|
Digital (Copy-)Rights Luc Sala's datakolomVeiligheid, het staat soms op gespannen voet met vrijheid en dat wordt vooral duidelijk als de vrijheid van meningsuiting in het geding komt. Toen John Perry Barlow al weer vijftien jaar geleden het internet als de grote doorbraak voor vrije informatie-verspreiding zag, als een grote stap naar democratisering van kennis en de Electronic Frontier Foundation (EFF) oprichtte, was ik het hartgrondig met hem oneens. We schreven toen samen een boek over Virtual Reality met bijdragen van alle grote cyberdenkers als Lanier, Gibson, Walker (Autodesk) en Tim Leary. Mensen die begin jaren negentig vooral de mogelijkheden zagen, cyberspace was vrij, internet het creatieve Wilde Westen van de informaticagolf. Een leuke tijd, alles kon, cyberterrorisme was ludiek en gericht tegen het grootkapitaal, auteursrechten waren onzin, information wants to be free. Ik vreesde toen al, dat die vrijheid, dat creatieve jatten en hergebruiken van code, content en vormgeving niet lang zou blijven, er waren te grote belangen in het spel. De datamuur, waar we allemaal achter gevangen zitten en die eigenlijk vooral dient om de minkukels van deze wereld buiten te sluiten, rukt onverbiddelijk en winstgevend op. Barlow en z’n EFF leveren een verloren strijd, al zijn hun uitgangspunten nog zo sympathiek en romantisch. Big Brother rukt op, we nodigen hem zelf ter tafel, via onze mobieltjes en settop-boxen, internet-adressen, webcams en digitale communicatie kan “men” op allerlei manieren meekijken en selecteren wie wel en wie niet ‘normaal’ zijn. Met als excuus nu veiligheid, maar het begon met de belangen van de copyright houders en gedoe over ‘normen’ rond porno. De opkomst van de digitale maatschappij is wat dat betreft steeds een haasje-over geweest. Nieuwe mogelijkheden leken nieuwe vrijheid te bieden, maar dan haastten de (financieel) belanghebbenden zich om snel weer zo’n gat te dichten en ook overheden hebben de neiging om al te veel vrijheid snel de kop in te drukken. Dat zien we in China en andere autoritaire landen, waar internet-toegang gereguleerd wordt en vrije communicatie en meningsuiting een illusie is. Soms, zoals bijvoorbeeld in Singapore, samengaand met economisch succes.Niet alleen de (georganiseerde) eigenaren van auteursrechten, intellectuele en industriële eigendom, ook de overheid en zelfs de religie (de Scientology kwestie met Karin Spaink speelt nog steeds) bleken stakeholders in de rights-wars. Na Oklahoma en 9/11 kwam daar de veiligheid bij, en werd het prikkeldraad in cyberspace pas echt uitgerold. Technisch kon er steeds meer, uitwisselen kwam in de mode met KaaZa en peer-to-peer, always-on connectivity met mobiele telefonie, muziek, data en video kwam, multi-player games en muziek werden mogelijk, maar de bezitsmuren kwamen niet omlaag. Hier en daar kwamen wat bressen, maar al bliezen de hackers en gebruikers van de content nog zo hard op hun hoorns, het copyright-Jericho bleef overeind. Er bleef een zekere “commons”, vrije public domain content en open source software, maar wettelijk werd vooral de positie van de makers en rechthebbenden steviger, werden termijnen langer en kregen anti-piracy initiatieven veel ruimte. Illegaal kopiëren wordt steeds moeilijker gemaakt. De rechters stellen zich, zeker in de VS, op achter de vaak grote en machtige organisaties, softwarebedrijven en studio’s (en hun lobbyclubs) die de rechten in bezit hebben. Het neoliberalisme steunt in die zin het grootkapitaal, ziet dat als vrijheid van ondernemen en wijst op de schaalvoordelen zoals grotere keuzevrijheid en efficiënte distributie die behaald worden. Soms, zoals nu met de kabelboeren in ons land, wil de overheid uitwassen en koppelverkoop tegengaan, maar ziet niet in dat men destijds zelf heel dom de digitale distributiestructuur verkwanselde. De eigendomsrechten van het publiek daarentegen, zoals briefgeheim, toegang tot eigen informatie, habeas corpus en privacy werden vooral sinds 9/11 steeds meer aangetast, het is nu niet uitzonderlijk meer dat de overheid betalingsverkeer, telefoonverkeer, e-mails en surfgedrag monitort, locatiegegevens van mobiele telefoons opvraagt en gebruikt en allerlei bestanden koppelt. Met triple play diensten wordt dat nog eenvoudiger, dan zijn ook surfdata, kijkgedrag en interactiviteit eenvoudig bij de providers van de harde schijven te lichten. Ongetwijfeld gaat men daar automatische filters op loslaten, wie te veel porno, Arabische zenders of natuurfilms bekijkt, te vaak pizza eet of mobiel met Afghanistan belt is al snel verdacht of risicofactor voor justitie, de verzekeraars of de provider zelf. Dat dit steeds meer gevoeld wordt als digitale onderdrukking en leidt tot angst, opstandigheid en incidenteel gevaarlijke bokkensprongen valt niemand op. We zien virussen, denial of service attacks en trojan horses als incidenten, criminele abberaties, niet als rotspunten die aangeven dat de wal het schip begint te keren. Voor fundamenteel terrorisme accepteert men nu wel dat sociaal-economische achterstand en massapsychologische factoren een rol spelen, maar dat de cyberterreur van de overheid zelf de lont in het kruidvat van ontevreden minderheden en individuen is, daar wil men nog niet aan. Digitale eigendomsrechten
Digitale Radio: bedreiging
Balans op Tilt
Luc Sala © Dealer Info |
Archief oudere columns
|










