, iets voor simpletons die niet begrijpen dat alles proces is, alles flow, alles ervaren, dat waarden maar afspraken en contractitems zijn, en geluk de optelsom van wat je hebt. Bewustzijn in de zin van zelfkennis, ach dat is toch voor de stakkers die het leven niet aankunnen, uit de race willen stappen, antidepressiva moeten slikken. Dat het ontbreken van een doel, het niet aanvaarden van een richting in deze schepping tot grote leegte leidt, angst en kwaadheid brengt en isoleert, dat inzicht laten we maar bij de primitieven, de spirituele zonderlingen en de gelovigen, die we toch niet serieus kunnen nemen. Dat verder alleen leven in en voor het proces steeds sneller gaat, steeds minder rust en demping in de steeds digitalere terugkoppellus toelaat en we daardoor instabieler worden, merken we niet eens, zwelgend in onze welvaart hebben we toch ook niet gevoeld dat onze wereld, onze aarde overvraagd begint te raken. Voorwaartskoppeling, waarbij een doel of waarde in de toekomst ons helpt en leidt, past niet in de enge causaliteit van oorzaak en gevolg, van meten is weten. Dat we de toekomst op enig niveau kunnen kennen, dat er een causale/gedetermineerde tijdsdimensie is maar ook een vrije wil en magische tijddimensie, dat tijd en ruimte maakbare illusies zijn, dat natuurwetten veranderlijk en veranderbaar, daar denken we hoogstens even over na als iemand aantoont dat de lichtsnelheid misschien niet constant is. 

Het is tijd voor een nieuwe filosofie, een nieuw besef van de verbinding van alles en overal en altijd, een nieuw inzicht in de relatie tussen de mens en z’n omgeving, waarbij echte informatie, de bewustzijnsdimensie waar de wetenschap nu toch echt aan moet, centraal moet komen te staan. Vragen over veiligheid en vrijheid, de twee paarden van Plato’s Phaedrus die onze geest moet mennen, zijn alleen op te lossen als we weer uitgaan van een zinvol doel. Het uit haat en tekort aanvallen en afbreken van de structuren die niets anders zijn dan cumulatieve projecties van onze eigen angst en kwaadheid lost niets op, in die zin is de hele Occupy golf niets anders dan een stuiptrekking van het materialisme, dat we allemaal omarmd hebben. LS oct 2011 

De straat op! 

Wereldwijd gaan jonge mensen de straat op om te protesteren tegen de banken, de instituties en de belegering van Wall Street is ondertussen voorpaginanieuws. De Arabische lente zou overslaan naar het Westen en de hete herfst zou het begin worden van de afbraak van het neoliberalisme, de zelfverrijking van een toplaag. Dat hier sprake is van de schuld elders leggen en deze demonstranten zelf ook verantwoordleijkheid dragen voor hun hebzucht, hoge hypotheken en schulden valt blijkbaar niemand op. Men ziet het als een revolutie, een einde aan het neoliberalisme.
Helaas, de winter komt er aan, de kou gaat hier z’n werk doen, want het is te vroeg, de wereld is naar mijn gevoel nog niet toe aan de grote opstand der creatieve horden. Pas volgend jaar, als Obama mogelijk niet voor herverkiezing wordt voorgedragen en een veel radicalere democraat het moet opnemen tegen Perry of een andere ook al wat gematigder republikein gaat de vlam echt in de pam. Obama wordt afgerekend o de crisis, het niet nakomen van z’n beloften (Quantanamo, Afghanistan) en de etegen die tijd uit de hand gelopen Pakistan connectie, maar vooral op z’n niet ingrijpen in de financiele zakkenvullerij en het feit, dat onder Obama veel meer mensen voor marihuan zijn gearresteerd dan onder Bush. De afro-amerikanen zullen zich dan dienfranchised gaan voelen, de moslims zijn al rijp voor revolutie en de kids zullen internet, Facebook, en twitter gaan gebruiken om zich te organiseren, met de cultural creatives achter hen. Het worden nog interessante tijden, daar hoef je de maya 2012 verhalen niet voor te geloven, het systeem is instablei en dat weten we al een tijdje, maar nu gaat het echt pijn doen en slaat de vlam in de pan. Nu nog een schoorsteenbrandje, volgend jaar vrees ik het ergste. 

Steve Jobs overleden 

Steve Jobs is overleden en daarmee verliezen we een van de pioniers van de computerindustrie, maar ook een geniale marketeer die goede begreep wat de klant zoekt en wil en daarbij LSD wel als grote inspiratiebron durfde te nomen. Zijn aftreden onlangs was dus inderdaad een signaal dat het niet goed ging met z’n gezondheid. Terwijl Apple onder de niewue leider Cook met de iPhone 4s toch wat teleurstelde, de 5 kwam er niet, bij geruchte omdat de ingebouwde projector in het nieuwe model te veel warmteproblemen gaf en men dus maar een upgrade uitbracht van het 4 model met snellere hardware. 

Als we kijken naar de opstelling van Apple de laatste maanden, waarin met name veel energie is gestoken in rechtszaken, claims en ruzies met andere fabrikanten, dan zou het erop kunnen duiden dat er een andere sfeer heerst bij Apple. Van fabrikanten en ontwikkelaars horen we over claims en tegenclaims, maar ook dat de nieuwe iPhone5 al bij een aantal ontwikkelaars en partners lag en vrij breed tenminste een aantal details bekend waren, zoals de mogelijkheid van een projector. Er ging wat fout, plan B kwam er, en de 4S kwam veel later dan verwacht, het lijkt op een patch met wel snellere hardwrae, maar verder niet wat men oorspronkelijk wilde. 

Apple ka, ondanks de juridische gevechten, niet voorkomen dat andere de tablet-markt opgaan en met name qua prijs lager gaan zitten. In Nederland, waar we met die subsidie-cultuur zitten, valt dat niet erg op, maar elders betaalt de consument toch liever wat minder voor z’n 600 of meer euro tablet.  

Nu zien we wel dat Apple in de smartphones goed scoort, maar wel in een mobiele markt die in Nederland en het Westen vrijwel vlak ligt, maar waarin anderen zoals Samsung wel actiever worden, ten koste van Nokia. Voor de tablets is de positie van Apple echter minder, men verkoopt wel meer omdat de iPad2 echt onbetwist marktleider is, maar het marktaandeel loopt terug, ofwel met name Samsung begint echt te groeien, terwijl aan de onderkant de goedkope tablets via Blokker en mass-merchandisers en in de VS via Amazon de markt opkomen en stevige prijsdruk veroorzaken. Dat zijn wel beperkte dingen, met oudere Android en minder mogelijkheden, maar ze liggen qua inkoop veel lager, vanaf 60 dollar en voor de consument is een prijs van 150 euro wel aantrekkelijk, dat brengt een nieuwe klantengroep binnen. De ICT-retail, waar nu veel non-Apple tablets verkocht worden, moet oppassen dat ze hier de boot niet gaan missen en met name moeten ze abonnemneten gaan bieden, WeCompany biedt hier pasklare oplossingen (wel alleen met KPN). 

Bing, Microsoft 

Ook grote bedrijven gaan soms fors de mist in, maar dat Microsoft nog steeds meer dan een miljard per kwartaal verliest aan zoekmachine Bing is opvallend (5,5 billion $ sinds juni 2009). 

Bing groeit qua marktaandeel nog wel, nu 14,7% maar het lukt niet er aan te verdienen, anders dan Google pakt men het blijkbaar niet handig aan, en er wordt gesproken over het sluiten. Nu heeft Microsoft geld genoeg, maar een lekkende kraan van dit formaat is niet handig. Zijn dit fouten of bewuste risico’s en wie gaat hier de zwarte Piet krijgen. Want het is weer de tijd van de vallende CEO’s, Apotheker mag oprotten bij HP met 7 miljoen premie, z’n opvolger doet het voor 1 dollar, as je het gelooft. 

Dat je marktaandeel kunt kopen gelooft ook Amazon, dat een iPad concurrent neerzet met de Kindle Fire, een Android pad voor 199 dollar waar Amazon dan 50 dollar op zou verliezen, maar dat blijkbaar doet om marktaandeel te pakken. Amazon heeft met de eboeken natuurlijk wel de kans wat terug te verdienen, maar dat doet Apple ook met iTunes. 

Verder valt me op dat email 2.0 sterk richting intranet en private social networks gaat, Yammer is al een soort wegwijzer, maar er zijn veel meer nieuwe communicatiemodellen, want dat email enorm veel tijd opslok door spam, rommel, slordige berichten en onzin is langzamerhand wel duidelijk. Er zijn al bedrijven die de interne email willen uitbannen en dan komen video-chats en open verbindingen tussen werkplekken in beeld. Email 2.0 is hard nodig, maar hoe het er precies uit gaat zien is nog onduidelijk. Verbeteringen in bv Google waarbij het ontbreken van bijlagen, spelfouten, te grote files en andere problemen al wordt gefilterd en aangegeven is een stap naar efficientere email, maar er gaat nog veel meer komen. 

Meer samen 

Allerwege sluiten de rijen zich, soms over de juridische gevechten over octrooien  heen. Bedrijven gaan samenwerking aan om trends als cloud, BYOD en tablets beter te kunnen volgen. Zo maakten Intel en Google hun plannen bekend om toekomstige versies van het Android-platform te optimaliseren voor Intels energiezuinige Atom-processorfamilie. 

Dit samenwerkingsinitiatief is bedoeld om Intels smartphoneactiviteiten te stimuleren. Nu werken nog veel devices met ARM-chips, die favoriet zijn voor het Android platform. Otellini onthulde ook een veel zuiniger  ‘Haswell’ chip voor Ultrabooks (2013). Zuiniger is natuurlijk betrekkelijk, hangt van de applicaties op, video vraagt gewoon veel batterijstroom. 

De trend naar lichter is overigens op veel gebieden merkbaar, dat Windows 8 veel “dunner” en  “lichter” wordt is niet alleen om de tablets met hun wat mindere rekenkracht en opslag te accommoderen, maar het lijkt er ook op, dat men de core wat minder breed gaat maken, om dat aan te vullen met apps. Daar kun je geld aan verdienen, functies ergens vanuit de cloud betaald laten gebruiken is ook voor Microsoft het nieuwe business model. 

Zwaar weer 

De economie, de euro en daarmee de rust ligt de laatste maanden zwaar onder vuur en dat we volgend jaar gaan inleveren, daar heb ik Beatrix en de troonrede niet voor nodig. Het wordt zwaar. Minder ruimte qua bestedingen en of de banken het redden is ook nog maar de vraag, dus mijn pensioen is ook allerminst zeker. De dubbele dip is er op de beurs in ieder geval al. Ook in de ICT is er paniek. Intel en Microsoft (met Nokia in touw) beseffen dat er een echte verschuiving heeft plaatsgevonden en dat ze die trend aan het missen zijn, te lang hebben gekeken naar de desktop. HP praat over herschikking van haar divisies en wil ook meer cloud en diensten. Daarnaast rolt men over elkaar heen in de patentenoorlog (octrooien heet dat formeel), iedereen tegen iedereen; haal de spullen maar weer uit de winkel. 

De tablet heeft het ‘kantoor overal’ vrij plotseling opportuun gemaakt. De echte gevolgen voor providers, onroerend goed, economie, organisatiestructuren en het juridische systeem zijn zo diepgaand, dat vrijwel niemand het echt kan overzien. 

De overheid en helaas ook de meeste bedrijven lopen achterop. Het is niet alleen de beveiliging, men is het overzicht kwijt met paniekvoetbal als gevolg. DigiNotar was nog maar een voorbode. Alles digitaal is alles kwetsbaar, dat gaan we nog wel merken. 

Anti-trust 

In de VS ligt de voorgenomen overname door AT&T van het T-Mobile netwerk van Deutsche Telekom nu onder vuur. De autoriteiten hebben bezwaren en de concurrentie ziet het ook niet zitten. Dat de klant bij een te beperkt aantal spelers in een markt de dupe wordt, kan iedere mobiele gebruiker en zeker de mobiele data-user in ons land beamen. De grote boys hebben na wat waarschuwende woorden en slachtofferberichten over teruglopende inkomsten door teveel dataverkeer, een einde gemaakt aan onbeperkt mobiel dataverkeer. Wie dat wil, betaalt nu stukken meer, de meeste abonnementen en deals zijn zwaar beperkt. Bestaande contracten lijken zeker, maar via het fair-use regeltje worden ook daar de dataschroeven aangedraaid. Fabrikanten als Blackberry die ook internationaal onbeperkt dataverkeer gebruikten, verdwijnen uit de catalogi en websiteaanbiedingen. De veelgeprezen BES-optie wordt nu weggestopt. 

Waarom heeft men die versmalling van de concurrentie toch laten gebeuren? Telfort had nooit naar de KPN mogen gaan. Welke belangen maakten dat toen mogelijk? Waar de politiek nu toch beseft, dat de hele privatiseringswaanzin van de afgelopen eeuw niet heeft geresulteerd in lagere prijzen en betere service, maar vooral een paar mensen ongelooflijk rijk heeft gemaakt, neemt men hier nog geen duidelijke maatregelen. Integendeel, men gaat rustig door zoals met de privatisering van de Amsterdamse haven (2.650 hectare voor 6 euro/m2). 

Het is weer de tijd van de grote beurzen. De mooie gadgets overal: IPV6, robots, mobiel, 3D. Ook hier geldt dat meer digitale koppeling meer kwetsbaarheid betekent. Op afstand de medische apparatuur van opa ontregelen, wordt actueel! 

Een trend, die me opvalt is Social TV: het koppelen van het televisieprogramma op de grote (huiskamerbuis) aan andere devices, aan interactieve opties via de remote (ook al bijna een computer op zich), aan internet voor directe reacties (en aankopen) en via Skype praten met wat bekenden of familie. De sociale mediaberichten die inhoudelijk vaak nergens over gaan, krijgen zo een quasi zinvolle inhoud: samen kritiek geven op die quiz, een voetbalmatch, bijna net zo goed als samen op de bank bij de F-side. 

Digital divide 

Rijke mensen doen meer met internet, letten beter op digitale aanbiedingen en gebruiken de nuttige en handige diensten van internet meer dan mensen uit lagere inkomensgroepen. Die digitale kloof groeit en hangt niet alleen af van de economische situatie maar ook van de leeftijd en - in ons land - van de etnische achtergrond. 

Het gevaar bestaat, dat de ‘digital divide’ zo groot wordt, dat hele groepen in de samenleving feitelijk buitengesloten raken. Ze doen niet meer mee, kunnen de nu steeds vaker digitale vereisten wat betreft burgerparticipatie, betalingsverkeer, medische- en andere zorg gewoon niet aan en vallen zo buiten de boot. En laten we eerlijk zijn, wie kan wel wijs uit de wirwar, de al dan niet betrouwbare, digitale certificaten, inlogcodes, spamberichten, en je computer die geregeld ‘raar’ doet. 

De overheid heeft ook de neiging om onder de noemer van de efficiëntie steeds meer digitale verplichtingen op te leggen. Maar men neemt geen maatregelen om de volgers, de achterblijvers en de digitaal armen erbij te betrekken. Dat gaat soms heel geniepig. Zo is er voor het digitaal invullen van BTW aangiften en bedrijfsaangiften geen helpdesk meer. Wie het niet begrijpt, moet maar een accountant nemen. Dat daarmee hele groepen ondernemers aan de rand van de digitale arena worden buitengesloten of op voor hen onoverkomelijke kosten worden gejaagd, daar maakt men zich niet druk over. We krijgen naast de scheiding in digitaal mondige burgers en de achterblijvers ook een scheiding in ondernemers met en zonder digitale vaardigheid. Dat is gevaarlijk, want die sector (en die wordt door de economische voortsleepcrisis alleen maar groter) zal dan vrijwel zeker blijven werken met contant geld, schoenendozen en onderling vertrouwen. 

Diginotar: paniek bij de overheid 

DigiNotar: wie had gedacht dat een op zich nieteens als aanval op de Nederlandse overheid bedoelde hack zo’n paniek zou veroorzaken. Zelfs Microsoft, dat via een (automatisch elders, hier aanvinken) update probeerde de schade door niet meer betrouwbare certificaathouders af te schermen, raakte in de knel. Want de Nederlandse overheid blijkt zoveel DigiNotar koppelingen her en der te gebruiken, dat een brede afscherming hele diensten zou (kunnen) platleggen.  werd gehackt. 

Diginotar is een Nederlands bedrijf dat beveiligingscertificaten verkoopt, maar juridisch nu deel uitmaakt van Vasco Data Security International. 

Diginotar is gehackt door een Iraanse partij, al maanden geleden, maar merkte dat pas op 19 juli en maakte dat pas op 30 augustus bekend. Te laat, en toen bleek ook dat DigiNotar zichzelf nogal prutserig beveiligd had. De hack betrof het genereren van valse veiligheidscertificaten (die garanderen dat verkeer niet afgeluisterd of onderschept kan worden) genereren en dat is ook gebeurd, onder meer voor google.com en vele honderden andere diensten zoals Skype, Twitter, Facebook. Ook zijn certificaten voor andere certificatenuitgevers zoals Verisign en die voor websites van inlichtingendiensten (CIA ,  Mossad) nagemaakt. Op die manier zouden gegevens en communicatie onderschept kunnen worden, blijkbaar wilde iemand (de Iraanse overheid?) meer weten over bepaalde berichten van of naar Iran, want een abnormaal groot deel van de veilighiedschecks de afgelopen tijd kwam uit Iran. 

Nu zeggen de experts dat het niet zo’n vaart zal lopen, maar de paniek sloeg toe. Alle DigiNotar certificaten zijn nu verdacht en daar wringt de schoen, want in Nederland wordt op ruime schaal en ook door de overheid en met name de belastingdient gebruik gemaakt van DigiNotar. Ook DigiD werkt er mee ein dat zou gekraakt zijn volgens een paar van de vele secirity-bedrijven die zich ondertussen mee bemoeien. De overheid probeerde nog even te sussen, maar blijkbaar is het inderdaad fout gegaan en dat levert dus een probleem op, want hiermee zou niet alleen vertrouwelijk info op staart komen, maar DigiD inlogcodes etc. misbruikt kunnen worden. 

Het overstappen op andere certificaten en diensten door de overheid blijkt nu een hele operatie en daar vonkte Microsoft leuk tussendoor met een (half)-automatische update, die browser verteld dat bepaalde sites niet te vertrouwen zijn en ook daarbij ging weer van alles mis. DigiNotar, net als de echte notarissen ook niet meer te vertrouwen. Misschien is dit wel een duidelijk signaal, dat de overheid het vertrouwen van de burger aan het verspelen is, gepruts op alle fronten de laatste jaren. 

Anti-trust 

In de VS ligt de voorgenomen overname door AT&T van het T-Mobile netwerk van Deutsche Telekom nu onder vuur. De autoriteiten hebben bezwaren en de concurrentie ziet het ook niet zitten. Dat de klant bij een te beperkt aantal spelers in een markt de dupe wordt, kan iedere mobiele gebruiker en zeker de mobiele data-users in ons land be-amen. De grote boys hebben, na wat waarschuwende woorden en slachtofferberichten over teruglopende inkomsten door te veel dataverkeer, een einde gemaakt aan onbeperkt mobiel dataverkeer. Wie dat wil, betaald nu stukken meer, de meeste abonnementen en deals zijn zwaar beperkt. Bestaande contracten lijken zeker, maar via het fair-use regeltje worden ook daar de dataschroeven aangedraaid. Fabrikanten zoals Blackberry, die ook internationaal onbeperkt data-verkeer gebruikten, verdwijnen uit de catalogi en website-aanbiedingen, de veelgeprezen BES-optie wordt nu weggestopt. 

Waarom heeft men die versmalling van de concurrentie toch laten gebueren, telfort had nooit naar de KPN mogen gaan, welke belangen maakten dat toen mogelijk? Waar de politiek nu toch beseft, dat de hele privatiserings-waanzin van de afgelopen eeuw niet heeft geresulteerd in lagere prijzen en betere service, maar vooral een paar mensen ongelooflijk rijk heeft gemaakt, neemt men hier nog geen duidelijke maatregelen.Integendeel, men gaat rustig door.  De privatisering van de Amsterdamse haven, (2650 hectare voor 6 euro/m2) is nu, mede door een burgerinitiatief van mijn kant wat uitgesteld, maar ook daar werd weer wat moois vernield! 

Een trend, die me opvalt is Social T, het koppelen van het TV-programma op de grote (huiskamer-buis) aan andere devices, aan interactieve opties via de remote (ook al bijna een computer op zich), aan internet voor directe reacties (en aankopen) en vai skype aan wat bekenden, familie ook net zitten te bekijken. De social media berichten, die inhoudelijk vaak nergens over gaan, krijgen zo een quasi-zinvolle inhoud, samen kritiek geven op die quiz, die voetbal match, bijna net zo goed als samen op de bank bij de F-side. 

Jobs vertrekt 

Steve Jobs weg als CEO bij Apple. Het zat er natuurlijk aan te komen, het herhaaldelijk ziekteverzuim van Steve Jobs gaf wel aan, dat de oprichter en inspirator van Apple zich zou gaan terugtrekken. Zijn opvolger is Tim Cook, overigens met de blessing van Jobs. Het vertrek is nu officieel aangekondigd, waarschijnlijk mede vanwege de gezondheistoestand van Jobs; en een golf reacties geeft wel aan, dat dit voor Apple en de hele ICT een belangrijk moment is. Zeker de laatste jaren groeide Jobs uit tot de profeet van de i-golf, de apparatuur die sterk persoongebonden alle diensten en mogelijkheden van internet en de hele content-industie binnen vinger-, hand-, oog- en oorbereik brengt. Zelfs al kan hij beschouwd worden als een tikje alternatief, een echte new-age californier, zijn talent en visie op wat de gebruiker belangrijk vindt zijn ongeëvenaard, alleen Jack Tramiel (Commodore en Atari) is vergelijkbaar, hij probeerde overigens ooit het nog jonge Apple over te nemen. 

Steve Jobs heeft met iPod, iPhone en iPad de user-interface naar de digitale wereld drastisch veranderd, niet alleen door het gebruik van aanraakschermen, maar door een revolutionaire en innovatieve aanpak van de hele interface. Met name de iPad markeert de overstap van een verticale (beeldscherm) interface naar een horizontale (tafel) interface, waardoor ook het hele paradigma van de tot nu toe bekende toegang via een venster er tenminste een volwaardige concurrent heeft bijgekregen. Ondertussen zijn andere interfaces dan Microsoft Windows, op zich al een beetje namaak van de Mac, nu zeker in de mobiele wereld al groter met Android en Apple’s iOS aan de top. 

Apple deed het goed, vooral omdat men (met Jobs aan de leiding)  inzag dan content, platform en OS samenhangen en die als één pakket aanbood, veel beter dan IBM of Microsoft, de giganten van de vorige ICT-golven. Het zijn nu Google en Apple, die vechten om de toppositie in de ICT, CE en content-access markt. Dat de beurswaarde van Apple een paar maanden geleden die van Microft overtrof, was wat dat betreft een signaal. 

De positie van Jobs wordt als cruciaal gezien, dat bleek al bij eerder verzuim wegens ziekte, ook bij deze aankondiging gingen de aandelen van het concern direct omlaag op de beurzen. Natuurlijk heeft het bedrijf al rekening gehouden met het vertrek, het is niet helemaal onverwacht, maar het blijft de vraag of echte grote stappen, zoals die met de iPhone gemaakt zijn, mogelijk zijn onder management, dat niet het charisma en de op zich niet erg tolerante leidersschapsstijl van Jobs heeft. Hij leidde Apple niet op een erg menselijke manier, vanaf het begin draaide het bij Apple om het product en de omzet, menselijke verhoudingen kwamen pas daarna. De interne structuur van Apple is dan ook altijd vrij hard en gericht geweest, geen echt open bedrijf, je ging ervoor of je ging weg, was de opzet. Niet lekken naar buiten, een stevige interne controle en werken zoals Jobs dat wil, anders opzouten. Het heeft wel gewerkt, de resultaten indrukwekken, Jobs heeft in feite twee mal Apple groot gemaakt, eerst met de Hobby computers en de eerste Mac, na een (vrij langdurig) vertrek kwam hij via een overnamedeal van z’n nieuwe bedrijf terug om de zaak weer uit de modder te trekken en deed dat met veel aplomb, onder meer met de iMac. 

Na de comeback heeft  Steve Jobs 14 jaar als CEO van Apple gefuntioneerd, dat hij in de jaren zeventig met Steve Wozniak oprichtte (1976) en toen in 1977 met de Apple II-computer aan de basis stond van de computers thuis en in het onderwijs. Zeker in de VS werd de Apple II de eerste computer voor velen, in de rest van de wereld was dat vaak de Commodore 64, die wat goedkoper was. De zakelijke AppleIII was te laat en te beperkt, IBM pakte die markt met de IBM PC. Apple kwam in 1984 met de Macintosh, waarmee een hele nieuwe grafische (muis)-interface werd geïntroduceerd, die men wel deels had afgekeken van wat Xerox Parc ontwikkelde en op de Lisa al had uitgeprobeerd. De Lisa, die een jaar voor de Mac uitkwam, was echter te duur was voor de massmarkt. Met de Mac kwam ook het thema us-and-them naar boven, ook in de reclame met de befaamde clip. De Mac was de computer voor “the rest of us” en dat thema heeft men steeds doorgezet, de Mac (en later de i-producten) was voor de creatieven, degenen die vorm en interface waardeerden. mac waren nooit echt goedkoop, maar men betaalde voor het imageo, om er ook bij te horen. Think Different was de marketing leus, die duidelijk aansprak bij de creatieven en van daaruit ook een breder en vooral modebewust publiek bereikte.Design stond en staat voorop, een esthetisch uiterlijk en interface zijn Apple’s handelsmerk geworden, de doelgroep is wel breder geworden dan wat wel aangeduid wordt als Enneagram 3 types, maar de zakelijke markt blijft een moeilijk punt voor Apple, men heeft meer op met de consument en dan vooral de mondige, creatieve en individualistische klant met een ruime portemonnaie.. 

Na de succesvolle introductie van de Mac bleek de visie en vrij eigenwijze stijl van leidinggeven van Jobs niet meer helemaal te passen bij wat de toenmalige Raad van Bestuur wilde en vertrok Jobs. Hij ging een eigen computer ontwikkelen, met een eigen OS, dat meer naar Unix neigde.Met NeXT wilde hij de onderwijsmarkt en de zakelijke gebruikers bereiken, maar dat luke niet helemaal. Hij had, doordat z’n aandelen Apple gignatisch meer waard waren geworden, echter tijd en geld genoeg, en NeXT bleek een interessant speeltje, dat voor op OS gebied wel iets betekende. Jobs kocht ook nog de computer graphics divisie van LucasFilm, dat werd Pixar en daar werd Jobs CEO tot Pixar in 2006 verkocht werd aan Disney, Jobs kwam toen in de RvC van Disney. 

Apple ging zonder Jobs wel bergafwaarts, met een aantal topmannen die blijkbaar toch niet helemaal begrepen hoe de markt in elkaar zat, missers zoals de Newton uit 1993 waren duidelijke signalen en ook het mac-marktaandeel zakte weg. Apple verloop z’n positie, de Mac en de Mac portables bleven wel verkopen, maar er zat geen vaart meer in het bedrijf. Na twaalf jaar kwam Jobs in 1997 terug, toen Apple NeXT kocht vanwege het OS, dat later als OSX ook langzaam iOS werd, maar waarschijnlijk ook vanwege het aandel dat Jobs nog steeds had in Apple.Apple had toen geld nodig, Jobs peuterde 150 miljoen dollar los van Microsoft en ging aan de slag. De iMac was de eerste treffer en bracht Apple weer in beeld, maar met de iPod (2001), de iPhone en iPad maakt Job Apple tot een CE-topper voor mobiele devices. 

Apple-stores 

Voor de retailer is natuurlijk belangrijk of Apple nu doorgaat met de Apple-stores. Distributie lag altijd moeilijk bij Apple. Je hoorde erbij of niet, Apple een beetje doen was en is eigenlijk niet haalbaar, je ziet dat ook ketens als Mediamarkt vrij groot zijn meegegaan, na de iPhone werd Apple ook voor hen een A-merk qua schapruimte.
Apple is ondertussen gegroeid tot brede CE-aanbieder, en op mobiel gebied feitelijk marktleider, en heeft ook eigen Apple stores, in Amsterdam zou er één op het Leidseplein komen. Fysieke aanwezigheid, vooral op hippe plekken met een mono-merk presentatie is wat Apple nu nastreeft, en de productlijn groeit nog steeds, behalve de logische opvolgers als de iPhone 5 dit najaar komen er vast nog meer i-producten en diensten. Apple is ondertussen een zeer sterk merk, meer een levensstijl icoon dan een product, met Apple tel je mee in de creatieve kringen, en daarbij komt ook, dat alle i-producten met elkaar samenwerken, de lijnen en diensten vormen een samenhangend geheel, met een vrij grote compatibiliteit.  

Voor de gemiddelde ICT-retailers is Apple dus een keus, je moet er helemaal voor gaan en dat is vaak lastig, veel kleinere bedrijven zitten te dicht in de Wintel-wereld. 

De prestaties van Jobs zijn ook te vertalen in kentallen. Hij wist het marktaandeel in de VS van Apple in de PC-markt, met moeilijke aanvangsjaren, van 4,4% in 1998 naar 9,1% in 2011 te brengen, ook wereldwijd maakt Apple met de Macs een comeback. Met de iPhone, niet de eerste maar zeker de meest opzienbarende smartphone, is het VS marktaandeel nu 25,1% en hebben Nokia en Motorola zware tegenwind, terwijl Samsung tegen octrooikwesties met Apple is opgelopen. Apple heeft nu een omzet van boven de 100 miljard dollar op jaarbasis en maakt 25% winst op die omzet. De aandelen Apple zijn ongeveer 70 keer meer waard geworden sinds Jobs terugkwam in 1997. 

Motorola 

Google koopt de mobiele divisie van Motorola en wordt daarmee ook een hardware speler met ongetwijfeld naast handsets ook een positie in de pads. Door deze overname wordt steeds duidelijker, dat de grote spelers in de ICT en de CE duidelijk Google en Apple zijn, die nu beiden in dezelfde markt opereren, met hardware en software, al blijft Apple wat betreft iOS wel het proprietary pad bewandelen. 

Afgezien van de financiële consequenties, Google kan dit allemaal makkelijk betalen, het is in feite een uitverkoopje, al kwam Motorola wel iets terug van de dip van de voorbije jaren, is dit strategisch interessant en ook gevaarlijk. De eerdere hardware pogingen van Google met de Nexus handsets waren geen echte bedreigingen voor andere gebruikers en partners in Android, maar met Motorola als grote fabrikant wordt dat anders. Zelfs als men de naam en de organisatie van Motorola gescheiden houdt is het voor HTC, Samsung en andere fabrikanten toch een gevaarlijke situatie, wat doet Google verder met Android, bouwen ze slimme achterdeurtjes in om Motorola te bevoordelen. Hoe zit het met de hele octrooikwestie, die nu zo hoog wordt opgespeeld door Apple, maar eigenlijk als een virus door de hele industrie heen begint op te spelen. 

Double Dip 

De paniek heeft toegeslagen en is al een paar weken bepalend voor de beurs, de koersen gingen onderuit, en daarmee gaat het economisch herstel in de laagste versnelling, zo niet in de achteruit. Geen vertrouwen mee, goud huizenhoog, grondstoffen onderuit, en dat gaat allemaal nog veel meer bezuinigingen brengen, zakelijk en bij de overheid. Ook ICT gaat klappen krijgen, zeker de grote klanten zullen niet fors gaan investeren. 

Het schuldplfond van de VS is nu 14,300 miljard Dollar, zo’n 10.000 miljard euro, ofwel 20 keer ons BNP Nationale produkt in NL. De grootste schuldeisers zijn China met 1150 miljard $ en Japan met 900 miljard $, de olielanden hebben 200 miljard uitstaan. Veel te hoog en nu wordt men wakker, Amerika is topzwaar door de staatsschuld men nu forse klappen op de beurs. Ik zag het aankomen, zelfs m’n astrologen waarschuwden voor een moeilijke maand augustus en dat de AEX nu door de 300 en zelfs de 280 zakt is dus geen verrassing. De crisis in de VS heeft ook hier z’n gevolgen en met de Griekse ellende on top, het net afgewende faillisement van de Amerikaanse overheid heeft de beurzen fors in de min gedrukt, naar een niveau dat doet denken aan de dubbele dip grafiekjes. De komende weken zal het wel onrustig blijven en voor de handel is het allemaal een ramp, de broekriem wordt weer allerwegen aangehaald. 

Schaalvergroting 

De overname van Dixons en Dynabyte is een stevige hap voor Steven Bakker van Bas Group, het aantal outlets gaat van 64 naar 260 en dat is even schakelen. Nu heeft Bas als distributeur met ook een leuke brede portefeuille de laatste jaren wel geleerd hoe die toch verticaal geïntegreerde kanaal-positie effectief gebruikt kan worden, bijvoorbeeld om winkeldochters te lozen, inkoopvoordelen te behalen en ook hoe de balans tussen online en retail verkoop te vinden.  

Dat mag men nu nog een stapje breder gaan toepassen, en dan gaat het vooral om meer CE in het assortiment. Dixons is meer CE dan ICT en na het omvallen van ketens als It’s is duidelijk, dat de convergentie van CE en ICT onvermijdelijk is, ook in het kanaal. De grote discounters, met name Mediamarkt-Saturn hebben die deelmarkten al bij elkaar geharkt, en de productontwikkeling die tendeert naar mobiele alleskunners en brede thuis-servers voor ICT and AV onderstreept de noodzaak. Voor de Bas-winkels (Vobis-MyCom) krijgt men door deze overname dus waarschijnlijk wat meer grip op CE producten, en voor Dixons dus meer ICT in het schap. 

Het gat dat nu voor Bas valt is natuurlijk de mobiele telefonie, gaat men dat ook via een overname (van een van de noodlijdende telecom-ketens) invullen, of zoekt men aansluiting bij een distributeur. MCC en  de Triade Holding (Quote, Hakro en MCC) zitten in die hoek, zijn relatief sterk nationaal (net als Bas) en het zou me niet verbazen als daar wat synergie te winnen valt. Maar Bas kan, nu met zoveel outlets, ook eigen deals gaan maken met de grote providers en MVNO’s en denk eens aan Apple, dat qua retail-outlets best wat breder zou kunnen gaan, en nu met een grote partij vrij strikte afspraken kan maken. De relatieve positie van Apple in met name de Mediamarkt formule is behoorlijk gegroeid de laatste jaren, maar nu kan Bas een dekking aanbieden met wel kleinere outlets, maar met een grote spreiding en een centrale distributie die behoorlijk goed is geregeld. 

We zullen zien, voor de onafhankelijke retailers betekent dit een sterke concurrent, die met prijzen en aanbieidngen kan stunten, en daarmee op het niveau van Mediamarkt mee gaat draaien, in CE, ICT en dus misschien ook mobiel. 

Applepads  toch minder 

Zijn we er toch weer ingetrapt? De iPad verkopen vallen wat tegen en dat is nieuws. Produktieproblemen zoals beperkte aanvoer van beeldschermen, een niet helemaal vlot gelopen introductie van de iPad2 en de door de crisis aarzelende consument deden de verkoop van de iPad in Q1 van 2011 geen goed, rapporteert IDC. 

Apple blijft de duidelijk dominante aanbieder op de tabletmarkt, de concurrentie zet niet echt door, maar er is wat aarzeling. Het aantal tablets dat in het eerste kwartaal van dit jaar werd geproduceerd, was 28 procent minder dan in het laatste kwartaal vorig jaar en dat valt tegen, zelfs als men rekening houdt met de kerstgolf. IDC waarschuwt voor te overspannen verwachtingen voor de pad-markt, en spreekt over een overdreven  mediahype. De media spelen een grote rol in het aankoopgedrag en het niet vlot kunnen leveren van de iPad2 deed de afzet even hikken, zelfs bij behoorlijke kortingen op de oudere iPad modellen. Wel schat IDC in, dat nieuwe modellen van de concurrentie de afzet van pads en tablets dit jaar toch nog iets meer zullen stimuleren en schat nu op jaarbasis een verkoop van 53,5 miljoen tablets in. Nog een leuke stapel, maar toch niet de enorme bedreiging voor de desktop en laptop markt die men de laatste maanden meende te moeten verwachten.  

Ook van andere kanten ziet men de opkomst van de tablet niet als een langdurig fenomeen. Intel denkt dat de nog steeds toenemende capaciteit en snelheid van ICT apparatuur zal leiden tot een soort universele Persconal Comapnion, die alles doet wat nu desktop, tablet en laptop nog aan gebruiksmodi delen. Dus een soort universeel ding, dat voor iedereen alles biedt, maar zo breed, dat specialisatie niet meer nodig is. Kortom, het Zwitserse zakmes in een andere vorm, ik denk dat zo’n convergentie er niet in zit, en dat met name het vershcil tussne verticaal en horizontaal gebruik van schermen nog een echte scheiding in de markt gaat brengen. 

Tabletgolf 

HP stapt in de tabletmarkt met Touchpad; De grote leveranciers zoals Dell en HP beginnen in te zien dat hun afhankelijkheid van de pc markt (voor HP ongeveer een derde van de omzet) bij een teruglopende afzet in de klassieke vormfactor riskant kan zijn. Er wordt zelfs gespeculeerd over afstoten, iets wat IBM overigens al jaren geleden deed met z’n pc divisie die Lenovo overnam. De andere koers is meegaan in de tablets, pads en slates. Daar wil HP een onafhankelijke koers kunnen varen. Met de overname van Palm maakte men dat duidelijk, maar het heeft even geduurd voor er iets uitkwam. 

PalmOS werd webOS en dat is nu klaar en er is een eerste webOS tablet onthuld de TouchPad tablet met een 1,2 GHz Qualcomm processor en 1 GB RAM voor een 9,7 inch scherm. 

webOS is het onderscheidende en HP probeert dat mobiele besturingssysteem nu te slijten aan andere fabrikanten zoals Samsung. HP baas Leo Apotheker liet weten dat men in ieder geval met partijen hierover praat, maar noemde geen namen. Omdat Microsoft een vrij hechte deal met Nokia heeft en daar dit najaar wel eens forse acties in de markt kunnen volgen, is een derde alternatief voor de niet-Apple fabrikanten (naast Windows 7 Phone 2.0 dat pas als W8P echt geoptimaliseerd zal zijn voor tablets) en Android misschien aantrekkelijk. RIM met de proprietary Blackberry OS (en QNX voor de Playbook) dat nog steeds een stevige positie heeft in de zakelijke markt maar wat wegzakt, komt daarvoor niet echt in aanmerking. Er zijn speculaties dat RIM wordt overgenomen vanwege haar wereldwijde en vrij goed beveiligde netwerk. 

Overdrachtsbelasting 

Eindelijk heeft de regering de overdrachtsbelasting fors teruggeschroefd, van 6 naar 2 procent, en hopelijk zal die impuls ook in den brede de economie een zetje geven. Milieutechnisch (dichter naar het werk) en financieel (de markt weer laten draaien) is dit erg positief, maar ook andere branches gaan profiteren. 

Google + 

Facebook, dat toch ook iets teruggang in het gebruik en de groei ziet, is een ernstige concurrent voor Google aan het worden, dus gaat Google als beta ook een soortgelijke social netwerk functie aanbieden, die Google+ heet. In de testfase blijkt het echter nog geen goed afgerond geheel. Volgens Google zelf is Google+ meer afgestemd op het echte leven en kan men makkelijker delen met kleinere groepen, omdat men het brede kenmerk “vrienden” heeft verfijnd via “circles”.Dat kan in Facebook ook via groepen en in Duitsland heeft Facebook zelfs al een gerichte “Groops” aanpak, maar Google ziet hier een gaatje. Verder biedt Google+ via “Sparks” een contactmogelijkheid naar gelijkgerichte content en contacten. Dat vanwege onder meer privacy-angst facebook in de VS al weer wat begint terug te lopen, mag de pret niet drukken. Ook dat eerdere diensten in deze richting zoals Buzz en Google Wave, niet aansloegen, weerhoudt Google niet van een nieuwe poging, die nu in de testfase is en niet erg pijnloos van start is gegaan. 

De onderliggende problematiek van sociale netwerken, namelijk hoe krijg ik nieuwe contacten, maar blijf ik interessant en in contact met de bestaande “vrienden”, waarvoor Facebook en nu dus Google steeds nieuwe concepten ontwikkelen en aanpassen, draait om de privacy. Ongevraagd en automatisch een hele berg vrienden aandragen is voor sommigen erg leuk, maar de ervaren gebruiker wil dat zelf regelen en wie veel vrienden heeft, wil de verre en de naaste vrienden kunnen scheiden, iets wat nu door de Google+ circles iets makkelijker wordt. 

Moeilijke tweede helft 

De angst voor een Grieks failisement verlamt de hele markt en raakt dus ook de ICT, want men aarzelt met investeren en geld uitgeven, want wat gaat er gebeuren als Grieken en dan de hele PIGS groep onderuit gaat. 

De ontwikkeling op de aandelenmarkten is niet bepaald rooskleurig, de Europese problemen hangen dreigend boven de markt en dat verlamt de hele economie, bepaalt olieprijzen en die vreemde oorlog in LIbië is ook onrustbarend.  

Voor de ICT is er vooral sprake van een formfactor omslag. De problemen in de desktop markt zijn bekend, daar is sprake van stagnatie en zeker qua omzet krimp, men kijkt met zorg naar de vraag vanuit de zakelijke markt. Nu begint ook de notebook markt te hakkelen, grootfabrikant Foxconn zegt geen last te hebben, maar andere fabrikanten zoals Flextronics trekken zich terug uit deze markt. Traditioneel is het tweede halfjaar altijd wat beter in de notebook markt, door het back-to-school seizoen en Kerstmis, maar dit jaar zijn de verwachtingen vrij matig. De tablets, pads en andere meenemers worden steeds meer ingezet als vervanger van de traditionele notebooks, dat process zette eind 2010 in, toen de iPad een echte dip veroorzaakte in de afzet van zowel desktops als notebooks. De nieuwste tablets, slates en pads zijn weer krachtiger, krijgen interfaces zoals USB 3.0 die koppeling aan harde schijven en randapparatuur makkelijker maakt, en trekken door de hele app-mode veel nieuwe klanten aan, naast consumenten ook steeds meer professionals die met een iPad goed uit de voeten kunnen. Dat is weer remmend voor de notebook verkopen. De grote merken worden voorzichtig bij het plaatsen van orders, meldt Digitimes, en sommigen zols Acer hebben vrij grote voorden die gedumpt worden. Intel, dat bij de tablets de concurrentie van de ARM vreest, probeert met haar Ultrabook aanpak de notebook een nieuwe impuls te geven. Heel dun en met een lange batterijleven moeten de ultrabooks de consument een soort bruig tussen notebooks en tablets bieden. 

De “empowered” consument: betalen door doorhalen 

De consument anno 2011, met toch iets van een stevige recessie nog steeds in de lucht om over na te denken, is voorzichtig, maar vooral digitaal gaan denken. Tegelijk met al het gedoe rond de banken en pensioenen is er een niewe lichting kleinere, draagbare, aanraakschermapparaten op de markt gekomen, die het denken over computers, ict, internet en cyberspace ingrijpend heeft verandert, vooral bij het grote publeik. Zonder internet kun je niet leven, niet als burger meedoen, niet betalen en niet genieten. Vooral dat laatste hakt er in, want als je niet ieder moment je favoriete muziek kunt beluisteren, je eigen hippe newsfeed, twitter of blog aan het staan, dan tel je niet meer mee. De digitaal bewuste burger loopt nu rond in z’n eigen digitale wolkje en over PAN’s of personal digital networks spreekt niemand meer, maar we hebben allemaal een smartphone of iPad onder handbereik. 

De entertainment en media industrie is door die ontwikkeling deels verrast, deels zag men nieuwe kansen. Jammer van de BlueRay, die heeft de plek van de DVD niet kunnen overnemen, maar zinkt weg in de online content aanbieidngen. Jammer van de CD en de fysieke muziekretail, maar muziek haal je nu van het net en muziekwinkels hebben een heel andere rol gekregen, ze zijn nu meer ontmoetingsplek en fan-trefpunt. De hele CE-retail is eigenlijk verandert, er zijn nog steeds hardware kanalen, waarin grote ketens als MediaMarkt de toon zetten, en de kleine specialist zich vooral op dat specialist zijn moet toeleggen, maar de rol van bijvoorbeeld telefoonwinkels is helemaal veranderd. Niet meer jagen op abonnementen, maar meer een aanraakplek voor de nieuwste modellen smartphones, en een fysiek contactpunt voor de providers, die steeds meer telefoonwinkels en ketens overnemen. De consument weet ondertussen wat ie wil, begrijpt wat sim-only betekent en zal vooral bij gebrek aan krediet te verleiden zijn tot de aanschaf van een duur abonnement met (bijna) gratis tostel, want wie legt nou 600 euro plus neer voor een iPhone, Gamebook of Blackberry? 

De providers hebben het ook steeds moeilijker, T-Mobile moet fors inkrimpen, KPN preekt paniek over onmatig datagebruik, maar het is vooral het knabbelen an leuke winstpakkers als internationaal dataverkeer waardoor men de pijn voelt van een afbrokkelende markt, die vaste lijnen steeds meer vergeet en de glasvezel alleen nog ziet als een combinatiemedium voor IP-net en Telefonie en TV. 

Er gloort hoop voor de providers, want met de NFC-functionaliteit (betalen door doorhalen) van de volgende generatie smartphones gaan we met het mobieltje betalen, en dan willen de providers wel leuk even meedoen met een klein percentje, ze zien de massale geldstromen van Visa etc. hun kant opkomen. De rol van de banken als digitale betalingsinstantie, in ons land door de Giro eigenlijk veel eerder dan elders gestandaardiseerd, wordt bedreigd door betaalsystemen, die zijn geïntegreerd met de samrtphone en zaken als credit-cards overbodig maken. DE vraag is of de providers dat aankunnen, qua veiligheid, qua image, qua techniek. De overwinsten die providers hebben weten te genereren door sms-tarieven, slimme trucjes als ellenlange spraak bij een bezette verbinding, extreem hoge tariven voor buitenlands verkeer, slechte toegankelijkheid bij klachten en problemen, het heeft veel kwaad bloed gezet. Men wantrouwt providers nog meer dan banken, dus er zal duidelijke aarzeling zijn bij de NGC-acceptatie voor betaalverkeer in de retail. De consument is wantrouwig, is goed geïnformeerd en “empowered” door zijn eerdere ervaringen en gaat niet zomaar mee met de nieuwste trucjes en techniekjes.  

Dat kan in andere landen misschien anders gaan, in de VS is betalen met papieren cheques nog gebruikelijk en dan is even doorhalen natuurlijk een stuk makkelijker. Hier, waar iedereen pint, is de winst in gemak maar beperkt, en moet worden afgewogen tegen het wantrouwen in een systeem, waar geen fysieke handeling meer bij nodig is. We hebben bij de OV-chip gezien dat de invoering toch veel tijd neemt, dat men het niet helemaal vertrouwt en er enige druk nodig is om de overgang te bewerkstelligen. 

De Meta-app 

De vlucht van de apps (downloadable applications) gaat maar door. Een ontwikkelaar die geen apps maakt voor iOS, Android, Windows Phone 7 of PalmOs telt niet meer mee. Voor de kleine verticale softwareontwikkelaar die jarenlang leuk kon draaien op zijn klantenkring en expertise in een bepaalde branche is dat een zorgelijke ontwikkeling. Hoe lang gaat het duren voor het houtzaagpakket, de koppeling tussen een productiemachine en de boekhouding die er in al die jaren met zoveel zorg is ingebracht, achterhaald wordt door een app op de iPhone van de mensen op de vloer? Hoe lang voor de scannertechnologie, nu geïntegreerd in het bedrijfsproces en de administratie, een functie wordt van zo’n klein zakwondertje dat die gegevens doorstuurt naar een externe administratie die dat allemaal online verwerkt? 

Apps overal is nu het devies en met de cloud en draadloze communicatie kan dat vrij letterlijk genomen worden. Je teksten, opdrachtbevestigingen, standaardcontracten en balans kunnen net zo goed ergens op een systeem in Verweggistan als om de hoek bij dat datacenter draaien. Weet de gebruiker veel, hij betaalt de rekening wel, ook al komt die niet meer van z’n vertrouwde computermannetje om de hoek. 

Nu zijn de meeste apps nog vrij triviaal, hip, multimediaal en erg ik-gericht. Het komt nog veel neer op het personaliseren van de toegang- en datastromen waar je toch al mee werkt, zoals je agenda, muziek, je foto’s, je favoriete contacten en sociale netwerken. Leuk allemaal en tijdbesparend maar niet al te ver verwijderd van het ‘normale’ gebruik van dergelijke resources, het gaat sneller, leuker, maar functioneel niet meer beter geautomatiseerde bekende functies. Als je kijkt naar de lijstjes van meest verkochte apps dan zitten die meestal in die hoek. Er zijn wat grappige apps die je wekker vervangen of leuke beeldschermgrapjes,  maar echt serieuze doorbraken qua gebruik van gegevens zijn er nauwelijks. Toch zit dat wel in de lucht want steeds meer sensors in de draagbare devices brengen nieuwe toepassingen mee, zoals de bewegingsensor of de locatie GPS sensor. Beeldherkenning via de camera(s) gaat ook steeds verder en met de NFC-chips waarmee directe communicatie op korte afstand mogelijk wordt, zullen dingen als betalen, scannen, contact maken en location based services weer gemakkelijker worden en komt er vast ook weer een hele nieuwe golf applicaties aan. Ook de koppeling van medische sensors (voor het meten van de hartslag, het bloedsuikerniveau of de bloeddruk) direct of via NFC of bluetooth opent een nieuwe horizon. De dokter op afstand is geen droom meer en verzekeraars gaan daar vast flink mee aan de slag want een besparing op de zorgkosten komt daarmee in beeld. 

De belofte ligt in de uitbreiding van de apps naar gebieden die nog vrijwel onaangeroerd zijn gebleven. Emotie, intiemere vormen van contact, de mogelijkheden via bijvoorbeeld sociale netwerken zijn nog relatief beperkt, maar er begint zich naast de vrij steriele communicatie naar soms duizenden Facebook vrienden of Twitter volgers ook een diepere en meer gevoelde vorm van digitale uitwisseling te ontwikkelen. We raken vertrouwd met het medium en net zoals telefoonseks nu toch voor velen een soort bevredigende manier van contact is geworden (Alexander Graham Bell zou dat vast hebben afgekeurd), gaan we nieuwe contactvormen zoeken en ontwikkelen binnen de bandbreedte die er is en die nog steeds groeiend is. Interactief (samen) dichten, Cybersex en cloud-dildonics zijn geen illusie meer en heel langzaam komen er ook psychologische apps, psychotherapie met een ‘echt’ mens of een met AI-verfijnd programma is inmiddels vrij ver ontwikkeld sinds Joseph Weizenbaumsbaum’s Eliza. Waar we ons ergeren aan de automatische telefoon-kies menu’s beginnen zich alternatieven te ontwikkelen en de virtuele account manager, die namens een bedrijf contact onderhoud via twitter, Facebook en email begint zich af te tekenen.  Maar draai dat eens om; ook individuen kunnen zich zo’n virtuele “persoon” aanmeten, die min of meer automatisch reageert. Denk aan een app, die schoonmoeders altijd direct en poeslief antwoordt en scant of er echt iets aan de hand is en “echt”contact nodig is. 

De meta-apps, applicaties die meer bieden dan de alfanumerieke en beeldgebonden behoeften die we al een paar decennia via de computer doen, beginnen zich af te tekenen. De “ervaring” of het emotiemoment, toch al het marketing verhaal van de afgelopen jaren, kan worden uitgebreid tot ver voorbij de 3D en HD megapixel technische kwaliteit. Het is de emotionele impact, die telt, en daar komt de kunst, maar ook de wetenschap te hulp, we weten nu heel wat meer over wat bijvoorbeeld een geluksgevoel veroorzaakt.  De aloude contactpatroontrucs, die Dale Carnegie al leerde en door deur-aan-deur verkopers soms zo effectief worden benut, worden nu deel van het digitale instrumentarium.  De overheid leert, soms met vallen en opstaan, om te gaan met media als twitter om in rampsituaties psychologisch juist te reageren, maar een app, die tips geeft om in een contactmoment de juiste spiegeling, mimicking en de juiste woorden te gebruiken is goed denkbaar.  Dit zijn allemaal technieken, die in de telemarketing wereld al lang als scenario’s en menu’s zijn ingevoerd, maar die nu omgekeerd de eindgebruiker gaan helpen zijn relaties adequaat te “bedienen”. 

De nieuwe generatie apps  bieden functies die inspelen op andere gebieden, andere behoeftes; dingen als kunst, voorstellingen, zelfs religieuze overdracht. Een voorbeeld zijn darshans en satsangs die door geestelijke leiders eerst via YouTube en steeds meer ook via sociale media of multiplayer omgevingen als Second Life worden gegeven. Vanaf een conferentie of vanuit hun plek ergens in hun retreat of in India kunnen ze zo toch de hele wereld bereiken. In zekere zin niets nieuws, videotelefonie en video-vergaderen kennen we al langer maar het krijgt door de gewenning aan deze communicatievorm en de verfijning die we in ons gedrag gaan aanbrengen krijgen ze nu pas emotioneel gewicht. De cyberpriester, biechtvader of psychiater komt er aan, maar ook mind-altering technologie als app is denkbaar, denk maar eens aan hoe brainmachines werken met licht en geluidspulsjes. Veel therapievormen zoals Tomatis geluidstherapie, Binaural en hypnotische suggestie lenen zich zeker voor toepassing via en met een smartphone. Het compenseren van gehoorstoringen, in het verlengde van de equalizer-functie die er nu al op MP3-spelers en smartphones zit, kan de luisterervaring verbeteren, maar ook helpen bij sociale gedragsstoornissen. Luistertherapie, suggestie en mantra-achtige subliminale boodschappen, technisch gezien vrij eenvoudig te realiseren, kunnen een nieuwe markt worden. Electronische drugs, ten tijde van de VR-mode twintig jaar geleden werd er veel over gepraat, zijn geen illusie, zoals iedere bezoeker van een dance-festival ondertussen wel weet. Het zijn de DJ’s, die daar door werken met beat-frequenties, mengen en mixen de stemming kunnen bepalen en veranderen. Dat kan ook via je mobiele zakhulp als een app, die qua customizing nog veel verder kan gaan en met muziek en andere effecten je stemming kan (helpen) veranderen. Feedback van de gebruiker via sensors kan dat proces nog indringender maken en als we denken aan actuators (devices die kunnen bewegen, trillen, warm worden etc.) dan opent zich een heel interessant perspectief. 

Het steeds persoonlijker maken van de apps, steeds meer inspelen op de behoeftes van het moment,  steeds meer de kwaliteiten van de plek, de tijd en de gebruiker een rol laten spelen, steeds meer terugkoppelen is geen visioen, maar een duidelijke richting. Dat daarbij de echte meta-app, de app die alle andere in de schaduw zal stellen, misschien nog ver weg is, is niet erg. Ook het ultieme muziekstuk zullen we misschien nooit horen, maar de artiest zal proberen het steeds beter te benaderen. 

Emoties, creativiteit en kunst, maar ook verdieping van de ervaring zijn dus de nieuwe uitdaging aan de app-ontwikkelaars. Niet meer de harde feiten, de links en de zakelijke uitwisseling maar meer inspelen op een emotionele uitwisseling. In die zin is natuurlijk de kunst altijd het voertuig geweest en als er een richting is voor de App van 2012 en verder is dat het verdiepen van de gebruikservaring.  Dat is misschien meer kunst dan kunde, de artistieke dimensie in apps begint door te breken! 

Kunst en de app, een mooi thema voor een conferentie van ICT~Office of minister Verhagen, om eens echt mee vooruit te lopen. 

Virtuele legers, economie 

Alles word virtueel, ook legers gaan virtueel vechten via op afstand bestuurde wapens, vliegtuigen en robots. Virtueel geld, hoewel de virtuele munt Bitcoin ook weer niet blijkt te kloppen, maar ook cyberverzekeringen blijken nodig en handel. 

De gameification of war is niet alleen een angstig toekomstbeeld, het is realiteit en is dat een wonder, als vrijwel alle andere activiteiten op en rond computers en in cyberspace draaien. We virtualiseren en terrorisme, oorlog is een kwestie van hacken en kraken aan het worden. Amerika beschuldigt China van het plaatsen van cyberbommen in belangrijke systemen, die naar wens tot actie kunnen worden geroepen, Amerika ziet dit dan weer als oorlogsacties. Voor de consument en ICT-sector is veiligheid steeds meer een kernpunt, er worden steeds vaker wachtwoorden gestolen, sites en systemen gekraakt, emails vertrouwen is waanzin aan het worden, steeds meer encryptie is nodig, maar ook wordt beveiliging steeds meer de hoofdmoot van ICT-bestedingen.  

Angstig allemaal, terwijl we ondertussen de beurzen zien wegzakken, Griekenlands redding nog niet rond is, en de wereldeconomie weer wegzakt. 

Betalingsverkeer: de Achillespees van internet 

We zijn er aan gewend geraakt, electronische betalen, met creditcard, via Paypal, door thuisbankieren of Ideal. Een aantal grote hacks de laatste maanden, zoals van het Sony Playstation en de Citigroup maken echter duidelijk, dat hier qua beveiliging nog geregeld grote gaten in vallen en dat de strijd tegen de hackers nog steeds niet is gestreden. 

Dat hacktivisten om politieke redenen ook banken en betaalsystemen bedreigen is maar één kant van de zaak, het grootste gevaar komt van criminelen en criminele organisaties die welbewust de virtuele centjes willen stelen en omzetten in harde munt elders. Ook loert nog het gevaar, dat regeringen of regeringsinstanties ook gaan rommelen in de betalingssystemen of dat als deel van een openlijke of geheime oorlog gaan gebruiken. Het is volstrekt duidelijk, dat ernstige aantasting van het betalingsverkeer zeker de Westerse economiën in vrij korte tijd op de knieën kan krijgen. 

Verborgen 

Dat er al veel langer geprobeerd wordt gaten in het systeem te vinden en dat men daar ook vrij vaak in geslaagd is, maken zeker de banken niet graag bekend, ze proberen dergelijk nieuws intern te houden, vergoeden vaak de benadeelden zonder veel commentaar, en doen er het liefst het zwijgen toe. 

Zwijgen 

Toen in mei bij de Citbank ten gevolge van een cyberaanval de gegevens van 210.000 creditcard-bezitters waren gestolen, duurde het bijna een maand voordat men naar buiten kwam met het nieuws. Sony was wat eerlijker, maar dat ging om nog grotere aantallen gegevens van gamers, die echter anders dan bij de City-bank niet direct bruikbaar waren voor frauduleus misbruik. Het dichtplakken van de gaten door Sony bleek echter weken te kosten, terwijl tegelijk de hackers koortsachtig bezig waren nieuwe bressen te slaan en daar ook in zijn geslaagd. Dat geeft te denken, want zijn bijvoorbeeld organisaties als Amazon, Paypal, de banken, de telefoonmaatschappijen  wel in staat om zich te beschermen, zowel preventief door goede bescherming, encryptie, als achteraf om de gaten te dichten en de schade adequaat te regelen. 

Dat grote instellingen hun mond houden over inbreuken is een kwestie van afwegen, zijn ze bereid de schade intern te dragen, dan is dat hun beslissing, al zouden ze wel de politie moeten inseinen. Een meldingsplicht voor cyberhacks is onderdeel van het beleid, ook in ons land. Maar is de overheid zelf daarin wel te vertrouwen. Op basis van een aantal vreemde fouten verdenk ik de belastingdienst er van, dat ergens in 2010 iets behoorlijk fout is gegaan en men moest teruggrijpen op oude en feitelijk verouderde files, maar daarover is naar buiten toe nooit iets over losgelaten. De overheid is overigens helemaal niet duidelijk over wat ze weten en bewaren, zo ontbreekt de vastlegging van de AOW-betalingen door particulieren in de vorige eeuw, men kan dus nooit een pensioensysteem op basis van gewerkte jaren invoeren.  

Basisrecht 

Hoewel het in sommige landen niet zo wordt gezien, wil de Verenigde Naties nu toch internet-aansluiting gaan zien als een grondrecht. Het afsluiten van iemand van het internet, zoals door Frankrijk en Engeland gebeurt bij overtreding van auteursrechtwetten, is dan een aantatsing avn de mensenrechten. Ook roept de UN op niet bij politieke onrust tot afsluiten van internet over te gaan, bericht Wired. Dit soort berichten lijkt heel positief, maar de VN is een vrij krachteloze organisatie als het gaat om het afdwingen van dit soort zaken. Amerika met name heeft juist gesteld dat ze tegen cyber-aanvallen alle middelen zullen inzetten, die ze ook in oorlogen kunnen gebruiken, en dan is het afsluiten, filteren en anderszins manipuleren van internet toegang al een heel gemakkelijke stap. Pas als er harde VN-resoluties komen, er heldere toevoegingen komen inde universele verklaring van de Rechten van de Mens krijgt zoiets rechtskracht en kan er worden opgetreden.  

Beurs-paniek of manisch optimisme 

Temidden van een brede terugval van de beurs besluit het nu 2,5 jaar oude bonuskortingsite Groupon toch tot een IPO en hoopt iets van 20 miljard waard te worden en 750 miljoen in kas te krijgen, en dat past in wat men in de VS de IPO-mania noemt, een race om blijkbaar nog snel voor de bui binnen te zijn. LinkedIn ging voor, en dat lukte wonderwel, en nu spreekt men over de herleving van de 1999 Internet-bubble van 1999. Even snel binnenlopen met bedrijven, die eigenlijk alleen maar verlies hebben gedraaid, en dan hopen dat het goed gaat. Groupon zette vorig jaar  $713.3 miljon om, maar het eerste kwartaal van dit jaar groeide men al naar $644.7 miljoen, fenomenale groei dus. Men zegt deals te hebben 57,000 meest lokale ondernemers. 

Mijn persoonlijke ervaring met groupon is ook allesbehalve positief, ze willen dat je kortingen van 50% of meer geeft, krijgen daar dan weer 50% van, dus wie wil echt klanten trekken voor 25% van de normale prijs? Men krijgt de neiging, zeker wanneer het onm kortdurende events en acties gata, de prijs eerst maar wat op te hogen, anders verdien je helemaal niks. Het is een heel gedoe, veel werk om de juiste tekst en referenties op de eigen site zo op te tuigen, dat die eenmalige korting geen standaard wordt of andere klanten gaan klagen, Groupon is voor mij geen zinvolle manier om dingen te promoten, dus tenminste 1 van die 57000 klanten is niet tevreden. Ook acht ik de waarde van 20 miljard, gedeeld door 57.000 klanten = 350.000 waarde per intermediaire klant, tamelijk absurd. 

Deze (te) snelle beursgang is eigenlijk geen goed nieuws, want IPO’s  in een in den brede onzekere en zakkende markt, dat is paniekgedrag en geeft aan dat men weinig vertrouwen heeft in de lange termijn. De wereldeconomie merkt nu pas goed, dat we een crisis hadden en hebben, de Europese Euro-ellende is echt niet van vandaag of gisteren, maar broeit al langer en wordt nu alleen manifester. 

Droogte 

In ons natte kikkerlandje is droogte vrij plotseling een echt zorgpunt, niet alleen de boeren maar ook de media springen er op in en zelfs de politiek neemt droogte nu serieus. Terecht, want water is klimaattechnisch een veel dringender kwestie van CO2. Zonder regen komt er honger, van teveel regen wordt ook niemand blij. 

Klimaat neutraal bouwen en ondernemen zou dus moeten beginnen met watertechnisch conserveren en dat doen we helemaal niet, we asfalteren, bouwen en laten hemelwater liefst zo snel mogelijk weer de zee invloeien. Dom, want over heel Europa gerekend is maar 30% van de regen afkomstig uit zee-verdamping, 70% is secondaire verdamping, uw grasveldje verdampt zo’n 60% of meer van de regen die er op valt weer terug, en dat wordt dan meestal weer regen ergens meer naar het Oosten. Er wordt wel gesteld dat 1 hectare verstenen hier 2 hectare verdroging elders betekent. Als we op Europese schaal niet alleen CO2 neutraal, maar waterneutraal zouden rekenen, dan zijn wij hier enorme verkwisters en zouden we voor ieder groot bouwproject of rijkswegverdubbeling miljarden moeten storten in een waterfonds (dat er –nog- niet is). Voor een stad als Amsterdam zijn daarom parken, watervlakken, maar ook grasdaken en daktuinen watertechnisch in echte termen steun voor de boeren (en de mensen en dieren) tot in Wit-Rusland en verder. Welke politieke partij neemt de waterschuld op zich of laten we dat aan onze kroonprins over en doen we lekker niks? 

ICT-economie en huizen 

De laatste maanden zijn het naast de Europese problemen met torenhoge schulden van verschillende landen ook de structurele problemen met de huizenmarkt die weer opspelen en de beurs en grondstoffenmarkten neer- en soms opjagen. Het zijn niet zozeer conjuncturele als wel structurele problemen, die soms op verrassend snelle wijze, en daar is de wereldwijde transparantie door internet mede een factor, tot de paniek van de dag bijdragen.  Een paniek, die zich vaak vertaald in aarzeling bij de consument om toch maar een nieuwe x,y,z aan te schaffen. Besparen op eten, de borrel of de kroeg is niet echt aan de orde, maar die nieuwe PC, dat stelt men dan weer wat uit. 

Het consumentenvertrouwen blijkt ook een bepalende factor en daarbij spelen naast toevallige factoren, onrust , oorlogen en rampen ook de situatie op de huizenmarkt mee. In de VS, waar de samenleving wat minder tolerant en sociaal is, wordt dat steeds duidelijker. Daar zijn de huizen, als we de Zillow Home Value Index volgen, dramatische goedkoper geworden. De ZHV index gaf op 1 juni 2006 een prijs van $241.000 aan en op 1 maart 2011 bedroeg die prijs nog maar $170.000, dat is 70% van de waarde 5 jaar eerder, of nog erger de huizen moeten 42% in waarde stijgen om weer dat niveau te bereiken. Er waren periodes met een licht herstel, zoals eind 2010, maar het afgelopen jaar daalde de prijs toch nog met 8%. Steed meer huiseigenaren zitten dus onder water, hun huis is minder waard dan de hypotheek. Dat is niet de enige factor in de economie, maar de waarde en vooral de overwaarde van huizen was de afgelopen decennia wel de basis voor veel bestedingen, in auto’s, vakanties, computers, meubels. Ook spaarde men veel minder of belegde voor pensioenopbouw, want het huis gaf toch zekerheid. De huizenprijs zakte echter in, verkopen is moeilijk en alleen tegen lage prijzen, het aantal gedwongen verkopen nam dramatisch toe en de banken worden steeds meer aarzelend om hypotheken te vertrekken. De financiële crisis begon met de handel in junkhypotheken, die tot speculatieobject werden en uiteindelijk de kredietwaardigheid van zelfs de grootste banken aantastte. Zelfs bij een extreem lage hypotheekrente (in de VS nu 3,7% ook voor langlopende hypotheken) blijft de huizenmarkt op slot. Voeg daarbij dat de beperking van immigratie, het aarzelen bij kinderen krijgen en een algemene voorzichtigheid bij het investeren de huizenvraag ook niet helpen. Het aantal nieuwe huishoudens in de VS is ook 70% gedaald, en alle signalen staan dus op rood. 

In ons land is de situatie eigenlijk niet veel beter, de hypotheekrente-aftrek heeft de prijzen kunstmatig omhoog gejaagd, en onzekerheid op dat gebied heeft de huizenmarkt geen goed gedaan. Dat in feite door de forfait-aanpassingen van Bos de duurdere huizenmark helemaal onderuit is gegaan, werd met name door de politiek en de media eigenlijk niet goed opgepakt. Huizen in de 1,5 tot 3 miljoen en meer klasse zijn bijna onverkoopbaar, omdat geleidelijk het huurwaardeforfait boven het miljoen WOZ-waarde naar 2,35% gaat, en het hypotheekrentevoordeel daarmee vrijwel geheel verdwijnt in die prijsklasse. Die WOZ waardering is ondertussen een aanfluiting geworden, de echte waardedaling van tientallen procenten wordt door leuk samenspel tussen makelaars/taxateurs en gemeenten onder de tafel gepoetst. dat in combinatie met de box 3 belastingsystematiek is een wurggreep voor dure huizen, en zal leiden tot grote belastingvlucht, zeker als het “grote (st)erven” van de babyboomers gaat doortikken.  Successie betalen over een te hoge WOZ-waarde voor onverkoopbare panden leidt tot executies (die slim niet meetellen in de WOZ-waardering)  en verder wegzakken van de huizenmarkt. Dat effect sijpelt door naar goedkopere huizen, wel getemperd, maar structureel hebben we toch te veel huizen, zeker in de provincie en leegstand maakt de zaak niet beter. 

Dit alles gaat zich ook vertalen in bestedingen, de consument gaat verder bezuinigen, bedrijven gaan de druk voelen, de investeringen gaan teruglopen. Dat geldt ook in de ICT, nog steeds de motor van de innovatie en productiviteits-stijging, maar de ROI begint terug te lopen. Veel is al geautomatiseerd, de overheid stumpert wat af en grote infrastructurele stappen, zoals ftth (glasvezel) blijken niet echt rendabel. Verder is er voor wat betreft klassieke desktop automatisering sprake van verzadiging, zeker op softwaregebied, men vindt het wel mooi zo. De overstap van een compleet desktop systeem met router, printer, opslag etc. van zo’n 1500 euro naar een meenemer van 400 betekent zeker niet meer omzet voor de ICT-branche. De gelden die nu nog naar software gaan, vloeien in de cloud-aanpak naar SaaS en diensten-provider, waar de nationale partijen op z’n best een partje van krijgen, de bulk gaat over de grens naar Apple, Google, Amazon etc. 

Er is natuurlijk aan de innovatieve kant van de ICT nog van alles te doen, apps hebben de toekomst, tablets bieden nieuwe perspectieven, maar de 30% Apple-salestax (boven wat de overheid nog wil hebben van die omzet de komend tijd) is natuurlijk geen vetpot. Voeg daarbij de trend naar offshoring of verplaatsing van diensten naar goedkoper werkende regio’s en het ziet er ook voor de ICT niet echt goed uit op termijn. We zullen wat tussenhandel zien, fysieke logistiek en transmissiediensten, maar de tijd van de Asters (weet u nog!), Tulips of zelfs Philips computers is voorbij, TomTom mag nog wat in China gemaakte navigators verkopen, maar we zijn klant aan het worden op de wereldmarkt, geen producent of ontwikkelaar meer. 

Nu kunnen we dat de overheid verwijten, of Europa, of de expansiedrift van het Amerikaanse bedrijfsleven, maar ik vrees dat we daar niet verder mee komen. We zullen, zoals iedere grote organisatie die tegen structurele ontwikkelingen van deze omvang aanloopt, ons moeten bezinnen op onze core-business en core-competenties. Dat niet meer in termen van chips, bollen, groenten, lampen of fietsen, maar van behoeften in onze eigen en de wereldmarkt. Plezier, entertainment, geluk, medische zorg, pensionado-voorzieningen, informatie, schone lucht, schoon water, veiligheid, maar vooral vrijheid zijn de handelsgoederen waar het echt om draait.  Ik pleit niet voor een minister van geluk of plezier, maar wat meer aandacht voor de relaties tussen informatica en welzijn zou op z’n plaats zijn. De game-industrie is de film-industrie al aan het verdringen, maar moeten we niet verder kijken en zijn bijvoorbeeld ouderenzorg, domotica en opvoeding geen betere speerpunten dan dat domme geleuter over meer van hetzelfde in de ICT. 

Gaming 

Nederlanders besteden zeventig procent meer tijd aan games. Gaming of spelletjes spelen op de computer, de PlayStation, Wii of Xbox, maar ook op de mobiele smartphones, iPad’s en dergelijk meeneemspul neemt fors toe. 

Dat is leuk, en voor sommigen goede handel, maar ook een heel snelle handel, het topspel van vandaag is morgen al oud, gekraakt of de leverancier liet z’n site even slippen zoals Sony overkwam. Wie wil weten hoe snel, een bezoek aan de oude games bak bij MediaMarkt zegt voldoende. 

Volgens een recent onderzoek van het niet helemaal onafhankelijke Newzoo besteden we 70% meer tijd aan gamen dan voorheen, nu gemiddeld 4,5 uur per week en doen iets minder TV en radio. Dat komt mede omdat er meer mobiele apparaten zijn, maar ook omdat we op sociale netwerken als Facebook vooral gamen, alleen of tegen en met anderen.  Dat is wereldwijd een trend, maar ook in ons land komt men met dergelijke toch wel verrassende cijfers. Voor een stad als Amsterdam, waar nogal wat game-designers werken en we ook wereldwijd beginnen mee te tellen, is dat goed nieuws. Want games vragen werk, net als de filmindustrie die men aan het voorbijstreven is, is het een industrie aan het worden. Er stromen hordes studenten van de opleidingen voor game design, interaction design etc. en die zoeken ook werk, dus meer gamen is meer business. Gamen is overal, roepen de experts zoals Jesse Schell en het begrip game-ification geeft aan dat het spel en interactieve competitie-element, vaak in de vorm van bonussen of punten, langzaam overal in doordringt.  Ik wacht op de publieke game-consoles in het Vondelpark, vroeger schaakten of damden we, nu doen we massive multiplayer games overal en altijd. 

De laatste weken is er natuurlijk weer veel te doen geweest over het gevaar van al dat spelen, waarbij vaak online persoonlijke gegevens worden gevraagd, om te spelen of om spellen te kopen. Sony heeft een lelijke buil opgelopen doordat miljoenen accounts van spelers in gevaar kwamen, maar ook het feit, dat Facebook door de politie, CIA c.s. wordt gebruikt voor speurwerk is tekenend. 

Er is steeds meer zorg over privacy en veiligheid en wat gebeurt er met al die informatie, wie heeft en daar toegang toe. Games zijn zeker niet altijd onschuldig, ze planten beelden van agressie en geweld in ons onderbewustzijn en de techniek wordt al gebruikt voor echte oorlogvoering. In Libie  en Afghanistan wordt al gebruik gemaakt van onbemande vliegtuigen, die op afstand door een “soldaat/gamer” bediend worden en al lang niet meer alleen maar verkenningswerk doen.  Op dezelfde manier kun je tanks en onderzeeërs bedienen, een leger kan binnenkort alleen maar bestaan uit op afstand bediende wapens, de soldaten zitten comfortabel in een bunker ver weg. 

Ondertussen is het ook voor de retail steeds minder interessant om een assortiment games aan te bieden, er zijn wat gespecialiseerde distributeurs die ook wel leuke deals aanbieden, maar je moet vrij diep gaan om de echte spelers te bereiken, die dan ook wel interesse hebben in de snelste en vooral overklokbare hardware, maar het is een niche-markt. Verder is er behoorlijk wat gratis spelsoftware en zijn er voor games ook andere verdienmodellen ontwikkeld, zoals de verkoop van game-punten en tools via virtueel geld, waar de tussenhandel ook buiten staat. 

Nationaal Gaming Onderzoek 2011 

De resultaten van het Nationaal Gaming Onderzoek 2011, uitgevoerd door Newzoo en ondersteund door Zylom, illustreren hoe de gamingmarkt aan het veranderen is en laten de opmars van het spelen van games als tijdbesteding zien. Een Nederlandse consument besteedt gemiddeld zeventig procent meer tijd aan het spelen dan games dan twee jaar geleden. In 2009 spendeerden Nederlanders 2,9 uur per week en in 2011 4,5 uur per week. 

Gaming is populair en ook op mobiele devices neemt het spelen toe, ook door de social networks zoals Facebook waar gamen een van de meestgebruikte toepassingen is. De stijging is met name te danken aan de explosieve groei in het spelen van games op mobiele telefoons, tablets en sociale netwerken zoals Hyves en Facebook. Gezamenlijk zijn deze nieuwe game-platforms in Nederland al verantwoordelijk voor bijna een kwart van de totale gamingtijd. Het totaal aantal gamers is met 8,5 miljoen de afgelopen jaren ongeveer gelijk gebleven. Dat is overigens een aantal waar we (red) wel wat vraagtekens bij kunnen zetten, want dan telt men de toevallige patience-speler ook mee, het aantal echte game-fanaten is veel geringer. 

Games versus media 

Nederlanders zijn volgens het onderzoek hun tijdbesteding anders gaan indelen. Zo zijn zij negen procent minder televisie gaan kijken en twaalf procent minder naar radio gaan luisteren ten opzichte van 2009. De grootste daling zien we bij het lezen van kranten en tijdschriften met maar liefst 33 procent tot 1,8 uur per Nederlander per week. We zijn dan wel weer actiever op het internet met een stijging van tien procent. 

Van de tien uur per week die we gemiddeld op internet zijn, besteden we twintig procent aan het spelen van online games.Het spelen op de casual gaming website Zylom.nl is daarbij het meest populair met 66 procent van alle casual gamers (vijf miljoen in totaal). Binnen de doelgroep vrouwen alleen, geeft tachtig procent aan het liefst op Zylom te spelen. Overigens een accent dat wel aangeeft dat dit onderzoek wat eenzijdig is. 

Geld uitgeven 

De meeste mobiele en online games zijn gratis te spelen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat “zuinige” Nederlanders hier het meeste gebruik van maken. Het percentage Nederlanders dat betaalt voor games is daardoor gedaald naar 39 procent van alle gamers, ofwel iets meer dan drie miljoen mensen. Vergeleken met de andere negen landen waar Newzoo het onderzoek heeft uitgevoerd, scoren we hier het laagste in. We geven aan console games nog steeds het meeste geld uit, al is dat dit jaar voor het eerst minder dan de helft van de totale uitgaven aan games. 

Nieuwe markten 

Dit jaar zijn ook Brazilië, Rusland en Mexico in het onderzoek onder de loep genomen, met respectievelijk 35, 38 en 16 miljoen gamers. Traditioneel werd in die landen veel games gespeeld en niets uitgegeven c.q. betaald. Dat is nu veranderd. De mogelijkheid om gratis te starten en in kleine beetjes te betalen zoals met mobiele en online games, slaat daar enorm aan. Nu dat de grootte van deze markten, in geld uitgedrukt, vergelijkbaar is met grote Europese landen, verleggen veel gamebedrijven hun aandacht naar deze landen. 

Games vooruit? 

Toch vrees ik, dat veel gamen niet meer is dan tijdverdrijf en een manier om de zinloosheid van veel van die sociale netwerken te ontlopen. Want het spijt me, maar de gemiddelde tweet, ping, chat of Facebook pagina is net als de sms van een paar jaar geleden bepaald geen hoogstandje of intellectuele stimulans, het is tijd doden en dus gaan we maar wat gamen, dat is wat spannender. Dat we daarmee een slaaf van die moderne media worden, net als van de TV, dat valt niemand op. Je kunt nu al de executie van Bin Laden naspelen, dat is toch supervet! Ik vrees dus, dat de toename in gamen ook een afname in verbondenheid met zich brengt, met minder “echte” contacten en minder menselijkheid. Verslaving aan een beeldscherm en wat daar wordt aangeboden wordt steeds meer een probleem, bij de opvoeding en later, en dat is moeilijk tegen te houden, parental control klinkt leuk, maar de meeste kids zijn heel wat meer thuis op PC of internet dan hun ouders en laten zich echt niet weghouden van wat ze willen zien of spelen. 

Toch vrees ik, dat veel gamen niet meer is dan tijdverdrijf en een manier om de zinloosheid van veel van die sociale netwerken te ontlopen. Want het spijt me, maar de gemiddelde tweet, ping, chat of Facebook pagina is net als de sms van een paar jaar geleden bepaald geen hoogstandje of intellectuele stimulans, het is tijd doden en dus gaan we maar wat gamen, dat is wat spannender. Dat we daarmee een slaaf van die moderne media worden, net als van de TV, dat valt niemand op. Je kunt nu al de executie van Bin Laden naspelen, dat is toch supervet! Ik vrees dus, dat de toename in gamen ook een afname in verbondenheid met zich brengt, met minder “echte” contacten en minder menselijkheid. Spelen is, Huizinga stelde het al, een zeer menselijke en nodige activiteit, spelen is leren, ontdekken en groeien, maar dienen de computergames dat doel wel of worden de kids er alleen maar vingervlug en ADHD van? 

L.S. 



Over Zylom by RealGames 

Zylom ziet zichzelf als de Europese marktleider op het gebied van casual games. Deze games worden ook in Latijns-Amerika en Azië aangeboden. Ze zijn casual van opzet, wat betekent dat ze relatief snel te spelen zijn. Zylom biedt meer dan 200 gratis online spelletjes aan, waaronder actie- & restaurantgames en Mahjong. Bovendien distibueert de gamingaanbieder ruim 500 downloadbare spellen, zoals Zoek-en-Vind, 3-op-een-rij en actiegames, die gratis te proberen zijn en daarna gekocht kunnen worden. Houders van een FunPass kunnen alle downloadspellen onbeperkt spelen. Zylom is tevens producent van casual games: de inhouse gamestudio ontwikkelde populaire spellen zoals Campfire Legends - The Hookman, Heart’s Medicine en de Delicious-serie. Maandelijks spelen ruim 20 miljoen mensen in Europa - van wie het merendeel vrouwen in de leeftijdscategorie 20 tot 49 jaar - op zylom.com. Zylom is onderdeel van het Amerikaanse RealGames. 

Innovatie en ICT op één hoop 

Meer aandacht voor ICT wil de tweede kamer, maar hoe dan? Implementatie of Innovatie, en als dat voordeel oplevert, waarom is er dan steun nodig? De denkfout, die het parlement en de regering maakt is dat ze ICT en innovatie als een aandachtsgebied gaan zien, als er maar een computer aan te pas komt dan is het toch nieuwe, beter, sneller, goedkoper. 

Dat is ongeveer hetzelfde als beweren dat de essentiele voorwaarde voor innovatie de beschikbaarheid van pennen en papier is of dat bij 92% van vernieuwende inzichten pen en papier een rol spelen, vaak in vreemde situaties zoals in restaurants en dan zou de subsidie van bierviltjes misschien wel verstandig zijn(!). ICT innovatie en ICT implementatie zijn twee verschillende dingen, daar komt nog onderhoud bij, en tegenwoordig beveiliging van systemen en data. 

Wanneer men dan spreekt over stimulering van ICT, wat bedoelt men dan? Meer overheidsgeld naar achterstallig onderhoud, maatregelen om sectoren met slimme lobbyisten wat toe te schuiven, generieke belastingregelingen zoals snellere afschrijvingen, first user aankopen om ontwikkelingen te stimuleren, innovatiesteun, het aantal mogelijkheden is groot, de effectiviteit altijd moeilijk aantoonbaar. 

De toekomst voor Windows Phone-toestellen 

Gaat het lukken om met vereende krachten toch nog Windows Phone in de markt te houden tegenover Apple en met vooral steeds meer steun voor Google’s Android. Aan geld zal het niet ontbreken, Microsoft heeft genoeg in kas, maar wil de markt nog wel, want een paar grote partijen in de markt zoals HP (met Palm) en RIM(Blackberry) varen hun eigen koers en ook concurrenten van Nokia zoals HTC en de Taiwanese mobieltjesmakers, tabletbouwers en niet te vergeten de Koreanen, Samsung voorop, zullen door de nu definitieve Nokia-Microsoft as minder geneigd zijn nog serieus naar Windows Phone te kijken. 

Nokia maakte met de deal een noodsprong, want de Finse fabrikant van mobiele telefoons verliest in rap tempo marktaandeel. Nokia had een jaar geleden nog een marktaandeel van 41%, dit was in januari nog maar 31% en inmiddels nog maar 26%. Men heeft Symbian zelfs maar uitbesteed, zo graag wil men op de Microsoft kar meerijden. Maar rijdt die kar wel, de definitieve versie die met iOS moet concurreren is te laat, pas na de zomer gaat men daarmee echt de winkel in. Nu krijgt Nokia naar zeggen miljarden van Microsoft om maar WP7 toestellen in de markt te zetten (maar gaat bij verkoop wel weer royalties terugbetalen) en via deals met de operators zou dat moeten lukken, maar er zijn productieproblemen, het wordt overigens voor meer bedrijven een spannende tijd, vanwege leveringsproblemen van componenten door de ramp in Japan. De grote vraag is of men klaar zal zijn voor het Kerstseizoen met wat aantrekkelijke produkten, zowel in de smartphone als tabletsfeer. 

Ondertussen is ook de core-business van Microsoft niet helemaal op koers, want zowel Apple’s iOS als Linux groeien sneller dan Windows, zegt Gartner. De hele OS business groeide in 2010 met 7,8% tot 30,4 miljard dollar, waarvan Microsoft 78,6% in handen heeft. Maar Linux en Mac’s doen het niet gek en groeien sneller dan de markt, vooral in de server- en client-markt, de Mac als client is nu goed voor 520 miljoen$ in OS-sales, en groeide 15,8%, tegenover Microsoft’s 9,2% in dat segment. 

Paul Allen 

In de biografie Idea Man: A Memoir by the Cofounder of Microsoft  van Microsoft mede-oprichter Paul Gardner Allen (1953) zet hij zich nogal af tegen Bil Gates, en lijkt het meer op het verhaal van het verongelijkte jongetjes dan het succesverhaal van toch een van de rijkste mannen terwereld, met iets van 14 miljard vermogen.  Op de middelbare school leerde hij de twee jaar jongere Bill Gates kennen. Beiden waren al snel computerfreak. Hij stopte na twee jaar met zijn studie aan de universiteit in Washigton State, om software voor personal computers te gaan schrijven. Jeugdvriend Bill volgde hem en ze richtten in 1975 Microsoft op, dat Paul na wat ongenoegen met Gates in 82 verliet, naar hij beschrijft omdat Ballmer en Gates achter z’n rug bezig waren hem eruit te werken. Hij heeft een anatal keren kanker gekregen, dat ook overwonnen, maar dat kostte hem veel energie en tijd, ook al toen hij nog bij Microsoft was. 

Paul Allen zorgde voor een deal waarbij Microsoft voor 50.000 dollar Q-DOS kon kopen, dat later als MS-DOS als besturingssysteem op de PC’s van IBM kwam en daarmee CP/M van Digital Research eigenlijk versloeg.  Dat was het begin van de Microsoft succes-story. 

Wat ontbreekt in de meeste beschrijvingen van Paul Allen, maar wel doorschijnt in de biografie, is z’n ambitie. Hij zocht overal naar nieuwe wondertechnieken, heeft daarin ook veel bijgedragen, maar deed dat op een wat slinkse manier. Ik herinner me hoe halverwege de negentiger jaren alle techneuten en uitvinders van enig formaat in California plotseling onbereikbaar werden, omdat ze werkten voor Interval Reserach Corp, een technologie thinktank die Allen samen met David Liddle (Digital) had opgezte in 92. Bijna angstig viel de normaal geanimeerde speculatie over uitvindingen en nieuwe technieken in Silicon Valley, waar ik veel kwam, bijna stil. Oude vrienden uit de begintijd van de computer, die ik daarvoor vaak had gesproken en interviews mee had gedaan, wilden niet meer over hun werk praten, want Interval deed en was erg geheimzinnig. Uiteindelijk kwamne er wel zo’n 300 octrooien uit het project, maar geen echt grote doorbraken en in 2000 stopte men met ermee. Dat project blijft echter in mijn herinnering als een wat ondergronds en particulier wetenschapsproject waarvan ik de diepere doeleinden wantrouwde. De recente biografie van Paul Allen geeft daar weer wat voeding aan, het was en is een gefrustreerde man, die z’n gelijk wil halen en kostte wat kost z’n stempel wil achterlaten. Mijn vraag is of dat weer iets met z’n herhaalde kanker-problemen te maken heeft. 

W8 

Wie kan het nog bijhouden, IE9 is nog maar nauwelijks beschikbaar of men praat alweer over IE10 (er is al een download) en de snelle (blijkbaar voortijdig uitgelekte) komst van W8 is een soort kannibaliseren van de W7 acceptatieslag, de XP migratieslag is nog niet gewonnen. De uitgelekte versie van Windows 8 is nog niet rijp, maar het geeft wel extra onrust. Maar blijkbaar heeft men haast, voor de zomer nog even scoren. Office 365 is er nu en moet vooral abonneegelden gaan binnenbrengen en Google Apps op afstand houden en tijdens de MIX conferentie presenteerde Microsoft IE10 en Mango, de nieuwe versie van Windows Phone 7. Maar die is laat, en de grote boys zoals HP gaan hun eigen weg, zou Nokia dan de redder zijn dit najaar met Windows 7 Mango tablets? Microsoft verloor de slag om de mobieltjes, kan niet mee met de smartphones en is nu te laat voor de tablets. De managers die door hun personeel tot tablet-implementatie in de organisatie gedwongen worden kunnen alleen Apple (iOS) en Google (Android) kiezen, overigens iets waar ook RIM zich een buil aan begint te vallen. Maar de druk van de werkvloer, de salesforce, de vertegenwoordigers en buitendienstmensen, maar ook van de thuiswerkers is onmiskenbaar, waarom kan ik m’n iPad niet gewoon gebruiken om ook m’n werk te doen? Grappig dat Apple nu toch via de tuintafel een echte bedreiging voor Microsoft gaat worden, met de steun van Google die steeds meer diensten voor mobiele ICT weet te ontwikkelen.  

Het Pad-pad 

Ondertussen is door de enorme opgang van de mobiele devices de belangstelling en ook de verkoop van desktop-systemen gestabiliseerd of zelfs over de top heen. Men kiest voor smartphones en pads en zeker de iPad (1 en 2) hebben de gebruikers bewust gemaakt van een alternatief voor een Windows laptop. 

Het begint erop te lijken, dat Ballmer persoonlijk en Microsoft als bedrijf in de verdediging is gedwongen en niet beter weet dan de oude update/release motor nog een tandje hoger te schakelen. Of dat verstandig is, valt te betwijfelen, de kaarten vallen de laatste tijd niet echt uit in het voordeel van Microsoft en de “oude” methodes om omzet en marktmacht te genereren zijn misschien aan herziening toe. 

Ballmer is nog niet weg en kan misschien niet weg, z’n kroonprinsen werken voor nu voor anderen zoals Elop. Hij bevindt zich met zijn bedrijf wel in een zeer lastige positie waarin het moeilijk om kan gaan met de paradigma-verschuivingen die de technologische industrie de laatste jaren raken, de horizontale touch-schermen voorop en de open source aanpak als donderwolken boven het bedrijf. Maar men stoomt maar door, in dezelfde richting en die loopt steeds meer door. Microsoft is al druk bezig met Windows 8, terwijl de gebruikers - zeker in de zakelijke sfeer - nog worstelen met de overstap (het migratiepad) van XP naar Windows 7. Vista kunnen we helemaal vergeten, maar de haast, die Microsoft blijkbaar wil maken met weer een nieuwe versie van Windows maakt het er voor velen niet makkelijke rop. wil de levensduur van Windows versies 

Er is binnen en buiten het bedrijf stevige kritiek op Ballmer, altijd al een schreeuwlelijk, die met z’n enthousiasme echter wel een duidelijk boegbeeld was, met Gates veel meer op de achtergrond. Maar z’n stijl van leidinggeven, die meer besturend dan innoverend was, heeft volgens velen z’n tijd gehad. Nu Microsoft in de verdediging is, gaat men meer vitten op concurrenten zoals Google dat qua beveiliging met name voor overheidsgebruik (FISMA) niet helemaal correct te vroeg iets riep, maar dat begint allemaal op Amerikaanse verkiezingsmethodes te lijken. Microsoft wordt snel de dinosaur van de desktop, ooit een leuke aanpak, maar nu snel overvleugeld door de metafoor van de mobiele alleskunner. De cloud is dan de redding, dus dat wordt groots gepusht, maar daar zitten stevige risico’s. Want hoe betrouwbaar is de cloud, wie heeft er juridisch wat te zeggen, wie meent te mogen spitten in de data (de FBI? Of Wikileaks) en wie kun je aanspreken als het mis gaat. De cloud is wel een logische ontwikkeling, maar nog niet echt volwassen, daar moeten eerst nog wat dingen goed misgaan voordat men de gaten echt in beeld heeft. 

e-warenhuis 

Iedereen z’n eigen e-winkeltjes was lange tijd het devies, zorg dat naast je bakstenen winkel er ook een website en e-commerce mogelijkheden zijn. Dus bouwden we allemaal leuke websites, koppelden die al dan niet aan de vooraadsystemen van onze distributeurs en zagen inderdaad een soort kruisbestuiving tussen fysieke en virtuele verkoopplekken. 

Maar net zoals de buurtkruideniers al lang verdwenen zijn, en alleen in allochtonenwijeken nog die we-hebben-alles zaakjes kunnen bestaan, is ook de virtuele cyberwinkelontwikkeling verder gegaan. Sommige kleine winkeltjes werden groot, gingen concurreren met prijzen die geen fysieke winkel kon evenaren, dat trok klanten aan, de opkomst van de e-shop was beangstigend voor de traditionele shopkeepers, die het moesten hebben van vertrouwen, specialisatie, vakmanschap en binding met de klant. Er was even het gevoel, dat de fysieke winkels, de bakstenen pui, niet meer nodig zouden zijn. Alles via internet, dat was toch makkelijker, de transparantie van het wereldwijde web zou dat ouderwetse idee van een winkel met fysieke, aanraakbare en demonstreerbare wel achterhalen, zeiden de trendwatchers. Doorzichtige prijzen, vergelijker-sites, in web 2.0 zouden de consumenten elkaar wel gaan helpen en zouden alleen de e-commerce overblijven.Direct zaken doen was het devies, de Dell ging er in voorop, waarom winkels, waarom een distributiekanaal, een website was toch genoeg. 

We weten ondertussen beter, fysiek en virtueel blijven naast elkaar bestaan, al was het alleen maar omdat de brievenbus te klein is voor wat grotere dingen. Ook Dell schoof van direct naar telefonische push-marketing en is ondertussen net zo indirect als andere grote A-merken. De informatiebandbreedte van het web is deel van het orienterings en zoekproces, maar veel klanten, zeker voor een eerste aankoop, preferen toch een “echte” winkel, een plek waar produkten zijn, mensen die je helpen, verkopers, adviseurs, mensen die je kunt aanspreken of tenminste bellen als je aankoop niet werkt. 

Vertrouwen, we zijn weer terug bij waar de middenstander het vijftig jaar geleden van moest hebben. In sommige landen is dat nog sterker dan bij ons, in Duitsland bijvoorbeeld is men wat angstig met electronisch betalen, maar ook dat heeft alles te maken met vertrouwen. Zomaar ergens een of andere website vertrouwen, dat is moeilijker dan afgaan op hoe een fysieke winkel er uit ziet, voelen hoe je behandeld wordt, touch&feel, de winkelervaring kunnen we niet uitvlakken. 

Dat vertrouwen of juist het gebrek aan vertrouwen is waarom we nu grote portals zien, Amazon is een goed voorbeeld maar ook Neckermann doet steeds meer, en we zien dat dergelijke grote portals steeds breder gaan en ruimte bieden aan derden, die als het ware een shop-in-shop krijgen binnen wat we dan een e-warenh De site is een protest tegen de koop uis kunnen noemen. Niet iedereen lukt dat, Microsoft probeerde het met reizen (Expedia), maar verkocht dat al grotendeels aan USA Networks in 2001. Google is vanuit de zoekmachinebasis wel een machtige speler in de portals en heeft bijvoorbeeld in de reiswereld door de overname van ITA ook een toppositie (gekocht). 

Dwars door de fysieke-virtuele tegenstelling loopt nog de rubrieksadvertentie. Dat was ooit een hoeksteen van het krantenvak, maar verschoof wel helemaal naar het web.  eBay is wat dat betreft een echte marktplaats, maar verliest het qua vertrouwen van GraigsList, terwijl de positie van bijvoorbeeld marktplaats in ons land wat afkalft. Te veel commercie en verlies van vertrouwen in het medium zijn killing. 

Dat vertrouwen opbouwen kost tijd, geld en zorg, en je bent dat vertrouwen snel kwijt in cyberspace, want wanneer de klant het niet meer vertrouwt of slechte ervaringen heeft staat dat zo op een site en wordt publiek. Ook hier weer is de transparantie van internet een bepalende factor, prijs en reputatie worden publiek domein. 

In die zin zijn dus de grote clubs, als ze het vroorzichtig spelen, in het voordeel. Zij hebben de naam, de traffic en kunnen die gaan uitponden aan andere producenten en marketeers, die onder de vleugels van een grote, sterke en betrouwbare portal hun waren gaan slijten, maar wel marge moeten inleveren. 

De super-portals of ik noem ze graag e-warenhuizen, hebben dus toekomst, het zijn de Bijenkorven van het komende decennium. Voor de kleine specialist is er de optie, zijn assortiment ook onder te brengen bij zo’n grote club of zelfs bij meerdere grote portales, gebruik te maken van het vertrouwen dat daarmee wordt gewonnen, maar wel tegen inlevering van wat procentjes. 

Aanvallen op het internet 

Veiligheid is steeds meer een kernprobleem in de ICT. Malware, virussen, achterdeurtjes, social engineering, iedere dag krijg ik wel aanbiedingen, lokker, emails van m’n banken en meer van dergelijke irritante en soms gevaarlijke troep. 

G Data zette de gevaren van internet op een rij in nieuwe whitepaper, waar ik even wat uit overneem. De meeste infecties van computers worden tegenwoordig opgelopen door eenvoudigweg op internet te surfen. De recente aanval Liza-moon, waarbij miljoenen legitieme websites door middel van een SQL-injectie werden besmet met schadelijke code, is daar een goed voorbeeld van. Het besmetten van websites kan ook op andere manieren. G Data zet alle mogelijkheden en daarmee de gevaren voor internetgebruikers uiteen in zijn nieuwste whitepaper “Aanvallen op internet”. 

Een leven zonder internet is bijna niet meer voor te stellen. Het web levert ons veel diensten en mogelijkheden waar wij nauwelijks meer zonder zouden kunnen of willen. Maar cybercriminelen weten het internet ook goed te gebruiken voor hun doelen. Zij kapen computers, stelen data en identiteiten en gebruiken populaire internetdiensten om malware en spam te verspreiden. Enkele jaren geleden werd de meeste malware verspreid via bijlagen in e-mails. Nu hebben de bedreigingen zich grotendeels verplaatst naar het internet. 

Ralf Benzmüller, Hoofd van het G Data SecurityLab: ”De recente aanval Lizamoon, waarbij schadelijke scripts werden geïnjecteerd in SQL-databases is één van de grootste in zijn soort. Het toont heel duidelijk aan hoe kwetsbaar internet, en in het bijzonder webservers zijn. Slechteconfiguraties, onregelmatige update systemen, onzorgvuldige webmasters die hun wachtwoord prijsgeven door in phishingtrucs te trappen, of door het standaardwachtwoord niet te vervangen, het zijn allemaal factoren die ertoe kunnen leiden dat de internetgebruiker wordt blootgesteld aan malware. Om het internet op te schonen, zouden alle gebruikers goede security-software moeten gebruiken. Daarnaast zouden webmasters en webhosts zich actiever 

moeten inzetten voor het beveiligen van websites.” In de whitepaper “Aanvallen op internet”, beschrijft G Data dat er niet een bepaald soort website is dat een groter risico vormt dan andere. “Sociale netwerksites, blogs, nieuwssites, etc. Het onderwerp van  de website geeft geen enkele garantie voor immuniteit voor SQL-injecties , cross scripting of geïnfecteerde banners,” zegt Benzmüller. 

Web exploit kits om webservers te infecteren 

Het blijkt niet nodig om een expert te zijn om websites te kunnen infecteren met malware. Op de ondergrondse zwarte markt zijn web exploit kits te koop voor $500,-. Met deze kits kan een aanvaller op geautomatiseerde wijze webservers analyseren op beveiligingslekken en het systeem infecteren. Als de site eenmaal geïnfecteerd is, hoeft de aanvaller alleen maar te wachten op zijn slachtoffers. In het geval van Lizamoon dienden bezoekers van de geïnfecteerde websites een nepsecurity-product (scareware) op hun systeem te installeren. Maar bij andere technieken is alleen al het laden van een website genoeg om ongemerkt schadelijke code in het besturingssysteem van de bezoeker te injecteren (drive-by-download). 

Voorzorgsmaatregelen 

Omdat internetgebruikers er niet vanuit kunnen gaan dat de websites die zij bezoeken veilig zijn, kunnen zij het beste zelf alle mogelijke voorzorgsmaatregelen treffen om hun pc te beschermen. Het gebruik van een degelijke beveiligingssuite is van essentieel belang, maar niet afdoende. Het is ook nodig om het besturingssysteem, de internetbrowser en alle andere software op de pc (flash player, PDF reader, etc.) regelmatig te updaten. 

Jodium of iPad2 

25 maart Vandaag kunnen de gadgetliefhebbers op pad. Kiezen ze voor een iPad2, die ligt bij Mediamarkt voor dezelfde 499 als de eerste iPad, die daar nu 120 euro minder kost. Naast de  de nieuwe iPad is er vandaag ook de Nintendo 3DS, een draagbare spelcomputer die beelden ook driedimensionaal kan weergeven. De Nintendo 3DS is de opvolger van de DS en biedt een 3D ervaring zonder dat daarvoor een speciale bril nodig is. Verder verwacht ik een run op Jodium pillen, samen met Foliumzuur vrij makkelijk te krijgen, want die radioactiviteit uit Japan komt de komende maanden wel hier overwaaien en je jodium-intake zo hoog houden, dat je lichaam geen jodium naar de schildklier gaat halen uit de omgeveing, is wel verstandig. 

Atoompaniek 

17 maart Smelten ze wel, smelten ze niet, en wat zijn de gevolgen? Zullen grote delen van Japan onbewoonbaar worden, hoe zit het met lange termijn effecten, ik moet steeds aan Hiroshima en Nagasaki denken. De atoomproblemen en de tsunami in Japan zijn wereldwijd zorgpunten, menselijk en economisch en zal ongetwijfeld ook voor de ICT gevolgen hebben, maar mogelijk ook een nieuwe golf Japanse innovatie-energie doen loskomen, dat volk klimt snel uit ellende is wel gebleken, maar de laatste jaren waren ze wat ingeslapen. 

Het grote nieuws in de kranten en bladen over ICT gaat tegenwoordig vooral over gadgets en hebbedingen en natuurlijk is zo’n iPad een leuk ding, maar stevenen we niet af op een quasi-monopolie fuik? Daar zijn we goed in in de ICT-wereld, Intel was en is oppermachtig en rekent voor z’n nieuwste chips geen kinderachtige prijzen. Qua harde schijven zijn er nog maar een paar fabrikanten. Nu Western Digital Western concurrent Hitachi GST gaat overnemen is dat weer minder en viel het u niet op, dat harde schijven de laatste jaren niet meer zo snel in prijs dalen als daarvoor? In de telecommunicatie transmissie sector (de communicatie-internet abonnementen, de tikken, MB’s en de dikke datapijpen), waar ongeveer de helft van de wereldwijde ICT omzet zit, is ook sprake van maar een paar aanbieders en een vrij onduidelijke marktwerking. 

Natuurlijk, mooi die iPad2, en met de oude modelletjes drukt Apple de concurrentie leuk weg, want wie kan een iPad-workalike ontwikkelen en op de markt brengen voor rond de 300 dollar? De schaalgrootte van de productieruns van Apple is zodanig, dat ze niet alleen de beste prijzen krijgen, maar ook concurrenten weg kunnen houden. Dat is niet alleen op wereldschaal, de retailer in Nederland merkt het ook, verdienen aan Apple is een exclusief kunstje. Maar is op termijn allemaal een iPad, iPhone of iGame wel zo’n goed idee? Net zoals we sinds midden jaren 80, remember CP/M, allemaal door Gate’s z’n vensters naar data en content turen, dreigt nu een verappeling van de interface. Die is misschien stukken vriendelijker dan Windows, maar in brede zin ook net zo beperkend, want we werken dan volgens Jobs z’n aanpak. En die is, net als die van Microsoft, net zo min altruïstisch en humaan, maar gewoon gericht op geld verdienen en marktmacht. Jobs stevent snel af op een echte machtspositie voor Apple in devices, content delivery en online-advertentie exploitatie. Dat vertaald zich in miljarden, waarschijnlijk tientallen miljarden persoonlijk vermogen, overigens geldt dat ook voor de mensen achter Google, Facebook, Amazon en eBay. Daar worden, op basis van feitelijke monopolies of half-monopolies, schatten verdiend, via de beurs of gewoon als winst op omzet. Cyberspace is wat dat betreft voor sommigen echt een goudmijn gebleken, mede omdat de overheid er weinig invloed op had, het is nog steeds een soort Wilde Westen, we zijn afhankelijk van de media en de publieke opinie om bijvoorbeeld Google in toom te houden. De nieuwe rijken zijn wat dat betreft ongrijpbaar geworden, ze kunnen kiezen wat en waar ze met hun fortuinen doen, veel kans op een opstand der gebruikers is er niet. 

Het is mooi dat Bill Gates en z’n vrouw hun geld nu besteden aan wereldwijde gezondheidsprojecten, maar z’n filantropische stichting investeerde wel in Monsante (van de genetische gemodificeerde zaden, die na een keer oogsten verder onvruchtbaar zijn) en is ook de vaccinatie-aanpak niet onomstreden. 

Nu heeft alles z’n tijd, en niemand leeft eeuwig, dus ooit zal de wal het schip Apple ook wel gaan keren, de gezondheid van Jobs blijkt een belangrijke factor, de man is toch de grote kracht achter het bedrijf. De houding van Apple met betrekking tot Adobe Flash is veelzeggend, Jobs zei nee en dat was het. Via de Wallaby Flash-to-HTML conversie van Adobe is daar nu een omweg gevonden, maar het was wel een staaltje powerplay van Apple. Nu zijn er best signalen, dat Apple het niet helemaal voor het zeggen heeft, met name Google met Android is goed bezig en daarbij speelt vooral mee hoe de ontwikkelaars van apps varen. Bij Apple moeten ze fors laten meedelen, en het is leuk dat er enorme markt is opengegaan, maar bij Android hebben ze meer ruimte. App-ontwikkelaars zijn de basis van het succes van Apple, de app en vooral de App Store heeft het hele denken over software-as-a-service een andere wending gegeven. Maar nu zijn, door de wat hebebrige 30% houding van Apple, de ontwikkelaars verder aan het kijken, maken apps voor Android en ook de uitgevers zoeken naar alternatieven. Er zijn signalen, dat de populariteit van Android ook dat platform tot een geldmachientje kan maken, het MMO spel Pocket Legens van Spacetime Studio heeft twee keer zoveel spelers via Android dan via iOS. Apple heeft nog een voorsprong, vooral het betaalsysteem is nog soepeler, maar dat is tijdelijk, neem ik aan. 

iPad2;  niet verrassend, wel op koers 

De reacties op de iPad2 aankondiging waren enerzijds lovend, anderzijds zag men geen al te grote stap, het gaat om verbeteringen die logisch en mogelijk zijn, zoals de camera’s. De indutrie blijkt wel wat geschrokken te zijn, door de verkoopcijfers so far van de iPad, maar ook omdat de dual core iPad2 toch net weer iets vooruitloopt op wat de andere fabrikanten in de kast hadden staan als nieuwe modellen. Dus stelt men die uit, gaat nog wat sleutelen zoals HP, wacht op de Windows Phone 7 update die na de zomer wordt verwacht zoals Nokia, of stelt de prognoses wat bij, zoals Samsung blijkbaar doet. Volgens Digitimes zijn in Taiwan de productieverwachtingen voor altenratieve tablets dan ook al wat teruggedraaid, en je ziet dat ook marktonderzoekers Apple een erg sterke positie op de tabletmarkt in 2011 toeschrijven. 

Steve Jobs presenteerde zelf , vanwege z’n ziekteverlof onverwachts, de tweede versie van de tablet iPad, de iPad2 die 33% dunner, dubbel zo snel is, multitasking heeft, en er weer wat hipper, dunner en sexier uitziet. De iPad2 is al vanaf 25 maart in ons land verkrijgbaar en in de VS bij AT&T en Verizon. Die laatste provider heeft met de iPhone4 afgelopen weken enorm gescoord. 

De aankondiging was goed getimed, en de CeBIT verloor flink wat media-aandacht door de Apple aankondiging, men wist de topjournalisten uit Hannover weg te houden. 

De iPad 2 heeft 2 camera’s, geen flash, iets gtroter scherm, maar de schermresolutie is met 1024 x 768 pixels onveranderd en er is een nieuwe iOS 4.3 versie (initieel als beta), ook voor andere Apple mobiele devices. De camera aan de ene kant is voor FaceTime-gesprekken met andere appelaars. Er kunnen meerdere videofeeds tegelijk worden bekeken. iMovie (5 dollar) wordt een universele appvoor videobewerken op de iPad2. 

Het vernieuwde iOS besturingssysteem verbetert deprestaties van Safari en brengt iTunes home sharing; een soort mini WiFizender om met andere Apples te communiceren en contentte delen, je krijgt dus een Personal hotspot, Android heeft dat overigens ook al. Een 16GB WiFi iPad2 kost 499 $ in de VS.De iPad was een wereldhit, alleen al in ons land was de Apple tablet in december vorig jaar goed voor zo’n 25% van alle consumenten PC-verkopen (laptops, desktops, All-in-Ones) en dat loopt behoorlijk door. 

Dit jaar is doorstoten naar een 35% marktaadeel voor alle Tablets met daarvan 70-80% voor Apple niet onmogelijk en dat zou dan neerkomen op zo’n 250.000 stuks. Dat is natuurlijk sterk afhankelijk van de appreciatie in de zakelijke gebruikssfeer van de tablet en met name de IPad, die naturulijk jiet echt past in de corporate ICT-structuur. Hier kan ook meespelen, dat de distributie vrij vast door Apple gestuurd wordt, grote keten mogen meedraaien, maar zo maar even Apple dealer worden is niet zo simpel en er wat aan verdienen is helemaal een kunst, dan moet je als retailer behoorlijk wat wegzetten wil je in aanmerking komen voor uiteindelijk een redelijke marge. 

Maar Apple zit vooraan in de populariteitscurve, en het is werkelijk de vraga of het bijvoorbeeld Samsung lukt met de Galaxies bij te blijven; de gebruikersreacties in de VS waren niet onverdeeld positief. De Motorola Xoom zou ook een kanshebben kunnen zijn, maar mist de distributie in ons land, tenzij een grote provider hier met een leuke deal komt. 

Het blijkt dat verschillen in bundel- en kostenopzet voor dit soort produkten in de markt erg belangrijk kunnen zijn. Verizon heeft met een iets andere en ogenschijnlijk betere deal dan AT&T toch flink wat klanten weten te trekken. 

Apple zelf claimt 15 miljoen iPad’s verkocht te hebben in 2010, dat zullen er tot de iPad2 misschien een 19 tot 20 miljoen worden, de oude iPad wordt nu voor 380 dollaar uitverkocht. 

Het gebruik van de iPad als eReader slaat ook heel goed aan, de goedkopere Amazon Kindle heeft het in aantallen beter gedaan (in de VS), maar heel veel gebruikers zien de iPad toch als een handige meenemer waar ze ook boeken op kunnen downloaden en lezen, er zijn nu meer dan 100 miljoen iBooks downloads en 200 miljoen accounts, dus ook daar zit de vaart er in. 

Dat apps maken voor iOS voor de ontwikkelaars, zelfs bij de heftige 30% heffing die Apple claimt, een goede zaak is, blijkt uit de 2 miljard dollar die in 2010 is verdiend door app ontwikkelaars door hun apps te verkopen in de AppStore. In 2011 zal dat zeker toenemen, nu ook de traditionele uitgevers van kranten en bladen steeds meer overstappen op apps om hun waren digitaal te slijten. Daar zit een gok in, want via gewone PDF’s en Paypal en andere micropayments is er een alternatief voor de uitgevers (zonder die 30%) maar Apple heeft wel de naam als platform.
 

De nieuwe iPad2 is zoals verwacht weer wat mooier, 33% dunner, 680 gram licht, daarbij niet onzuiniger en toch krachtiger door de Dual-Core processor en de A5 chip met dubbele CPU prestaties en grafisch negen keer sneller, is ook leverbaar in wit, favoriet bij de dames. Dat de batterijduur van 10 uur wat optimistisch is, moeten we voor lief nemen, de prestaties zijn duidelijk beter en dat kost gewoon stroom, dus technisch heeft men wel wat bereikt. 

Wat blijft zijn de Apple eigenaardigheden, een eigen stroomconnector, een vreemde HDMI connector, waarvoor dan weer een adapter (39$) nodig is, maar vooruit, de retailer wil ook wat verdienen aan dat soort dingetjes. 

Op de iPad2 komt ook iOS 4.3 (voor de overige Apple meeneem producten via download) Deze nieuwe versie zal als een gratis update beschikbaar komen voor de oudere iPhone, iPad of iPod Touch. Nieuw zijn de hotspot functionaliteit, een soort WiFi repeater naar andere iOS-devices (net als Android) en een nog snellere browser. 

De personal HotSpot mogelijkheid is handig, want zo kun je een dataverbinding via een iPhone 4 gebruiken om bijvoorbeeld via je iPad 2 middels Wifi toch te kunnen internetten. Ook andere devices kunnen een HotSpot verbinding krijgen via Wifi connect, Bluetooth en USB. De  verbinding is beveiligd met een wachtwoord. 

De Nitro Javascript engine van de Mac computers is nu deel van de WebKit. WebKit is onderdeel van Safari en zo wordt die browser nog sneller zelfs bij complexe websites. De interface is ook weer verbeterd, maar mist nog Flash. De camera’s voor en achter maken natuurlijk leuke dingen mogelijk, FaceTime bellen met beeld, PhotoBooth komt er ook op, de iPad 2 kan zelfs 9 videos tegelijk laten zien. 

De iPad is nog geen echte spelconsole, maar recreatie staat hoog in het vaandel en de user –interface met bewegingssensor en impact-gevoelige touch-screen biedt leuke innovatieve mogelijkheden. Muziekmaak app GarageBand van de Mac is er nu ook voor de iPad. Allerlei muziekinstrumenten zijn (na) te spelen, bij drummen voelt de iPad 2 weet hoe hard je op je drum slaat. 

De beginner kan snel en quasi professioneel gitaar spelen met Garageband Smartguitar,  instrumenten-tracks zijn te mixen, muzikale creaties al la iPad en dat voor 4,99 dollar. 

iTunes Home Sharing biedt de optie alle gedownloade muziek en video via het eigen lokale Wifi netwerk te bekijken en beluisteren, dus de de iTunes bibliotheek op PC of Mac streamen naar een iPad, iPhone of iPod Touch. 

Verkiezingen onduidelijk 

4 maart De provinciale staten verkiezingen zijn voorlopig onbeslist geeindigd, de coalitie heeft misschien wel niet de meerderheid, het handmatig tellen van de stemmen duurde langer, verder hangt het van het stemgedrag van de statenleden af, een zeer ingewikkelde ruilhandel met zeker rond de PVV misschien weglopende statenleden, hoe de eerste kamer en daarmee de steun voor het gedoogkabinet er uit gaat zien. Wel kan de zetel voor de 50Plus partij misschien als pro-Wilders gezien worden. In iedere geval is Wilders niet de grote winnaar, eerder is de PvdA overeind gebleven met brekebeen Cohen dan toch als leider bevestigd, de Afhanistan keus lijkt belangrijk, maar heeft aan de andere kant GL niet echt geschaad, D66 is wel weer helemaal terug. We gaan zien welke statenleden fout gaan stemmen en misschien de colaitie toch aan 38 zetels kan helpen. In ieder geval is de opmars van Wilders iets afgeremd, als Wilders wel was doorgestoten, zou dit kabinet zeker blijven zitten, omdat dan de oppositie het risico van een verkieizng niet zou durven lopen. 

Nieuwe spelcomputer Nintendo in Japan te koop 

27 febr De nieuwe 3DS driedimensionale spelcomputer van Nintendo is te koop in Japan, er waren lange rijen, soms 1500 mensen wilden een 3DS hebben. De 3DS staat tegenover de nieuwe Sony PSP2, die meer op een tablet begint te lijken en biedt een heel bijzondere 3D ervaring, zonder bril. Door de camera inde 3DS wordt de oogpositie van de speler gevolgd en wordt een aan die positie aangepast perspectief getoond, een kleine verschuiving in de stand van de 3DS doet dat beeld veranderen en geeft zo de illusie van een 3D beeld. Nintendo gaat hiermee een hele nieuwe richting uit in games en wil hiermee de teruglopende verkopen weer opvijzelen. In Europa en de Verenigde Staten komt de 3DS volgende maand op de markt. In Nederland is hij vanaf 25 maart te koop. De timing van de nieuwe 3DS valt samen met de GDC Game developers conferentie in San Francisco, die de 28 begon, en waar duidelijk moet worden, in hoeverre developers kiezen voor deze nieuwe uitdaging. Die steun is essentieel, de 3D generatie games in deze vorm kunnen een nieuwe golf game-ethousiasme veroorzaken, maar dat hang ook af van de voorwaarden en de technische moeilijkheden en voorzieningen, en hoeveel steun Nintendo gaat geven. 

Cyberspace Security Raad 

25 Febr In tegenstelling tot elektriciteit is internettoegang geen primaire levensbehoefte. Maxime Verhagen heeft gesteld, dat internet geen primaire levensbehoefte is, in het kader van voorgestelde wijzigingen van de telecomwet. Het is belangrijk, maar minder essentieel voor het dagelijks functioneren. Daarom mogen isp’s wanbetalers blijven afsluiten, terwijl dat bij aanbieders van elektriciteit anders ligt. Maar dan Cyberspace Security, daar is een nota over die rammelt. 

Het kabinet heeft plannen, maatregelen en organisaties aangekondigd om de veiligheid van internet te bevorderen. Dat behelst een aantal maatregelen, die logisch en verantwoord zijn, de probleemgebieden worden aangeduid en doelen en initiatieven geformuleerd. Daarbij valt op, dat men veel mooie plannen heeft, indrukwekkende namen geeft aan bijvoorbeeld het coördinerend centrum instituut en de Cyber Security Raad, maar erg leunt op wat het bedrijfsleven en private partijen kunnen inbrengen. Het optuigen van nieuwe instanties en het versterken van bestaande organisaties kan echter niet verhelen, dat dit vrij nieuwe gebied iedere keer weer voor verrassingen zorgt en dat dus vooral flexibiliteit van belang is. Hoe complexer de afweer-organisatie, hoe kwetsbaarder voor interne en externe verstoringen, de vernetting van het probleem, met veel connecties met private partijen, brengt risico’s met zich mee die niet goed worden aangeduid. 

De schaalgrootte van de plannen, met andere woorden, geven wel de illusie van grotere veiligheid, maar is kleiner, sneller en meer geconcentreerde expertise niet effectiever? Flexibilieit en echte geheimhouding is gebaat bij een kleine organisatie, zonder enorme bureaucratische afscherming van bijvoorbeeld tipgevers. In terrorismebestrijding blijkt de menselijke informant nog steeds het belangrijkst, eigenlijk geldt dat ook voor cyberspace, de eenling/zonderling vinden is ook een kwestie van psychologie en niet alleen van technologie. 

Het lijkt erop, dat het idee, dat ons land ook wat kan verdienen aan cyber-security in zekere zin dwars staat op het primaire doel van dit initiatief, security. Dat het ministerie van EZL&I hier in mee praat, is misschien minder verstandig. Security bedrijven en organisaties, en dat is een behoorlijke bedrijfstak, hebben primair geen belang bij veiligheid, hun business groeit door onveiligheid. Er is dus een interne belangentegenstelling. De nadruk op samenwerking met providers, onderzoekers, security bedrijven en de private sector met liever zelfregulering dan repressie en opgelegde maatregelen klinkt liberaal en ondernemersvriendelijk, maar veiligheid is geen “level playing field”, een kreet die iets te vaak opduikt in de strategienota. Als er al sprake is van afweging tussen vrijheid en veiligheid, dan komt het belang van de burger in deze opzet niet uit de verf, over representatie van de klant, burger en cybercrime slachtoffers in de Cyber Security Raad geen woord. De openheid van internet, waar men op hamert, is een tweesnijdend zwaard, dat de burger vroeg of laat z’n in alle vrijheid van meningsuiting weggeven privé-informatie kan tegenkomen laat men in het midden. 

De aanpak van deze nota en de maatregelen is verder typisch een terugkoppelingsverhaal, er gingen dingen fout, die gaat men aanpakken, maar echt naar de toekomst kijken, het gevaar van een overheid die de vrijheid en de zogenaamde openheid misbruikt of kan misbruiken als middel voor repressie en het aanzetten tot angstdenken komt niet aan de orde. 

Zoals uit de trendrapportage (rapport Faber van 2010) al bleek, is de focus op repressieve maatregelen, het aanpakken van misstanden, meer afscherming van kwetsbare systemen, maar daarmee ook verdere aantatsing van de privacy. Een overheid, die en masse toegang heeft tot vertrouwelijke informatie, en Nederland gaat in afluisteren, scannen en opslaan al veel verder dan andere landen, draagt niet bij aan het vertrouwen, waar de nota over praat. Bovendien maakt koppeling van bestanden uit zowel overheid als private partijen als providers de kwetsbaarheid alleen maar groter en de aantrekkingskracht op de diverse “freeriders” om dat aan te vallen alleen maar groter. Dit plan geeft veel energie aan een tegenpartij, die daardoor alleen maar groter wordt. Veel maatregelen zijn nodig en nuttig, maar een voorzichtige ethische afweging mist in het geheel. Het noemen van hacktivisme is wel actueel, maar op de ethische vragen rond cyberspace morality wordt niet ingegaan. Het span veiligheid-vrijheid wordt niet gerelateerd aan de onderliggende doelen, zoals maximaliseren van het menselijk geluk, de overheidstaak als menner van dat span komt niet uit de verf, behalve in repressieve zin.  

Identiteit is het grote probleem van cyberspace, wie is wie en waar, het beperken van de anonimiteit (en dat staat weer haaks op privacy) zou meer aandacht hebben kunnen krijgen, het invoeren van een digitale burgeridentiteit en het beschermen daarvan zou een prioriteit moeten zijn, maar vraagt weer zeer duidelijke ethische stellingname. 

Een belangrijke vraag, die in deze plannen niet aan de orde komt, is ook of een nationale internet-stopknop nodig of wenselijk is. Die discussie wordt nu gevoerd in de VS en elders en tenminste een studie aankondigen naar deze optie zou ook hier op z’n plaats geweest zijn. 

Ook gaat de nota niet specifiek in op de cloud problematiek, waarbij data en applicaties overal en nergesn en dus in principe buiten de EU kunnen staan, gebackupped worden en daarmee dus de rechtsmacht over wat er met die data gebeurt op z’n minst onduidelijk wordt. Een duidelijke handhaving-aanpak van het principe dat privacy-gevoelige en anderszins (economisch) gevoelige data niet buiten de EU mogen worden opgeslagen, ontbreekt. 

Cybercrime en Cyberwar zijn begrippen, die steeds vaker in het nieuws opduiken en ook veel burgers weten door spamoverlast, virussen, pogingen om bankgegevens en dergelijke aan hen te ontfutselen wel dat de automatisering niet alleen gunstige dingen heeft meegebracht. De Stuxnet malware, die op internationale schaal als botnet in een semi-cyberwar opzet procesautomatisering bedreigt en de recente aanval op de website Overheid.nl zijn tekenen dat cybercrime een groeiende bedreiging is, ook het hacktivisme rond Wikileaks en de kraakbaarheid van de OV-chipkaart heeft veel beroering gegeven en het platleggen van Internet in Egypte tijdens de omwenteling heeft ook wereldwijd de aandacht gevestigd op de zwakke kanten van internet en cyberspace. In 2010 verscheen al het rapport Faber, waarin werd aanbevolen via vergaande “profiling” de Cybercrime problematiek aan te pakken. Dat rapport werd niet goed ontvangen, maar gaf wel een breed overzicht van de probleemgebieden. Nu gaat men qua opsporing en handhaving toch maatregelen nemen, onder regie van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Vanaf begin volgend jaar heeft Nederland een Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC). Overheid en bedrijfsleven gaan zich daarin samen tegen internetcriminaliteit weren. Het zal zich verder bezig gaan houden met incidentafhandeling en crisisbesluitvorming en bredere samenwerkingsverbanden, zoals met AIVD en MIVD. Het NCSC, een uitbreiding van het huidige Govcert.nl, is een onderdeel van de Nationale Cyber Security Strategie die door minister Opstelten naar de Kamer is gestuurd, mede namens zijn collega’s van EZL&I en BZK. Naast het NCSC komt er ook een Cyber Security Raad waarin partijen uit zowel overheid als bedrijfsleven zijn vertegenwoordigd. Gezamenlijk zullen zij zich richten op het tegengaan van ICT-verstoringen, maar vooral ook op de bestrijding van spionage, misdaad, vandalisme en terrorisme via het internet. Er zijn ook een aantal punten waarop de regelgeving zal worden aangescherpt. Zo moet bijvoorbeeld tachtig procent van de vitale organisaties in het openbaar bestuur en Openbare Orde en Veiligheid eind 2011 jaar beschikken over een continuïteitsplan dat een antwoord biedt op grootschalige electriciteits- en ICT-verstoringen. Ook komt er een meldplicht voor datalekken in de telecomsector. 

Tweesnijdend zwaard 

24 febr. De omwentelingen in de Arabische landen zouden mede te danken zijn aan de moderne media en internet, maar in bijvoorbeeld Iran gebruikt het niet omvergeworpen regime Facebook en internet-verkeer om tegenstanders te traceren en op te pakken. 

De door Hillary Clinton geprezen moderne internet en mobiele media zouden goed zijn voor de democratie, maar dat is maar betrekkelijk, want de VS zelf willen een totale internet-stopknop, zogenaamd om cyberaanvallen af te kunnen slaan. Ook behoudt de VS zich het recht voor, overal en altijd haar normen en waarden en de inbreuken daarop wereldwijd aan te kunnen pakken, een soort cyberimperialisme dat paradoxaal staat tegenover het gejuich over “vrij” internet en democratie. Nu blijkt, dat niet alleen in Egypte, maar ook in Birma en andere landen vrij makkelijk de stop uit het hele internet-verkeer getrokken kan worden en de telecom bedrijven in staatshanden medewerking verlenen aan het traceren van “subversief” verkeer en sites, kan datzelfde internet zeer gevaarlijk zijn. Net zoals in WOII de bevolkinsgregisters de basis waren voor de Jodenvervolging, kan nu emailverkeer, chatberichten, tweets en posting op b.v. Facebook gebruikt worden om tegenstanders van het regiem te traceren, in Iran zijn al cyberactivisten onthoofd. Deze schaduwkant van internet, de digitale schaduw, is een dreigend gevaar, mede omdat content in principe eeuwig bewaard kan worden en vaak ook wordt, en dus jaren later iemand in het nauw kan brengen. Ook in Nederland gebruiken niet alleen werkgevers, maar ook de overheid al social media sites als LinkedIn, Hybes en Facebook om naspeuringen te doen, bijvoorbeeld naar wat uitkeringstrekkers uitspoken. 

MWC 

18 febr Het Mobile World Congres is weer voorbij (en komt niet naar Amsterdam in 2013) en in de overvloed van aankondigingen, nieuwe connecties, nieuwe hardware en diensten de grote lijnen herkennen is niet gemakkelijk. Ieder bedrijf vindt z’n eigen nieuwtje van wereldbelang, de persberichten zijn meestal zeer eenzijdig, de commentaren van de journalistiek veelal getint door sensatiezucht en gadgetterij. 

Wat opvalt is dat het hele mobiele veld convergeert naar enerzijds kleinere smartphones, gewoon weer zakdingetjes die natuurlijk sneller, mooier en beter zijn, en anderzijds het nieuwe tablet-format omarmt, maar qua diensten nog geen grote differentiatie vertoont en vooral meer van hetzelfde biedt. De industrie is wel bezorgd over de capaciteitsproblemen die al die smartphones veroorzaken, files en vertragingen zijn nu al een probleem, de bijna een half miljard nu al verkochte smartphones en de massale overstap naar mobiel internetten is soms te veel voor de netwerken van telecombedrijven. 

Van PC naar tablet 

Er is sprake van een overgang qua gebruik. Wat men vroeger thuis op de PC deed, ging eerst over naar de laptop, dat werd mobiel en sluipt nu naar de tablets en smartphones. Of het al zover is om de PC voor dood te verklaren, iets waar de uitgaande Google chef Eric Schmidt op doelde, is de vraag. Hij verwacht dat LTE een nieuwe golf applicaties gaat veroorzaken, en daarmee nog meer diensten, commercie en business, maar dan wel op snelle mobiele devices. Schmidt werd bijna profetisch, hij zag de cloud als een grote “unifying force” voor alles, een device-agnostische (apparaat-onafhankelijke) ruimte waarin “you really can do magic”. Schmidt zei “everything’s changing again” maar om een total nieuw ecosystem. Vooral sociale netwerken gaan voorbij de normale communicatie helpen om toevalstreffers en toevallige contacten te scheppen, zo’n “serendipity platform” gaat, als de gebruikers daar toestemming voor geven, nieuwe connectives leggen. Het klinkt een beetje als georganiseerde synchroniciteit, en bijna religieus, dergelijke techo-paganistische kretologie doet me denken aan John Barlow’s infotheïstische “Declaration of Cyberspace Independence” uit 1996. Schmidt stelde dat de strategie van Google neerkomt op dienstverlening “to make our offerings better through using social information.” Hij noemde NFC near-field communication een “mega-scale opportunity” en verwacht dat e-commerce en betalingsmodellen door gepersonaliseerde informative nog een grote ontwikkeling zullen doormaken, “location, personalisation and advertising” zijn de drijvende krachten. 

Er zijn overigens genoeg ergonomische en veiligheid argumenten om de PC toch een plek te gunnen, maar het tekende de sfeer in Barcelona, waar men maar blijft geloven in groei, innovatie en vooruitgang. Dat feitelijk, afgezien van de smartphone golf, mobiel voor veel Westerse markten het verzadigingspunt heeft bereikt en het alleen maar gaat om een platform-overstap wil men niet horen. Dat die platform overstap ook een verplaatsing van gegevens en software naar de cloud en apps betekent is wel duidelijk, in hoeverre dat ook nadelen heeft zoals voor betrouwbaarheid, integriteit en toegang tot gebruiksgegevens laat men in de lucht hangen. 

Google  

Qua platforms was Android natuurlijk het meest zichtbaar, Apple’s iOS was er vooral als basis voor apps en accesoires (Apple zelf was er niet), en Windows Phone 7 vooral een luchtballon die nog opgeblazen moet worden. Android was overal, al wordt er nu wel toegegeven dat de 2.2 versie niet helmaal lekker4 draait op tablets, daar moet 3.0 Honeycomb het gaan maken. Google gaat iTunes achterna en komt met een muziekdienst voor het mobiele besturingssysteem Android . Google heeft met de daaraan gekoppelde Google One Pass betalingsoptie via Google Checkout niet alleen een alternatief voor content-download marketing, maar gaat dat ook veel goedkoper doen, men vraagt maar 10% commissie voor content, terwijl Apple vasthoudt aan 30% en daarmee mogelijk de uitgevers naar Google jaagt. Die willen niet te veel marge kwijt en vooral zeggenschap over hun abonneegegevens, waar Apple niet aan wil voor de iApps. Apple probeert haar positie op de download markt te beschermen, kreeg kwestie met uitgevers over digitale diensten als deel van een print-abonnement en deed wat water bij de wijn, maar Google’s initiatief hakt daar fors op in en kan Android een stevige duw omhoog geven. Eenvoudige betalingsmodellen gaan in 2011 ongetwijfeld de hele uitgeefwereld en dus de online marketing van muziek, boeken en kranten veranderen, Paypal van EBay stapt ook over op micro-payments en nu Google ook meedoet zal Apple met meer concessies moeten komen. 

ICT paniek 

15 febr In Amsterdam is weer paniek, de hele ICT en de reddingsopertaie ligt stil, het blijkt een zootje met te veel verschillende applicaties en geen overzicht, wethouders hebben zitten slapen, ik vraag me af of ze Van Poelgeest er nu eens uit gaan gooien, die kostte Amsterdam al genoeg ellende. Maar ook de OV Chip blijkt kraakbaar en manipuleerbaar, te goedkope technologie blijkt kwetsbaar, maar gratis reizen is in de crisis misschien een grandioos gebaar om het probleem op te lossen. 

Nokia ommezwaai 

13 febr Nokia maakt, via de nieuwe topman Elop die van Microsoft afkomstig is, een dramatische zwaai richting Windows Phone 7 en dus Microsoft, net aan de vooravond van de belangrijkste mobiele beurs WMC in Barcelona. Het zat er natuurlijk in, een topman van Microsoft die Nokia gaat redden en dan maar teruggrijpt op z’n oude relatie. De Finse mobieltjesfabrikant Nokia en softwaregigant Microsoft gaan intensief samenwerken. Dat hebben de ondernemingen vrijdag gezamenlijk bekendgemaakt. Nokia maakt voortaan gebruik van het besturingssysteem van Microsoft voor mobiele telefoons. Het Finse concern en de softwaregigant gaan ook nauw samenwerken om nieuwe mobiele producten te ontwikkelen en in de markt te zetten. Verder zullen de smartphones van Nokia gebruikmaken van de zoekmachine Bing van Microsoft.  

In zekere zin was Nokia wel gedwongen tot een grote stap, het bedrijf verloor zienderogen marktaandeel en vooral status in de smartphone markt, vasthouden aan het eigen Symbian bij toenemnde concurrentie van Android, Blackberry en Apple was geen optie meer. Nokia is een ook qua cultuur erg Fins bedrijf, vooral groot geworden met mobieltjes, waar openheid, innovatie en intern overleg niet afwezig waren, maar een bepaalde kleur had. Nokia had een zekere eigenzinnigheid die jarenlang goed heeft gewerkt, maar in de globale concurrentieslag in de verzadigde mobiel-markt niet meer voldoende was. Elop ging daar in z’n persconferentie op 11 febr. ook niet aan voorbij, bureaucratie en een ingeslapen management vroegen om een cultuuromslag en niet helemaal onbegrijpelijk keek hij naar Microsoft. Dat is, zonder dat hij dat zo aangaf, eigenlijk voor wat betreft de mobiele markt in eenzelfde positie als Nokia geraakt, namelijk volgend en niet meer leidend. Microsoft moet ook aanzien dat Google, Apple en Blackberry in smartphones en mobiele devices blijkbaar veel beter begrijpen wat de markt wil, en Microsoft feitelijk de grip op de markt verloren heeft. Te veel halfhartige mobiele initiatieven, te weinig samenwerking met fabrikanten en telecom-bedrijven, en te lang vasthouden aan wat toch in wezen een “proprietary” OS is, ook voor Microsoft is de mobiele markt een pijnlijk avontuur. Misschien wat minder dan voor Nokia, dat geen andere grote cash-cow heeft dan de mobiele markt, en in het aangezicht van de marktsituatie wel moet springen, maar Microsoft moet ook zien dat met name in de tablet-markt ze terrein verliest en dat mobiel steeds meer de desktop verdrijft. 

Door de aangekondigde samenwerking krijgt Microsoft dus een behoorlijke stimulans voor Windows Phone 7, geeft Nokia zijn softwareontwikkeling deels uit handen, maar blijft het probleem van het “open” platform. Ook zal de impact voor de Noord-Amerikaanse markt, waar Nokia relatief zwak is, relatief gering zijn. De hoop is natuurlijk dat Nokia ook daar beter zal gaan draaien, maar ju ist in de VS is de combinatie van allernieuwste hardware, operating software en applicaties plus een apps/content interface en een deal met een grote telecom-aanbieder bepalend voor marktsucces en daar heeft Microsoft zeker voor mobieltjes niet mee kunnen scoren. Bovendien zijn er andere hardware partners zoals HTC, Samsung en LG die ook gepaaid moeten worden door Microsoft, dat zich geen eenzijdige deal met Nokia kan veroorloven.  

In feite wordt de deal met Microsoft pas marktbepalend als men met verrassende betere en nieuwe devices komt, die Apple en Android in de schaduw stellen. Maar ook dan is de relatie met de telecom-aanbieders van groot belang, de ophef over het nu door Verizon aanbieden van een iPod 4 deal (tegenover AT&T) maakt duidelijk dat de consument niet alleen een hip dingetje wil bezitten, maar ook gebruiken en de problemen met bellen via de iPod bij AT&T zijn nu voor Verizon een opsteker, al loopt het nog niet storm voor een (CDMA, dus niet universeel bruikbare) Verzon iPhone, veel Apple-fans hebben al een deal bij AT&T lopen. In de  VS gaat deze zomer de overstap naar 4G spelen, met nog snellere datacommunicatie, video-telefonie en videostreaming, dat is nu de grote uitdaging, ook voor de hardware naast de mogelijkheden voor hele nieuwe diensten. 

Kerstverkopen 

10 febr Het duurt altijd even, maar nu komen de echte verkoopcijfers van de kerst binnen en dat valt niet mee, zeker niet in Europa. In Engeland werden er het vierde kwartaal volgens Gartner maar 3.7 miljoen PC’s verkocht, dat is 2,7% minder dan in 2009 en in geld is het nog stukken slechter.  

Over het hele jaar realiseerde men in Engeland nog een 5.4 procent groei. Dat kwam door de onzekerheden in de economie en de werkeloosheid, met stelde aankopen uit of was gewoon zuinig, stelde Ranjit Atwal van Gartner. Verder verliest de PC terrein aan andere CE-produckten zoals smartphones en tablets en is er weinig nieuws, het gaat om vervanging met wel wat snellere, maar verder weinig opzienbarende hardware. Ook de zakelijke markt in Engeland ging 3,1% omlaag voor PC’s, men rekt de gebruiksduur van bestaande PC’s steeds verder op. HP is in Engeland nr 1 met 23,1% (groei vanaf 18,9% in 2009 Q4), Acer met 16,7% (wat terugval door netbooks), Dell met 16,4% zowat vlak en Toshiba met 8,5% wat terugval. Apple is nu vijfde met 6,2% marktaandeel, dat was 5,4% een jaar geleden. Vooral de MacBook Air deed het goed. 

Ook in Frankrijk stoomde Apple op naar de vijfde plaats, in een PC-markt die 5,2% kromp in Q4, en over het hele jaar 10% groeide. Daarmee wordt weer duidelijk, dat het vierde kwartaal tamelijk rampzalig was, de klap kwam hard aan na een verder redelijk jaar.  De consument kocht 14% minder PC’s in Q4, de verschuiving naar laptops en mobiele devices ging door, dat is nu 67% van de PC markt in Frankrijk. All-in-one models deden het nog het beste. De zakelijke markt in Frankrijk groeide wel met 10%, mede door overheidsprojecten. 

Wikipedia 

Ik strijd al jaren tegen wikipedia, met Jaron Lanier ben ik van mening dat dit soort systemen leiden tot een quasi-autoriteit, die in wezen niets anders is dan digitaal maoisme, de kleine man legt als digitale aanhouder  z’n middelmatige wil op aan het geheel. 

Zoals altijd, baseer ik die mening op persoonlijke ervaringen. Al jaren zijn een aantal mensen bezig mijn lemma Luc Sala steeds maar weer zodanig aan te passen, dat een zeer beperkt en zelfs negatief beeld ontstaat, informatie over mijn brede activiteiten niet alleen op IT gebied, maar ook elders worden consequent weggehaald en als ik zelf iets wijzig, mag dat niet wat je bent betrokkene. Dit is al eerder gebeurd met anderen, maar daarmee wordt Wikipedia dus een platform voor smaad, laster en misinformatie. Het is eigenlijk tijd eens wat van die prutsers die rommelen op deze manier, voor de rechter te dagen, de wikipedia organisatie zelf geeft niet thuis. Wikipedia is dus oncontroleerbaar en gevaarlijk, en iemand die daardoor getroffen wordt kan er niets aan doen, dat is geen democratie, dat is de macht van de minkukels. Het zogenaamde freerider principe uit de filosofie wordt hier pregnant duidelijk, bij gebrek aan centrale autoriteit die normen en waarden bewaakt. De zogenaamde vrijheid van Wikipedia is dus een ongeremde vrijheid, die anderen (kan) schaden. Zie www.lucsala.nl/klikrecht.htm 

Game-ification en Loyalty 2.0 

31 jan Loyalty 2.0 De klant aan je binden is ook in cyberspace het devies  Het hippe modewoord op internet en in de media-wereld is game-ification. 

Het is een begrip van T. Chang dat door o.a. Jesse Schell bekendheid verwierf (zie youtube, zeer interessante TED lezing). 

Game-ification en Loyalty 2.0, ook wel Badge-ification is een trend die met het opduiken van spelformaten en virtuele beloningen zoals badges, eretitels, goud en platinum vermeldingen en beloningen in natura of kortingen van doen heeft. Het snel populair wordende Groupon, waarmee men lokaal kortingen kan verwerven, rukt snel op, in Amsterdam kun je als Grouponner al op veel plekken goedkoper uit zijn. Foursqaure, dat vaak naar dezelfde plek gaan beloont, werkt vanuit dezelfde gedachte. 

Spelletjes rukken op, het is een soort olievlek, honderden miljoenen Facebookers die Farmville spelen is nog maar het begin, de alomtegenwoordigheid van internet maakt het spelen van casual games, MMO’s, Skill en Fantasy games, social games en gokspelletjes overal en altijd mogelijk. Games zijn er in allerlei varianten en steeds vaker worden ze gebruikt voor promotie of lead-generation, organisaties en bedrijven die op zich niets met games van doen hebben gebruiken games om zich te profileren. 

Computer games en games in het algemeen worden steeds vaker gebruikt, ze betrekken de kijker/surfer/klant meer bij het aangebodene, triggeren de competitie-instincten en voeden het erbij horen gevoel. Door media-goeroes als Jesse Schell wordt dan gesproken over Game-ification, hij ziet dat spellen en spelachtige constructies steeds meer ons leven gaan bepalen, via zgn. badging (reputatie zichtbaar maken), bonus-methoden, punten, rewards (denk aan airmiles) en in het algemeen virtueel-reel koppelingen, dus vanuit de spelomgeving kan men echt geld, echte voordelen en echte reputatie binnenhalen, en omgekeerd. Een opzet als Foursquare, waarbij herhaald bezoek aan een specifieke locatie de basis kan zijn voor een loyalty programma en men zelf de web-burgemeester van bijvoorbeeld een bar of restaurant kan worden, maar ook kortingen kan scoren, illustreert hoe virtueel en reëel elkaar helpen, want het genereert meer bezoek, meer trouw aan de lokatie en dus geld. 

Game-ification van allerlei activiteiten levert meer site- of brand-loyalty op, verhoogt de betrokkenheid en dus de bereidheid te investeren/betalen, en kan zelfs het consumentengedrag ingrijpend veranderen, om nog maar niet te spreken over subliminale en dieptepsychologische beïnvloeding, Apple is een prachtig voorbeeld met verplichte icoontjes, het us-them thema en het Apple-tribe gevoel. 

Dit gaat veel verder dan het platte verkopen van spullen of diensten, game-ification van de gezondheidszorg, met rewards voor ezxercise, sport, ontspanning, medische check-ups, gezonder eten is duidelijk een trend. Verzekeraars of de overheid kunnen hier gedragsveranderingen bewerkstelligen door “gezonde” activiteiten te belonen met lagere premies of belastingvoordelen. 

Het draait er om de real-life ervaringen een spel-karakter te geven, kopen of bezoeken wordt een spel, met een spelopdracht, targets en een rangschikking, met meerdere levels en een “reward potential” in termen van aanzien en harde voordelen zoals korting of specials. Omgekeerd zien we in computergames steeds meer links naar de realiteit, er komen advertenties en links in spelletjes, er is zelfs een hele categorie en branche ontstaan die men advergames noemt. Game-designers verdienen soms meer aan de links en “leads” naar b.v. credit-card aanbieders of e-marketeers dan aan directe betalingen voor het spel via abonnementen fo de verkoop van virtuele goederen. Dat laatste neemt ook steeds toe, een betere avatar of een hoger spelniveau is business geworden, betaald met virtueel spelgeld, dat echter ook omgezet kan worden in harde valuta. 

Nu is het principe van voordeeltjes, sparen, punten, airmiles natuurlijk al veel ouder, wie knipte niet de bonnetjes van de Douwe-Egbertspakken dertig jaar geleden, verzamelde punten en plakte spaarkaarten. Dat gaat allemaal digitaal en met websites, aanlokkelijke thema’s en amusante spelletjes, maar het idee blijft de binding van de klant. De combinatie van tastbare en fysieke acties met spelletjes, status-badges en virtuele beloningen is echter karakteristiek voor Loyalty 2.0. 

In dit alles zit ook een les voor de retailer, die kan meedoen met dergelijke akties van distributeurs of vendors, maar ook z’n eigen opzet maken. Begin eens met een oplopend kortingspercentage, voor iedere keer dat men iets koopt komt er een procentje bij (tot 10 maximaal oid) en maak daar een leuke email cmapagne voor, met een beloning voor de eerste klant die reageert.En je klanten uitnodigen voor een spelletje in 3D met weer zo’n compettie-element, het werkte vroeger voor de friettent op de hoek, waarom anno 2011 niet via een internet-oproep? 

Overheid en visie 

28 jan ICT en overheid, het is een soort gokspel met vooral verliezers, want wie betaalt uiteindelijk voor de ellende en het afblazen van stemcomputers, C1000 politiecommunicatie, politie-automatisering, patiëntendossiers, rekeningrijden en nu weer de OV-chipkaart? Ik heb zelfs het idee, dat de belastingdienst ergens in 2010 gigantisch onderuit is gegaan en een oude backup heeft moeten gebruiken, want ik krijg voor verschillende bedrijven totaal achterhaalde gegevens, tenaamstellingen etc. voorgeschoteld. 

Aan alle kanten gepruts, missers, budgetoverschrijdingen, het werkt niet of nauwelijks, er is geen overzicht, geen visie, en de oplossingen zijn pleisterwerk, fundamenteel blijft het probleem. 

Ik denk dat het tijd wordt dat er fundamenteel een visie ontwikkeld wordt waarin de rol van ICT in de hele maatschappelijke ontwikkeling in beeld wordt gebracht, niet met allerlei vage scenario’s en prutsmaatregelen, maar werkelijk kijken naar wat ICT en Cyberspace betekenen en al teweeg gebracht hebben. Dat is deels een ethisch-filosofische en sociaal-psychologische kwestie, deels zullen we de basis van de cybernetica en met name wat transparantie en steeds kortere terugkoppeling betreft moeten analyseren. Zo’n analyse moet bovennationaal worden aangepakt, maar waarom kan dit land met Spinoza en Grotius als ankers en een reeks internationale gerechtshoven, daarin niet de leiding nemen? Het is tijd voor een nieuwe ronde “verlichtingsdenken” en ik vrees dat we dan heel wat stokpaardjes van de twintigste eeuw zoals rationeel materialisme, de soevereiniteit van de vrije markt en de illusie van de Homo Economics, het neo-liberalisme, de privatiseringsdrang en de anti-monopolie tendenzen kunnen vergeten. De manier waarop de mens, de economie en de natuur werkt is blijkbaar toch iets anders dan wat we twee eeuwen hebben aangenomen, hou dan op met symptoombestrijding. 

De ontwikkelingen gaan namelijk heel snel nu, Wikileaks is pas de eerste slag in de cyberwars, het ontbreken van een moraal of duidelijke wetgeving in cyberspace is evident en vraagt om maatregelen die verder gaan dan wat zelfregulering en het gebruiken van “vaste” hardware en fysieke identiteit om juridisch nog wat uit te kunnen richten. 

Privacy met als tegenhanger identiteit vormt het grootste probleem, want hoe pak je dat aan? Dat er gegevens zijn die aan de ene kant levensreddend en essentieel zijn, maar ook erg gevaarlijk bewijst het volgende hypothetische geval. Stel iemand met een behoefte aan een donornier kan gaat spitten in de patiëntendossiers, lokaliseert een potentiële donor en dan? Geld, geweld, blackmail, vul maar in hoe u dit zou aanpakken. 

Het virtualiseren van opslag, rekenkracht en programmatuur gaat zeer snel en gaat ingrijpende gevolgen hebben. Neem de Amazon dienst Elastic Compute Cloud EC2 waarmee scalable, pay-as-you-go compute capacity in de cloud mogelijk is, nu nog een gratis experiment, maar in de betaalde vorm goedkoper en handiger dan een eigen server ergens in het rek. Amazon laat het virtueel optuigen van eigen OS-systemen toe, een Linux mailserver, maar ook een virtuele telefooncentrale kan dan ergens in Ierland of op Togo draaien. Wie heeft dan zeggenschap over welke gegevens waar staan, wie er toegang toe heeft, welke overheid wel of niet iets mag opvragen. Nu kan iedereen zo’n virtuele dienst opzetten, maar je hebt er wel een stevig serverpark voor nodig en dan zijn Amazon, Google, Microsoft, Facebook en IBM logischer partijen dan Jansens Computerdienstje in Tietjerkstraveen. De duidelijke ontwikkeling naar nieuwe monopolies in cyberspace lijkt in dat opzicht eerder een chaostheoretisch attractor-fenomeen dan het gevolg van economische factoren en gaten in de wetgeving. 

De web-economie heeft eigen wetten, maar wat zijn die, hoe werkt het echt, waarom kiezen bedrijven voor deze of gene aanpak, welke rol zal de app-ificatie van recreëren, consumeren en ontspannen hebben, speelt retail of fysieke lokatie nog een rol? Diensten worden een globale commodity, je boekhouding kan net zo goed ergens in India worden afgewikkeld als om de hoek bij een achterkamer-boekhouder of een dure accountant, hetzelfde geldt voor de notaris en ook andere specialismen als medische zorg, advocatuur of psychotherapie kunnen met wat sensors en breedband overal worden verleend, misschien niet beter maar wel goedkoper en sneller. 

De wereld gaat veranderen, de badgeification en gameification van Jesse Schell, een ontwikkeling naar bonusmodellen en coupon-jagend consumentengedrag heeft al ingezet, maar wat betekent dat voor bijvoorbeeld de retail en de onroerend goed markt. Wie nu via Groupon, een coupon-aggregrator die leuke deals aanbiedt voor restaurant, hotels etc. gaat consumeren, doet al mee aan die trend en waarom zou je niet, we zijn toch al consumeervee, dat achter de marketeers aanloopt. Dat wil zeggen, de marketeers die het begrijpen, dat Steve Jobs nu weer ziek is zou in dat opzicht wel eens een ramp kunnen betekenen voor de CE en ICT-wereld. 

ICT-opleving 

25 jan Er blijkt weer vraag naar ICT-ers, uit Amsterdam komen berichten dat men duizenden ICT-jobs niet kan vullen, en nu vanuit het buitenland weer krachten wil aantrekken. Maar ook van elders zien we een toenemende vraag. In West-Duitsland, waar toch een behoorlijke werkeloosheid is, blijkt er een sterke vraag naar vakkrachten, ook in de ICT in de economisch sterkste gebieden, dus in Baden-W en NRW. 

DNA en Trends 2011 

18 jan Is Homeopathie nu toch te bewijzen? Die conclusie trek ik uit het nu rondzingende teleportatie experiment van befaamde bioloog en (voor de Aids-virus ontdekking) Nobelprijswinnaar Luc Montagnier. 

Bij een experiment met DNA is waargenomen dat de informatie van de DNA overgedragen is van een glas met echt DNA naar een met alleen maar water, door enzymreacties blijkt dan in het “lege” water ook DNA aantoonbaar. Er is sprake van een zwak EM-veld en verdunning, het geheel doet denken aan radionics, een diagnose en behandelingssysteem dat niet serieus wordt genomen door de wetenschap, maar in veel gevallen wel werkt. Men spreekt nu over quantumeffecten, maar in homeopatie werkt men al heel lang met een dergelijke overdracht. In mijn theorie over hypercommunicatie en DNA als antenne van de toekomst (zie www.lucsala.nl) is dit allemaal niet uitzonderlijk. Dat een vooraanstaand Nobelprijswinnaar hier mee komt, is wel erg belangrijk en kan veel sceptici overtuigen. Ik vrees echter, dat zal blijken dat dit effect niet bij iedere onderzoeker zal optreden, want Montagnier is nog niet toe aan het incalculeren van zgn. intentieveld effecten, die hierbij mogelijk een rol spelen. In ieder geval, de magie is terug, en wie gaat bewijzen dat sommige mensen ook zonder ze aan te raken computers en chips kunnen beïnvloeden? Er komen nog verrassingen aan, misschien is dit toch wel een 2012 effect! 

Iets anders, Nederlandse hackers uitleveren naar de VS, zou Amsterdam dan toch de cyberhoofstad van de wereld zijn? We zeuren hier veel over privacy, maar blijkbaar lukt het de echte hackers dus toch om onder de radar van alles te regelen. We zullen zien, Gongrijp is voorlopig hackerman! 

De IP revolutie rukt op, alle nieuwe auto’s hebben of krijgen een IP-adres. Dus iedere auto wordt volgbaar, maar hoever gaat die trend, IP-adres in je NIke-schoenen, je horloge met medische sensors, hoelang duurt het voordat we een chip met IP-adres ingeplant krijgen. 

Google Analytics slaat IP-adressen en surfgedrag op, en wel in de VS en nu protesteert de Duitse Overheid omdat persoonlijke gegevens wettelijk niet buiten het land of de EU mogen worden opgeslagen, dat is mede omdat privacy en zo in de VS wat anders wordt gezien. In feite wordt er al heel wat informatie via redundant backup ook in de VS kan staan. 

Wat digitale trends voor 2011 van Steve Rubel 

Attentionomics – Marketers begin to realize the value of attention and not just reach in driving conversion  

Digital Curation – The plethora of content will give rise to digital curators who can separate art from junk  

Developer Engagement – Marketers typically don’t try to court developers, but that’s all about to change  

Transmedia Storytelling – If there’s one constant it’s that humans crave stories. Technology creates new expectations  

Thought Leadership – Companies recognize they must activate credible individual expert voices who can create content  

The Integration Economy – Social media efforts can no longer exist in fragmented, non-formal initiatives. They begin to integrate  

Ubiquitous Social Computing – As competition heats up mobile devices, consumers closer to being socially connected anywhere 

Location, Location, Facebook – If 2010 belonged to solely Foursquare, it’s likely that Facebook will rain on their parade in 2011 

Social Media Schizophrenia – Social overload is no longer a problem for tech mavens, but a broader population 

Google Strikes Back – Google proves that the best way to beat Facebook & Twitter is to do what they do best: index them to pieces 

Viva La Social Web Site – Businesses realize that integrating social functionality into their existing web sites is what users now expect 

CES tagging 

13 jan Leuke vondsten, die ook nog nuttig zijn, maken indruk. Op de CES kreeg een zgn. tagging device, waarmee de smart-phone een link krijgt met eigendommen (of personen) die een Bluetooth identificatie dragen, zoals een portfeuille, laptop, uit zichzelf of met een apart Bluetooth tagging apparaatje. 

Cobra’s new Bluetooth tracking system is powered by Phone Halo Technology that links a smartphone to a person or their tagged belongings. It functions as a two-way alarm and loss prevention device between Android, BlackBerry or iPhone smartphones and you or your valuable items, such as keys, laptop bags, purses, or other tagged items. The system pairs the downloadable smartphone app to the Bluetooth device, which is attached to an item that you want to protect. The software monitors the distance between the phone and tagged items and alerts the owner if the smartphone and the Bluetooth device become separated 

CES Tabletop 

12 jan De tabletop interface revolutie is op de CES echt doorgebroken, platte beeldschermen horizontaal gebruiken is de nieuwe trend. Heel lang was de desktop-metafoor met muis en toetsenbord de standaard manier van mens-computer interactie. Voor spelletjes waren er wat meer mogelijkheden, maar bijna twee decennia lang zaten we vast aan dat verticale beeldscherm en voor de meeste gebruikers de Windows of Mac desktop met icoontjes die uit de papieren bureau-wereld kwamen zoals een prullenbak en file-folders.  

Pogingen om met virtual reality brillen of spraaktechnologie de interface-aanpak te veranderen waren kortstondig nieuws, maar zijn blijven steken in niche-toepassingen. Dat gaat veranderen, een eerste duidelijke verandering kwam met het aanraakscherm, maar nu is er (beperkt) 3 D en gaat de hele gebruiksmodus van de computer op z’n kop. Een van de belangrijkste trends is dat men de mogelijkheden van een horizontaal of anders gericht scherm nu serieus neemt, de Apple iPad ontwikkelt zich steeds meer tot een tabletop-device, men legt het ding plat op de koffietafel en gaat alleen of met meerdere mensen surfen, spelen, emailen en daarbij draait de iPad naar de diverse gebruikers toe. Dat is een heel andere manier van werken en zal ook wel leiden tot een ander interface design, de aanpassingen gaan nog verder dan het wisselen tussen staand en liggend beeldformaat. Microsoft is al langer bezig met dat liggende formaat en tabletop computing, maar dat werd, anders dan de iPad, geen consumentensucces. Dat zou wel eens kunnen veranderen met de nieuwe Surface 2.0, de multitouch aanraaktafel van Microsoft, die op de CES-beurs in Las Vegas werd onthuld. De nieuwe utvoering is vrij dun, maar zo’n 10 cm. De multitouchinterface van de Surface is al behoorlijk aangepast aan horizontaal werken, en herkent niet alleen vingers en handen, maar ook objecten. Helaas blijft het een Windows 7 systeem, eigenlijk zou een compleet nieuwe interface beter passen, maar ik neem aan dat Apple hier wel mee komt, zodra ze beseffen, dat de iPad geen grote iPhone is, maar een heel ander gebruik stimuleert. Een ander voorbeeld van nieuw soort interface is de HUD ofwel heads-up dispaly, waarbij het beeld op de voorruit van de auto wordt geprojecteerd. 

Game-ification en Loyalty 2.0 

Spelletjes rukken op, het is een soort olievlek, honderden miljoenen Facebookers die Farmville spelen is nog maar het begin, de alomtegenwoordigheid van internet maakt het spelen van casual games, MMO’s, Skill en Fantasy games, social games en gokspelletjes overal en altijd mogelijk. Games zijn er in allerlei varianten en steeds vaker worden ze gebruikt voor promotie of lead-generation, organisaties en bedrijven die op zich niets met games van doen hebben gebruiken games om zich te profileren. Computer games en games in het algemeen worden steeds vaker gebruikt, ze betrekken de kijker/surfer/klant meer bij het aangebodene, triggeren de competitie-instincten en voeden het erbij horen gevoel. Door media-goeroe’s als Jesse Schell wordt zelfs gesproken over Game-ification, hij ziet dat spellen en spelachtige constructies steeds meer ons leven gaan bepalen, via zgn. badging (reputatie zichtbaar maken), bonus-methoden, punten, rewards (denk aan airmiles) en in het algemeen virtueel-reel koppelingen, dus vanuit de spelomgeving kan men echt geld, echte voordelen en echte reputatie binnenhalen, en omgekeerd. Een opzet als Foursquare, waarbij herhaald bezoek aan een specifieke locatie de basis kan zijn voor een loyalty programma en men zelf de web-burgemeester van bijvoorbeeld een bar of restaurant kan worden, maar ook kortingen kan scoren, illustreert hoe virtueel en reëel elkaar helpen, want het genereert meer bezoek, meer trouw aan de lokatie en dus geld. Game-ification van allerlei activiteiten levert meer site- of brand-loyalty op, verhoogt de betrokkenheid en dus de bereidheid te investeren/betalen, en kan zelfs het consumentengedrag ingrijpend veranderen, om nog maar niet te spreken over subliminale en dieptepsychologische beïnvloeding, Apple is een prachtig voorbeeld met verplichte icoontjes, het us-them thema en het Apple-tribe gevoel. Dit gaat veel verder dan het platte verkopen van spullen of diensten, game-ification van de gezondheidszorg, met rewards voor ezxercise, sport, ontspanning, medische check-ups, gezonder eten is duidelijk een trend. Verzekeraars of de overheid kunnen hier gedragsveranderingen bewerkstelligen door “gezonde” activiteiten te belonen met lagere premies of belastingvoordelen. 

Het draait er om de real-life ervaringen een spel-karakter te geven, kopen of bezoeken wordt een spel, met een spelopdracht, targets en een rangschikking, met meerdere levels en een “reward potential” in termen van aanzien en harde voordelen zoals korting of specials.  Omgekeerd zien we in computergames steeds meer links naar de realiteit, er komen advertenties en links in spelletjes, er is zelfs een hele categorie en branche ontstaan die men advergames noemt. Game-designers verdienen soms meer aan de links en “leads” naar b.v. credit-card aanbieders of e-marketeers dan aan directe betalingen voor het spel via abonnementen fo de verkoop van virtuele goederen. Dat laatste neemt ook steeds toe, een betere avatar of een hoger spelniveau is business geworden, betaald met virtueel spelgeld, dat echter ook omgezet kan worden in harde valuta. 

CES 

10 jan De belangrijkste trend op de CES is de stap naar desktop, zeg maar coffetable desktop gebruik van tablets, een heel andere manier van informatie benaderen en delen. De vloed tablets van alle grote merken maakt duidelijk, dat men wel inziet, dat een deel van de laptop markt naar de tablets verschuift, of men beseft dat de user-mode ook gaat veranderen, is de vraag. Ik zie dat als een belangrijke trend. Andere ontwikkelingen zijn natuurlijk 4G, Verizon gaat daar nu mee aan de slag, we gaan dat ook hier krijgen en dan is video on mobile haalbaar, maar ook videochatten. 

Verder is Google met Honeycomb 3.0 Android wel bezig, een zwaardere versie van dat OS in de wereld te schoppen, de oudere hardware en smartphones kunnen de eisen van Honeycomb niet aan, er moeten dus twee smaken Android komen en is dat wel verstandig? Natuurlijk, “refined multi-tasking, elegant notifications, home screen customisation en een quasi 3D experience” klinkt mooi en met Google Talk kun je video en  voice chatten met andere Android devices.Samsung, HTC en Motorola komen met tablets onder Honeycomb. 

WWW: cliprecht, clickrecht, klikrecht, kliprecht 

7 jan Rechten- en plichtenloze jungle in cyberspace. Al in 1996 stelde een rapport van de Nederlandse Vereniging van Informatietechnologie en Recht; ‘Regels kent de virtuele wereld niet, althans nog niet’. Anno 2011 zijn we nog niet veel verder, is er wat gebeurd op het gebied van privacy, en juristen worden rijk aan het formuleren van cyber-contracten, maar is het verder een wat gekunstelde situatie, die bovennationaal en nationaal niet duidelijk is en waar gesteggel op bovennationaal niveau nog weinig concreets heeft opgeleverd, terwijl meer helderheid over wat mag en niet mag in cyberspace hard nodig is. Wikileaks maakte dat eind 2010 erg duidelijk, het wat onterecht afgekraakte Faber-rapport (413 pagina’s) geeft in ieder geval inzicht en overzicht in wat er fout kan gaan en fout gaat. . 

Cyberspace is geen juridisch niemandsland, zo laat de jurisprudentie zien, men probeert en slaagt er ook vaak in bestaande wetten zo te interpreteren dat ze ook op virtuele situaties van toepassing zijn. Maar er zijn veel grijze gebieden en dan zien we dat waar controle op en handhaving van rechtsnormen ontbreken of falen, het recht van de sterkste of, de slimste of de brutaalste, prevaleert.. Er is geen echte moraal in Cyberspace, en geen heldere ethiek, want natuurrecht of geopenbaarde wetten zijn er (nog) niet in de virtuele wereld. Er zijn wat wetten uit de harde wereld die min of meer van toepassing zijn verklaard, maar een heldere ethische of juridische visie op deze wereld die “wijn verkoopt zonder flessen” zoals JP Barlow (EFF) stelde in 1994, is er niet. Er is nogal wat te doen rond de gebruik en misbruik van content, malware, privacy en veiligheid, de Wikileaks affaire (eind 2010) is maar een recent voorbeeld. Het gaat om muziek, video, maar ook zogenaamde geheime communicatie en dat is niet alleen een kwestie van privacy, openbaarheid van bestuur, criminaliteits-bestrijding, kindermisbruik, terrorisme, nationale veiligheid, maar daaronder zit de kwestie van wie bezit wat aan informatie en wat mag en kan daarmee gebeuren. In een wereld, waarin door digitalisatie en globalisering transparantie van alle verkeer, alle persoonlijke data, alle voorkennis en op den duur zelfs je gedachten en emoties (via gelaatsherkenning en emotiesignalering van camerabeelden) openbaar of in ieder geval toegankelijk worden, voor de overheid, commercie en kwaadwillenden die weten hoe ze daar bij kunnen komen. 

Rechtsvraag 

De voorliggende en steeds actuelere vraag is; vereist Internet herziening van het bestaande recht en wet apparaat of biedt het huidige rechtskader voldoende flexibiliteit om ook in cyberspace in redelijkheid normen en waarden te handhaven?
Het is voor velen duidelijk, men kan de bestaande wet- en regelgeving niet zonder meer op de online-wereld van toepassing verklaren. Voor (delen van) cyberspace kan of moet een ander, bijzonder rechtsregiem gelden, en dat is voorlopig een kwestie van consensus en afspraken, die soms tussen staten, maar meestal tussen wereldwijd actieve partijen gemaakt moeten worden. Voorwaarde is dan wel dat iedere gebruiker en iedere aanbieder van informatie op het net daarmee instemt, al dan niet door zich via een IP-adres, website of via een provider contractueel te verbinden of in te stemmen met aansluitingsvoorwaarden. Dat betekent dat er heldere contractuele regels geformuleerd moeten worden, waar alle partijen zich aan dienen te conformeren, maar daar komen dan nationale en culturele verschillen in beeld, wat voor de een acceptabel is, hoeft dat niet voor de ander te zijn, denk maar aan de censuur die bepaalde landen uitoefenen, al dan niet om politieke of religieuze redenen. 

Maar naast rechten, naast transparante en net-neutrale toegang en vrijheid van meningsuiting heeft de gebruiker ook plichten. Als die contractueel zijn overeengekomen kan daar duidelijkheid over bestaan, maar hoe staat het met de digitale burgerrechten en de daar bij horende verplichting om zich ook in een online-omgeving conform de maatschappelijke zorgvuldigheid te gedragen 

Entropie 

Die trend kan ook gezien worden als een entropische tendens, vervlakking en vergrijzing van alle content, de VR-pionier en digitale filosoof Jaron Lanier beschreef de Wikipedia trend en de grootste gemene deler aanpak daarvan al eens als Digitaal Maoïsme, de macht van de middelmaat. We denken dat er meer informatie als in negentropy (dus ingaand tegen de vervlakking) is, en dat lijkt op te gaan voor individuen en bepaalde niches, maar over het geheel genomen glijden we af naar niksigheid, en dat heeft enorme gevolgen. Kijk maar naar de economie, winst is vaak een gevolg van informatieverschil, valt dat weg doordat iedereen alles kan weten, dan verdampt die kenniswinst, en wordt winstopslag een utility-proces op basis van financiering, logistiek, beschikbaarheid etc. Arbitrage, ooit een specialisme van bankers, is nu haalbaar voor iedereen met een internet-aansluiting. Ook voor veel beroepen, die het moeten hebben van gespecialiseerde kennis, is op den duur het internet hun bankroet, want wie heeft hun kennis nodig als het zo te googlen is? We zijn er nog niet, en dus hebben accountants, notarissen, verzekeraars, banken en de pers nog een functie in filteren, verwerken en toegang bieden, maar op den duur worden die domeinen veel minder winstgevend. Ook voor de medische wereld, waar nu al transparantie de zwakke ziekenhuizen en slechte doktoren in hun hemd zet, gaan we die kant op. 

Totale transparantie, het duurt nog even, maar hebben we er wel een juridisch fundament voor, zijn onze wetten en ons rechtsdenken wel bestand tegen Wikileaks, peer-sharing, downloads van van alles en nog wat? Vrijheid, veiligheid, privacy welke dimensies van ons bestaan zijn hier in het geding, welke afwegingen bepalen het recht, daar waar de wet ons in de steek laat. Het gaat niet om harde en rationele overwegingen, je kunt bijvoorbeeld niet stellen dat openbaarheid van bestuur altijd prevaleert of dat privacy aantasting uiteindelijk leidt to hogere kosten voor psychische gezondheidszorg, het zijn allemaal vragen die E. Kant in de sfeer van het “Vernunft” plaatste, het domein van de redelijkheid, van de ethiek en daarmee het metafysisiche, want wat is goed en kwaad, zeker als we niet weten wat de uiteindelijke gevolgen zijn van zoiets als Wikileaks of in bredere zin totale transparantie van alle communicatie. 

Cyberspace rechtsgronden 

Ik denk dat we een ander rechtsparadigma moeten ontwikkelen, een rechtssysteem voor cyberspace, iets als wat Hugo de Groot opzette voor het zeerecht op de vrije zee, maar dan zonder de totale vrijheid en feitelijke wetteloosheid die hij daarmee schiep. Daarbij moet een goed begrip van transparantie, de implicaties en de effecten daarvan op termijn worden bestudeerd, want daar is nog weinig begrip van en voor. Denk maar eens aan wat in het Nederlands dan heel toepasselijk Klik-recht zou kunnen heten. Klokkenluiders, Wikileaks, maar de overheid werkt ook steeds meer met kliklijnen. Wie heeft een klikrecht, wat zijn de ethische bezwaren en voordelen, moeten we terug naar Spinoza om te begrijpen wat ethiek en vrijheid, want daar gaat het uiteindelijk om, hier mee te maken hebben. 

Recht en wet waren in het Wilde Westen zeg maar in ontwikkeling, oude stamgebruiken en eigendomsconstructies kwamen er in contact met een Angelsaksisch en deels Latijns rechtsbeginsel dat ook nog tamelijk persoonlijk werd geïnterpreteerd door vrederechters en revolverhelden. Nu is cyberspace de nieuwe grensstreek, waar recht en wet nog vorm moeten krijgen. Volgens sommigen zijn de oude Latijns-Rijnlandse uitgangspunten en de Berner conventie genoeg om ook cyberspace en internet aan te kunnen, maar ik denk dat we wat verder moeten gaan, niet alleen qua wetten en bovennationale regelingen, maar ook qua inzicht in wat rechtvaardig, gewenst en “goed”of “slecht”is. De moraliteit van cyberspace dient naast het zgn. contractsdenken ook een ethische basis te krijgen, de zaken alleen regelen op basis van onderlinge en niet-democratisch opgelegde regelingen en verdragen is onvoldoende en zal uiteindelijk leiden tot revolte en hackerheroïsme. Misschien moeten de Tien Geboden maar uitbreiden met een paar Cybergeboden of moet het eerste Gebod wat worden aangepast tot: “Gij zult de netneutraliteit eerbiedigen”. En kunnen we Kant’s categorisch imperatief als de (niet extern opgelegde of dogmatische) leidraad van het zedelijk bewustzijn “ je moet handelen op de manier waarvan je zou willen dat iedereen zo zou handelen” voor cyberspace interpreteren? 

Cyberspace is nieuwe, voorlopig onbegrensd en biedt enorme economische mogelijkheden, maar mist een duidelijke moraal en regelgeving. Al snel wordt daarom de link gelegd naar het Wilde Westen maar ook naar Hugo de Groot, die in 1609 met zijn boek “Mare Liberum” of Vrije zee de grondslag legde voor het zeerecht. Hij poneerde dat de zee vrij was, dat geen enkele natie daar meer rechten had dan andere en dat iedereen gebaat was bij vrije handel en visrechten en dat het een algemeen goed was om de zeeën vrij voor iedereen te houden; het was voor alle landen een nadeel als de zeeën eigendom van bepaalde landen waren. Die visie is, hier en daar wat aangepast zoals wat betreft de zeggenschap over kustwateren, nog steeds de basis van het zeerecht, maar ondertussen is ook wel duidelijk dat daarmee wel rechten, maar geen plichten ontstaan. In zijn tijd was het al een pleidooi voor onbeperkt plunderen en vechten op zee, want het was bedoeld om de zeggenschap van Spanje en Portugal op de Indieroute te ondermijnen, maar tegenwoordig illustreert de deplorabele toestand qua milieu en visstand dat Mare Liberum geen echt verstandige aanpak is. Zonder meer dezelfde principes toepassen op Cyberspace is dan ook onverstandig. 

Spinoza 

Beter kunnen we kijken naar wat Spinoza dacht over vrijheid, want vrijheid is de taak van de staat of de politiek. Hij ging niet uit van een tweedeling tussen natuur en bovennatuur, en de verordeningen Gods van de religies waren voor hem geen morele principes die ons van boven worden aangereikt, maar principes die berusten op inzicht in het wetmatige karakter van de natuur en de eigen plaats die men in het geheel van de natuur inneemt. Morele waarden vloeien voort uit inzicht in wat goed is voor het individuele en maatschappelijke menselijke welzijn. Hij zag de volbewuste rede wel als een ideaal, maar accepteerde dat die wezenlijk en blijvend verankerd is en verbonden met onze affecten/aandoeningen, onze emoties. We zijn daarom niet redelijk, we kunnen het met moeite hoogstens enigermate worden. Daaruit volgt, dat wetten er van uit moeten gaan, dat er controle nodig is, en er dus goed moet worden nagedacht over mogelijk misbruik door “nog niet redelijke” burgers en gezagsdragers, er moeten checks&balances zijn. 

Natuurlijk is er de laatste decennia wel gedacht over de noodzaak van wetgeving, regulering of een supranationale cyberpolitie, maar men hield het vooral op zelfregulering, de Amerikaanse regering hield met name vast aan een “hands off” filosofie, tamelijk libertijns, want men geloofde dat te veel overheidsbemoeiienis de innovatie en economische en technische ontwikkeling zou schaden. Er kwamen wel verklaringen en vage afspraken, de Bonn Declaration uit 1997 is een voorbeeld, maar echte regelgeving en handhavingsinstanties kwamen er niet, buiten de contractuele afspraken die werden gemaakt door de technische partners, providers en de IP-autoriteit (ICANN). In de technische specificaties zoals IPv6 zit wel een zekere dwang, in feite bepalen standaardisatie-organen vaak de richting van de ontwikkeling en kunnen bepaalde ontwikkelingsrichtingen afsluiten, maar dat is beperkt. 

SF en ethiek 

De huidige ontwikkeling van de techniek en met name cyberspace is voorzien en in zekere zin voortgebracht door de Science Fiction schrijvers, Gibson is een goed voorbeeld, hij kwam met de term Cyberspace. De wetten van de robotica van Isaac Asimov zijn een ander, en treffend voorbeeld, van het bewustzijn bij de SCiFi schrijvers dat ethiek, wetten, wetteloosheid duidelijk aanwezig is en was. 1984, Brave New World, Big Brother, ons denken over Cyberspace is heel vaak gebaseerd op “memes” die in de literatuur naar voren komen. 

Klikrecht 

Klikrecht, het openbaar willen en kunnen maken van informatie die verborgen werd gehouden, is zo’n onderwerp, waar de rechtsgeleerden zich eens over zouden moeten buigen. Het gereedschap van de huidige rechter, die hier particuliere en publieke belangen moet afwegen, is beperkt, men kan denken in termen van proportionaliteit, maar de tijdsfactor is erg onzeker. Wat is het gevolg van wel of niet naar buiten komen met die gegevens, waren er andere wegen, is een beetje schudden wel en de boom omzagen niet acceptabel. Klikrecht, één van de grote vragen, en niet alleen in cyberspace in 2011! 

Het afwijzen van klikken lijkt eenvoudig, in situaties waarin dat ingaat tegen de overheid zoals bij Wikileak roept men om maatregelen, maar het probleem is dat de overheid klikken stimuleert, deals maakt met criminelen over getuigenissen, betaalt voor CD’s met bankgegevens, kliklijnen opzet en dan moeilijk kan volhouden, dat voor wat betreft klikken “Quod licet Jovis, non licet bovis” zou opgaan, want waar is dan het rechtsevenwicht. En dat is in cyberspace nu juist de kernkwestie, want daar is geen echte overheid en moet alles dus evenwichtig worden opgetuigd. 

Klikrecht in Nederland 

Kliklijnen, betalen voor crimineel verworven gegevens, deals met kroongetuigen, aan uitlokking grenzende opsporingsmethoden, het is allemaal vrij gewoon geworden, maar ook vrij eenzijdig gericht op informatie van en door de overheid, inbreuk op grondrechten van burgers zoals het recht op privacy (artikel 10 Grondwet en artikel 8 EVRM) of het weigeren van inzage in processen verbaal is vrij normaal, maar klagen over de overheid wordt extreem moeilijk gemaakt. Er is echter geen specifieke (formeel) wettelijke basis voor klikken ofwel de inlichtingeninwinning door middel van al dan niet anonieme informanten en voor wat betreft klikken over de overheid is dat in de praktijk goed afgeschermd, als men geen betrokkene is kan men bijvoorbeeld over politieoptreden of van ambtelijk misbruik geen aangifte doen en ook de zgn. integriteits-bureau’s van de gemeente staan niet open voor klachten die niet gedragen worden door politieke of ambtelijke klagers. En bij klachten is de hele procedure vaak gebaseerd op intern en niet onafhankelijk onderzoek, zonder verdere controle door een onafhanelijke rechter. Voor zover de gedachte wordt aangehangen dat de politie en de overheid al datgene mag doen, wat ook gewone burgers mogen, is een wettelijke regeling voor het passief ontvangen van informatie misschien overbodig en men kan inlichtingeninwinning ook zien als een normale politietaak die, evenals het leggen en onderhouden van contacten met andere burgers, volgt uit artikel 2 Politiewet 1993.  Gaat het om inlichtingeninwinning met het oog op de opsporing van strafbare feiten, dan zijn er andere taakstellende artikelen, zoals de artikelen 141 en 142 Sv. Maar voor het het actief runnen van informanten en zelfs betaling voor hun werk, dat vaak een duidelijke aanslag op de privacy van derden inhoudt, is echter geen wettelijke regeling gekregen. Ook in de samenwerking met buitenlandse diensten, in extreme gevallen leidend tot zgn. rendition, gevangenhouding en zelfs marteling, gaat dat ver buiten iedere wettelijke regeling om, en in strijd met het strafvorderlijke systeem in ons land. Situaties waarin de politie informanten strafbare feiten laat plegen en eventueel strafvorderlijke deals met criminelen worden gesloten, zoals de IRT affaire duidelijk maakte, hebben geen wettelijke grodslag. Met betrekking tot het runnen van informanten in de praktijk wel is er de CID-regeling 1995, de (niet-gepubliceerde) Regeling tip-, toon- en voorkoopgelden (1985) en de Modelbrief deals met criminelen (1983), maar die laten veel ruimte, vooral voor korpsen die kunnen afwijken van wat het departement voorschrijft, zoals bleek na Kamervragen hierover. Met name de regel, dat het optreden van de informant binnen de door de rechtspraak gestelde grenzen moet blijven, blijkt niet nageleefd te worden.  

Nu is er ook wel iets te zeggen voor betalen voor informatie of zelfs voor het uitloven van premies voor actie. In het Wilde Westen werd het gebrek aan politie en handhaving gecompenseerd oor een systeem van premies en bounty-hunters, dat we allemaal wel kennen uit de Westerns. In cyberspace zou dat een oplossing kunnen zijn en in feite betalen grote platforms als Google en Symantec al voor tips en informatie over gaten in de cyberverdediging, een systeem waarbij klikken over cybercrime wordt beloond is niet ondenkbaar en zelf het stimuleren van aanvallen op spammers en malware verspreiders is denkbaar.. 

Normen en waarden en Internetopvoeding 

Als we er van uitgaan dat er zekere normen en waarden (moeten) bestaan op internet, dan is alleen repressie onvoldoende om dit op lange termijn te verzekeren, dan zal in de opvoeding aandacht besteed moeten worden aan die regels, normen en ethische waarden. Daarbij komt onvermijdelijk de vraag naar boven, waarom er een scheiding is in de publieke (feitelijk een nationale en een bovennationale) en de particuliere sfeer en waar die ligt en dan komt de privacy weer om de hoek kijken. 

Click en Clip 

Het gaat ook om rechten, de Wikileaks files zijn eigenlijk copyrights van de betrokkenen,. Auteursrechten en Copyrights, officieel valt dat onder de noemer ‘intellectuele eigendom’ van digitale media. Volgens de kenners zijn de huidige wetten en regelingen rond het auteursrecht in principe ook bruikbaar voor het digitale en cyberdomein, maar er wordt, met name onder druk vanuit de VS, toch gewerkt aan uitbreiding van met name de Berner verdragteksten en de Universele Auteursrecht Conventie, die de internationale wederzijdse erkenning van intellectuele rechten regelen. 

Het auteursrecht is een economisch factor, maar ook een culturele, want het is “een motor van de vrije meningsuiting want het verschaft de economische prikkel om gedachten en gevoelens te scheppen en te verbreiden.’’ 

Merken, namen, vormgeving, het valt allemaal onder die intellectuele rechten. Misschien heeft u daar weinig boodschap aan, maar dat kan veranderen. Is uw bedrijfsnaam nog niet door een ander (cyberkraker) als web-domain geregistreerd of gebruikt een of andere grapjas uw prijslijst via een directe verwijslink in zijn pagina als de zijne? Copyrights worden steeds belangrijker, het idee van de ‘hackers’ dat het om ‘onverdedigbare’ en dus niet afdwingbare rechten zou gaan is sinds de afgang van de Nederlandse digerati tegenover Scientology (Karin Spaink en consorten verloren dat en terecht, maar verklaarde schaamteloos haar afgang als overwinning, ondertussen won Scientology reeksen zaken over de hele wereld) wel verdwenen. Information wants to be free, een devies waar John Barlow’s EFF ooit mee schermde, gaat niet en zeker niet altijd op, tenminste niet in de huidige rechtsorde. 

Digitale copyrights zijn lastige dingen, organisaties als Buma/Stemra/Brein gaan er met de techno-fascistische botte bijl achteraan en maken bijvoorbeeld het maken van leuke YouTube filmpjes of websites haast onmogelijk, als er maar een regeltje muziek of songtekst op staat krijg je hen of hun internationale zusterorganisaties en de portal-operators achter je aan. Maar ook de civiele aanspraken van al dan niet vermeend rechthebbenden kunnen uit de hand lopen. Toen we zelf, al jaren geleden overigens, van een of andere louche advocaat een vordering van toen fl 45.700,- kregen omdat een ingezonden brief van een lezer op onze website belandde schrokken we wel even, want inderdaad dat soort zaken is meestal (nog steeds) niet goed geregeld en dus kan iedere gek vragen wat ie wil. 

Niet alleen sex 

De meeste commotie is op dit moment rond de aansprakelijkheid van site-beheerders en providers voor de veiligheid bedreigende zaken rond terrorisme of nare informatie over wat overheden en bedrijven zoals uithalen (Klik-data). Overheden blokkeren soms hele reeksen sites, waar kritiek op hun beleid staat, China is een bekend voorbeeld. Maar ook zaken als kinderporno, sex en opruiende, racistische of anderszins onbehoorlijke data, die over landsgrenzen heen verhuizen, halen de kranten. Daar zijn ondertussen voldoende uitspraken over (bv One-to-One versus BT/Ictis en Playboy versus Frena) die duidelijk maken dat er wel degelijk grenzen zijn aan de digitale datavrijheid. Op lange termijn onduidelijker zijn de meer zakelijke rechten, zoals auteursrecht op bestanden met persoonsgegevens, kopierecht, aansprakelijkheid voor de inhoud (smaad), de naamgeving en het merkenrecht, de aansprakelijkheid van de poster, de doorgever en de provider, maar ook de opkomende en nog heel vaag beschreven rechten als click-recht en cliprecht. 

Daarbij moet er naar twee kanten gekeken worden, enerzijds de vrijheid van meningsuiting, de rechten en plichten van de eigenaar/opsteller/provider van data en anderzijds de rechten van de burger, bv. de bescherming van z’n persooonlijke levenssfeer en privacy, zoals via de Wet op de persoonregistratie wordt geregeld. De EU heeft hiervoor ook al zgn Data Protection Directives doen uitgaan. 

WIPO en ACTA 

In Geneve is de WIPO bezig om ook databases als aparte categorie (sui generis) auteursrechtelijk te beschermen, dat zou bijvoorbeeld de ruzies rond telefoonboeken in het voordeel van de PTT’s beschermen, maar ook de rechten van de burger op b.v. z’n eigen gegevens drastisch beperken, die komen dan te liggen bij de compilator. Tegen die WIPO plannen bestaat wel verzet, met name vanuit de bibliotheekwereld, die ook het inzagerecht of leesrecht in bibliotheken in gevaar ziet komen. 

Een andere internationale regeling, namelijk het anti-namaak en piraterijverdrag ACTA, dat eigenlijk vooral gaat over namaak van kleding, merkvervalsing en dergelijke, heeft veel discussie opgeroepen, omdat bepaalde passages ook op internet-uitingen zouden slaan. Maar, zei zei minister Van der Hoeven (Economische Zaken) woensdag 8 september 2010 in de Tweede Kamer “er verandert niets voor de internettende consument. Het brengt bijvoorbeeld geen ‘three strikes out’ aanpak naar Nederland en de vraag of er sprake is van inbreuken op het auteursrecht blijft gewoon een nationale aangelegenheid.”. 

Het ACTA-verdrag waarover nu door de EU, de VS, Japan en een aantal andere landen wordt onderhandeld is gericht op het maken van betere internationale afspraken om schade door namaak en piraterij te voorkomen. Het gaat om een fenomeen van internationale omvang met grote gevolgen voor veel ondernemers en consumenten die de dupe zijn van namaak en piraterij. 

Waar het om gaat is dat door het uitbreiden van de auteursrechten in het digitale domein bijvoorbeeld het browsen of zoeken naar bepaalde informatie afgedekt kan worden. Feitelijk is het al zo dat wat Altavista en Yahoo en zo doen eigenlijk niet mag, je kunt niet zonder voorafgaande toestemming andermans bestanden gaan indexeren en het resultaat aan derden verkopen. Ook het cachen, spiegelen of werken met proxies mag eigenlijk niet zonder voorafgaande toestemming en dat is feitelijk een bom onder het hele idee van kabelmodems etc. Dat wil men beter regelen, maar daarmee gooit men misschien meer overboord dan nodig en rechtvaardig is. Want zonder inzage of zoekrecht wordt ook de mogelijkheid van controle van bepaalde bestanden een wassen neus, want als je ergens niet - zonder betaling - in mag kijken zul je nooit weten of bepaalde gegevens over jezelf, je bedrijf of wat dan ook niet kloppen. 

Hoewel met name de uitgevers geporteerd zijn van het idee dat alle digitale bestanden beschermd zijn door een eigen soort auteursrecht is de samenleving daar misschien niet zo bij gebaat. Want controle van bestanden, controle van wat er mee gebeurt is daarmee moeilijk en wekt weerstand, met Wikileak toestanden als gevolg. Wat is digitale en “echte” waarheid in deze zin? Er ontstaat naast de ‘echte’ burger ook een ‘virtueel’ beeld van die burger, met b.v. koopgedrag, ziektes, subjectieve beoordelingen, status als consument of kredietwaardigheid, waar men geen weet meer van heeft en waar geen controle op mogelijk is. Het ene land kan proberen zoiets wettelijk te regelen, maar als bepaalde landen niet meedoen gaat het mis. Als b.v. Tonga niet meedoet aan een bovennationale regeling zet men toch de database ergens op een Tonga server (of op een satelliet in naam van Tonga). Of gaat dan een grootmacht of de VN hier oorlog om voeren en Tonga bezetten, ook in het oorlogsrecht zijn we nog niet echt klaar voor cyberspace en cyberwars?  

Cyberwar 

Cyber-aanvallen op landen (in 2010 Estland) zijn realiteit. Verreweg de meeste specialisten zijn het erover eens dat het bedrijfsleven, maar ook instituties op nationaal en internationaal niveau in de nabije toekomst te maken krijgen met grootschalig cyberterrorisme en/of een grote cyberaanval. Er worden nu door leger en veiligheidsdiensten, de Navo etc. al speciale afdelingen gevormd, het blijkt dat alleen bepaalde interne netwerken binnen de overheid en financiële instellingen relatief goed beveiligd zijn, maar dat is niet dekkend. De complexe en door cloud technologie nog complexer wordende structuur van informatie- en communicatievoorzieningen is extreem gevoelig voor ontregeling door fysieke aanvallen met e-bommen, DDoS of logische aanvallen met software programma’s, ook door vijandelijke staten. Computernetwerken gaan het primaire doel van vijandige machten vormen. 

Verschillen in religieuze achtergrond en ethische motieven zijn vaak de aanleiding, dat maakt het allemaal zo moeilijk, want dan ziet men vaak het “opleggen” van Westerse en neoliberale rechtsregels al als een provocatie, en rechtvaardiging van subversieve acties. De filosoof Peter Sloterdijk merkt terecht op ‘Pas op het toppunt van de moderne tijd wordt ons onthuld dat subjectiviteit en bewapening identiek zijn.’ 

Evenwicht, het Balinese kliprecht 

Misschien is het verstandig ons af te vragen wat de onderliggende evenwichten en balancerende krachten zijn of zouden moeten zijn. Wat is de basis van een “klik”-recht (clickright) om te kijken naar bestanden (vergelijkbaar met het inzien van boeken in een bibliotheek) of het clipricht (een soort variant op het kopieerrecht), tot hoever strekt het klikrecht (klokkeluiders) en hoe zit dat met de rechten en plichten van zowel degene die materiaal op het net zet als degene die er naar kijkt. Zouden we bijvoorbeeld geen instantie moeten hebben die wel toegang heeft tot alle bestanden, zelfs die zijn afgeschermd voor het publiek. 

Heel vaak vergeten we dat aan wetten ook rechtvaardigheid ten grondslag ligt of zou moeten liggen, dat rechten en plichten met elkaar verweven zijn. De historie kan dat verduisteren en dan komen er soms oorlogen van, met verschrikkelijke tragedies, alleen maar omdat de ene partij zich niet voldoende verdiept heeft in de basis van bepaalde rechten. 

Dit zijn rechtsvragen, waar nog eens stevig op gestudeerd moet worden. Daartoe verwijs ik hierbij graag naar wat sommige juristen zich misschien nog herinneren, namelijk het Balinese KLIP-Recht, een soort overgeleverd jutrecht. Een bijna obscuur onderwerp, waar je zelfs op het Internet niets over zult vinden, maar in de vorige eeuw wel de oorzaak van een verschrikkelijke slachting en de teloorgang van een aantal balinese vorstendommen en vorstenhuizen in wat men zich daar nog herinnert als Puputans, bijna rituele zelfmoorden van balinese vorsten en hun familie, die volgens hun eer en geweten het door de Nederlandse overheersers ongeldig verklaarde KLIP-Recht (Tawan Karang) van de onder hen staande bevolking niet wilden ( en in hun visie niet mochten) afpakken. Een zwarte bladzijde in onze koloniale geschiedenis, vooral omdat de rechtmatigheid van het verzet van de Balinese vorsten nooit is erkend. Het kliprecht was het excuus voor 5 militaire expedities naar Bali (1846 tot 1906), de ondergang van Badung en Tabanan en de KlungKung puputan van 20 september 1906. Voor de slachter van de Atjeh-oorlog, de toenmalige gouverneur generaal J.B. van Heutz misschien een handige aanleiding om het zelfbestuur van Bali min of meer te beeindigen, voor de Balinezen blijft het onrecht. 

De stap van kliprecht naar cliprecht is meer dan een woordspelletjes, het spul dat je toevallig vindt op het strand mocht je volgens dat kliprecht houden, maar de vraag is of er ook geen verplichtingen waren, zoals het brandend houden van lichtsignalen, vuurtorens of betonning. Voor het klikrecht van ons cybertijdperk kunnen we een dergelijke vraag stellen, brengt vrije toegang tot data helemaal geen verplichtingen met zich mee. Misschien moet je betalen, maar je zou ook kunnen denken in termen van een soort burgerplicht om de beheerder van data erop te wijzen, dat er ergens een fout staat. Ik weet het niet, maar dat we de rechtsvragen in cyberspace niet kunnen afdoen met eenzijdige rechten dan plichten kunnen we leren van dat Balinese kliprecht. Checks and Balances, daar draait het om. 

Wikileaks; juristerij 

4 jan Wikileaks blijft juridisch interessant, wat gaat er gebeuren, wat zijn de juridische effecten, is het tijd voor echte cyberwetten of minstens meer duidelijkheid rond klikrecht? Als we kijken naar de redenaties van  de internet-advocaten Christiaan Alberdingk Thijm en Milica Antic  van Solv Advocaten dan zien die Wikileaks als strafbaar in de zin van het Nederlandse Wetboek van Strafrecht, daarin zijn meerdere bepalingen opgenomen over het schenden en bemachtigen van staatsgeheimen (zie artikelen 98 t/m 98c), die echter getoetst moeten worden aan de hand van de vrijheid van meningsuiting.  

Omdat Nederlandse rechters niet aan de Grondwet mogen toetsen, wordt hier, in laatste instantie door het Europees Hof van de Rechten van de Mens (EHRM) in Straatsburg getoetst aan artikel 10 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM). Het EHRM heeft zich volgens de beide advocaten al meerdere malen in positieve zin uitgelaten over het publiceren van vertrouwelijke of geheime informatie. Zo oordeelde het EHRM in de Spycatcher-zaak dat een oud-lid van de Engelse geheime dienst mocht publiceren over zijn ervaringen bij spionagedienst M 15. In de zaak Fressoz-en-Roire bepaalde het EHRM dat het publiceren van de belastingsaanslag van de directeur van Peugeot die anoniem was toegespeeld aan een journalist toelaatbaar was. 

Een van de argumenten zou daarbij kunnen zijn dat de de stukken die WikiLeaks publiceert helemaal niet zo schadelijk en geheim zijn, het gaat om roddels, achterklap, waar blijkbaar ook miljoenen ambtenaren in de VS deels toegang toe hadden. Volgens Alberdingk Thijm  is het feit dat het vertrouwelijke diplomatieke gegevensverkeer is geschonden door WikiLeaks is echter weldegelijk zeer schadelijk. Iedere ambtenaar die een kopje koffie drinkt met een ambassade-medewerker weet nu: alles wat ik zeg wordt opgeschreven en gerapporteerd. Bovendien kan het morgen op straat komen te liggen. In de woorden van het EHRM in de eerdere zaak: de openbaarmaking ondermijnt het klimaat van discretie dat nodig is om diplomatieke betrekkingen te onderhouden. 

Daar komt bij, dat er ook wel degelijk gegevens zijn gelekt, die direct bedreigend zijn voor medewerkers in het veld, militairen betrokken bij acties of voor diplomaten, politici of hun families die worden genoemd in de documenten. 

Alberdingk Thijm wijst er verder op, dat het publiceert van waarheden geen vrijbrief is. Het feit dat een uiting op waarheid berust, betekent nog niet dat de uiting geoorloofd is. Openbaarmaking kan belangen schaden, en er is een afweging nodig tussen de belangen. Overigens is in ons rechtssysteem die afweging aan de journalist of openbaarmaker en kan er alleen achteraf door de rechter getoetst worden, er is geen censuur vooraf, pas als er een boek (of andere uiting) voorligt kan de rechter bijvoorbeeld verspreiding verbieden. Het maatschappelijk belang van wat geopenbaard wordt, speelt ook een rol, worden daardoor echte misstanden naar buiten gebracht, dan zal de rechter dat eerder acceptabel vinden. 

Een van de rechtsvragen die opkomen is volgens Alberdingk Thijm cs ook of Assange als journalist gezien kan worden.  Journalisten worden door het EHRM dikwijls beschouwd als “public watchdog”. Zij vervullen een bijzondere rol in het democratische proces. Om die reden mogen zij eerder vertrouwelijke stukken publiceren. Dat heeft te maken met de rol van de journalistiek, die kan selekteren, de context kan aangeven of duiding kan toevoegen. Assange doet dat niet, en plaatst de vrijwel volledige teksten en verricht dus geen journalistieke rol. De bescherming van journalisten is wel ingebed in de beroepsethiek waaraan zij zijn gebonden. En die beroepsethiek ontbreekt volgens Alberdingk Thijm cs juist in het geval van WikiLeaks. Het feit dat WikiLeaks een soort digitale stortplaats is geworden voor (zeer) vertrouwelijke documenten, maakt nog niet dat de site of de oprichters als persorgaan zijn aan te merken. Net als bij elk ander bedrijf of elke andere burger, zullen de ‘onthullingen’ door WikiLeaks gewoon getoetst moeten worden aan de wet, en daarbij is het uitgangspunt dat het openbaar maken van staatsgeheimen strafbaar is. De verdenking dat de stukken door schending van een ambtsgeheim zijn verkregen, pleit dan niet in het voordeel van WikiLeaks. De rechter zal dat een factor van betekenis vinden. WikiLeaks kan zich dus volgens Alberdingk Thijm cs niet verschuilen achter de daden van anderen. Ik (LS) ben er niet zo zeker van, want hier lopen transmissie en openbaarmaking toch wel wat door elkaar. Interessant is dan dat providers, die ook allerlei zaken, soms ook criminele content, doorgeven, hier veel minder in beperkt worden, en in hoeverre is medewerking aan Wikileaks, door links, geld overmaken, mirroring, co-hosten, ook strafbaar. 

Hier speelt volgens Alberdingk Thijm cs ook de vraag welke bescherming en vrijheden een klokkenluider heeft en daar is geen echte duidelijkheid over. In Nederland geeft alleen de Ambtenarenwet een specifieke regeling voor klokkenluiders. De wet geeft geen definitie maar bepaalt dat de ambtenaar die te goeder trouw misstanden aan de kaak stelt via de intern opgestelde bedrijfsprocedure, hiervan geen nadelige gevolgen mag ondervinden. Het EHRM geeft de werknemer of ambtenaar die vertrouwelijke informatie lekt onder omstandigheden bescherming. Het moet dan wel steeds gaan om een kwestie van groot maatschappelijk belang. In het geval van Wikileaks is dat dus een kernvraag, want is openbaarheid geen maatschappelijk belang? Assange’s actie moet dus in het kader van een ethische afweging geplaatst worden, en ethiek heeft, buiten de dogmatiek van openbaringsdenken (10 geboden) , het vaak cultureel bepaalde natuurrecht en filosofische constructies als Kant’s Categrorisch Imperatief, weinig harde (rationele) fundamenten. Waarheid, vrijheid, veiligheid, in een globale context kunnen we ze al helemaal niet helder aan elkaar relateren. We zullen terug moeten naar denkers als Spinoza die bijvoorbeeld vrijheid als een essentiele taak van de staat zag en zien of er een ethiek van cyberspace valt te formuleren. Daar is grote behoefte aan, net als bij de opkomst van de intercontinentale scheepvaart door Hugo de Grote een kader werd geschapen (de vrije zee) zal Cyberspace een eigen ethiek en rechtsgrond moeten krijgen. Ik vindt het jammer dat in alle forums en discussies en de commentaren van juristen men dat wel aanstipt, maar niet met duidelijke suggesties en inzichten komt. Het zijn feitelijk niet-juristen als JP Barlow (EFF), Jaron Lanier, Ted Nelson, Wau Holland en SciFi schrijvers als Gibson die hier zinvolle bijdragen en vooral vergezichten hebben geleverd. Zij deinsden niet terug voor subjectieve rechtsopvattingen, en ik geloof ook dat we in het subjectieve recht en de vraag hoe ervaar ik privacy, waarheid, geluk, vrijheid een nieuwe cyberethiek zullen vinden. Geen legal push, maar subject-pull. In die zin is het internet ook een medium, dat nog democratische vergezichten biedt. 

Het is natuurlijk niet de eerste keer, dat overheidsdocumenten gelekt zijn, soms met grote gevolgen zoals in 1971 toen Daniel Ellsberg de zgn. Pentagon Papers over de Vietnam oorlog bekend maakte. Hij hield toen, als zelfcensuur, echter een aantal berichten achter, met name wat betrekking had op de diplomatieke  onderhandelingen om de oorlog te beeindigen. Het Amerikaanse hooggerechtshof oordeelde in die situatie dat openbaarmaking van de Pentagon Papers wel mocht, omdat men censuur vooraf (prior restraint) afwees, en achteraf is Ellsberg ook niet meer aangeklaagd.  Assange maakt het onderscheid tussen beschuldigende en actueel vertrouwelijke gegevens niet, hoogstens zijn hier en daar wat namen gewist, en wil dat ook niet. Wikileaks beschrijft zichzelf als “an uncensorable system for untraceable document leaking and analysis.” En wil blijkbaar niet meer doen dan alles wat geheim en verborgen is naar buiten brengen. Dat daarbij ook materiaal naar buiten komt, dat mensen, instituties en landen kan schaden of in gevaar brengen, doet dan niet terzake. 

De wettelijke basis om Assange voor dergelijke gevolgen aansprakelijk te stellen is beperkt, en in verschillende landen en rechtssystemen ook verschillend. In de VS kan men proberen hem aan te spreken op het overhalen van iemand om hem geheime informatie te verschaffen danwel een samenzwering daartoe te leiden, dat is strafbaar onder de Espionage Act. Maar als dat niet lukt, als de documenten als het ware op z’n stoep werden gedeponeerd, dan kan men hem hoogstens ongeautoriseerd bezit of verspreiding aanwrijven. De Amerikaanse soldaat Bradley Manning is naar verluidt een van de personen die, zijn ambtsgeheim schendend, gelekt hebben aan WikiLeaks, hij moet nog voor de krijgsraad verschijnen. In hoeverre heeft Assange druk op hem uitgeoefend, of is hij alleen ontvanger. Bij het eerste kan men vervolgen op basis van de Computer Fraud and Abuse Act en vermijd men de First Amendment kwesties. 

De betreffende Sectie 793 van de Espionage Act is bijzonder onduidelijk en veel te breed gesteld, zeggen rechtskundigen in de VS zoals een voormalige Supreme Court Justice John Marshall Harlan en daarmee strijdig met het Eerste Am amendement over vrijheid van meningsuiting.In feite is er nog nooit een journalist op basis van dat artikel veroordeeld en dat telt erg zwaar in de VS, waar rechtspraak vooral een kwestie van jurisprudentie is. In een niet doorgezette zaak in 2006 oordeelde de federale rechter dat dit artikel alleen niet in strijd was met het Eerste Amendement als er sprake was doelbewuste acties om de staat te schaden, maar in dit geval heeft Assange mogelijk niet meer gedaan dan doorgeefluik gespeeld met kleine aanpassingen. Zijn op basis van zijn overtuiging en intentie dat overheidsgeheimen naar buiten gebracht moeten worden, zou hij ook de dans kunnen ontspringen. Maar, als zo’n zaak uiteindelijk bij het Supreme Court wel standhoudt, de vrijheid van meningsuiting of in bredere zin waarheidsvinding ook ernstig kunnen beperken. Het evenwicht vrijheid-veiligheid is de laatste jaren al verschoven, een Wikileaks proces zou daar in dat proces een mijlpaal kunnen zijn. 

Wikileaks heeft wel de kwetsbaarheid van communicatie en geheimhouding aangetoond en zou er wel eens toe kunnen leiden dat er nieuwe en meer beperkende wetgeving komt, in de VS en elders. Daarmee zou  bijvoorbeeld journalisten het gebruik van confidentiële informatie ontnomen kunnen worden, iets wat natuurlijk tegen de bedoeling van Wikileaks ingaat. Wikileaks lijkt in die zin een verdediger van de vierde macht (de pers), maar zet misschien ook de bijl in de fundamenten daarvan, het Eerste Amendement en de universele mensenrechten. Niet voor niets rees de gedachte, dat dit allemaal een spelletje is van CIA of andere repressief gerichte organisaties om een situatie te scheppen, die kan dienen om de vrijheid van meningsuiting in te perken.  

Touwtrekken 

Assange en z’n kruistocht tegen geheime overheidscommunicatie is natuurlijk niet uit de lucht komen vallen. De overheid zelf speurt steeds meer, luister af, filtert en is vrij actief op het internet en in het monitoren van content op het web en in emails. Men heeft bewaarplicht opgelegd aan providers en “datamining” is zelfs voor gemeentediensten gewoon geworden, uitkeringstrekkers weten dat men speurt op Hyves, Facebook en de koppeling van allerlei bestanden is steeds meer geaccepteerd. Via kliklijnen is de overheid eigenlijk ook zelf bezig a la Wikileaks al dan niet anonieme klikkers  te faciliteren. De overheid koopt gestolen databestanden met bankgegevens en gaat daarmee belastingontduikers opsporen of tenminste bang maken, zaken die heel dicht bij uitlokking komen, want welke bankemployee valt voor de grote geldworst die men krijgt voorgehouden. Lokjoden, betaalde kroongetuigen, profiling technieken, de ethiek van de overheid is al langer aan het beschimmelen.  

Daar is een reactie op gekomen,  er zijn wetten die openbaarheid van bestuur garanderen, en die worden ook gebruikt, Allerlei overheidsrapporten en gegevens worden afgedwongen, in ons land, maar ook in de VS maken persmedia gebruik van de Freedom of Information Act om gegevens boven water te halen. In die zin zou Assange op basis van die wet over een jaar of twintig gewoon al die files met succes  hebben kunnen opvragen. 

Overheid en burger hebben beiden belang bij het verkrijgen van bepaalde gegevens, maar de overheid meent daarbij meer rechten te hebben dan de burger en Wikleaks is in die zin een protestactie, een roep om openbaarheid en daarin zit een zekere rechtvaardiging van Assange’s acties en verklaart ook waarom zovelen hem steunen of sympathie hebben voor Wikilekas. Men voelt zich steeds meer bedreigd door overheden en bedrijven die alles over je weten, maar misschien ook zelf geheimen hebben. Hoevelen hebben niet gehoopt of zelfs verwacht dat er ergens in de Wikileaks files iets zou staan over Ufo’s, Chemtrails of 2012? Heeft in die zin de overheid/het systeem deze Aktie niet uitgelokt, is er geen sprake van gerechtvaardigde opstand tegen een overmachtig systeem? 

Privacy 

Privay op het internet is ook buiten de Wikileaks affaire een hot topic. In de VS, waar de overhead zich tot nu toe buiten de discussie hield, en er geen duidelijke federale privacy wetgevening is, spreekt Obama nu over een “privacy bill of rights” om het verzamelen en gebruiken van online consumer data te reguleren. Er komt een Privacy Policy Office dat online privacy issues in de VS en elders moet coordineren.  De FTC publiceerde een rapport, waarin men pleit voort  do-not-track richtlijnen, online verkregen gegevens mogen niet verder worden gebruikt. Deze voorlopig als poging te kenschetsen opzet  betekent overheidsinmenging in wat tot dusver werd overgelaten aan zelfregulering, contractrecht en rechterlijke uitspraken, waarbij men het argument gebruikte dat overheidsinmenging de innovatie zou beperken. Gezien de opkomst van de Tea Party, die radicaal tegen overheidsbemoeienis is, zou Obama’s iniatief wel eens snel kunnen sneuvelen. 

De kosten 

Bescherming tegen virussen en hacker attacks is wereldwijd een miljarden business, voor de commerciele beschermers en de criminele aanvallers beiden. Daarnaast geeft ook de overheid steeds meer uit aan cyberware, zowel offensief als defensief, het gaat om honderden miljarden. Cyberterrorisme is een van de ernstigste bedreigingen die op ons afkomen, de effecten van bijvoorbeeld een massieve ontregeling van het internet verkeer en het daaraan gekoppelde betalingsverkeer en kan rampen veroorzaken die ver uitstijgen boven 9/11. Gartner waarschuwt voor een dergelijke calamiteit al in haar voorspellingen voor 2015. Letterlijk: “By 2015, a G20 nation’s critical infrastructure will be disrupted and damaged by online sabotage”. De complexiteit van al die systemen, en dat gaat met de cloud-technieken alleen maar erger worden, is riskant, moeilijk te beschermen en kwetsbaar voor externe aanvallen. Die komen niet alleen van hackers, maar steeds meer gaan ook landen over tot cyberwarfare en zetten deskundigen in om bepaalde sites of systemen onderuit te halen. Cyberwar is relatief goedkoop en heeft grote impact, en een guerilla-aanpak is zeer effectief, dat blijkt wel uit de hele malware-opkomst. Door meer repressie en beperkingen van digitale vrijheid lijkt het alsof de cyberveiligheid toeneemt, maar dat stimuleert juist weer meer anderen om ook mee te gaan doen en daarmee ontstaat er een geweldsspiraal of wapenwedloop in cyberspace, die op termijn wel eens meer zou kunnen gaan kosten dan conventionele bewapening. 


Platte ICT 

3 jan In 2011 van verticaal naar horizontaal computeren is een nog niet onderkende trend (zie hieronder). Voor 2011 zijn de verwachtingen hoog gespannen, de economie gaat beter en de magere jaren (2009 en 2010) zijn voorbij. Vorig jaar was voor de retailer nog niet zo slecht, er was een inhaalvraag, maar voor de bodyshoppers, de outsourcing en ICT-services industrie was 2010 nog vrij slecht. Met de cloud en langzaam verouderende apparatuur (de W7 stap) moet er weer geïnvesteerd worden. Ook wordt nu duidelijk dat de overheid aan alle kanten zat te knoeien met ICT. Wat een onkunde, dom bezuinigen, gerommel en geldverspilling! De politie, grote steden en nu ook de belastingdienst blijken serieuze problemen te hebben, daar moet veel geld naar toe, veel rommel opgeruimd en de verantwoordelijke bestuurders komen zoals gebruikelijk met de schrik vrij of geven de schuld aan incompetenties in de lagere rangen. 

In de CE markt gaat de tablet verder opstomen, de iPad maar ook concurrenten in diverse form-factoren, van net in de binnenzak tot bijna laptop grootte, van net genoeg tot alleskunner. Van verticaal naar horzontaal is een trend, die nu duidelijk begint te worden, de iPad is voor veel gebruikers een koffietafelding, liggend gebruikt, en daarmee verandert de hele interface. Apple gaat al de goede richting uit, maar platte interfaces, Microsoft toonde al jaren geleden tafel-touch screens, gaan het maken. Die zijn socialer, meer gebruikers tegelijk, toegankelijker, maar vragen wel aanpassingen, zoals een platte achterkant, schermen die goed reageren op omgevingslicht, een brede zichthoek hebben en makkelijk kunnen draaien. Stroomtoevoer via een voorziening in het platte vlak van b.v. de tafel is dan een logische ontwikkeling.  Ik voorzie een hele nieuwe vormfactor mode, Apple neemt ongetwijfeld het voortouw met de nieuwe iPad 2.  Er zijn nieuwe technische ontwikkelingen voor nodig, maar die komen er vast, met op termijn 3D holografische beelden die boven het platte ding worden geprojecteerd. 

Wikileaks fall-out 

27 dec De CIA heeft nu een Wikileaks task force opgezet, wel wat laat, want het lekken van gevoelige informatie, foto’s etc. is al jaren aan de gang. Men neemt het nu blijkbaar serieus en gaat volgens de Washington Post nu bekijken welke schade er is aangericht. Assange gaat ondertussen z’n memoires schrijven, leuke kost voor wie de overheden te veel vertrouwde, zonder twijfel gaan we binnenkort ook de Wikileaks musical en film wel zien. De hele kwestie van lekken, klokkenluiders en digitale transparantie vraagt eigenlijk om een heel nieuw rechtssysteem, dat is aangepast aan internet, de internet-economie, de globaliserings tendensen en de kwesties rond auteursrechten. Ooit, nu al 15 jaar geleden, schreef ik daar al eens een artikel over, want zelfs het onderscheid tussen click en clip is juridisch nooit helder geworden. zie http://www.lucsala.nl/ci/kolom/cliprech.htm , ik kreeg destijds positief commentaar van Hirsch Ballin, toen minister van justitie. Hieronder een aangepaste versie 

WWW: cliprecht, clickrecht, klikrecht, kliprecht 

Juridische jungle in cyberspace 

Er is geen echte moraal in Cyberspace, en geen heldere ethiek, want natuurrecht of geopenbaarde wetten zijn er (nog) niet in de virtuele wereld. Er zijn wat wetten uit de harde wereld die min of meer van toepassing zijn verklaard, maar een heldere etische of juridische visie op deze wereld die “wijn verkoopt zonder flessen” zoals JP Barlow (EFF) stelde in 1994, is er niet. Er is nogal wat te doen rond de gebruik en misbruik van content, malware, privacy en veiligheid, de Wikileaks affaire (eind 2010) is maar een recent voorbeeld. Het gaat om muziek, video, maar ook zogenaamde geheime communicatie en dat is niet alleen een kwestie van privacy, openbaarheid van bestuur, criminaliteit-bestrijding, terrorisme, nationale veiligheid, maar daaronder zit de kwestie van wie bezit wat aan informatie en wat mag en kan daarmee gebeuren.  In een wereld, waarin door digitalisatie en globalisering transparantie van alle verkeer, alle persoonlijke data, alle voorkennis en op den duur zelfs je gedachten en emoties (via gelaatsherkenning en emotiesignalering van camerabeelden) openbaar of in ieder geval toegankelijk worden, voor de overheid, commercie en kwaadwillenden die weten hoe ze daar bij kunnen komen. 

Die trend kan ook gezien worden als een entropische tendens, vervlakking en vergrijzing van alle content, Jaron Lanier beschreef de Wikipedia grootste gemene deler aanpak al eens als Digitaal Maoisme, de macht van de middelmaat. We deneken dat er meer informatie als in negentropy (dus ingaand tegen de vervlakking) is, en dat lijkt op te gaan voor individuen en bepaalde niches, maar over het geheel genomen glijden we af naar niksigheid, en dat heeft enorme gevolgen. Kijk maar naar de economie, winst is vaak een gevolg van informatieverschil, valt dat weg doordat iedereen alles kan weten, dan verdampt die kenniswinst, en wordt winstopslag een utility-proces op basis van financiering, logistiek, beschikbaarheid etc. Arbitrage, ooit een specialisme van bankers, is nu haalbaar voor iedereen met een internet-aansluiting. Ook voor veel beropen, die het moeten hebben van gespeciliseerde kennis, is op den duur het internet hun bankroet, want wie heeft hun kennis nodig als het zo te googlen is? We zijn er nog niet, en dus hebben accountants, notarissen, verzekeraars, banken en depers nog een functie in filteren, verwerken en toegang bieden, maar op den duur worden die domeinen veel minder winstgevend. Ook voor de medische wereld, waar nu al transparantie de zwakke ziekenhuizen en slechte doktoren in hun hemd zet, gaan we die kant op. 

Totale transparantie, het duurt nog even, maar hebben we er wel een juridisch fundament voor, zijn onze wetten en ons rechtsdenken wel bestand tegen Wikileaks, peer-sharing, downloads van van alles en nog wat? Vrijheid, veiligheid, privacy welke dimensies van ons bestaan zijn hier in het geding, welke afwegingen bepalen het recht, daar waar de wet ons in de steek laat. Het gaat niet om harde en rationele overwegingen, je kunt bijvoorbeeld niet stellen dat openbaarheid van bestuur altijd prevaleert of dat privacy aantasting uiteindelijk leidt to hogere kosten voor psychische gezondheidszorg, het zijn allemaal vragen die E. Kant in de sfeer van het “Vernunft” plaatste, het domein van de ethiek en daarmee het metafysisiche, want wat is goed en kwaad, zeker als we niet weten wat de uiteindelijke gevolgen zijn van zoiets als Wikileaks of in bredere zin totale transparantie van alle communicatie.  

Kliprecht 

Ik denk dat we een ander rechtsparadigma moeten ontwikkelen, een rechtssysteem voor cyberspace, iets als wat Hugo de Groot opzette voor het zeerecht op de vrije zee. Daarbij moet een goed begrip van transparantie en de effecten daarvan op termijn worden bestudeerd, want daar is nog weinig begrip van en voor. Denk maar eens aan wat in het Nederlands dan heel toepasselijk Klik-recht zou kunnen heten. Klokkenluiders, Wikileaks, maar de overheid werkt ook steeds meer met kliklijnen. Wie heeft een klikrecht, wat zijn de ethische bezwaren en voordelen, moeten we terug naar Spinoza om te begrijpen wat ethiek en vrijheid, want daar gaat het uiteindelijk om, hier mee te maken hebben. 

Klikrecht, het openbaar willen maken van informatie die verborgen werd gehouden, is zo’n onderwerp, waar de rechtsgeleerden zich eens over zouden moeten buigen. Het gereedschap van de huidige rechter, die hier particuliere en publieke belangen moet afwegen, is beperkt, men kan denken in termen van proportionaliteit, maar de tijdsfactor is erg onzeker. Wat is het gevolg van wel of niet naar buiten komen met die gegevens, waren er andere wegen, is een beetje schudden wel en de boom omzagen niet acceptabel. Klikrecht, een van de grote vragen in cyberspace 2010! 

Click en Clip 

Het gaat ook om rechten, de Wikileaks files zijn eigenlijk copyrights van de betrokkenen,.  Auteursrechten en Copyrights, officieel valt dat onder de noemer ‘intellectuele eigendom’ van digitale media. Misschien heeft u daar weinig boodschap aan, maar dat kan veranderen. Is uw bedrijfnaam nog niet door een ander (cyberkraker) als web-domain geregistreerd of gebruikt een of andere grapjas uw prijslijst via een directe verwijslink in zijn pagina als de zijne? Copyrights worden steeds belangrijker, het idee van de ‘hackers’ dat het om ‘onverdedigbare’ en dus niet afdwingbare rechten zou gaan is sinds de afgang van de Nederlandse digerati tegenover Scientology (Karin Spaink en consorten verloren dat en terecht, maar verklaarde schaamteloos haar afgang als overwinning, ondertussen won Scientology reeksen zaken over de hele wereld) wel verdwenen. Information wants to be free, een devies waar John Barlow’s EFF ooit mee schermde, gaat niet en zeker niet altijd op, tenminste niet in de huidige rechtsorde. 

Digitale copyrights zijn lastige dingen, organisaties als Buma/Stemra/Brein gaan er met de techno-fascistische botte bijl achteraan en maken bijvoorbeeld het maken van leuke YouTUbe filmpjes of websites haast onmogelijk, als er maar een regeltje muziek of songtekst op staat krijg je hen of hun internationale zusterorganisaties en de portal-operatorsd achter je aan. Maar ook de civiele aanspraken van al dan niet vermeend rechthebbenden kunnen uit de hand lopen. Toen we zelf, al jaren geleden overigens, van een of andere louche advocaat een vordering van toen fl 45.700,- kregen omdat een ingezonden brief van een lezer op onze website belandde schrokken we wel even, want inderdaad dat soort zaken is meestal (nog steeds) niet goed geregeld en dus kan iedere gek vragen wat ie wil. 

Niet alleen sex 

De meeste commotie is op dit moment rond de aansprakelijkheid van site-beheerders en providers voor de veiligheid bedreigende zaken rond terrorisme of nare informatie over wat overheden en bedrijven zoals uithalen (Klik-data). Overheden blokkeren soms hele reeksen sites, waar kritiek op hun beleid staat, China is een bekend voorbeeld. Maar ook zaken als kinderporno, sex en opruiende, racistische of anderszins onbehoorlijke data, die over landsgrenzen heen verhuizen, halen de kranten. Daar zijn ondertussen voldoende uitspraken over (bv One-to-One versus BT/Ictis en Playboy versus Frena) die duidelijk maken dat er wel degelijk grenzen zijn aan de digitale datavrijheid. Op lange termijn onduidelijker zijn de meer zakelijke rechten, zoals auteursrecht op bestanden met persoonsgegevens, kopierecht, aansprakelijkheid voor de inhoud (smaad), de naamgeving en het merkenrecht, de aansprakelijkheid van de poster, de doorgever en de provider, maar ook de opkomende en nog heel vaag beschreven rechten als click-recht en cliprecht. 

Daarbij moet er naar twee kanten gekeken worden, enerzijds de vrijheid van meningsuiting, de rechten en plichten van de eigenaar/opsteller/provider van data en anderzijds de rechten van de burger, bv. de bescherming van z’n persooonlijke levenssfeer en privacy, zoals via de Wet op de persoonregistratie wordt geregeld. De EU heeft hiervoor ook al zgn Data Protection Directives doen uitgaan. 

Huidig recht 

Volgens de kenners zijn de huidige wetten en regelingen rond het auteursrecht in principe ook bruikbaar voor het digitale en cyberdomein, maar er wordt, met name onder druk vanuit de VS, toch gewerkt aan uitbreiding van met name de Berner verdragteksten, die de internationale wederzijdse erkenning van intellectuele rechten regelen. 

In Geneve is de WIPO bezig om ook databases als aparte categorie (sui generis) auteursrechtelijk te beschermen, dat zou bijvoorbeeld de ruzies rond telefoonboeken in het voordeel van de PTT’s beschermen, maar ook de rechten van de burger op b.v. z’n eigen gegevens drastisch beperken, die komen dan te liggen bij de compilator. Tegen die WIPO plannen bestaat wel verzet, met name vanuit de bibliotheekwereld, die ook het inzagerecht of leesrecht in bibliotheken in gevaar ziet komen (http://ksgwww.hardvard.edu/llp/datacon.html of http://www.essential.org/cpt).  

Waar het om gaat is dat door het uitbreiden van de auteursrechten in het digitale domein bijvoorbeeld het browsen of zoeken naar bepaalde informatie afgedekt kan worden. Feitelijk is het al zo dat wat Altavista en Yahoo en zo doen eigenlijk niet mag, je kunt niet zonder voorafgaande toestemming andermans bestanden gaan indexeren en het resultaat aan derden verkopen. Ook het chachen, spiegelen of werken met proxies mag eigenlijk niet zonder voorafgaande toestemming en dat is feitelijk een bom onder het hele idee van kabelmodems etc. Dat wil men beter regelen, maar daarmee gooit men misschien meer overboord dan nodig en rechtvaardig is. Want zonder inzage of zoekrecht wordt ook de mogelijkheid van controle van bepaalde bestanden een wassen neus, want als je ergens niet - zonder betaling - in mag kijken zul je nooit weten of bepaalde gegevens over jezelf, je bedrijf of wat dan ook niet kloppen. 

Rechtsvragen 

Hoewel met name de uitgevers geporteerd zijn van het idee dat alle digitale besatanden beschermd zijn door een eigen soort auteursrecht is de samenleving daar misschien niet zo bij gebaat. Want controle van bestanden, controle van wat er mee gebeurt, er ontstaat naast de ‘echte’ burger ook een ‘virtueel’ beeld van die burger, met b.v. koopgedrag, ziektes, subjectieve beoordelingen, status als consument of kredietwaardigheid, waar men geen weet meer van heeft en waar geen controle op mogelijk is. Het ene land kan proberen zoiets wettelijk te regelen, maar als b.v. Tonga niet meedoet zet men toch de database ergens op Tonga (of op een satelliet in naam van Tonga). 

Evenwicht 

Misschien is het verstandig ons af te vragen wat de onderliggende evenwichten en balancerende krachten zijn of zouden moeten zijn. Wat is de basis van een klikrecht (clickright) om te kijken naar bestanden (vergelijkbaar met het inzien van boeken in een bibliotheek) of het clipricht (een soort variant op het kopieerrecht) en hoe zit dat met de rechten en plichten van zowel degene die materiaal op het net zet als degene die er naar kijkt. Zouden we bijvoorbeeld geen instantie moeten hebben die wel toegang heeft tot alle bestanden, zelfs die zijn afgeschermd voor het publiek. 

Heel vaak vergeten we dat aan wetten ook rechtvaardigheid ten grondslag ligt of zou moeten liggen, dat rechten en plichten met elkaar verweven zijn. De historie kan dat verduisteren en dan komen er soms oorlogen van, met verschrikkelijke tragedies, alleen maar omdat de ene partij zich niet voldoende verdiept heeft in de basis van bepaalde rechten. 

Dit zijn rechtsvragen, waar nog eens stevig op gestudeerd moet worden. Daartoe verwijs ik hierbij graag naar wat sommige juristen zich misschien nog herinneren, namelijk het Balinese KLIP-Recht, een soort overgeleverd jutrecht. Een bijna obscuur onderwerp, waar je zelfs op het Internet niets over zult vinden, maar in de vorige eeuw wel de oorzaak van een verschrikkelijke slachting en de teloorgang van een aantal balinese vorstendommen en vorstenhuizen in wat men zich daar nog herinnert als Puputans, bijna rituele zelfmoorden van balinese vorsten en hun familie, die volgens hun eer en geweten het door de Nederlandse overheersers ongeldig verklaarde KLIP-Recht (Tawan Karang) van de onder hen staande bevolking niet wilden ( en in hun visie niet mochten) afpakken. Een zwarte bladzijde in onze koloniale geschiedenis, vooral omdat de rechtmatigheid van het verzet van de Balinese vorsten nooit is erkend. Het kliprecht was het excuus voor 5 militaire expedities naar Bali (1846 tot 1906), de ondergang van Badung en Tabanan en de KlungKung puputan van 20 september 1906. Voor de slachter van de Atjeh-oorlog, de toenmalige gouverneur generaal J.B. van Heutz misschien een handige aanleiding om het zelfbestuur van Bali min of meer te beeindigen, voor de Balinezen blijft het onrecht. 

De stap van kliprecht naar cliprecht is meer dan een woordspelletjes, het spul dat je toevallig vindt op het strand mocht je volgens dat kliprecht houden, maar de vraag is of er ook geen verplichtingen waren, zoals het brandend houden van lichtsignalen, vuurtorens of betonning. Voor het klikrecht van ons cybertijdperk kunnen we een dergelijke vraag stellen, brengt vrije toegang tot data helemaal geen verplichtingen met zich mee. Misschien moet je betalen, maar je zou ook kunnen denken in termen van een soort burgerplicht om de beheerder van data erop te wijzen, dat er ergens een fout staat. Ik weet het niet, maar dat we de rechtsvragen in cyberspace niet kunnen afdoen met eenzijdige rechten dan plichten kunnen we leren van dat Balinese kliprecht. Checks and Balances, daar draait het om. 

Smartphones 

21 dec Hoewel pas 20 tot 25% van de mobiele telefoons als smartphone kan worden aangemerkt, zijn ze wel verantwoordleijk voor 80% van het mobiele dataverkeer, de rest gaat via laptops en andere devices. Dit betekent dat de toekomst van het hele mobiele dataverkeer erg afhangt van de keuzes die gemaakt worden in interface en operating systeem. Op dit moment is de trend naar touch-screen erg duidelijk, die is groot geworden door Apple, maar de andere aanbieders zijn er snel ingesprongen. De grote strijd in OS is op dit moment tussen iOS van Apple en Android, waar Google natuurlijk een grote rol speelt. Nokia is met Symbian eigenlijk in de verdediging gedrongen en heel Nokia is wat dat betreft toch als marktleider in mobieltjes, in een gevaarlijke spiraal geraakt. Nokia stumpert behoorlijk en verliest terrein aan vooral Android, nu ook Motorola met Android toestellen komt. Na de valse start van het topmodel Nokia N8 heeft nu ook de zakelijke Nokia E7 problemen met de uitrol. 

Bij dit alles zijn het de operators, die wel bandbreedte moeten leveren, maar daarvoor niet echt meer ontvangen en de grote portals als Google (YouTube) en Facebook beginnen aan te spreken, en tegelijk door datalimieten in te stellen de gebruikers meer willen laten betalen. Als we naar echt breedband gaan, met meer echte en HD video naar mobiele devices, dan is dit de grote crucnh, wie komt hier als winnaar uit. Hier speelt ook inmee hoe overheden omgaan met het uitgeven en veilen van frequenties. De wens van Verhagen om in Nederland toch maar weer een vierde operator te krijgen is duidelijk ingegeven door het gebrek aan concurrentie, dat de gebruiker voelt in de mobiele markt. 

Facebook 

17 dec Mark Zuckerberg, Facebook’s CEO en co-founder en presiding visionary, is de Time Man of the year. Met meer dan 550 miljoen Facebookers is de dienst duidelijk een fenomeen en dat Zuckerber de cover van Time siert en nu is uitverkoren als belangrijkste nieuwsmaker van 2010 is begrijpelijk. Er zijn wat kwesties over wie nu eigenlijk het basisidee had en daar zijn rechtszaken en schikkinegn over, maar Zuckerberg is duidelijk de man die Facebook tot topper maakte. Facebook is, met Google, duidelijk de grootmacht op Internet, bredit de diensten en fucnties steeds meer uit, maar is net als Google wel op de rand van de hele privacy problematiek bezig. Volgens mij zal Facebook wel blijven groeien, maar is de hype wat over, in het Westen denk ik dat ze al over de piek zijn, voornamelijk omdat veel gebruikers beseffen dat hun gegevens op staart liggen, want echt afschermen is in deze Wikileaks tijden niet goed mogelijk. 

Wikileaks 

15 dec Wikileaks blijft de gemoederen bezighouden, naast de tienduiznedne would-be hackers die zich nu gerechtvaardigd voelen hun kunstje tegen zowat iedereen te flikken. 

Cyber Defence en dat heeft alles met WikiLeaks te maken, is een New Strategic Concept voor NATO. De NATO Computer Incident Response Capability eenheid wordt nu opgetuigd, en is gebaseerd bij Shape, het Supreme Headquarters Allied Powers Europe. Available video includes soundbites from the Estonian President about his country’s. 

Assange opgepakt en de wereld in paniek, want blijkt die man steun te hebben, alle hackers verenigen zich en bedreigen banken en overheden. Dat is schrikken, maar ook een te verwachten reactie van mensen, die steeds meer bedreiging van hun privacy voelen en nu eens terug kunnen slaan. De overheid krijgt hier in zekere zin de eigen ellende terug, want wie komt de laatste jaren met steeds meer fouilleren, kliklijnen en geniepige afluister en scan-praktijken? Nu keert het digitale zwaard zich dus tegen de machthebbers, de vernedering van iemand die in z’n onderbroek wordt gevisiteerd wordt nu gevoeld door diplomaten, politici en men vreest dat Assange nog wat lekkere details over de bankierswereld in reserve houdt. 

We blijven in de euro-ellende zitten en dat wordt niet beter, pas nu wordt goed duidelijk waar we door die euro in meegesleept worden en dat regionaal of nationaal economisch beleid vrijwel onmogelijk is geworden. We zitten vast aan de ellende elders en missen de monetaire instrumenten om onze eigen situatie aan te pakken. De banken en verzekeraars gaan ongestoord door met hun oude trucjes en de burger betaalt het gelag. Met name de onroerend goed situatie in de verschillende landen blijkt een tijdbom, ook wij zitten door de hypotheekaftrek met te dure huizen en daar is veel weerstandsvermogen en pensioengeld in gaan zitten. Het lijkt alsof we de beste pensioenreserves van Europa hebben, maar die kunnen zo maar verdampen als het vertrouwen in de huizenmarkt verder wegzakt. Toch ziet het er hier niet zo erg uit als in Ierland of de VS, zelfs al zijn de huizen te duur, wordt er nauwelijks verkocht en zit de bovenkant van de markt potdicht. Er is namelijk nog steeds wat woningnood, de laatste jaren is de bouw tot stilstand gekomen en daarmee blijft de vraag naar woonruimte op peil. Geen ingrepen in de hypotheekrente, al is boven het miljoen hypotheek het in 2016 naar 2,35% groeiende huurwaardeforfait toch een stevige domper geweest en voorlopig een lage rente. Dat zijn indicatoren, dat de komende jaren de huizenprijzen nog redelijk stabiel kunnen blijven. Pas als de demografie en met name de pensionering van de babyboomers over een jaar of 8 tot 10 echt op gang is gekomen en ze kleiner of elders gaan wonen, dan zakt de vraag in en gaan ook de huizenprijzen zakken tot bouwkostenniveau, dat kan wel zo’n 40% onder de huidige waardes liggen. 

En dan de demografie, pas over een jaar of 3 komt de pensioengolf van de babyboomers echt op gang, maar dan tikt het ook behoorlijk door, 50-80% meer pensionado’s per jaargroep dan de afgelopen jaren. De werkenden / niet-werkenden verhouding is toch al wat uit balans. Er zijn 2.852.200 AOWers, 271.700 WW/IOAW/IOAZ ontvangende werklozen, 825.100 mensen ontvangen een arbeidsongeschiktheids-uitkering, waarvan 195.100 jongeren een WAJONG-uitkering. Dan heb je nog de bijstand 337.400 en de nabestaandenregelingen 102.400. Er zijn dus in totaal 4.388.800 mensen die een (deel) uitkering kregen per juni 2010. Tien jaar geleden waren er dat 4.000.400, en in die tien jaar nam het aantal AOW trekkers toe met ruim een half miljoen. 

Best Buy in Europa 

7 dec Na de Joint Venture met Carphone Warehouse in 2008 bleef het even rustig rond de plannen van de grootste ICT-CE retailer in de VS om een Europese presence via Best Buy Europe op te bouwen. Het bleef stil, omdat de crisis grote plannen natuurlijk fors dwarsboomde, het bleef bij een bescheiden opzet (voor Best Buy) van maar 6 grote retail stores in Engeland. Maar nu is men toch ook serieus bezig met een online retail platform voor Europa. Best Buy is volgens Canalys nog niet uit de rode cijfers in Engeland, en verliest zonder Carphone zo’n 29 miljoen pond over het eerste halfjaar in 2010, maar gaat nu wat experimenteren met een nieuwe aanpak. Dat is dus hard nodig, en gaat in de richting van Multi-channel modellen of shop-in-shop formats, dus een grote zaak voor electrische apparatuur en daarin een CarPhone/Phonehouse speciaalshop. Maar ook online, want andere grote retailers zoals Dixons, Kesa Electricals en Metro (Media Markt en Saturn) gaan steeds meer online doen, met promoties en informatie voor potentiele klanten. Maar er is ook een tegenovergestelde trend, grote online spelers gaan steeds meer ook een stenen contactpunt opzetten. Apple, voor de eigen producten sterk gericht op online, komt nu bijvoorbeeld op het Leidseplein toch met tenminste een contactpunt en Apple-store. En dat is een trend, Alternate en Notebooksbilliger in Duitsland, LDLC in Frankrijk en Coolblue in Belgie zijn grote etailers met nu fysieke winkels, de klanten willen dat voor garantie en problemen, maar ook als een soort garantie dat een etailer ook aanspreekbaar is. 

Best Buy Europe heeft in de convergentie van CE met mobility een goede positie, maar moet de high-end mobiele telefonie dan wel naar de winkelvoer brengen, smartphones verkopen is nog geen dozen schuiven en past vanwege koppelingen met abonnementen en bundels beter bij het telefoonwinkel-concept van Carphone. Daar rolt men nu, voorlopig in Engeland, het ‘Wireless World’ format uit, met het complete spectrum van connected mobile devices - smart phones, pads, netbooks en notebooks – in een overkoepelende store-opzet.  Die overgang is mede mogelijk, omdat Best Buy Europe een aardige autonome groei had van 81%, geholpen door mobiele verkopen in de VS en goede afzet in Europa, waar de concurrentie minder werd. De tablets worden volgend jaar een belangrijke factor en men mist de iPad inhet assortiement, en mikt daarom op de Samsung Galaxy Tab en de Dell Streak. Ook groeien de online content verkopers, want HMV, Amazon, Bol.com in ons land doen steeds meer hardware, uit tot serieuze concurrenten. De tegenvallende economische ontwikkeling, het back-to-school seizoen viel in heel Europa volgens Cat zal allemaal leiden tot meer concurrentie en lagere prijzen en marges, met in het kerstseizoen weer meer overstappers naar online aankoopgedrag.  

Wikileaks 

5 december. De pers staat er vol van, Wikileaks and Assange zijn voorpaginanieuws, met sappige verhalen over de onthullingen en de man zelf, die nu een vaag arrestatiebevel over zich heen kreeg, blijkbaar wat sex-partners die onder druk van deze of gene geheime dienst een klacht indienden. De grote vraag is niet of dit soort onthullingen tegengehouden kunnen worden, want er zullen altijd lekken zijn en steeds meer door de digitale vastlegging van alles en nog wat, maar wat ze betekenen. Voor mij voelt het allemaal aan als een soort balans. Waar aan de ene kant de overheid de burger in z’n onderbroek zet door allerlei controles, body-scans, vingerafdruk registratie, DNS-opslag en dergelijke, keert het systeem zich nu tegen hen, want ook de machthebbers komen in hun ondergoed te staan. De spelletjes van de diplomatie, maar ook hoe wereldwijd de grootmachten elkaar in de gaten houden en het blijkbaar moeten hebben van roddels en achterklap, het is allemaal van bedenkelijk niveau. Hebben de technische supermachten geen betere middelen, is er geen extra-scherpe ruimtetelescoop of medische sensortechnologie die wat meer en hardere gegevens verstrekt over het doen en laten van Poetin en andere leiders. Wat nu naar buiten komt als vertrouwelijke roddels is niet meer dan dat, bijna lachwekkend primitief. Ik had verwacht dat de Amerikanen bijvoorbeeld precies in beeld zouden hebben met wie, wanneer en waar de notoire schuinsmarcheerders van deze wereld het bed delen, of zou die informatie nou zijn, wat Assange als z’n verzekeringsfile nog achterhoudt? Het si wel een david en Goliath verhaaltje, de publieke opinie ziet hem als een soort Robin Hood, iemand die het old boys network bij de ballen heeft en er voorlopig mee wegkomt. Besef wel, dat hij niet zelf dit soort gegevens heeft gehackt, maar alleen het doorgeefluik is, dat nu waarschijnlijk wordt bestookt met nog geheimere en nog lastiger achterklap. Want hoe hou je tegen, dat soldaten die zich na terugkomst genegeerd voelen of werknemers die ontslagen worden hun uit voorzorg toch maar meegenomen geheime files niet even Wikileaken? 

Aan de ene kant is het jammer, zonder vertrouwelijk overleg, zonder het dialectische proces van these en antithese is oordeelsvorming en besluitvorming moeilijk, en door dit soort onthullingen wordt  interne kritiek al erg afgeknepen, is het praten in termen van voelen en aannemen al bijna onmogelijk geworden, wordt de normale communicatie afgeknepen. Het einde van de stille diplomatie, wordt geroepen, terwijl anderen opgeven over de totale openheid, alles openbaar en publiek, het volk mag en moet alles weten. Er is voor beide opvattingen van alles te zeggen, en het hangt erg van de situatie af. Als je ziet doe de oud-bestuurders, oud-wethouders en wachgeldtrekkers van ons land hun gelederen sluiten en de vaak schandalige uitnutting van de over-riante regelen willen verbloemen, dan ben ik best voor Wikileaks.nl. Maar als te veel openheid het opsoringswerk of de waarheidsvinding op allerlei niveau’s frustreert, dan is hacken in deze zin wel een kwalijke zaak. 

Voorlopig is het een interessante verschuiving van het evenwicht, en trek ik nog even schoon ondergeod aan als ik moet vliegen, m’n moeder waarschuwde altijd voor ziekenhuizen en ongelukken, maar anno 2011 is graaien in je onderbroek iets wat je van allerlei beveiligers moet toelaten op een niveau, waarvoor anderen tot TBS worden veroordeeld, omdat je geen badge dragen.  


Black Friday en Cybermonday 

1 dec De verkopen op de startdagen van het Amerikaanse kestseizoen zijn positief, er is volgens verschillende ramingen tussen de 10 en 20% meer verkocht op Black Friday en Cyber Monday en de online verkoop is weer groter. Toch is er het gevoel, dat de online aanbieidngen, die nu wat meer uitgerekt zijn naar vaak een hele week, op meerdere manieren de stenen winkels beconcurreren en schaden. Doordat online deals, soms van hetzelfde concern en dan vaak met gratis afleveren, in de VS echt een issue, beter zijn dan de kassakoopjes en aanbieidngen in de winkels, voelen de fysieke shoppers zich vaker bekocht. 

Termijnvisie 

24 nov De economie zit nog aardig in het slop, bepaalde sectoren als CE en in mindere mate ICT blijken wat meer recessieweerstand te hebben, maar in het algemeen ziet het er nog niet goed uit. Er wordt gevreesd voor een verdere ineenstorting van de huizenmarkt, berichten uit de VS, waar de verkoop van nieuwe eengezinswoningen in de Verenigde Staten is in oktober onverwacht is gedaald met 8,1%, en ook de crisis in Ierland heeft alles te maken met de huizenprijzen. Toch ziet het er hier niet zo erg uit, zelfs al zijn de huizen te duru, wordt er nauwelijks verkocht en zit de bovenkant van de markt potdicht. Er is namelijk nog steeds wat woningnood, de laatste jaren is de bouw tot stilstand gekomen en daarmee blijft de vraag naar woonruimte op peil. Geen ingrepen in de hypotheekrente, al is boven het miljoen het forfait toch een stevige domper geweest en voorlopig een lage rente. Dat zijn indicatoren, dat de komende jaren de huizenprijzen nog redelijk stabiel zullen blijven, pas als de demografie en met name de pensionering van de babyboomers over een jaar of 8 tot 10 echt op gang is gekomen, dan zakt de vraag in en gaan ook de huizenprijzen zakken tot bouwkostennoveau, dat kan wel zo’n 40% onder de huidige waardes liggen. Dat ondertussen de economie wel klappen blijft krijgen, is duidelijk. Een overheidsbesparing van 20 miljard dit jaar en komende jaren vertaald zich in gauw 60 tot 100 miljard ineenzakken van het BNP, want iedere overheidsgulden wordt ook weer uitgegeven, de economie is een doorgeefspel en dus moet je bij besparingen kijken naar de multiplicator, en dan worden de effecten heel wat drastischer dan de 1300 euro per Nederlander waar het kabinet over praat. Een anatal jaren dat geld niet uitgeven zal een enorme klap zijn voor de hele economie, ongeacht de mooie praatjes overd e buikriem en betere tijden erna. 

ICT van boven 

19 nov Dat in de crisis het huwelijk van de Engelse kroomprins meer media-coverage krijgt dan de ellende rond staatsobligaties in de Euro-zone is een teken des tijds. Dat Ierland z’n schulden niet kan terugbetalen is geen echt nieuws, maar dat de Nederlandse regering verbaast is over de “krimp”  in het BNP van ons land is verwonderlijk. Zeker te druk met de kabinetsformatie en de anti-Wilders campagnes om gewoon eens in MKB en bij de winkeliers te kijken hoe het loopt en in de gaten te houden dat onze winstpakker (het aardgas) zich uit de markt prijst door starre levercondities. 

Overheids-ICT blijkt steeds weer een rommeltje en dat de politie nu toegeeft dat er weer 100 miljoen verpest is met een systeem voor aangeiften en zo, dat al na 2 jaar als rommel wordt bestempeld, is alleen maar het zoveelste voorbeeld. Negatieve rapporten bij de aanvang van het project verdwenen in de la, de korpsbeheerders werden buiten het proces gehouden. In het kritische rapport werd de hele BHV database als kwalitatief beperkt beschreven en moielijk te onderhouden, precies de klachten die nu uit het veld komen. 

In Amsterdam blijkt de gemeentelijke ICT ook al een puinhoop, partijen willen zelfs compleet een streep halen door alle nieuwe investeringen in ICT, 15000 applicaties voor 15000 ambtenaren, een wat overdreven getal, maar indicatief over hoe er gerommeld is, de betreffende wethouders begrijpen er ook weinig van, merkte ik op een commissievergadering en blijven rapporten spuien, die niks oplossen, alleen maar aantonene dat andere wethouders ook al hebben zitten slapen. 

Security blijft voorpaginanieuws en niet alleen vanwege de omzet die wordt behaald door leveranciers van anti-malware en security spul. Het gaat steeds weer mis, er komen nieuwe gaten, zo blijkt er een ongepatcht kritiek lek in Internet Explorer te zijn dat actief wordt uitgebuit. Alleen voor oude IE versies overigens, met name IE6 en IE7 zijn kwetsbaar en Micrsooft raadt, o je, aan over te stappen op het veiliger IE 9 bèta, maar dat draait niet onder XP. Het Microsoft Security Response Center waarschuwt dat hackers een Windows PC overnemen als het ze lukt slachtoffers naar een kwaadaardige website te sturen. Via een drive-by aanval wordt vervolgens de PC overgenomen. Overigens, bij IE 8 is de Data Execution Prevention (DEP) standaard ingeschakeld is bij de browser. en dat is al afdoende. 

Flash out? 

31 oct HTML-5 h.264-video versus Flash: Een van de grote strijdpunten in de verdere ontwikkeling van internet is de keuze voor een grafische vormtaal, die geschikt is voor bewegende beelden en dus video. We willen steeds meer beeld en beweging op ons scherm, uiteindelijk gaat het om 3D en zelfs holografische beelden. Die keuze voor de standaard of in ieder geval dominant afbeeldingsprotocol is strategisch dus van groot belang, niet voor niets mengen Apple, Microsoft en natuurlijk Adobe zich hierin en worden in de debatten wel technische argumenten gebruikt, maar gaat het op de achtergrond dus om de dominantie qua internet-weergave. Apple weigert Flash, krijgt uitgevers achter zich, maar Adobe weet zich gesteund door een zeer hoge penetratiegraad, vrijwel iedereen heeft Flash draaien. Voor veel toepassingen, zoals games is Flash gewoon een beter platform maar dat geldt niet voor alles, voor non-Windows platforms is HTML-5 vaak in het voordeel. Flash heeft wel, zeker op dit moment, een wereldwijde en zeer brede basis aan ontwikkelaars. Adobe heeft met PDF al een geaccepteerde standaard in huis, en als Flash wordt weggedrukt is dat geen goed nieuws voor het bedrijf. Ondertussen is de beslissing van Microsoft, om IE9 met HTML-5 ondersteuning alleen voor Windows7 uit te brengen, zeker ook een factor in de strijd tussen Flash en HTML-5. 

Nu lijkt dit allemaal een discussie, die de gewone ICT-dealer of gebruiker niet aangaat, we zien wel, zullen de meesten denken. Helaas is de realiteit dat door het succes van Apple’s iOS 4.0 dat nu enorm in opkomst is met de iPhone’s en iPad’s, die dus geen Flash accepteren, websites met Flash dus meer universeel zijn. Bij de keuze van hardware speelt het dus een rol, en nu vooral bij mobiele devices de strijd tussen Symbian, Android, RIM, WindowsPhone7 en misschien ook HP met een eigen Palm-OS zo oplaait, is het moedig van Apple om eeen anti-Flash dictaat neer te leggen, want daar komt het wel op neer. Maar wat moet je een klant aanraden, de eigenwijze Apple hardware of meer universele tablets of smartphones van andere merken? 

Dan is er de vraag voor eigen webontwerp of wat raadt je aan voor de sites van klanten. En een beetje website voor een bedrijf heeft vrijwel zeker Flash elementen, doe je die weg omdat je ook iPadders wilt bedienen, komt er een schaduw-site zonder Flash, kortom buig je voor Apple en hoeveel gaat dat kosten. Nu webdesign een echte branche is geworden, geen eenvoudige vraag. Kiezen voor HTML-5 in het design is al een keuze, XP-gebruikers met IE raak je dan kwijt, de hele IPv6 kwestie speelt mee, allemaal keuzes die het succes van een website en dus de realtie met je klanten op termijn gaan beïnvloeden. 

Op dit moment ligt nog redelijk open, maar bijvoorbeeld kranten die via Apps voor IOS 4.0 het toch grote en spraakmakende iPad publiek willen bereiken zullen wel overstag gaan. Apple veroorzaakt wat dat betreft zulke golven in de markt, dat men maar meedeint in Job’s dromen. 

html 5-video groeit snel 

De positie van Flash is niet onaantastbaar, er is sprake van een duidelijke beweging naar HTML-5, dat natuurlijk ook veel meer biedt dan alleen maar een nieuwe video-weergave standaard, ook qua interactieve mogelijkheden en beveiliging (IPsec) biedt het meer dan de oudere HTML versies. Ook zijn er nu automatische toewijzingsmethodes, die per device de juiste code verzenden. Zo is de iframe-tag interessant voor video-diensten, omdat daarmee zowel HTML-5 als Flash kan worden aangeboden,Vimeo werkt er al mee. Uit een MeFeedia onderzoek blijkt dat nu al 54 procent van de beschikbare webvideo’s geschikt is voor HTML5, dit vooral met het oog op de mobieltjes, smartphones en tablets. HTML-5 compatibele video op basis van de h.264-codec is geschikt voor de meeste nieuwe smartphones, niet alleen de iPhone, ook voor smartphones op basis van Android. De overstap gaat snel, het HTML-5 aandeel explodeert dit jaar. Oorzaken zijn onder meer dat de iPhone en iPad klanten relatief zware content users zijn en als trendsetters veel nieuwe films en content bekijken en dat doorgeven. 

Adobe 

Op dit moment is Adobe in aantallen gebruikers duidelijk de grootste en Flash het meestgebruikte afbeeldingsprotocol, maar de Apple aanvallen zijn gevaarlijk en natuurlijk zitten er in HTML-5 wel degelijk een aantal voordelen, zoals meer secure transmissie-verbindingen. Adobe heeft daarom een conversietool van Flash naar HTML-5 ontwikkeld en daar al demonstraties van laten zien. De ontwikkeltool geeft ook aan welke delen van de Flashcode niet omgezet kunnen worden. Men demonstreerde ook de mogelijkheid van de tool om Flash-animaties te hergebruiken in websites.  

Starbucks 

Dat je ook als gebruiker niet ontkomt aan een keuze in dit opzicht illustreert het geval Starbucks. De koffieketen biedt gratis internetten aan en gebruikt haar netpresence om de klanten te binden, te voorzien van leuke tips en aanbiedingen, en voor het onderhouden en uitbouwen van een social media fangroup; voor Starbucks is internet een essentieel deel van de marketing mix. Nu constateerde het bedrijf dat steeds meer klanten mobiele devices zoals smartphones gebruiken, de aloude laptop staat wat dat betreft wat stil, het zijn de nieuwe mobiele devices die de sterkste groei vertonen en, helemaal in lijn met het hippe klantenprofiel van Starbucks, vooral steeds meer iPhone’s en iPad’s, die vormen nu zelfs de meerderheid qua gebruik. Daarmee is de keus voor Flash als deel van de Starbuck’s webervaring onmogelijk, men zou een belangrijk deel van de klanten uitsluiten en dus koos men voor HTML-5. Maar, en hier blijkt dat men daarmee voorbij gaat aan wat Microsoft aan extra webservices aanbiedt, zonder Silverlight,  .NET code of Windows Mobile 7 features. In zekere zin een onafhankelijke koers die ook onderstreept dat het belang van Windows steeds minder wordt voor dit soort situaties in de mobiele sfeer. 

Kanaalverschuiving; online-digitaal-virtueel 

28 oct De opkomst van de softgoods; de indeling in fysieke en digitale producten, die veel gebruikt wordt in de marketing, begint onwerkbaar te worden.  Digitaal is een te breed begrip, want in de overstap van analoge naar digitale signaalverwerking is onze hele wereld zo’n beetje gedigitaliseerd en heeft dat woord geen onderscheidend vermogen meer. Ik pleit daarom voor een onderscheid in softgoods en hardgoods, in het verlengde van begrippen als bruingoed, witgoed, grijsgoed en wat nieuwe aanduidingen als greengoods, comfort goods en dergelijke. De verschuiving van hard- naar softgoods inclusieg diensten is duidelijk, het downloaden van muziek en films is een duidelijk voorbeeld, maar in software voor computers, games en mobiele telefoons is de trend ook onmiskenbaar. De verkoopstatistieken ijlen hier vaak wat na, downloaden verloopt niet altijd ia traceerbare kanalen, dat op een gemiddelde MP3 speler meestal geen of nauwelijks officieel gekochte content staat kan iedereen zo controleren. 

Softgoods zijn een snel groeiende categorie, mede omdat we nu eenmaal op het harde materiële vlak zeker in het Westen behoorlijk verzadigd zijn, een nieuw bankstel, nieuwe computer, nieuwe fiets of nieuwe borsten, om maar wat luxe goederen te noemen, zijn toch voornamelijk vervangings-aankopen. We geven ons geld uit aan “ervaringen” en een steeds groter deel daarvan zit in onstoffelijke en dus virtuele componenten als merk, sfeer, status, je goed of begrepen voelen, groepsemoties en in het algemeen lapmiddeltjes voor onze persoonlijkheid of een tekortkomend ego. Dat is de business van de entertainment industrie, maar ook de hele retail richt zich op het inspelen op emotionele behoeftes, de winkelervaring is meer dan de prijs-kwaliteits vergelijking die nu steeds meer het domein is van en voor internetshoppers.  

De webshop en e-commerce worden gezien als de grote concurrent van de aloude fysieke winkel-retail ofwel location based sales, de etailer kan immers met lagere kosten een groter assortiment aanbieden, qua prijs zonder veel risico een lagere marge accepteren en service en garantie vaak overlaten aan de fabrikant. En zonder twijfel heeft e-commerce een behoorlijke hap genomen uit de omzet van traditionele retail-partijen, en zet die trend zich nog wel even voort. De balans is niet helemaal zoek, want ondertussen is ook duidelijk dat fysieke retail ook z’n sterke kanten heeft, zoals onmiddelijke behoeftebevrediging, touch and feel, de winkelervaring en de rol van winkelier c.q. verkoper in het selectieproces. Het is geen verloren strijd, fysieke retail zal er altijd wel blijven, maar wel aangepast aan haar positie in het kanaal en inspelend op andere behoeften van de klant dan wat de e-commerce kan bieden. Feitelijk zien we steeds meer mengvormen en functie-uitwisseling, de klant orienteert zich op het internet, maar koopt fysiek. En ook zien we steeds meer koopprocessen die de andere kant uitgaan, in de winkel kan de klant een uitgebreider assortiment bekijken op instore terminals of ter plekke online bestellingen doen. Er is dus sprake van complementariteit, van wederzijdse aanvulling en een moderne formule is dan ook vrijwel zeker cross-mediaal, en gebruikt alle contactvormen in samenhang. 

Online, maar ook digitaal is virtueel 

Binnen de verschuiving en rmening van fysieke en virtuele verkoopkanalen speelt ook de verschuiving naar virtuele producten.  Marktonderzoekers als GfK spreken dan van digitale producten, maar dat is verwarrend, want het digitaliseren van b.v. content zoals muziek is als sinds de CD aan de gang, en een digitale file met muziek of een film kan op allerlei dragers worden aangeboden, maar de klant kan ook iets ter plekke downloaden of activeren in een winkelomgeving. Virtueel is dan duidelijker aanduiding dan digitaal voor diensten of producten, die niet meer gebonden zijn aan een fysieke drager zoals een CD, de eindgebruiker bepaalt of ie dat op z’n laptop, iPod, mP3-speler, auto-audio of thuistheater-systeem afspeelt.  

Een andere aanduiding zou netware kunnen zijn, of cyberware, of wat ik hier voorstel softgoods, om in de sfeer van bruin-, wit-, en grijsgoed te blijven. Software is eigenlijk al vrij ver in de verschuiving van een fysieke drager naar een download of activeringssleutel. De fysieke vastlegging wordt standaard meegeleverd met een een nieuw systeem, via codes en met behulp van allerlei irritante aansporingen kan de gebruiker nieuwe of bredere applicaties activeren. 

Distribution channel softgoods 

Een simpele download lijkt de meest logische stap, en dat is voor heel veel softgoods ook de meest logische weg. Maar producten, ook softgoods, hebben de neiging tot diversificatie, waarom geen op de persoon of zijn gebruikersprofiel, hardware of lokatie toegesneden customizing? Zelfs een simpele bestelling van een boek bij Amazon is in die zin geen kwestie meer van de koppeling via een database van betalingsmodus, logistiek, titel en afleveradres, de klantgegevens worden, al dan niet interactief, ook gebruikt voor sugesties van andere titels en follow-up acties. Dat hier de cloud, ofwel de distributed intelligence die juist dergelijke aapassinge overal en altijd kan aanbieden, een toenemende rol speelt, maakt bijvoorbeeld Google duidelijk, maar ook Office365 is een echte cloud dienst, meer dan een download, een echt servicepakket dat als softgood kwalificeert. 

AIDA in softgoods 

Het verkopen van softgoods is niet veel anders dan het verkopen van wat dan ook. AIDA geldt ook hier, alleen zijn de middelen om bijvoorbeeld de interesse te prikkelen wel anders en ontwikkelen zich ook snel in nieuwe richtingen. Sampling, piggybacking, preinstallation, gratis proberen, het kan via internet of als extra op nieuwe dragers vrij makkelijk. 

Pre-installed 

In veel gevallen, zoals bij pre-installed software op een PC of laptop is er nog een stukje fysieke convergentie, of het nu de dealer of de fabrikant is die al die ongeopende softgoods op de harde schijf zet maakt dan niet veel uit. Hoogstens valt te constateren dat bijvoorbeeld systeemleveranciers zoals HP, Dellen en eigenlijk alle grote merken te ver doorgeschoten zijn door hun hardware als piggyback voor allerlei extra diensten en applicaties te (laten) gebruiken. In de branche is het nu acceptabel om voor een machine zonder al die extra ballast, pop-ups en  ongewenste vervuiling extra te betalen, 50 tot 75 Euro per systeem is niet ongebruikelijk. Zeker de zakelijke gebruiker ziet al die opt-in met lastige herinneringen en systeemvervuiling als ongewenst, maar wil ook geen uren spenderen aan sleutelen en zoeken naar de opt-outs. De ervaren ondernemers, wijs geworden door jarenlange ervaring met 

Halfcrimele acquisitietrucs voor jaarboeken, websites, catalogi en gele en andere gidsen is terecht zeer afhoudend voor systemen, waar de gebruiker/werknemers door wat emails of toetsaanslagen commitments aan kan gaan voor diensten of onnodige extra applicaties. 

Office365 

Online werken wordt steeds makkelijker gemaakt en met Office 365 wordt de cloud strategie van Microsoft nog weer verder uitgedragen, toevallig net nu Ray Ozzieopstapt, de architect van de hele Microsoft cloud aanpak. Het gaat om een combinatie van Microsoft Office, SharePoint Online, Exchange Online en Lync Online voor 5,25 euro per maand per gebruiker. Leuk, maar weer een stap naar het uitsluiten van het kanaal, want de reseller die deze dienst weet te slijten aan z’n klanten, krijgt een jaar 6% plus wat sweeteners, maar daarna neemt Microsoft het account over en kan de dealer dus wat anders gaan zoeken om geld aan te verdienen. Het aanbod is met name dor Exchange wel erg aantrekkelijk, ook voor kleinere MKB-bedrijven,want via deze cloud service kan men dus goedkoper Exchange functionaitet inkopen, zonder zorgen qua beheer.. 

Politiek Hyven 

15 oct Mark Rutte stopt met Hyves en dat is een signaal, want sociale netwerken worden steeds meer gezien als gevaarlijk voor publieke figuren. Geen sociale media voor topfiguren, misschien was dat leuk voor de verkiezingen, maar lastig als je serieus in de achterkamer zaken wilt doen. Verhagen zal wel blijven twitteren, wordt verwacht, hij was er van het begin bij. 

Is dat ook een signaal dat sociale netwerken steeds meer iets voor jongeren en contactarme nerds zijn, en dat verstandige mensen erg voorzichtig moeten zijn met wat ze de wijde wereld in gooien. In ons land zien we dat 13 jarigen veelal Hyven, maar daarna op Facebook overstappen, maar er is ook een trend naar meer pingen. 

Nieuw Kabinet 

8 oct. Het klinkt alsof er nieuw licht gloort, nu er een CDA-VVD kabinet komt, van winnaars en verliezers, met onze blonde Venlo-er als waakhond. Met juichende inzet op meer ICT en zowaar wat kritische geluiden over hoe het allemaal mis is gegaan met overheids-ICT. We zullen zien, maar de opmerkingen van Nokia’s Chairman of the Board, Jorma Ollila, over complacency is niet alleen voor Nokia, maar voor de hele ICT van toepassing (en misschien wel voor het hele Balkenende tijdperk), men zat te slapen. Gaat dat veranderen, zal Wilders er wat vaart in kunnen krijgen, want van quasi-economische wonderkind Rutte is niet veel te verwachten, die viel tussen de andere minkukels naar boven. 

Brussel ICT2010 

1 oct. Deze week een bezoek gebracht aan de ICT2010 beurs in Brussel, een evenement georganiseerd door de EU, teneinde alle door de EU gesteunde projecten en projectdeelnemers aan innovatie-initiatieven op ICT-gebied eens bij elkaar te brengen. Dat is op zich een lofwaardig streven, met veel netwerkmogelijkheden, veel uitwisseling en qua getoonde techniek echt een hi-Tech luilekkerland. Interessanten projecten op het gebied van diensten, eHealth, domotica, netwerkn, brain-scans, met heel veel kleine stand waar de researcher goed aanspreekbaar waren over hun onderzoek en resultaten. Dat alles echter in een opzet, die bedoeld was om van dit event een soort ICT-beurs voor een breder publiek te maken. Het is de vraag of dat een taak is van de EU en met een prijskaartje van 450 euro voor 3 dagen waren er dan ook nauwelijks bezoekers van buiten de subsiidetrekkende gemeenschap. Op allerlei manieren probeert men geld los te peuteren van de EU, of dat allemaal zo nuttig besteed wordt is de vraag, het blijft erg veen technology-psuh.  

De keynotes, met Neelie Kroes als centrale figuur, dit evenement leek wel een Neelie-PR-event, hadden met de projecten eigenlijk weinig te maken, wat grotere bedrijven stuurden hun CEO om wat vaag te leuteren over ICT en samneleving. Over probelemen, falen, privacy en andere issue geen woord, en mevr Kroes, die er vermoeid en als ik eerlijk ben tamelijk oud en uitgeblust uitzag, schipperde met wat algemeenheden tussen de open deuren door. 

Iets beter, 2,2% groei 

23 sept Op de diverse evenementen en beurzen bleek dat het toch weer wat beter gaat. Er zit weer wat omzetgroei in de lucht en dan komen voor de vendors, distributeurs en de retail ook weer vragen naar boven over productkeuzes, assortimentdiepte en -breedte, over marges en levenscycli. Moet er meer spul in de fysieke winkels komen? Zeker in de IT is daar het laatste jaar erg op bespaard en vrijwel niemand kan nog laptops en desktops uit voorraad leveren. Of gaat het in de retail steeds meer om nog meer accessoires, extra’s, consumabels, gadgets en koppelingen? Om het complementeren van de thuisnetwerken met extra schijven, nas, raid, wifi en netwerkprinters, tasjes en modieuze hebbedingen? De klant wil meer design maar komt aan de andere kant binnen met lijsten van prijsvergelijkers, die ook al lang niet meer echt betrouwbare informatie leveren want ook zij moeten draaien op gekochte ranking, buttons en banners. Er is gelukkig veel keus en de consument raakt licht verdwaalt. Dat onderstreept de functie van de retailer nog weer eens, die met advies en service hier zijn onmisbare en in het hele businessmodel relevante positie in het kanaal kan waarmaken. Maar waar mikken we op? De voorraad mp3-spelers, de goedkope digitale camera’s, de fotolijstjes, de allergoedkoopste netbooks, de eerste e-readers (ze zijn al achterhaald)? Welke producten gaan het maken dit najaar? Wat is het ideale sinterklaasgeschenk voor de gemiddelde Nederlander? Thuisnetwerken voorbij wifi, domotica, opslag, printers, scanners, BluRay recorders, telefoonbeantwoorders en tv-pc-schermen - alles ondergebracht in het netwerk - en volgens de IFA ook maar gelijk de koelkast en de bewakingscamera’s eraan koppelen. Maar wie lost de compatibiliteitskwesties op? Wie brengt een allegaartje van Linux, Vista, W7, Mac en XP tot samenwerking? Is dat een job voor de retailer met een serviceafdeling of laten we dat over aan de vrienden en beunhazen die hier graag inspringen? 

Dit zijn geen eenvoudige kwesties want de consument - zeker in het heb-segment - is wispelturig, volgt de waan van de dag en bepaalt snel het beeld in de media. Volgens een onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau is er een heel grote groep volgers en achterblijvers, die helemaal niet zo in die nieuwe media duikt, maar in de media overheerste tot dusver de opgewonden hype. De politiek twittert om daarin mee te doen en de leveranciers blijven niet achter met altijd de mooiste, de snelste, de nieuwste en hipste spullen. Natuurlijk, de smartphone rukt op: 52% units meer verkocht in het eerste halfjaar van 2010 zegt GfK, maar het blijft maar 20% van alle nieuwe mobiele toestellen. 

De hype van het moment is 3D, maar het gebrek aan standaarden, problemen met ondertiteling, screen graphics positie en de aarzeling van uitzendkanalen zijn echte beperkingen, nog afgezien van de gezondheidsvragen en het gedoe met de brilletjes. Wie gaat dat 3D als omroep of pay-per-view aanbieden en hoe? De omroepen kunnen zich nog lang niet permitteren hier dure experimenten aan te wijden, het kip-ei verhaal, of moeten games en BluRay 3D dit gaan dragen? In de televisiewereld zijn we nog maar net aan HDTV toe. Ook dat blijkt nog maar matig aan te slaan: niet meer dan 20% in Engeland (waar HD het verst is) en in heel Europa niet meer dan 20 miljoen HD-sets. Daarnaast is er te weinig HDTV omroepaanbod. Eigenlijk moet de hele high definition trend in Europa nog doorbreken en HDTV sets en dan liefst 200 Hz modellen zijn eigenlijk een basisvereiste voor 3D. Over vier jaar verwacht men 13 miljoen 3D compatibele televisietoestellen in West-Europa, minder dan er nu aan HDTV staat. Gaan de gefragmenteerde omroepen in Europa dan breed mee om daar dure content voor te maken? Ik twijfel daarom echt aan 3D, maar we zullen zien! 

Het gaat wel snel met de levenscyclus van ICT-producten. De desktop is inmiddels afgeschreven, maar gaat denk ik ook weer een revival krijgen als de laptop gebruikers meer RSI klachten gaan krijgen, hun ding een keer nat of gestolen wordt of iemand even via wifi inbreekt en de gegevens pikt. De kleine pc in de huiskamer met een dubbelfunctie als home-server of als all-in-one pc-tv voor de oudere of alleenwonende - die ook kan dienen om dvd/BluRay af te spelen en internet content te bekijken op een groot scherm - daar zit nog muziek in. En natuurlijk de tablets, die met 3G aan boord de smartphones wat concurrentie aan doen en al bezig zijn de e-readers te verdringen. Het kan snel gaan, dat zagen we aan de digitale zakcamera’s, maar ook de netbooks blijken een kortstondig fenomeen. Zo zijn de qua functionaliteit en OS (dus niet sterk genoeg voor W7) gebrekkige netbooks al na een paar jaar op hun retour. Toshiba bijvoorbeeld heeft haar assortiment in die richting drastisch beperkt en ook andere fabrikanten schrapten de goedkope en beperkte netbooks. Dat heeft natuurlijk ook met Windows 7 en het aflopen van XP te maken. 

Voor veel retailers, resellers en VAR’s zijn het moeilijke jaren geweest en nu is de hoop dat we met minder partijen in de markt (want heel wat computerzaken zijn verdwenen) het weer iets beter gaan krijgen. We zijn overlevers en daar kan ik in meevoelen, want ook in uitgeefland zijn er klappen gevallen. Channelworld van IDG bijvoorbeeld is opgedoekt. Wij zijn als onafhankelijk vakblad - en u weet als lezer dat we daarbij geen heilige huisjes ontzien - overeind gebleven en met onze Dealer Info Partnerdagen het enige en laatste platform voor het ICT-kanaal. Ik zie u daar allen graag op 13 en 14 oktober, in de Jaarbeurs als vanouds en aarzel niet me daar aan te spreken met uw vragen, roddels, kritiek of complimenten. Tot dan! 

Microsoft Internet Explorer 9 

16 september Snel, gemakkelijk en veilig kunnen browsen en met HTML5, meer interactie en DirectX10 hardware ondersteuning, maar alleen met Windows 7 (en Vista) en daarmee een in de media als geniepige opgepikte poging om de XP gebruikers (ongeveer 65% van alle PC’s en Laptops) over te halen, dat zijn de belangrijkste kenmerken van de bètaversie van Microsofts nieuwe browser, Windows Internet Explorer 9. 

De bètaversie is nu wereldwijd voor download beschikbaar.IE9 biedt een andere benadering, de vertrouwde blauwe logo’s verdwijnen, er komen buttons voor favoriete webbestemmingen als Google of Facbook voor in de plaats en even klikken om een nieuwe browser te openen is er niet meer bij. 

Zonder twijfel is IE nog een van de meest gebruikte programma’s ter wereld, maar dat wordt steeds minder. Vorige maand deed volgens duidelijk niet erg MS-minded onderzoekers nog maar 51 procent hun browsing via IE, iets meer dan 30 procent gebruikte FireFox en 11 procent Chrome. Microsoft wil de nieuwste versie van de IE browser, die als IE9 in beta is vrijgegeven, natuurlijk weer tot een hit maken. Maar afgezien van de technische kwaliteiten en de inderdaad in sommige situaties sterk verbeterde grafische prestaties is er een stroom van kritiek gekomen vanwege het feit, dat deze browser niet onder XP draait, alleen onder het nu wel achterhaalde Vista en Windows 7. 

Dat wordt door Microsoft geweten aan wat technische beperkingen van XP, de hardwarematige versnelling die gebouwd is rondom Direct X 10 wordt niet ondersteund in Windows XP.  Er was even de hoop, dat er een IE8.5 zou komen voor XP, maar die buiging maakte Microsoft dus niet. De XP-gebruikers zijn overgelaten aan browsers van Mozilla of Google, die wel die hardware versnelling gebruiken en dat zou Chrome en Firefox wel eens een stevige zet kunnen geven. Microsoft focust op Windows 7, dat op het moment naar eigen zeggen goede zaken doet, maar dat wordt weer iets te nadrukkelijk gecommuniceerd en is daarom een tikje ongeloofwaardig. Ook het verhaal, dat de koppeling van IE9 aan W7 bedoeld is om te zorgen dat  websites en applicaties buiten de browser beschikbaar zijn op de desktop klinkt wat gezocht. 

XP wordt lamgelegd 

In de praktijk is deze XP-ontkenning een heikel punt, dat onderstreept dat Microsoft z’n oude klanten met XP eigenlijk niet als volwaardig erkent, en iedereen naar W7 wil trekken. Dat 64% van de wereldwijde Windows gebruikers nog XP draaien en dat bij de zakelijke en MKB gebruikers in ons land dat percentage nog hoger is, schijnt niet van belang te zijn.  Men gebruikt dus feitelijk deze applicatie, die niet alleen sneller is maar ook HTMLl5 ondersteund, om meer mensen naar Windows 7 te laten overstappen. HTML5 biedt onder meer een alternatief voor Adobe Flash, dat Apple ook al niet wilde, maar dat is allemaal industriepolitiek. 

De keuzes in IE9 gaan voorbij aan het feit dat W7 voor velen niet veel meer biedt dan XP, dat oudere systemen er niet mee overweg kunnen en vooral bedrijven niet bereid zijn een algehele overstap te maken die dan ook een complete hardware-upgrade zou betekenen. De software-upgrade is namelijk een crime en vanwege de beperkte grafische mogelijkheden van veel oudere systemen werkt W7 dan maar beperkt en er zijn nog steeds veel applicaties die niet goed of helemaal niet draaien onder W7, ook niet in de compatibility box. Dat leveranciers als Dell wel meegaan met Microsoft en geen XP meer leveren doet denken aan een industriebrede afspraak om de gebruikers min of meer te dwingen over te stappen. 

Hoe gaat de markt reageren? 

Afgezien van de computerjournalistiek, en de algemene media, die wat leuteren over de kwaliteiten van IE9, zal het met name de opstelling van de grotere bedrijven en het kanaal zijn die het succes van IE9 gaat bepalen. Ongetwijfeld zullen eindgebruikers van W7 uiteindelijk wel een gratis download krijgen, en te hopen valt dat Microsoft dat niet aan iedere XP-gebruiker ongevraagd ook even aanbiedt en zelfs bij Vista-systemen is het maar de vraag of IE9 wel meer biedt. De demo’s, met name de Fishtank demo die laat zien dat IE9 veel beter dan de concurrerende browsers kan omgaan met zware grafische taken, en het  Bing scherm met bewegend golven aan het strand zijn indrukwekkend, maar maakt dat in de praktijk echt wat uit, zit voor de meeste gebruikers de beperking van het browsergenot niet eerder in de internet transmissiecapaciteit dan in de GPU-verwerking? 

De gemiddelde computerdealer en retailer was niet erg te spreken over Vista, en hoewel men nu de kwaliteiten van W7 wel erkent is gewoon het grootste deel van de klanten nog gewoon XP-gebruiker. Met IE9 komt er dan een probleem, want HTML5  gaat steeds meer gebruikt worden op belangrijke websites en daar kan de XP- gebruiker dan niets mee of moet gaan overstappen naar een andere browser. Het zal echter vaak de dealer zijn, die dit proces van overstappen moet initiëren en begeleiden. In die zin is de geringe interesse in het reseller-dealerveld van de kant van Microsoft, zeker in ons land, een pijnlijk punt. Waar in andere landen de dealer bijvoorbeeld wel kon profiteren van leuke kortingsregelingen op Office2010, blijft het hier bij stevig vasthouden aan de toch voor veel klanten moeilijk liggende prijsdrempel en een heleboel promotieacties, cadeau’s en puntengedoe om verkopers met extra reisjes en dergelijke wat te motiveren. Afgezien van de fiscale problematiek is de gemiddelde dealer daar niet blij mee, die wil wat verdienen en blijven verdienen en is nu gereduceerd tot het uitleveren van pre-installed systemen met Office en andere software verpakt in probeer- en lokversies. 

Microsoft mist XP-respect 

Het is mogelijk, en dat speelt nu al bij meer dan 65% van de XP-gebruikers, dat men Microsoft verwijt weinig respect te hebben voor de achterblijvers. De mensen (en hun klanten, thuiswerkers, familieleden) die nog met .doc files en XP werken, die Office 2007 al een stap te ver vonden en ondertussen van gebruikers van Windows 7 weten dat de overstap een boel werk vraagt, dat upgraden een ramp is en zelfs door Microsoft zelf niet wordt aangeraden, en dat nieuwe hardware met W7 tegenwoordig zo is overladen met probeerversies en ongewenste flags, herinneringen en verborgene promotie en commercie, dat je uren en dagen kwijt bent om weer een “normaal”, clean en overzichtelijk systeem te hebben. Slimme VAR’s en dealers vragen tot 70 euro meer om hun klanten zo’n opgeschoond systeem aan te bieden. 

Binding 

Microsoft probeert meer dan klanten vast te houden, men wil ze laten meelopen aan een lijntje. Dat IE9 alleen voor W7 werkt, past in die aanpak. IE9 ondersteunt HTML5 en dat is de grote stap naar nieuwe webconcepten, maar alleen als je W7 of Vista draait (of Firefox op XP) kun je er gebruik van maken. Nu steeds meer grote websites en portals HTML5 gaan gebruiken, dwingt dat de gebruiker naar W7 en naar het upgraden van XP. Html5 wordt dus als breekijzer gebruikt en IE9 is de carrier. Het risico is alleen dat velen gaan overstappen op Firefox. Microsoft zet eigenlijk in op een soort koppelverkoop deal, IE9 met HTML5 betekent W7 en vindt de EU en de Amerikaanse antitrust lobby dat goed? 

De techniek en de prestaties 

Er is natuurlijk veel meer te zeggen over IE9 en dan volgen we even de meest juichende berichten uit de Microsoft hoek, dat in de praktijk nu de kritiek overheerst stond niet in de PR-draaiboeken. Microsoft introduceerde de nieuwe browser met juichende support van de ingevlogen pers en medestanders op een evenement in San Francisco, met als thema ‘Beauty of the Web’. Microsoft deed dat samen met 70 partners van wie de websites tezamen meer dan 800 miljoen unieke bezoekers trekken. Webdesigners en ontwikkelaars van deze partners lieten op het evenement zien hoe zij de mogelijkheden van Internet Explorer 9 hebben benut om websites met een rijkere, intensievere webbeleving te creëren. Tot die mogelijkheden behoren hardwareversnelling, een nieuwe interface, Windows 7 en ondersteuning van webstandaarden zoals HTML5 . Voorbeelden hiervan zijn sites van Facebook, Red Bull GmbH, Twitter, Wall Street Journal en CNN. 

“Internet Explorer 9 gebruikt de kracht van Windows en van de hele PC om een betere web-ervaring/beleving te bieden”, zei Steven Sinofsky, president van de Windows en Windows Live Division van Microsoft. “Samen met onze partners brengen we met Internet Explorer 9 overal ter wereld een mooiere en verbeterde webervaring voor Windows-gebruikers.” 

Microsoft noemt de nieuwe aanpak meer “immersive”, een modewoord voor intuitief.  

Niet alle reacties op de IE9 launch waren positief. Richard Edwards, principal analyst bij Ovum, sprak over een non-event, omdat grote bedrijven de komende 2 jaar zeker nog niet van XP afstappen en tegen die tijd is IE9 ook al weer achterhaald. 

De websites staan centraal, niet de browser, alles wordt Apps-like 

De manier waarop IE9 de gebruiker sites laat benaderen, lijkt veel meer op het gebruiken van applicaties, iedere veelgebruikte site krijgt een eigen button, en dat is weer meer een navolging van wat Apple wil, en waar de mobiele wereld naar toe gaat. De browser wordt er als tussenlaag uitgehaald. Internet Explorer 9 legt de focus op de applicaties, men praat over een heldere, geordende beleving, maar ook over het beschikbaar stellen van meer pixels voor de website in plaats van de browser. De browserknoppen zijn verkleind, de gebruiker ziet vooral de webcontent. Sites gaan meer lijken op applicaties die op de PC zelf draaien. 

Google en Eric Schmidt 

14 sept. De nieuwe spelbepaler in de ICT is niet meer Bill, maar eerder de baas van Google, met voor Steve Jobs een goede tweede plaats. Als afsluitende keynote wist Google CEO Dr. Eric Schmidt  de bezoekers van de IFA duidelijk te fascineren, de zaal was afgeladen en duizenden kekene naar de weergave van z’n keynote op grote schermen. 

Schmidt, overigens geen mooie man, foto’s blijken toch bedrieglijk als je iemand in het echt ziet, hield een glad praatje, met wel een paar opvallende nieuwtjes zoals bijna simultaan vertaal-telefonie. De demonstraties van Google lieten vooral zien, dat de rekenkracht van het hele Google-complex, zeg maar de supercomputers die je zoekvragen verwerken, op veel meer en nieuwe manieren gebruikt kunnen worden, de “cloud” wordt effectief als je met Google werkt. 

De toekomst is nu voor iedereen bereikbaar, zei Eric Schmidt en onderstreepte dat met demonstraties van real-time en bijna simultaan vertaalde telefoongesprekken, AI-achtige zoeksystemen en het omzetten van spraak in e-mails of sms-berichten, liefst met één klik te verzenden of te activeren. En dat vooral snel, nu, gelijk, want dat is wat Google wil bieden, directe en onmiddellijke toegang toto gegevens én gegevensverwerking. Hij ziet vooral de groei van smartphones en mobiel internet als een ontwikkelingssprong, die niet is voorbehouden aan de rijke elite, maar die voor miljarden mensen bereikbaar wordt. Juist daar, waar de levensomstandigheden minder zijn dan hier kan toegang tot wereldwijde informatie en communicatie nieuwe kansen en verbindingen bieden en de gebruiker de kans geven, zich te concentreren op wat belangrijk is. Het internet bespaart tijd, je hoeft minder te reizen, alles binnen toetsbereik, en de gewonnen tijd kun je dan “beter” gebruiken. De smartphone is in zijn visie de effectiefste en meest efficiënte computer, want zelfs met een minimale uitrusting, en dan is de link naar Android duidelijk, is er al toegang tot het net en daarmee de rekenkracht van supercomputers mogelijk. De nadruk op efficiency van Schmidt klinkt menslievend, maar het is de vraag of het vinden van wat men zoekt, en dat wil Google supersnel, overal en altijd bieden, niet voorbij gaat aan wat men nodig heeft. Als de derde wereld de hele dag gaat zitten surfen en kijken naar YouTube filmpjes, en daardoor overspoeld wordt met het materiële wereldbeeld van de Westerse media, waar blijft dan de eigenheid, de culturele eigenwaarde, verdwijnt niet alles in de grote Google-Apple-mediamixer? 

Eric Schmidt praat graag over “augmented humanity”; de computer, het net en de cloud-rekenkracht maken je een “beter” mens, maar dan wel in de beperkte opvatting van sneller, actueler, meer accuraat op basis wat het web te bieden heeft. Hij hint naar meer geluk, meer in het nu leven, en dat voor veel meer mensen dan nu deel hebben aan onze Westerse levensstijl, maar die esoterische strekking gaat dan wel verloren in de platte applicaties, alles liefst real-time, inclusief vertalen en met AI-technieken steeds verder verbeterde zoekhulp. Alles gaat sneller, de ïnformation at your fingertips in Gates’ visie is werkelijkheid aan het worden, vooral dankzij de smartphone en de app-cultuur die content, lokatie en persoonlijk profiel bij elkaar brengen. In zijn verhaal kwam privacy nauwelijks aan bod, ook vragen in die richting bleven nietszeggend beantwoord, de kwestie van StreetView speelt erg bij onze Oosterburen, men is bang voor herkenning en misbruik. Er waren nogal wat verhalen in de Duitse pers over hoe criminelen netwerken als Google Maps, facebook etc. gebruiken om inbraken te plannen. 

Dat Google brede plannen heeft en meer wil dan zoekmachine zijn, dat bevestigt Schmidt, maar Google blijft buiten de content, want anders zit men de afnemers en providers in de weg. Dienstverlening, maar dat wel steeds breder en met een grotere aanslag op het net, zeker qua bandbreedte en verkeer. Google Instant bijvoorbeeld is een semi-zelflerend systeem, dat de gebruiker al na de eerste letters al resultatenpagina’s gaan vertonen. In principe dus sneller dan eerst een complete zoekterm tikken en dan kijken wat Google vindt. Instant wordt door sommigen als de ultieme electronische drug gezien, je hoeft nauwelijks meer te denken, de electronische data-lawine komt vanzelf over je heen. Google doet dat voor jou, is de kreet om de gebruikers over te halen, maar gebruikt ongetwijfeld de gegevens en daaruit afgeleide gedrags- en zoekcomplexen die je ongewild en ongemerkt zelf al eerder hebt afgegeven. Instant is voor de providers weer zo’n qua capaciteit veeleisende vernieuwing, de datalawine die men over zich afroept vraagt transmissiecapaciteit, maar ongetwijfeld ook energie, dus hoe milieuvriendelijk is z’n all-at-once zoekdienst? En hoe gaat dat met mobiele zoekbragen, want daar knijpen de providers steeds vaker de gebruiker af of laat men extra betalen voor zwaar dataverkeer, de datalimiet is wat dat betreft weer terug. De onbeperkte deals waren leuk om de gebruiker te laten wennen aan mobiele data, maar te veel video en downloads worden te veel voor de netwerken en men gaat de fair use regeling dus maar de nek omdraaien ten gunste van harde datalimieten. Google Instant maakt dat niet makkelijker, even iets zoeken met Instant geeft al snel een paar pagina’s zoekresultaten en dat kost extra bytes aan download. 

Met Google-TV gaat het bedrijf ook de huiskamer proberen te veroveren, en daar de interactiviteit van de “apps” naar toe brengen, voorlopig alleen in de VS. 

IFA Berlijn 

IFA Berlijn, 12 sept. Een kijkje in de toekomst van de consumer Electronics, dat is de belofte van de IFA, tegenwoordig naast bruin ook met witgoed, naast de nieuwste platte schermen en auto-audio superdingen ook ijskasten en mixers. Dit jaar was duidelijk, dat in die mix de computer een steeds kleinere rol speelt, maar dat het de IFA niet gelukt is het echte massa-product, de smartphone, binnen te halen en dus maar moest gokken op 3D, de stereoscopische weergave van video. Of men er echt in gelooft, is de vraag, ik ving heel wat twijfels op en zeker de medische perikelen rond epilepsie bij kinderen, hoofdpijnklachten bij ouderen en het feit dat niet iedereen die 3D ook kan ervaren (kleurenblindheid, oogproblemen) worden onder het tapijt geschoven. Ondertussen gaan LG, Samsung en zeker ook Panasonic groots de 3D-ervaring in de markt zetten, met schermen, maar ook camcorders om zelf 3D content te maken. Want daar ontbreekt het nog aan, een tiental 3D-kaskrakers is niet genoeg om de massa te overtuigen. De onderzoken naar de marktvraag, veelal in het kader van de 3D promotie en dus nauwelijks onpratijdig uitgevoerd, zouden aangeven dat de consument de komende jaren echt 3D wil en gaat aanschaffen, maar ik betwijfel dat. Te weinig content, te moeilijk, nog te veel brilletjesgedoe (want die systemen zonder bril hennen qua kijkhoek en beelkwaliteit echt minder te bieden) en hoe past dat in een huiskamer, waar mensen TV-kijken toch vaak als een additionele bezigheid naast praten, snacken, eten of rusten er nog even bijdoen. 

Driedimensionaal 

Het leek op de IFA wel alsof High Definition, in de winkels toch hét item van het moment en mede door de hulp van het WK de topseller van 2010, ineens ouderwetse en achterhaalde rommel was. De grote merken, Panasonic en LG voorop, gingen op de 3D-toer. gesteund door de gebruikelijke en niet altijd erg onafhankelijke marktonderzoeksrapporten. Iedereen wil 3D, de npaar films die men in de bioscoop zag zijn blijkbaar effectief geweest om de boodschap van de driedimensionale immersion over te brengen, en de media-industrie maakt zich op voor de grote 3D-sprong voorwaarts. Met schermen, brilletjes, 3D-camera-systemen, apparatuur om live 3D uit te zenden, experimenten met broadcast 3D van onder meer het Amerikaanse sportkanaal ESPN, gaming in 3D, Berlijn was helemaal in de ban van 3D. 

Op heel veel stands was 3D te zien, in verschillende vormen, en het lijkt erop alsof de 3D zonder brilletje, die kwalitatief toch wat minder is een een beperkte kijkhoek heeft, wat aan het verliezen is. Met bril zijn er twee concurrerende systemen, een met knipperende links-rechts vensters, het ene oog ziet dan wat anders dan het andere en er is ook een brilletje dat met gepolariseerde glazen werkt. De methodiek met rood en groene glazen is blijkbaar niet erg acceptabel voor huiskamergebruik. De bezoekers gingen het en masse proberen, hel zalen voor bebrilde bezoekers, die voornamelijk keken naar zwaar overdreven 3D-demofilmpjes, met spetterende bewegingen, balletjes naar je toe en beelden met diepteverschillen. Ook de live-demo’s, want Panasonic liet al zien dat je met een betrekkelijk simpele camera al zelf 3D kunt filmen, gingen op die toer met danseressen die vooral dingen naar en van de camera bewogen. 

De vraag, of het publiek dit allemaal wel wil, werd kunstig weggewuifd, hoe kon je twijfelen aan wat toch zo overduidelijk een nieuwe dimensie toevoegt aan entertainment. Dat de virtual reality, toch ook een stereoscopische belevenis, het als publieksmedium niet gemaakt heeft, en alleen in professionele toepassingen in de techniek en architectuur overleeft, daar praat niemand over. Dat de 3D brillen uit het VR tijdperk midden negentiger jaren, van de markt werden gehaald toen bleek dat kinderen er epileptische aanvallen door konden krijgen, niemand praat er over. Zelfs vooraanstaande onderzoeksinstituten als het Fraunhöfer hebben zich vooral in dienst gesteld van de vooruitgang in commerciële zin, en promoten 3D als de nieuwe wonderolie voor de mediasector. Geen onderzoek naar schadelijke bijeffecten, zelfs het gegeven dat een aanzienlijk deel van de mensen door oogafwijkingen, gedeeltelijke blindheid, kleurenblindheid en dergelijke helemaal geen 3D kan ervaren wordt onder het tapijt geveegd. En als dan blijkt, op basis van wat de studenten die bij de demo-3D stands werkten me vertelden, dat toch heel wat mensen klagen over druk in hun hoofd, hoofdpijn en er daarom niets van moeten hebben, dan is de vraag of dit allemaal wel mag en kan. Wie een smeerseltje of pilletje op de markt wil brengen, moet bergen onderzoeksmateriaal overleggen, en jarenlang tests doen om te bewijzen dat er geen schadelijke bijeffecten zijn, maar 3D apparaten worden en masse de markt op gekruid, met niet meer dan een vaag CE-label over de electrische veiligheid.   Gaan we echt een toekomst tegemoet, waarin we allemaal in de huiskamer met zo’n brilletje zitten, elkaar niet meer zien en vanwege oogafwijkingen een heel areaal aan verschillende brillen, ieder z’n eigen ding, of dan maar gelijk een heel stelletje beeldschermen. Daar waar juist de Tv steeds vaker een bij-medium is, we kijken met een half oog terwijl we eten, drinken of praten, maakt 3D het weer een geconcentreerde hoofdactiviteit. het lijkt er op, dat hier de branche collectief technology-push laat prevaleren boven market-pull. En ik geloof dat men her en der ook wel ernstige twijfels heeft, maar niet durft achterblijven want 3D zou het wel eens kunnen worden, dus loopt men maar mee met de bandwagon. 

Wat ik miste op de IFA, die wel drukker en grootser was dan de laatste jaren en mogelijk uit het dal is gekomen, was inzicht in wat de consument echt wil. Vragen anar de wezenlijke behoefte aan contact en verbinding, daar heeft niemand een antwoord op, terwijl het succes van sms, Facebook en social media duidelijk in die richting wijzen. Meer techniek, zoals ook Eric Schmidt van Google demonstreerde met bijna real-time voice translation via de samrtphone en steeds beter en AI-like zoekmethodes, en dat is fascinerend en maaktd e smartphone echt tot het centrale CE-thema de komen jaren, maar wordt de gebruiker er gelukkiger van dat ie met een Japanse vriend ieder in z’n eigen taal kan praten? Dat z’n domotica huis voor zichzelf en z’n bewoners zorgt, alles regelt, de via IP-adressen benaderbare koelkast in de gaten houdt en het licht uitschakelt, dat is mooi, maar wat wil de consument echt? 

Channelworld stopt 

10 sept Een van onze concurrenten stopt er mee, overigens in dezelfde week, dat ook HCC-Dagen wordt afgeblazen. IDG, waar ik ooit nog eens (ergens in 82) de eerste Nederlandse titel voor maakte, heeft besloten de titel Channelworld uit de markt te halen. De afgelopen jaren is door het IDG-team naar eigen zeggen hard gewerkt om de waarde die ChannelWorld biedt aan zijn lezers en adverteerders te vergroten. Daarom is vorig jaar de site vernieuwd, kreeg het blad een scherpere focus en nieuw formaat en legde het jaarlijkse Channel Xcellence Gala nog meer de nadruk op netwerken. Die veranderingen zijn zonder uitzondering positief ontvangen, stelt de uitgeverij. 

Niettemin heeft uitgeverij IDG besloten de uitgave van ChannelWorld per 1 oktober aanstaande te stoppen. De veranderende communicatiebehoefte binnen het ICT-verkoopkanaal sloten niet meer aan bij het strategische merkenportfolio van IDG. 

Met het opheffen van ChannelWorld komt een einde aan een tijdperk: ChannelWorld is opgericht in 1998 (toen nog als ComputerPartner), en het Channel Xcellence Gala is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een fenomeen. 

Als ik dit ook plaats in de context van een weer afgeblazen HME 2010met daarin de traditionele HCC!Dagen, het teloorgaan van de PC-Dumpdagen in Amsterdam na 115 keer die koopbeurs, dan lijkt het wel alsof de hele ICT-retail op z’n laatste benen loopt. 

MagEvents, die dat samen met onder meer HUB organiseerde, laten weten dat HME 2010 dit jaar niet doorgaat. HCC!dagen vormden een onderdeel van HME2010. De beurs stond gepland voor 5 tot en met 7 november in de Jaarbeurs Utrecht. Voornaamste reden van het niet doorgaan van het Home Multimedia Event is een combinatie van onvoldoende belangstelling bij exposanten en de verschillende interessegebieden. 

HCC beraadt zich op dit moment op de mogelijkheden om een alternatief evenement aan haar leden te bieden. Leden die reeds een toegangskaart hebben aangeschaft worden z.s.m. benaderd door MagEvents over de vergoeding van de gemaakte kosten. 

IFA komt 

2 sept. Veel nieuwtjes van de IFA in Berlijn. Het zijn niet meer de audio-video boeren zoals Philips de met nieuws komen, maar de Googles en Apples van deze wereld, terwijl Twitter, Facebook en iTunes steeds belangrijker worden in de entertainment sfeer. IFA zal verder vooral 3D pushen, een gevaarlijke tendens, want hoe ongezond is het om je hersens te belasten met een informatiestroom die heel anders is dan onze normale 3D-waarneming. 

Verder viel me op, dat BurgerKIng verkocht is, of eigenlijk van de beurs wordt gehaald. ZE gingen een paar jaar gelden naar d ebeurs met een IPO van 17 dollar, daar steeg het bedrijf niet echt bovenuit, en nu koopt men het uit de beurs voor 24 dollar per aandeel, een premium van 5 dollar. Overigesn door een vage Braziliaanse club, die op de Kaaiman eilanden geregistreerd is, Gokken die op een opleving in fast food, als de economie verder inzakt, want dat is een van de signalen van de laatste tijd, liever een hamburger dan een goed restaurant als je krap zit. 

Games anno 2010 

19 aug Gamescom Keulen is druk en vol; Nog steeds worden computergames mooier, sneller, realistischer en dat is goed nieuws voor de fabrikanten van hardware voor de hard core gamers. Er blijft vraag naar snellere systemen en grafische subsystemen, coolers en wat daar verder bij komt. Daarnaast zet de Wii-Fit trend door, ook Microsoft met Kinect en Sony met de PS Move werken nu met sport- en bewegingaccessoires. Spelen doet plezieren en doet verkopen, dus springt de marketingwereld op games (‘advergames’) als dragers van promotie- boodschappenen om zo de sociale cohesie onder de gebruikers (en hopelijk kopers) van een merk te bevorderen. Die onderstroom was op de grootste Europese computergames beurs (van 18-22 augustus) duidelijk, naast de aandacht voor nieuwe supergames. Spelen is op mobiele devices ook al zó populair, dat een platform als iTunes Apps en ook mobiele apps rond Facebook nu voor de ontwikkelaars een speerpunt zijn. 

Op de Gamescom in Keulen bleek dat ook Microsoft nu begrijpt dat live gaming op een mobiele telefoon (of andere meenemers) en de consolemarkt aan elkaar hangen, zeker in de multiplayer games. Daarom heeft men Xbox LIVE gaming nu gekopppeld en geïntegreerd met de Windows Phone 7 toestellen. Microsoft ziet ‘mobile gaming’ dus ook als speerpunt voor de eigen Microsoft game studios. Sony komt met een nieuw model PlayStation3 met meer opslagruimte, de PlayStation Move en veel nieuwe games zoals Resistance 3 en Ratchet & Clank: All 4 One. 

Sony introduceert bovendien voor het eerst zes nieuwe kanalen voor catch-up televisie, waaronder een uitgebreidere NOS service en een hele reeks nieuwe titels voor de PSP. Volgens Sony scee President en ceo Andrew House zijn er - mede door het succes van de slankere en lichtere PS3 sinds september 2009 - wereldwijd 38 miljoen PS3’s verkocht, met een jaarlijkse groei van 57%. Sony deed het vooral qua softwareverkoop goed met 38% groei (wat in sterk contrast staat met de marktdaling van 2%) dankzij exclusieve titels als Heavy Rain, God of War III en Uncharted2: Among Thieves. Superstudio Electronic Arts - dat ook steeds sterker op Facebook games mikt - kwam toch nog met een sterke ‘first person shooter’ Bullet Storm, gewelddadig en realistisch, maar ook dat was niet meer het belangrijkste nieuws op de Gamescom. De veranderde businessmodellen in games, met steeds meer online casual, meer advergames, steeds meer de nadruk op conversie en meer uitgroei en links naar producten, diensten en merkbekendheid voor sponsors, is waar nu het grote geld is. 

Ontwikkeling industrie 

De games industrie is de laatste jaren sterk veranderd. De focus op visueel overdonderende high end games voor consoles is gebleven voor de dedicated gamers, maar daarnaast heeft er een enorme divergentie plaats gevonden. Games zijn uitgewaaierd naar internet, multiplayer, draagbaar, mobiel, altijd en overal, met daarbij zoals Jesse Schell het noemt:  “A bust to reality”. De verbinding met het echte, de andere spelers, de tastbare realiteit, de wereld erbuiten, het echte of virtuele geld dat ermee is gemoeid, de films, gadgets, sport of vrijetijdsbesteding in en door de games woekert voort. Het visueel  realisme, HD en 3D, en uiteindelijk de holografische weergave is een trend, maar de speler wil zich ook meten met echte tegenspelers, met echte waarden, in een authentieke setting. Een topspel met dergelijke links naar buiten kan een verslaving worden die je hele leven beheerst. Spelverslaving is een realiteit en als je dat ook nog mobiel kunt doorzetten, is de grens tussen echt en spel in zicht. 

Ook de demografie van games is veranderd: hoogopgeleide vrouwen tussen de 30 en 35 jaar bijvoorbeeld zijn een belangrijke doelgroep geworden.  

In de spelindustrie is het publishing model nu belangrijker dan de creatieve  inspiratie. Het gaat om groot geld en - zoals de insiders zeggen - steeds meer om leugens, net als in de papieren publishing. Hoeveel bezoekers, spelers, conversie, feitelijk resultaat er wordt behaald is onduidelijk en soms niet eens goed meetbaar. Iedereen wil  ‘a slice of playtime’, want heel veel mensen besteden veel tijd aan het spelen (het is de ruggengraat van Facebook) en die tijd betekent een kans om iets anders, iets aanvullends of iets geks te slijten, je merk te pluggen of een community op te bouwen. Dat laatste wordt overigens steeds minder belangrijk. De massaliteit van de multi player games en enorme fantasy RPG’s zoals World of Warcraft of Farmville maakt dat onzinnig. Vang je klantjes liever met een groter net en als ze geplukt zijn, laat je ze weer los. 

Het distributiemodel verandert ook, niet alleen door het downloaden, maar ook door cloud processing kan het zware rekenwerk elders worden gedaan en kan men daar iets voor rekenen: meer betalen naar gebruik dan naar aanschaf. Een aanpak als de Gaika streaming games van (Earthworm Jim) Dave Perry is illustratief. 

Als speluitgever geld verdienen aan de aankoop of download van een spel wordt steeds meer bijzaak. Het gaat om links, ‘lead generation’ en de conversiefactor. Je kunt beter één op de tien gratis bezoekers laten registeren en daarvan weer één op de tien abonnee maken. En uitvinden wie je kunt laten betalen voor wat je spelers aan boodschappen oppikken. Kun je meer spelers aantrekken door inkoop van dure mediacampagnes voor je spel? Kun je door ‘lead generation’ via reclame en gekochte links meer verdienen dan je investeert in een spelontwerp en de promotiekosten (vaak een veelvoud van de ontwikkelingkosten)? Wat dat betreft verandert de hele games industrie en gaan steeds meer grote merken hun eigen game strategie maken. Ikea, CBS, Pepsi of Endemol zouden uiteindelijk wel eens groter kunnen worden in de naar de werkelijkheid van televisie, fast food outlets en kleding verwortelde game concepten.  Want hoe groei je met een leuke app uit boven het maaiveld van 250.000 apps in de App-store? Dat vraagt meer dan talent en geluk. Daarvoor is dure marketing steeds meer een vereiste. En het wordt steeds breder: locatie, profiel, conversiebereidheid, ‘credit ratings’. Spelen zijn de nerd voorbij gegroeid. 

De boodschap van de Gamescom is ongetwijfeld dat de games een deel uitmaken van het normale smartphone- en computergebruik en dat de centrale huiscomputers net zo goed een uitgebreide console als een media server kan zijn. Voor de retailer betekent dit dat een pc verkopen zonder daarbij (ook in de presentatie) ruimte te geven aan het gamen, onverstandig is. Een leuke 3D demo in de zaak is dan toch al het minste. 

Retail 2020 

12 aug Retail 2020; De ontwikkeling van het retailkanaal of zeg maar het brede idee van fysiek winkelen de komende 10 jaar is moeilijk te voorzien, maar een uitgebreide studie van onroerend goed specialist Jones Lang LaSalle’s genaamd Retail 2020 geeft een aantal aardige handvaten. Op www.retail2020.com kunt u het zelf bestuderen, maar we vonden de inzichten van dit rapport de moeite waard. Men heeft al eerder een dergelijk rapport gepubliceerd, dat heette toen Retail 2010 en het blijkt dat men heel wat trends juist voorspelde. Voor de komende tien jaar ziet men een enorme uitdaging voor de fysieke winkels, want niet alleen wordt de consument kritischer, is krediet moeilijker, maar de techniek speelt steeds meer mee, in online verkoop en in de communicatie met de klantengroep met meer getwitter en gechat en sociale media als opinie-drijver. 

Customer experience, 

Lasalle praat over de winkelervaring als de Heilige Graal van de retail, het moet sensationeel, inspirerend en diensten-gericht worden. De huidige vervlakking van het aanbod, met overal dezelfde formules en sfeer, kloon-formules die allemaal hetzelfde verkopen, lijkt op den duur onhaalbaar en onrendabel. Wil men de langzame verschuiving naar de online koopervaring, die ook steeds verbeterd en gerichter wordt, tegengaan dan zal de fysieke winkel of het winkelcentrum als brandpunt van die koopervaring, meer moeten gaan bieden. Meer dan product, meer dan dozen schuiven, meer dan touch-and-feel, men zal met originele concepten moeten komen. Combineren van functies, zoals het koppelen van health, sport en entertainment aan de winkelervaring is zeker een trend, maar ook een meervoudig gebruik van dezelfde ruimte, ‘s avonds wat anders dan overdag, de verkoophal die ‘s avonds restaurant wordt, de servicedesk die ‘s avonds tickets verkoopt. De focus moet gericht zijn op experiences en diensten, “go beyond retail”. Meer psychologie, vermaak, vleierij, ceremonies en show. De “flagship stores” van grote merken maken deze trend al duidelijk, en dan is de vraag of men daar dan koopt of bestelt of dat online doet niet meer zo belangrijk, men gaat af op het merk en de belevenis. 

Latte 

Meer real-life in de shopping experience, men wijst op de trend van “community feels”. Museums, culturele en educatieve functies, bibliotheken, ze kunnen bijdragen aan een bredere beleving, lifestyle retail, met restaurants, cinema’s, schaatsbanen, free-form markten met een toefje authenticiteit en historische vormgeving, we zien die trend al in de outlet markten in bijvoorbeeld Roermond. Meer leisure in de formule, sportieve of creatieve uitdaging als deel van de winkeltoer. Lasalle spreekt over de “Latte Factor”. 

De trends tot 2020 

Vertaald naar retail concepten ziet men een opleving van oude vormen, zoals antiekmarkten, nachtmarkten, vlooienmarkten. Er zal meer afwisseling komen in het aanbod, niet steeds hetzelfde assortiment of dezelfde uitstalling, maar veel verandering. ook verandering van plaats, meer dorpjes in de stad. Men gaat internationaler eten, met minder plastic fast food, meer fairtrade en equitrade. Er komt meer ruimte voor diversiteit en kleinschalige professionele onafhankelijke niche-aanbieders, bijvoorbeeld iemand die in een mall authentiek Peruviaans breiwerk verkoopt. De klant krijgt meer “value for life”, ervaringen die hem beroeren, iets meegeven, meer dan puur vermaak. Er komt meer ontspanning en pret in de retail, niet altijd betaald. 

Pop-up retail is ook zo’n ontwikkeling, diifferent brands, different places, different times. Er komt meer cross-activity, winkelen, sport, cultuur bevruchten elkaar wederzijds en lopen in elkaar over, maar zorgen er ook voor dat de klanten langer blijven en meer uitgeven. Er komen nieuwe merken uit China, Japan, Brazilië. Ouderen en hun sociale activiteiten en clubs worden belangrijk, ze bieden een saamhorigheidsgevoel ook in aankoopbeslissingen.  

Social media en retailing 

Het persoonlijke contact is altijd het onontbeerlijke element geweest in de traditionele retail, maar de tijden veranderen en online shopping is veel onpersoonlijker. Misschien is dat schijn, want in de praktijk zien we toch dat internet wel gebruikt wordt voor orientatie en prijsvergelijking, maar dat men dan toch telefonisch of in persoon de uiteindelijke aanschaf doet.  Niet voor standaardproducten, die men kent, maar voor eenmalige aanschaf, technisch gecompliceerde producten of wanneer service en garantie een rol spelen is de persoonlijke toets toch nog steeds belangrijk. Die persoonlijke toets kan gaan om de verkoper, maar vaak is het hele umfeld net zo belangrijk, de mensen om koper en verkoper heen die een rol spelen, aanbevelingen doen, kritiek hebben, hun ervaringen delen. Denk maar aan de verkoper die verteld over z’n eigen ervaringen, maar ook die van z’n buurman, collega, en de klant oriënteert zich ook over de zaak, prefereert een specifieke verkoper, vraagt referenties en laat zich leiden door uitstraling, status en image van de verkopende partij, alles bij elkaar “de winkelervaring”. Die wordt steeds belangrijker, winkelen is de populairste hobby voor velen en het draait steeds meer om de eravring, dat is veel meer dan het feitelijk kopen, het gaat om snuffelen, je goed voelen, erbij horen, je eigen merk herkennen, bevestiging vinden en voor een deel ook ontsnappen aan de sleur, maar dan moet de winkelier daar wel allemaal op inspelen. 

In het digitale online tijdperk verandert veel, maar de behoefte aan een persoonlijk referentiekader blijft, en dat gaat nu ook via de sociale netwerken, vergelijkingssites, chatten en andere informele communicatie via het internet. In een recent rapport,  ‘The End of Silent Retailing’, deel van de uitgebreide studie van Jones Lang LaSalle’s over Retail 2020, gaat men in op de rol van die sociale media. De dialoog tussen consumenten onderling wordt een wordt voorspeld dat retailmarketing zich in de toekomst meer gaat richten op het betrokken raken bij de dialoog tussen consumenten. Het gebruik van online diensten en vooral social media is hierbij essentieel.
Dit brengt volgens het rapport mee dat er nieuwe eisen aan retailers worden gesteld ten aanzien van het in dialoog treden met de consument via die diensten, fora en media. De winkelervaring akn niet meer los gezien worden van wat de consument verder doet, z’n getwitter, gebel, gechat en emails zijn deel van z’n dagelijks leven. Steeds vaker zien we dat de consument in de winkel even belt of smst om overleg te plegen met de achterban of vrienden. Maar ook in de oriëntatiefase speelt onderling afstemmen en uitwisselen een toenemende rol. De cijber-achterban is vaak bepalend voor de keuze van winkel en merk. Daar zul je als retailer in mee moeten gaan, om te beginnen om te voorkomen dat slechte berichten gaan rondzingen. Grotere bedrijven hebben al mensen in dienst, die niet anders doen dan snuffelen en meekijken naar twitters en andere berichten om te zien of daar hetzes ontstaan. Een stap verder is om zelf positieve berichten te gaan versturen en zo de cyberpublieke opinie te manipuleren. 

De retailer zal de komende jaren steeds meer aandacht moeten besteden aan sociale netwerken, zowel defensief als offensief. Online of via tweets en emails communiceren met klanten, het opbouwen van een klantengroep of fangroep, het wordt steeds meer een onderdeel van de marketing mix.
Richard Dallinga van Jones Lang LaSalle zegt het zo: “Winkeliers zijn al begonnen om met hun klanten te communiceren via Facebook, Twitter en iPhone Apps. Toch is er nog een behoorlijk aantal winkeliers dat deze nieuwe technologieën nog niet gebruikt om contact te leggen met de consument. De komende tien jaar zal het adequaat inzetten van social media en locatiegebaseerde diensten uitgroeien tot een essentieel onderdeel van succesvolle winkelverkoop.”

“Door een meer interactieve aanpak kunnen winkeliers hun relatie met de consument verder versterken. Ze zullen de controle over hun merken in zekere zin moeten afstaan aan de consument en hen in staat stellen merken verder vorm te geven. Op die manier krijgen de winkeliers meer inzicht in de transactiegewoontes van de consument," vervolgt Dalinga. “Hierdoor krijgen winkeliers toegang tot gedetailleerde informatie die hen helpt bij het bepalen van de manier waarop ze hun producten kunnen verkopen aan de individuele klant in plaats van aan het massapubliek. In het komende decennium zal er een strijd ontstaan rondom het eigendom van deze consumenteninformatie. De winkeliers die zich de geavanceerde analysemethoden eigen weten te maken en intelligente inzichten uit deze gegevens weten te destilleren, zullen uiteindelijk de winnaars zijn.” 

Een van de conclusies is ook dat zelf in hele goeie tijden de retail niet kon bieden wat de steeds veeleisender consument wil, er is te weinig marge om de 18-jarige schoolverlater te vervangen door een gekwalificeerde verkoper. Er is niet genoeg geld om een werkelijke “Third Place” te ontwikkelen, met het shopping centre als de plek naast huis en werk waar men niet omheen kan. 

Maar daar ligt ook de uitdaging, met weinig geld toch creatief aan de slag, er zullen altijd retail-formules blijven die wel slagen, over 10 jaar weten we welke. 

Recycle 

Een van de dingen die we misten in de visie van LaSalle is de toenemende aandacht voor recycling en hoe dat doorwerkt in winkelen. Nu al moet je zoveel recycle spul mee terug nemen naar de supermarkt, dat je met een volle, maar wel lichte tas van huis gaat. Als de trend, dat men statiegeld moet betalen, ook voor elektrische apparaten, ICT en CE-spul doorzet, zou dat de winkelervaring ook veranderen. Je oude apparaat inleveren, met een korting of vergoeding of BTW-voordeel, dat vraagt logistiek, routing en een andere mentaliteit misschien. 

Jones Lang LaSalle als real estate specialisten voor retail maakten al in het verleden toekomstscenario’s en kijken daar achteraf vrij eerlijk naar. Ze stelden. 

We correctly highlighted for retail 2010: 

- three holistic socio-economic scenarios 

- globalisation 

- polarisation of markets 

- the emergence of complex household structures 

- the new wave of conscientious consumption and socially responsible companies 

- the strong emergence of experiential retailing 

- the siphoning of spending to services 

- the role of brands as status symbols and as shortcuts to decision making 

- an increasing interest in well-being markets 

- emerging clever consumption patterns 

- shopping as a pleasurable leisure activity 

- the fact that the recession at the start of the decade would not be prolonged 

- the influence of globalisation on price deflation 

However, we underestimated: 

- the full impacts of new technologies and the internet 

- the growth in consumer credit 

- the explosion of impulse purchasing behaviours 

- the dominance of retailers such as Tesco and the Inditex Group 

Meanwhile, we did not predict: 

- the great boom conditions for retailers from 2003-2007 fuelled by easy credit 

- the end-of-decade recessionary disaster 

Oudere blogs zijn ook nog te lezen. 

-Voor oudere blogs zie http://www.dealerinfo.nl/blog2.htm en http://www.dealerinfo.nl/blog3.htm